Draai om je oren
Jazz en meer - Weblog





 




redactie en medewerkers van deze site
wensen alle jazzliefhebbers en musici

(Maarten van de Ven, 31.12.05) - [print] - [naar boven]





Poolse pianist Jagodzinski maakt zijn faam waar op Paranoia
Stranger Than Paranoia, dinsdag 27 december 2005, Paradox, Tilburg

Na twee avonden met Nederlandse musici, worden de resterende avonden van het festival Stranger Than Paranoia in Tilburg – op één ensemble na – uitsluitend bevolkt met buitenlandse groepen. Dinsdag traden musici aan uit Polen, Finland en Algerije: het Andrzej Jagodzinski Trio, Alamaailman Vasarat en Cheb Nordin & The Raï Rebels.

Pianist Jagodzinski wordt de 'Chopin van de jazz' genoemd. Maar waren dat jazzy geschiedschrijvers als Bud Powell, Bill Evans en Lennie Tristano ook niet? De Pool heeft echter een streepje voor: hij speelde deze avond variaties op één Chopin-thema. Onein-dig gefantaseerd en hoogstaand technisch uitgevoerd. Er was echter één maar: had Jagodzinski zijn bassist en slagwerker niet beter thuis kunnen laten? Pas als hij zich schikte in een begeleidende rol, greep de drieëenheid in elkaar. Hoewel het naarmate het concert vorderde steeds beter ging, leek het erop dat de twee begeleiders het topniveau van de Poolse pianist niet konden bijbenen.

Alamaailman Vasarat is een kwintet dat ooit begon in de metro van Helsinki. De straat hoor je nog altijd in hun muziek terug, maar ook klezmer en Balkan-invloeden. Het is een doldriest hofje, dit vijftal. Met voorop een trombone en alt- en gebogen sopraansax wordt in razende vaart, ondersteund door tot op het bot vibrerend slagwerk, harmonium en elektrische cello door het Land van de Muziek gebold. De cello, vaak klinkend als een vette elektrische gitaar, geeft aan. Het harmoniumpje jakkert er overheen, de trombonist zwiert als is het een machete zijn instrument in het rond en de saxofonist - uiterlijk een regelrechte kloon van ZZ Top - verhoogt het nervositeitsgehalte. De paden op, de lanen in op z'n Fins.

Cheb Nordin c.s. zette zichzelf neer in de categorie 'tegenvallend'. Er zijn maar weinig raï-groepen in Nederland die het niveau van de grote Khaled halen. Jammer genoeg voor hen moet je juist deze aartsvader van de moderne raï als standaard nemen. The Raï Rebels werden onderuitgehaald door een veel te prominente drummer. Een toetsenist en darbouka-percussionist zorgden voor authentieke elementen, een elektrisch versterkte trompet voor vele verrassingen. Pas aan het einde van het concert in Paradox herstelden Nordin en zijn rebellenclub zich enigszins.

Deze recensie verscheen eerder in het Brabants Dagblad.

(Rinus van der Heijden, 30.12.05) - [print] - [naar boven]





Van Kriekens big band zet Paradox in vuur en vlam
Stranger Than Paranoia, maandag 26 december 2005, Paradox, Tilburg

Met vijf composities heeft Titia van Krieken op de avond van Tweede Kerstdag een bom-vol Paradox een laaiend kampvuur bezorgd. De warmte ervan straalde uit een dertien-koppige big band, die naar adem deed snakken en liet horen hoe je met oog voor details, een stoer totaalgeluid en individueel vakmanschap naar tophoogte kunt reiken. Ook al concerteert zo'n groot jazzorkest pas voor de eerste keer.

De Tilburgse pianiste en componiste aanvaardde van het festival Stranger Than Paranoia een carte blanche. Een compositieopdracht, naar eigen inzicht in te vullen. Ze liet haar visie niet alleen los op de muziek, ook over wie die moest uitvoeren brak ze haar hoofd. Zorgvuldig selecteerde ze man voor man uit de Nederlandse improvisatiescene. De geselecteerde musici deelden Titia's van Krieken liefde voor hetgeen zij op haar schouders had genomen.

Haar muziek kenmerkt zich door open structuren en sterk ritmische accenten. Fris en onbevangen laat zij de tradities van een groot jazzorkest, met zijn vaak schallend koper en overrompelende orkestpartijen achter zich. Liever spreekt zij het onuitputtelijke arsenaal van klankmogelijkheden aan, dat zij zelf schiep achter de schrijftafel. Vanzelf-sprekend hield zij daarbij alle mogelijkheden voor solistische interpretaties open. Een imponerend voorbeeld daarvan was het moment dat een ontketende Anton Goudsmit op elektrische gitaar het Zapp Strijkkwartet en slagwerker Pascal Vermeer achter zich aan kreeg.

De muziek van componiste Van Krieken is vooral sferisch. Melancholie, lazy afternoons en de traagheid van gelukkige mensen wedijveren met elkaar. Maar ook stevig doorstap-pende ritmes, dansbare flarden uit andere muziekculturen en statige collectieven ken-merken dit opwindend jazzorkest dat Titia van Krieken Big Band heet.

Wie hierna nog twijfelde aan de klankkleuren van het leven, kon terecht bij de Amster-dam Klezmer Band. In de eigenaardige bezetting van klarinet, trompet, altsaxofoon, trombone, accordeon en contrabas werd vooral de jiddische muziektraditie geëerd, maar kwam ook rap voorbij. Het sextet kreeg het voor elkaar dat stoelen werden geruimd en Paradox veranderde in een danstempeltje.

Jorrit Dijkstra opende eerder de tweede avond van Stranger Than Paranoia. Hij had slechts een altsaxofoon en een set elektronica bij zich. Met die sax stapelde hij laag na laag klanken, sloeg die elektronisch op en ging dan schuiven, knippen en plakken. Ctrl-x, ctrl-v zogezegd. Interessant, maar het publiek werd er wel heel onrustig van.

Deze recensie verscheen eerder in het Brabants Dagblad.

(Rinus van der Heijden, 29.12.05) - [print] - [naar boven]





Stevig vocaal avondje bij Jazz at the Crow
Masha Bijlsma Band, vrijdag 9 december 2005, Kraaij & Balder, Eindhoven

Het optreden van de Masha Bijlsma Band was het laatste concert van 2005 in het Eind-hovense café Kraaij & Balder. Met pianist Rob van den Broeck, bassist Henk de Ligt en drummer Dries Bijlsma werd het een stevig vocaal avondje. Masha Bijlsma was niet alleen vocaliste maar ook het contactadres met haar medemuzikanten en het publiek. Regel-matig staat deze band op podia in binnen- en buitenland en met name Duitsland is erg gecharmeerd van 'die blonde Sängerin mit der Mütze' (de uitspraak van haar achternaam geeft daar immers problemen).

Zij heeft een behoorlijk portie podiumervaring en communiceert gemakkelijk met band en publiek. De band heeft een divers en origineel repertoire. En omdat Bijlsma er geen twijfel over laat bestaan wie haar sterk beïnvloed heeft, waarde de geest van haar grote voor-beeld Abbey Lincoln rond haar stem. Stukken van Timmons, Silver, Monk, maar ook van Kate Bush, Nina Simone en bandleden De Ligt en Van den Broeck passeerden de revue.
Zij heeft als performer bepaald charisma en een stem met mogelijkheden. Ook praktiseer-de ze soms de scatzang. Wat opviel was de gelijkwaardige rolverdeling van deze formatie, waarin Bijlsma zich gedraagt als (vocale) instrumentalist. Pianist, bassist en drummer zaten ook bepaald niet de hele avond in de begeleidersrol.

De Masha Bijlsma Band speelde ingetogen intiem, maar soms ook uitbundig en dat maakte het tot een gevarieerd concert. Van den Broeck stak in uitstekende vorm, hetgeen bij hem regel schijnt te zijn. Hij is een creatieve en boeiende pianist, die de jeugd in zijn spel en geest heeft weten te behouden. Dat maakte hij onder meer hoorbaar in zijn boeiende compositie 'African Roots In Jazz' (met tekst van Bijlsma), een stuk dat ook aan de voca-liste hoge eisen stelde. De Ligt bewees zich als een uitstekende, trefzekere bassist met een stevig geluid en ruime techniek. Imponerend was zijn solo-intro van Joni Mitchells ballad 'Both Sides Now'. Drummer Dries Bijlsma (vader van Masha) was beslist geen 'drumdoetje'; hij schuwde geenszins het stevige werk als het moment erom vroeg.

