Draai om je oren
Jazz en meer - Weblog





 


Cd
Simon Rose & Steve Noble - 'North Sea Night' (Not Two, 2019)

Opname: 4 februari 2018

Saxofonist Simon Rose en percussionist Steve Noble kennen elkaar al even. Sinds 1998 zitten ze, samen met bassist Simon H. Fell, in het in 1994 opgerichte trio Badland. Noble nam toen de stokken over van Mark Sanders. In februari 2018 stonden ze samen op het podium tijdens Jazz North East, Rose op baritonsax en Noble op drums, en speelden drie geïmproviseerde stukken met als hoogtepunt het ruim een half uur durende 'North Sea Night'. Het stuk waar het album zijn titel aan ontleent en waar het duo mee aanvangt. Aanvankelijk wisselen ze elkaar af met krachtige patronen die komen en gaan als de branding. Gaandeweg lopen de patronen in elkaar over tot een enerverende maalstroom van klanken. En ja, als je dertig jaar met elkaar samenspeelt, voel je elkaar wel aan. Als het tempo weer wat zakt en de twee een soort van dialoog met elkaar aangaan, is dit bijzonder goed te horen.

Wat we hier ook horen is dat we met twee bijzondere musici van doen hebben, voor het geval we dat nog niet wisten. Noble is een bijzonder creatieve drummer die zeer kleurrijke klanken aan zijn kit weet te ontlenen en ook Rose valt op met zijn spel. De reikwijdte aan klanken die hij uit zijn baritonsax haalt, is niet minder indrukwekkend. We krijgen het typische laag, soms schurend en brommend, maar ook onverwacht hoge klanken, die je niet in eerste instantie met dit instrument associeert.

De drumsolo rond de achtiende minuut vormt een onmiskenbaar hoogtepunt: wat een gevoel voor ritme en timing heeft deze man! En dan is het na 25 minuten tijd voor een solo van Rose. Groots wat hij hier doet met zijn instrument: zijn adem optimaal doserend laat hij hier de klank zorgvuldig verschieten. Het mondt uit in een, middels circulaire ademhaling gecreëerde, krachtige en meeslepende stroom klanken. Dan kan het allemaal echter nog heftiger. Snel opeenvolgende passages, waar Noble een aanknopingspunt inziet om weer aan te haken en dit stuk naar een onmiskenbaar hoogtepunt te helpen.

Met zo'n stuk is een concert eigenlijk voltooit. Weliswaar zitten we op ruim een half uur, maar de intensiteit is dusdanig dat het veel langer lijkt. Maar het duo besliste anders en speelde nog twee stukken, samen goed voor bijna een kwartier. 'Sectet Sharer' kenmerkt zich door het ritmische spel van Noble, wat Rose inspireert tot een stomende, sterk repetitieve partij, waar iedere keer weer net een tandje bij blijkt te kunnen. Hij blaast hier de longen uit zijn lijf en ja, dat hou je geen vijf minuten vol. 'Mass' vangt subtieler aan, met geheimzinnig percussiespel en donkere baritonklanken, en klinkt in het verdere verloop op een grillige wijze meeslepend.

In de Jazztube kun je genieten van de integrale uitvoering van 'North Sea Night'.

Steve Noble treedt op tijdens Summer Bummer in DE Studio, Antwerpen. Op vrijdag 23 augustus met Farida Amadou en Peter Brötzmann en op zaterdag 24 augustus met Farida Amadou en Thurston Moore.

Labels: ,

(Ben Taffijn, 18.8.19) - [print] - [naar boven]





Scene report
Jazz Middelheim 2019 opent met sterke kruisbestuivingen


De 38e editie van Jazz Middelheim startte traditioneel weer met een Jazztalk voorafgaand aan het eerste concert. Ondanks de New Yorkse jazzkenner en radiopresentator Simon Rentner, die het kringgesprek leidde (waar is Ashley Kahn gebleven?) ontspon zich een interessante discussie over zwarte muziek, activisme en de rol van de muzikant daarin. Saxofonist David Murray, bassist Rahsaan Carter, rapper Kokayi (Carl Walker) en later ook slam poet Saul Williams, die de zaak meteen flink opschudde met enkele rake observaties. Hoe werkt het verleden van slavernij en racisme door in de muziek van nu? Waarom wil de gevestigde orde steeds maar 1 woordvoerder die de Afro-Amerikanen representeert op een bepaald gebied? Het is immers niet alleen Wynton Marsalis die bepaalt wat jazz is, al werd hij in staat gesteld om dat debat jarenlang te domineren met zijn visie. Murray wees erop dat ook in de black community zoveel meer diversiteit in opinies is te vinden. Maar voor de machthebbers, de gevestigde orde, komt het soms juist goed uit om te doen voorkomen dat bijvoorbeeld zwarte muziek iets monolitisch is, zo opperde Carter. Zo werd hiphop bij het grote publiek al snel synoniem voor gangsterrap, met 'the nigger as bad guy', om er vervolgens wel miljoenen aan te verdienen, terwijl groepen als De La Soul en A Tribe Called Quest met hun doordachtere teksten en muziek werden afgedaan als 'underground'. Te lief en te intelligent misschien?

Saul Williams en Kokayi toonden die urgentie ook toen ze in actie kwamen bij de concerten van David Murray en Ambrose Akinmusire, de artist in residence van Jazz Middelheim 2019. Murray's kwartet, met de uitblinkende ritmetandem Rahsaan Carter en Hamid Drake, was en plein forme. Williams' woorden raakten ook zeker een snaar en gaven een extra cachet aan het concert. Maar echt bijzonder werd het bij Akinmusire, die een geslaagde cocktail bracht van jazz en klassiek met popstructuren en de indrukwekkende hiphop-skills van Kokayi. Waarmee weer eens werd aangetoond dat jazz in al zijn facetten en verschijningsvormen nog steeds volop uit het maatschappelijk leven zelve put. Een mooi begin van deze editie.

Klara zorgt voor live verslaggeving van Jazz Middelheim. Presentatoren Lies Steppe, Bart Vanhoudt en Karel Van Keymeulen serveren gesprekken met muzikanten en bezoekers. Alle concerten worden rechtstreeks uitgezonden en zijn achteraf terug te luisteren. Je kunt het festival hier volgen.

Labels: , ,

(Maarten van de Ven, 16.8.19) - [print] - [naar boven]



Cd
Pak Yan Lau & Lionel Malric - 'Duo Pour 454 Chordes' (El Negocito, 2018)

Opname: voorjaar 2014

Het is weer eens wat anders, twee geprepareerde piano's. Maar onder de handen van Pak Yan Lau en Lionel Malric leidt dit toch tot iets bijzonders, getuige 'Duo Pour 454 Chordes', dat opnames bevat uit 2014 en dat vorig jaar verscheen op het Gentse El Negocito-label.

Lau is mij bekend. Deze multi-instrumentaliste bivakkeert in Brussel en maakt daar actief deel uit van de undergroundscene. Regelmatig is ze bovendien te gast in Antwerpen bij concerten georganiseerd door Sound in Motion. De Fransman Malric is voor mij geheel nieuw, hij blijkt vooral actief in de rock- en folkscene.

Bij geprepareerde piano gaat mijn eerste gedachte uit naar de hedendaags gecomponeerde muziek en dan met name naar de man die hier voor het eerst grootscheeps gebruik van maakte: John Cage. Wat Lau en Malric doen, is echter van geheel andere orde. En het is dat je weet dat het hier toch echt louter om twee piano's gaat, want wat je hoort is een compleet percussie-ensemble, samen met een serie oosterse strijkinstrumenten. De stijl van de muziek in opener 'Lost And Found: Turdus Merula' doet daar overigens ook aan denken. Melodie en ritme ontbreken, wat we horen is een klankspel op hoog niveau. De sfeer in 'Mount Tune' is een andere. Hier stroomt de muziek, steeds heftiger, obstakels glad strijkend. Tot er simpelweg te veel blijken te zijn en we in een mijnenveld van dissonanten belanden. Ook bij 'Lhotse, Nuptse Ou Lhaotse' ben je weer verbaasd dat dit allemaal kan met twee piano's. Ik hoor in dit bijna meditatieve stuk vol hypnotiserende klankgolven toch echt strijkers en blazers.

Zeer subtiel gaat het eraan toe in 'Shredded Tears Make Misty Clouds (On A Winter Day Whithout Jackets And Gloves)'. Een prachtige klankwereld wordt hier gecreëerd. Twee normaal gespeelde noten keren steeds terug, als een ankerpunt. Daarbinnen gebeurt van alles: het geluid van een gestreken snaar, wolken van klank, percussie-achtige ingrepen. Gaandeweg loopt het tempo op, doet ritme zijn intrede en komen we in een maalstroom van sound terecht. Afsluiter 'Les Baleines Du Negoiou' begint ook vrij rustig, in een slepend ritmisch patroon, maar al snel kruipt er iets onheilspellends in de muziek en krijgt het slepende een getergd karakter.

Klik hier om dit album te beluisteren. 

Op vrijdag 23 augustus treedt Pak Yan Lau op samen met Ada Rave, Jasper Stadhouders, Audrey Lauro en Adam Cadell tijdens Summer Bummer in DE Studio, Antwerpen.

Labels:

(Ben Taffijn, 15.8.19) - [print] - [naar boven]



Vooruitblik
Summer Bummer 2019


Het is Koen Vandenhoudt en Christel Kumpen van Sound in Motion wederom gelukt en dat is nog voorzichtig uitgedrukt. Op vrijdag 23 en zaterdag 24 augustus vindt in DE Studio te Antwerpen weer het jaarlijkse Summer Bummer Festival plaats. En ja, als liefhebber van de alternatieve, geruchtmakende jazz val je letterlijk van je stoel bij dit programma. Het gigantische netwerk, de gastvrijheid en de kennis van zaken van deze twee mensen betalen zich hier weer eens uit.

Want wie durfde er ooit nog te hopen op een treffen tussen rietblazer Peter Brötzmann en pianist Fred Van Hove? Sinds ze samen als onderdeel van Machine Gun de lont ontstaken van de Europese free jazz behoren ze tot het almaar slinkende aantal musici uit die tijd. Een optreden om naar uit te kijken, net als dat van Brötzmann met de verrassende bassiste Farida Amadou en die andere legende, drummer Steve Noble, waarmee het programma op de vrijdag aftrapt. Een van de beste acts op Rewire, eerder dit jaar in Den Haag, was Angel Bat Dawid uit Chicago. Ik kijk dan ook uit naar haar solo optreden dat ongetwijfeld uit zijn voegen zal barsten van de emoties. Dan is het inmiddels eind van de middag en willen we nog wel eens wat wegdoezelen. Nu niet. We krijgen daar met saxofoniste Hanne de Backer en drummer Paal Nilssen-Love geenszins de kans voor.

