Draai om je oren
Jazz en meer - Weblog





 




Dulfer dampt en danst
zondag 24 september 2005, Wilhelmina, Eindhoven

Hans Dulfer, tenorsax; DJ Kikke, beats, slagwerk, draaitafels; Eric Barkman, bas; John Helder, rap. Hans Dulfer is een man die tegelijkertijd terug naar de basis van de jazz kan teruggaan en volkomen bij de tijd kan blijven. Dat liet hij horen in twee dampende sets gisteren in het Eindhovense café Wilhelmina. Als geen ander zal hij weten dat jazz ooit begonnen is als muziek om op te dansen, in duistere, rokerige bars. Maar hij legt dan wel meteen de koppeling met de dansmuziek van deze tijd. Hij kreeg daar de bezoekers van het concert inderdaad mee aan het dansen, al waren er ook mensen die er minder over te spreken waren.

Hij was van meet af aan duidelijk over zijn bedoelingen: "We zijn geen bandje. We spelen geen nummers. We doen een set van een uur aan een stuk, en daarna nog eens. Er valt hier niets te zien. Jullie moeten zo snel mogelijk gaan dansen." En hup, daar stak hij van wal in een ronkende dampende solo, op basis van een krachtdadige bas en elektronische beats. Meestal bleef die basis eenvoudig: rechttoe-rechtaan ritmes die ondersteuning en accenten kregen van de bas en de licks die Dulfer op zijn sax blies. Draaitafelaar DJ Kikke pepte de muziek nog wat verder op door aanvullende ritmes te meppen op een trommel en een paar bekkens. De enige die wat achterbleef in deze aanstekelijke krachtmuziek was rapper John Helder. De eigenzinnige commentaren die Dulfer in de microfoon van zijn sax riep waren prikkelender en energieker dan wat Helder in te brengen had.

Met zijn groep speelde Dulfer lange open structuren, die hij naar believen kon invullen met ritmische patronen en solo's. Die structuren wisselden om de tien, vijftien minuten. De ene keer was de basis een funkmotief, dan weer disco, of calypso. De tweede set begon zelfs met een fragment Indiase muziek dat diende als ondergrond voor een melo-dische verkenning op de sax, voordat het tempo weer opgeschroefd werd tot snelheden die de benen automatisch in beweging zetten. Als dansfeest was dit zonder meer ge-slaagd. Wat op den duur wel teleurstelde was dat de groepsleden de basisstructuren nauwelijks verder uitbouwden. Met meer fantasie hadden ze eentonigheid kunnen voor-komen. Maar dat zal het dansend publiek om het even geweest zijn.

Klik hier voor een fotoverslag van dit concert.

Deze recensie verscheen eerder in Eindhovens Dagblad.

(René van Peer, 30.9.06) - [print] - [naar boven]





Manu Katché - 'Neighbourhood' (ECM, 2005) ****

Drummer Manu Katché droeg dit album op aan een landgenoot: wijlen pianist Michel Petrucciani. Sinds Katché zich heeft losgemaakt van de sterren waarmee hij werkte, zo-als Sting, Peter Gabriel en Dire Straits, en zich als jazzmusicus is gaan profileren werden zijn talenten nog duidelijker. Op deze cd horen we uitstekende eigen composities. Ver-tolkt door een kwintet met zwaargewichten: Thomasz Stanko (trompet), Jan Gabarek (tenorsax), Marcin Wasilewski (piano) en Slawomir Kwikiewicz (bas).

Het spel van Stanko is betoverend, introvert en broos. Nagenoeg alle stukken hebben een latin feel. 'Take Off And Land' is een in het oor springend heerlijk levendig stuk met een aanstekende energie. Pianist Wasilewski's spel is ronduit bekoorlijk. Hij is een snel rijzende ster op zijn instrument, zoveel wordt hier wel duidelijk. De inbreng van Stanko
en Garbarek lijkt misschien beperkt, maar hun improvisaties zijn spraakmakend. Manu Katchés veelzijdige drumwerk getuigt van een persoonlijkheid op zijn instrument; schijn-baar moeiteloos put hij uit een grote polyritmische bagage.

'Neighbourhood' is een mooie gelegenheid om kennis te maken met deze aimabele, uitstekende en succesvolle drummer/componist.

Manu Katché Neighbourhood treedt aanstaande zondag op tijdens het ECM Dinant Jazz Nights Festival. Aanvang 19.00 uur in het Cultureel Centrum aan de Rue Grande 37.

Meer zien?
  • Ons fotoverslag van het optreden van Manu Katché Neighbourhood tijdens North Sea Jazz 2006.

    (Cees van de Ven, 30.9.06) - [print] - [naar boven]





    Succesoptredens blijven zich voortzetten in Old Quarter
    Tom Beek & Old Quarter Trio, maandag 18 september 2006, Old Quarter, Amsterdam

    Het is toch eigenlijk geweldig dat het elke maandagavond, jaar in jaar uit, mogelijk blijkt om in de Amsterdamse Warmoesstraat een concert te programmeren waarop niet alleen veel publiek afkomt, maar ook een brede schare aan geïnteresseerde musici. Dat is ook niet zo verwonderlijk, want na het reguliere optreden tot een uur of elf bestaat er aan-sluitend de mogelijkheid om deel te nemen aan een jamsessie tot een uur 's nachts. En dat alles op de doordeweekse maandagavond in hotel/café-restaurant The Old Quarter. Het begint zelfs op een doorgaande succesformule te lijken, want het vaste Old Quarter Trio, met pianist Wolfgang Maiwald, contrabassist Thomas Winther Andersen en drummer Joost Kesselaar, weet elke uitgenodigde gast van naam uiterst professioneel te begeleiden.

    Maandag 18 september was het de beurt aan tenorsaxofonist Tom Beek. Hij schittert natuurlijk al jaren op grote nationale- en internationale podia, onder anderen met Karin Bloemen, Pat Metheny, Michiel Borstlap en Trijntje Oosterhuis, maar ook met zijn eigen kwartet en kwintet, waarin onder meer gitarist Martijn van Iterson en drummer Gijs Dijkhuizen vaste waarden zijn. Maar ook met de Jazzinvaders en het Amina Figarova Septet zal Beek weer de nodige optredens gaan verzorgen. Maar dit keer kon Tom Beek dus rekenen op de stimulerende begeleiding van het Old Quarter Trio.

    Direct in het openingsnummer 'Have You Met Miss Jones' etaleerde Tom Beek zijn prach-tige sound. Hij wist deze original moeiteloos te voorzien van zijn eigen originele invulling. Al bij het tweede nummer, het bekende 'Invitation', gooide Beek alle registers open, gestimuleerd door het geraffineerde drumspel van Kesselaar en het up-tempo spel van Winther Andersen, die als het ware danste achter zijn contrabas op de speciale maat-soort van dit nummer. In het daaropvolgende 'Body And Soul' wist Beek een mooie, iet-wat rafelige opbouw te realiseren en toonde hij aan dat het ook voor hem mogelijk is om een ballad met goed gekozen akkoorden stabiel qua opbouw te spelen. 'The Treasure', een eigen compositie met een schitterend klinkend thema, volgde met een sublieme ondersteuning, gevolgd door een geagiteerd stuk, waardoor Tom Beek en het Old Quarter Trio - ondanks het feit dat ze natuurlijk bijna nooit samen spelen - zich perfect heen werkten, tot groot enthousiasme van het talrijk aanwezige publiek.

    De set na de pauze begon met 'Billie’s Bounce', lekker lang en vet gespeeld met mooie solo's van alle leden van het kwartet. En ja, het kon niet missen natuurlijk; de avond werd besloten met een schitterend gespeelde ballad 'The Night Has A Thousand Eyes'
    (onder andere bekend geworden door John Coltrane) waarin Tom Beek zijn grote vakmanschap mooi wist te etaleren.

    Het is na een dergelijk prachtig concert altijd weer bemoedigend om bij jezelf, met een glimlach om de mond, te kunnen concluderen dat het beslist de moeite waard was om de rit naar deze locatie te maken. Dit concert smaakt naar meer en doet uitzien naar een volgend optreden, waar dan ook, van deze erg aansprekende saxofonist Tom Beek.

    Meer weten?
  • De Take Ten van Tom Beek.

    (Rolf Polak, 29.9.06) - [print] - [naar boven]





    Piet Noordijk en Rita Reys bij Cultura

    Cultura is de naam van het nieuwe cultuurkanaal van de Publieke Omroep. Het is 24 uur per dag, zeven dagen in de week te zien via digitale televisie en internet. Kijkers kunnen met Cultura kennis maken met vele recente en oudere programma's over muziek (zowel licht als klassiek), boeken, films, documentaires, talkshows en andere schatten uit het rijke Hilversumse omroeparchief.

    Vanavond bij Cultura aandacht voor altsaxofonist Piet Noordijk en zangeres Rita Reys. Hadassah de Boer en Andrew Makkinga bespreken deze twee Nederlandse jazzgiganten om 20.51 uur in het Cultura Journaal met Amanda Kuyper, jazzredacteur van het NRC-Handelsblad. In 'Het uur van de wolf' om 21.00 uur meer aandacht voor Piet Noordijk. Door vele kenners wordt hij beschouwd als de grootste altsaxofonist van Europa. Hij zit 60 jaar in het vak en toert nog volop in binnen en buitenland. De documentaire schetst een beeld van belangrijke waarden die de jazzmusicus aanhangt: zijn muziek en zijn vriend Bas, waarmee hij al 35 jaar samenleeft.

    Om 21.52 uur in een andere aflevering van 'Het uur van de wolf' de enige jazzdiva van Nederland, Rita Reys. In 1960 werd ze uitgeroepen tot Europe's First Lady of Jazz. Rita Reys wilde eigenlijk het operettevak in, maar in de oorlog ontmoet ze jazzdrummer Wessel Ilcken en vanaf dat moment staat het leven van Reys in het teken van de jazz. Tot op de dag van vandaag. 'Rita Reys, last lady of jazz' is een boeiend portret van een eigenzinnig mens.

    Uitzending: vanavond (vrijdag 29 september) van 20.51 uur tot 0.00 uur via de website van Cultura.

    (Maarten van de Ven, 29.9.06) - [print] - [naar boven]





    Een schaduw van zijn glorietijd
    Archie Shepp Quartet, donderdag 14 september 2006, Bimhuis, Amsterdam

    De 69-jarige Archie Shepp is helaas een schaduw ten opzichte van zijn glorieuze tijd in de jaren zestig en zeventig. In die tijd was hij een zeer geëngageerd muzikant, die in de toenmalige avant-garde scene een uiterst prominente rol vervulde. Zijn toon op de tenorsax was uitermate robuust en krachtig en er verschenen – vooral op het Impulse-label – onvergetelijke, prachtige platen. Wie kent ze niet: 'Four For Trane', 'Fire Music', 'On This Night', 'Three For A Quarter, One For A Dime', 'Things Have Got To Change', 'The Cry Of My People' en op MPS 'Live At The Donaueschingen Music Festival'. In die jaren speelde hij met andere prominente avant-gardisten als Cecil Taylor, Don Cherry, Granchan Moncur III en Roswell Rudd.

