Draai om je oren
Jazz en meer - Weblog





 


Concert
Jazz vanaf de Olympus

Marilyn Crispell, Barry Guy & Paul Lytton, dinsdag 19 mei 2015, De Werf, Brugge

Op de Olympus, de berg waar de goden wonen, wordt zo nu en dan ook wel eens een jazzconcert verzorgd. Vanzelfsprekend wordt daar dan ook bijpassend goed gemusiceerd. En een aantal van die goden gaat ook wel eens op tournee. Bijvoorbeeld naar De Werf in Brugge. En zo stonden daar Barry Guy, Marilyn Crispell en Paul Lytton op het podium.

De bassist Barry Guy heeft een suite geschreven, bestaande uit zeven delen, die integraal voor de pauze door de drie musici wordt uitgevoerd. 'Send' doet wat Spaans aan en geeft Guy een centrale rol in een zangerige, melancholische melodie. Intens vertolkt op zijn vijfsnarige contrabas. Prachtig is ook hoe het geluid van de bas op sommige momenten volledig samenvalt met dat van de piano, bespeeld door Marilyn Crispell. Paul Lytton zorgt hier voor beperkte, gerichte ondersteuning op zijn drumstel. In 'Fallen Angel' neemt Crispell de lead met intens, alles doordringend pianospel, terwijl Lytton telkenmale olie op het vuur gooit en zo een zinderende atmosfeer creëert.

En wat geldt voor 'Send' en 'Fallen Angel', geldt voor de gehele suite. Guy laat ook hier weer zijn brede achtergrond als componist en musicus horen, die zowel zijn sporen in de jazz als in de klassieke muziek ruimschoots heeft verdiend. Verder wordt er door alle drie de musici ongelofelijk goed en hecht gemusiceerd. De timing is perfect en er wordt een effectief gebruik gemaakt van stiltes. De muziek ademt en blijft transparant, ook op momenten - zoals in 'Return Of Odysseus' - dat het er heftig en fel aan toe gaat. En met heftig bedoelen we dan écht heftig. Crispell beukt onstuimig met beide handen op haar piano, Guy beweegt woest zijn strijkstok over de bas en Lytton slaat met alle kracht die hij in zich heeft op het drumstel. Maar nergens wordt het een brei, nergens slipt het dicht.

De improvisatie na de pauze is van een vergelijkbare orde. Ook hier zijn er intieme momenten vol spaarzaam gedoseerde noten, bijvoorbeeld als Crispell de leiding neemt in een lange, rustig ademende solo. Ingehouden begeleid door Guy en Lytton. Of in haar eigen compositie 'Rounds', waarin de verstilling voelbaar is. En dan een slaapliedje als toegift. De warme klanken van Guy en Crispell, slechts verstoord door twee harde slagen op een gong door Lytton. We kunnen de nacht in!

Klik hier voor foto's van dit concert door Willy Schuyten.

Labels:

(Ben Taffijn, 28.5.15) - [print] - [naar boven]



Concert
Handgemaakte muziek

O. Orkins's Insect Zoo & Wofo, zondag 17 mei 2015, Ham Sessions, Gent

'Three days of handmade, living music', zo staat te lezen op de flyer. Tijdens de grappige aankondiging van dit festival, werden alle (H)ambassadeurs bedankt die door de crowdfunding te steunen dit gebeuren mede mogelijk maakten. Waar het grote Jazz Gent alsmaar groter wordt en nu zelfs - haha - Lady Gaga inviteert, blijven de Ham Sessions trouw aan hun (h)ambachtelijk en eerlijk concept: drie dagen muziek waarbij de kwaliteit primeert boven grote namen en een publiek dat komt om te luisteren in die gezellige stadstuin in Gent, ergens halfweg tussen Dampoort en Sint-Jacobs.

O. Orkin's Insect Zoo bekt niet echt als groepsnaam, maar de groep rond drummer Teun Verbruggen klonk wel als een hecht blok, hoewel ze nog niet zo vaak samenspeelden en pas sinds kort de bezetting op punt hebben. Ze openden met 'Empty', een betoverende compositie van Christian Mendoza die in het hoofd blijft hangen. Trompettist Jean-Paul Estiévenart liet in het eerste deel meteen zijn aantrekkelijke trompetspel horen. In het tweede deel lag de nadruk dan meer op het arrangement. In 'Round Trip' van Ornette Coleman liet tenorist Steven Delannoye horen dat hij elementen van Coleman kan integreren in zijn typisch hedendaagse NY-stijl. Pianist Bram De Looze zal nooit een veelspeler zijn, wel een man die creatieve openingen zoekt en vindt. In hetzelfde Ornette-nummer dompelde hij enige Von Schlippenbach-neigingen onder in een emmer vol blues en dreef hiermee de compositie een andere richting uit dan de componist zou bedacht hebben.

De meeste nummers hadden iets Scandinavisch over zich; echt snel ging het nooit, maar zweverig werd het nu ook niet. Daar zorgden bassist Laurens Smet en drummer Teun Verbruggen voor door voldoende hoekigheid en oneffen reliëf in de muziek te leggen. O. Orkin's Insect Zoo liet moderne akoestische jazz horen, zonder hemelbestormend te zijn. Verbruggen heeft gewaagdere projecten, maar deze groep zou wel eens heel wat mensen kunnen aanspreken.

Met het tweede concert van de eerste dag Ham Sessions, presenteerde Wofo & The Wofettes hun nieuwe cd 'Erratic Tails'. In het Engels heeft 'erratic' verschillende betekenissen (dwalend, grillig, onvast), zijn associaties met 'erratum' mogelijk en fonetisch klinken 'tails' en 'tales' hetzelfde... zoals in de muziek zijn de dubbele bodems ook in de titels te vinden. En die Wofettes hebben niets met Ray Charles gemeen. Ze zijn even vrouwelijk als de Raylettes, maar daarmee houdt de vergelijking op. Ze zijn een strijkensemble dat wonderwel binnen het universum van Wofo past. Wofo put graag uit een amalgaam van stijlen en met twee violen en cello erbij kan ook uit de klassieke muziek geput worden en krijgt de muziek soms een filmische inslag. Denk hierbij niet aan de grote filmcomponisten maar aan bricoleurs als John Zorn en Ennio Morricone, die onbeschaamd stijlen en genres door elkaar halen.

Het kerntrio van deze groep omvat tenorsaxofonist Michel Mast, klarinettist Mathias Laga en bassist Xavier Verhelst. Die laatste stond bescheiden op de achtergrond, maar schreef wel zo goed als alle composities en zorgde voor uitgekiende arrangementen, waarbij sommige passages van de strijkers bij het publiek spontaan applaus ontlokten. Sinds kort drumt Antoon Kindekens bij Wofo en is pianist Stijn Engels terug van weggeweest. The Wofettes (violistes Cécile Broché en Anouk Sanczuk, celliste Eline Duerinck) werden perfect geïntegreerd als ensemble, maar afzonderlijk speelden ze elk ook gedegen solo's naast Mast, Laga en Engels, die hierin gepokt en gemazeld zijn.

Tijdens dit concert liet Wofo horen dat de Wofettes er niet zomaar aanhangen. Deze bezetting zou evengoed als het Wofo Octet door het leven zou kunnen gaan. Een verrassend concert in die typisch onbekommerde Wofo-stijl, waarbij complexloos uit vele tradities geput wordt om een geheel eigen universum te creëren, waarin enige humor niet ontbreekt.

Deze recensie verscheen eveneens op Jazz'Halo.

Klik hier voor foto's van dit concert door Cees van de Ven.

Labels:

(Iwein Van Malderen, 27.5.15) - [print] - [naar boven]



Cd
Various artists - 'African Rare Groove Vol. 1' (Music Rough Guides, 2015)


Als er gemeenschappelijke kenmerken aan te wijzen zijn voor alle populaire Afrikaanse muziek, dan zijn dat ritme en herhaling. Een doorgecomponeerd stuk muziek, daar zul je in Afrika lang naar moeten zoeken. Al sluit ik niet uit dat er griotten zijn die zich op die manier uiten.

In de binnenlanden zullen ongetwijfeld nog gebieden te vinden zijn waar de volksmuziek nog 'puur' is, niet 'vervuild' door invloeden van buitenaf. Maar al vroeg in de koloniale geschiedenis deden christelijke koormuziek en militaire marsen zich gelden.

Ook op deze fascinerende sampler kun je invloeden van buitenaf aanwijzen. De International Orchestra Safari Sound uit Tanzania riep bij mij beelden op van het trio Los Paraguayos en de ska- en reggae-invloeden op The AB Sounds uit Malawi zijn eveneens evident. Maar er zijn ook kruisbestuivingen onderling. Zo hoor ik duidelijke Zuid-Afrikaanse input in de blazers van de Nigeriaanse Premiers Dance Band van Gentleman Mike Ejeagha. Dat Zuid-Afrika al relatief vroeg een platenindustrie had, zal mede debet zijn geweest aan de verspreiding van kwela, mbaqanga en de voorlopers daarvan over de rest van het continent.

Zuid-Afrika is met twee groepen vertegenwoordigd. West Nkosi laat zijn toetsen, blazers en bas schijnbaar autonome figuurtjes spelen, die perfect in elkaar grijpen. Het invloedrijke Malombo van gitarist Phillip Tabane klinkt met zijn penny whistles een stuk archaïscher. De stotende en hobbelende ritmes lijken de band uit elkaar te rammelen. Ook de opnamen van Osayomore Jopseph en Celestine Ukwu hadden in de jaren vijftig gemaakt kunnen zijn. Terwijl deze verzamelplaat toch een mooi beeld geeft van de meer obscure Afrikaanse popmuziek uit de jaren zeventig en tachtig.

Klik hier om samples van dit album te beluisteren.

Labels:

(Eddy Determeyer, 25.5.15) - [print] - [naar boven]



Concert
Gemengde gevoelens

Pat Martino Trio, woensdag 13 mei 2015, LantarenVenster, Rotterdam

Voor bij de deur heerst een meer dan gemiddeld opgewonden sfeer. Het wachten is op de start van een optreden van gitaarreus Pat Martino, na de documentaire 'Martino Unstrung'.

Regisseur Ian Knox en neuropsycholoog Paul Broks gaan in deze film op zoek naar de ziel van de legendarische jazzgitarist. Op zoek naar het geheim van zijn opmerkelijke terugkeer uit het diepe dal van geheugenverlies na een levensreddende operatie als gevolg van een hersenaandoening.

Een podium, versterkers, monitoren, kabels, een drumkit, een hammondorgel. Maar een gitaar of gitaarstandaard is in geen velden of wegen te bekennen. De prachtige zwarte Gibson Pat Martino Signature Guitar is pas zichtbaar op het moment dat Martino opkomt en blijft gedurende het optreden innig om de schouders van de meester hangen. Het kan niet duidelijker geëtaleerd worden. De elektrische gitaar is Martino's verlengde ik. De vertrouwdheid van het instrument, de vormgeving, het gevoel, de snaren en vooral de schoonheid van de toon van het geluid staan voor zijn leven.