Dan is het tijd voor film in de nieuwe filmzaal van DE Studio: in 'Millford Graves Full Mantis' schetsen Jake Meginsky en Neil Young een boeiend portret van een vooraanstaande muzikant uit de Amerikaanse avant-garde: de bassist Milford Graves. Aansluitend weer volop actie. Anna Högberg Attack, de groep rond de Zweedse saxofoniste, hoorde we al eerder bij Sound in Motion en zorgde toen voor waar vuurwerk. Brussel en Amsterdam ontmoeten elkaar in een speciaal voor dit festival samengesteld kwintet, zoals gebruikelijk in de impro. Saxofoniste Audrey Lauro en multi-instrumentaliste Pak Yan Lau resideren in Brussel, saxofoniste Ada Rave en gitarist Jasper Stadhouders in Amsterdam. Ze ontmoeten de Australische violist Adam Cadell. Dat moet gaan knallen.

Bijzonder wordt ook zeker het optreden van het uit drie trombonisten (Jeb Bishop, Matthias Muche en Matthias Müller) bestaande Bone-Crusher. Eigenlijk had het een kwartet moeten zijn, maar de vierde man, Johannes Bauer overleed net voor de eerste tournee in 2016. Bishop, Muche en Müller besloten als trio verder te gaan en noemde hun eerste album toepasselijk 'Konzert Für Hannes'. Ook in dit concert zullen ze ongetwijfeld stilstaan bij de nagedachtenis van Bauer, vermengd met nieuw materiaal.

Tot slot op die eerste dag ruimte voor Michel Deneuve en zijn Cristal Baschet, een instrument dat werd ontworpen in 1952 en dat wordt bespeeld door de handen over staven kristal te bewegen, vergelijkbaar dus met de theremin. Deneuve heeft zich de afgelopen dertig jaar vergaand in dit instrument bekwaamd en speelt hier een geïmproviseerde soundtrack bij de film 'Neutral Density' van Jef Mertens.

De tweede dag begint met dat optreden van Brötzmann en Van Hove, gevolgd door M.A.N., ofwel Thurston Moore, Frida Amadou en Steve Noble. Als variatie op B.A.N. op de eerste dag waarin we Brötzmann horen, is het hier dus Moore die met Amadou en Noble optrekt. Beide optredens zullen ons straks waarschijnlijk nog lang heugen. De Deense, in Noorwegen residerende, altsaxofoniste Signe Krunderup Emmeluth hoorde ik niet eerder, evenmin als de rest van Emmeluth's Amoeba: de Deense pianist Christian Balvig en de Noren Ole Mofjell op drums en Karl Bjorå op gitaar. Maar als we kijken naar de lijst van mensen met wie Emmeluth de laatste jaren samenwerkte - Mats Gustafsson, Paal Nilssen-Love, John Edwards, Pascal Niggenkemper en Mette Rasmussen - belooft ook dit weer een spannend optreden te worden.

Dirk Serries behoeft geen introductie meer en hij blijft zijn lijst met samenwerkingen uitbreiden, getuige ook dit nieuwe trio met de Engelse baritonsaxofoniste Cath Roberts, met wie hij al eerder samenspeelde in Tonus en trombonist Tullies Rennie, die weer samenspeelde met Roberts. Zo gaat dat in die kringen. Angel Bat Dawid horen we ook op zaterdag, nu met trombonist Jeb Bishop en drummer Frank Rosaly. Na een solo-optreden van violiste Adam Cadell, die we eveneens op vrijdag treffen met het Brussel-Amsterdam project, is het tijd voor iets geheel anders: Ectoplasm Girls. 'New Feeling Come' eindigde terecht hoog in het jaarlijstje over 2016 van The Wire en bracht daarmee de Zweedse zusjes Nadine en Tanya Byrne onder de aandacht van een breder publiek. Voor wie dit verrassende elektronica-duo nog niet kent: denk aan bekendere namen als Coil, Grouper en Rashad Becker en je weet waar je hen ongeveer kunt plaatsen. Tot sloten maken Yves De Mey, eveneens elektronica, cellist Gino Coomans en drummer Louis Evrard hun opwachting, waarna dj's ons diep de zaterdagnacht in brengen.

En of dit alles niet genoeg is, zal er ook weer heerlijk huisbereid eten zijn, een platenbeurs en op zaterdagmiddag een workshop om zelf met die Cristal Baschet aan de slag te gaan. Dus, op naar Antwerpen voor twee dagen grensverleggende muziek!

Klik hier voor meer informatie over Summer Bummer.

Labels: , ,

(Ben Taffijn, 14.8.19) - [print] - [naar boven]



Cd / Jazztube
Joe Lovano / Marily Crispell / Carmen Castaldi - 'Trio Tapestry' (ECM, 2019)

Opname: maart 2018

Met Trio Tapestry verlegt saxofonist Joe Lovano andermaal zijn grenzen. Sinds in 1986 zijn eerste album verscheen, werkte hij met zo ongeveer iedereen samen die ertoe doet in de wereld van de jazz, balancerend tussen mainstream en experiment. Eén trio sprong er daarbij uit: dat met gitarist Bill Frisell en drummer Paul Motian. Het begon allemaal in 1985 met het, onder het leiderschap van Motian bij ECM uitgebrachte 'It Should’ve Happened A Long Time Ago' en duurde voort tot de dood van Motian in 2011. In die 25 jaar verscheen een handvol albums, die diepe indruk maakten. Met Trio Tapestry zet Lovano opnieuw de standaard, nu met pianiste Marilyn Crispell en percussionist Carmen Castaldi. Lovano zelf legt de lat hoog: "The divine timing of interplay ad interaction is magical. Trio Tapestry is a melodic, harmonic, rhythmic musical tapestry throughout, sustaining moods and atmospheres."

De verdienste van Crispell behoeft daarbij geen nadere uitleg, ook zij heeft zich sinds de begin jaren 80 ontwikkelt tot een van de meest gezaghebbende pianisten. Grote onbekende voor ons is Castaldi. Net zo lang actief als zijn medemuzikanten is hij altijd wat in de schaduw gebleven. Maar veel belangrijker is dat deze drie musici, die zeker geen onbekenden voor elkaar waren toen ze aan dit trio begonnen, perfect bij elkaar passen. Zet 'One Time In' op en je geeft je gewonnen. Lovano klinkt diep bewogen, met een prachtig uitgebalanceerde, fragiele toon; Crispell klinkt melodisch, zonder overdadig te zijn en Castaldi werkt vanuit de schaduw en voegt exact dat toe wat nodig is. Een rol die hij overigens in bijna alle nummers speelt - zelden ontmoet je een drummer die zich zo bescheiden kan opstellen. Een prachtig beeld van zijn kunnen krijgen we in 'Piano/ Drum Episode' en het daarop volgende 'Gong Episode', tevens twee hoogtepunten op dit album. Met een breed scala aan bekkens en andere hulpmiddelen creëert Castaldi hier een overtuigend klanklandschap, dat soms prachtig samenvalt met de klank van de piano.

Maar over het algemeen moet dit album het vooral hebben van de details. Ben je daar gevoelig voor, dan beleef je grootse momenten. Zo zijn daar de fijnzinnig klinkende solo van Crispell in 'Razzle Dazzle', afgewogen en precies; het prachtige samenspel - noem het gerust een intieme dialoog - van Crispell en Lovano in 'Sparkle Lights', waarin Lovano's woorden van hierboven volledig waargemaakt worden en de prachtige toon van Lovano in 'Mystic', terwijl Castaldi de sfeer verder aanscherpt. Je hoort het in de verte donderen.

Aan het eind van het album zitten nog twee van zulke juweeltjes. Allereerst 'Tarrassa', dat zich kenmerkt door het uitgebalanceerde vraag-en-antwoordspel van Lovano en Crispel, terwijl Castaldi andermaal zijn trefzekere slagen plaatst. Tot slot het onverwachts felle 'The Smiling Dog', waarin Lovano krachtig en gruizig klinkt, Crispell puntig en Castaldi laat horen ook flink uit te kunnen halen. De ideale uitsmijter.

Bekijk in de Jazztube een trailer voor dit album.

Het Trio Tapestry treedt op zondag 18 augustus op tijdens Jazz Middelheim.

Labels: ,

(Ben Taffijn, 12.8.19) - [print] - [naar boven]



Cd
All Ellington - 'All Ellington' (Platenbakkerij, 2018)


Het werk van de Groten van de Jazz blijft een onaflatende bron van inspiratie. Doen sommigen er alles aan om de genialiteit van de betrokken muziek zo getrouw mogelijk te reproduceren, dan zoeken anderen naar een manier om het nieuw leven in te blazen met een mix van respect en heruitvinding. Zo ook bij All Ellington, de prachtband rond kornettist Eric Boeren.

De wortels van All Ellington gaan terug naar de vroege jaren negentig. Terwijl het ICP Orchestra al een 'Ellington Mix' op z'n 'Bospaadje Konijnehol' (1992) zette, organiseerde Boeren een jamsessie in het Bimhuiscafé onder de naam 'All Ellington'. Dat gebeurde toen al met Joost Buis en Wilbert de Joode, die er nu nog steeds bij zijn. Zeven jaar geleden werd het idee nog eens bovengehaald en sinds januari 2013 waren er de maandelijkse concerten in de Amsterdamse Zaal 100. Een laatste cruciale stap was een residentie bij JazzCase in Neerpelt in 2017, waar de band een hele week kon doorbrengen met de muziek. Onlangs verscheen dan deze concertopname van vorig jaar in het Bimhuis.

Een paar kleppers die er onderweg nog bij waren, zoals Michael Vatcher en Michael Moore, zijn intussen niet meer van de partij. Boeren verzamelende niettemin een mooie bende rond zich, een combinatie van ervaren rotten en jonge talenten, met trompettist Jimmy Sernesky, trombonist Joost Buis, rietblazers Mo van der Does (altsax, klarinet), Natalio Sued (tenorsax, klarinet) en Giuseppe Doronzo (baritonsax en basklarinet) en een tot de verbeelding sprekende ritmesectie: Oscar Jan Hoogland (piano), Wilbert de Joode (bas) en Frank Rosaly (drums). Op drie stukken doet ook zangeres Jodi Gilbert mee. Het doel was duidelijk niet om de klassieke Ellington-opnames klakkeloos te reproduceren, en evenmin om ze tot op het bot te deconstrueren of verminken. Boeren & co. behielden de essentie, het onverwoestbare basismateriaal, maar werkten met eigen arrangementen, aangepaste bezettingen en een geïmproviseerd raamwerk voor de composities die enkele keren gebundeld worden in mini-suites.

