Draai om je oren
Jazz en meer - Weblog





 


Jazzradio
Jazz Rules #156


SCHNTZL heeft een nieuwe EP uit. 'Paper, Wind' is onlangs verschenen bij WERF Records en Dirk Roels laat het je integraal horen! Het werd gemixt door Koen Gisen. Verder nieuwe muziek van de jonge Gentse band Bardo en van het nieuwe album 'III' van Gratitude Trio, met onder meer saxofonist Jeroen Van Herzeele.

Er is livemuziek van Small World, de band van pianist Ewout Pierreux en de Zuid-Afrikaanse trompettist Marcus Wyatt en je hoort ook nog Kamasi Washington! Enjoy it while it's fresh!

Klik hier om Jazz Rules #156 te beluisteren.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 19.6.18) - [print] - [naar boven]



Cd
Andrea Brachfeld - 'If Not Now, When?' (Jazzheads, 2018)

Opname: 28 februari / 27 december 2017

Op dit album is geen spoor te vinden van de jaren die fluitiste Andrea Brachfeld in latin-ensembles doorbracht. Het is het resultaat van een jaar meditatie en introspectie. Een liedje met de titel 'The Silence' doet het ergste vrezen. Edoch: dit lijkt eerder een opgewekte speedmars dan een verstild gebed. Maar 'Creating Space' is inderdaad introvert en haar versie van 'Amazing Grace', het enige nummer dat ze niet zelf heeft geschreven, kan zelfs deemoedig genoemd worden.

In 'Listening Song' zoemt Brachfeld bedrijvig van bloem naar bloem, een paar flarden van halfvergeten jaren 60-funkjazz neuriënd. Voor 'Anima Mea' hebben de muzikanten een aantrekkelijk arrangementje vervaardigd, waarin de springerige ziel van de fluitiste alle ruimte krijgt. 'Deeply I Live' heeft een levendig karakter, het is een in wezen sereen walsje dat grondig omgeharkt is. Expressief en pittig zijn adjectieven die ook 'Moving Forward' beschrijven.

Nochtans betrap je jezelf er soms ('Movers And Shakers') op dat je het begeleidende trio - Bill O'Connell op piano, Harvie S op bas en Jason Tiemann op drums - wel eens een of twee nummers zonder de fluit zou willen horen. Niet altijd zitten Brachfeld en haar begeleiders op dezelfde energiebaan.

Labels:

(Eddy Determeyer, 18.6.18) - [print] - [naar boven]



Vooruitblik
North Sea Jazz Festival 2018


"De laatste decennia is het North Sea Jazz Festival uitgegroeid tot een spektakel met vijftien podia, circa dertienhonderd musici en een bezoekersaantal van ongeveer zeventigduizend. De criticasters wijzen erop dat het festival leunt op de grote namen uit de genres: pop, soul, blues en wereldmuziek. Maar zonder enige twijfel blijft de basis van het festival jazz en moderne, geïmproviseerde muziek. In tegenstelling tot de opvatting van puristen is jazz, meer dan andere muziekstromingen, een kunstuiting die voortdurend uitdaagt, vernieuwt en zich laat bestuiven door andere stijlen. Het NSJ is een festival dat in de breedte programmeert en er ook dit jaar met vlag en wimpel in slaagt om vele genres en subgenres over het voetlicht te brengen."

Louis Obbens doet een persoonlijke greep uit het programma en belicht de potentiële smaakmakers van de 39e editie van North Sea Jazz.

Klik hier om zijn vooruitblik te lezen.

Labels: , ,

(Maarten van de Ven, 17.6.18) - [print] - [naar boven]



Concert
Stevige ritmes en dwarse solo's

Jasper Høiby - Fellow Creatures, vrijdag 8 juni 2018, Chassé Theater, Breda

De Deense bassist Jasper Høiby geldt zonder meer als een van de meest markante en toonaangevende bassisten van dit moment. Hij maakte furore als onderdeel van het grensverleggende pianotrio Phronesis en heeft inmiddels alweer enige tijd zijn eigen kwintet. In 2016 verscheen 'Fellow Creatures' en sindsdien struint hij met deze formatie de podia af. Høiby blijkt daarbij een voorkeur te hebben voor Engelse musici. Niet zo heel verwonderlijk, want de hedendaagse Engelse jazz bloeit als nooit te voren en brengt de ene grensverleggende band na de andere voort. Een aantal van de belangrijke spelers aan dit front zien we in dit kwintet terug. Drummer Jon Scott kennen we van het Kairos 4tet, trompettiste Laura Jurd van Dinosaur en het Chaos Orchestra en tenorsaxofonist Mark Lockheart zit onder andere in Polar Bear. Pianist Will Barry tenslotte is weliswaar een relatieve nieuwkomer, maar dat horen we aan zijn spel geenszins af.

De muziek van dit kwintet is te omschrijven als lyrisch en melodisch en meestal voorzien van een stevige groove. Maar daarmee zijn we er niet. Høiby's composities hebben daarnaast altijd iets tegendraads, een stekelig randje. Mooie melodische lijnen worden altijd op scherp gezet, dwars doorkruist door een speels element. Het is verder zonder meer jazz, maar de Noord-Europese folk klinkt erin door. De drie lange stukken die de eerste set vormen - 'Folk Song', 'Little Song For Mankind' en 'Tangible', die net als de stukken in de tweede set ook op het album staan, leveren genoeg voorbeelden hiervan. De solo's van Jurd en Lockheart in 'Folk Song' zijn eloquent, maar evengoed vliegen ze regelmatig uit de bocht.

Een hoogtepunt in het concert is 'Little Song For Mankind'. In tegenstelling tot de versie op het album is het hier Barry die solo begint in een uitmuntende partij op piano. De blues is het hart en het is fascinerend om te zien hoe zijn vingers dansen rond die ene melancholieke noot. Na enige minuten sluiten Høiby en Scott aan, zeer subtiel en voorzichtig, langzaam bouwend tot er een eenheid ontstaat en als de beide blazers de melodie dan aansluitend oppikken, levert dat weer een mooi voorbeeld van het bovenstaande. Eerst zijn er de akkoorden en dan start het uiteenrafelen.

De tweede set opent met het titelstuk van het album, 'Fellow Creatures'. Ook hier horen we de stevige groove die Høiby en Scott, ondersteund door Barry, als een tapijt neerleggen, en die voor de beide blazers een prima voedingsbodem vormt voor hun creatieve solo's. Eerst unisono akkoorden blazend en dan gaandeweg verder uitwaaierend. Høiby is daarbij de onbetwiste leider; hij zorgt voor de structuur en leidt het geheel in goede banen. Het komt de muziek zeer ten goede en zorgt er tevens voor dat de dwarse solo's - zowel Jurd als Lockheart excelleren hier - optimaal tot hun recht komen. Na het duidelijk op Latijns-Amerikaanse muziek gebaseerde 'Songs For The Bees', dat uitnodigt tot dansen, maar dat evengoed heerlijke dwarse solo's kent, met name van Jurd, krijgen we tot slot nog 'Plastic Island' als ideale afsluiter. Dit duidelijk aan folk schatplichtige stuk zit weer vol kleurrijke melodieën, aantrekkelijke ritmes en speelse vondsten.