In een eerbetoon aan Wes Montgomery, de oppergod onder de jazzgitaristen, speelt Martino één lange set. Tijdens deze set spreekt hij lovende woorden over de interactie tussen hem en het massaal opgekomen publiek. Het vakmanschap druipt er dan ook vanaf. Zoals de al even natuurlijke als technisch perfecte wijze waarop hij zijn kwikzilverachtige vingers van de linkerhand plaatst tussen de fretten en het achteloos maar precies grijpen en plaatsen van de akkoorden. Gelijktijdig de rechterhand gebruikend, met name de duim en wijsvinger, om subtiel plukkend en dicht tegen de snaren de soepel en majestueus lopende solo's ten gehore te brengen. Een leerschool avant la lettre. Voor de niet geschoolde gitaristen onder het publiek is het optreden fascinerend vanwege de schoonheid van het gitaarspel. Zijn medemuzikanten begeleiden kordaat maar onopvallend en zijn evengoed inwisselbaar.

Echter, Pat Martino hanteert een voor de hand liggend speelschema, een afwisseling van bop, blues en ballads. Zeker in het eerste deel van het optreden wordt mooi en evenwichtig gespeeld, maar ontbreekt het avontuur en blijft de ware verwondering uit. Risico's nemen is uit den bozen. Niet alleen kent de opbouw van zijn stukken eenzelfde patroon, maar ook de solo's vertonen te veel overeenkomsten. In het tweede deel wordt de dynamiek in het spel verhoogd. De afsluitende Sonny Rollins-compositie 'Oleo' rijst in een uptempo vorm naar grotere hoogte. De voor de hand liggende toegift 'Sunny' doet de toeschouwer uiteindelijk met een glimlach het theater verlaten. De ware spanningsboog is echter achterwege gebleven.

Wat kan een mens meer verwachten? Bij een carrière van meer dan 50 jaar, een overwonnen ziekte, het gitaar spelen opnieuw moeten aanleren, het behouden van de virtuositeit en het inspireren van jonge gitaristen?

Klik hier voor foto's van dit concert door Louis Obbens.

Labels:

(Louis Obbens, 25.5.15) - [print] - [naar boven]



Concert / Jazztube
Caleidoscopische fusion

Bill Laurance Project, donderdag 14 mei 2015, TivoliVredenburg, Utrecht

Het Bill Laurance Project is ontstaan tijdens de tours van Snarky Puppy, het hippe Amerikaanse crossover-orkest van doorgaans zo'n dertien professionele fusionmusici, componisten en producers. Hun missie is onder andere het publiek zoveel mogelijk live hun instrumentale muziek te laten ervaren. Reden genoeg om intensief te touren.

Eén van de kernleden van het orkest is de Britse toetsenist Bill Laurance. Hij vertelt dat tijdens het touren er altijd veel loze tijd is, die hij gebruikt om te componeren en te jammen. Samen met mede-orkestleden drummer Robert 'Sput' Searight en Snarky-Puppy-leider Michael League op bas vormde hij het Bill Laurance Project. Dit trio heeft inmiddels twee goed ontvangen albums, 'Flint' en recentelijk 'Swift', uitgebracht. Mentaliteit en genre van dit project liggen in het verlengde van Snarky Puppy, zij het dat het orkest meer leunt op blazers en gitaren en dat de strijkers en keyboards in dit project een belangrijke rol spelen.

Door de bank genomen heeft deze stijl van symfonische fusionrock of cross-over jazz de neiging naar te gelikte albumproducties. Op het podium krijgt het dan vaak weer net dat snuifje levendige pit, waardoor het langer blijft boeien. Dat gaat inderdaad ook op voor deze avond.

In een goed gevulde Cloud Nine weet toetsenist Laurance, aangevuld met het West Side String Trio en hoorniste Katie Christie, meteen de aandacht te pakken met cirkelende motieven. Er wordt met kale piano-thema's begonnen, die laag over laag worden georkestreerd. Door ritmeveranderingen en toonsoortverschuivingen wordt de spanning dan opgestuwd tot een rollend crescendo. Met name de gedreven spelende League op elektrische- en contrabas en de met breakbeats strooiende Searight zijn daarbij een onmisbare schakel en voorzien het geheel van de nodige peper en zout.

De cinematografische composities putten thematisch uit neoklassieke thema's, die vervolgens in verschillende aanstekelijke etno-sauzen - zoals latin, afro, ska, oriënt en balkan - worden gedoopt. Dit in combinatie met elementen uit het idioom van de dance, rock en jazz resulteert in een aanstekelijke en smakelijke fusioncocktail. De momenten die er bovenuit steken zijn die wanneer het trio zichzelf op scherp zet door de randen van de speelruimte op te zoeken. Vaak is dat in de uptempo stukken, waar de strak gecomponeerde en gearrangeerde composities wat meer lucht en ruimte krijgen. Het samenspel en spelplezier komt dan fris en geïnspireerd uit de verf. Het zijn momenten dat de vonk overslaat, ook tussen ensemble en publiek.

Het stuk 'Money In The Dessert', met een aangrijpende solo van celliste Annie Tangburg, blijkt de apotheose van de avond. Minpuntjes zijn de downtempo stukken, die met name door de strijkpartijen wat oververzadigd en braaf blijven. De toevoeging van strijkers en hoorn is ook het sterkst als ze de ruimte krijgen en nemen voor een aantal bezielde solo's. Een dankbare band sluit de avond af met een wervelende versie van 'Ready Wednesday'.

Bands als het Bill Laurance Project weten een jong publiek, dat doorgaans pop- en rockgeoriënteerd is, te binden met enthousiast gespeelde instrumentale muziek, die populair, etno en jazz met elkaar mengt.

Klik hier voor foto's van dit concert door David Verwer.

In de Jazztube hierboven zie je een impressie van een optreden dat het Bill Laurance Project gaf in BIRD, Rotterdam. Inclusief interview.

Labels: ,

(Kees Schreuders, 23.5.15) - [print] - [naar boven]



Cd
Aki Takase / Alexander von Schlippenbach - 'So Long, Eric!' (Intakt, 2014)

Opname:19-20 juni 2014

Vorig jaar was het vijftig jaar geleden dat Eric Dolphy, onverwachts en veel te vroeg, overleed. Het inspireerde Aki Takase en Alexander von Schlippenbach om een eerbetoon te organiseren voor deze grootmeester. Een van de concerten van die serie verscheen eind vorig jaar bij Intakt onder de naam 'So Long, Eric!' op cd. Voor dit eerbetoon trommelden de beide pianisten een keur aan internationale artiesten bij elkaar, waarvan er twee ooit nog met Dolphy hebben samengewerkt, slagwerker Han Bennink en vibrafonist Karl Berger.

Het album bestaat, hoe kan het ook anders, volledig uit composities van Dolphy, in spannende arrangementen van Von Schlippenbach en Takase. Immers, Dolphy heeft nooit de beschikking gehad over een band met twee pianisten, twee drummers, twee bassisten en zes blazers!

Von Schlippenbach is beslist trouw gebleven aan de originele composities van Dolphy. Ze zijn allemaal duidelijk te onderscheiden, maar hij voegt zeker ook het een en ander toe. Zo start 'Out To Lunch!', de titeltrack van het enige officiële album dat Dolphy voor Blue Note maakte, met een slagwerkduet tussen Bennink en Heinrich Köbberling, waarna de rest van de band het thema inzet, maar dan natuurlijk veel zwaarder georkestreerd. Het origineel werd tenslotte uitgevoerd door een kwintet. Wat ook opvalt is dat Von Schlippenbach en de zijnen kiezen voor een minder strak arrangement. Zo zet Nils Wogram een trombonesolo neer die duidelijk eigentijds is. Ook de schrijnende, piepende en krakende trompetsolo van Axel Dörner gaat een paar stappen verder dan dat Freddie Hubbard ging in het origineel.

In 'Serene', een nummer uit de tijd dat Dolphy bij Prestige zat, kiest Von Schlippenbach voor een arrangement waarin alleen de blazers te horen zijn. Eerst horen we Wogram en vervolgens Henrik Walsdorff op altsax. Met de overige blazers erbij ontstaat er een subtiel en melodieus geblazen setting, een soort van serenade. Het arrangement geeft een bijzondere lading aan dit nummer.

De versie van 'Miss Ann', eveneens daterend van rond 1960, duurt ruim twee keer zo lang als het origineel. Takase kiest hier ook voor een wat lager tempo. Tevens is deze versie dramatischer, ruiger. Het is goed terug te horen in de schurende tenorsax solo van Tobias Delius. In 'Hat And Beard', eveneens afkomstig van 'Out To Lunch!', starten de beide pianisten met een duet waar het thema reeds vaag doorheen klinkt. Zodra de rest van de band zich erbij voegt, ontvouwt dit thema zich verder. Al is ook hier de structuur veel opener en losser, speelser bijna, dan in het origineel.

Als er één ding duidelijk wordt na beluisteren van deze cd is het dat Dolphy een uitstekende componist was. Hij heeft de wereld een aantal prachtige nummers nagelaten, die ook vijftig jaar na dato nog steeds zeer de moeite waard zijn. Waarvan akte!

Klik hier om het album 'So Long, Eric!' te beluisteren.

Klik hier voor onze recensie van Eric Dolphy's meesterwerk 'Out To Lunch!'.

Labels:

(Ben Taffijn, 22.5.15) - [print] - [naar boven]



Concert
John Engels 80 Jaar: "Genoeg gepraat!"

Barnicle Bill XL, Louis van Dijk Trio & John Engels Kwintet, woensdag 13 mei 2015, Bimhuis, Amsterdam

Tachtig jaar worden en die dag het middelpunt zijn van aandacht en waardering. Nature boy Johnny Engels werd op 13 mei, zijn echte verjaardag, door vrienden en fans gevierd. In een feestelijk Bimhuis mocht hij genieten van een gevarieerd programma, dat hem elegant werd gepresenteerd door gastvrouw Vera Vingerhoeds. Natuurlijk was John, gezeten achter zijn drums, zelf de hoofdgast van de show.

Loftuitingen zijn niet aan John besteed. En een microfoon in zijn richting jaagt hem bijna van het podium af. Met frisse tegenzin doet hij wat er van hem wordt verlangt, om vervolgens snel af te ronden met de op zijn lijf geschreven woorden: "Genoeg gepraat". John wil spelen!