Daarbij wordt geput uit zo'n slordige veertig jaar muziek, met 'Black And Tan Fantasy' (1927) als oudste compositie en 'Mount Harissa' (1967) uit de fabuleuze Far East Suite als meest recente. Mooi is tevens dat er niet enkel gewerkt wordt met legendarische klassiekers - al passeren nog '(In My) Solitude' en 'Sophisticated Lady' - maar ook met wat minder evident materiaal, zoals 'Zweet Zursday' uit Ellingtons ode aan schrijver John Steinbeck en 'Lament For Javanette', dat geschreven werd door klarinettist Barney Bigard. Met twee stukken uit de Shakespeare-hommage 'Such Sweet Thunder' (1957) is die plaat het sterkst vertegenwoordigd.

Het is een genoegen om te horen wat het tentet aanvangt met dat basismateriaal. In opener 'Night Song' (eentje van trombonist Juan Tizol, die ook meeschreef aan 'Caravan') al, met de blazers die samen de klokken luiden en duidelijk maken dat het nacht is. De ritmesectie swingt binnen met Sernesky in z'n kielzog die de melodie meebrengt en er meteen fraai op los soleert. De ritmesectie volhardt en de blazerssectie derailleert om vanuit vrije interactie een brugje te maken naar 'Strange Feeling', waarin ongebruikelijke technieken en woordeloze zang samen huishouden tot De Joode opnieuw structuur binnensmokkelt. Zijn simpele baslijn vormt het begin van een lome sensualiteit, die gaandeweg plaats ruimt voor een meer theatrale aanpak. In 'Sonnet For Sister Kate' ligt de basis opnieuw bij De Joode, die snel de weg vrijmaakt (en pas terugkeert om af te sluiten) voor de blazers en een glansrol voor Buis.

Het zet meteen de toon voor de rest van het album, dat '(In My) Solitude' uitdunt tot een intimistisch feest voor klarinetten en stem, en 'Zweet Zursday' opfleurt met dik aangezette kleuren. 'Black And Tan Fantasy' zoekt het na een intermezzo van een stommelende ritmesectie met inside piano-gedaver, dan weer bij old school blues. Mooi om te horen hoe ook Doronzo tijdens 'Sophisticated Lady', een stuk dat hij zelf arrangeerde, in de traditie duikt om een solo te spelen die een mooi eerbetoon is aan Harry Carney, zonder zich te beroepen op al te makkelijke ironie. Dit materiaal is zo sterk dat dergelijk gedoe overbodig gemaakt wordt. Tegelijkertijd zijn de arrangementen - 4 van Boeren en Buis, 1 van Michael Moore (een onweerstaanbare versie van 'Mount Harissa') - zo doordacht dat je ettelijke luisterbeurten kunt wijden aan het vernuft en begrip van de originelen waaruit ze samengesteld zijn.

All Ellington schuifelt en danst met hechte ensemblepassages, waaiert uit met fraaie solo's en permitteert zich vrije uitweidingen, die steevast compact gehouden worden. Vrijheid, maar met discipline en smaak. Het maakt van 'All Ellington' een album dat de sporen draagt van jarenlange voorbereiding: hier geen gratuit gedoe, en evenmin een droge reproductie, maar een hedendaagse belichting van een oeuvre dat met intelligentie, diepgang en respect wordt benaderd.

Foto: Cees van de Ven | Deze recensie verscheen ook op Enola.be

Labels:

(Guy Peters, 8.8.19) - [print] - [naar boven]



Vooruitblik
Jazz Middelheim 2019


"Het is weer bijna zo ver. Op donderdag 15 augustus verandert het Antwerpse Park Den Brandt weer in een vierdaags festijn voor de jazzliefhebber. Voor de vijftigste (!) keer vindt dan Jazz Middelheim plaats, met ook dit jaar weer een ijzersterk programma waarbij jazz in al zijn facetten aan bod komt. En of dat niet genoeg is, kan er uitstekend worden gegeten en gedronken - laat dat maar aan de Vlaming over - en is de sfeer nog altijd top."

Ben Taffijn blikt vooruit op een van leukste jazzfestivals van de Benelux: Jazz Middelheim. Dit jaar met onder anderen Ambrose Akinmusire, Joe Lovano, Enrico Rava, David Murray en Pharoah Sanders.

Klik hier om zijn vooruitblik te lezen.

Labels: , ,

(Maarten van de Ven, 5.8.19) - [print] - [naar boven]



Cd
Kim In The Middle - 'The 7 Year Itch' (Rail Note, 2019)

Opname: 6 juli / 6-7 augustus 2018

Kim In The Middle heet heel toepasselijk het kwartet van Kim Versteynen. Zeven jaar bestaat de groep en na het titelloze debuut uit 2011 en 'Open & Close' uit 2014, zag onlangs 'The 7 Year Itch' het licht. Noem Versteynen niet simpelweg jazzzangeres, daarmee doe je haar tekort, getuige ook weer dit nieuwe album, waarop ook plaats is voor Kate Bush' 'The Man With The Child In His Eyes' en voor 'Les Berceaux' van de Franse componist Gabriel Fauré. Begeleid door pianist Arne Van Coillie, bassist Flor Van Leugenhaeghe en drummer Gert-Jan Dreessen, nieuw op dit album, weet ze aan al die verschillende stukken op geheel eigen wijze vorm te geven.

Dat begint al met 'Brief', op zeer melodieuze muziek van de Italiaanse accordeonist Renzo Ruggiero, die we hier horen in een gastbijdrage op melodica. Versteynen schreef zelf de tekst, beweegt zich vlot tussen de noten door, afgewisseld met prachtige, welluidende solomomenten van Ruggiero. Bijzonder is ook haar versie van het eerder genoemde 'The Man With The Child In His Eyes', dat in niets aan Bush doet denken, maar volstrekt origineel wordt gebracht. Met dank aan de puntige en swingende pianosolo van Van Coillie en de stuwende ritmesectie. 'Don’t Smoke in Bed', bekend geworden door Nina Simone, krijgt de vereiste bluesy touch door Versteynen, maar zeker ook door de prachtige, heerlijk schurende trompetsolo van gastsolist Bart Maris. Uitstekend raad weet ze eveneens met 'Dark Cloud' van Jon Hendricks en Zoot Sims, inclusief een mooie scatbijdrage. En ook hier kan Van Collie zich prima uitleven.

Het meest ongewoon is natuurlijk de versie van 'Les Berceaux', een van de drie liederen die Fauré in 1873 uitgaf onder het opusnummer 23. Ook hier kiest Versteynen voor een geheel eigen interpretatie. Ze doet recht aan het origineel, de sfeer van die tijd, maar kiest in plaats voor een klassieke versie, die zou overigens de mogelijkheden van haar stem ook te boven gaan, voor een meer jazzy aanpak. Voor 'Joseph' schreef gitarist Tim Finoulst - met wie Versteynen een duo vormt - de muziek en Versteynen de tekst. Bassist Van Leugenhaeghe krijgt een grote rol in dit sterke en heel persoonlijke nummer over de opa van Versteynen, waar ze nooit echt contact mee kreeg.

Apart is ook het slepende 'Bleke Lach', dat een avant-gardistische uitvoering krijgt met hoofdrollen voor Van Leugenhaeghe, Dreesen en ook hier Maris. Versteynen schreef deze Nederlandse tekst op een stuk van bassist Eberhard Weber. Afsluiten doen we dansend met het Braziliaanse 'É Com Esse Que Eu Vou', een stijl waar Versteynen zich, zo liet ze eerder horen, eveneens uitstekend bij thuis voelt.

In de Jazztube zie je de videoclip van 'Brief'.

Labels:

(Ben Taffijn, 3.8.19) - [print] - [naar boven]



Concert / Jazztube
Dit trio wordt alleen maar beter

John Dikeman - William Parker - Hamid Drake / Nils Vermeulen, dinsdag 23 juli 2019, Onder Stroom, Antwerpen

Ik zag ze eerder, in september 2015 om precies te zijn, in het Amsterdamse Bimhuis, het trio van John Dikeman, William Parker en Hamid Drake. Tevens koester ik het enige album tot nu toe: 'Live At La Resistenza', met liveopnames uit mei 2014, uitgekomen bij El Negocito. En ja, op de site van Café Oto is nog een liveopname te downloaden, opgenomen tijdens diezelfde tour in 2014. Tijd dat er dus weer eens een nieuw album verschijnt.

In afwachting daarop waren ze afgelopen dinsdag te gast bij Sound In Motion, voor het enige concert in de Benelux. De uit Gent afkomstige bassist Nils Vermeulen mag echter aftrappen. Zijn hallucinerende klanken, veroorzaakt door het eindeloos heen en weer halen van de strijkstok over de snaren, doen het goed op deze eerste avond van wat een hittegolf moet worden. De monotone, bedwelmende klanken - slechts geringe kleurverschillen zijn waarneembaar - brengen ons in een sfeer van trance hier buiten bij Onder Stroom in Antwerpen.

In mijn vorige verslag van Dikeman/Parke/Drake betoonde ik mij reeds bijzonder enthousiast. Nu bij een hernieuwde kennismaking - want hoe mooi 'Live At La Resistenza' ook is, dit soort bands moet je live zien - is dat gevoel alleen maar sterker geworden. We zijn inmiddels vier jaar verder en de drie, die ieder jaar wel een korte tour maken, zijn alleen maar beter aan elkaar gewend geraakt. Het is pure improvisatie wat hier klinkt, maar bij menig deel denk je eerder aan een volwaardige compositie.



Ook deze set, maar dat is dan ook onderhand het handelsmerk van dit trio, is van een meer dan aanstekelijke ritmiek. Vooral bassist Parker, onlangs nog uitgebreid aan bod gekomen in het Britse The Wire, is als geen ander in staat om met heel weinig klank zeer ritmisch te spelen. Drake doet daar geenszins voor onder, al heeft hij wel iets meer nodig om hetzelfde doel te bereiken. Dikeman speelt een dubbelrol: het ene moment gaat hij mee in die groove, op zulke momenten produceert hij ritmische golven, terwijl hij het andere moment het ritme gebruikt voor zijn meer melodische werk. Vaak begint dat behoorlijk lyrisch, met een wat weemoedige ondertoon, helemaal passend bij deze zomeravond. Maar het blijft daar nooit bij. Hoe warm het ook is, Dikeman laat zich er niet van weerhouden om onvermoeibaar voluit te gaan, niet eventjes, maar minutenlang. Bij hem heb je altijd het idee dat hij meer noten wil blazen dan fysiek kan en dan toch maar zo dicht mogelijk in de buurt wil komen. Ze buitelen in een moordend tempo over elkaar heen. Als je hem zo bezig ziet, krijg je het plaatsvervangend warm.