    Vanaf de jaren tachtig richtte hij zich meer op de blues en post-bebop en lijkt zijn enga-gement wat te verflauwen. Hij toerde dan ook zeer regelmatig in Europa en nam talloze platen op op labels als SteepleChase, Enja en Soul Note. De laatste decennia kampt Shepp steeds vaker met embouchureproblemen. Zijn voorheen masculiene geluid is gereduceerd tot een licht, zangerig geluid dat nog enigszins tot zijn recht komt door de microfoon in de beker te plaatsen. Het is dus begrijpelijk dat hij meer de nadruk legt op zijn vocale capaciteiten dan het bespelen van de saxofoon.

    Het repertoire in het Bimhuis bestond dan ook voor een groot deel uit standards als 'Ain’t Misbehavin’', enkele bluesnummers en zelfs een chanson van Charles Trenet. Shepp is de moderne reïncarnatie van bluesshouter Jimmy Rushing: een ongepolijst stemgeluid dat gepaard gaat met een enorme bluesfeeling. Dit, gecombineerd met een charismatische podiumpresentatie en een groot gevoel voor entertainment, is de kracht van Archie Shepp anno 2006.

    In zijn compositie 'U-Jamaa' na de pauze produceerde Shepp zijn beste tenorsolo van
    de avond. Het leek even of het vroegere elan weer terugkwam. Helaas hield hij, daartoe wellicht gedwongen door ademnood of anderszins, het aantal chorussen beperkt. De lange soli van weleer zijn niet meer. De ritmetandem – bassist Wayne Dockery en drum-mer Steve McCraven – begeleidde swingend en voortreffelijk. De soli van pianist Tom McClung waren niet echt spectaculair en tamelijk ongeïnspireerd.

    Archie Shepp is natuurlijk een icoon in de jazzgeschiedenis, maar wel één die inmiddels behoorlijk verbleekt is...

    Klik hier voor een fotoverslag van dit concert door Hans Sirks.

    (Jacques Los, 28.9.06) - [print] - [naar boven]





    Stichting Brokken viert tienjarig bestaan

    Nog niets te doen vanavond en zin in enerverende en verrassende improjazz? Misschien is Zaal 100 aan De Wittenstraat 100 in de Amsterdamse Staatsliedenbuurt dan een idee. Omdat Stichting Brokken inmiddels 10 jaar bestaat, programmeert gitariste Corrie van Binsbergen daar de komende maanden op de laatste woensdag van de maand concerten onder de noemer 'Stichting Brokken viert maandelijks oud en nieuw'. Daarbij herleven projecten uit vervlogen tijden en worden nieuwe combinaties uitgeprobeerd.

    De avond heeft het karakter van een klein festival met drie concertjes. Ten eerste zijn er musici van groot kaliber, maar werkzaam in verschillende circuits, die worden uitgenodigd samen te spelen. Verder zijn er optredens van niet meer bestaande bandjes. Tenslotte is er afsluitend in het café een optreden met een luchtig karakter. Diehards kunnen na af-loop in Zaal 100 hun hart nog ophalen aan dvd-vertoningen van Brokkenconcerten van jaren terug.

    Vanavond beginnen de feestelijkheden met de Schotse slagwerker Alan 'Gunga' Purves met zijn soloprogramma 'Squeekology'. Van Binsbergen: "Alan speelt al jaren samen met zeer verschillende muzikanten, van Fernando Lameirinhas tot Ernst Reijseger. Hoewel hij zich nooit op de voorgrond plaatst, is zijn muzikale bijdrage voor een groep altijd enorm. Ook ik ben in de gelukkige omstandigheid veel met hem te spelen. En dat verveelt nooit. Vaak word ik verrast door de meest bizarre geluiden die uit zijn hoek vandaan komen. Nooit iemand gezien trouwens, die met zoveel toewijding zijn grotendeels eigengemaakte 'speelgoed' in elkaar schroeft.

    Verder The Klote, een bijzonder gitaarkwartet met Wouter Planteijdt (Sjako, Corrie en de Grote Brokken), René van Barneveld (Urban Dance Squad, Anouk), Paul Pallesen en Joost Buis (op lapsteel!). In het café is er een duo-optreden van de virtuoze Roemeense cim-balonspeler Vasile Nedea (cimbaal) en Sean Bergin, de in West-Amsterdam residerende Zuid-Afrikaanse saxofoonkolossus. Aansluitend wordt er een film vertoond: uit de serie jazzportretten die Jonathan Herman in opdracht van de NPS maakte een documentaire uit 1999 over Corrie van Binsbergen rond de uitreiking VPRO/Boy Edgar Prijs.

    De aanvang van het festivalletje is 21.00 uur. En de entree bedraagt € 5,-.

    meer weten?
  • Onze recensie van het programma 'Het Land Is Moe' van Corrie en de Grote Brokken (Bimhuis,
        2 november 2005).

    (Maarten van de Ven, 27.9.06) - [print] - [naar boven]





    Sterke line-up ECM Dinant Jazz Nights Festival

    Aanstaande vrijdag, 29 september, begint in de fraaie Belgische stad Dinant het ECM Dinant Jazz Nights Festival met een optreden van Jan Garbarek en het Hilliard Ensemble in de Collégiale. Het is voor het eerst dat zij zullen spelen in deze kerk, waarvan de uit-zonderlijke akoestiek internationale bekendheid geniet. ECM-baas Manfred Eicher kwam twaalf jaar geleden op het idee om de Noorse saxofonist bij de fabelachtige Engelse stemgroep te betrekken. Bij de eerste samenwerking werd middeleeuwse polyfonie als uitgangspunt gebruikt, met de sax van Garbarek als vrij bewegende 'vijfde stem'. En met groot succes, want van hun eerste album 'Officium' (1994) zijn inmiddels al meer dan een miljoen exemplaren verkocht. Op de cd 'Mnemosyne' uit 1999 overspande hun repertoire liefst 22 eeuwen, van Athenaus' 'Delphic Paean' tot 'Estonian Lullaby' van Veljo Tormis.

    De herlezing van vroege en barokke muziek is ook een van de thema's van luitspeler Rolf Lislevand, die op zaterdag 30 september zijn Nuove Musiche-project in de kerk van de abdij van Leffe brengt. Een Noor die in Zwitserland studeerde, in Italië leeft, in Duitsland onderwijs geeft en die een band leidt van onder anderen Spanjaarden. Lislevand is een natuurlijke polymath en polyglot die zijn carrière als jazzgitarist begon. Vandaag de dag speelt hij op zijn eigen wijze archlute, barokke gitaar en theorbe. Zijn trillende herzie-ningen van barokke muziek veranderen soms in herinnerende episoden van Keltische muziek of flamenco.

    In het Cultureel Centrum van Dinant brengt de Franse pianist François Couturier zijn nieuwe kwartetproject 'Nostalghia: Song for Tarkovsky', dat stukken van het nieuwe album van dezelfde naam zal brengen. Het werk wordt door Couturier opgevat als een hulde aan de grote Russische regisseur Andrei Tarkovsky (1932-86). Een fantasierijke hulde, ideaal geschikt voor ECM's productie-esthetica. Het grootste deel van de ken-merkende muziek wordt samengesteld door Couturier, periodiek inspiratie betrekkend bij Bach, Pergolesi en Alfred Schnittke, een landgenoot van Tarkovsky. Maar er is ook ruimte voor improvisatie. De ongebruikelijke bandopstelling brengt Couturier, accordeonist Jean-Louis Matinier en saxofonist Jean-Marc Larché (bekend van de opnamen met Anouar Brahem) samen met celliste Anja Lechner van het Rosamunde Quartet.

    Het Tomasz Stanko Quartet zal de concerten van zaterdag afsluiten. Als bepalende stem van bijna een halve eeuw Poolse improvisatie en één van de meest individuele trompet-tisten in de geschiedenis van moderne jazz heeft Stanko met zijn huidige groep een nieuw wereldwijd peil van populaire goedkeuring bereikt. De groep bestaat uit Marcin Wasilewski, Slawomir Kurkiewicz en Michal Miskiewicz. Dit kwartet bracht met 'Soul Of Things' en 'Suspended Night' uitstekende albums uit. Hetzelfde mag worden verwacht van de nieuwe cd 'Lontano', die de band onlangs voltooide en waarvan het materiaal de basis van het concert in Dinant zal vormen.

    Op zondag 1 oktober zal het duo Dino Saluzzi-Anja Lechner 's middags in de kerk van de abdij van Leffe spelen. Hoewel een duoalbum nog moet verschijnen (de release is gepland voor 2007) hebben de Argentijnse bandoneonmeester en de Duitse celliste al meer dan tien jaar regelmatig samengewerkt. Oorspronkelijk begonnen als een klassiek muzikante werd Lechner ook lang door aspecten van improvisatie in diverse tradities geïntrigeerd. Autodidact Dino Saluzzi heeft voor ECM sinds 1982 in allerlei contexten - solo, duo, met zijn Saluzzi-familieproject, als gast bij Tomasz Stanko etc. – en in alle mogelijke situaties opnames gemaakt, maar hij blijft vooral een fascinerend verteller. Hij streeft naar muziek die ondubbelzinnig en met gevoel kan uitdrukken.

    Gianluigi Trovesi en Gianni Coscia zullen op zondagmiddag in het Cultureel Centrum van Dinant optreden. De teksten van de twee ECM-producties van Trovesi en Coscia werden door niet minder dan Umberto Eco geschreven. Een teken van de achting die het gees-tige Italiaanse riet/accordeonduo in hun geboorteland geniet. De twee oude vrienden delen vermoedelijk een minachting voor kunstmatig onderscheid tussen intellectuele en niet-intellectuele kunst en zij weten dat grote muziek zowel op straat als in het conser-vatorium gevonden kan worden. Alles kan als werktuig gebruikt worden om een muzikaal argument te dragen of om er simpelweg van te genieten. Hun muziek assimileert jazz, folk, klassieke muziek, populaire thema's en filmmuziek.

    Dan is er in de namiddag pianist Tord Gustavsen. Hoewel zijn nadruk op kalmte en con-templatie ligt, een Scandinavische inslag, is zijn trio in vele opzichten het minst Noors van alle Noorse groepen in de ECM-catalogus. Zijn grote invloeden komen van de tradi-tionele jazz, gospelmuziek, Afro-Caraïbische muziek en van zangeressen als Bessie Smith en Billie Holiday. Deze aardachtige invloeden, die door een Europese gevoeligheid worden gefilterd en die ook door de impressionistische componisten worden geraakt, geven aan het trio van Gustavsen zijn speciale cachet. Het groepsgeluid is zowel matuur en enthou-siast als sensueel, terwijl de melodieën van Gustavsen machtig en onbuigzaam zijn; zodra men ze hoort heeft men het moeilijk om ze los te laten. De duidelijke muziekstructuur geeft veel ruimte aan Gustavsen, bassist Harald Johnsen en aan de vindingrijke drummer Jarle Vespestad. De albums 'Changing Places' en 'The Ground' getuigen van eerbied voor de wortels van de Amerikaanse jazz en kunnen als een stil protest tegen huidige chauvinistische of nationalistische Eurojazz-tendensen beschouwd worden.