Dat deze working band stoelt op een uitstekende onderlinge verstandhouding was duidelijk zichtbaar. Sympathiek was het gebaar van leider Masha tijdens de soundcheck voor aanvang van het concert, toen ze iedereen uit waardering een fraai boekwerk cadeau deed omdat dit het laatste concert was van weer een succesvol jaar van de Masha Bijlsma Band.

Klik hier voor een fotoverslag van dit concert.

Meer weten?
  • De website van Masha Bijlsma met biografieën van alle bandleden.

    (Cees van de Ven, 29.12.05) - [print] - [naar boven]





    Podium Trio presenteert een muzikale goocheldoos
    Stranger Than Paranoia, zaterdag 24 december 2005, Paradox, Tilburg

    In de kerstnacht 2005 vond nog een geboorte plaats, of liever een wedergeboorte. De krib stond ditmaal op het podium van Paradox, waar het roemruchte Podium Trio na zeven jaar uit de eigen as verrees. De drie - gitarist Jan Kuiper, altsaxofonist Paul van Kemenade en trombonist Wolter Wierbos - openden op imponerende wijze het vijfdaagse festival Stranger Than Paranoia met hun goocheldoos vol muzikale structuren.

    Een minimum aan afspraken volstaat om een onuitputtelijk arsenaal aan klanken aan te spreken. Want in het exploiteren van geluiden zijn deze drie improviserende tovenaars op hun best. Gruis komt uit de toeters, een didgeridoo klinkt op, er lijken vreedzaam kippen rond te scharrelen en de enkele melodie die vooruitsnelt, wordt rap ingehaald door vrije improvisaties. Soms moeten saxofoon en trombone het uitsluitend hebben van lucht, die zacht door hun bekers ruist. Lucht die Paranoia laat zingen. Ondersteund door de frêle of overdonderende gitaarklanken van alchemist Jan Kuiper.

    Nadien luidden Paul van Kemenade en zijn Quintet traditiegetrouw de Kerstnacht in. Dit-maal sloten tenorsaxofonist Yuri Honing, trompettist Toon de Gouw – vervanger voor de zieke Rik Mol – en pianist Stevko Busch als gasten bij de vijf aan. Dit concertdeel kreeg een fraaie opening door contrabassist Wiro Mahieu, slagwerker Pieter Bast en tenorsaxo-fonist Yuri Honing. De tenorsaxofoon, waarin als bij geen ander instrument de verlokking van de jazz schuilt, klinkt bij Yuri Honing zoals het moet: krachtig, meedogenloos en melodieus tegelijk. Hij is een soeverein heerser met voor de medemusici maar één uit-daging: volgt u maar!

    In meerdere kleine bezettingen stoomden de zeven musici op naar de finale, waarin drie nieuwe stukken van Paul van Kemenade ('Mexi Cosy', 'On The Loose' en 'Jajaja') en een van Jeroen van Vliet ('Hyper') in première werden gebracht. Met 'Jajaja' als onbetwist hoogtepunt. Een wervelende compositie, uitmondend in een bruisende en dansante chachacha, een opmaat voor wat Stranger Than Paranoia nog meer in petto heeft.

    Klik hier voor een fotoverslag van de openingsavond van dit festival. Stranger Than Paranoia wordt vanavond en morgenavond voortgezet in het Tilburgse Paradox. Klik hier voor het programma.

    Deze recensie verscheen eerder in het Brabants Dagblad.

    (Rinus van der Heijden, 28.12.05) - [print] - [naar boven]



    Carlos Bica- 'Single' Peter Herbert- 'Naked Bass'

    Carlos Bica - 'Single' (Bor Land, 2005) *****
    Peter Herbert - 'Naked Bass' (Buzo Records, 2005) ****


    Wie een cd lang de luisteraar wil boeien met niets meer dan één contrabas, moet wel van zeer goeden huize komen. Peter Herbert en Carlos Bica flikken dat moeiteloos, getuige hun beider nieuwe solo-basalbums. Voor menig jazzliefhebber is de contrabas nog steeds slechts een voortbrenger van functioneel laagfrequent gemummel, dat dient als solide tapijtje voor solistische escapades van blaas-, snaar- en toetsenvolk. De traditie van solistisch gebruik van de bas is uiteraard ouder dan vandaag. Het laagste lid van de strijkersfamilie is berucht om zijn weerbarstige bespeelbaarheid, en heeft juist om die reden generaties van eerzuchtige negentiende-eeuwse muzikale snelheidsmaniakken gedreven tot ongekende exploraties van de mogelijkheden der basviool. En uiteraard kent iedereen uit de jazzgeschiedenis het ijzersterke soleerwerk van Paul Chambers en Oscar Pettiford, plus de ijzingwekkende hoogvliegerij van bijvoorbeeld wijlen Niels-Henning Ørsted-Pedersen. Maar een geïmproviseerde bassolo in band-context, hoe goed ook, is nog steeds andere koek dan het verzorgen van een uurtje 'Naked Bass', zoals Peter Herbert zijn plaat noemt. Dan worden er van de bassist nog andere vaardigheden geëist dan het uitspelen van mooie lijntjes over de akkoorden van het liedje. Zowel Herbert als Bica trekken alle denkbare en ondenkbare mogelijkheden uit de kast om hun basgeluid te variëren. Allebei spelen ze pizzicato, kunnen ze daarnaast monsterlijk goed strijken, en spelen percussie op de bas met hun handen en met hun strijkstokken.

    Tot zover de overeenkomsten. Peter Herbert, van oorsprong Oostenrijker, is de onstui-migste van de twee. Hij laat zijn bas knarsen, knetteren en zuchten, en in sommige percussieve stukken lijkt het alsof de man zijn instrument bijkans doormidden slaat. De vijftien miniatuurtjes op 'Naked Bass' zijn veelal gebaseerd op een heel klein muzikaal gegeven, dat Herbert telkens in een paar minuten boeiend weet uit te werken. Hij is een meeslepend verteller en neemt de luisteraar mee op een interessante trip langs jazz-achtige stukjes, Bach-geïnspireerd strijkwerk en explosieve, ostinate ritmische stukken.

    Van een heel andere klasse is niettemin 'Single' van de Portugees Carlos Bica. Deze plaat zal elke avontuurlijk ingestelde luisteraar van begin tot eind beluisteren vanaf het uiterste puntje van zijn stoel. De contrabas is een notoir moeilijk instrument, en Bica's collega Peter Herbert beheerst het ding al zoals weinig vakbroeders het hem zullen nadoen. Maar Bica weet het laaggestemde beest pas echt als geen ander te temmen. Waar Herberts intonatie zo nu en dan twijfelachtig is en zijn toon ruw, daar is Bica bij machte om zijn bas te laten fluisteren, zingen, mompelen en krijsen, zo ranzig of teder, wreed of lieflijk als het hem behaagt. En dat alles ook nog fantastisch zuiver. Bica's spel heeft een veel meer vocale inslag, romantischer zo u wilt. Daarnaast getuigen de uitingen van beide heren van voldoende kennis van hun eigen sterke kanten. Houdt Herbert het daarom explosief doch kort en bondig, daar neemt Bica hier en daar behoorlijk de tijd. Daarbij is hij dan wel in staat om met weinig materiaal enorme spanningsbogen te creëren. In het laatste nummer gaat Bica via de techniek van de studio-overdub ook nog eens in duet met zichzelf, en weet een prachtige sfeer neer te zetten van meerdere gestreken contrabassen.

    Labels:

    (Marten Schulp, 28.12.05) - [print] - [naar boven]





    Pierre Courbois: een unieke drummer

    Hij is altijd een vreemde vogel geweest in de wereld van de jazz, slagwerker Pierre Cour-bois. Maar wel een hele mooie. Want de Arnhemmer gaat al veertig jaar lang zijn eigen gang, voorbij aan modes, hypes en stromingen. Aanstaande donderdag, 29 december, speelt hij met zijn Vijfkwarts Sextet tijdens het festival Stranger Than Paranoia in Paradox, Tilburg.