John Engels viert zijn verjaardag met een reeks concerten. Onder de noemer Vogel Vrij Tour trekt hij nog tot eind oktober door Nederland, met musici uit verleden, heden en toekomst. Er zijn concerten in verschillende bezettingen met onder anderen Benny Golson, Wolter Wierbos, Tineke Postma, Jan van Duikeren en de op deze avond figurerende musici. Het Bimhuis presenteert een bijzonder programma, dat ondanks de vlotte changementen, doorloopt tot na twaalven.

Het Barnicle Bill Trio geeft een delicate performance. John en zijn kompanen etaleren een scala aan sferen en creëren met hun compacte jazzensemble een uitdagend avontuur. Als mimespelers zijn ze in staat om lyriek en intimiteit te transformeren naar grote gebaren. In elke noot ligt een kans besloten om te ontsnappen en los te gaan. In de ruimte tussen de noten ligt een reservoir aan spanning. Onderling is er nauwe samenhang en onafhankelijkheid. Het trio bestaat nu vijf jaar, groeit en bloeit en geeft met variaties op swing, bop en funk een verfrissende blik op minder alledaags repertoire. Na een half uurtje is het tijd voor een song. Masha Bijlsma zingt met warmte en passie voor John. Met evenveel warmte brengt Bart van Lier zijn trombone in de strijd. In een prachtige solo gooit hij al zijn kroonjuwelen op tafel.

Een kort intermezzo geeft ruimte aan de presentatie van een prachtig boek. 'Hé vogel, wanneer spelen we weer' - Het muzikale leven van John Engels is geschreven door Jeroen de Valk en wordt uitgegeven door Van Gennep in Amsterdam. De omslagfoto is van Draaiomjeoren-fotograaf Cees van de Ven. Zijn tachtigste verjaardag was een goede aanleiding om Johns muzikale leven te bespreken in een zeer persoonlijk biografie. Als zestienjarige nam John het onwrikbare besluit om drummer te worden. Dát, en niets anders!

Het levensmotto van John ligt besloten in de woorden van Charlie Parker: 'Music speaks louder than words'. In het universum zoekt hij naar ideeën. Muzikale communicatie ervaart John als hij opstijgt en er dingen gebeuren waar hij zelf ook niets van begrijpt.

Barnicle Bill XL betreedt het podium. Een gelegenheidsformatie van formaat. Tijd voor een flinke pot swing, die met uptempo door de bochten gaat. De klanken van de sopraansax, de altsax en de trombone versmelten prachtig met elkaar. Zeker wanneer de klankkleuren verlopen. In een stuk van Theo Loevendie (die om gezondheidsredenen zelf niet kan optreden, maar wel aanwezig is) klinken hese lyrische lijnen van Miguel Martinez op altsax, is Jan Menu scherp en uitbundig op zijn sopraansax en vertelt trombonist Bart van Lier een onthutsend mooi verhaal. Mark Haanstra klinkt rond en droog op zijn contrabas en vult de muziek verder in met een weefsel van sonore lijnen. En John? Hij schmiert en flirt, pulseert, vertraagt, stopt, duwt, verbindt en houdt de boel op spanning. Hij doet precies wat er in het oerinstinct van een drummer ligt besloten.

Na de pauze komt het moment waar velen reikhalzend naar uitzien. Een optreden van het Louis van Dijk Trio in 'oerbezetting'. Speciaal voor deze gelegenheid komt het trio voor het eerst sinds dertig jaar weer bijeen. En wat is er mis met oude mannen? Dit gelegenheidstrio heeft bestaansrecht!

Louis van Dijk is meesterlijk in de opbouw van de stukken. Via gestileerde melodische en harmonische passages bouwt hij uit naar fraaie climaxen. Jacques Schols en John Engels zijn samen nog altijd de ideale ritmesectie voor dit sterke Nederlandse pianotrio. Met de dictie van een dominee, zonder microfoon, verhaalt Louis over zijn leertijd. Jazz was ver verwijderd van 'normale muziek'. Op het conservatorium zei een docent: "Ach, iemand die graag schaak speelt, kun je niet verbieden om schaak te spelen." Liz Horvath, Johns muze en vrouw, zingt zeer persoonlijk over haar 'Nature Boy'. Daarmee is veel gezegd. In een volgend stuk opent Van Dijk naturel, met een heldere fugatische opzet, die onmerkbaar overgaat in jazzakkoorden en swing. Na vier nummers is het alweer tijd voor een toegift: 'Yours Is My Heart Alone'. Louis swingt en met een katachtige souplesse komt het roofdier in hem los.

Voor het eerst in zijn lange carrière heeft John Engels een kwintet opgericht onder zijn eigen naam. Deze gedroomde formatie brengt een tribute aan de fameuze Diamond Five, de groep waarmee John van 1957 tot 1961 furore maakte in de Amsterdamse jazzclub Sheherazade. NL-bop registreren als handelsnaam zou niet te overdreven zijn. Dit nieuwe kwintet heeft de credits voor swing. Ruud Breuls en Benjamin Herman vormen een ijzersterk koppel. Niets meer aan doen! Ze vullen elkaar perfect aan en in hun solowerk zijn ze puur en autonoom. Rob van Bavel en Ruud Ouwehand blijken de ideale boppers te zijn als ritmesectie. Het John Engels Kwintet is een aanwinst.
Fay Claassen voegt haar vocalen toe aan de groep en roept de vraag op of vijf ook zes mag zijn.

Welk compliment maak je een tachtigjarige vogel? Johnny's birthday... wat een feest!

Klik hier voor een uitgebreid fotoverslag van deze feestelijke concertavond door Cees van de Ven.

Labels:

(Roland Huguenin, 21.5.15) - [print] - [naar boven]



Cd / Concert
Mette Rasmussen & Chris Corsano – 'All The Ghosts At Once' (Relative Pitch, 2015)
Aram Shelton's Tonal Masher / Mette Rasmussen & Chris Corsano, woensdag 13 mei 2015, Oorstof, DE Studio, Antwerpen

De rode draad gedurende het concert in DE Studio, en daarmee vanzelfsprekend ook op de cd 'All The Ghosts At Once', wordt gevormd door de altsax. Al geeft Aram Shelton voor zijn soloproject 'Tonal Masher' wel een hele originele draai aan dit blaasinstrument. Drie kwartier duurt de set en de beste man heeft geen noot geblazen! Nooit geweten dat dat ook eigenlijk helemaal niet hoeft om er toch een alleszins acceptabel geluid uit te krijgen.

De sax lag de gehele avond voor hem op zijn tafeltje. Door een microfoon in de hoorn te schuiven en zo het rondzingen op gang te brengen wat dan weer elektronisch werd bewerkt, bereikt hij zeldzame effecten. Een secuur werkje, want een milliseconde de microfoon te lang in de hoorn en het publiek rent gillend weg. Trommelen kun je ook op je altsax, middels je kleppen. Het lijkt op enig moment wel of er een complete percussiegroep op het podium staat, mede veroorzaakt door de speciale luidsprekeropstelling, waardoor het geluid overal vandaan lijkt te komen. Maar eerlijk is eerlijk, Shelton weet geen hele set te boeien. Na de zoveelste geluidsgolf weet je het wel. Maar een bijzondere ervaring is het.

Mette Rasmussen doet vervolgens wat we meer gewend zijn: blazen. En hoe! De kersverse cd 'All The Ghosts At Once', haar debuut, maakt diepe indruk, wat nog wordt versterkt in haar liveoptreden. Daar staat een jonge vrouw met een enorme performance, die alles wat ze heeft - en dat blijkt veel te zijn - in de strijd gooit. Begeleid door Chris Corsano, zo langzamerhand één van de veel gevraagde drummers binnen het impro-wereldje getuige zijn indrukwekkende lijst van samenwerkingen, die eveneens de lat hoog legt.

'Train Track', de opener van de cd, begint met Corsano, die krassend over zijn bekkens een zacht en ijl geluid produceert. Rasmussen blaast een stuwende, resonerende solo. Dan komt het drumspel van Corsano op, al snel leidend tot een spannend duet, waarbij de twee een ware storm veroorzaken. Rasmussen, tussen ijselijk hoog en diep laag bewegend, haalt alles uit haar alt wat erin zit, een ware saxplosie!

In '_____'s Lament' Part 1 en 2 laat Rasmussen horen haar sax ook zeer intiem en subtiel te kunnen bespelen. De zachte noten, ietwat gruizig door het beetje valse lucht, worden afgewisseld met bescheiden plopgeluidjes. Corsano ondersteunt hier met gerichte roffels, zorgend voor spannende effecten. De sfeer is inderdaad als van een lament, een klaagzang. En dat brengt ons bij het kenmerkende geluid van Rasmussen, dat ze ook overduidelijk demonstreert tijdens dit concert. De intense, soms zelfs bijna angstaanjagende toon van haar spel: het is melancholiek, ja, vaak zelfs klagelijk, schrijnend en schurend. Op die momenten gaat het door merg en been. Daar gaan we nog veel van horen!

Klik hier voor foto's van dit concert door Hans van der Linden.

Labels: ,

(Ben Taffijn, 21.5.15) - [print] - [naar boven]



Concert
Trompetgenie!

Ambrose Akinmusire Quartet, vrijdag 8 mei 2015, Paradox, Tilburg

De aankondiging van Pee Wee Marquette op het album van Art Blakey 'Live At Birdland' is rauw en legendarisch. In the Jazz Corner of the World wordt in 58 seconden de hele groep van drummer Blakey geïntroduceerd. Met enig understatement wordt "the new trumpet sensation Clifford Brown" voor het voetlicht gebracht. Direct na afloop van het optreden van Ambrose Akinmusire in Paradox komt deze associatie bovendrijven. Paradox is niet alleen een jazzclub van formaat, maar het optreden van Akinmusire blijkt een ronduit zinderende trompetsensatie te zijn geweest.

In het kwartet van Akinmusire produceert de jonge drummer Justin Brown de hele avond, soms in een razend tempo, magistrale geluidsgevolgen, pulserende grooves, zijdezachte, ritmische patronen en een almachtige, minutenlange drumsolo. Zijn kompaan in het ritmisch tandem, Harish Raghavan, houdt bescheiden het geheel in toom. Terwijl pianist Sam Harris juist solistisch van zich doet spreken. De gehele interactie is fascinerend, spannend en op het telepathische af. De genoemde bassist en drummer zijn ook van de partij op het debuut van Akinmusire op het Blue Note-label 'When The Heart Emerges Glinstering' en op zijn laatste album 'The Imagined Savior Is Far Easier To Paint'. Beide platen zijn zeer verschillend, waardoor je kunt spreken van een goed ingespeelde groep. Ze getuigen direct en indirect van Akinmusire's politiek geëngageerde humanisme.