Foto's: Louis Obbens

Labels:

(Ben Taffijn, 15.6.18) - [print] - [naar boven]



Vooruitblik
Doek Festival 2018


Genoemd naar het gelijknamige album van Ornette Coleman, een mijlpaal voor de vrij geïmproviseerde muziek, is 'This Is Our Music' het thema van het Doek Festival 2018, een van de avontuurlijkste festivals die Nederland rijk is. Daarmee keert het Amsterdamse impro-collectief Doek terug naar de oorsprong: persoonlijke projecten van de individuele kernleden. Iedere musicus heeft de vrijheid genomen om een groep te kiezen. Het resultaat is een rijkgeschakeerd programma met onder meer twee avonden in het Bimhuis.

Het festival gaat donderdag 14 juni van start in Splendor. Subtext is een kwartet met twee dansers (Lily Kiara en Michael Schumacher) en twee pianisten (Kaja Draksler en Marta Warelis). Dit viertal begon hun samenwerking in 2017, toen zij elkaar ontmoetten tijdens het Doek Festival in workshops en voorstellingen met geïmproviseerde dans en muziek. Zij werden verrast door de ontdekking van gelijkgestemde waarnemingen, interesses en verwonderingen. Low, Slow and Wobbly is een nieuw project van de hand van rietblazer Michael Moore, met een vijftal musici op klarinetten, basklarinetten, alt- en bariton saxofoons en trombones. Zoals de titel al doet vermoeden is de muziek die ze spelen meditatief, kalmerend en intiem.

Op vrijdag 15 juni presenteert trombonist en improvisator pur sang Wolter Wierbos Amagi, een ensemble met Turkse musici die thuis zijn in zowel traditionele muziek als improvisatie. Vervolgens brengt gitarist Jasper Stadhouders een nieuw kwintet met een enigszins ongewone line-up. Drie akoestische snaarinstrumenten, akoestische drums en een zelfgemaakte analoge modulaire synthesizer. De avond wordt afgesloten met een driehoeksverhouding tussen drie steden, drie muzieksoorten en drie personen die binnen de driehoek een positie innemen: zanger Mola Sylla uit Senegal, pianist Oscar Jan Hoogland uit Amsterdam en drummer Frank Rosaly uit Chicago.

Zaterdag 16 juni wordt het programma geopend door het Eric Boeren 4tet, een vlaggenschip van het Doek-collectief. In eerste instantie geïnspireerd door de invloedrijke kwartetten van Ornette Coleman heeft de groep zich in de afgelopen jaren gevormd naar de persoonlijke visie van cornettist Eric Boeren. Compositie en improvisatie worden op briljante wijze vermengd door deze vier improvisatiemeesters. Vervolgens nog een schoolvoorbeeld van Nederlandse geïmproviseerde muziek: het Ab Baars Trio, dat al 30 jaar actief is. Dit drietal is veelomvattender dan het gemiddelde trio met sax, bas en drums, dankzij de hoogst originele muziek die verder gaat dan je zou verwachten van een 'jazz'-trio. De avond wordt afgesloten met The Coimbra Residency, een ensemble dat in 2017 ontstond in het Portugese Coimbra, waar saxofonist John Dikeman ter gelegenheid van twee concerten een ensemble mocht samenstellen met twee buitengewone musici uit de Britse scene: pianist Alexander Hawkins en drummer Mark Sanders.

Op zondag 17 juni vindt de Amsterdam Realbook Fietstoer plaats, die onder leiding van Oscar Jan Hoogland is uitgegroeid tot een van de favoriete onderdelen van het Doek Festival in de laatste paar jaar. Een ongelofelijk spontaan evenement, waarin de exacte details altijd op het laatste moment bepaald wordt. Houd de Doek-website in de gaten.

Tijdens het festival zijn er dagelijks workshops voor getalenteerde improvisatoren in het Bimhuis.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 14.6.18) - [print] - [naar boven]



Concert
Nieuwe kijk op Chopin

StarkLinnemann, vrijdag 2 februari 2018, TivoliVredenburg, Utrecht

Het is een gevaarlijk terrein, het cross-overgebied tussen jazz en klassiek, maar gezegd moet worden dat het trio van Paul Stark (piano), Jonas Linnemann (drums) en Vasilis Stefanopoulos (bas) zoals het speelt op het laatste album met Iman Spaargaren daar een goed antwoord op heeft gevonden. Ze noemen het zelf universal crossover music, op zijn zachtst gezegd een vage term, waaronder van alles van Indiase raga's tot Guatemalteekse volksliedjes zou kunnen vallen. Gelukkig is de muziek van deze formatie wat uitgesprokener in haar keuzes. Rond de kern van de pianist en de drummer zijn er verschillende bands gevormd. Het eerste album van het huidige trio was 'Awake' in 2014 met Dick de Graaff en Gerard Kleijn. Daarna volgde van het trio het eerste deel van 'Transcending Chopin' in 2015.

De vrij kleine zaal van Cloud 9 in TivoliVredenburg, meer nog een verzameling bars dan van zalen tegenwoordig, heeft een goede akoestiek en is ook voorzien van een goede vleugel die het makkelijk maakt om de nuances van het concert te volgen. Onder de noemer ClubCloud wordt daar een concertreeks geprogrammeerd. Zo lijkt Paul Stark zo op zijn gemak op de vleugel dat zijn spel een speelgemak vertoont dat doet vermoeden dat die de legendarische virtuositeit van Chopin benadert. Chopin veroorzaakte als componist nogal wat controverse, die nog steeds niet verdwenen is. Zijn romantische virtuositeit als pianist, zijn gevoeligheid voor irrationele adoratie, zijn belang voor de Poolse culturele identiteit en zijn melodramatsich verlopen leven spreken nog steeds tot de verbeelding. Voor sommigen geldt hij echter, mede dankzij het missiewerk van Arthur Rubinstein in de vorige eeuw, als de verpersoonlijking van kleinburgelijke kitsch en zoetsappigheid. Zijn invloed op de ontwikkeling van de klavieresthetiek kan echter niet overschat worden. Dat geldt ook voor zijn invloed op de populaire muziek en de latere jazz.

Het mooie van het StarkLinneman-project is dat niet wordt toegegeven aan de stereotypen rond Chopin, maar de nadruk wordt gelegd op de melodische kwaliteiten en de ritmische potentie van zijn muziek. Chopin wordt niet verjazzd; juist met de toevoeging van bas en drums en nu ook de tenorsaxofoons van Iman Spaargaren heeft de groep gekozen voor een vorm waarin het werk van Chopin de basis vormt voor jazz. Op deze avond worden de twee bewerkte composities van 'Transcending Chopin Volume II & III', een dubbel-cd, gespeeld. Met veel inspanning zijn de 'Piano Sonate Opus 58' en de 'Cello Sonate Opus 65' zodanig bewerkt dat ook ritmisch een extra jazzlaag toegevoegd werd. Vooral bij de 'Cello Sonate' heeft Linnemann daar een groot aandeel gehad. Het gevolg is wel dat ondanks de improvisaties de melodische, harmonische en ritmische delen vrij strak in elkaar moeten passen. Opvallend is overigens dat het latin-element heel sterk aanwezig in de bewerkingen.