Op een paar momenten moet Dikeman even op adem komen, of geeft hij Parker en Drake gewoon de ruimte? Hoe het ook zij, dat zijn wel momenten waarop we dat eerdergenoemde ritmegevoel van die twee nog beter kunnen observeren. Mooi hoe ze dat, tot twee keer toe, vanuit aarzelende, verkennende klanken heel langzaam opbouwen. De eerste keer heeft het ritmisch patroon dat uiteindelijk ontstaat en waar Dikeman bij aanhaakt iets weg van begrafenisbands, zoals we die kennen uit New Orleans. De tweede keer vallen vooral de technieken die Parker aanwendt op; hij trommelt met de vlakke hand op de snaren, wrijft erover en gebruikt zijn strijkstok op onorthodoxe wijze.

Natuurlijk mag een toegift niet ontbreken. Een waarbij Drake overstapt op zijn handtrommel en Parker op de gimbri, de Noord- en West-Afrikaanse luit. Dat, mede door de zang van Drake, levert een totaal andere sfeer op. Dikeman sluit aan, Drake stapt over op de drums, het ritme groeit en Parker schakelt nog even over op de schalmei. Gelijkopgaand met Dikeman werken ze zo naar een spetterende climax. We kunnen er weer even tegen.

Concertfoto's & video: Jef Vandebroek

Labels: ,

(Ben Taffijn, 30.7.19) - [print] - [naar boven]



Cd
Three Times Seven - 'Bread And Circus' (eigen beheer, 2019)

Opname: 2016-2019

Het is een wat apart album 'Bread and Circus', die nieuwe van Three Times Seven. Nergens op de cd is te vinden wie deel uitmaken van dit collectief: gitarist Jorrit Westerhof, die volgens Bandcamp ineens verantwoordelijk is voor 'fragment slicing', bassist Marko Curcic, die zorgt voor de 'low wobbles' en drummer Aleksandar Škorić, die de credits krijgt voor de 'vocal phase'. Nergens vinden we ook maar iets van een opnamedatum. Ook hierover verschaft Bandcamp enige helderheid: 'this album has been conceived over a period of time, between 2016 and 2019 in several studios, practice rooms, street corners and radioactive communications with the Voyager 1'.

Fijn. Wat er wel op het stijlvolle vouwhoesje staat zijn de negen nummers, eigenlijk voldoende, en op de achterzijde drie venstertjes om handtekeningen te zetten. Makkelijk voor de signeersessie na het optreden! 'Bread And Circus' was wat de Romeinse keizer het volk gaf om te zorgen dat ze rustig bleven. McDonald en André Rieux zeggen we dan nu, samen op het Vrijthof. De vraag is even of dit album nu ook onder deze noemer te scharen is. Beluister de eerste twee nummers en het antwoord luidt kortweg: nee. Dit is namelijk herrie, herrie van het ergste soort bovendien. Weliswaar belanden we daarna in rustiger vaarwater, maar het leed is dan reeds geschied. Ik vind het dan ook heel vervelend voor Westerhof, Curcic en Škorić, maar dit gaat het klootjesvolk echt niet pruimen! We zullen de titel dus maar als parodie beschouwen.

Dan kantelt het beeld ineens 180 graden en blijken we met een grensverleggend trio van doen te hebben, dat weer eens alle hokjes omverschopt. Worden in de eerste twee stukken de wegen van de noise bewandeld; met 'Since 1919' zoekt het trio zijn heil bij de ingetogen gitaarmuziek en in 'Witness My Existence' allereerst bij de wereld van de geluidssculpturen, het begrip stilte omarmend om dan de richting uit te gaan van de Krautrock. En dan zijn we nog niet eens op de helft!

In 'Make Money Work' gaat het roer weer de andere kant op. Škorić pakt hier met een nogal wilde, rauwe drumsolo. In 'Presence Of The Creator' is het wederom raak, een mooi melodietje op Westerhofs casio wordt wreed verstoort door gerommel aan het snoer, waardoor hele stukken wegvallen. En dan zet het trio in 'Recreational Paranoia' - what's in a name - andermaal de boel op scherp. Als een muzikale gitzwarte onweerswolk die ieder moment kan openbarsten klinkt het hier, iets dat het trio uitstelt tot 'They Contain Me', een ander eerbetoon aan de stevigere variant van de Krautrock. In 'Surrender' horen we dan Škorić in die 'vocal phase' te midden van ambient-achtige klanken, maar eindigen doen ze zoals ze begonnen, met onvervalste noise. Ze kunnen het niet laten.

Labels:

(Ben Taffijn, 28.7.19) - [print] - [naar boven]



Festival
North Sea Jazz 2019


"Opvallend ritmisch is de muziek van het Henry Threadgill's Zooid, maar dan wel op een geheel onverwachte en tegendraadse wijze. Het is avant-garde, het is free jazz, maar het zit ook vol met niet-westerse elementen. Een kolkende, bruisende mix van klanken. En Threadgill mag dan inmiddels al 75 zijn, je ziet en hoort het er geenszins van af."

Ben Taffijn bezocht het North Sea Jazz Festival. Daar zag hij onder meer James Brandon Lewis, Abdullah Ibrahim, Spinifex, Henry Threadgill's Zooid en een aantal duo's in wisselende samenstellingen onder de noemer 'One-On-One', met onder anderen Kris Davis, Ambrose Akinmusire, Mary Halvorson en Reinier Baas.

Klik hier om zijn festivalverslag te lezen.

Louis Obbens doet fotografisch verslag van het North Sea Jazz Festival 2019. Bekijk zijn festivalfoto's van vrijdag 12 juli, zaterdag 13 juli en zondag 14 juli.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 22.7.19) - [print] - [naar boven]



Festival
Gent Jazz 2019 - 9 juli


"Was de Main Stage voor John Zorn met zijn 'Bagatelles', de Garden Stage was voor Teun Verbruggen en zijn in Anderlecht gevestigde Werkplaats Walter. Het was hij die trompettist Nate Wooley uitnodigde voor een uitvoering van diens '7 Storey Mountain'. Een compositie van drie kwartier voor trompet, twee violen, twee Fender Rhodes, drie drummers, een gitarist en elektronica. De drie andere korte improvisatiesets waren overigens evenmin te versmaden. Fijne felle appetizers tijdens het Zorn-diner."

Op dinsdag 9 juli bezocht Ben Taffijn het Gent Jazz Festival. Vanaf de Bijlokesite doet hij verslag van deze concerten.

Klik hier om zijn festivalverslag te lezen.

Klik hier voor een fotografisch verslag van deze festivaldag door Cees van de Ven.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 21.7.19) - [print] - [naar boven]



In memoriam
Ruud Jacobs


Op donderdag 18 juli overleed Ruud Jacobs. In zijn ruim zestig jaar durende carrière speelde de bassist met de jazzgroten der aarde, zoals Johnny Griffin, Bud Powell, Bill Evans, Clark Terry, Stan Getz, Sonny Rollins en Gerry Mulligan. Vanaf de jaren zestig vierde hij successen met het trio van zijn pianospelende broer Pim Jacobs en zangeres Rita Reys, die in 1960 werd uitgeroepen tot Europe's First Lady of Jazz. Daarnaast was hij ook actief als producer. Van door hem geproduceerde albums werden in de afgelopen decennia miljoenen exemplaren verkocht, en velen ervan bereikten de gouden status.

Klik hier voor een biografie over het muzikale leven van Ruud Jacobs door Jurjen Donkers.

Foto: Cees van de Ven

Labels:

(Maarten van de Ven, 20.7.19) - [print] - [naar boven]



Festival
Gent Jazz 2019 - 5 juli


"In zijn korte inleidende praatje kondigde Christian Sands aan weinig woorden, maar veel muziek te komen brengen. Dat maakte hij meer dan waar. De pianist bracht een veelzijdige set met veel werk van zijn in 2018 uitgebrachte plaat 'Facing Dragons' en imponeerde de aanwezigen met zijn vingervlugheid en zeer beheerste dynamiek."

Op vrijdag 5 juli bezocht Johan Pape het Gent Jazz Festival. Vanaf de Bijlokesite doet hij verslag van de concerten van Yuri Honing, Christian Sands, Vincent Peirani en Diana Krall.

Klik hier om zijn festivalverslag te lezen.

Klik hier voor een fotografisch verslag van deze festivaldag door Cees van de Ven.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 17.7.19) - [print] - [naar boven]



Cd / Jazztube
The Preacher Men - 'Blue' (Zenne, 2018)


In 2016 debuteerde The Preacher Men met het ook hier door mij lovend besproken 'Preaching Out Loud'. Medio vorig jaar verscheen 'Blue', dat hier nog niet werd besproken. Iets dat we goed maken in het kader van het optreden van het trio op het North Sea Jazz Festival van dit jaar. 'Blue' wijkt af van het vorige album in de zin dat het minder covers bevat - één in plaats van drie - en dat een aantal gastmusici het trio versterkt.

Maar de basis staat nog recht overeind: zeer swingende, pakkende jazz. 'Go!' is dan ook een meer dan passende binnenkomer. Saxofonist Efraïm Trujillo blaast hier mooie romige, enigszins vette lijnen, organist Rob Mostert laat zijn Hammond B3 vervaarlijk grommen en drummer Chris Strik leidt het geheel in strakke, ritmische banen. Het werken met gastmusici kenmerkt met name bij 'Into The Blue'. Allereerst horen we hier een broeierig zingende Eline Gemerts, gecombineerd met bluesy gitaarspel van Rory Ronde, gevolgd door een al even intens getormenteerde trompetsolo van Michael Varekamp. In 'Follow Our Lead' horen we allereerst Trujilo, die ritmische, strakke akkoorden blaast, geflankeerd door uitbarstingen van Mostert op zijn Hammond, die uitmonden in een opwindende, zeer energieke solo. 'Fire Waltz', een stuk van Mal Waldron, is de enige cover op dit album en bevat prachtige bijdragen van zowel Trujillo als Varenkamp.

Vrijwel alle overige composities op dit album zijn van Trujillo - op 'Organic Moves' na, dat door Mostert werd ingebracht - dus ook 'Lost And Nowhere To Be Found', waarop we voor de laatste keer Varenkamp in een gastbijdrage horen, samen met Trujillo's ritmische akkoorden, gevolgd door solo's van de beide heren. En natuurlijk speelt Mostert een grote rol in zijn eigen compositie. Golven van klank stromen door de bedding van Striks percussie, die prachtig met Mosterts orgel meebeweegt. Trujillo krijgt hier eveneens de ruimte voor een romige solo met een enkele wat rauwere uitschieters. Het melancholieke, hoe kan het ook anders met zo'n titel, 'The Sweet Memories Of My Childhood' sluit het album af. Het is vooral Mostert en Strik die hier de toon zetten en ons naar het einde doen deinen.