De ware furore komt echter van de jonge hond op de trompet. Verwacht van hem geen routinematige Amerikaanse jazz. De wijze waarop Akinmusire zijn ingebeelde Amerikaanse roots zonder enige terughoudendheid nieuw leven inblaast, is boven alle twijfel verheven. Het is bovenal wonderbaarlijk mooi en intens. In twee volwaardige sets varieert de trompettist in menig opzicht. Zo onderscheidt elke compositie zich van de andere en speelt de melodie een bepalende rol. Er wordt een diversiteit aan sferen en emoties gezocht én gevonden. Onder de oppervlakte speelt de verandering van het ritme een rol van betekenis.

Het is niet alleen het fluwelen delicate trompetgeluid dat imponeert. Het zijn niet louter de krachtige, soms verbijsterend snelle, maar altijd uitstekend en gearticuleerd gespeelde chops die de luisteraar op het puntje van zijn stoel doet belanden. Ronduit sensationeel en muzikaal zijn de kleuren die Akinmusire, op het door drie ventielen aangedreven instrument, weet over te brengen. Spontane, real-time improvisatie. Als een tweede natuur lijken de tonen soms te zweven, dan weer razend snel te stijgen of te dalen. Fladderend, knisperend, dan weer vloeiend of juist staccato, ruimte latend of innemend. Al even verrassend vertragen of versnellen. Meditatieve, kristalheldere, fluisterend hoge tonen, maar ook donkere groovende hardboplijnen. Wars van clichés, uitermate vrij, en altijd op zoek naar de ware climax.

Klik hier voor foto's van dit concert door Louis Obbens. En bekijk hier foto's van dit concert door Monique van der Lint.

Labels:

(Louis Obbens, 20.5.15) - [print] - [naar boven]



Vooruitblik
Amersfoort Jazz


Als het "geraas en gebral" (William Faulkner) na Jazz in Duketown is verstomd, kunnen de jazzliefhebbers zich weer verzamelen in Amersfoort. Van 11 tot en met 14 juni is daar Amersfoort Jazz. Hoewel er nauwelijks internationale musici aanwezig zijn, is het toch wel een interessant festival, waaraan veel Nederlandse toppers deelnemen.

Binnen het festival is er eveneens ruimte voor wereldmuziek. Op de openingsavond is er een concert door Carel Kraayenhof (bandoneon) en Juan Pablo Dobar (piano) en op de laatste dag wederom Kraayenhof met Sexteto Canyengue en de Amsterdam Klezmer Band.

Behalve de gratis concerten op de pleinen vinden er in De Observant en De Lieve Vrouw concerten plaats waarvoor entree wordt geheven. Het gaat dan om optredens van onder meer Kim Hoorweg & Robin Nolan Trio, Thijs Borsten Daagt Uit! en The Houdini's & Frans van Deursen.

Op zes pleinen valt dus gratis te genieten van Mathilde Santing & Trio Peter Beets, de niet te versmaden theatervoorstelling 'New York Round Midnight', John Engels' Vogel Vrij Vier, New Manhattan Big Band, Licks & Brains Big Band feat. Thijs van Leer, Tim Wes XL Band, Jazz Orchestra of the Concertgebouw & Shirma Rouse, Saskia Laroo 'Live in Zimbabwe', Ben van den Dungen & Deborah Carter 'At the Blue Note', Big Band On The Move feat. Paul van Kessel en Alexander Beets, Nationaal Jeugd Jazz Orkest o.l.v. Martin Fondse, Pacific Jazz Octet en Bohemian Groove Seance.

Als dan nu ook het weer gaat meewerken, zal er voor de 'elk-wat-wils' jazz- en muziekliefhebber behoorlijk wat te genieten zijn.

Voor uitgebreide informatie klik hier.

Labels:

(Jacques Los, 20.5.15) - [print] - [naar boven]



Concert
Fris-fruitig ontsporend

Wurzel Aus C, maandag 30 maart 2015, Axesjazzpower, Wilhelmina, Eindhoven

'Improvised music in its origins was a rebellion and struggle for cultural, social, and political freedom. It was propaganda by the masses for the masses. Improvised music is one form of a permanente reminder that universal liberation is an ongoing task – aesthetically and politically. In tyrannies and democracies. Hundred years ago and hundred years from now. Music does not win wars, it wins minds.'

En juist dat laatste gebeurde deze maandag in café Wilhelmina door een enerverend optreden van het Berlijnse trio Wurzel Aus C, dat begin jaren negentig door twee broers, pianist Zoran en drummer Dejan Terzic, samen met basklarinettist Rudi Mahall in Nuremberg werd opgericht. Bovenstaand citaat is afkomstig van Zorans website, waar onder het kopje 'Bonus Track' een compleet traktaat, een soort beginselverklaring van de band is terug te vinden, gevolgd door een al even strijdbare tekst van Bertolt Brecht, 'Gegen Verführung'.

Wie echter op basis van daarvan een superserieus en grimmig muzikaal statement verwachtte in Eindhoven, kwam bedrogen uit, want de setlist sprankelde met levendige, uplifting muziek, waarin ook de humor zeer zeker niet ontbrak. Dat bleek al meteen in 'Popcorn Revolution', waarmee het concert werd geopend. Een nummer vol razendsnelle, virtuoze riffs met een Monkiaanse touch van Terzic en Mahall, die schijnbaar moeiteloos werden gecounterd door drummer John Schröder, die we net als Mahall kennen van het helaas ter ziele gegane Der Rote Bereich. Plotse wendingen, stops of versnellingen, wervelwind Schröder werd er niet warm of koud van; zonder bladmuziek en met een blik op oneindig imponeerde hij met zijn continu vloeiende slagwerk.

Voor een band die ooit debuteerde met een versie van Robert Palmers 'Johnny And Mary', is het niet vreemd dat er het gespeelde materiaal - vrijwel allemaal eigen composities - in feite vaak 'verjazzte' improvisaties zijn op thema's die zo uit de popmuziek lijken te zijn overgestraald. Zo was daar het "kind of mellow" (Terzic) 'Bob Ross', een nummer met een ongecompliceerd 70's gevoel vol campy klanken, waarin Mahall de klarinet hanteerde. Op een ander moment hoorden we een bekend populair klassiek deuntje, dat totaal over de top werd gespeeld - inclusief overstuurde keyboardklanken. En soms passeerde er in de verhandelingen even een nonchalant quootje uit een popliedje.

Wurzel Aus C bracht fris-fruitige muziek, die vanuit een catchy opening plotseling zomaar volledig prettig kon ontsporen. Zoran Terzic attaqueerde zijn Wurlitzer met een branie die we ook van Michiel Braam kennen en de virtuositeit van Rudi Mahalls spel op de basklarinet mag bekend worden verondersteld - met zijn spicy spel inclusief boventonen kwam hij ook deze avond moeiteloos bovendrijven in het klankbeeld.

Bovenal kenmerkte het concert zich als eentje waar het spelplezier van afspatte. Hun titelloze album uit 2011 werd sindsdien nog een aantal malen gretig in de cd-speler gestopt...

Klik hier voor foto's van dit concert door Cees van de Ven.

Vanavond speelt de band van Dejan Terzic, Melanoia, bij Axesjazzpower in Wilhelmina. Met in de gelederen onder meer Hayden Chisholm op altsax en Achim Kaufmann op piano.

Labels:

(Maarten van de Ven, 18.5.15) - [print] - [naar boven]



Concert
Code rood voor het Zuiderpershuis!

Paal Nilssen-Love Large Unit, zondag 3 mei 2015, Oorstof, Zuiderpershuis, Antwerpen

Paal Nilssen-Love is een bekende naam voor de liefhebbers van de progressieve jazz en vrije improvisatie. In de afgelopen jaren heeft hij als drummer een ijzersterke reputatie opgebouwd binnen een veelvoud aan samenwerkingsverbanden. In duo's en trio's met musici als Ingebrigt Håker Flaten, Mats Gustafsson, Ken Vendermark, Dave Rempis, Fredrick Lonberg-Holm, Lasse Marhaug, John Butcher, Peter Brötzmann en Joe McPhee. Verder is hij bekend van zijn werk met Atomic en The Thing.

En dan, in 2014, krijgt Nilssen-Love de kans om de Large Unit op te richten. De aanleiding is een voorstel van het Kunstnarhus in Sjøbygda, Noorwegen, om daar te komen werken als artist in residence en de band van zijn dromen samen te stellen. En die band komt er, met een bijzondere bezetting: twee slagwerkers, twee bassisten, vijf blazers - drie koper, twee rieten, gitaar en elektronica. Elf man sterk in totaal. En nu, als onderdeel van een korte Europese tournee, stond dit gezelschap in een kleine zaal van het Zuiderpershuis in Antwerpen als onderdeel én absoluut hoogtepunt van de Oorstof-reeks.

Want een hoogtepunt was het. Aan alles is te merken dat hier een band staat met louter topmusici, die zowel excelleren in het samenspel als in hun individuele bijdragen. Waarbij de muziek varieert van subtiel, bijna poëtisch tot aan orkaankracht. Code rood, zullen we maar zeggen.

Het openingsnummer 'Ana' begint op een zoekende, aftastende bijna rommelig aandoende manier, waarin de vijf blazers - trompet, trombone, tuba en twee altsaxen - hun partijen blazen, schijnbaar zonder onderlinge samenhang. Dan weerklinken de eerste drumslagen en worden er stevige akkoorden neergezet. Het is gedaan met de rust. Hierop volgt een jankende gitaarsolo van Ketil Gutvik, krachtig begeleid door het slagwerk van Andreas Wildhagen. Als dan vervolgens de beide bassisten zich erbij voegen en tot slot Nilssen-Love zelf, is het geluid intussen aangezwollen tot een heuse orkaan.

In 'Fendika' is het tubaspeler Per Ake Holmlander die voor bijzondere momenten zorgt. Vibrerend, piepend en knarsend perst hij de meest bizarre klanken uit zijn instrument. De daaropvolgende solo's op altsax van Julie Kjar en op trompet van Thomas Johansson zijn van een ongenaakbare schoonheid, scherp en gevoelig tegelijk. Beide solo's kenmerken zich door een bijna bezwerende toon, ondersteund door een lome beat, waar het krachtige en hoekige slagwerk continu doorheen klinkt.

In 'Circle In The Round' komt de elektronica uitgebreid aan bod. De noiseklanken die Tommï Keränen hier produceert zorgen voor spannende momenten in combinatie met het beukende slagwerk van Nilssen-Love. Waarbij de strak geblazen akkoorden hier zorgen voor de broodnodige afwisseling van deze helleklanken. In de toegift 'Fortar Hardar', een concert op zich, gaat de groep nog één keer volledig los. Dit is het moment voor Klaus Ellerhusen Holm met een razende, scheurende solo op de baritonsax, ondersteund door Nilssen-Love en bassist John Rune Strom.

Klik hier voor foto's van dit concert door Hans van der Linden.