Starks improvisaties klinken niet echt vrij, maar zijn heel bewust ingepast in de met veel zorg in elkaar gezette bewerkingen van de beide sonates. De vrijheden van de drums van Linnemann en de contrabas van Stefanopoulos zijn daarom ingeperkt door de vereisten van de delen waaruit de sonates bestaan. Spaargaren, met zijn post-Coltrane benadering en expressieve geluid, draagt echt een extra emotionele laag bij in 'Cello Sonate'. Ook zijn wat lossere ritmische benadering is daar niet vreemd aan. De haast academische benadering van StarkLinnemann werpt wel degelijk haar vruchten af en ik denk dat een dergelijke opzet ook voor andere klassieke composities effectief zal zijn.

Klik hier voor foto's van dit concert door Ken Vos.

Labels:

(Ken Vos, 12.6.18) - [print] - [naar boven]



Interview
Joshua Redman


"Ik hou ervan me muzikaal flexibel op te stellen. Ik hou van heel uiteenlopende soorten muziek, heel verschillende stijlen. Ik wil altijd leren. Mijn doel als artiest is om een muzikale conversatie aan te gaan, eender welke conversatie, waarover die ook mag gaan. Het belangrijkste is de connectie met andere muzikanten, en al spelend te luisteren om hun taal te verstaan."

Tijdens het Dinant Jazz Festival, van vrijdag 27 juli tot en met zondag 29 juli 2018, neemt Joshua Redman als peter, artist in residence, de handschoen op om elke dag te schitteren met respectievelijk het Billy Hart Quartet, zijn eigen trio en het Philip Catherine Quartet. Bernard Lefèvre sprak daarover met de saxofonist, alsook over diens nieuwe album 'Still Dreaming'.

Lees hier het volledige interview.

Dit interview verschijnt ook op Jazz'Halo.

Labels:

(Maarten van de Ven, 11.6.18) - [print] - [naar boven]



Cd
Mary Halvorson - 'Code Girl' (Firehouse, 2018)


Een opvallende rijzende ster onder gitaristen is Mary Halvorson. Haar speelstijl ontwikkelde zij bovenal zelf en met durf, maar ook dankzij de aanmoediging van onder anderen Joe Morris en Anthony Braxton. In eigen projecten en andere samenwerkingen schittert zij naast bekend en minder bekend schoon volk als Marc Ribot, Ches Smith, Jon Irabagon, Chris Speed, Ingrid Laubrock, Stephan Crump, Jason Moran, Ron Miles, Sylvie Courvoisier en vele, vele anderen.

Code Girl rond de veelgevraagde gitariste draait op liedjes die zij zelf componeerde. Hoewel dit project voor haar een duik betekende in onbekend terrein, sluit het heel mooi aan op de evolutie in haar manieren van eigen muziek uitwerken. Door de jaren heen bleef de gitaar natuurlijk een belangrijke rol hebben in haar composities, maar geleidelijk betrok zij er meer en meer andere instrumenten bij. Haar trio met John Hébert en Ches Smith, dat zo'n 10 jaar geleden een eerste cd uitbracht, breidde zij hinkstapsgewijs uit tot een octet. Haar composities, die er knapper en kleurrijker op werden, bloeiden steeds meer open. Tegelijk verfijnde zij haar expressieve vermogens in haar gitaartechniek, wat zij in 2015 tentoonspreidde op de cd 'Meltframe' - helemaal solo op gitaar.

Voor 'Code Girl' vertrok Halvorson van persoonlijke schrijfsels, gebaseerd op notities die al dan niet te maken hadden met gebeurtenissen en ervaringen van haar of van anderen. Daarna ging zij op zoek naar structuren om die in songs te gieten. Voor de vormgeving verkoos zij een beroep te doen op een ritmesectie met wie zij vertrouwd is. Samen met bassist Michael Formanek en drummer Tomas Fujiwara speelt zij intussen al enkele jaren in het trio Thumbscrew. Louter een uitbreiding van dit trio is Code Girl nu ook weer niet, al blaast dit avontuur Thumbscrew ook nieuw leven in, maar dat is een ander verhaal.

Deze dubbel-cd is de eerste worp van een kwintet rond Halvorson met daarin Ambrose Akinmusire. De stertrompettist stapt hier buiten het kader van de postbop en het Blue Note-label waarmee we hem gemakkelijk associëren. Code Girl laat hem ontdekken in een nog creatievere benadering van klank en textuur. Ergens laat hij zijn trompet bijvoorbeeld klaaglijk huilen. Voor de opmerkelijke zang en bijzondere stemgeluiden tenslotte en bovenal zorgt de veel minder bekende Amirtha Kidambi. Zij kan niettemin referenties voorleggen als Darius Jones, Matana Roberts en Tyshawn Sorey. In de woorden die Halvorson voor 'Code Girl' achter elkaar plaatste is het als lezer vaak zoeken naar een betekenis, maar Kidambi zingt ze met veel gevoel.

Openen doet cd 1 met een gitaarintro, waarna de rol van de gitaar er een wordt zoals van alle andere elementen. Zang is logischerwijs heel prominent aanwezig, maar elke muzikant komt op de voorgrond - zo fladdert bijvoorbeeld de trompet bij 'Pretty Mountain' en her en der leveren solo's een gedoseerde bijdrage aan het geheel. Het voelt aldoor alsof Halvorson de touwtjes stevig in handen houdt, terwijl zij vaak centraal, bijna onopvallend aanwezig is op gitaar. Zij speelt nu eens mee in het ritmische patroon, dan weer de melodie en vaak voegt zij een uitschuivend effect toe. Toch is zij wellicht met ideeën naar de andere muzikanten toegestapt, die hen ook nog een grote mate van vrijheid liet om haar plannen aan en in te vullen. Deze blend van zang, trompet, elektrische gitaar, contrabas en drums is hoe dan ook complex, maar evenwichtig en rijk.

Amirtha Kidambi voelt zich in deze composities duidelijk als een vis in het water en maakt wendingen die deze metafoor alle eer aan doen. Je zou op het eind van cd 1 bij 'Accurate Hit' wel eens aan PJ Harvey kunnen denken, maar voor je zover bent, heeft zij al heel wat opmerkelijks laten horen dat allesbehalve aan PJ refereert. De melodieën in de songs bieden bij een eerste beluistering misschien moeilijk houvast, maar via de verbeeldingrijke zang komt Code Girl aandraven met een breed kleurenpalet, dat bijzonder gevoelig aandoet. Inspiratie lijkt naar goede gewoonte weer van heel verschillende kanten te komen. Invloeden uit heel oude en heel vrije muziekvormen, uit rock, folk en jazz worden samengesmolten in verrassende gedaanten. 'The Unexpected Natural Phenomenon', dat verwijst naar een zwempartij en onverwachte (over)stroming, is daar een prachtig voorbeeld van.

Klik hier om dit album te beluisteren.

Deze recensie verschijnt ook op Jazz'Halo.