In de Jazztube 'Go!' door The Preacher Men, live opgenomen in Paradox, Tilburg.

The Preacher Men treedt op zondag 14 juli op tijdens het North Sea Jazz Festival.

Labels: ,

(Ben Taffijn, 13.7.19) - [print] - [naar boven]



Cd
Joe Morris & Mary Halvorson - 'Traversing Orbits' (RogueArt, 2018)

Opname: 9 april 2018

Stel een lijstje op van bepalende gitaristen in de wereld van de experimentele jazz van de laatste decennia en zowel Joe Morris als Mary Halvorson zullen niet ontbreken. Twee musici die elkaar inmiddels ook goed kennen: Halvorson nam twee decennia geleden les bij Morris en werd uiteindelijk een al even beroemde collega. Een prima idee van RogueArt om de beide musici samen 'Traversing Orbits' te laten maken.

Het korte en ongrijpbare 'Brain Draft' zet direct de toon. Vage aanzetten tot een melodie lossen hier volledig op in het experiment. 'Shivering Sunshine' heeft iets meer structuur, net genoeg om die eerste zonnestralen te verklanken. Maar het werk van deze twee is toch vooral als abstract te kenschetsen, waarbij de klankkleur het belangrijkste uitgangpunt vormt. Neem 'Traces Of Three' en focus dan met name op de heldere noten die driftig in het rond worden gestrooid. Samenhang is er zeker, maar niet op ordentelijke wijze; eerder terloops, als een bijverschijnsel.

Als we het over klankkleur hebben moet ook zeker 'Semaphone', met bijna twaalf minuten het langste stuk van het album, aan bod komen. We horen hier Morris prachtig disruptief schurend, doorkruist met Halvorsons lichte klanken. Letterlijk onnavolgbaar is het duet dat hierop volgt, klinkend als twee mensen die dwars door elkaar heen praten. Een opwindend klankenspel, waaruit aansluitend - en dat mag gezien het voorgaande als bijzonder worden beschouwd - een wonderschone, fijnzinnige dialoog ontstaat. In 'Full Of Somehow' botsen de klanken weer als balletjes in een flipperkast en zetten de twee gitaristen elkaar iedere keer aan tot een nieuwe uitbarsting van creativiteit.

Fragiel klinkt 'Constant Between'. Heldere, resonerende aanslagen, waarvan het geluid zich verplaatst door de ruimte. Een duidelijke, gerust poëtisch te noemen melodie, dat kwamen we op dit album nog niet eerder tegen, met dito begeleiding. 'In Other Terms' wordt de melodieuze aanpak grotendeels weer losgelaten; het dient louter nog als onderstroom voor het experiment. Afsluiten doet het album met het innemend klinkende, vrij meanderende 'Over The Line'.

Het experimentele karakter van dit album en de intensiteit waarmee deze twee musici spelen maakt dit 'Traversing Orbits' tot een album dat minder geschikt is om in een keer te beluisteren. Het is een doos heerlijke bonbons. Eén, voor de ware snoeper twee, per keer is meer dan genoeg.

Mary Halvorson speelt op zaterdag 12 juli tijdens North Sea Jazz twee duoconcerten in het 'One-to-one'-programma. Het eerste met pianist Aaron Parks, het tweede met gitarist Reinier Baas.

(Ben Taffijn, 12.7.19) - [print] - [naar boven]



Cd / Jazztube
Kayhan Kalhor, Rembrandt Frerichs, Tony Overwater & Vinsent Planjer - 'It’s Still Autumn' (Kepera, 2019)

Opname: 10 novermber 2015

De brede, eclectische smaak van de drie heren die we hier horen naast de Iraanse musicus Kayhan Kalhor, mag inmiddels als bekend worden verondersteld. Rembrandt Frerichs beperkt zich al jaren niet meer tot de piano, maar wijkt met even groot gemak uit naar diens voorloper, de fortepiano, of naar een instrument als het harmonium, beide op dit album te horen. Percussionist Vinsent Planjer verrijkt zijn drumstel eveneens met een keur aan ander slagwerk en bassist Tony Overwater is zeer geïnteresseerd in allerlei aan de contrabas verwante instrumenten, zoals de violine, een basviool. Samen vormen ze een meer dan apart pianotrio, maar met de toevoeging van Kalhor gebeurt er echt iets bijzonders. De kamanche, die lijkt op een soort van rechtopstaande viool, is een instrument dat we in de westerse muziekcultuur niet kennen, zelfs niet iets dat erop lijkt. Het produceert een prachtige klank, die uitstekend past bij de bezetting van dit trio.

Beluister 'It’s Still Autumn' en u begrijpt wat ik bedoel. Twee suites beslaat het album, 'Dawn' en 'Dusk'. We beginnen natuurlijk toepasselijk met 'Dawn'. In de introductie horen we het trio, de klank is net even iets anders, met name door die fortepiano, maar dan gebeurt het: Kalhor op de kamanche. Ja, een strijkinstrument, maar duidelijk geen viool. Rauwer, donkerder van kleur, minder zuiver, maar des te intenser. En wat we horen is dat Kalhor dit instrument tot in de details beheerst, geworteld als hij is in de Iraanse klassieke muziek. Hier komen dus twee werelden samen, of zoals Kalhor het uitdrukt: "You can't really categorize what we are doing. It's not jazz, it's not classical, it's just an organic something we do with our instruments and the focal point is improvisation." Ja en dan ontstaat er iets bijzonders, zoals in 'Kayhan’s Chahar', het derde deel van 'Dawn', waar we een opzwepende mix van jazz, Iraanse muziek en dansbare folk tegenkomen, of in het slotdeel van 'Offering', waarin de melancholie overheerst.

'Dusk' is over het algemeen klassieker, berustend en prachtig van toon. Zoals die kamanche klinkt in 'Introduction', zo sereen, verstild en poëtisch. Hier wordt op het hoogste niveau gemusiceerd. En wat een vondst, die fortepiano, zoals hij bijvoorbeeld klinkt in 'Autumn Winds', een stuk uit de Armeense folklore. Wat draagt dit instrument prachtig bij aan de muzikale sfeer die dit kwartet weet neer te zetten! Het geheel culmineert in het meeslepende, zeer enerverende 'Long Story Short', met een bedwelmend ritmisch patroon en prachtige solo's van Kalhor en Planjer.

In de Jazztube speelt dit kwartet 'Offering', het vijfde deel van 'Dawn', live tijdens een uitzending van het NTR-programma Podium Witteman op 28 januari 2018.

Kayhan Kalhor, Rembrandt Frerichs, Tony Overwater en en Vinsent Planjer spelen op 12 juli tijdens het North Sea Jazz Festival.

Labels: ,

(Ben Taffijn, 11.7.19) - [print] - [naar boven]



Cd
Sylvie Courvoisier & Mark Feldman - 'Time Gone Out' (Intakt, 2019)

Opname: 29 september 2018

Pianiste Sylvie Courvoisier en violist Mark Feldman werken al enige tijd samen. In 1999 brachten ze als duo 'Music For Violin And Piano' uit, waarna meerdere albums volgenden als duo, maar ook onder de naam van het Sylvie Courvoisier-Mark Feldman Quartet, met verder bassist Scott Colley en drummer Billy Mintz, en onder de naam Miller's Tale, waar ze gezelschap hebben van saxofonist Evan Parker en de in elektronica gespecialiseerde Ikue Mori. Naast dat ze eigen werk uitbrengen, loopt de muziek van mede-New Yorker John Zorn als een rode draad door hun beider oeuvre. Als duo brachten ze in 2004 'Malphas' uit met de muziek uit het 'Book Of Angels' en ook in Zorns meest recente project 'Bagatelles' zijn de twee vertegenwoordigd.

Inmiddels ligt er ook een nieuwe album met composities van Courvoisier en Feldman zelf, 'Time Gone Out' getiteld, dat net als het vorige album, het uit 2013 stammende 'Live At Théâtre Vidy-Lausanne' verscheen bij Intakt Records. Viool en piano, het is een klassieke bezetting, niet zozeer binnen de jazz, maar wel binnen de klassieke muziek. En deze composities herinneren ons daar zeker aan. Opener 'Homesick For Another World' - dat hier enige melancholie in doorklinkt zal u vanwege de titel niet verbazen - past binnen het idioom van hedendaagse gecomponeerde muziek en ook 'Éclats For Ornette' balanceert op de rand van jazz en hedendaags gecomponeerd. Die andere inspiratiebron is experimentele folk. De invloed daarvan horen we goed in 'Limits Of The Useful'.

Zo ontstaat het specifieke geluid van dit duo, gekenmerkt door de karakteristieken van de beide instrumenten, maar eveneens door die van de musici zelf. Er is ruimte voor melodieuze frases, waarbij je je als luisteraar gemakkelijk mee kunt laten voeren, maar nooit voor lang. Abrupte wendingen worden gemakkelijk genomen, kronkelweggetjes bewandeld. Echt grip krijg je niet op deze nummers.

Neem het zeer lange titelstuk 'Time Gone Out', dat met bijna 20 minuten het hart van het album vormt. Beginnen doen we hier met dynamisch, overheersend pianospel, geflankeerd door geroezemoes van de viool. Een enkele duidelijk frase, maar verder zoekend spel, gevolgd door een al even zoekende vioolsolo. Vervolgens lijken de twee elkaar voor heel even te vinden, maar daarna slaat de onrust weer toe. Er ontstaat een patroon van vol spanning aftasten, opzoeken en afstoten. De twee musici zijn daarbij volledig aan elkaar gewaagd en aan alles merk je dat ze elkaar door en door kennen. Niet zo vreemd, want ook buiten de muziek om vormen Courvoisier en Feldman een stel.

'Cryptoporticus' doet zijn naam alle eer aan. Een bonte diversiteit aan enerverende klanken schotelt het duo ons hier voor, vol onverwachte wendingen en speelse momenten en ook hier valt de afwisseling tussen onvervalste lyriek en puur experiment op. Maar het sprankelende pianospel van Courvoisier aan het eind maakt dit stuk echt bijzonder. Bijzonder klavierspel vinden we eveneens in 'Not a Song, Other Songs'. De duistere zware aanslagen contrasteren prachtig met Feldmans vederlichte spel dat danst als een blad in de wind, overigens net als Courvoisiers hoge noten.