    Lees hier het hele artikel van Rinus van der Heijden.

    Meer weten?
  • Onze recensie van het concert van Pierre Courbois' Vijfkwarts Sextet op 17 april 2005 in Musis Sacrum.

    (Cees van de Ven, 27.12.05) - [print] - [naar boven]



    Lokerse Jazzklub ontvangt prestigieuze stadsprijs

    De Lokerse Jazzklub is verkozen tot 'Meest Verdienstelijke Lokeraar 2005' door het stads-bestuur, die de prijs sinds 1996 jaarlijks uitreikt. Op 29 januari 2006 zal de prijs, een bronzen kunstbeeld van Koen Rossaert, op het stadhuis van Lokeren worden uitgereikt. De Lokerse Jazzklub beschouwt deze prijs als de erkenning van een jarenlange inzet van vele mensen om de jazzmuziek te promoten. Het is tevens een mooie bekroning van het veertigjarig bestaan van de club.

    Na een drietal verhuizingen is de Lokerse Jazzklub sinds 1991 gevestigd op de zolder-verdieping van een oud fabriekspand in de Gasstraat, in het centrum van Lokeren. Naast Belgische jazzmuzikanten hebben ook heel wat internationale grootheden opgetreden in deze club: Dexter Gordon, Johnny Griffin, Slide Hampton, Kai Winding, Barney Kessel, Horace Parlan, Mal Waldron, Red Mitchell, James Newton, Lew Tabackin, Randy Weston, Sam Rivers en vele anderen. Vrij uniek is het feit dat de Lokerse Jazzklub twee huis-orkesten telt: The N.O. Train Jazz Band (oude stijl) en Boss Ross (moderner werk).

    (Cees van de Ven, 27.12.05) - [print] - [naar boven]



    Radio 2 Top 2000 logo

    Jazz in de Radio 2 Top 2000

    Meer dan 1 miljoen luisteraars van Radio 2 stemden dit jaar voor de zevende editie van de Top 2000 aller tijden. En al wordt het totaalbeeld natuurlijk zwaar overheerst door pop- en rock-georiënteerde genres (met een verrassende nummer 1 van Boudewijn de Groot), toch is er ook ruimte voor jazz, big band, New Orleans-stijl en crooners.

    Frank Sinatra doet het als vanouds weer goed met 7 nummers in de lijst, waaronder ' I’ve Got You Under My Skin', 'Fly Me To The Moon' en de onvermijdelijke evergreen 'My Way', zijn hoogste notering op 423. Zeer opvallend: de triomftocht van het oeroude 'Rhapsody In Blue' (een opname uit 1924). Deze klassieker van George Gershwin steeg ruim honderd plaatsen in de lijst en staat dit jaar op 1868. Ook Glenn Millers 'In The Mood' gaat flink omhoog: van 1393 naar 1248. Louis Armstrongs wereldhit 'What A Wonderful World'
    (1968) handhaaft zich in de hoogste regionen (nr. 371). Een van de grootste jazzhits aller tijden is 'Take Five' van het Dave Brubeck Quartet, dat in deze editie is terug te vinden op 602. Verder zijn er noteringen voor Astrud Gilberto ('The Girl From Ipanema'), Sammy Davis Jr. ('Mr. Bojangles'), Nat 'King' Cole ('Unforgettable'), Glenn Miller ('In The Mood'), Chris Barber's Jazz Band ('Petite Fleur') en Billy Vaughn Orchestra ('Sing Along Silvery Moon').

    Steely Dan is evenals vorig jaar met 3 songs ('Reelin’ In The Years', 'Do It Again' en 'Rikkie Don’t Lose That Number') goed vertegenwoordigd, terwijl zanger/toetsenist Donald Fagen ook solo scoort met 'The Nightfly', zijn laid-back hit uit 1985. De hoogste jazzy hitnotering is net als vorig jaar voor Norah Jones. Op 361 staat haar hit 'Don’t Know Why' uit 2002. Ook het fenomeen Jamie Cullum doet zich gelden in de Top 2000; zijn 'All At Sea' komt binnen op 804. Gelukkig is er blijvende waardering voor een echte jazz-zangeres: Billie Holiday. Haar uitvoering van 'Summertime' is meer dan 1000 plaatsen gestegen naar 859 en het ijzingwekkend mooie 'Strange Fruit' uit 1939 is binnengekomen op 1651.

    De Top 2000 is nog te beluisteren tot en met 31 december via Radio 2 of online via een link op de
    website.

    (Maarten van de Ven, 27.12.05) - [print] - [naar boven]





    It From Bit brengt muziek uit het hoge noorden naar SJU

    In het kader van het SJU Lab Project geeft de formatie It From Bit op zaterdag 7 januari 2006 een bijzonder concert in het Utrechtse SJU Jazzpodium, met als titel 'Binary Orchid'. It From Bit herbergt twee musici die uit het hoge Europese noorden afkomstig zijn: Gulli Gudmundsson (bas, elektronica) uit IJsland en Arve Henriksen (trompet, elektronica) uit Noorwegen. Dat moet aan hun muziek te horen zijn. Die wordt beinvloed door een soort magnetisme dat alleen in Noord-Europa voorkomt en voor een vervreemdende bewegings-loosheid zorgt (zeggen ze zelf). Kwantummechanica blijkt ook nog een bron van inspiratie te zijn... Iets meer concreet: It From Bit brengt elementen uit de geïmproviseerde muziek ten gehore, northern soundscapes, geluiden uit de computeromgeving en daarnaast composities van de bandleden zelf. De groep wordt gecompleteerd door pianist Wolfert Brederode.

    Meer weten?
  • Klik hier voor een biografie en discografie van Gulli Gudmundsson.
  • De website van het SJU Jazzpodium.

    (Jacques Los, 27.12.05) - [print] - [naar boven]





    Greetje Kauffeld hartverwarmend in kil Amsterdam
    zondag 4 december 2005, Christofori, Amsterdam

    Van een koud en kil Amsterdam was het betreden van de concertzaal van pianohuis Christofori aan de Prinsengracht een weldaad. Op deze fraaie lokatie programmeert bassist en organisator René van Beeck succesvol regelmatig jazzconcerten. Vanavond was het affiche: Greetje Kauffeld (zang), Cees Slinger (piano), René van Beeck (bas) en Joost van Schaik (drums).

    Gadegeslagen door de beeltenissen van Beethoven en Schumann op de achtergrond zong Kauffeld zich met haar persoonlijke en vocale charme probleemloos in de harten van het publiek, dat in groten getale de weg naar haar had gevonden. Routenier Slinger liet zich de prachtige Bösendorfer-vleugel goed smaken. Al vele malen gaf hij concerten met haar en het repertoire had voor hem dan ook geen geheimen. Met verzorgd akkoordenspel als ideale begeleider en nog steeds inventief in zijn solo's, bewees hij hier zijn reputatie. Ondanks het ontbreken van voldoende repetitietijd wisten Van Beeck en Van Schaik toch precies wat hen te doen stond.

    Standards als 'Poor Butterfly', 'Route 66', 'I Thought About You' en 'It Might As Well Be Spring' werden afgewisseld met Harold Arlen-songs als 'Last Night When We Were Young', 'My Shining Hour', het door Sinatra bekend geworden 'One For My Baby And One More For The Road' en het breekbare 'Ill Wind', waarin Kauffeld liet horen dat ze nog steeds een bijzondere balladeer is, die lyrics verpersoonlijkt en met haar timing, frasering en aan-gename en gecontroleerde vibrato altijd de juiste sfeer weet te treffen. En in deze tijd kon ook Mel Tormé's 'Christmas Song' natuurlijk niet ontbreken.

    Soms klonk er enige vermoeidheid door in haar stem, hetgeen niet verwonderlijk was, omdat ze diezelfde dag was terugekeerd uit Duitsland van een succesvolle maar ver-moeiende concertreeks. De geluidsregistratie was vanavond zeker niet optimaal. Mogelijk een gevolg van de weerbarstige zaalakoestiek klonk de zang te wollig, niet goed ver-staanbaar en had een hoog badkamergehalte. Na de pauze werd dit slechts ten dele gecorrigeerd. Met het kerstreces in het verschiet zal Greetje Kauffeld haar accu weer kunnen opladen om ook in 2006 aan haar vele concertverplichtingen te kunnen voldoen.