Labels:

(Danny De Bock, 8.6.18) - [print] - [naar boven]



Concert
Meester Matt geeft een feestje

Wilson, Martinez & Teepe, dinsdag 5 juni 2018, De Smederij, Groningen

Stel, Frank Foster zou niet meer weten hoe precies dat 'Shiny Stockings' ook weer ging. Stel. Dan zou hij door het luisteren naar de drumsolo van Meester Matt Wilson, door die precies uit te schrijven, het liedje noot voor noot binnen kunnen halen. Wat een gast. Een en al swing. Ook in de hoogste tempi ('Seven Steps To Heaven') blijft hij een verbluffende precisie aan de dag leggen. En altijd creatief. Door zijn snaartrommel ondersteboven te plaatsen wordt Wilson een stokoude washboardspeler. En als er zo nu en dan een extatische schreeuw of een enthousiaste aanmoediging ("play that bass!") van achter de kit klinkt, weet je dat ook Meester Matt het naar zijn zinnetje heeft.

Het ene moment glorieer je in DownBeat ('Honey And Salt' bij de beste albums van 2017), het volgende begeleid je studenten van het Prins Claus Conservatorium. Misschien dat juist in die bescheiden omstandigheden de ware Wilson tot zijn recht komt. Op de een of andere manier weet hij de jongelui precies de ondersteuning te geven die ze op dat moment nodig hebben. Met die onvoorwaardelijk enthousiaste Wilson achter de drums staan ze stuk voor stuk in hun eigen stralenkrans. Het grappige is, hij is ook nog eens ideaal publiek. Want wie schreeuwt er van achter uit de zaal het hardst nadat een student de stokken heeft overgenomen? Juist ja.

Het trio van conservatoriumdocenten Miguel Martinez, Joris Teepe en Matt Wilson bewees dat de jazztraditie bij hen in goede handen is. 'When I Fall In Love', met die vijf noten dook Martinez diep in een improvisatie die even grillig als stevig en steekhoudend was, om na twee of drie minuten in 'I Remember You' op zijn pootjes terecht te komen. Joris Teepe had zijn nagelnieuwe contrabas meegebracht, een imposant meubelstuk, waarop hij in het al gememoreerde 'Shiny Stockings' een gebeeldhouwde solo speelde.

Niet zelden zijn de jamsessies na de reguliere optredens in De Smederij zeker zo spannend. We hoorden dinsdag inderdaad fris talent, maar de hernieuwde kennismaking met wat meer gevorderde artiesten beviel eveneens. Van trombonist Pasha Shcherbakov konden we verwachten dat die consistente solo's zou blazen, waarbij elke noot op haar plaats zat. En dat zangeres Hiske Oosterwijk ziel en zaligheid in 'No More Blues' legde, zodat je haar onvoorwaardelijk geloofde, hoe ver ze zich ook losmaakte van alle conventies, dat was misschien ook nog wel te voorzien. Maar dat ik die altiste Harriët Waninghe eerlijk gezegd een beetje uit het oog verloren was, was duidelijk een stommiteit mijnerzijds. Haar solo in 'It Could Happen To You' schoot gelijk Bengaals vuurwerk alle kanten op, waarbij haar voluptueuze, geciseleerde sound om door een ringetje te halen bleef.

Ik ga mijn leven beteren.

Klik hier voor foto's van dit concert door Zoltan Acs.

Labels:

(Eddy Determeyer, 7.6.18) - [print] - [naar boven]



Jazzradio
Jazz Rules #155


Dirk Roels keek in deze aflevering vooruit naar het Citadelic Summer Festival Gent, met onder andere Erik Vermeulen Trio, Spoken Saxophone Quartet +2, Augusto Pirodda Quartet, Bart Maris & Lode Vercampt.

Nieuwe muziek hoor je van The Milk Factory. Deze jonge Gentse band heeft net eerste EP uit. Met schoon volk zoals onder meer Kobe Boon, Jan Daelman, Thijs Troch, Viktor Perdieus en Edmund Lauret.

En verder de niet te versmaden 'Boggamasta Dub Version by Pierre Vervloesem', een remix van 'Boggamasta' van Flat Earth Society feat. David Bovée.

Klik hier om Jazz Rules #155 te beluisteren.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 6.6.18) - [print] - [naar boven]



Concert
Hartentroef

Martin Fondse Orchestra, vrijdag 25 mei 2018, Paradox, Tilburg

Het gaat vanavond over harten. Zoals sommige titels van de composities impliceren ('Harten 2', 'Harten 4', 'Harten 5', etc.) en figuurlijk als 'uit het hart', 'geraakt in het hart' en 'hartveroverend'. Uitdrukkingen die van toepassing zijn op de inhoud en uitwerking van dit concert. De titels verwijzen naar het programma 'Hearts' uit Martin Fondse's nieuwe suite 'Card Games'. Een suite die gaat over liefde, vriendschap en vertrouwen en alle emoties die daarin besloten liggen. Maar we beginnen even bij het begin.

Martin Fondse is pianist, componist, arrangeur en speler van de vibrandoneon. Hij kreeg de Buma Boy Edgar Prijs 2017 - de belangrijkste prijs in Nederland op het gebied van jazz en geïmproviseerde muziek - in december uitgereikt voor zijn veelzijdige en kleurrijke bijdrage aan de Nederlandse jazz- en muziekscene. Een welverdiende prijs en het is hem van harte gegund, dat zullen velen met mij eens zijn. De prijs kwam voor Fondse totaal onverwacht op het moment dat hij 25 jaar in het vak zat en 50 was geworden. Een mooier of beter moment was haast niet te bedenken. Met 'Hearts' besloot hij de Boy Edgar Tour in te zetten, een programma wat ontstaan is door persoonlijke gebeurtenissen die de afgelopen jaren op zijn pad kwamen. Met zijn orkest verbindt hij jong en oud, jarenlange ervaring en de innovatieve inbreng van een nieuwe generatie musici. De kracht van doorwrochte kundigheid gebundeld met vernieuwende inzichten. Al die factoren leidden tot prachtige melodieuze arrangementen met verrassende elementen.

Bijvoorbeeld als Claudio Puntin in 'Harten 2' de elektronica loslaat op zijn instrumenten en daarmee een pulserende bloedstroom verklankt waarin je de cellen over elkaar heen hoort buitelen. Dan de illustrerende stemmen van Anna Serierse en Sanne Rambags, die nauwelijks met woorden - of onbekende woorden - en klanken de verbeeldingskracht van de thema's nog eens vergroten. Hoorde ik daar nou meeuwen? Ook het aandeel van de twee cello's is heel apart. Jörg Brinkmann en Annie Tangberg, ieder met een eigen interpretatie heel authentiek en toch zo inherent aan het geheel. Briljant is de intro van 'Gloria' (naar een metrostation in Rio de Janeiro) als Brinkmann een heftig klassiek thema op de cello speelt waar een klokkenspel heel fijntjes een deuntje overheen speelt, een rauwe sax en een nerveuze bas invallen om de hectiek en chaos uit te beelden, om uiteindelijk te eindigen in een onheilspellende rust. Telkens weer die wonderschone, haast filmische melodieën, die eronder liggen of vorm geven aan de climax. Melodieën waar je kippenvel van krijgt. De ritmiek is heel functioneel, nergens teveel of heel opvallend. Het is een kunst om zo te arrangeren dat alles past en een doel heeft.