Sylvie Courvoisier en Mark Feldman maken deel uit van de groep musici die met John Zorn meekomen om zijn 'Bagatelles' uit te voeren. Op 9 juli spelen ze het programma op Gent Jazz en op 12 juli op North Sea Jazz.

Foto: Maarten van de Ven

(Ben Taffijn, 8.7.19) - [print] - [naar boven]



Cd
Mats Eilertsen Trio - 'And Then Comes The Night' (ECM, 2019)

Opname: mei 2018

De Noorse bassist Mats Eilertsen is een veel gevraagd sideman in de Europese jazz. Hij maakt(e) deel uit van het Tord Gustavsen Ensemble, The Source, het Wolfert Brederode Quartet, Memorabilia, Rubicon en het Sky Dive Trio. En hij heeft zijn eigen trio, tien jaar nu inmiddels. In 2010 verscheen 'Elegy', in 2013 'Sails Set', beiden bij Hubro. Toen was het geruime tijd stil, tot in januari van dit jaar 'And Then Comes The Night' uitkwam bij ECM Records. De bezetting bleef in die tien jaar echter ongewijzigd: pianist Harmen Fraanje en drummer Thomas Strønen zijn nog steeds de twee andere leden van het trio.

Tien stukken staan er op dit album, deels van Eilertsen, deels van Fraanje. Op opener '22' mag Fraanje aftrappen, we herkennen hem aan zijn melodische afgepaste spel. Dan voegen Eilertsen en Strønen zich erbij en ontvouwt zich een intieme en zeer goed uitgebalanceerde compositie, waarin direct opvalt dat we hier met een bijzonder trio van doen hebben: geen van de drie heeft er echt de leiding, het gaat hier duidelijk om het samenspel. 'Perpetum', een van de twee stukken waar ook Strønen als componist bij vermeld staat, is daarvan een nog beter voorbeeld. Het is een klanksculptuur, waarbij de musici wonderlijk mooie klanken uit hun instrument toveren.

In 'Albatross' zet Fraanje duidelijk de toon met een poëtische, fijnzinnige en zorgvuldig vormgegeven melodie. Eilertsen en Strønen plaatsen mooie accenten, zonder overdaad, net genoeg. Een ander mooie illustratie van waar jaren samenspelen toe kan leiden. Andere prachtig voorbeelden van samenspel op hoog niveau zijn 'The Void', waarin de drie stemmen overduidelijk samen zorgen voor de spanning in de compositie en 'Sirens', waarin met name het samenspel tussen Eilertsen en Strønen opvalt als tegenwicht voor Fraanje.

Bovenstaande laat zien waar de kracht van dit trio ligt en dus ook van dit album: een ingetogen, uitgebalanceerde benadering, waarin de kwaliteit van de klank voorop staat. Het is duidelijk dat er bij de opnames van dit album niets aan het toeval is overgelaten, niet door de musici en niet door de technici. De muziek moet het dan ook niet hebben van verrassende wendingen, grote verschillen in dynamiek of experimentele klanken. Zelfs in de stukken waar iets meer tempo zit - 'After The Rain', 'Solace' en 'Soften' - blijft dit beperkt tot het gebruik van ritmische, pulserende structuren die je als luisteraar meevoeren en even op een ander spoor brengen.

Het Mats Eilertsen Trio speelt op 12 juli tijdens het North Sea Jazz Festival.

Labels:

(Ben Taffijn, 8.7.19) - [print] - [naar boven]



Cd
Rodrigo Amado & Chris Corsano - 'No Place To Fall' (Astral Sprits, 2019)

Opname: 14 juli 2014

Het is 2012 als de Portugese saxofonist Rodrigo Amado en bassist Kent Kessler, trompettist en saxofonist Joe McPhee drummer Chris Corsano vragen voor een kwartet. In 2015 leidt dit tot 'This Is Our Language', verschenen bij NotTwo Records, en vorig jaar tot 'A History Of Nothing', dat bij Trost Records uitkwam. Zoals vaker, als een soort van zijstap bij dit soort groepen, vonden Amado en Corsano elkaar in duoverband, zo leert ons deze uitgave met opnames uit de zomer van 2014, die onlangs verschenen op het Astral Spirits-label.

Over Corsano zegt Amado in het cd-boekje: "He's an ultra expressive and sensitive player with a deep level of abstraction, but never loses sight of the form. He's also a dynamo, the way he makes the music 'explode' at certain points, conducting the dynamics of the band." Eenieder die Corsano heeft zien spelen - en dat zou gemakkelijk kunnen, hij verkeert nogal eens in onze contreien - zal dit kunnen beamen. En ook dit album, 'No Place To Fall', vormt een prachtig bewijs van Amado's woorden. Direct tijdens de eerste noten van 'Announcement' gaan Amado en Corsano gelijk op en is het duidelijk dat de omschrijving van dynamo zo'n gekke nog niet is. Natuurlijk gaat het daarbij om de wisselwerking. Corsano zegt dan ook: "Going from the quartet to the duo was interesting to me because I could focus totally on Rodrigo's playing…the way that he develops a specific arc or feeling... There is a strong driving force there, which is fantastic for a drummer to respond to and join in." Inderdaad, in dit duo hebben beide musici de leiding, ze wisselen elkaar af in een verbijsterend hoog tempo, alsof die spreekwoordelijke duivel ze op de hielen zit.

Amado is niet alleen een heel krachtige blazer, zijn toon is daarnaast zeer kleurrijk, variërend van snoeihard, gekruid, gruizig en ontstemd, zoals in 'Annuncement' tot romig, uiterst beheerst, bijna fluisterend, zoals in het tweede stuk 'Don’t Take It Too Bad'. Corsano's slagen - hij volgt Amado hier op de voet - zijn hier al even trefzeker, met een grote emotionele zeggingskracht. Zeker als langzaam maar zeker het tempo weer oploopt.

Prachtig is de solo van Amado waarmee het titelstuk aanvangt. Dan weer krachtige, sputterende uithalen, dan een enkele lang aangehouden toon, dan een scherp akkoord, dat alles van elkaar gescheiden door bijna pijnlijke stiltes. Als Corsano er dan bij komt, met een spervuur aan slagen, geraakt het geheel in een stroomversnelling. Iets dat zich doorzet in het overweldigende 'Into The Valley', waarin de chemie tussen Amado en Corsano een hoogtepunt bereikt. Van grote schoonheid is de afsluiter 'We’ll Be Here In The Morning'. Corsano strijkt ritmisch zijn brushes en ondersteunt daarmee een gloedvolle, maar zeer ingetogen solo van Amado. Na een feller intermezzo en een zeer boeiende solo van Corsano keren we terug naar het ingetogen begin en dooft de muziek als een nachtkaars.

Chris Corsano geeft op 9 juli twee concerten op Gent Jazz: het ene als onderdeel van Nate Wooley's 7 Storey Mountain, het andere samen met Wooley, Bram De Looze en C. Spencer Yeh.

Foto: Geert Vandepoele

Labels:

(Ben Taffijn, 5.7.19) - [print] - [naar boven]



Festival
Gent Jazz 2019 - 30 juni


"Nieuw op het festival is de opstelling van de tenten. De grote tent met de Main Stage is gedraaid, waardoor er meer ruimte is ontstaan en dat was nodig ook om alle liefhebbers van de Britse zanger en multi-instrumentalist te herbergen. Cullum is een rasperformer, die het aantrekkelijk maakt om hem te programmeren op een festival. Succes verzekerd."

Op zondag 30 juni bezocht Johan Pape het Gent Jazz Festival. Vanaf de Bijlokesite doet hij verslag van de concerten van Judi Jackson, Jasper Steverlinck, Kolonel Djafaar en Jamie Cullum.

Klik hier om zijn festivalverslag te lezen.

Klik hier voor een fotografisch verslag van deze festivaldag door Johan Pape.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 3.7.19) - [print] - [naar boven]



Cd
Fred Hersch & The WDR Big Band - 'Begin Again' (WDR, 2019)

Opname: 28 januari / 4 februari 2019

Fred Hersch is een van de interessantste pianisten van dit moment. Iemand die voortborduurt op de rijke traditie van pianomuziek binnen de jazz. Geen vernieuwer, maar wel een pianist die in de afgelopen 35 jaar een geheel eigen stijl heeft ontwikkeld. Onlangs voegde hij een nieuwe schakel toe aan de ketting door de samenwerking aan te gaan met de fameuze WDR Big Band, geleid door Vince Mendoza. 'Begin Again' heet het album dat geheel bestaat uit composities van Hersch en dat werd opgenomen in de WDR Studio in Keulen.

Stemmig vangen we aan met het titelstuk, met ingetogen blazers en een dito partij van Hersch. Al snel kruipt de passie er echter in met een mooie altsaxsolo van Johan Hörlen, gevolgd door een zeer melodische, sprankelende pianosolo van Hersch. In dialoog hiermee horen we het machtige unisono geluid van de dertien blazers die dit orkest telt. De stemmige kant van Hersch, zijn goed getimede, afgewogen aanslagen horen we in 'Song Without Words #2: Ballad', met een bijpassende, kwikzilveren solo van wederom Hörlen. 'Havana' brengt ons dan weer in opgewonden stemming, dankzij de flitsende solo's van Hersch en tenorsaxofonist Paul Heller, maar zeker ook door de krachtige arrangementen van Mendoza en het hoge niveau waarop de WDR Big Band musiceert.

Met 'Pastorale', voorzien van een uitgebreide solo, brengt Hersch een ode aan de romantische klassieke muziek. Het is een innemend stuk, een prachtig rustpunt op dit dynamische album. Aansluitend keren we met 'Rain Waltz' weer terug naar de jazz. Naast krachtig ensemblespel vallen hier de solo's op van trompettist Ruud Breuls en altsaxofoniste Karolina Strassmayer. Bijzonder is ook zeker 'The Big Easy'. Hier gaat de band op de bluestoer, met opvallend slepende solo's van trompettist Andy Haderer en trombonist Ludwig Nuss. Ze doen de titel alle eer aan. Iets dat overigens ook geldt voor de rest van het orkest, dat op precies de goede momenten een tandje bijzet. Na het pittige 'Forward Motion', met een grote rol voor drummer Hans Dekker en stomende solo's van Breuls, Hunter en Heller, vindt dit afwisselende album een stemmig einde in 'The Orb'. We horen nog één keer Hersch solo. Iedere noot valt hier perfect afgewogen op zijn plaats, terwijl het orkest hem aanvult met stemmige akkoorden.

Fred Hersch treedt met de WDR Big Band op tijdens Gent Jazz op 6 juli.