    Klik hier voor een fotoverslag van dit concert.

    Meer weten?
  • De website van Christofori.
  • De website van Greetje Kauffeld.
  • De website van Cees Slinger.
  • De website van René van Beeck.

    (Cees van de Ven, 26.12.05) - [print] - [naar boven]





    Interview Michiel Braam

    "De mysteries worden steeds groter. Allemaal dingen waarvan ik vroeger dacht, da's toch helemaal niks, vind ik nou wél wat. Waar zit het hem dan in? Geen idee. Dus je vraagt je af, waarom sprak vroeger een majeur-7 akkoord mij niet aan?" Michiel Braam in een inter-view met Eddy Determeyer. Aanleiding voor het gesprek is het komende programma van Bik Bent Braam: '13 Concerten'. Klik hier voor het hele gesprek.

    (Erno Mijland, 22.12.05) - [print] - [naar boven]





    Hernieuwde kennismaking met Big Zoom
    vrijdag 18 november 2005, Paradox, Tilburg

    Als Big Zoom in Nederland optreedt wil je daar toch bij zijn zou je denken. Welnu, gezien de matige opkomst in Paradox dacht niet iedereen daar zo over. Nochtans werd het een concert waarbij de liefhebber zijn hart kon ophalen. Het zijn dan ook niet de minsten die in deze formatie spelen. Leider, componist en slagwerker Lucas Niggli heeft immers al ver-schillende succesvolle programma's afgeleverd en op cd uitgebracht, zoals het drieluik 'Rough Ride', 'Sweat' en 'Big Ball': stuk voor stuk cd's die getuigen van originaliteit en avontuurlijke eigentijdse jazz. Verder de uitzonderlijk begaafde trombonist Nils Wogram, die ook de melodica bespeelt, Claudio Puntin op klarinet, basklarinet en een quasi quena (een Boliviaanse houten fluit), Philipp Schaufelberger op gitaar en Peter Herbert op contrabas. De laatste heeft onlangs de fraaie solo-cd 'Naked Bass' uitgebracht.

    Niggli's muziek was deels uitgeschreven, maar liet ook veel ruimte voor improvisatie.
    De composities waren toegankelijk en doorspekt met interessante ritmische patronen en klanksubtiliteiten op alle instrumenten. De drumkit van Niggli is zorgvuldig en zeer divers van samenstelling en stelde hem in staat prachtige gedetailleerde 'drumsoundscapes' te creëren. Soms in complexe maatsoorten die maatsoortvorsers behoorlijk op de proef stelden. Zijn ensemble voicings in 'Pidgin' gaven een goed inzicht in zijn compositorische vermogen. Puntin is ook al zo'n klankkunstenaar op zijn instrumenten. Hij beheerst de circular breathing-techniek volkomen en gebruikt deze smaakvol en functioneel. Met onder anderen Michael Moore en Frank Gratkowski behoort hij tot mijn persoonlijke favo-rieten op klarinet en basklarinet. Of Puntin nu melodisch, vrij of vervreemdend speelt; altijd behoudt hij controle over zijn spel, met immer een prachtig geluid.

    Over Nils Wogram kan men slechts in superlatieven spreken. Hij blijft je verbazen met zijn superieure spel en muzikale vindingrijkheid. Hij is een alleskunner op zijn trombone. Het werd een aangename hernieuwde kennismaking. Met zijn uitgebreide vocabulaire was hij ook in dit concert weer buitengewoon mededeelzaam. Knap zoals hij in 'Celebrate Diver-sity' samen met Puntin op klarinet een snelle en technisch lastige unisono vertolkte. Schaufelberger is een gitarist die niet opvalt door grote gebaren en uitgesproken solo's. Veeleer is hij de dienstbaarheid zelve. Bescheiden oogde zijn inbreng, maar de oren kregen een andere indruk. Hij was terdege van belang voor het groepsgeluid, evenals bassist Peter Herbert, die in samenspel met Niggli de basis schiep waarop anderen hun gang konden gaan, maar ook solistisch hun punt maakten. Dit concert werd afgesloten met het indringende 'No Nation' en was er een om niet te missen, hopelijk komen ze spoedig weer terug in ons land.

    Klik hier voor een fotoverslag van dit concert.

    Meer weten?
  • De website van Lucas Niggli.
  • De website van Nils Wogram.
  • De website van Claudio Puntin.
  • De website van Peter Herbert.

    (Cees van de Ven, 22.12.05) - [print] - [naar boven]



    Amersfoort Jazz Talent Award

    Sinds kort heeft Nederland er een nieuwe jazzprijs bij: de Amersfoort Jazz Talent Award. Deze zal voor het eerst uitgereikt worden op 14 mei 2006 tijdens het jazzfestival in Amersfoort. De hoofdprijs is een wisseltrofee en 2500 euro. De zoektocht naar jong en veelbelovend Nederlands jazztalent is onlangs begonnen en duurt tot 1 februari 2006.

    De Award is een initiatief van Jazzpodium Amersfoort, het Amersfoort Jazzfestival en de Rabobank. Jonge jazzmuzikanten tot en met 28 jaar en jazzformaties (waarvan de band-leider niet ouder is dan 28 jaar) worden uitgenodigd om deel te nemen. Een inschrijf-formulier kun je
    hier downloaden.

    Alle inschrijvingen dienen voor 1 februari binnen te zijn. Hieruit worden zes kandidaten geselecteerd voor de voorrondes, die worden gehouden op 5 en 19 maart en 2 april 2006 in theatercafé Borra in Amersfoort. Hieruit selecteert een deskundige jury drie finalisten, die zich uitgebreid kunnen laten horen en zien op de slotdag van het Amersfoort Jazz-festival. Daar wordt op zondagmiddag 14 mei tijdens de grande finale de hoofdprijswinnaar bekend gemaakt en de prijs uitgereikt.

    (Jacques Los, 22.12.05) - [print] - [naar boven]



    The Turnaround

    The Turnaround #11

    Leo Records heeft onlangs een bijzondere cd, 'A Few Incidences', uitgebracht van de briljante pianist Simon Nabatov. Het gaat om een project rond de Russische schrijver Daniil Charms (1905-1942). Met zijn ultrakorte, paradoxale verhalen, zijn dada-achtige gedichten en groteske toneelteksten werd Charms de belangrijkste vertegenwoordiger van het Russisch absurdisme. Zijn teksten worden hier muzikaal vertaald door een uitgelezen octet muzikanten: naast Nabatov zijn dat Phil Minton, Frank Gratkowski (altsax, klarinet, basklarinet, fluit), Nils Wogram (trombone), Ernst Reijseger (cello), Cor Fuhler (keyolin, elektronica), Matt Penman (bas) en Michael Sarin (drums). Ook teksten van Brodsky en Bulgakov worden op muziek gezet. Het gaat hier om een concert ter gelegenheid van de Triënnale Keulen uit april 2004, dat werd opgenomen in de plaatse-lijke concertzaal Loft. Een cd om naar uit te zien, de kleurenrijkdom en de variatie van Nabatovs muziek in ogenschouw nemend.

    Op 19 februari 2005 werd het nieuwe Bimhuis geopend met een optreden van het trio BraamDeJoodeVatcher. Op 26 oktober stond gaf het trio daar een tweede concert. Opnamen van deze concerten vormen de basis van de cd 'Change This Song', die begin volgend jaar zal worden uitgebracht op Braams eigen label. Wie Michiel Braam (piano), Wilbert de Joode (bas) en Michael Vatcher (drums, percussie) ooit live aan het werk heeft gezien weet genoeg. Voor anderen verwijs ik graag naar een
    recensie van een optreden in het Gentse kunstcentrum De Werf op 16 oktober 2004. De cd-presentatie van 'Change This Song' vindt plaats - u raadt het al - in het Bimhuis op vrijdag 10 februari 2006.