Labels:

(Ben Taffijn, 16.5.15) - [print] - [naar boven]



Concert
Jonge honden op het scherp van de snede

Snarky Puppy & Metropole Orkest, donderdag 30 april en vrijdag 1 mei 2015, Rotterdamse Schouwburg, Rotterdam

Met Snarky Puppy gaf het Metropole Orkest (MO) twee overweldigende concerten in de Rotterdamse Schouwburg. Aanleiding was de release van het cd/dvd-album 'Sylva', dat vorig jaar door deze gelegenheidsformatie van 64 musici werd opgenomen in het Energiehuis in Dordrecht.

In 1945 nemen de Nederlandse regering en het koningshuis een gezamenlijk besluit. Er dient een groot ensemble te komen, dat het volk hoop en vertier biedt. Na zeven decennia is het MO nog steeds toonaangevend en vervult het een voortrekkersrol. Het pop- en jazzorkest maakt al haar ambities waar om jonge en gevestigde talenten voor het voetlicht te brengen. Op het hoogst denkbare niveau speelt het MO alle populaire muziekstijlen die grofweg de afgelopen honderd jaar zijn ontstaan. Vele honderden (internationale) coryfeeën heeft het orkest begeleid. Het MO is "your own national treasure", zoals Snarky Puppy's Michael League het formuleert.

In 2013 zijn bijna alle subsidies wegvallen die het MO ontving. Dankzij veerkracht en ondernemerschap staat dit unieke orkest nog steeds overeind. Het MO blijft evolueren. Nu ook in zakelijk opzicht.

Ter voorbereiding van de concerten werd twee dagen gerepeteerd. Alle composities werden minutieus doorgenomen en waar nodig werden arrangementen aangescherpt of herschreven. Dankzij de chemie tussen Michael League en Jules Buckley, de respectievelijke bandleiders van SP en het MO, is een krachtig ensemble ontstaan, dat funk, rock, cinematic en jazz moeiteloos laat samenvloeien. Een synergie die beide groepen boven zichzelf uittilt.

In de jazz/funk-undergroundscene van New York was het collectief Snarky Puppy, ontstaan in 2004, lange tijd het best bewaarde geheim. Binnen twee jaar na het winnen van een Grammy in 2014 heeft de hele wereld kennis gemaakt met dit onontkoombare fenomeen. De groep heeft een bijzondere relatie met Nederland. In 2013 werd in Kyteman's Kytopia studio's in Utrecht het live cd/dvd- album 'We Like It Here' opgenomen. In 2014 speelden ze in een bomvolle Maaszaal tijdens het North Sea Jazz Festival.

Wat maakt Snarky Puppy bijzonder? De groep bruist van de energie, heeft lef en experimenteert met veel stijlen. Ze treden vaak op en elke tour of concert is tevens een proeftuin voor muzikale innovaties. Bovenal heeft de groep een onstilbare honger naar muzikaal avontuur.

Maatgevend is het talent dat zich samenbalt in deze groep. Excellerende muzikanten, waarvan er een aantal goed kunnen schrijven en arrangeren. Ondanks de vaak complexe composities is de muziek toegankelijk en rijk aan groove. Bovenal draait het om het gevoel dat ze weten op te roepen. Snarky Puppy maakt herkenbare muziek, die wortelt in de lange Afro-Amerikaanse traditie.

In Rotterdam vallen enthousiasme en talent spectaculair samen. Het is sensationeel om naar zo'n grote groep te kijken. Alle musici zijn in het wit gekleed. Wellicht een onbedoeld statement in deze tijd van onzekerheid en verwijdering. De grootse aanpak is overweldigend. Qua kleuring en temperament is alles mogelijk in een orkest met zo'n veelzijdige bezetting. Er wordt dan ook breed uitgepakt. Alle secties komen veelvuldig aan bod en het grote aantal solo's is maatgevend. De blazers van Snarky Puppy doen mooie dingen, waarbij een glansrol is weggelegd voor de tuba.

Indruk of sfeer van het hele concert laat zich moeilijk beschrijven. De veelheid aan indrukken doet denken aan de rijke invulling die Mahler aan zijn symfonieën gaf. Allerlei sferen worden opgeroepen. Filmische melodieën leggen voortdurend beslag op de verbeelding. Het is een komen en gaan van adembenemende acts.

Ondanks de gedegen voorbereiding en de geïnspireerde aanpak is er een kleine kanttekening bij de overdaad aan ideeën die in de muziek zijn verwerkt. In melodisch en harmonisch opzicht gaat de muziek voortdurend alle kanten op. Dat neemt niet weg dat alles goed is doordacht en fascineert. Hoewel mooi in balans laat de zaalversterking kleine steekjes vallen en is het soms lastig om daadwerkelijk te horen wat je ziet.

Snarky Puppy en het Metropole Orkest geven een prachtige show met indrukwekkende solisten. Gitarist Mark Lettieri speelt jazzy, pianist Bill Laurance speelt klassiek georiënteerd en drijft weg in een bedding van strijkers. Organist Cory Henry is uitermate cool in 'Lingus' en daarmee de ster van de avond. Justin Stanton is weergaloos, wanneer hij een menselijke stem in zijn keyboard legt, en op trompet in 'Shofukan', dat als toegift wordt gespeeld. De zaal neemt zingend afstand van een enerverende avond.

Good Music Company en Motel Mozaique gaven met de programmering van deze concerten een sterke impuls aan de beleving van instrumentale jazz/popmuziek.

Klik hier voor foto's van dit concert door Arjan Aelmans.

Labels:

(Roland Huguenin, 14.5.15) - [print] - [naar boven]





Vooruitblik
Jazz in Duketown


Van 22 mei tot en met 25 mei staat Den Bosch weer op zijn (jazz)kop. Als ieder jaar heeft de organisatie het voor elkaar gekregen een interessant en belangrijk jazzfestival te programmeren. Hoewel het in de zomer zindert van de grote en kleine jazzfestivals, behoort dat van Den Bosch tot één van de betere. Op de diverse pleinen, maar ook in locaties als De Toonzaal, Uilenburg en de Muzerije, vinden concerten plaats.

Het grootste plein, Parade, biedt natuurlijk de publiekstrekkers als Het Brabants Jazz Orkest, Amsterdam Klezmer Band, New Cool Collective, Bill Evans Soulgrass Band en Candy Dulfer. Voor de wat moderne en intieme jazz is De Toonzaal the place to be. Vanaf vrijdag tot en met zondag is daar te genieten van: Van Binsbergen Playstation, Max Frankl Quartet, Ad Colen & Ge Bijvoet, Simin Tander en het Jasper Blom Quartet.

Andere belangrijke en bekende formaties die optreden op de diverse plekken zijn: Yuri Honing Kwartet, Maarten Hogenhuis Trio & Quartet, Jeroen van Vliet Zeeland Suite, Christian McBride Trio en John Engels Vogel Vrij Vier. En wat te denken van Angles 9, de spectaculaire Zweedse negenkoppige band van groepsleider en saxofonist Martin Küchen. In de Muzerije is er bovendien uitsluitend 'Conservatorium Talent' te zien.

Klik hier voor meer informatie over Jazz in Duketown.

Labels:

(Jacques Los, 14.5.15) - [print] - [naar boven]



Cd
Rudresh Mahanthappa - 'Bird Calls' (ACT, 2015)

Opname: 4-5 augustus 2014

Zoals zoveel altsaxofonisten is ook Rudresh Mahanthappa zijn hele leven als muzikant al geïnspireerd door Charlie Parker. Deze liefde, want zo mag je het wel noemen, heeft nu geleid tot een album met de toepasselijke titel 'Bird Calls'. Zelf zegt hij hierover: "This album is not a tribute to Charlie Parker. It is a blissful devotion to a man who made so much possible. 'Bird Calls' on all of us to embrace the beauty of the world as it exists here and now."

Wat Mahanthappa doet op dit album, samen met trompetist Adam O'Farrill, pianist Matt Mitchell, bassist Francois Moutin en drummer Rudy Royston, is de muziek van Parker op een nieuwe manier benaderen, met eerbied voor de traditie. Hij heeft acht standards van Parker als uitgangspunt genomen, zeg maar als inspiratie, en op basis daarvan nieuwe melodieën gecomponeerd. Tussen de nummers die duidelijk geïnspireerd zijn op het werk van Parker heeft Mahanthappa korte intermezzi geplaatst, die vaak fungeren als een soort proloog. Ze zijn genaamd 'Bird Calls' #1 tot en met #5.

Als voorbeeld hier 'Chillin’', met als inspiratiebron 'Relaxin’ At The Camarillo'. Wat Mahanthappa hier doet is de solo van Parker terugbrengen tot de essentie en weer opnieuw opbouwen, om er vervolgens zijn eigen kleur aan te geven. Je hoort de kern van het nummer van Parker terug in 'Chillin', maar ook niet meer dan dat. Wat er nu staat is geen cover van het origineel, zelfs geen bewerking. Daarvoor is het verschil te groot. De beat van de ritmesectie in 'Chillin' is veel relaxter, inderdaad een beat om te chillen. Mahanthappa en O'Farrill blazen een boeiende dialoog en verderop zit een strakke bassolo van Moutin.

Bij 'Gopuram' is 'de bewerking' misschien nog wel het beste geslaagd. Het is een mooie combinatie van de erfenis van Parker en de Indiase roots van Mahanthappa. Het leidt tot een eclectisch en rijk stuk, waarin de erfenis van Parker weer een stap verder wordt gebracht. Zoals het ook hoort in de jazz.

Klik hier om te luisteren naar twee tracks van deze cd: 'On The DL' en 'Chillin’'.

Rudresh Mahanthappa speelt met dit kwintet op het komende North Sea Jazz Festival, op zondag 12 juli.

Labels:

(Ben Taffijn, 14.5.15) - [print] - [naar boven]



Concert
Emotioneel spectrum vol contrasten

Tord Gustavsen Quartet, woensdag 6 mei 2015, Paradox, Tilburg

Gebaseerd op de nog altijd dominante factor in de muziek van Tord Gustavsen liggen de volgende premissen voor het oprapen. Er zal terughoudende, moderne discrete muziek worden gepresenteerd, ondersteund door de hechte samenstelling van de groep. Ook zal, overwegend in midtempo, behoedzaam, contemplatief en lyrisch gemusiceerd worden.

In een voor woensdagavond opvallend goed gevulde zaal staat, althans op papier, het zesde album 'Extended Circle' centraal. De Noorse pianist Tord Gustavsen heeft de eerste drie albums met een trio uitgevoerd. Bij de laatste drie albums heeft uitbreiding plaatsgevonden met de inbreng van saxofonist Tore Brunborg. In een lange set put het kwartet uit het rijke arsenaal aan originele stukken van Gustavsen. Naast authentieke Noorse volksmuziek en hymnes uit heden en verleden. Na de verstilde openingsnoten van Gustavsen wordt al een tipje van de sluier opgelicht wat het publiek te wachten staat. Het dynamisch gehalte is groter dan verondersteld en het klinkt funkier dan ooit.