    Het festival wordt 's avonds afgesloten door wat als een archetypisch ECM-project beschouwd zou kunnen worden. De Neighbourhood-band van Manu Katché werd door de Frans-Afrikaanse drummer oorspronkelijk met Manfred Eicher opgezet als een eenmalig project. Het is, als zo vele projecten, een populaire reizende instelling geworden. De groep neemt driekwart van het Tomasz Stanko Quartet (Stanko, Wasilewski, Kurkiewicz) op, maar speelt muziek met een zonnigere inslag, opgebouwd rond de melodieën, grooves en ritmepatronen van Katché. Tijdens het afgelopen North Sea Jazz Festival bewees hij al hoe aanstekelijk en krachtig dat kan klinken. Op saxofoon speelt Trygve Seim uit Noor-wegen, die in deze groep onlangs Jan Garbarek kwam vervangen. Hoewel Manu Katché misschien het best gekend is voor zijn veelvuldige samenwerking met rockmusici als Peter Gabriel, Sting, Robbie Robertson, Joni Mitchell, Dire Straits, Bee Gees en Simple Minds, heeft jazzmuziek voor hem tegenwoordig prioriteit.

    Draai om je oren zal in woord en beeld verslag gaan doen van dit interessante festival. So stay tuned...

    Meer weten?
  • De website van het ECM Dinant Jazz Nights Festival.
  • Ons fotoverslag van het concert van Manu Katché Neighbourhood op het North Sea Jazz Festival 2006.
  • Onze recensie van het album 'The Ground' van het Tord Gustavsen Trio.
  • De website van Thomas Stanko.

    (Maarten van de Ven, 27.9.06) - [print] - [naar boven]





    Young Allstars - 'Release' (Jazz 'N Pulz, 2005) ****

    Recensenten schrijven hun opinie meestal over hun belevenissen met buitenlandse musici c.q. groepen. En dat ondanks het feit dat Nederland uit haar voegen barst van het jazz-talent. Luister maar in de (steeds schaarser wordende) jazzclubs en podia. Want, al of niet afgestudeerd aan een conservatorium, de 'young ones' spelen de sterren van de hemel. En het is een grote verdienste van de producers Johan Hofman/Hans Sirks en Bob Hagen van de Stichting Jazz Impuls dat dit aanstormende talent de kans krijg om de vleugels uit te slaan en zo de aanwezige muzikale capaciteiten te tonen.

    De groep Young Allstars kwamen in 2005 bijeen in de LeRoy Studio in Amsterdam om hun album 'Release' op te nemen. En het bijzondere aan deze groep is gelegen in het feit dat de vijf leden een jeugdige leeftijd bezitten die ligt tussen de 17 en 25 jaar! Een mooie gelegenheid om dit kwintet aan u voor te stellen, want wie krijgt nou op die leeftijd al de gelegenheid om een album vol te spelen? Nou, dat is de volgende kwintetleden gelukt: Ben van Gelder (altsax), Rik Mol (trompet en flugelhorn), Gideon van Gelder (piano), Clemens van der Feen (bas) en Flin van Hemmen (drums). 'Release' bevat acht tracks die ook allemaal door de kwintetleden zelf zijn geschreven; Ben van Gelder nam drie stukken voor zijn rekening, Gideon van Gelder twee en de overige leden elk een compositie.

    De muziek is het beste als hardbop te omschrijven, waarbij alle musici behoorlijk hun best doen. Al direct bij het aanstekelijke openingstuk 'Sunstrolling' begint trompettist Rik Mol te soleren alsof hij, ondanks zijn 22 jaar, nooit anders gedaan heeft. Ben van Gelder speelt wat ingetogen, maar dat mag als 17-jarige ook best. De ritmesectie loopt als een speer. Kortom, dit is een zeer geslaagd debuut te noemen van deze Young Allstars.

    Meer weten?
  • Onze recensie van het concert van de Young Allstars in het Bimhuis, Amsterdam op 31 mei 2006.

    (Rolf Polak, 26.9.06) - [print] - [naar boven]





    Cocqolumn #4
    Han Bennink? Drummertje, jongen!


    De Nederlandse jazz kent verscheidene grote drummers. Dat begint officieel natuurlijk met Wessel Ilcken, maar persoonlijk heb ik altijd een beetje het gevoel dat Ilcken meer zoiets als de beste onder zijn gelijken was dan dat hij ook naar objectieve maatstaven zo geweldig was. Echt gewéldige slagwerkers zijn, in mijn beleving, John Engels en Pierre Courbois.

    En natuurlijk Han Bennink. Hij speelde drums met de groten van de Nederlandse, de Euro-pese en de Amerikaanse jazz, met mensen als Dexter Gordon en Eric Dolphy. Hij speelde een niet onaanzienlijke rol in de vernieuwing van de jazz vanaf de jaren zestig, al dan niet in samenwerking met Misha Mengelberg. Hij (er)kent niet of nauwelijks muzikale grenzen, hij speelt met alles en iedereen die op zijn pad komt als hij er wat in ziet. Met Rita Reys, met Boris van der Lek, met Robert Jan Vermeulen, met Terrie Ex, met Michiel Borstlap, met Michael Moore en Ernst Reijseger. Hij is als het zo uitkomt de clown, dan weer de tovenaar, en kan op een kaal snaretrommeltje de veters uit je schoenen swingen – los van alle verheven avant-gardistische kapsones waar hij ook aan meedoet.

    Ik heb hem (min of meer) zien komen. Het was in de tijd dat ik (zelf nog maar net 20) de programmering deed voor de Utrechtse Jazz Liga. Dat was de weidse naam voor een kleine werfkelder waar elke zondagmiddag amateurs uit Utrecht en omstreken mochten komen spelen (onder de slogan 'Jazz van Drie tot Zes'), bescheiden tegenhanger van de grote clubs van de stad (de Utrechtse Jazzclub van Gert Hogenkamp en Persepolis van Jaap van de Klomp, waar de Dexter Gordons en de Johnny Griffins van deze wereld speel-den, al dan niet begeleid door de Jacobsen).

    Een redelijk bekende en hoog aangeslagen pianist in het Utrecht van die dagen was Carel Heinsius, voor onze club al veel te duur. Maar Carel raakte in de Heer en ging op de getuigenistoer. Hij gebruikte daar de jazzmuziek voor, en zo ontstond ook voor de Utrechtse Jazz Liga de gelegenheid Heinsius te programmeren. Het Carel Heinsius Trio, met het programma 'Jazz for Christ'. Op tweede kerstdag 1961 was het zover. En wie bracht hij mee? Bassist Hans Felderhof (nooit meer wat van gehoord) en drummer Han Bennink, zestien jaren jong, en al middelpunt van veel waarderend rondzoemen in het jazzcircuit: "Heb je al gehoord van Han Bennink? Drummertje, jongen! Dat wordt een grote!"

    Hoe die middag in ons keldertje is verlopen weet ik niet meer exact, er is wel een foto van, waarop het trio in het schemerdonker is te ontwaren. Wie goed kijkt, ziet de jonge Bennink zijn hoofd opzij wenden op een manier die karakteristiek is gebleven voor zijn motoriek. Heinsius heeft zijn handen op het toetsenbord, maar kijkt opzij naar het pu-bliek, misschien wel sprekend over de religieuze bevlieging die bezit van hem had geno-men. Waar Carel is gebleven? Ook dat weet ik niet. Maar drummertje Han Bennink is een grote geworden, niet meer weg te denken uit de jazz. En niet alleen de Nederlandse.

    (René de Cocq, 26.9.06) - [print] - [naar boven]





    Gemoedelijke uitreiking van Amer Award
    zondag 10 september 2006, De Speeldoos, Baarn

    Tijdens de slotdag van Festival de Muzen ontving Tony Vos de Amer Award 2006. Deze prijs werd in 2005 ingesteld door Tubinares, een stichting ten behoeve van eigenzinnige uitingen, 'voor mensen die zich voortdurend onderscheiden, maar zelden onderscheiden worden'. De prijs wordt jaarlijks toegekend aan een persoon die zich op bijzondere en eigenzinnige wijze verdienstelijk heeft gemaakt voor de Nederlandse cultuur, met name in Eemland en omstreken.

    Wat er zoal vooraf ging. Tony Vos (* 29 april 1931) studeerde aan het conservatorium in Tilburg en was rond 1954 medeoprichter van de Eindhovense Jazz Sociëteit (EJS). In een mededelingenblad van de EJS uit 1958 staat het volgende: 'Tony Vos zal optreden voor de AVRO-televisie in een programma rond Yoka Berretti. Hij zal deel uitmaken van het kwartet Paul Ruys'. Nog een quote: 'Herman Schoonderwalt stuurde ons het bericht dat zijn familie is uitgebreid met zoon Mike, terwijl bij Tony Vos het huis bijna te klein werd door het arriveren van zoon Pascal'. Vele jaren speelde hij met regelmaat en in verschil-lende bezettingen met onder andere broer Henk (piano), Koos van Beurden (trompet), Børge Ring (bas) en Herman Schoonderwalt (sax) in 'Poort van Cleef' op de markt in Eind-hoven, dé plaats waar jazzliefhebbers destijds aan hun trekken kwamen. Van Beurden en Vos waren toen mijn helden uit het Eindhovense jazzcircuit.

    Van 1953 dateert zijn eerste opname op het label Omega. Het betreft een live-opname gemaakt op 21 mei 1953 in het Eindhovense Rembrand Theater met het Jazz at the Kur-haus Ensemble, bestaande uit Tony Vos, Joost Heuverzwijn, André Blok, Toon van Vliet (saxen), Nedley Elstak (trompet), Hans van Assenderp (trombone), Frans Elsen (piano), Rob Pauwels (gitaar), Hank Wood (bas) en Tony Nüsser (drums). Uit het mededelingen-blad uit 1961 onder de kop 'Jaarwisseling': 'Een jaar waarin wij gevoelige verliezen leden. Onze altijd aktieve voorzitter Tony Vos moest er wegens drukke Veronica-werkzaam-heden voorlopig de hamer bij neerleggen'. Later vertrekt Vos naar Hilversum om als producer in dienst te treden van Phonogram.

    Hij vestigt zijn naam als pleitbezorger van de moderne jazz in Nederland met zijn project 'Jazz Behind The Dikes' voor Phonogram. Daar wordt hij een succesvol producer in het lichtere genre. In 1968 wordt hij door de lezers van het muziekblad Hitweek uitgeroepen tot beste producer. Aan dit succesverhaal kwam in 1969 een abrupt einde, als Vos ten gevolge van een ernstig auto-ongeluk lange tijd uit de muzikale running raakt. In de jaren zeventig speelde Vos veelal in de regio. In de jaren negentig speelt hij drie jaar in Frank-rijk bij het Cirque du Docteur Paradi in Saint-Lô, waarvoor hij ook muziek schrijft. Begin 1996 keert hij terug naar Eindhoven en gaat weer spelen met Henk Coolen, met wie hij vroeger ook al in een trio heeft gezeten. Dit resulteert in een cd die op 1 januari 1997 ten doop werd gehouden in het Frits Philips Muziekcentrum.