    (Maarten van de Ven, 20.12.05) - [print] - [naar boven]





    Compacte kamerjazz van het New Yorkse Claudia Quintet
    donderdag 8 december 2005, Bimhuis, Amsterdam

    Drummer John Hollenbeck, leider en componist van het Claudia Quintet, is - gelet op zijn staat van dienst - een zeer veelzijdig muzikant. Hij werkte met Cuong Vu, David Krakauer, Pablo Ziegler, the Village Vanguard Orchestra, Jim Mc Neely's Tentet en Bob Brookmeyer's New Art Orchestra. Als componist combineert hij elementen van de jazz met wereldmuziek en spiritualiteit.

    In de composities voor zijn kwintet heeft Hollenbeck al zijn muzikale en psychische ervaringen verwerkt. Het resulteert in een compacte, gesloten en complexe hedendaags gecomponeerde muziek met een ritmische groove. De gecomponeerde muziek heeft de overhand. Daardoor is er weinig ruimte voor improvisaties. Behalve een zeer aanstekelijke solo van vibrafonist Matt Moran in het na de pauze uitgevoerde 'Guarana', bleken de solistische prestaties van accordeonist Ted Reichmann en saxofonist/klarinettist Chris Speed nogal ondermaats te zijn. In de context van deze hedendaagse moderne muziek hoef je natuurlijk geen Johnny Meyer-accordeonriedels te verwachten, maar Reichmanns spaarzame ritmische repetitieve soli getuigden van weinig originaliteit.

    Het zat saxofonist/klarinettist Chris Speed niet mee. Hij had vooral met de saxofoon rietproblemen. Op dat instrument produceerde hij een nogal dunne toon, waardoor zijn enkele aparte – dat wel! – soli niet overtuigend overkwamen. Over het geheel genomen is het muziek van een hoog intellectueel gehalte. De compositie en het ensemblespel – dat uitstekend was – zijn de belangrijkste elementen in Hollenbecks muziek. De improvisaties zijn amper relevant en ik heb niet één blue note gehoord, terwijl dat zo belangrijk is in de jazz.

    Ondanks de academische benadering van de muziek werd er door Hollenbeck en bassist Drew Gress – beiden voortreffelijke muzikanten – stevig geswingd en waar nodig genuan-ceerd begeleid, zowel tijdens het ensemblespel als de soli. Deze 'jazzbenadering' steekt schril af tegen de warmbloedige, voluit improviserende en interactieve benadering van Nederlandse ensembles en musici als Michiel Braam, Misha Mengelberg, Wolter Wierbos, Eric van der Westen, Paul van Kemenade, Joost Buis, Eric Boeren en Eric Vloeimans, om er slechts enkelen te noemen.

    Klik
    hier voor een fotoverslag van het Jazzpower-concert dat het Claudio Quintet op 5 december jl. in Wilhelmina (Eindhoven) gaf.

    (Jacques Los, 20.12.05) - [print] - [naar boven]





    Breuker in Indonesië

    "The audience kept on smiling, and even laugh loudly in amusement, as the veteran musician worked in grunts, growls, tweets, and hollers or produced other funny sounds that sometimes resembled the sounds of hens cackling or a seagull's cry." Het Willem Breuker Kollektief is in Indonesië. Sri Wahyuni van The Jakarta Post bezocht een concert van het gezelschap en schreef een recensie. Klik
    hier voor de hele tekst.

    (Erno Mijland, 19.12.05) - [print] - [naar boven]





    Pianodriedaagse in Rotterdam presenteert Paul Bley

    In theater Lantaren/Venster in Rotterdam wordt vanaf donderdag 22 december tot en met zaterdag 24 december de driedaagse 'Masters of the piano' gehouden. Het program-ma wordt op 22 december geopend door het Michiel Borstlap Trio (met Ernst Glerum en Han Bennink). Op 23 december is er een optreden van het trio van de Turkse pianist Aydin Esen. Dit trio speelt nieuw werk van Aydin Esen: een samenkomst van jazz, heden-daagse en geïmproviseerde muziek. Verbluffend samenspel door drie musici wier buiten-gewone vaardigheden hen in staat stellen zich schijnbaar moeiteloos door een subtiel web van harmonisch, melodisch en ritmisch contrapunt te bewegen. Het Aydin Esen Trio slaagt erin stijlen en muzikale tradities van vele continenten te verenigen tot een opwindend mengsel. Op 24 december wordt de driedaagse afgesloten met een exclusief soloconcert van de grootmeester Paul Bley.

    Pianist Paul Bley behoort tot de meest invloedrijke pianisten in de moderne jazz. Zijn muziek slaat een brug tussen een lyrische harmonieuze speelwijze en vrije improvisatie. Bley studeerde in het begin van de jaren vijftig op de Julliard School of Music en speelde met bekende en moderne musici als Charlie Parker, Charles Mingus, Jackie McLean, Phil Woods, Chet Baker en Art Blakey. Hij speelde zelfs een tijdje in het begeleidingstrio van tenorsaxofonist Lester Young. Eind jaren vijftig ontmoette hij Ornette Coleman en Don Cherry, die vanuit het bebopidioom vrijer improviseerden. Bley, die zoekende was naar een nieuwe benadering van de bopmuziek, was enthousiast over de nieuwe speelwijze en sloot zich aan bij deze 'nieuwlichters'. In 1958 werd van die groep het concert in de Hillcrest Club in Los Angeles opgenomen en op de plaat gezet met als titel 'The Fabulous Paul Bley Quintet'. In de ritmesectie van het kwintet zaten bassist Charlie Haden en drummer Billy Higgins.

    Bley behoorde vanaf dat moment tot de prominente eigentijdse pianisten. Hij gaf soloconcerten, formeerde eigen trio's (o.a. met bassist Gary Peacock en drummer Paul Motian) en speelde in het trio van Jimmy Giuffre, waarmee hij in 1961 voor het eerst in Europa op tournee ging. In 1963 werd hij pianist in het kwartet van Sonny Rollins. Hij werd lid van het befaamde Jazz Composers Guild, samen met onder meer Archie Shepp, Cecil Taylor, Sun Ra en Roswell Rudd. Dit verbond organiseerde concerten, produceerde platen en zorgde zelf voor promotie. Met zijn tweede vrouw Anette Peacock (zijn eerste was Carla Bley) experimenteerde Bley met elektronica. Hij was één van de eerste jazz-muzikanten die zinvol op synthesizers speelde. In 1974 richtte hij het kleine label IAI Records (Improvising Artists) op. Op dat label verschenen de eerste opnamen van Pat Metheny en Jaco Pastorius. Sinds midden van de jaren zeventig nam Bley tientallen albums op voor labels als SteepleChase, Soul Note, ECM en natuurlijk IAI.

    Meer weten?
  • Onze recensie van de cd 'Coffee & Jazz' van het Michiel Borstlap Trio.

    (Jacques Los, 15.12.05) - [print] - [naar boven]





    Vakbroeders in het riet delen gevoel en ritmiek
    Oguz Büyükberber en Michael Moore, maandag 11 december 2005, Van Abbemuseum, Eindhoven

    Het klinkt als een behoorlijk pittige uitdaging: klim met zijn tweeën op het podium met
    elk alleen een (bas)klarinet en laat het publiek een uur lang ademloos luisteren. Oguz Büyükberber (Turkije) en Michael Moore (Verenigde Staten) pakken die handschoen schijnbaar zonder enige schroom op. De twee in Nederland wonende klarinettisten verzorgden een bijzonder boeiend concert in het Auditorium van het Van Abbemuseum
    in Eindhoven.

    Beide muzikanten speelden zowel basklarinet als klarinet, instrumenten die in grotere ensembles normaal gesproken vooral ingezet worden voor de melodie. Maar Büyükberber en Moore schilderden van een breder palet, waarin ook veel ruimte was voor ritmiek en swing. Büyükberber deed dat onder andere door ritmisch lucht door zijn instrument te blazen zonder het riet mee te laten trillen en door in een van de nummers te 'klakken'
    met zijn tong tussen het blazen door. Het duo stopten ook veel ritmiek in de melodieën, bijvoorbeeld door de melodielijn af te wisselen met korte opeenvolgende basstoten.