De twee zangeressen laten ook afzonderlijk van zich horen in een eigen song, zodat de schoonheid van hun stemmen extra goed te beluisteren is. Serierse vertolkt het gevoelige 'Tomorrow Eyes'. Rambags ontroert het publiek met 'Walking Across The Atlantic'. Een indrukwekkend stuk waarin zij a capella begint met flarden van woorden die meegevoerd op de wind fluisterend je oren strelen. Het lijken wereldstemmen die verwijzen naar verre horizonten. Dan valt de piano in en wordt het een prachtig lied. Overzeese verhalen krijgen een stem en een gezicht. Martin Fondse eindigt de avond met een ode aan zijn overleden vader in 'Karavanserai'. De cello's vormen samen met de bas opeens een strijkersensemble. Een liefdevolle melodie die zijn doel niet mist. Wat een heerlijke verwennerij deze muziek.

Klik hier voor foto's van dit concert door Donata van de Ven.

Labels:

(Donata van de Ven, 4.6.18) - [print] - [naar boven]



Cd / Jazztube
Jet Lemon Band - 'Led Zeppelin II In The Key Of Jazz' (Leo, 2017)


Een beetje vreemd maar wel lekker. De Jet Lemon Band, bestaande uit vijf voor mij volstrekt onbekende musici, speelt het werk van Led Zeppelin alsof het jazzstandards zijn! Hun wapenfeit: 'Led Zeppelin II In The Key Of Jazz', waarop ze het complete tweede album van de grootvaders van de hardrock in de originele volgorde coveren. En dus krijgen we het over dramatische 'What Is And What Should Never Be' in een versie die we ons maar moeilijk kunnen voorstellen. Jim AvivA mist de dramatische zeggingskracht van Robert Plant, klinkt meer soulfull, maar weet desalniettemin te overtuigen. Jimmy Page heet hier Ju Youn Cheong en weet heerlijke vette solo's te produceren. En terwijl bassist Benjamin Schlothauer en drummer Jakob Kufert voor de stevige onderlaag zorgen en zo een meer dan adequate vervanging vormen voor John Paul Jones en John Bonham, is het Sammy Lukas die op piano een lading jazz naar binnen schuift. Een wonderlijke ervaring.

'The Lemon Song' swingt hier zelfs, wederom met dank aan Lukas - hier op altsax en piano - en lekker gierend keyboardspel van AvivA. Een lang uitgesponnen versie vinden we hier, waarin het origineel op bepaalde momenten aardig buiten beeld verdwijnt. Aantrekkelijk is ook zeker de ballad 'Thank You', waarin we een intens zingende AvivA horen, begeleid door puntig pianospel van Lukas. Rock en jazz gaan eveneens een vruchtbare relatie aan in 'Heartbreaker' en in 'Living Loving Maid', met de wel heel foute toevoeging 'She’s Just A Woman', brouwt het kwintet een overkokend brouwsel van rock, jazz, soul en hiphop. En dat in nog geen drie minuten.

Sterk zijn ook de eerste momenten van 'Ramble On', waarin we Schlothauer en Cheong samen experimenteel het ritme horen opbouwen, de opmaat van een extra lange versie van deze moderne bluesklassieker. Over blues gesproken, de afsluiter is natuurlijk de Willie Dixon-cover 'Bring It On Home'. Hier bereikt het kwintet zijn experimentele hoogtepunt; zelden zo'n manische uitvoering van deze standaard gehoord. Goud is AvivA, die hier volledig in de overdrive zijn tekst declameert.

Het geheel overdenkend kunnen we bij dit album één ding stellen. De vaak inktzwarte, loodzware en pathetische blues van Led Zeppelin heeft deze band niet gekopieerd. Pathetisch is deze muziek geenszins en inktzwart al helemaal niet. Daar klinken deze arrangementen net even iets te fris voor. Deze nummers, klassiekers inmiddels, van Page, Plant, Jones en Bonham kunnen het hebben.

In de Jazztube zie je de Jet Lemon Band met hun versie 'Whole Lotta Love'.

Labels: ,

(Ben Taffijn, 4.6.18) - [print] - [naar boven]



Interview
Rembrandt Frerichs


"Er is een reden voor dat Charlie Parker geen hobo speelde. We zijn sectorbreed erg conservatief in onze instrumentkeuze. Saxofoon, trompet, piano, eventueel trombone en ritmesectie. Wij doen met ons project een appèl aan zalen en podia. De fortepiano is cultureel erfgoed en biedt een mooie mogelijkheid om ook met andere klanken te experimenteren."

In het kader van het nieuwe trioalbum 'The Contemporary Fortepiano' sprak Robin Arends met Rembrandt Frerichs over zijn liefde voor dit instrument. "Ik ben niet anti-Steinway natuurlijk, verre van, maar ik ben wel voorstander van een bepaalde pianodiversiteit."

Lees hier het volledige interview.

Dit interview verschijnt ook op Jazz'Halo.

Labels:

(Maarten van de Ven, 3.6.18) - [print] - [naar boven]



Concert / Jazzradio
Topjazz in prikkelende verpakking

Ralph Alessi & This Against That, zaterdag 19 mei 2018, Bimhuis, Amsterdam

Met This Against That heeft trompettist Ralph Alessi een eigen project dat al een aantal jaren meegaat. De groepsbezetting veranderde na de gelijknamige cd uit 2002, maar bleef daarna vrij stabiel. Op bassist John Hébert na had Alessi nu de groep mee op tournee met wie hij het album 'Look' opnam in 2005 en 'Wiry Strong' uitbracht in 2011. Meest tot de verbeelding sprekende groepslid is saxofonist Ravi Coltrane, de zoon van John. Voor Alessi is hij net als pianist Andy Milne een studiegenoot van bij M-Base. Bassist John Hébert, die Drew Gress, verving is al jaren een steunpilaar in het Fred Hersch Trio. Drummer Mark Ferber kent u misschien van de bands van Jonathan Kreisberg.

Ralph Alessi zelf speelt ook al langer in de hoogste liga. Als subtiele speler belandt hij geregeld in bijzondere settings. Om maar een paar voorbeelden te noemen: hij speelde in duo met pianist Fred Hersch en Tomas Fujiwara betrok hem bij zijn Triple Double. Van een ander eigen kwartet onder Alessi's naam verschenen bij het label ECM intussen nog 'Baida' in 2013 en 'Quiver' in 2016. Voor This Against That schreef hij nieuw materiaal waarmee zij in mei op tournee gingen, voor de opnamen van een nieuwe cd bij ECM.