(Ben Taffijn, 1.7.19) - [print] - [naar boven]



Cd's / Jazztube
Angles 3 - 'Parede' (Clean Feed, 2018)

Opname: 22-24 november 2016
Angles 9 - 'Beyond Us' (Clean Feed, 2019)
Opname: 25 augustus 2018

De eerste keer dat we van Angles hoorden, de supergroep van de Zweedse rietblazer Martin Küchen, was in 2008. Toen, met 'Every Woman Is A Tree' en in 2010 met 'Epileptical West - Live in Combria', nog als sextet met de volgende bezetting: Magnus Broo op trompet, Mats Äleklint op trombone, Küchen zelf op altsax en met een ritmesectie die bestond uit bassist Johan Berthling, drummer Kjell Nordeson en vibrafonist Mattias Ståhl. In 2012 volgt 'By Way Of Deception' en is de band omgedoopt tot Angles 8 (in het vervolg wordt de naam Angles gevolgd door het aantal leden). Trompettist Goran Kafjes vervangt Broo en de band wordt uitgebreid met Erik Hegdal op bariton- en sopraninosax - en pianist Alexander Zethson. Een jaar later voegt Broo zich er weer bij, stapt Kafjes over op cornet en wordt Nordeson vervangen door Andreas Werliin. En ziedaar, Angles 9 is geboren. 'In Our Midst' komt alleen uit op lp, gevolgd door 'Injuries' in 2014, de single 'Equality & Death / Pacemaker' in 2016 en 'Disappeared Behind The Sun' in 2017 (waarop de twee stukken van de 7-inch eveneens een plek krijgen).

Vorig jaar week Küchen ineens af van deze lijn met 'Parede' van Angles 3. Ineens is daar Nordeson weer en heeft Ingebrigt Håker Flaten de plaats van Berthling ingenomen. Het betreft hier liveopnames van november 2016 in SMUP, Parede, Portugal. Het album begint met 'Equality & Death (Mothers, Fathers, Where Are Ye?)', maar nu in trioversie. Eerst Håker Flaten met een mooie ritmische bassolo, dan Küchen in datzelfde deinende ritme op tenorsax. Eerst voorzichtig, dan steeds schrijnender, gruizig, zoals alleen hij dat kan. Machtig zoals het op twee momenten ineens stil valt, onbestemd gerommel in de marge is wat we horen en Küchen die noodkreten blaast. En dan is ineens dat ritme er weer, die vaart, die stomende melodie en de erbij horende onrust.

'Satan In Plain Clothes' nam Küchen eveneens eerder op, in 2014 met zijn andere band: All Included. Het is weer Håker Flaten die begint, met een zeer fraaie, melodieuze solo. En dan op het ritme weer Küchen. En ook hier gaat zijn toon weer door merg en been, recht naar het hart. En dan Nordeson die met een zeer felle drumsolo Küchen even de gelegenheid geeft om op adem te komen. 'Francisco' is voor mij nieuw, maar het tweede deel van dit stuk: 'By Way Of Deception' komen we reeds tegen op het gelijknamige album uit 2011. Het eerste deel klinkt zeer melodieus, met een sterke onderstroom door de ritmesectie. Het tweede vangt aan met een prachtige, fragiele en heerlijke schurende solo van Küchen op sopraansax, gevolgd door een zeer enerverende triopassage, een van de hoogtepunten van dit album. Het vierde stuk bestaat eveneens uit twee delen. 'Don’t Ruin Me' komen we reeds tegen op het allereerste Angles-album uit 2007 en 'Love, Flee Thy House (In Breslau)' staat op 'Disappeared Behind The Sun'.

Pas geleden verscheen weer nieuw werk van Angles 9, in de aloude bezetting, opgenomen tijdens de ZomerJazzFietsTour van 2018. Vijf nieuwe stukken die, en daar repten we reeds eerder over, linken aan de actualiteit. Veel laat Küchen daar niet over los, maar de titels spreken voor zich. We beginnen met het titelstuk 'Beyond Us' en horen Berthling, Werliin, Zethson, maar vooral Ståhl, doorsneden door opzwepende unisono blazerspassages. Ritmische patronen worden onderbroken door scherpe solo's. We herkennen de handtekening van Angles 9.

'Un(n)happiez Marriages' is voor Raed Yassin, staat in het boekje. Yassin is een beeldend kunstenaar en musicus uit Beiroet. Volgens zijn website: "Yassin's work often originates from an examination of his personal narratives and their workings within a collective history, through the lens of consumer culture and mass production." Daar kan Küchen zich wel in vinden. Het nummer heeft iets melancholieks over zich, nog extra gevoed door de asynchrone aanpak. Dan is het aan Berthling voor een verstilde solo op zijn bas, een intens rustpunt. 'Samar & The Egyptian Winter' is opgedragen aan Samar Yazbek, een Syrische schrijfster en journaliste, actief in de opstand tegen Assad. Küchen begint hier op altsax, in zijn bekende schurende, ietwat klagelijke stijl, melodieus begeleid door de rest van het nonet, gevolgd door een fraaie, eclatante trompetsolo van Broo. Het orkest voegt zich erbij en stuwt het geheel naar een climax. Ook 'Against The Permanent Revolution' is kenmerkend voor Angles: ten eerste het wiegende, meeslepende, Arabisch aandoende ritme - stilzitten gaat bijna niet! - en ten tweede de krachtige blazerslijnen, gekruid met frisse solo's die de melodie verder inkleuren en verfraaien. 'Mali' klinkt zo mogelijk nog krachtiger, swingender. Dit is pure funk, maar dan op zijn Küchens. Het vormt de ideale afsluiter van dit album.

In de Jazztube een live-uitvoering van 'Disappeared Behind The Sun' door Angles 9, opgenomen tijdens het Jazzfestival Saalfelden in Oostenrijk op 27 augustus 2017.

Labels: ,

(Ben Taffijn, 30.6.19) - [print] - [naar boven]



Nieuws
Jasper Blom wint Buma Boy Edgar Prijs 2019


De Buma Boy Edgar Prijs, de belangrijkste prijs in Nederland op het gebied van jazz en geïmproviseerde muziek, is toegekend aan saxofonist en componist Jasper Blom. Dit werd bekendgemaakt op het jazz netwerk- en showcase-evenement inJazz in Rotterdam. Jasper Blom (Geldrop, 1965) geldt als een van de belangrijkste tenor- en sopraansaxofonisten uit de Nederlandse jazzscene en streeft als componist naar een synthese van jazz, pop, klassieke en geïmproviseerde muziek.

Blom studeert in 1991 cum laude af aan het Rotterdams Conservatorium en gaat voor een half jaar in New York in de leer bij verschillende meesters. Na terugkomst start hij een zoektocht naar vernieuwing door het overschrijden van genre-grenzen. Hij experimenteert, improviseert en componeert. Langzaam maar zeker ontstaat er een speelpraktijk waarbij Blom de ene avond het podium deelt met Benjamin Herman in een hardbopprogramma, zich de volgende avond overgeeft aan vrije improvisaties, verderop in de week in funksessies experimenteert met gitaareffecten op zijn sax en tussendoor zich verdiept in middeleeuwse vocale muziek of in de pianowerken van Claude Débussy.

Jasper Blom is een zeer gewilde sideman in de pop, jazz en geïmproviseerde muziek en heeft met internationale grootheden als Randy Crawford, George Duke, Chet Baker, Lee Konitz en Nat Adderley samengespeeld. Onder de talloze formaties waarin de saxofonist een aandeel heeft, zijn het septet KRUPA & The Genes, WonderYears (een bas/sax/drums-trio gewijd aan de muziek van Stevie Wonder) en de David Kweksilber Big Band. Regelmatig wordt Blom uitgenodigd door topensembles als het Metropole Orkest en het Jazz Orchestra Of The Concertgebouw voor studiosessies en concerten.

In 2006 start het Jasper Blom Quartet, waarin Blom alle invloeden bijeenbrengt. In een gestaag tempo brengt hij met deze band vanaf 2008 elke twee jaar een nieuwe cd uit met sterk eclectisch en verrassend eigen werk. Dit kwartet speelt op grote podia in binnen- en buitenland. Onlangs verscheen op het Londonse label Whirlwind Recordings 'Polyphony', een live-dubbelaar opgenomen in het Bimhuis, waar het Jasper Blom Quartet wordt versterkt met gastoptredens van de Belgische trompettist Bert Joris en trombonist Nils Wogram.

Naast zijn hoofdvak docentschap aan het Conservatorium van Amsterdam vindt Jasper Blom aansluiting bij de jongere generatie jazzmusici door het organiseren van sessies en het jaarlijkse Rough Diamonds-festival in het Bimhuis. Ook heeft hij met zijn studenten regelmatig kleinere optredens in cafés. Zo is een lesfilosofie ontstaan waarbij Blom zijn leerlingen niet alleen binnen de muren van het Conservatorium ontmoet, maar steeds vaker ook daarbuiten. Jasper Blom zoekt de vervulling van zijn muzikantschap door niet alleen als experimenterend jazzmusicus maar ook als leraar en organisator een onorthodoxe rol te spelen in de jazzgemeenschap.

Uit het juryrapport: "Jasper Blom kan gezien worden als een filosofische realist, een denker én doener. Hij is zich bewust van zijn kracht als instrumentalist, maar ook van zijn plek in de wereld."

Onderdeel van de prijs is een door winnaar Jasper Blom zelf samen te stellen concertavond op 4 december 2019 in het Bimhuis. Bij die gelegenheid zal hem de prijs, bestaande uit een geldbedrag van € 12.500 en een bronzen sculptuur van Jan Wolkers, worden overhandigd.

Foto's: Cees van de Ven & Donata van de Ven

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 30.6.19) - [print] - [naar boven]



Cd
Espen Eriksen Trio with Andy Sheppard - 'Perfectly Unhappy' (Rune Grammofon, 2018)


Het Espen Eriksen Trio, bestaande uit pianist Espen Eriksen, bassist Lars Tormod Jenset en drummer Andreas Bye, ontstond in 2007. In 2010 kwam het eerste album uit, 'You Had Me At Goodbye', waarna er nog twee volgden: 'What Took You So Long' in 2012 en 'Never Ending January' in 2015. Alle uitgebracht door Rune Grammofon. Met zijn minimalistische melodische aanpak heeft dit trio in het afgelopen decennium een zekere reputatie opgebouwd. Voor hun vierde album, met de prachtige titel 'Perfect Unhappy', vroeg het trio niemand minder dan saxofonist Andy Sheppard, een van Europa's belangrijkste saxofonisten, als versterking. Zelf zegt hij over de samenwerking: "I knew from the first time I heard the trio play that I would fit right in. I loved the melodic sense and vibe and was thrilled when I was invited to guest with the trio in London in 2016. Espen wrote a set of fantastic tunes for the recording session in Oslo. They played themselves and we had a ball recording, everything clicked and in two days we had made a very special album."