    Er werden eigen composities en improvisaties gespeeld, waarin de interactie tussen de twee vakbroeders een grote rol speelde. De muziek klonk vooral transparant en ingeto-gen, zachtaardig en gevoelig, maar nu en dan werd een mooie spanningsboog opgebouwd tot pittige uitspattingen. Qua virtuositeit deden de twee niet voor elkaar onder. Beide muzikanten lijken daarnaast in belangrijke mate de muzikale traditie van hun moederland geïncorporeerd te hebben in een gemeenschappelijk muzikaal esperanto waarin invloeden uit jazz, klassiek, klezmer en Arabische muziek bijna onherkenbaar zijn verweven. Slechts in een nummer koketteerde Büyükberber met de Turkse traditionele muziek.

    De akoestiek van het Auditorium bleek perfect voor deze intieme combinatie waarin sub-tiele klanken soms letterlijk de boventoon voerden: van het klikken van de kleppen tot het zachte zoemen van het laag in de basklarinetten.

    Klik hier voor een fotoverslag van dit concert.

    Deze recensie verscheen eerder in Eindhovens Dagblad.

    (Erno Mijland, 14.12.05) - [print] - [naar boven]





    Jazz-explosie in hartje Amsterdam
    Shooster, maandag 5 december 2005, Old Quater, Amsterdam

    Op Sinterklaasavond is te verwachten dat niet zoveel jazzliefhebbers op pad gaan om hun portie live-jazz te consumeren. Toch een verrassing dat de Old Quater in Amsterdam om 21.00 uur al behoorlijk gevuld was. Maar deze avond stond dan ook het kwartet van contrabassist Sven Schuster geprogrammeerd.

    Sven Schuster geniet een toenemende bekendheid door stuwende participaties in de Nordwest Bigband, de Aros Group, zijn samenwerking met Steve Altenberg en saxofoniste Suzanne Alt en door albums als
    'Shooster' (inclusief een strijkersgroep) en 'Three’s A Crowd'. De huidige samenstelling van het Sven Schuster Quartet, dat nu Shooster heet, bestaat uit de leider op contrabas, Anton Goudsmit op gitaar, Efraïm Trujillo op tenorsax en Victor de Boo op drums. De Boo is de vervanger van Altenberg, die naar de States is teruggekeerd. Kortom, een aansprekende bezetting die de nodige verwachting bij de aanwezigen opwekte.

    En vanaf half tien gebeurde het: van meet af aan brak een heuse jazz-explosie los met stimulerend hardbop-spel, afgewisseld met zeer gevoelige harmonieuze stukken. Er was schitterend samenspel van Schuster met Goudsmit. Ook de gestreken baspartij in combi-natie met de sopraan- en tenorsax bespelende Trujillo leverde prachtige klankkleuren op. Veel eigen werk, afkomstig van het Shooster-album, passeerde de revue, met sterk inlevend spel, waarbij de indruk werd gewekt alsof alle vier de musici om elkaar heen gevlochten aan het excelleren waren. Ook kwamen overgangen naar de rockjazz voor, althans de muziek leunde hier regelmatig tegenaan door een zware groove.

    Goudsmit, haast jubelend meeneuriënd met zijn gitaar, leek de noten wel uit zijn voet-zolen te persen, zijn hele lichaam daarbij swingend meebewegend. Trujillo is een soepel spelende saxofonist die zijn solopartijen doorspekt met lange uithalen, afgewisseld met technisch vernuftige harmonieuze passages. De Boo voelt zich in deze groep als een vis in het water; hij luistert aandachtig naar zijn medemusici en juint de groep op de juiste manier behoorlijk op. En Schuster is een zeer stimulerende musicus, die zijn instrument compleet beheerst en hieraan de meest fantastische muziek weet te ontlokken.

    Het aanwezige publiek beleefde één van die zeldzame avonden, waarbij je de indruk krijgt alsof de chemie tussen de musici over slaat op het aanwezige publiek. Bij de aanvang van de jamsessie, die veel later dan gebruikelijk startte, vond - als een soort dessert - een intens duo-optreden plaats met Schuster op gestreken bas en altsaxofoniste Suzanne Alt. Zelfs een irritant rinkelende telefoon kon de opgebouwde spanning onder het ademloos luisterende publiek niet breken. Wat een avond!

    Recensie: Rolf Polak

    (Cees van de Ven, 13.12.05) - [print] - [naar boven]



    Planet Internet interviewt Sonny Rollins

    Saxlegende en perfectionist pur sang Sonny Rollins in een interview met Rita Jager: "Ik ben nooit tevreden met wat ik doe. Je moet blijven oefenen, want je krijgt geen ideeën als je niet oefent. Als je oefent, komen ze vanzelf naar je toe." Lees het interview
    hier.

    (Maarten van de Ven, 13.12.05) - [print] - [naar boven]





    Inspirerend tenorengeweld in Vredenburg
    Tenority, zaterdag 3 december 2005, Muziekcentrum Vredenburg, Utrecht

    De liefhebber van het riet kon op deze zaterdagvond zijn hart ophalen. Vier tenoren op rij. Rein de Graaff had in het kader van zijn 'vervolgcursus jazz' bepaald niet de minste tenoristen verzameld op het podium van de kleine zaal van Muziekcentrum Vredenburg: Don Braden, Lew Tabackin, John Ruocco en Simon Rigter. Het kon haast niet anders dan dat het repertoire van deze all-star bezetting nogal voorspelbaar was. Desalniettemin ging het natuurlijk a priori om de competitieve soli. Wat dat aangaat was er niets te klagen. In nummers als 'Doxy', 'Stablemates' en de klassieker 'Perdido' kregen de vier gladiatoren op rij ruimschoots gelegenheid te soleren.

    Qua technisch vermogen was er nauwelijks onderscheid te constateren. Daarentegen waren er opzienbare verschillen in toonvorming en improvisaties. Dat bleek al duidelijk in het openingsnummer, Benny Golsons 'Stablemates'; de ronde toon en melodische lijnen van Braden, de warme robuuste sound en op Rollins geïnspireerde solo van Tabackin, het zeer aparte sonore geluid en idem dito technisch vaardige improviseren van Ruocco, en Rigters op Coltrane geënte lijnen en geluid. Een hoogtepunt van het concert vormde de geheel solo gespeelde ballad 'I Don’t Stand A Ghost Of A Chance With You' door Lew Tabackin. Met zijn volle warme toon in zowel het lage als hoge register, zo nu en dan grommend als een R&B screamer plus zijn melodische benadering van de prachtige ballade werd een lesje subliem saxofoon spelen gegeven.

    De ballad van de tweede set, de tenorsax-standard 'Body And Soul', werd als change chorussen door de vier tenoristen zeer fraai vertolkt. Miles Davis' 'Solar' was een feature voor Tabackin op dwarsfluit en Ruocco op klarinet. Op hun 'tweede' instrument vertoon-den beiden eveneens een formidabel technisch kunnen en improvisatievermogen. Het programma werd besloten met sessietopper 'Perdido', waarbij ook de aanwezige Sjoerd Dijkhuizen werd uitgenodigd deel te nemen aan dit tenorsax-feestje. Het spreekt vanzelf dat na dit inspirerende tenorengeweld een toegift niet kon uitblijven. Met de medium blues 'Blue Monk' werd de avond toepasselijk afgesloten. Tenslotte zij nog vermeld dat de met anekdotes doorspekte aankondigingen van De Graaff zeer relaxed, aangenaam en relevant waren, en dat zijn trio de tenorheren adequaat en bekwaam begeleidde.

    (Jacques Los, 12.12.05) - [print] - [naar boven]





    Consistente kwaliteit van het Ad Colen Quartet
    maandag 11 november 2005, Kraaij & Balder, Eindhoven

    Het was de tweede keer dat het Ad Colen Quartet met pianist Gé Bijvoet (hij verving de zieke Rob van Bavel) hier optrad en dat zegt voldoende. Deze interessante saxofonist/ componist verdient het simpelweg om gehoord te worden. Vanavond werd ruimschoots geciteerd uit zijn onlangs verschenen album 'Bitter But Sweet'. De bezetting bestond verder uit Erik Roobaart (contrabas) en Jasper van Hulten (drums). Colen speelde afwisselend tenor- en sopraansax.