Alessi is niet het type muzikant die zijn instrument demonteert om er atypische geluiden uit te halen. Zoals hij in het Bimhuis bij het bisnummer 'Snap' liet horen wil hij wel trompetklanken uit elkaar laten rafelen of noten op het randje van zuiver laten trillen, zoals in het begin van 'Around The Corner'. Vooral articuleert hij heel beheerst de tonen die hij aanblaast. Zijn composities zoeken evenmin uitgesproken uitersten op, maar dragen de stempel van een creatieve professional. Tijdens een lange set van ongeveer een uur en drie kwartier in het Bimhuis deed de groep dan ook meer dan louter het publiek onderhouden met lekkere jazz. In de zaal met haar geweldige akoestiek viel een stijgend enthousiasme te noteren.

De nieuwe nummers die de groep presenteerde behielden vaak iets laagdrempelig, terwijl zij meermaals uitliepen in complexe constructies. Enkele volgden min of meer een hardbopstramien, zoals 'Vynil', dat na een fijne intro een kort motief herhaalde, waarop een rondje soleren volgde. Ravi Coltrane plaatste daar een eerste gedreven solo, terwijl drums en bas de boel fel voortstuwden. Pianist Milne begeleidde toen sober tot het zijn beurt was voor een solo en hij daar een boeiende rit van maakte, die hij afrondde met een straffe, afremmende beweging. Zo maakte hij plaats voor John Hébert die vliegensvlug inzette. Talrijker waren de lange vertellingen en breed opgezette spanningsbogen waarbinnen afwegingen werden gemaakt en tegenstellingen uitgespeeld, in eenvoudige lijnen tegenover ingewikkelde patronen. Het concert kreeg daardoor wat van luisteren hoe grote, gedetailleerde schilderijen groeiden en meerdere figuren belangrijke en ondergeschikte rollen vervulden. 'Howling' kon makkelijk van een karavaan doen dromen die door een slagregen moest om een fata morgana te ontwaren.

Sommige nummers getuigden van grote fijngevoeligheid en dan kwam de emotie in een doordachte, intellectueel prikkelende verpakking. Dat uitte zich al in een zekere fragiliteit in opener 'Around The Corner'. Er weerklonk ook tederheid, bijvoorbeeld in 'Pittance', dat eerst wat weghad van een trage ode aan klokkenmakers, maar via een spannende bassolo op vrij abstract terrein belandde en dat Coltrane naar een berekend wilde climax voerde. Hij kleurde wel meer snelle en intense hoogtepunten in het concert in, geruggensteund door de ritmetandem, die trouwens vaak ook energiek bleef in trage passages. In de opeenvolging van tempo's en sferen sprongen subtiliteit en slepende traagheid sterk naar voren in 'Low'. Van 'Funroom' maakte de trompettist een showcase voor zichzelf, voordat hij de soleerruimte doorgaf. Om in het bisnummer nog uiterst elegant een ietwat dromerig, fijnzinnig slot te breien.

Het concert is terug te horen via Bimhuis Radio:



Cees van de Ven maakte een fotoverslag van het concert dat Ralph Alessi & This Against That op 24 mei 2018 gaven in De Singer, Rijkevorsel.

Labels: ,

(Danny De Bock, 1.6.18) - [print] - [naar boven]



Cd
Orquestra Del Tiempo Perdido - 'Stille' (Clean Feed, 2018)

Opname: 2016-2017

Strikt genomen is het Orquesta Del Tiempo Perdido helemaal geen orkest. Integendeel zo kunnen we beweren. De drijvende kracht achter het project is multi-instrumentalist Jeroen Kimman, die zich voor de diverse nummers op zijn album 'Stille' laat vergezellen door een keur aan gastmuzikanten - overigens niet de minsten, maar daarover later meer.

Kimman zelf noemt 'Stille' een "post-everything explosion" en dat dekt aardig de lading. Hier komen meerdere werelden samen: die van hedendaagse gecomponeerde muziek, jazz, pop, folk uit alle windstreken en bovenal de wereld van de film, het theater en de revue. Zo horen we onmiskenbaar de invloed van Ennio Morricone's muziek bij de spaghettiwesterns en Nino Rota's muziek bij de films van Federico Fellini. En dat alles samen mengt Kimman tot zijn eigen, eclectische, maar bovenal pakkende verhaal.

Met 'Scenario' raakt hij direct de juiste snaar. Een heerlijk stevig en ietwat melig ritme wordt ons deel. We horen blazers, Michael Moore op klarinet, Koen Kaptijn op trombone en Michiel van Dijk op tenorsax, Tristan Renfrow op drums en verder Kimman zelf op van alles en nog wat. Dit is een ouverture voor een film waarin alles anders gaat lopen dan voorspeld. De invloed van Rota is hier goed hoorbaar. Met 'Strol' krijgen we een langzame, heel langzame wals op ons bord. Vreemde geluiden, onder andere van accordeonist Leo Svirsky, geven kleur aan het slepende ritme. En dan zitten we ineens op een paard, midden op de prairie. In 'Shawty' wiegen we, geholpen door Moore en Kaptijn, eindeloos voort. Knotsgek en zeer vermakelijk.

In 'Cross' gaat Kimman met een grote diversiteit aan percussie aan de slag. We horen het klokkenspel en een keur aan trommels en bekkens in een levendige collage voor slagwerk, een verstilde klanksculptuur. Bijzonder is ook 'Hillyrock II: Fricchettone', waarin Kimman samen met Renfrow en Svirsky een intrigerende cross-over brengt tussen rock en Balkanfolk. En zo gaat het maar door, via het carnavaleske 'Jive Mandolin', het countryachtige 'A Merlefriend Solid' - twee stukken waarin we wederom het eenmansorkest aan het werk horen - naar 'Posseidon' en 'Hills For Seamus', composities waarin Kimman weer enige gastmusici laat opdraven. Zo horen we Mark Morse in 'Posseidon' met een wel heel smeuïg klinkende lapsteelgitaar in de weer.

Een wirwar van stijlen dus, met veel vaart aan elkaar gelast. Wat de stukken bindt? De creativiteit en de speelsheid van Kimman. Geen stuk is hetzelfde en toch zijn ze herkenbaar als des Kimmans. Een hele prestatie.

Klik hier om een track van dit album te beluisteren: 'Scenario'.

Labels:

(Ben Taffijn, 29.5.18) - [print] - [naar boven]



Concert
De sprookjes van Moeder Helene

HALA, zaterdag 26 mei 2018, Atelier Il Sole in Cantina, Groningen

Helene Richter leeft in een heel persoonlijk universum. Misschien doen we dat allemaal op onze eigen manier, maar zij is het die dat heelal tot klinken brengt, bij voorkeur in een donkere spelonk als de Cantina. Het heeft iets sprookjesachtigs, haar tour de chant. Zoals we weten zijn sprookjes niet zelden moorddadig van aard. Richters zang kan uit het elfenrijk komen, maar kan inderdaad ook iets sinisters uitstralen. Dan is ze eerder de boze stiefmoeder. Haar op zich kleine stem weet ze elektronisch te vervormen en te vergroten en van galm te voorzien, zodat het lijkt of er een compleet eskader doodzieke vliegende honden om je kanis cirkelt. Deze klankwereld is nog niet door National Geographic ontdekt, laat staan in kaart gebracht.