Zo'n uitspraak maakt natuurlijk nieuwsgierig. Maar Sheppard heeft een punt. Beluister de eerste noten van de opener 'Above The Horizon' en u weet genoeg. Eriksen legt hier een soepele melodie neer, ondersteund door een mooie diepe basklank van Jenset. Dan sluit Sheppard aan met een fluwelen klank, de melodie versterkend. Geen idee waar '1974' naar verwijst, maar het moet zijn naar een gebeurtenis die bij Eriksen een zekere weemoed wakker maakte, gezien de prachtige en zeer subtiele toonzetting in dit stuk. Koren op de molen van Sheppard, die hier heldere lijnen naast plaatst. Licht getormenteerd en ietwat gruizig klinkt Sheppard in het titelstuk, de melancholie verklankend. Mooi pianospel vinden we in 'Suburban Folk Song'. Een dansbare melodie bouwt Eriksen hier, waarin de Noorse volksmuziek doorklinkt. Overtuigend klinkt ook het innemende 'Revisted' en dan met name vanwege de wijze waarop piano en sax elkaar hier afwisselen.

Een hemelbestormend album is dit niet geworden, het experiment gaat dit kwartet niet aan, maar hier wordt wel fantastisch gemusiceerd, slag geleverd op detailniveau. Een album voor de late uurtjes, met of zonder glas wijn.

Klik hier om '1974' te beluisteren.

Labels:

(Ben Taffijn, 24.6.19) - [print] - [naar boven]



Nieuws
Nieuwe prijs voor klein jazzpodium


De Beroepsvereniging van Improviserende Musici (BIM) reikt dit najaar de eerste BIM Podium Prijs uit. De BIM wil met deze prijs de kleine jazzpodia in het land een hart onder de riem te steken. Met een financiële bijdrage van 2000 euro kan het winnende podium artiesten aantrekken die anders buiten het bereik zouden liggen van dit podium.

De BIM Podium prijs is tevens een beloning voor het trouwe publiek dat geniet van optredens op de kleine jazzpodia. Want de luisteraars maken het mogelijk dat deze muziek op vele plekken gespeeld wordt en dragen zo bij aan een levendige jazzscene.

"Jazzmuziek is de mooiste muziek die er is. Verleidelijk, interactief en divers is jazz de meest levendige en actuele kunstvorm. Jazz viert het leven en de BIM doet mee!", aldus het bestuur van de beroepsvereniging.

De BIM praat sinds 1971 mee over het kunstbeleid en zet zich in voor de belangen van jazz en geïmproviseerde muziek en musici. Zij streeft naar meer speelplekken en fatsoenlijke beloning voor artiesten. Gitarist en lid van BIM Anton Goudsmit vat het samen: "De BIM is de enige organisatie die opkomt voor de belangen van de Nederlandse improviserende musici."

Het bestuur van de BIM heeft voor de BIM Podium Prijs 2019 trombonist/componist Joost Buis als extern deskundige aangetrokken. De kandidaten voor de longlist van de BIM Podium Prijs zijn inmiddels bekend. De winnaar uit deze selectie wordt in september bekend gemaakt.

De geselecteerde podia voor de BIM Podium Prijs 2019 zijn:

•  Podium JIN (Nijmegen)
•  De Pletterij (Haarlem)
•  Heerlen Jazz
•  Hot House Jazz (Leiden)
•  Jazz in Groningen
•  It's Time for Jazz (Zutphen)
•  Jazz Inverdan (Zaandam)
•  Jazzblazzt (Hunsel)
•  Mahogany Hall (Edam)
•  Plusetage (Baarle-Nassau)
•  Studio Loos (Den Haag)

Labels:

(Maarten van de Ven, 24.6.19) - [print] - [naar boven]



Cd
Matthias Spillmann Trio - 'Live At The Bird’s Eye Jazz Club' (Clean Feed, 2019)

Opname: 21-22 juli 2017

Trompettist Matthias Spillmann trok al de aandacht met de geflipte kamermuziekjazz van zijn groep Mats Up. Onlangs bracht hij een liveopname in trio uit op Clean Feed Records, het Portugese label dat avontuurlijke muziek in de kijker zet. Deze keer duikt de Zwitser in de geschiedenis van de jazz met nummers van Ellington, Ornette en zelfs 'St. Louis Blues'. Dit gebeurt met een open blik en gesteund door prima kompanen. Andreas Lang is een Deense bassist die in Berlijn furore maakt en drummer Moritz Baumgärtner is een jong Zwitsers talent.

In het trio zonder piano of gitaar kunnen alle tierlantijntjes meteen overboord gezet. Met zijn drieën dansen de muzikanten rond de melodie en het ritme, waarbij Lang en Baumärtner af en toe de registers behoorlijk opentrekken. Zo krijgen 'Fort Worth' van Joe Lovano en Ornette Colemans 'Una Muy Bonita' een stroomstoot waardoor de energie volledig vrijkomt. Bij 'Peace' van diezelfde Ornette of bij 'St. Louis Blues' gaat het tempo lager, waardoor de nadruk meer op de melodie komt te liggen, en zorgt de ritmesectie voor contrast met die mooie toon van de trompettist. 'A Flower Is A Lovesome Thing' van Strayhorn en 'Knderlied #1' - een eigen compositie van Spillmann - vervolledigen de cd.

Met die knappe toon hem zou Matthias Spillmann zomaar voor de galerij kunnen spelen, maar net als in zijn andere groep Mats Up lijkt hij er zich van bewust dat enkel mooi spelen een valkuil kan zijn. Met een dosis creativiteit vindt Spillmann ook in dit trio een oplossing om het voor de hand liggende pad te ontwijken. Geen snelle rit over de hoofdbaan, maar een reisje via kleinere wegen dat je ook op plekken brengt waar je anders niet zou komen.

Meteen levert dit een fijne en spannende cd op. Nooit gedacht dat 'St. Louis Blues', zonder als een parodie te klinken, op een Clean Feed-cd te horen zou zijn.

Klik hier om twee tracks van dit album te beluisteren: 'A Flower Is A Lovesome Thing' en 'Peace'.

Deze recensie verschijnt ook op Jazz'Halo.

Labels:

(Iwein Van Malderen, 19.6.19) - [print] - [naar boven]



Vooruitblik
Gent Jazz Festival 2019


Van 29 juni tot 9 juli, bijna anderhalve week dus, is het weer tijd voor Gent Jazz. En laat u daarbij niet misleiden door de term 'jazz'. Wat we gewoontegetrouw aan muziek onder deze term scharen is hier zeker te horen, maar Gent Jazz programmeert heel wat breder en laat ook de betere popmuziek toe op het festivalterrein van De Bijloke.

Er komt in dit festival te veel aan bod om allemaal op te noemen, maar een korte impressie willen we u hierbij niet onthouden. Zo vinden we op de openingsdag, zaterdag 29 juni, zowel de onder neo-klassiek te scharen Yann Tiersen met zijn mierzoete pianoklanken als Rymden met Bugge Wesseltoft en Dan Berglund. Een dag later kunt u getuige zijn van zanger/pianist Jamie Cullum, het in stevige funkrock grossierende Blow 3.0 - dat je eerder op een dancefestival zou verwachten - en het uit Antwerpen afkomstige Kolonel Djafaar, dat teruggrijpt op de zogenaamde Ethio-jazz.

Maandag en dinsdag heeft u dan even vrij, waarna op woensdag 3 juli het feest weer losbarst. Een mooie dag, met optredens van de Ethiopische legende Mulatu Astatke, het Belgische STUFF., de jonge Engelse drummer Moses Boyd, de Amerikaanse drummer Makaya McCraven en een optreden van James Holden & The Animal Spirits, die elektronica en wereldmuziek met elkaar vermengen tot een zeer dansbaar geheel.

Het programma een dag later heeft nog minder met jazz te maken, maar bevat wel een aantal bijzondere acts. Allereerst Joan Baez. Naar verluidt geeft deze inmiddels 78-jarige levende legende nu echt haar laatste Belgische concert. Verder op deze dag Julia Holter, een van de meest opzienbarende popacts van dit moment. Met verder acts als Cowboy Junkies, J.S. Ondara en The Antler King wordt dit de singer-songwriterdag.

Vrijdag 5 juli is inmiddels uitverkocht. Verantwoordelijk daarvoor is zeker Diana Krall, maar wellicht ook wel Vincent Peirani 'Living Being'. Verder optredens van het Christian Sands Trio en het Yuri Honing Acoustic Quartet. Kortom, de dag van de melodische jazz.

Meer avontuur kunnen we verwachten op zaterdag 6 juli. Pianist Fred Hersch weet immers altijd te verrassen en weet zich hier in goed gezelschap van de WDR Big Band, onder leiding van Vince Mendoza. Maar ook trompettist Terence Blanchard heeft zijn sporen inmiddels ruimschoots verdiend. Verder heeft drummer Stéphane Galland vanavond de Garden Stage tot zijn beschikking voor een drietal experimentele concerten. En dan is er de in onze contreien nog onbekende Chileense saxofoniste Melissa Aldana, die even gemakkelijk jazz speelt als Gershwin.

Ook zondag 7 juli is uitverkocht. Het zal zitten in die twee vermaarde vocalisten. Gregory Porter behoeft geen introductie meer, José James evenmin. Beiden hebben in hun respectieve stijlen hun bekendheid reeds verworven. Dat geldt nog niet voor Maisha, een van de toonaangevende bands in de nieuwe Londense jazzscene en voor bands als UMM, Suura en Raman, die onderdeel uitmaken van die alsmaar uitdijende Vlaamse jazzscene.

Kaarten voor maandag 8 juli zijn er ook niet meer, allemaal de schuld van Sting. Wel voor de slotdag, dinsdag 9 juli, en de enige dag die geheel gewijd is aan de avant-garde jazz. Allereerst komt John Zorn met zijn karavaan om zijn 'Bagatelles' uit te voeren en verder waagt de Amerikaanse trompettist Nate Wooley de oversteek. Hij speelt met een zowel uit Amerikaanse als Belgische musici bestaande band zijn '7 Storey Mountain' en is op de Garden Stage te horen met Bram De Looze, Spencer Yeh en Chris Corsano.

Klik hier voor meer informatie over Gent Jazz 2019.

Foto's: Cees van de Ven

Labels: , ,

(Ben Taffijn, 19.6.19) - [print] - [naar boven]


Lees verder in het archief...






Menupagina's:

Redactieadres:

Hoekstraat 1 B17
3910 Neerpelt
België
(0032) 11747180
(0032) 498788554

Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken?
Mail de redactie.