    Het repertoire bestond uit oudere en nieuwe eigen composities, met uitzondering van de ballad 'Aagje' geschreven door Geert Roelofs. Kenmerkend voor alle composities van de leider is zijn voorkeur voor melodie. Trefzeker schrijft hij pakkende lijnen, waarin men naar hartelust ruimte vond voor interessante improvisaties. Hij beweegt zich in een eigentijds post-bop idioom en is altijd glashelder. Een programma met ballads, latin-feel en catchy stukken.

    Bijvoets spel verdiende lof. Hij wist het gemis van Van Bavel volstrekt adequaat te compenseren. Slechts sporadisch was er enige aarzeling vanwege gebrek aan gedegen speelervaring van het repertoire. Een prestatie van formaat. Erik Roobaarts baswerk was weer voortreffelijk. Met een stevige toon en dito spel geeft hij het geheel body. Aan-sprekend was onder meer zijn solo in Roelofs' 'Aagje', waarin ook gloedvol lyrisch spel van Bijvoet.

    Colen blies trefzeker soepel met een aangenaam sympatiek geluid op beide saxen. Hij is een storyteller bij uitstek, expressief en steeds met overtuiging. Met zijn prachtige vertolking van 'Camiel', waarbij ook de overige musici bovenaards speelden, hield hij zijn toehoorders sprakeloos in de ban. Coming man Jasper van Hulten 'las' intelligent het spel van zijn kwartetleden, ondersteunde, vulde aan en in. In alle rust speelde hij met groot inlevingsvermogen, muzikaal en sfeervol een rol van betekenis in dit gezelschap. Het Ad Colen Quartet bracht een jazzavond met uitsluitend hoogtepunten.

    Klik hier voor een fotoverslag van dit concert.

    Meer weten?
  • De website van Ad Colen.
  • Onze recensie van zijn cd 'Bitter But Sweet'.

    (Cees van de Ven, 9.12.05) - [print] - [naar boven]





    Topimprovisatoren imponeren met spannende muziek
    Frank Gratkowski Double Quartet, zaterdag 5 november 2005, Bimhuis, Amsterdam

    Na de eerder uitgebrachte dubbelaar 'Loft Exile V', "een perfecte cd, zowel op artistiek als geluidstechnisch gebied", waren de verwachtingen hooggespannen bij uw recensent voor aanvang van het concert van het Frank Gratkowski Double Quartet. Met een zinderend spannend optreden in het Bimhuis werden die verwachtingen dubbel en dwars waar-gemaakt. Twee prikkelende sets vol interessante en vernieuwende muzikale vergezichten. Een concert waarin écht werd gecommuniceerd en niemand ter meerdere eer en glorie van zichzelf speelde.

    Klik hier voor een uitgebreide recensie en hier voor een fotografische impressie van dit concert.

    (Maarten van de Ven, 8.12.05) - [print] - [naar boven]





    Andrew Hill weer terug bij Blue Note

    42 Jaar na zijn debuut-lp op Blue Note Records heeft de eigenzinnige pianist/componist Andrew Hill opnieuw getekend bij dit label. Het wordt alweer zijn derde contractperiode aldaar. Zijn eerste release staat gepland op 22 februari 2006: 'Time Lines'. Hij nam deze cd op met zijn nieuwe kwintet, met een zeer intrigerende bezetting: trompettist Charles Tolliver, rietblazer Greg Tardy, bassist John Hebert en drummer Eric McPherson. Het album is geproduceerd door Michael Cuscuna, bekend van geremasterde heruitgaven van klassiek jazzwerk, bijvoorbeeld voor zijn eigen Mosaic-label.

    Andrew Hill werd door de founding fathers van Blue Note, Alfred Lion en Francis Wolff, beschouwd als "the next Thelonious Monk". In de jaren 1963-1970 nam hij een serie opzienbarende albums uit voor het label, zoals 'Black Fire', 'Judgement', 'Point Of Depar-ture' en het met een nonet opgenomen 'Passing Ships' uit 1969, dat pas in 2003 werd uitgebracht na de vondst van de orginele geluidsbanden.

    Hill keerde in 1989 terug bij Blue Note Records met de albums 'Eternal Spirit' en 'But Not Farewell', waarmee hij de altsaxofonist Greg Osby onder de aandacht bracht van het label. De afgelopen jaren oogstte de pianist veel lof met een tweetal cd's voor Palmetto Records, 'Dusk' en 'Beautiful Day'. Zo won hij in 2003 de Jazz Journalist Association's Composer of the Year Award.

    Meer weten?
  • De website van Andrew Hill.
  • Onze recensie van een concert van het Andrew Hill Trio met Von Freeman op 24 maart 2005.
  • Onze recensie van het concert van de Andrew Hill Big Band tijdens North Sea Jazz 2005.

    (Maarten van de Ven, 7.12.05) - [print] - [naar boven]





    Brits tv-debuut Louk Boudesteijn


    Trombonist Louk Boudesteijn maakt komende vrijdag 9 december zijn Britse tv-debuut in een uitzending van de Friday Night Show (BBC 1, 23.35 uur), gepresenteerd door Jonathan Ross. Hij zal met de Britse popster Paul Weller onder andere de nummer-1-hit 'Here's The Good News' spelen.

    (Erno Mijland, 7.12.05) - [print] - [naar boven]





    Inschrijving Deloitte Jazz Award 2006 gestart

    De inschrijving voor de Deloitte Jazz Award 2006 is van start gegaan. Jazzmusici kunnen voor het vijfde achtereenvolgende jaar meedingen naar deze onderscheiding, waaraan een geldbedrag is verbonden van € 20.000. De inschrijfperiode sluit op 2 februari 2006, de uitreiking van de prijs is op 17 mei 2006 in het Bimhuis.

    De Deloitte Jazz Award is bestemd voor talent deserving wider recognition. In aan-merking komen jonge in Nederland gevestigde jazzmusici die al een zekere bekendheid hebben verworven, leiding geven aan een ensemble, (deels) eigen repertoire componeren en beschikken over de persoonlijkheid en de nodige ambitie om een internationale carrière te kunnen verwezenlijken. De prijs werd eerder gewonnen door Oene van Geel (2002), David Kweksilber (2003), Joris Roelofs (2004) en Stefan Lievestro (2005).

    De jury wordt voorgezeten door Peter Krom en bestaat verder uit Hein van de Geijn (musicus, producer, docent), Paul Gompes (coördinator Dutch Jazz Connection), Amanda Kuyper (muziekjournalist), Jan Menu (musicus, producer) en Bert Vuijsje (journalist, jazz-recensent).

    Klik
    hier voor meer informatie over deze prijs.

    (Erno Mijland, 5.12.05) - [print] - [naar boven]





    Richard Galliano New York Trio - 'Ruby, My Dear' (Dreyfus Jazz, 2005) ****

    Zwierig, ongecompliceerd en warm... de muziek van Richard Galliano op 'Ruby, My Dear' heeft een groot 'leven als God in Frankrijk'-gehalte. En daar hoort ook een scheutje melancholie bij. Op het album is de accordeonist te horen met bassist Larry Grenadier en drummer Clarence Penn in een concert uit 2004 in Italië.

    Er komen voornamelijk eigen composities voorbij, waarin Galliano put uit musette en de rijke jazztraditie. Eric Satie's 'Gnossiene No 1' krijgt een up-tempo benadering en de titelsong, de bekende Monk-compositie, wordt ontdaan van alle tegendraadsheid die de componist zelf in zijn uitvoeringen uitte.

    Het album zit als een ruime broek van soepel stof, proeft als een jonge Bordeaux met frisse tonen van bessen en het zoete van vanille en staat als een huis onder de Franse zon. Kortom, een uurtje gemakkelijke en toch boeiende jazz.

    Meer weten?
  • Onze recensie van het album 'Panamanhattan' van Ron Carter en Richard Galliano.

    (Erno Mijland, 4.12.05) - [print] - [naar boven]



    Oudejaarsconcert in Musis Sacrum met Nathalie Loriers

    Op 30 december komt de Waalse pianiste Nathalie Loriers naar Musis Sacrum in Arnhem voor een speciaal oudejaarsconcert. Loriers wordt begeleid door Philippe Aerts op bas, Kurt van Herck op saxofoon en Joost van Schaik op drums.