Op zich zijn de liedjes van de Duitse Nederlandse weinig pretentieus: soms niet veel meer dan een herhaalde frase op een dwingende groove. De belangrijkste groovemeister is hier tubaspeler Arno Bakker. Diens sonore bijdragen contrasteerden prettig met de ijle vocalen en de gitaaracrobatiek van Leonardo Grimaudo. Soms is het zingen zo bescheiden dat het resultaat nauwelijks een liedje genoemd kan worden. Maar het blijft wel altijd muziek. Ook als de betekenis van een tekst in het geweld van de band verdrinkt, houden we een vierde instrument over.

Intussen konden we ook vaststellen dat er tussen de bovenrand van de tuba en het plafond hele vreemde Vanderwaals-achtige krachten werkzaam moesten zijn. Regelmatig suisde het instrument op luttele nanometers langs de zoldering, maar tot een daadwerkelijk treffen kwam het niet. Bakker eindigde met evenveel tanden als waarmee hij begon.

Foto: Jethro Bijleveld

Labels:

(Eddy Determeyer, 29.5.18) - [print] - [naar boven]



Cd
Eve Risser & Kaja Draksler - 'To Pianos' (Clean Feed, 2017)

Opname: 2 juli 2016 / 1 juli 2017

Onlangs werd bekend dat pianiste en componiste Kaja Draksler de Paul Acket Award 2018 heeft gewonnen, wat haar onder meer een optreden oplevert op het prestigieuze North Sea Jazz Festival. Het is een goede keuze van de jury om Draksler dit jaar te belonen. De laatste jaren speelt ze een grote rol binnen de Nederlandse impro-wereld en ver daarbuiten. Ze is actief als solist, bracht duoalbums uit met Onno Govaert, Matiss Cudars, Susana Santos Silva en Eve Risser, maakt onderdeel uit van het louter uit dames bestaande Hearth (met Ada Rave, Mette Rasmussen en Susana Santos Silva) en gooit hoge ogen met haar octet, waarvoor zij alle composities schrijft en waarmee ze vorig jaar 'Glendalec' uitbracht bij Clean Feed. Het is ditzelfde octet waarmee ze acte de présence zal geven op North Sea Jazz.

De samenwerking met collega-pianiste Eve Risser leverde eind vorig jaar spraakmakende optredens in het Amsterdamse Bimhuis en het Gentse De Bijloke en een album op: 'To Pianos'. De twee zijn aan elkaar gewaagd en beider ster is rijzende. Eve Risser maakte furore met haar trio En Corps, speelde al vroeg in het Orchestra National De Jazz en werkte net als Draksler de laatste jaren gaandeweg aan haar solocarrière, met als voorlopig hoogtepunt het eveneens bij Clean Feed verschenen 'Des Pas Sur La Neige'. En terwijl Draksler een octet heeft opgezet, heeft Risser een tentet, het White Desert Orchestra. Beide groepen bestaan overigens voor de helft uit vrouwen. Het werd tijd.

Goed, 'To Pianos' dus, dat voortkwam uit een compositieopdracht van het Jazz Festival Ljubljana. En nee, dit is geen typefout. De betekenis zit in de woorden van Risser in het cd-boekje: "In our compositions and improvisations, the idea was to give more focus to the sound coming out of the pianos and to listen to what happens, than our particular piano vocabularies. The room we played, and the two Steinwayss we had for the performance gave us a lot of choice in terms of resoncances, echoes, sound illlusions, sound mixes, dynamic expression, etc." Dat de twee daarbij niet alleen de toetsen van hun instrument inzetten, behoeft waarschijnlijk geen betoog.

Klokken klinken er in 'Dusk, Mystery, Memory, Community' van Draksler. Eerst regelmatig, dan steeds meer uit de pas lopend, verdicht en in elkaar overlopend. En dan valt de machine stil en horen we louter fluisterzachte en verstilde aanslagen. Rissers woorden komen tot uiting in een variant op de titel van het album. De improvisatie 'To Pianists' is niets minder dan een impressionistisch klankschilderij, waarin de snaren centraal staan en we getrakteerd worden op een breed spectrum aan kleuren. Een ander hoogtepunt is het eveneens van Risser afkomstige 'Kallaste Ou La Ville Abandonnée'. Het klinkt verstild, hoe kan het ook anders met een spookstad in gedachten, terwijl de afzonderlijke aanslagen, waarvan de intensiteit gedurende het stuk steeds verder toeneemt, natrillen in ruimte en tijd. Eén cover telt het album, 'Walking Batterie Woman'. Een stuk van die andere vrouw die veel voor de piano in de jazz heeft betekend, Carla Bley.

Het Kaja Draksler Octet speelt op 13 juli op het North Sea Jazz Festival en op 14 juni in Splendor, Amsterdam als onderdeel van het Doek Festival. Hier met collega-pianiste Marta Warelis en dansers Lily Kiara en Michael Schumacher.

Labels:

(Ben Taffijn, 27.5.18) - [print] - [naar boven]



Vooruitblik
Gent Jazz Festival 2018


Het leuke van het Gent Jazz Festival is dat het programma is uitgesmeerd over 7 dagen in juli, met een spectaculaire opwarmer op vrijdag 29 juni. Dan komt David Byrne (ex-Talking Heads) zijn nieuwe album 'American Utopia' presenteren. Hiermee is ook meteen duidelijk dat de programmering een uiterst brede definitie van jazz hanteert. Dat doet overigens niets af aan de statuur en reputatie van de artiesten die je niet meteen met jazz zou associëren.

Neem nou Sir Tom Jones (3 juli), Paolo Conte (6 juli: uitverkocht!), Selah Sue en The Roots (8 juli). Niet meteen te vangen onder het begrip jazz. Maar wel grote namen met een bewezen staat van dienst. Het fijne van dit festival is dat er elke dag 4 optredens zijn op de main stage. Dat is overzichtelijk en geeft rust. Je hoeft niet met een spoorboekje in de hand de hele dag van het ene naar het andere optreden te rennen, zoals op andere grote jazzfestivals. Kies wat je aantrekkelijk vind en je weet waar je aan toe bent. Dat geeft de rust om echt van het festival te genieten. Neem daarbij de ambiance van het Bijloke-festivalterrein en de Gentse easy going style en je dag kan niet meer stuk.

En voor de pure jazz liefhebber is er ook keus genoeg. Wat te denken van Brad Mehldau (speelde onlangs nog drie dagen lang het uitverkochte Bimhuis plat), Chico Freeman en Hudson, een supergroep met John Medeski en John Scofield, op 5 juli. Als je dan geen goede dag hebt weet ik het niet meer! Of wat te denken van zaterdag 7 juli: eerst wordt er een Fundament gelegd om vervolgens Jason Moran And The Bandwagon te verwelkomen. Even op adem komen en op naar het Vijay Iyer Sextet. Om uiteindelijk de dag af te sluiten met het fenomeen Pharoah Sanders, samen met multi-instrumentalist Nicholas Payton. Voor mijzelf de allermooiste dag. En zo zal iedereen zijn eigen keuze maken.