    De uitreiking van de Amer Award trok vele belangstellenden. Festivalorganisator Storm-vogel speelde in de foyer met zijn Trio & Friends, bestaande uit David de Marez Oyens (bas) en Onno Witte (drums) en Friends Peter Lieberom en Thijs van Otterloo (saxen). Een repertoire van voornamelijk eigen stukken van Stormvogel en Witte. Daarna werd in de grote zaal van De Speeldoos de uitreiking verricht. Dichter/journalist Ton Luiting las zijn aan Tony Vos opgedragen gedicht voor (zie fotopagina) en Cees Schrama schetste Vos' verdienste voor de Nederlandse jazz en overhandigde een beeldje van de Baarnse beeldhouwster Ria Nijhof, waarna de gelauwerde samen met Rob van de Broeck (piano) in duo het bekende 'Loverman' fraai vormgaf. Later schoof ook schoonzoon Stormvogel (piano) aan, samen met SarahLee Vos (zang), David de Marez Oyens (bas) en Jay-Jay Vos (drums).

    Toen iedereen de sfeervolle foyer weer had opgezocht, speelde big band On The Move en nam Tony Vos, die regelmatig met deze band speelt, plaats in de saxsectie. De band had een uitstekend 'fris' repertoire en speelde de soms behoorlijk pittige arrangementen compact. Ook de solisten verdienen een compliment. SaraLee Vos liet horen wiens doch-ter zij was. Ze beschikt over een aangenaam timbre en bevestigde weer eens dat de appel niet ver van de boom valt. Gitarist Eef Albers liet zich als gastsolist niet onbetuigd.

    Naar verluidt is dit eerste driedaagse Festival der Muzen een succes geworden. En een groot deel ervan komt op het conto van programmeur en initiator Stormvogel. Toen uw verslaggever van dienst weer op de terugweg was, werd er nog gejammed met onder andere Jan Verweij, Jan Huyds, Eef Albers en Rob van den Broeck. Het was een mooie middag voor Tony Vos en dat was hem gegund.

    Klik hier voor een fotoverslag.

    Meer weten?
  • Meer informatie over Tony Vos.
  • De discografie van Tony Vos.
  • Een nabeschouwing op het Festival der Muzen.
  • Een uitstekend artikel over de 'Jazz Behind The Dikes'-opnamen van het Nederlands Jazz Archief.

    (Cees van de Ven, 26.9.06) - [print] - [naar boven]





    Dutch Swing College Band - '60 Years' (Pink/iDVD, 2006) DVD

    In 1945, rond de bevrijding, ligt de geboorte van de Dutch Swing College Band, die vorig jaar dus 60 jaar bestond. Mooi moment voor een terugblik, en DVD wordt daarvoor een hoogst geschikt medium geacht. Vandaar dit plaatje, dat met een totale speelduur van ongeveer 110 minuten wel iets te bieden heeft.

    Ten eerste natuurlijk die terugblik. Een met voelbare toewijding samengestelde documen-taire, waarin veel leuke en vertederende beelden uit het verleden van Nederlands meest bekende oudestijlband worden afgewisseld met interviewfragmenten van vroeger en nu, met leden en oud-leden. De Dutch Swing College Band is een fenomeen en de rode draad in het geschiedenisverhaal, mede-oprichter Peter Schilperoort, is (was) niet minder een fenomeen. Zoveel wordt wel duidelijk uit de beelden en de woorden; ook de problema-tische kanten van die historie worden niet uit de weg gegaan.

    Schilperoort was een ongemakkelijke man, gedreven in zijn visie op muziek in het alge-meen en jazz in het bijzonder. Hij boetseerde zijn eigen vorm van dixieland, met een belangrijke rol voor de banjo, en veel verdubbelingen in de blazersfrontlijn: vaak twee klarinetten (eenmaal zelfs drie) en twee trompetten, en aanvullingen op saxofoon (die hij dan zelf ter hand nam, de bariton of de sopraan). Die ongemakkelijkheid manifesteerde zich onder meer in een meedogenloos leiderschap, waar lang niet alle medemusici mee konden omgaan.

    De band kende zodoende veel bezettingswisselingen, en verschillende oud-leden ken-schetsen de periode 1955-1960, toen Schilperoort zelf de band had verlaten en pianist Joop Schrier aan het roer stond, als hun meest plezierige periode. Bij zijn terugkeer stapte de halve band op, en kreeg hij nog veel meer zeggenschap over repertoire en stijl. Maar dit alles doet niets af aan het muzikale belang van het orkest, een monument in de Nederlandse jazz. Of je deze documentaire na een of twee keer bekijken nog veel vaker zal aanzetten betwijfel ik overigens.

    De bonus op de dvd betreft onder meer vijf integrale nummers van het orkest uit tv-programma's uit 1960 en 1964: ernstige mannen in slechtzittende pakken in tuttige decortjes, die overigens wél de veters uit je schoenen swingen. Die historische beelden zijn aangevuld met een verslag van een optreden van de huidige Dutch Swing College Band (2004) onder leiding van klarinettist Bob Kaper, helaas gemaakt in een café-ambiance – een beetje kenmerkend voor hoe tegenwoordig ten onrechte door veel mensen tegen dixieland wordt aangekeken: ietwat oubollige feestmuziek.

    Deze recensie verscheen eerder in HVT Magazine.

    (René de Cocq, 25.9.06) - [print] - [naar boven]





    Kindred Spirits herdenkt John Coltrane

    Afgelopen zaterdag, 23 september, zou de legendarische jazzsaxofonist John Coltrane tachtig jaar oud geworden zijn, ware het niet dat hij in 1967 op 40-jarige leeftijd over-leed aan de gevolgen van leverkanker. Dj, oprichter van het platenlabel Kindred Spirits en Coltrane-fan Kees Heus heeft een grootscheepse herdenking op touw gezet. Onder de titel 'For John Coltrane. Love Is Supreme' wijdt Kindred Spirits een radioprogramma, een cd en een concert aan de aartsvader van de moderne jazz.

    Maartje den Breejen schreef een artikel hierover in het Parool. Lees het
    hier.

    (Maarten van de Ven, 25.9.06) - [print] - [naar boven]





    Benjamin Herman: nieuw album en VPRO/Boy Edgar Prijs-tour

    De productiviteit van de kersverse VPRO/Boy Edgar Prijswinnaar Benjamin Herman kent letterlijk geen grenzen. Afgelopen jaar bracht hij verschillende cd's en vinylplaten uit, en binnenkort verschijnt alweer zijn nieuwe album: 'The London Session' (Dox Records). Deze cd is onlangs in Engeland opgenomen met trombonist Bart van Lier en het trio van de legendarische Engelse pianist Stan Tracey. Het album ligt vanaf vandaag in de winkels.

    Daarnaast start het Benjamin Herman Quartet vanaf 30 september met een tournee door Nederland in het kader van de VPRO/Boy Edgar Prijs. Tevens zal de saxofonist in novem-ber met Stan Tracey een aantal optredens in Londen verzorgen om de release van zijn nieuwe cd in Engeland te promoten. De VPRO/Boy Edgar Prijs, de belangrijkste prijs in Nederland op het gebied van jazz en geïmproviseerde muziek, werd in april van dit jaar aan Herman uitgereikt.

    In het bijbehorende juryrapport werd Benjamin Herman alom geprezen als een veelzijdig musicus en bandleider, die het publiek blijft verrassen met zijn muziek. En verrassen zal hij zeker in zijn nieuwe kwartetbezetting waarmee hij korte metten maakt met de tradi-tionele gitaar-met-saxofoon jazz. Tijdens de aankomende tournee zullen ze repertoire spelen van Hermans cd 'The Itch', die door de Volkskrant werd benoemd tot de allerbeste jazzplaat van 2005. De concerten van het Benjamin Herman Quartet die sindsdien hebben plaatsgevonden zijn nu al legendarisch te noemen.

    Meer weten?
  • Onze recensie van het concert van het Benjamin Herman Quartet op 6 februari 2006 in Wilhelmina,
        Eindhoven.

    (Jacques Los, 25.9.06) - [print] - [naar boven]





    Herb Robertson Quintet - 'X-Cerpts: Live At Willisau' (JMT, 2005) ****

    Deze live-registratie stamt uit 1987 met Herb Robertson (trompet, pocket trompet, cornet en Flügelhorn), Tim Berne (altsax), Gust William Tsillis (vibrafoon), Lindsey Horner (bas) en Joey Baron (drums). De cd begint met 'Jiffy Jester Jig', met Robertson zoals we hem maar al te goed kennen. Hij snatert, stottert, kakelt en sputtert dat het een lust is, met zijn vreemde dempertechniek. Sterk spul staat er op deze cd dus; niet voor watjes en diegenen die al dat 'gefreejazz' maar niks vinden. Maar een must voor de liefhebber van uitstekende, spannende en avontuurlijke jazz, die na bijna 20 jaar nog verrassend fris en anno nu klinkt. Zeker, je mist de houvast en welluidendheid van fraaie bevattelijke harmonieën, maar daarvoor in de plaats krijg je adembenemende muziek. Met muzikale salto mortale's zonder net, schurende secundes en dissonanten niet te tellen, maar wel door een gezelschap dat van freejazz-wanten weet. En denk nu vooral niet dat hier anarchie en chaos heerst. Integendeel, er zijn vele momenten waarop gestructureerd
    en volgens notaties wordt gemusiceerd.

    Tim Berne, nu een gevierd New Yorkse saxofonist, toont zich hier een fascinerende ont-dekkingsreiziger. Joey Baron en Lindsey Horner zijn groots in 'Karmic Ramifications' (met de delen Vibration, Formation, Dissipation en Transformation). Hier gaat Berne op avon-tuur met flageoletten en andere klankexperimenten. Na diens solo krijgen we een lange, heel fraai opgenomen drumsolo van Baron. De hele cd klinkt overigens magnifiek. Na Barons solo lijkt er even rust te komen met Tsilis' vibrafoon, maar dan struikelt Robertson met een salvo van arpeggio's als in een slapstick binnen om de zaak flink op zijn kop te zetten. Hij is een meesterverteller en geliefd onruststoker. Daartoe gebruikt hij uitbundig het gehele bereik en klankenarsenaal van zijn instrument. Maar hij zorgt met rustige pas-sages ook voor het noodzakelijke tegenwicht en contrast. Aan het slot van deze suite hervinden allen zich en citeren nog eenmaal de melodie, waarbij Robertson nog even overweegt om er alsnog weer aan de haal mee te gaan, maar zich bedenkt en besluit zich toch maar te schikken. En zo komt er een einde aan een reis van ruim 31 minuten, waarbij onderweg van alles te beleven valt. De cd eindigt met 'Flocculus', toegankelijker en iets traditioneler van opzet, maar andermaal met een overduidelijke Robertson-signatuur. Naast voortreffelijk spel van alle bandleden verdient Barons slagwerk een
    extra vermelding.