Het spel intrigeert en in alle stukken zijn tegenstellingen in stijl en emotie aan de orde. In 'Token Of Tango' maakt de romantische lyriek, na een zijdezachte saxofoonpassage, plaats voor indringende duisternis. In het daaropvolgende 'The Ground' verwijst het staccato intro op de piano al naar een opvallend turbulent en funky slot. Terwijl het middelste deel wordt gedomineerd door meesterlijke, melancholische, Noorse folk.

Tord Gustavsen maakt, ter ondersteuning van zijn spel en ter vergroting van zijn klankenpalet, effectief gebruik van subtiele elektronicavervormingen op de vleugel. Waarbij de aanslagen op de snaren bij vlagen zelfs de herinnering oproepen aan het geluid van een Fender Rhodes, aangenaam contrasterend met het spaarzame en milde saxofoongeluid. De bezwerende klanken van Tore Brunborg en de sacrale sound uit zijn hoorn tonen parallellen met de stijl van Jan Garbarek.

De fijnzinnige mix van vurige en kille muziek, plotsklaps ontstane themaverwijzingen, harmonische stiltes tegenover een sporadisch 'rockende' tenor en verrassend opzwepende ritmiek maakt het geheel opvallend eclectisch. Zelfs tijdens een ballad blijft het contrast aanwezig. Na een kwetsbaar deel op 'curved soprano' wordt zoetige en zwoele Sehnsucht becommentarieerd door onheil en dreiging op de vleugel.

In een nieuwe compositie smelten gospel en blues samen tot een macaber plot. De apotheose van een Noorse begrafenishymne brengt een muzikale ode aan hoop en verdriet. Het sonore leed op de saxofoon klinkt als een cris de coeur en de pianistische twinkeling als een optimistisch perspectief. Het staat symbool voor de schijnbare sferische tegenstellingen, die met elkaar worden verbonden door de ragfijne dynamiek van het groepsgeluid.

In de toegift 'Colors Of Mercy' werkt de meester van de nuance nog eenmaal, met ruimte voor zowel zwaarmoedigheid als lichtheid, de mooie tegenstellingen uit. Waarna het optreden uitdooft en de vleugel als een fluisterzachte orgel resoneert.

Klik hier voor foto's van dit concert door Louis Obbens.

Labels:

(Louis Obbens, 13.5.15) - [print] - [naar boven]



Cd
Andy Sheppard – 'Surrounded By Sea' (ECM, 2015)

Opname: augustus-september 2014

De Brit Andy Sheppard is niet bepaald de meest excentrieke of productieve saxofonist van zijn generatie, maar hij is wel een artiest die op respect kan rekenen van oudere en jongere generaties en regelmatig als mentor fungeerde voor aanstormend talent. Zo was hij voor drummer Seb Rochford de rechtstreekse aanleiding om in de jazz te stappen. Jaren later zit Rochford, die intussen een carrière uitbouwde met onder meer Polar Bear en regelmatig rock-'n-rollmiddens opzoekt, opnieuw achter de vellen bij Sheppard, net als de Franse bassist Michel Benita, die het Trio Libero vervolledigt dat in 2011 nog een knap album bij ECM uitbracht.

Voor deze nieuwe plaat breidde Sheppard, die vooral faam verwierf aan de zijde van Carla Bley, de band uit met gitarist Eivind Aarset, die er ook al bij was op zijn ECM-debuut 'Movements In Colour' in 2008, en het groepsgeluid hier een ingrijpende wending geeft. De zachte elektronica en galmende gitaarpartijen sturen het vloeiende samenspel naar een veel etherischer zone, dichter bij de 'klassieke' stijl van het label. Dat hoeft echter niet te betekenen dat het meteen gedegradeerd wordt tot stijlvol achtergrondgeluid, want Sheppard heeft nog altijd zijn persoonlijke, ultra-melodieuze stijl en een paar prima composities op zak.

Zo is opener 'Tipping Point' met z'n pulserende baslijn meteen een klepper. Een luchtig, maar geen flauw stuk, dat mistige lyriek koppelt aan een statig schuifelend ritme en sobere inkleuring. Iets krachtiger gaat het eraan toe in 'I See Your Eyes Before Me', waar Aarvinds spel iets assertiever is en ook Sheppard uit zijn ingetogen patroon breekt zonder bruuskeren. Liefhebbers van Elvis Costello kunnen dan weer terecht bij een elegante versie van 'I Want To Vanish', eentje die Benita al opnam in de jaren negentig en het trio een paar jaar geleden ook live speelde.

Als rode draad krijg je drie versies van 'Aoidh, Na Dean Cadal Idir', een Keltisch ballade, waarvoor Sheppard overschakelt op de sopraansax en wordt vergezeld door zinderende spiraalgitaar en dromerig geborstel en gepluk van de ritmesectie. Best mooi, al vallen ze niet altijd op tussen een aantal composities die soms iets te inwisselbaar klinken. Zo volgen 'Origin Of Species' en 'The Impossibility Of Silence' net iets te veel een bekende formule, waardoor de aandacht dreigt te verslappen. Het meest van al valt dat op zodra je bij eindnoot/eerbetoon 'Looking For Ornette' belandt, een compact stuk met een dansende speelsheid en levendiger articulatie (vooral van de gitaar) die je wat vaker had willen horen.

Een openbaring is 'Surrounded By Sea' dus niet. Het is eerder een aanvulling op (het iets sterkere) 'Trio Libero' en laat Sheppard op z'n meest ingetogen en lyrisch horen. Wie vooral zat te wachten op 's mans meer prikkelende spel zal hier zijn gading niet vinden. Wie de saxofonist en improvisator graag in die 'Noordelijke' context bezig ziet, die kan het album blindelings aanschaffen. De suggestie van kabbelende zeegolven en ruisende wind is wel degelijk op het album beland.

Deze recensie verscheen ook op Cobra.be

Klik hier om te luisteren naar een track van deze cd: 'Tipping Point' (tabblad 'Music').

Labels:

(Guy Peters, 13.5.15) - [print] - [naar boven]



Concert
Hier was het nacht, neen, meer dan nacht!

Colin Stetson & Sarah Neufeld, donderdag 30 april 2015, LantarenVenster, Rotterdam

"Overal was het al dag, maar hier was het nacht, neen, meer dan nacht". Deze onsterfelijke woorden zijn van C Plinius Ceacilius Secundus, een Romein. Hij schreef deze woorden in Epistulae, VI naar aanleiding van de uitbarsting van de Vesuvius in 79 na Christus, de uitbarsting die Pompeii van de aardbodem veegde. Maar de woorden zijn eveneens van toepassing op het concert dat Colin Stetson en Sarah Neufeld verzorgden.

Colin Stetson specialiseert zich als rietblazer sinds jaar en dag in het zo diepst mogelijke laag. Hij is een van de weinige saxofonisten die een bassax hanteert en tevens bespeelt hij de redelijk zeldzame contrabasklarinet. Hij is bekend bij het jazzpubliek om zijn soloactiviteiten, waarbij hij middels circular breathing een aan minimal music verwante stijl hanteert, maar eveneens bij het publiek dat de experimentele vormen van pop weet te waarderen. Hij werkte onder andere samen met Arcade Fire, Godspeed You! Black Emperor, Laurie Anderson en Tom Waits. Sarah Neufeld, violiste, heeft een achtergrond bij Arcade Fire en is daarnaast sinds enige jaren in andere projecten actief, zo maakte ze in 2013 nog een album met pianist en elektronica producer Nils Frahm.

En nu dus met Stetson. De muziek, het kwam reeds ter sprake, is van het zwaardere soort. Menige track zou niet misstaan als soundtrack bij een goede horrorfilm. En op de momenten dat het er rustiger aan toe gaat, is het de diepe melancholie die je als luisteraar bijblijft. 'The Sun Roars Into View' begint met een soort van ruis, waarna Stetson - hier op tenorsax - en Neufeld in een minimal music-achtig duet om elkaar heen dansen. Het repeterende geluid brengt je als luisteraar in trance. Maar dit nummer laat ook goed horen hoezeer de twee musici inmiddels aan elkaar gewaagd zijn en hoe natuurlijk de klanken van viool en sax in elkaar overlopen.

Het meest heftig gaat het eraan toe als Stetson de contrabasklarinet bespeelt. In 'With The Dark Hug Of Time' - de titel alleen spreekt al boekdelen - start Neufeld met vioolspel dat je in één klap naar een verlaten kerkhof met volle maan brengt. Dan begint Stetson met een klank die uit de aarde omhoog lijkt te komen. De rillingen lopen je over de rug. Contrabasklarinet en viool gaan de samenwerking aan in een ijzingwekkende langzame drone. Neufeld maakt het nog iets bonter door met de hak van haar ene schoen op een houten, met elektronica versterkte plaat te stampen. Je bent blij dat je op enig moment weer, ongeschonden, naar buiten mag.

Klik hier voor foto's van dit concert door Louis Obbens.

Labels:

(Ben Taffijn, 12.5.15) - [print] - [naar boven]



Interview
Joshua Redman


"Alles kan, alles mag. Ik stel geen setlists op. We laten ons leiden door wat er in ons opkomt. Ik laat me niet binden. Plezier komt op de eerste plaats."

René van Peer had een interview met Joshua Redman ter gelegenheid van de concerten die de Amerikaanse saxofonist in Paradox gaf vorige maand. Een gesprek over spontaniteit en inspiratie.

Lees hier het volledige interview.

Labels:

(Maarten van de Ven, 11.5.15) - [print] - [naar boven]



Concert
Lionel Beuvens en de Finse connectie

Lionel Beuvens Quartet, zondag 2 mei 2015, Lokerse Jazzklub, Lokeren

Drummer Lionel Beuvens zocht het voor zijn groep in het buitenland, meer bepaald in Scandinavië. Alexi Tuomarila en Kalevi Louhivuori komen uit Finland en Brice Soniano is een in Denemarken wonende Fransman. Vorig jaar verscheen hun cd 'Trinité' en toerde de groep uitgebreid door België. Dit jaar bracht een tweede tournee hen naar de Lokerse Jazzklub, waar ze de muziek van de cd nog een niveau hoger tilden. De compacte locatie en het feit dat ze er net tien concerten in bijna evenzoveel dagen hadden opzitten, zullen hier niet vreemd aan zijn.

Trompettist Kalevi Louhivuori opende alleen, met zijn trompet enkel ondersteund door sobere elektronica met veel echo in de mix. Onbewust begint een mens dan al eens aan ECM te denken, maar dat was te voorbarig. Eens de elektronica achterwege gelaten werd, viel melodieuze hedendaagse jazz te horen, waarbij de ritmesectie het tempo gebeiteld vasthield. Voor iemand er erg in had was het eerste nummer verstreken na dertig minuten.