    Loriers, uit het Belgische Namen, is een talentvolle componist, arrangeur en uitvoerend musicus. Ze heeft inmiddels vijf cd's op haar naam staan en maakt onder meer deel uit van het Brussels Jazz Orchestra. Ze leidt daarnaast verschillende groepen: een trio, een duo met Philippe Aerts, een septet en een cross-over project met de titel Chemins Croisées.

    Het concert wordt mogelijk gemaakt door de stichting Kunst en Cultuur Gelderland en is een samenwerkingsproject van stichting Jazz in Arnhem en Musis Sacrum / Schouwburg Arnhem.

    Meer weten?
  • Onze recensie van het concert van het Nathalie Loriers Trio op 23 september jl. in Paradox.

    (Maarten van de Ven, 4.12.05) - [print] - [naar boven]



    NJA Jazz Bulletin vernieuwd

    Een geheel herziene vormgeving, een bredere journalistieke aanpak en een uitgebreide redactie met nieuwe medewerkers: na veertien jaar is het Bulletin van het Nederlands Jazz Archief grondig gereviseerd. De opzet van het Jazz Bulletin blijft ongewijzigd: reconstructies, portretten en verhalen uit de rijke Nederlandse jazzgeschiedenis, aangevuld met signalementen van recent verschenen cd's en boeken. Nieuw is dat het Jazz Bulletin daarbij minder de nadruk zal leggen op de jazzmuziek tot circa 1960, en ook recentere ontwikkelingen aan bod laat komen. Ook met de inzet van nieuwe columnisten en rubrieken hoopt de redactie een zo breed mogelijke groep geïnteresseerde lezers te bereiken.

    Geïnteresseerd in het Nederlands Jazz Bulletin? Vraag nu een gratis proefexemplaar ter waarde van € 4,55 aan door naam, adres en telefoonnummer te mailen naar
    info@jazzarchief.nl.

    (Jacques Los, 2.12.05) - [print] - [naar boven]





    Warme harmonieuze jazz in zeer oud Amsterdam
    David Golek & Old Quarter Trio, maandag 21 november 2005, Old Quarter, Amsterdam

    Van meet af aan ging het Old Quarter Trio, in de Warmoesstraat in zeer oud Amsterdam, er tegenaan. Dit trio speelt - al drie jaar in ongewijzigde samenstelling - op elke maan-dagavond in deze locatie en bestaat uit pianist Wolfgang Maiwald, slagwerker Joost Kesselaar en contrabassist Thomas Winther Andersen. Deze avond begeleidde het Old Quarter Trio de zeer origineel spelende gitarist David Golek. Nadat er aanvankelijk angstvallig weinig toeschouwers waren op deze avond, liep de zaak geleidelijk aan vol met toeschouwers met opvallend veel verschillende nationaliteiten, niet verwonderlijk in deze toeristische buurt.

    Opvallend was tevens dat Maiwald een orgel had geïnstalleerd, dat zodanig afgesteld was alsof je naar een volwaardige Hammond B3 zat te luisteren, althans hij bleek in staat om deze zo vertrouwde sound aan dit instrument te ontfutselen. Winther Andersen speelde zoals gebruikelijk sterk stuwend op de contrabas en Kesselaar begeleidde vakkundig en juinde van tijd tot tijd de solisten lekker op. Maar de belangrijkste solist was deze avond zonder meer gitarist Golek. Hij bleek bijzonder sterk in zijn opbouw en liet een eigen sound horen in de gespeelde stukken, waaronder veel eigen werk.

    David Golek is in Parijs geboren en groeide op in Argentinië en Israël, Hij woont sinds 1997 in Nederland en heeft met de Gerard Kleijn Groep en onder eigen naam albums het licht laten zien. Golek speelt met plectrum en bezit toch het warme geluid van spelen met de duim, waarbij het omfloerste geluid van zijn Gibson-gitaar een handje meehelpt.

    Een ander hoogtepunt op deze avond vormde het samenspel van piano en contrabas, onder andere in 'How Deep Is The Ocean', waarbij het net leek of Lennie Tristano ook nog even langs kwam. Halverwege de avond stapte Maiwald van het orgel over op de piano, wat een betere en contrastvollere combinatie met gitaar bleek op te leveren.

    Het concert werd afgesloten met een boeiende vertolking van Thelonious Monks 'Pannonica'. En het leuke aan deze optredens op de maandagavonden is ook het feit dat vanaf een uur of half elf er uit allerlei straten en stegen van het oude Amsterdam veel - vooral jeugdig - jazztalent de weg weet te vinden naar dit hotelcafé Old Quarter om te komen spelen. Want vanaf dit tijdstip vangt de jamsessie aan, die steeds tot een uur of een gehouden wordt. Kijkend naar de programmering voor de komende maandagavonden is te verwachten dat weer veel jazzliefhebbers deze swingende plek zullen weten te vinden.

    Recensie: Rolf Polak

    (Cees van de Ven, 2.12.05) - [print] - [naar boven]





    Interview Gerald L. Cannon

    "Ik heb gespeeld met Elvin Jones tot aan zijn dood. Nou heb ik met wel meer grote drummers gespeeld. Art Blakey, Billy Higgins, en drie jaar geleden nog met Jimmy Cobb. Maar die tijd met Elvin Jones sloeg alles. Mijn grote les van Elvin: hij werkte niet hard. He's not beating the shit out of those drums. Ik kon spelen met alleen een microfoon en zonder monitor, en hoorde mezelf prima. Alles wordt gemakkelijk met zo'n grootheid achter de drums."

    De Amerikaanse bassist Gerald L. Cannon in gesprek met Marten Schulp. Lees
    hier het complete interview.

    (Maarten van de Ven, 1.12.05) - [print] - [naar boven]





    Stranger than Paranoia 2005 maakt een muzikale wereldreis

    Tussen 24 en 29 december vindt in het Tilburgse muziekpodium Paradox de dertiende editie plaats van Stranger than Paranoia. Deze editie van dit verrassende festival wordt er een met een behoorlijk internationaal aandeel. Alle buitenlandse groepen komen spe-ciaal over en hun optredens zijn exclusief in Nederland. Enkele van deze bands hebben niet of nauwelijks eerder in Nederland opgetreden. Organisator Paul van Kemenade: "Zo kunnen we kennis maken met zeer verrassende en ijzersterke muziek uit landen, waarvan we niet zo ontzettend veel weten. Ook laat het festival zien, dat muzikanten geen enkele grens meer erkennen en zich onbekommerd laten beïnvloeden door de muzikale rijkdom van andere culturen."

    Op elke avond vinden drie optredens plaats. De originele, bijna dwarse programmering verkent een breed scala aan muziek. Een greep uit het programma? De wedergeboorte van Chopin als jazzpianist in de persoon van Andrzej Jagodzinski uit Polen, die met zijn trio aantreedt. Pompende feestelijke tuba's met een excentrieke mix van klassiek, jazz, rock, funk en soul bij de Oostenrijks-Britse band Heavy Tuba. Pianiste/componiste Titia van Krieken (voorheen actief in o.a. the Nits), die van het festival een carte blanche kreeg en een eigen 13-koppige big band samenstelde. De elektronisch aangestuurde saxofoons van Podium Prijs-winaar Jorrit Dijkstra. Het veelgeroemde Podium Trio (Wierbos, Van Kemenade en Kuiper), dat na een pauze van acht jaar weer bij elkaar is gekomen. De fascinatie voor onregelmatige maatsoorten bij Pierre Courbois' 5/4 Sextet. En uiteraard het traditionele kerstavondconcert door het Paul van Kemenade Quintet, met dit jaar als gasten tenorsaxofonist Yuri Honing en trompettist Rik Mol.

    Klik hier voor het volledige programma.

    Meer weten?
  • Stranger than Paranoia gaat on the road! Lees het hier.

    (Maarten van de Ven, 1.12.05) - [print] - [naar boven]


    Lees verder in het archief...






  • Menupagina's:

    Redactieadres:

    Hoekstraat 1 B17
    3910 Neerpelt
    België
    (0032) 11747180
    (0032) 498788554

    Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken?
    Mail de redactie.