    Op woensdag 4 oktober geeft Herb Robertson een concert in het Tilburgse Paradox met zijn New York Downtown Allstars, bestaande uit saxofonist Tim Berne, pianiste Sylvie Courvoisier, bassist Mark Dresser en slagwerker Tom Rainey.

    (Cees van de Ven, 21.9.06) - [print] - [naar boven]





    Zelfs de muizen waren er stil van
    Rob van Bavel Trio, vrijdag 8 september 2006, Kraaij & Balder, Eindhoven

    Het nieuwe seizoen van Jazz at the Crow werd geopend met een weergaloos concert van het Rob van Bavel Trio. Met Wiro Mahieu (bas) en Chris Strik (drums) kreeg het attente publiek een absoluut memorabel concert te horen. Het is een ongeschreven wet dat in situaties waarbij sprake is van een goede vibe en wisselwerking met het publiek, het beste in een muzikant naar boven komt. Als men ook het hele dynamiekspectrum kan incorporeren om tot mooie contrasten te komen, dan kan dat tot iets bijzonders leiden.

    De stukken die Van Bavel in petto had waren grotendeels afkomstig van zijn recente cd 'Generations'. De kwaliteiten van zijn pianospel zijn al vaak in alle toonaarden euforisch bezongen. En ook vanavond maakte hij zijn reputatie meer dan waar. Bassist Wiro Mahieu maakt sinds kort deel uit van het trio, dat ook in de nieuwe reeks Jazzimpuls-concerten is opgenomen. Hij maakte vanavond een ijzersterke indruk en bespeelde de bas van hoog tot laag, met toonvaste intonatie, een prettige volle toon en gedegen techniek.

    Hij is altijd welkom en graag gehoord in 'The Crow': Chris Strik. Ook hij maakte vanavond van de gelegenheid gebruik om zijn spel met veel dynamische pianissimo en forte subtili-teiten te kruiden. Wat een perfecte solo en drive leverde hij bijvoorbeeld in het razend-snelle 'Parisian Thoroughfare' van Bud Powell. Strik was voor Rob van Bavel bij voort-during de ideale sparringpartner, die hem de gelegenheid bood om zijn excellente piano-spel te etaleren, maar ook inspireerde met stimulerend drumwerk.

    Mahieu's bijdrage was van wezenlijk belang en zijn importantie en basstatuur groeit nog steeds. Liefhebbers van het klassieke pianotrio met uitstekende musici met een afwis-selend repertoire van klaterende up-tempos en indringende ballads, zullen de weg naar een van hun concerten zeker weten te vinden. Dat zouden de toehoorders van vanavond gezien hun bijval u dan ook zeker aanraden.

    Klik hier voor een fotoverslag van dit concert.

    Meer weten?
  • Klik hier voor het concertschema van de reeks Dubbelconcerten.

    (Cees van de Ven, 21.9.06) - [print] - [naar boven]





    Nieuwe cd Dave Holland Quintet

    Op 1 oktober hoopt Dave Holland zijn zestigste verjaardag te vieren. De bassist/compo-nist/bandleider par excellence, die al jaren grossiert in eerste plaatsen in de Down Beat Critics & Reader Polls, gaat een en ander kracht bij zetten met de release van een nieuwe cd van zijn kwintet op zijn eigen Dare2-label. 'Critical Mass' is de titel van het album, het eerste sinds de live-dubbelaar 'Extended Play: Live At Birdland' uit 2003.

    Het vermaarde Dave Holland Quintet is al sinds 1998 actief als working band, met slechts een personele wijziging gedurende al die jaren; in 2003 werd drummer Billy Kilson ver-vangen door Nate Smith, die hier zijn cd-debuut beleeft met het kwintet. Zoals gebruike-lijk werd het materiaal op 'Critical Mass' eerst uitvoerig live getest de afgelopen jaren, zodat het kon rijpen alvorens de groep de studio inging. Het kwintet is nu alweer bezig met muziek voor het volgende album, dat waarschijnlijk eind 2007/begin 2008 zal worden opgenomen.

    Bijzonder is dat elk bandlid - naast Holland en Smith bestaat het kwintet uit Chris Potter (sax), Robin Eubanks (trombone) en Steve Nelson (vibrafoon) - composities aandraagt, daartoe enthousiast aangespoord door de bassist zelf. "I'm fortunate enough to have musicians who are not only fine individual players and great ensemble players, but they also are composers. So it just adds another dimension to the contribution that every-body can make to the development of the music and the perspective that we can get from each person's take on what the band can do," zegt de bassist in een interview met R.J. DeLuke van de onvolprezen website All About Jazz. Lees het hier.

    Meer weten?
  • De website van Dave Holland.
  • Onze recensie van 'Extended Play: Live At Birdland'.

    (Maarten van de Ven, 20.9.06) - [print] - [naar boven]





    Warme Jazz uit de Rosse Buurt
    Remco Keijzer & Old Quarter Trio, maandag 4 september 2006, Old Quarter, Amsterdam

    Het was een erg geslaagd concert dat de tenor- en sopraansaxofoon spelende Remco Keijzer gaf voor de aanwezige belangstellende jazzliefhebbers. En dat was fijn om te constateren deze maandagavond in hotel-café Old Quarter in de Warmoesstraat, met de gebruikelijke parkeerproblemen in het hartje van deze bruisende stad .

    Ik vond het eigenlijk wel eens tijd om deze excellente blazer een keer te belichten middels een concertrecensie, want zo vaak is dat nog niet gebeurd. En dat ondanks het feit dat Remco Keijzer een eigen trio en een kwintet met Lars Dietrich (sax), Frans von Chossy (piano), Sean Fasciani (bas) en Mark Coehoorn (drums) heeft. Hij is bovendien leider en een van de oprichters van de New Generation Big Band, een 19-koppige groep die bigbandmuziek speelt met een hedendaagse 'flavour'. En daar blijft het niet bij, want Remco is ook actief als vaste saxofonist van het hiphop-duo Pete Philly & Perquisite, waarmee hij in diverse Europese landen én in het grote Los Angeles heeft opgetreden. Overigens zijn er over hem wel lovende kritieken te lezen van Chris Potter, Dick Oatts en Phil Markowitz.

    Maar nu terug naar de Old Quarter, want daar speelde Keijzer samen met pianist Wolf-gang Maiwald, bassist Thomas Winther Andersen en drummer Joost Kesselaar, die ook deel uitmaakt van Remco's eigen trio. De saxofonist speelde met dit Old Quater Trio erg eigentijdse jazz. De setlist bestond uit standards en eigen composities die varieerden van energieke tempo's tot adembenemende momenten. En dat alles met een geheel eigen geluid.

    Bij de aanvang van het openingsnummer nam Remco - spelend op zijn mooi klinkende tenorsaxofoon - een rustige opbouw voor zijn rekening, waarbij hij tóch alle registers bespeelde, iets wat bij zo'n rustig nummer niet vaak voorkomt. Al bij het tweede nummer, nu op de sopraansax in 2/4 maat spelend, begon hij zijn solo krachtig en wat 'golvend' spelend op te bouwen. Daarbij moest hij, gedwongen door het stimulerende spel van de Old Quater Trio, bijna al zijn power in de strijd gooien.

    Het hoogtepunt van de avond was de vertolking van John Coltrane's 'Naima', een ballad die goed werd opgebouwd door Remco, hier zowel op tenor- als op sopraansaxofoon spelend. Prachtig van toon en lijnen, maar zonder een epigoon van Coltrane te worden. Ook de krachtig gespeelde solo van Winter Andersen en het vloeiende spel van drummer Kesselaar mochten er zijn. Op een gegeven moment was het net of pianist Maiwald, aangestoken door het stimulerende spel van zijn medemusici, aan het vliegen was achter zijn zwart-witte toetsen; hij leek volkomen los. En dat alles in diezelfde ballad 'Naima'!

    Dit geslaagde optreden van Remco Keijzer werd afgesloten met een heerlijke vertolking van 'On Green Dolphin Street', waarbij het samenspel met de overige spelers enkele keren wat haperde, maar dat is logisch gezien het feit dat zij niet elke week samen spelen.

    (Rolf Polak, 19.9.06) - [print] - [naar boven]





    Paul Jan Bakker versterkt de gelederen van Yuri Honing Wired Paradise

    Saxofonist Yuri Honing heeft zijn 'elektrische' band Wired Paradise geïnjecteerd met vers bloed: rockgitarist Paul Jan Bakker, bekend van popgroepen en -artiesten zoals Kane, Anouk en de gloednieuwe rockband Seven. Onze verwachting is dat het groepsgeluid daarmee een stuk steviger zal worden; de band had immers al een gitarist in huis met Frank Möbus, bekend van het Duitse powerjazztrio Der Rote Bereich.

    De eerstkomende gelegenheid om Yuri Honing Wired Paradise met Paul Jan Bakker aan het werk te zien, is vanavond; de band geeft dan een gratis toegankelijk concert in de foyer van Musis Sacrum in Arnhem, de Derde van Mahler. De aanvang is 21.30 uur. Verder staan er nog optredens gepland in Tilburg (Paradox, 22/09), Oudekerk aan de Amstel (Jazz aan de Amstel, 12/11) en Rotterdam (Lantaren-Venster, 18/11).

    Meer weten?
  • Onze recensie van het album 'Temptation' van Yuri Honing Wired Paradise.

    (Maarten van de Ven, 19.9.06) - [print] - [naar boven]





    Stranger than Paranoia gaat weer 'on the road'

    Voor de tweede maal gaat het vermaarde muziekfestival Stranger than Paranoia 'on the road'. De kick-off vindt plaats op 28 oktober in de Tilburgse Concertzaal.

    De mensen die Stranger than Paranoia sinds 1993 hebben gevolgd, weten dat het hier gaat om een festival dat zich bezighoudt met diverse muziekdisciplines en cross-overs in de breedste zin des woords. Programmeur Paul van Kemenade probeert ieder jaar rond Kerst in het Tilburgse Paradox het publiek met dit festival kennis te laten maken met muziek die vaak letterlijk de grenzen overschrijdt. 'Stranger than Paranoia on the road' betekent een alternatieve locatie met drie groepen uit totaal verschillende genres, die door 'spreekstalmeesters' worden aangekondigd/-gedanst/-gezongen/-gemimed.

    Csókolom is een bijzonder strijkensemble uit Kroatië, Duitsland en Nederland. Zangeres/
    violiste Anti von Klewitz, die tevens tekent voor de arrangementen, brengt met haar groep een eigenzinnige mix van zigeunermuziek, Hongaars, Balkan, klezmer en gypsy-swing. Met passie, humor, een stem die je raakt en een band die staat als een huis. De lovende perskritieken - 'Spetterend vuurwerk van strijkstokken' (Volkskrant); 'Alsof Bartok soms zelf de handen van de musici bij het arrangeren heeft geleid' (Frankfurter Rundschau) - doen veelbelovend aan.