In een volgend nummer opende Brice Soniano dan weer solo, waarbij hij zijn spel op bas ondersteunde met onaards gezang in het hogere register, waardoor de passage op een madrigaal leek. Lionel Beuvens viel na enige tijd in met heel secuur en zacht spel. Ook hier werd het tempo en de intensiteit geleidelijk de hoogte in gejaagd. De speelse communicatie tussen de bassist, die zijn bas echt diep kon laten klinken, en de drummer zorgde trouwens gedurende het ganse concert voor extra pigment.

In 'So True' liet Louhivuori blijken de jazzgeschiedenis voldoende geabsorbeerd te hebben. Als hij in traag tempo melancholisch speelde, kon hij klinken als een moderne nazaat uit het hoge noorden van Chet Baker, maar in de snellere tempi speelde hij met de patserige bravoure van een Freddie Hubbard. Ook de subtiele pianist Alixi Tuomarila varieerde zijn spel voldoende, met oog voor detail en het inzicht de muziek te geven wat ze nodig had. Hij speelde een aantal glasheldere solo's. 'Fragile' kan nu al een instant klassieker genoemd worden, waarbij Beuvens behoorlijk ontketend het zo al hypnotiserende ritme een extra boost gaf en de muziek haast onmerkbaar een andere draai gaf.

'Trinité', zoals de cd van deze groep heet, slaat op de eenheid die ritme, harmonie en melodie in deze muziek vormen. Het zou evengoed kunnen slaan op de interactie tussen tempo, volume en intensiteit die het Lionel Beuvens Quartet ten volle uitspeelde. Een band die musiceert als een hecht blok, waarbij iedereen voldoende ruimte krijgt, waarbij er veel interactie is en die zowel de traditionele postbop als een moderner idioom omarmt, kan alleen maar goed vallen in een club of concertzaal.

Vandaar dat de afwezigen, ondanks het feit dat de club behoorlijk gevuld was, ongelijk hadden. Het Lionel Beuvens Quartet speelt muziek die mensen, genres en generaties verbindt. De feestelijke salsa 'Seven' als bisnummer kon dit alleen maar kracht bij zetten.

Deze recensie verscheen eveneens op Jazz'Halo.

Klik hier voor foto's van dit concert door Cees van de Ven. En klik hier voor foto's van dit concert door Cedric Craps.

Labels:

(Iwein Van Malderen, 10.5.15) - [print] - [naar boven]



Concert
Bisceglia neemt je mee!

Michel Bisceglia Trio, donderdag 23 april 2015, Jazzcase, Dommelhof, Neerpelt

De kracht van Michel Bisceglia ligt in de combinatie componist-pianist. Zijn composities zijn altijd beeldend, filmisch en hebben een grote emotionele zeggingskracht. Het verbaast dan ook geenszins dat hij vaak wordt uitgenodigd voor het componeren van soundtracks. Maar niet alleen als componist heeft Bisceglia zijn kwaliteiten. Als musicus is hij ook nog eens in staat om over te brengen wat hij wil zeggen en dat bereikt hij vaak met minimale noten en een perfecte timing. Wat dat betreft doet hij, als pianist, soms wel denken aan iemand als Ahmed Jamal. En in zijn beide kompanen, slagwerker Marc Léhan en bassist Werner Lauscher, waarmee hij intussen al bijna twintig jaar samenwerkt, heeft hij bovendien dé musici die hij nodig heeft en die ook écht iets toevoegen.

Zowel in de eigen composities als in de paar covers die dit trio deze avond brengt, is het bovenstaande dan ook goed terug te horen. Een hoogtepunt is wat dat betreft 'Lonely Woman' van het laatste album 'Singularity'. Bisceglia speelt een melancholieke melodie, goed passend bij de titel, op de piano. Zeer trefzeker gespeeld en met gebruik van veel stiltes. Op de achtergrond hoor je Léhan op bekkens en Lauscher zachtjes tokkelen. Net dat beetje ondersteuning wat er nodig is. Niet meer en niet minder. Bisceglia neemt je mee in dit nummer. Verderop neemt de intensiteit toe en speelt de pianist akkoordenreeksen die als golven de zaal inspoelen. Aan het eind komt de melancholieke basismelodie terug, nu ondersteund door Lauscher die zijn bas met de strijkstok bespeelt.

Maar ook met muziek van anderen weet dit trio raad. 'Meaning Of The Blues', de klassieker van Leah Worth en Bobby Troup, krijgt hier een zeer dynamische uitvoering. De drie leden van het trio stuwen elkaar op. Het luchtige basspel van Lauscher, de felle drumslagen van Léhan en het klaterende pianospel van Bisceglia zorgen voor een daverende versie van deze standard.

In 'Tonino’s Diner' staat een Zuid-Europees aandoende melodie centraal, vrolijk en spontaan. Het is vooral Lauscher die hier de show steelt met een eclatante solo, spaarzaam begeleid door enkele akkoorden van Bisceglia en het brushesspel van Léhan. Het laat allemaal niets te wensen over. En dan 'Jasmine', ook van 'Singularity'. Het is een simpel, zoet, bijna platvloers melodietje, maar het krijgt van dit trio een zo intense, welluidende bewerking dat het je als luisteraar raakt. Het intense pianospel, dat gevoel voor harmonie, de strak gedrumde bluesbeat, die constante tik die Léhan uitdeelt op de rand van de trommel, de groove van Lauscher. Het is er allemaal.

Klik hier voor foto's van dit concert door Cees van der Ven.

Labels:

(Ben Taffijn, 9.5.15) - [print] - [naar boven]



Cd
Kirk Whalum – 'The Gospel According To Jazz, Chapter IV' (Mack Avenue, 2015)


Smooth gospeljazz, zo wordt de muziek van rietblazer Kirk Whalum wel getypeerd. Dat doet hem denk ik tekort. Zijn hechte septet speelt ook ('Triage') onversneden eighties hardbop. Ik bedoel, Freddie Hubbard of Stanley Turrentine hadden zich hier niet voor geschaamd. 'Can’t Stay Away', dat verwant is aan Ellingtons 'In A Mellow Tone', is eveneens straight-ahead jazz. Solo in 'Kirk’s Improv' mijmert hij maar wat rond, maar met 'Un Amor Supremo' maakt hij zijn punt. Een gelatiniseerde 'Love Supreme', waarin Doc Gibbs om te beginnen op conga's en bongo's Chano Pozo oproept. Hij slaat het thema van het Coltrane-opus en dan voegt de band zich er strak gesneden bij. De vocal group, die Whalum om zich verzameld heeft, is zo mogelijk nog indrukwekkender. Olé Coltrane! "Zijn spiritualiteit," deelt de bandleider de gemeente minzaam mee, "werd door de clerus destijds niet herkend."

Afgezien van 'Avé Maria', waarmee trompetsolist Rick Braun zó van het Kietsj Konzervatooriejum het Christian Cultural Center komt binnenstappen, in Brooklyn ligt dat, ging een enkel gospeljazznummer lichtelijk over the top. Het arrangement van 'Just As I Am' is mooi, daar niet van, het nummer heeft zelfs hitpotentie en de samenspraak van Whalum op sopraan en John Stoddart op keys herinnert aan het jaren vijftig-werk van gospelqueen Mahalia Jackson. Maar dan komt Al Jarreau of zoiets om de hoek kijken en ben ik al weg.

Labels:

(Eddy Determeyer, 9.5.15) - [print] - [naar boven]



Concert
Resoluut en daadkrachtig opgepoetste suite

Jeroen van Vliet Zeeland Suite Revisited, vrijdag 1 mei 2015, Bimhuis, Amsterdam

Op initiatief en met ondersteuning van Muziekpodium Zeeland en Fonds Podium Kunsten is de legendarische Zeeland Suite van pianist Leo Cuypers uit 1976 nieuw leven ingeblazen. Boy Edgar Prijs-winnaar pianist Jeroen van Vliet heeft de vroegere suite resoluut en daadkrachtig opgepoetst en voorzien van sublieme en originele nieuwe composities. Uiteraard wel gebaseerd op Zeelands geografische aspecten, getuige de titels 'Polder' en 'Wind'.

In tegenstelling tot de Leo Cuypers' editie uit de late jaren zeventig waarin de free jazz een markant bestanddeel uitmaakte en de uitvoerende musici (onder anderen Willem Breuker, Bob Driessen, Martin van Duynhoven en Willem van Manen) adequaat 'freejazzden' en tekeergingen, is de huidige uitvoering meer gebaseerd op harmonieuze melodieën en een navenante speelwijze. Wat de huidige muzikanten wel gemeen hebben met hun illustere voorgangers zijn de grenzen verleggende, avontuurlijke solo's binnen de melodische kaders.

Wellicht is deze suite minder avontuurlijk en hilarisch dan de Cuypers-editie, maar daar staat dan wel een zeer muzikaal doordachte en uitgevoerde suite tegenover. Van Vliets composities bevatten alle mogelijke jazz- en klassieke elementen – minimal, rock, swing, ballad, funk, free jazz – waardoor, mede dankzij een strakke orkestratie, warm klinkende en interessante melodische composities ontstaan.

Rest dan nog een pluim op te steken voor de swingende en groovende ritmesectie (bassist Frans van der Hoeven, drummer Pascal Vermeer en gitarist Anton Goudsmit) en de aanstekelijke en enthousiaste solo's van de rietblazers Mete Erker, Joris Roelofs en Joris Posthumus. Jeroen van Vliet heeft met dit project en zijn heldere pianospel bewezen een terechte Boy Edgar Prijs-winnaar te zijn.

Hij tourt nog tot en met november met dit project en andere eigen formaties door het ganse land. Gaat dat zien en horen!

Klik hier voor foto's van dit concert door Maarten Jan Rieder.

Jeroen van Vliet Zeeland Suite Revisited is binnenkort te zien Utrecht (TivoliVredenburg, zaterdag 9 mei) en Eindhoven (Axesjazzpower, Café Wilhelmina, maandag 11 mei).

Labels:

(Jacques Los, 8.5.15) - [print] - [naar boven]



Cd
Feecho - 'Bums' (El Negocito, 2015)

Opname: 31 maart 2014
Kaja Draksler & Matīss Čudars - 'Miniatures From Our Living Room' (eigen beheer, 2015)
Opname: december 2014 - januari 2015

Kaja Draksler is een reizende ster in de Nederlands-Belgische improvisatiewereld. Actief in een veelvoud van projecten en samenwerkingsverbanden is zij niet weg te slaan van de podia, bijvoorbeeld in het kader van de Young VIPs Tour, die nog tot eind mei loopt. Tijdens die tournee presenteert zij tevens twee recente albums. Eén met slagwerker Onno Govaert en één met gitarist Matīss Čudars.