    Onlangs werden de originelen ontdekt van de in meer dan 50 jaar niet gespeelde onver-sneden versies van de beroemde bigbandleider Paul Whiteman en zijn Saxophon Soctette uit de jaren dertig en veertig. Deze arrangementen worden tijdens 'Stranger than Para-noia on the road' uitgevoerd door de Beau Hunks, een 13-koppig orkest dat is vernoemd naar een film van Laurel & Hardy. De band is dan ook gespecialiseerd in het vertolken van de muziek uit de films van het komische duo, geschreven door de componisten Leroy Shield (1893-1962) en Marvin Hatley (1905-1986). The Beau Hunks lijken dan ook als geen ander geschikt om Whitemans Soctette weer te doen herleven.

    Verder geeft de Braziliaanse diva Tania Maria met haar band in dit kader een exclusief concert in Nederland. Tania Maria Correia Reis is Brazilië's ongekroonde koningin van de jazz. Ze werd geboren op 9 mei 1948 en ze woont vanaf 1970 in Parijs. Maria begon op haar zevende met piano spelen en studeerde klassiek piano aan het conservatorium. Toch voelde zij zich meer thuis in jazzclubs dan concertzalen. Zo'n twintig platen heeft deze internationale ster op haar naam staan. Ze werd genomineerd voor een Grammy Award in de categorie 'Best Jazz Female Artist/Vocalist'. Met haar eigen Viva Brazil Quartet brengt ze een combinatie van zwoele, funky scat-vocalen, percussief pianospel en pure, zwetende samba- en bossa nova-ritmes.

    Het programma begint om 20.30 uur. Reserveren kan telefonisch: 013-5432220.

    Meer weten?
  • Lees ons artikel over The Beau Hunks' aanpak van de muzikale erfenis van orkestleider Jimmy
        Lunceford.
  • De website van Csókolom, met een interview met Von Klewitz en geluidsfragmenten.
  • De website van Tania Maria, met een videoclip van een concert tijdens het Nice Jazz Festival 1998.

    (Maarten van de Ven, 18.9.06) - [print] - [naar boven]





    Na Cullum even chillen met Monk
    dinsdag 15 augustus 2006, Sebastiaan de Krom & Friends, Don Camillo Bar, Bergen op Zoom

    Dinsdag 15 augustus was er een surpriseconcert voor de sponsors van de Pol's Place For Jazzconcerten. De gelegenheidsformatie die programmeur Marlies Heck had geboekt, was in ieder geval verrassend: Bart Defoort (tenorsax), Ron van Rossum (piano), Salvator LaRocca (bas) en Sebastiaan de Krom (drums). Ook het repertoire dat men speelde was niet alledaags. Het werd een avond vol Monk's Music.

    De Krom, momenteel woonachtig in Londen, was even in Nederland neergestreken voor het concert in dit gemoedelijke jazzcafé. Hij studeerde aan de befaamde Berkeley School of Music en het Monk Institute New England Conservatory. Hij speelde met grote namen als Herbie Hancock, Wynton Marsalis, John Scofield, Clark Terry, Phil Woods, Barry Harris en Dave Holland, maar zijn meest enerverende ervaring is ongetwijfeld het spelen in de band van hype Jamie Cullum. Het concert van vanavond had voor hem dan ook een heil-zame werking. Hij ontpopte zich als een sympathiek causeur, vocaal en instrumentaal.

    Zijn medebandleden waren niet de minste; Defoort zet als saxofonist in het Brussels Jazz Orchestra en een eigen succesvol kwartet steeds duidelijker zijn koers uit en LaRocca speelt met onder anderen Philip Catherine en Nathalie Loriers. Ron van Rossum, de onvol-prezen pianoleraar op verschillende jazzopleidingen in België en Nederland, bleef dicht bij Monk en ook weer niet. Hij gaf zijn eigen draai aan bekende stukken zoals 'Straight No Chaser', Pannonica', 'Jackie-ing' en 'Blue Monk' en toonde zich ook regelmatig een dienst-baar begeleider. Dit repertoire werd tot genoegen van de toehoorders prettig uitgeser-veerd. Defoort was trefzeker in de thema's en creatief in zijn improvisaties. Hetzelfde gold voor bassist LaRocca.

    Van Rossum was de smaakmaker in deze formatie. Zijn benadering was die van een jam-sessie. Hij zorgde voor de luchtige toon, wierp van tijd tot tijd humoristische opmerkingen naar zijn medemuzikanten en was vocaal te horen in 'Just A Gigolo'. Zijn vingers op de toetsen deden echter het serieuze werk en geheel in de geest van Monk stak hij met eigen creatieve invalshoeken het vuurtje aan. Sebastiaan de Krom zag je genieten van dit onversneden swingende concert; met soepel en alert drumwerk deed hij zijn ding. 'Huismeester' Pol de Bie keek en zag dat het goed was, want de sponsoren hadden het erg naar de zin. Na een nare periode vanwege een brand bij zijn buren op de Grote Markt in Bergen op Zoom, waarbij ook veel persoonlijke zaken in vlammen opgingen, moest hij lange tijd naar elders uitwijken. Maar nu voelde het gezellige jazzcafé als vanouds ver-trouwd. Er zullen ongetwijfeld weer boeiende concerten plaatsvinden.

    Klik
    hier voor een fotoverslag van dit concert.

    Meer weten?
  • De website van Pol's Place For Jazz.

    (Cees van de Ven, 17.9.06) - [print] - [naar boven]





    Frank Kimbrough - 'Lullabluebye' (Palmetto, 2004) ****

    Na in diverse groepen van het Jazz Composers Collective te hebben gespeeld, waaronder het Herbie Nichols Project, Ted Nash ('Still Evolved'), Michael Blake's Free Association en het Ron Horton Quartet, is dit het eerste album dat pianist Frank Kimbrough met zijn trio heeft gemaakt. Zijn medemusici zijn hier bassist Ben Allison en drummer Matt Wilson.

    Frank Kimbrough is één van de meer individueel spelende akoestische pianisten met primaire invloeden van Bill Evans en Keith Jarrett tot Cecil Taylor, Paul Bley en Andrew Hill. Ben Allison is een bassist met een avontuurlijke spirit die indertijd in avant-garde groepen te vinden was, maar ook in hardbop-settings. Drummer Matt Wilson is het best te omschrijven als een subtiel spelende drummer die een goede reputatie heeft opge-bouwd, onder meer dankzij zijn samenwerking met saxofonist Dewey Redman, het Either Orchestra en zijn participatie in het kwintet van Charlie Hohlhase.

    'Lullabluebye' is niet zomaar weer een trioplaatje, maar een evenwichtig volgespeeld album, waarbij voor Kimbroughs begeleiders er, net als indertijd bij Bill Evans, voldoende soleerruimte aanwezig is om ook te kunnen excelleren. Dat Kimbrough ook een begena-digd componist is, blijkt uit het feit dat negen van de tien opgenomen stukken op dit album van zijn hand zijn - bassist Ben Allison voegde er zijn eigen 'Ben’s Tune', niet gespeend van enige bescheidenheid, aan toe. Alle stukken lijken ter plaatse melodieus te worden ingevuld, iets wat gebeurde tijdens twee opnamedagen in april 2003 in Palmetto's huisstudio Maggie's Farm in Buck's County, Pennsylvania.

    De aandacht van de luisteraar wordt constant vastgehouden door het spel van dit trio met mooi uitgewerkte aansprekende thema's en solo's, die overwegend in medium tempo worden gespeeld.

    (Rolf Polak, 16.9.06) - [print] - [naar boven]





    Moers Festival 2006 - Deel 2

    "De uitgave 2006 van het festival was niet beresterk, maar het programma viel ook niet uit de toon vergeleken met de 25 eerdere afleveringen. Het is nog te vroeg om vast te stellen of Burkhard Hennens opvolger, Reiner Michalke, de combinatie van sterke namen, oorspronkelijke keuzes en inbedding in de Duitse scene kan waarmaken, want qua sponsoring is het de laatste jaren toch wat moeilijker geworden."

    Zo concludeert Ken Vos, onze correspondent ter plaatse, die verslag doet van dit vierdaagse festival in woord en beeld. Klik hier om het verslag van 4 en 5 juni te lezen.

    Meer weten?
  • Het eerste deel van het festivalverslag (2 en 3 juni).

    (Maarten van de Ven, 16.9.06) - [print] - [naar boven]





    Frank Woeste - 'Mind At Play' (Challenge, 2005)

    De Duitse jazzmusicus Frank Woeste (1975) is in eerste instantie opgeleid tot klassiek pianist, en dat is te horen aan zijn glanzende techniek en zijn onberispelijke aanslag. Maar tijdens een stage in Amerika ontdekte hij dat zijn hart toch meer naar jazz trok.
    Hij studeerde terug in Duitsland en later in Parijs aan verschillende conservatoria in de jazzafdeling, en schreef zich in voor concoursen en competities over heel Europa, waar hij heel wat ereplaatsen bijeensprokkelde. Hij heeft zich inmiddels permanent in Parijs gevestigd, en is hier op zijn cd-debuut als leider te horen in het aloude trioformat met twee Franse collega's: bassist Mathias Allemane en Matthieu Chazarenc.

    Het programma omvat tien stukken: twee standards ('How Deep Is The Ocean' van Irving Berlin en 'Daydream' van Billy Strayhorn) en acht eigen composities. Levendige muziek, die zich niet gemakkelijk laat klassificeren; veel wisselingen in sfeer en tempo, van prelu-derend tot fel swingend. Rode draad is Woestes gevoel voor mooie klankkleur, die hier en daar even geweld wordt aan gedaan als hij een onbedwingbare neiging heeft ook even de (elektrische) Fender Rhodes piano bij de handelingen te betrekken.

    Deze recensie verscheen eerder in HVT Magazine.

    Meer weten?
  • Frank Woeste beantwoordt de tien vragen van Take Ten.

    Labels:

    (René de Cocq, 14.9.06) - [print] - [naar boven]





    Eric Vloeimans krijgt Elly Ameling Prijs

    Het Prins Bernhard Cultuurfonds Zuid-Holland heeft op voordracht van de jury de Elly Ameling Prijs Rotterdam 2006 toegekend aan trompettist Eric Vloeimans. De prijs, ter waarde van 5.700 euro, wordt op 10 november uitgereikt door burgemeester Ivo Opstelten in de Burgerzaal van het Stadhuis van Rotterdam. De jury bestond uit Gabriel Oostvogel (voorzitter), Maria Kuster, Oscar van der Pluijm, Robin de Raaff en Kadir Selcuk.

    Het juryrapport put zich uit in superlatieven: 'Eric Vloeimans staat voor de nieuwe gene-ratie van musici die zich weigeren te conformeren aan de bestaande kaders. Als klassiek geschoolde trompettist die zijn sporen heeft verdiend in de jazz is hij een excellent voor-beeld van de nieuwe hybride muzikant. Het type dat door zijn open muzikale en artistieke houding het absorptievermogen heeft zich een enorme reikwijdte aan muziekstijlen eigen te maken.'(...)'Niemand kan zo mooi fluisteren op de trompet als Eric Vloeimans. Niemand kan zo omfloerst knetteren. Niemand kan zulke gave kraakjes en zulke pure noten blazen als hij.'

    Eric Vloeimans (1963) studeerde jazz en klassieke trompet aan het Rotterdams Conser-vatorium. Na zijn afstuderen in 1988 ontving hij een beurs om verder te studeren aan de New York School in New York. In 1992 richtte hij het Eric Vloeimans Quartet op, samen met Anton Goudsmid, Arnold Dooijeweerd en Pieter Bast. Na de eerste cd 'No Realistics' volgden 'First Floor' en 'Bestiarium'. Vloeimans werkte zowel op het podium als in de studio samen met vele grote namen uit de Nederlandse en internationale muziekwereld, waaronder Jeroen van Vliet, Harmen Fraanje, Jasper van 't Hof, Anton Goudsmit, Ernst Reijseger, John Taylor, Marc Johnson, Joey Baron, Jarmo Savolainen en Nguyên Lê. Zijn laatste cd 'Summersault' met zijn trio Fugimundi stond langdurig op nummer één in de toptien van weekblad HP/De Tijd. Eerder ontving Vloeimans de Boy Edgar Prijs, twee Edisons en een Bird Award.

    Meer weten?
  • Een interview met Eric Vloeimans door Remco Takken.
  • Ons concertverslag van een optreden van Fugimundi in de Toonzaal, Den Bosch op 3 februari 2006.

    (Maarten van de Ven, 14.9.06) - [print] - [naar boven]





    Verslag ZomerJazzFietsTour 2006

    Op zaterdag 27 augustus jl. vond tussen de buien door de twintigste editie van de ZomerJazzFietsTour plaats. In het schitterende decor van het Reitdiepdal ten noord-esten van Groningen fietsten vele liefhebbers van middeleeuws kerkje naar boerenschuur om gevarieerde en spannende jazz en improvisatiemuziek uit binnen- en buitenland te horen.

    Jacques Los over het "topduo" Sean Bergin/Ernst Reijseger, avant-garde saxofonist van weleer Keshevan Maslak a.k.a. Kenny Millions, de virtuoze ("mag het een onsje minder") trompettist/cornettist Herb Robertson met zijn Space Cadets, het tegenvallende Sexmob van schuiftrompettist Steven Bernstein en de groep rond gitarist/vocalist Paul Pallesen, Bite The Gnatze, die "een groter publiek en veel speelmogelijkheden" verdient.

    Klik hier voor het hele artikel en hier voor een fotoverslag van dit festival door Marijke Kruyt.

    (Maarten van de Ven, 12.9.06) - [print] - [naar boven]





    Jeroen van Vliet - 'Red Sun' (EWM, 2000) ****½

    Deze pianotrio-cd met Frans van der Hoeven (bas) en Dré Pallemaerts (drums) is als het zuiverste water dat stroomt langs reeds lang uitgesleten oevers, waarlangs de stroom zich moeiteloos voortbeweegt. Misschien heeft dat te maken met de zeer bewuste studiokeuze van Van Vliet: de Rainbow Studio in Oslo, waar ook ECM vaak opnamen maakt. En we kennen de rust en de ruimte die uitgaat van op dat label opgenomen pianisten als Tord Gustavsen en Bobo Stenson. In 'Red Sun' hoor je ook dezelfde ont-spannen sfeer, die Van Vliets composities recht doet en zorgt voor optimale zeggings-kracht.

    Frans van der Hoeven, bekend om zijn gedegen en onwrikbaar baswerk, en Dré Palle-maerts, met orenschijnlijk weinig spectaculair maar uiterst ter zake doend percussiewerk, weten het pianospel van het juiste kader te voorzien en kunnen op elk moment de ge-wenste onderbouwing verlenen. De bassolo in 'So Long Brother' vormt een bewijs waarom Van Vliet zo op Van der Hoeven gesteld is. De pianist geeft de solo nog meer reliëf met fraai onderbouwende akkoorden. Pallemaerts soleert in het een fraai geregistreerde 'Oslo', een compositie van zijn hand. Maar er wordt ook stevig uitgepakt in het uitbundige en met percussief pianowerk gespeelde 'Solid Air' en 'Derwesj'. Jeroen van Vliet zelf is heer en meester; hij is het epicentrum met subliem pianospel, zoals in het ademstokkende 'I Never Say Goodbye', met daarin andermaal een niet te versmaden bassolo van Van der Hoeven. Al deze schoonheid is ingebed tussen Van Vliets opener 'Prologue' en zijn sluit-stuk 'Epilogue'.

    (Cees van de Ven, 11.9.06) - [print] - [naar boven]





    20 Jaar Bik Bent Braam

    Bik Bent Braam bestaat 20 jaar en viert dat op maandag 9 oktober in het Bimhuis in Amsterdam door de beste dingen van het leven samen te brengen: muziek en lekker eten. Michiel Braam en de Italiaanse topkok Bigio l'Oster hebben veel gemeen: een grote kennis van en respect voor de traditie en een uiterst originele, vrijzinnige en speelse geest.

    Bik Bent Braam speelt een stuk uit elk van de tien programma's die Braam vanaf 1986 voor de band heeft geschreven, zoals daar zijn 'De Parkeermeterfabriek', 'Howdy', 'Het XYZ der Bik Bent Braam', 'Alle 13 Goed' en 'Bik Bent Braam goes Bonsai'. Hoewel de basis dezelfde is gebleven, is er in twintig jaar ook veel veranderd: nieuwe musici versterkten de gelederen en gaandeweg maakte de band zich het 'bonsaien' eigen: een manier van improviseren die uniek genoemd mag worden. Mede daarom kan het interessant zijn om te zien hoe Bik Bent Braam anno 2006 zal omgaan met die oudere stukken uit hun repertoire.

    Bigio l'Oster brengt in zijn restaurant bij Albino (in het Italiaanse Bergamo) eten en muziek al jaren samen tijdens zijn 'Jazz a Niuporc'-festivals, waar Braam enkele jaren geleden te gast was. Speciaal voor deze gelegenheid laadt hij een bus vol met biologi-sche ingrediënten uit zijn eigen streek en zelfgemaakte wijn die door kenners tot de top wordt gerekend. Door de traditie van zijn streek te combineren met een eigenzinnige, fantasievolle aanpak zet hij een diner op tafel dat net zo origineel is als de muziek van het eerste deel van deze double-bill.

    De totaalprijs voor concert, diner en wijn bedraagt € 45,-. Maar u kunt natuurlijk ook alleen naar het jubileumconcert. Reserveren kan bij het Bimhuis.

    Meer weten?
  • Klik hier voor een fotoverslag/recensie van BBB in de Toonzaal, Den Bosch op 17 februari 2006.
  • Klik hier voor een fotoverslag van BBB in Paradox, Tilburg op 5 januari 2004.
  • Klik hier voor een fotoverslag/recensie van BBB in Wilhelmina op Eindhoven, 5 januari 2004.

    (Maarten van de Ven, 9.9.06) - [print] - [naar boven]



    North Sea Jazz

    North Sea Jazz impressies: Wadada Leo Smith's Golden Quartet
    zondag 16 juli 2006, Ahoy, Rotterdam

    Een van de meest weirde concerten van het afgelopen North Sea Jazz Festival was on-getijfeld dat van trompettist, componist en muziekdocent Ishmael Wadada Leo Smith. Als improvisator heeft dit beruchte lid van the Association for the Advancement of Creative Musicians zich verdiept in diverse muziekculturen, van Japans en Indonesisch tot Afri-kaans. Zijn muziektheorie over jazz en wereldmuziek en zijn creatieve notatiesysteem 'Ankhrasmation' maakten hem bekend. Geconcentreerd gezeten achter een 'effectenbak' profileerde de inmiddels 64-jarige avant-gardist zich jong en vrij van geest met een set die het publiek tot een behoorlijke luisterinspanning dwong. Maar voor degenen die in de Missouri-zaal 'inlogden' op de happening viel er genoeg te genieten.

    Apart was het wel; zo vaak komt het immers niet voor dat een trompet en een contrabas door een wahwah-pedaal worden gehaald. Dat gaf vooral qua trompetgeluid een behoor-lijk freaky en spacy sfeer. Voor aardser werk zorgden bassist John Lindberg en drummer Nasheet Waits. Lindberg bood de luisteraar af en toe een houvast met een herkenbaar, repeterend loopje. Hij maakte ook veel gebruik van zijn strijkstok. Waits' free-flowing drumpatronen leken in golven aan en af te zwellen. Kronkelend als een slang gebruikte hij daarbij de hele kit. Gitarist Woody Lee Aplanalp strooide met onconventionele gitaarsoli en gebruikte gesampelde partijen, om er vervolgens weer overheen te gaan met noisy lijnen. Zijn tweede gitaar gebruikte hij puur voor overstuurde geluidsexperimenten, als een tapijt van distortion.

    Smith volgde alles precies en zat er gedurende het hele concert bovenop. Met oogcon-tact en vingerwijzingen leidde hij zijn muzikanten in de door hem gewenste banen. Van achter zijn lessenaar overzag hij als een wijze sjamaan het muzikale slagveld. Zijn wijds uitwaaierende en avontuurlijk trompetspel doorsneed hij met dempende en verdraaiende effecten, bevreemdend en intrigerend tegelijkertijd. Wat de door hem af en toe inge-schakelde drumcomputer nu precies toevoegde aan het geheel, blijft voor uw recensent in nevelen gehuld - Waits staat immers niet bepaald bekend als een saaie en beperkte drummer - maar in de logica van Smith was het ongetwijfeld een waardevol element in het geheel.

    En de muziek? Een vrij gedeelte ingeklemd tussen een groovend en rockend begin en eind, een duet van slagwerk met muted trompet met wahwah, feedback-achtige noise... het was er allemaal. En, in tegenstelling tot wat u lezenderweg wellicht vermoedt, geen vrijheid om de vrijheid, maar ook wel degelijk uitgeschreven partituren. Bijzonder, ver-vreemdend, explorerend, soms vermoeiend, maar meestal fascinerend.

    Klik hier voor een fotoverslag van dit concert.

    Deze recensie is de vijfde in een reeks concertverslagen van het North Sea Jazz 2006.

    Meer weten?
  • De website van Wadada Leo Smith.