Aan de pianostijl herken je Draksler als je beide albums beluistert, maar dat is dan ook de enige overeenkomst tussen de twee. 'Bums', het album van Feecho, de naam die het tweetal aan de samenwerking heeft gegeven, is het resultaat van een liveconcert in Gent in maart 2014. De set bestaat uit drie vrij lange improvisaties, waarin de twee muzikanten elkaar aftasten, toenadering tot elkaar zoeken en elkaar evenzogoed afstoten. 'Goshi Goshi' start rustig met parelende notenslangen van Draksler en kabbelend slagwerk van Govaert. Het pianowerk neemt gaandeweg in kracht af tot het vrijwel volledig stilvalt. Er klinkt nog een enkele noot, als klokgelui. Govaerts drumspel intussen kraakt en wringt. Al met al is het een minimalistisch nummer met ingehouden spanning. Kenmerkend aan het pianospel van Draksler is dat ze veel zegt met weinig noten, veel stiltes laat vallen en zo de spanning opbouwt. Maar ze kan ook, en dat zit in het tweede deel van het nummer, overdonderen met een vloedgolf aan noten. Die ingehouden kracht vinden we ook terug in 'Nya', waarin je datgene wat Draksler speelt met goede wil een melodie zou kunnen noemen. Maar dan wel heel minimaal en met heel veel stiltes. Bijna mystiek. Dat het dat niet wordt is te danken aan Govaerts, die met zijn uithalen zorgt voor leven in de brouwerij.

'Miniatures From Our Living Room' is letterlijk opgenomen in de huiskamer van Draksler en haar levenspartner Čudars. Piano, gitaar en percussie zijn de ingrediënten. Wat direct opvalt in het eerste nummer 'Good Morning, Sky' is hoe goed de klank van de gitaar en de piano met elkaar mengen. Het is een energiek nummer, waarin de musici over elkaar heen buitelen als in een circusact. In 'Claudia', een ingetogen nummer, vallen de instrumenten juist perfect samen. Zozeer zelfs, dat je soms goed moet luisteren om de beide instrumenten uit elkaar te houden. Heel bijzonder is 'Sotto l’Ombrellone'. Het klaterende, zeer hoge pianospel klinkt nog het meest als het op hol geslagen mechaniek van een speeldoos. En verderop geeft het neusfluitje het nummer een onwezenlijk trekje. Ook 'Pluto' is bijzonder. Het zou goed passen als soundtrack voor een angstaanjagende thriller. De langgerekte tonen, een soort mist van klanken, zinderen. Alsof de muziek zo uit het onderaardse komt. 'Nina Nana' is weer een mooi voorbeeld van de ingehouden pianostijl van Draksler. Haar spel klinkt als een eenvoudig slaapliedje. Het is Čudars die hier met een tegenmelodie zorgt voor spanning. 'Humans', het slotnummer van de cd, kent invloeden vanuit de folk, met name door het slidegitaarspel van Čudars. Dát en het ingetogen pianospel van Draksler geven een weemoedige sfeer aan het nummer en sluiten het album waardig af.

Klik hier om het album 'Bums' te beluisteren.
Klik hier om vier tracks van 'Miniatures From Our Living Room' te beluisteren.

Op zondag 12 juli treedt Kaja Draksler op tijdens het North Sea Jazz Festival. In een duoconcert   met de Portugese trompetiste Susana Santos Silva.

Labels:

(Ben Taffijn, 6.5.15) - [print] - [naar boven]



Concert
Jazz is niet in een hokje te vatten

Tineke Postma Quartet, vrijdag 1 mei 2015, Paradox, Tilburg

Als je internationaal 'one of the Leading Ladies of Jazz' genoemd wordt, dan heb je wat te geven en mag je als publiek ook iets verwachten, lijkt me. Tineke Postma's staat van dienst is ronduit indrukwekkend; ze won diverse prestigieuze prijzen en speelde met vele internationale grootheden samen, met als kers op de taart haar grote held Wayne Shorter. De saxofoniste heeft een Amerikaans kwartet met Terri Lyne Carrington, Geri Allen en Scott Colley, én een Nederlands kwartet met Marc van Roon, Martijn Vink en Frans van der Hoeven. En alsof dat allemaal nog niet genoeg is heeft ze ook nog sinds 2012 de band Sonic Halo, die zij leidt met niemand minder dan Greg Osby. Hiervan kwam in 2014 de gelijknamige cd uit, waarvan tijdens dit concert een aantal tracks werden gespeeld. Alhoewel anders dan aangekondigd was voor de gelegenheid bassist Frans van der Hoeven uitgeleend aan collega Jeroen van Vliet, die in het Bimhuis de tour van zijn Zeelandsuite aftrapte. Verhoeven werd vakkundig vervangen door Clemens van der Feen.

De composities zitten ingenieus in elkaar met technisch knappe wendingen, ritmische breaks en imposante, vingervlugge loops zoals in 'Melo', 'Source Code' en 'Nine Times A Night'. En dat is niet in de laatste plaats te danken aan de geweldige muzikanten waarmee Postma zich omringt. Veel moois ontstaat in het samenspel met pianist Marc van Roon, een avonturier en improvisator bij uitstek, die blijft prikkelen en daarmee Postma's spel tot grote hoogte dwingt. Dat hij ook prachtige stukken schrijft, bewijst hij met 'Beyond Category', waarbij nog eens duidelijk gesteld wordt dat jazz niet in een hokje te vatten is. Hulde ook aan Martijn Vink, die de soms onvoorstelbare changementen schijnbaar moeiteloos aanstuurt, zonder daarmee de aandacht naar zich toe te trekken.

Terwijl Postma de Hollandse nuchterheid zelve blijft, is dat in haar spel zeker niet het geval. In de pakweg drie jaar dat we haar op het Tilburgse jazzpodium niet gezien hebben, is er wel wat gebeurd. Haar spel was altijd al fris en rijk aan klank en kleur, maar heeft zich duidelijk verdiept. Een zekere mate van rust lijkt een belangrijke toegevoegde factor, waardoor haar virtuositeit alleen maar zichtbaarder wordt. De melodielijnen zijn warmer en ronder, haar improvisaties diepgaander. Dat is ook het geval bij de standards die Postma graag speelt, waarin de melodie de rode draad vormt, maar soms onherkenbaar verpakt is in haar eigen verhaal. De harmonie in dit kwartet ontstaat zonder meer door gelijkwaardige muzikale intelligentie, maar zal ook ongetwijfeld meedrijven op de internationale ervaring van Tineke Postma. Met dit optreden voldeed de saxofoniste volledig aan de verwachting. Grote klasse wat zij met haar kwartet hier heeft neergezet.

Klik hier voor foto's van dit concert door Monique van der Lint. En bekijk hier foto's van dit concert door Donata van de Ven.

Labels:

(Donata van de Ven, 5.5.15) - [print] - [naar boven]



 

Artikel / Jazztube
Johnny & Jones: 1936–1945


Op deze dag van herdenking vragen we je aandacht voor een bijzonder duo uit de vaderlandse jazz- en swinggeschiedenis: Johnny & Jones. Omdat we ze nooit mogen vergeten.

Nol van Wesel (1916) en Max Kannewasser (1918) groeien op in Amsterdam. De achterneven werken allebei bij de Bijenkorf in Amsterdam. Nol werkt op de calculatieafdeling en Max is verkoper van witgoed. Voor een personeelsfeest brengen ze in 1934 een lied ten gehore met de Bijko (Bijenkorf) Rhythm Stompers. Dit is zo'n groot succes dat de twee besluiten om samen muziek te blijven maken. Ze noemen zichzelf Johnny & Jones. De twee zingen humoristische swingliedjes, steevast gezongen in het Nederlands met een vet Amerikaans accent. In veel van hun liedjes wordt de actualiteit op de hak genomen. Nol verzorgt de begeleiding op de gitaar.

In 1936 zeggen ze hun baan in het warenhuis op om zich volledig toe te leggen op hun muzikale carrière. Het gaat het duo voor de wind. Vanaf 1937 treden ze bijna wekelijks op voor de VARA-radio en in 1938 wordt een plaat opgenomen bij Panachord. Johnny & Jones worden de eerste echte muzikale tieneridolen van ons land en scoren een grote hit met 'Meneer Dinges Weet Niet Wat Swing Is'.

Dan wordt Nederland bezet. Nol en Max, beiden van Joodse afkomst, mogen alleen nog optreden voor Joden. Maar de humoristische liedjes van Johnny & Jones zijn zo populair dat niet-Joden een davidster opnaaien om toch bij het optreden in de Hollandsche Schouwburg te kunnen zijn. Later verbiedt de bezetter alle optredens door Joden. Het laatste openbare optreden geven Johnny & Jones op 24 augustus 1941 tijdens het kampioensfeest van voetbalclub ADO.

Op 9 oktober 1943 worden Nol en Max met hun vrouwen naar Westerbork gedeporteerd. De twee werken er in de vliegtuigsloperij. In het doorgangskamp Westerbork wordt amusement getolereerd. Tijdens de kamprevue treden Johnny & Jones nog éénmaal op, maar nu onder de naam Jonny und Jones en in het Duits. Een taal die Nol en Max nauwelijks beheersen. Het ontgaat de kampleiding niet dat de twee grote sterren zijn. In augustus 1944, de geallieerde troepen trekken dan al op naar Parijs, krijgen ze zelfs reispapieren om terug te keren naar Amsterdam en een nummer op te nemen. Johnny & Jones nemen, ditmaal zonder Amerikaans accent, het nummer 'Westerbork Serenade' op: een ode aan het leven in het kamp. Het duo had misschien in Amsterdam onder kunnen duiken, maar besluit toch terug te keren naar Westerbork.

Misschien hopen Nol en Max dat hun bekendheid hun redding zal betekenen. Maar in september 1944 worden ze, dan 26 en 28 jaar oud, gedeporteerd naar het concentratiekamp Bergen-Belsen. Daar sterven de twee vrienden uiteindelijk van uitputting in de laatste oorlogsdagen. Nol sterft op 20 maart en Max op 15 april 1945, de dag waarop de geallieerden het kamp bevrijden.

Klik op de afbeelding rechtsboven om te luisteren naar 'Meneer Dinges Weet Niet Wat Swing Is', de hit van Johnny & Jones.

Labels: ,

(Sander Bouwens, 5.5.15) - [print] - [naar boven]


Lees verder in het archief...






Schrijf je in voor onze gratis Nieuwsbrief! Klik op de button hieronder om je aan te melden:


Menupagina's:


Zoek in deze website:

Google

web deze website


Redactieadres:

Hoekstraat 1 B17
3910 Neerpelt
België
(0032) 11747180
(0032) 498788554

Nieuws, tips, suggesties, meewerken?
Mail de redactie.


(advertenties)