    (Maarten van de Ven, 8.9.06) - [print] - [naar boven]





    Mark Harrison Quintet - 'Are We There Yet?' (Harrison Music, 2005) ****

    Na het debuutalbum 'The Road Ahead' uit 2002 is deze nieuwe plaat opnieuw een schot in de roos, met alle nummers geschreven door de gedreven leider: pianist/keyboardspeler Mark Harrison. Hij mag dan misschien niet zo bekend zijn in de jazzscene, maar hij heeft toch al een Grammy Award op zijn naam staan, schrijft muzikale leerboeken en muziek voor de Amerikaanse tv-zenders met programma's als 'Mambo Kings', 'Star Trek', 'ER' en 'Friends'. Ook speelde Harrison met Jimmy Haslip, John Molo en Jay Graydon.

    Maar nu terug naar het nieuwe album, 'Are We There Yet?', dat door dit Mark Harrison Quintet in elf tracks is volgespeeld. Het kwintet bestaat hier naast Harrison uit gitarist Mark Chosak, bekend van zijn cd 'Perception', bassist Steve Billman, drummer Matt Star en twee saxofonisten, te weten Rick Rossi, die onder meer heeft opgetreden met Ray Charles en George Duke, en Jacky Klimek, die Rossi in zes tracks aflost.

    De muziek is het best te omschrijven als krachtvolle groovy muziek die de funky kant van de jazzmuziek belicht. Er is een groot contrast tussen de elf muziekstukken, van boogie-woogie in het nummer 'Green Bananas' tot smooth jazz met een stuwende backbeat en met een surroundgeluid van het keyboard. De titelsong 'Are We There Yet?' heeft een aanstekelijke melodie en de verzamelde musici in dit kwintet weten het moeiteloos met veel energie tot leven te wekken.

    Het is een plezier om dit album te beluisteren; ook voor de niet echte diehard jazzfans zal het weinig moeite kosten om enkele tunes moeiteloos na te neuriën, en daar gaat het toch om?

    Labels:

    (Rolf Polak, 7.9.06) - [print] - [naar boven]





    Dewey Redman overleden

    Amper een week na zijn laatste grote concert op het Charlie Parker Jazz Festival in New York is de Amerikaanse tenorsaxofonist Dewey Redman gestorven. Redman overleed afgelopen zaterdag op 75-jarige leeftijd aan een leveraandoening. Hoewel hij een van de grote avant-garde tenoren was, kreeg Redman nooit de erkenning die zijn zoon Joshua in de jaren negentig zou krijgen. Toch was juist Dewey de innovatievere muzikant.

    Redman werd geboren op 17 mei 1931 in Forth Worth, Texas. Hij begon als 13-jarige op klarinet, kort daarop switchend naar altsaxofoon. Met mensen als Ornette Coleman, Charles Moffett en Prince Lasha speelde hij in een 'high school marching band'. Zijn eerste optreden vond plaats in een baptistenkerk. Tijdens zijn studie op de Prairie View Agricultural and Mechanical University, waar hij in 1953 zijn diploma behaalde, stapte hij over op tenorsaxofoon. In de daaropvolgende jaren (1956-59) gaf Redman les op een middelbare school. Tijdens zijn studie aan de North Texas State University (waar hij in 1959 een Masters degree behaalde) begon hij te werken als professioneel muzikant.

    Zijn verhuizing van Noord-Texas naar San Francisco was een keuze voor muzikaal free-lancen, die resulteerde in een eerste samenwerking met bassist Donald Garrett. Redman leidde er samen met Pharoah Sanders, Rafael Garrett en Monte Waters ook een big band, waarvoor hij componeerde en arrangeerde. Hoewel ze nooit samen speelden, bezocht Dewey Redman regelmatig John Coltrane - als die in San Francisco was - om over muziek te discussiëren. "I wanted him to tell me what to study, but all he'd say was 'practice'," zei Redman. "I was pissed off, but he taught me that you have to get it yourself; no one else can teach you." In dezelfde periode nam hij zijn eerste album op: 'Look For The Black Star' (Freedom, 1966).

    Een roemruchte tijd volgde voor Dewey Redman; in freejazz-kringen dook zijn naam steeds vaker op. Hij vestigde zich in New York, waar hij tussen 1967 en 1974 speelde in het Ornette Coleman Quartet. Hij maakte deel uit van de legendarische oerbezetting van Charlie Haden's Liberation Music Orchestra (1969) en speelde mee op Carla Bley's magnum opus 'Escalator Over The Hill' (JCOA, 1971). Daarnaast was hij een vaste kracht in de groep van Keith Jarret (1971-1976). Maar hij leidde ook eigen groepen, veelal met drummer Eddie Moore als zijn meest gebruikte sideman. Belangrijke albums uit die tijd zijn de twee platen die Redman voor het Impulse-label opnam: 'The Ear Of The Behearer'
    (1973) en 'Coincide' (1974), met onder anderen trompettist Ted Daniel, cellist Jane Robertson en Moore. In 1998 kwam Verve met een cd-reissue van het eerstgenoemde album, aangevuld met vier tracks van 'Coincide'.

    Redmans kenmerkende stijl ontwikkelde hij in deze periode. Hoewel hij meestal werd geassocieerd met free jazz, was zijn tenorsaxspel behoorlijk melodieus; het had sterke banden met de post-bop mainstream. Bijzonder was zijn 'vocaliserende' manier van spelen; terwijl hij de saxofoon bespeelde gebruikte hij tegelijkertijd ook zijn stem. Ook bekwaamde hij zich op de musette, een klein exotisch blaasinstrument uit het Midden-Oosten en Noord-Afrika. Hij richtte samen met Don Cherry, Charlie Haden en Ed Blackwell - allen voormalige Coleman-protégés - de formatie Old And New Dreams op, waarmee hij tot in de jaren tachtig uitgebreid toerde en een aantal platen uitbracht. Hij bleef ook actief als bandleider. Op 'The Struggle Within' (ECM, 1982) serveerde hij een melange van blues, free jazz en bop. Ook vermeldenswaard is de cd 'Momentum Space' (Verve, 1999), waarop Redman samenwerkt met Cecil Taylor en Elvin Jones.

    In februari 2004 was Redman speciale gast in het programma 'The Music of Ornette Coleman' van Jazz at Lincoln Center. In dat jaar gaf hij ook een uitverkocht concert in het oude Bimhuis. Op 5 juni jl. speelde de saxofonist nog op het Moers Festival in Duitsland.

    (Maarten van de Ven, 7.9.06) - [print] - [naar boven]





    Jazzprogramma's VPRO verhuizen naar Concertzender/Radio 6

    Met ingang van 8 september zullen de jazz-radioprogramma's van de VPRO voortaan bij de Concertzender/Radio 6 te horen zijn. Iedere vrijdagavond van 22.00 tot 24.00 uur het programma 'jazz@vpro', met concertopnamen van moderne jazz en improvisatiemuziek uit Nederland en het buitenland, aangevuld met nieuwe cd-releases. Daarnaast eens per maand ook jazz in het programma 'zaterdagavond@vpro' (21.00 - 24.00 uur) met speciale jazzconcerten, live vanuit het Bimhuis of vanaf een jazzfestival.

    Zo is op vrijdag 29 en zaterdag 30 september een verslag te horen van VPRO's Jazz op het Dak festival 2006, met alle concerten die op 7 en 8 juli van dit jaar werden gegeven op het dak van het Science Centre NEMO in Amsterdam: het P.A.F. Trio met Paolo Fresu, The Bad Plus, Corrie & de Grote Brokken en het Hermine Deurloo kwartet.

    Al deze uitzendingen zijn ook on demand via internet te beluisteren. Klik op het boven-staande logo om naar de jazzsite van de VPRO te gaan. Goed nieuws voor de fans van de voormalige VPRO-radioprogramma's 'De Laatste Jazz' en 'Is Dit Nog Wel Jazz': oude afleveringen blijven terug te vinden in het archief op die site. De Concertzender is in bijna heel Nederland te beluisteren via de kabel. Kijk op de website van de Concertzender voor de frequentie die bij uw woonplaats hoort.

    (Maarten van de Ven, 5.9.06) - [print] - [naar boven]





    Nguyên Lê Duos - 'Homescape' (Pink/ACT 2006)

    Zijn uitgangspunt is de gitaar, maar de van origine Vietnamese musicus Nguyên Lê Duos beschikt wel over een arsenaal aan instrumenten: gewoon akoestisch, fretloos, de Viet-namese variant. En bovendien heeft hij in zijn thuisstudio in Parijs een macht aan elek-tronica, waarmee hij alles naar wens kan vervormen, uitbreiden, versnellen, vertragen, inkorten, verhogen en verlagen.

    Dit album heet niet voor niets 'Homescape': Lê Duos koos voor de thuissituatie, speelde daar alles in, en mixte zijn eigen spel met bijdragen van de Italiaanse trompettist en bugelspeler Paolo Fresu (afkomstig van Sardinië) en de Tunesische oud-speler Dhafer Youssouf (de oud is een Noord-Afrikaans tokkelinstrument), en twee fragmenten uit een live-concert dat hij met Fresu in Glasgow gaf. Bijna twee jaar lang speelde, monteerde en redigeerde hij, met als resultaat een interessante collectie geluidslandschappen, waarin elementen uit tal van muzikale culturen op een opvallend natuurlijke manier hun plaats krijgen en met elkaar in relatie worden gebracht. Bindende factor is een goed gevoel voor een redelijk hechte basisritmiek, waaroverheen avontuurlijke melodielijnen
    en schuivende harmonieën worden gelegd.

    Deze recensie verscheen eerder in HVT Magazine.

    (René de Cocq, 3.9.06) - [print] - [naar boven]



    New Orleans herdacht met jazz

    De website van het NOS Journaal besteedt vandaag aandacht aan de herdenking van de ramp met orkaan Katrina, die 1 jaar geleden de stad New Orleans trof. Met een impressie in beeld en geluid van een traditionele jazz-begrafenis.

    Klik
    hier om het nieuwsbericht te bekijken.

    (Maarten van de Ven, 3.9.06) - [print] - [naar boven]





    Interview Harmen Fraanje

    "Het is hoorbaar dat ik lekker aan het knutselen ben, aan het zoeken naar het ultiem mooie ding. Ik hou daarbij van risico. Soms ga ik op mijn muil, maar daar kom je wel mee op plekken waar je anders niet komt. Alles wat ik door elkaar beluister, probeer ik in mijn eigen spel terug te laten komen."

    Rinus van der Heijden sprak met een van Nederlands meest getalenteerde jazzpianisten, Harmen Fraanje. De pianist gaat half oktober de studio in voor cd-opnamen met de groep Osmosis, die behalve Fraanje bestaat uit Guillaume Orti (sax), Oene van Geel (viool), Mark Haanstra (bas) en Chander Sardjoe (drums).

    Klik hier om het interview te lezen.

    Meer weten?
  • Onze recensie van het concert van Osmosis in Paradox op vrijdag 21 oktober 2005.

    (Maarten van de Ven, 1.9.06) - [print] - [naar boven]


    Lees verder in het archief...






  • Menupagina's:

    Redactieadres:

    Hoekstraat 1 B17
    3910 Neerpelt
    België
    (0032) 11747180
    (0032) 498788554

    Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken?
    Mail de redactie.