En dan vergeet ik nog te melden dat muzikanten van eigen Belgische grond ook goed vertegenwoordigd zijn. Wat te denken van Melanie De Biasio (1 juli) - ook wel de Belgische Billie Holiday genoemd - die een volledig eigen stijl ontwikkeld heeft. Of Jeff Neve (6 juli), als pianist internationaal alom gewaardeerd om zijn eigenzinnige stijl. Selah Sue treedt aan op de slotdag 8 juli. Ze past helemaal in het programma van deze dag, waarop de programmeur zijn pijlen richt op een jonger publiek. De dag start met het Antwerpse hiphopduo Blackwave, dat bestaat uit producer Willem Ardui en rapper Jaywalker. Dan Selah Sue en als afsluiter helemaal uit je dak gaan met de legendarische hiphopgroep The Roots. in 1987 opgericht door Tariq 'Black Thought' Trotter en Ahmir 'Questlove' Thompson uit Philadelphia, USA.

Kortom, zoek je eigen feestje uit in het gevarieerde programma en geniet van de ambiance (gegarandeerd) en de artiesten (afhankelijk van jouw smaak).

Klik hier voor meer informatie over het programma.

Foto's: Cees van de Ven & Louis Obbens

Labels: , ,

(Johan Pape, 25.5.18) - [print] - [naar boven]



Cd's
Ken Vandermark / Klaus Kugel / Mark Tokar - 'Escalator' (Not Two Records, 2017)

Opname: 5 mei 2016
Jeb Bishop / Matthias Müller / Matthias Muche - 'Konzert Für Hannes' (Not Two Records, 2017)
Opname: 6 mei 2016
Bobby Zankel & The Wonderful Sound 6 - 'Celebrating William Parker @65' (Not Two Records, 2017)
Opname: 21 januari 2017

Al enige tijd leefde het plan om een drietal cd's van het Poolse label Not Two Records onder de aandacht te brengen. Het kwam er niet van. Te veel nieuwe uitgaves doorkruisen plannen nogal eens. Maar goed, nu dan uiteindelijk toch. De cd's zijn inmiddels niet meer zo heel recent, maar daarmee niet minder interessant. En Not Two Records verdient de aandacht. Zij steken iedere keer weer hun nek uit voor het corps aan musici dat de vrije improvisatie hoog in het vaandel heeft. Dus ook op de drie albums die hier centraal staan. Landsgrenzen worden daarbij niet geschuwd, zodat we hier de toonaangevende musici uit New York en Chicago vinden, samen met die uit Duitsland, Polen en verder.

Een van de bekendste van deze musici is zonder meer rietblazer Ken Vandermark. Tientallen albums bracht hij inmiddels uit met een keur aan musici, maar altijd weet hij weer te verrassen. Zoals hier met percussionist Klaus Kugel en bassist Mark Tokar in een concert in de Alchemia Club in Kraków, dat verscheen onder de titel 'Escalator'. In '13 Lines' blaast hij een oeverloze stroom noten op zijn tenorsax, overrompelend begeleid door Kugel en Tokar. Kugel produceert snoeiharde riffs, een prachtig contragewicht vormend voor Vandermarks strapatsen en Tokar zorgt hier voor een al even stevige groove. En dan is daar 'Automatic Suite', waarin het trio een stomend ritme ontvouwt. Een explosieve mix aan klanken die, na een opvallend begin waarin we Vandermark op klarinet horen, gaandeweg aan kracht toeneemt. De opvallende kwaliteiten van Tokar krijgen een plek aan het begin van 'Flight'. Onvermoede klanken tovert hij hier uit zijn contrabas. Ritme en klankkleur gaan hier hand in hand. De lijn van '13 Lines' wordt doorgetrokken in het al even explosieve 'Rough Distance'. Vandermark blaast met zijn grillige, doch melodieuze patronen het stucwerk van de muren en Kugel laat het in Keulen donderen. Afsluiten doen we met 'End Numbers', dansend begeven we ons naar de uitgang.

Een dag later, maar dan in Keulen, geeft een ander eveneens trans-Atlantisch trio een concert. Dit bijzondere trio bestaat uit de trombonisten Jeb Bisop - uit Chicago, Matthias Müller en Matthias Muche - beiden uit Duitsland. Sterker nog, oorspronkelijk zou dit een kwartet geweest zijn, maar het vierde lid werd ziek en overleed uitgerekend op de dag van het concert! Vandaar de titel 'Konzert Für Hannes', oftewel Johannes Bauer. Recent vonden we 'Dark' van Hornstrom reeds bijzonder vanwege de aanwezigheid van twee trombones, naast bas en drums. Hier zijn het er echter drie en vinden we geen andere instrumenten. Saai? Welnu, overtuig uzelf. Nooit geweten dat je met louter drie trombones een zo divers klanklandschap kunt produceren. Melodieuze patronen in het hoog en het laag wisselen elkaar hier af in zes naamloze stukken af. Maar de trombone kan meer: hij kan sputteren, stotteren, stromen valse lucht produceren en anderszins verrassen. Hier hoort u het allemaal, letterlijk in alle toonaarden.

De uit New York afkomstige altsaxofonist Bobby Zankel en bassist William Parker kennen elkaar sinds 1973, ze speelden samen met de onlangs overleden Cecil Taylor tijdens diens Carnegie Hall concert in maart 1974 en ontmoetten elkaar nog vele malen nadien in wisselende samenstellingen. Zankels waardering leidde tot een tribute aan deze levende legende, 'Celebrating William Parter @65' geheten. Een bijzonder tribute, want Parker speelt zelf mee. De titel verwijst volgens Zankel naar Bodhisiattva Wonderful Sound "[that] uses music to enable other human beings to tap into their unlimited reservoirs of courage, hope and wisdom." Naast Zankel en Parker maken drummer Muhammad Ali, pianist Dave Burrell, violiste Diana Monroe en trombonist Steve Swell deel uit van dit sextet. Dit is improvisatie in de beste traditie, met prachtig samenspel - waarbij het duo Ali/Parker het geheel iedere keer tot grote hoogte stuwt - en sterke solo's. Zankel horen in het eerste deel, met een lichte, doorleefde toon, het ene moment messcherp, het andere dwars en gruizig; Monroe en Burrell overtuigen in het tweede deel van deze suite. Monroe met expressief spel op het scherpst van de snede en Burrell met zijn heerlijk percussieve, ietwat hoekige spel, zijn noten erin slaand - en let hier zeker ook op Parker die op de achtergrond driftig aan zijn snaren staat te plukken. Swell tenslotte pakt zijn kans in het derde deel met een al even enerverende solo, krachtig en eclatant. De man om wie het in dit tribute allemaal draait, William Parker, horen we verderop in een bloedmooie solo, Krassend en piepend vreet hij zich een weg door de noten. Mooier kan niet.

Labels:

(Ben Taffijn, 24.5.18) - [print] - [naar boven]



Jazzradio
Jazz Rules #153-154


In deze aflevering van Jazz Rules aandacht voor het driedaagse festival Ham Sessions, dat tijdens het afgelopen Pinksterweekend plaatsvond in Gent. Met onder meer muziek van Ralph Alessi & This Against That met Ravi Coltrane, Andy Milne, Marc Ferber & Drew Gress en Darrifourcq/Hermia/Ceccaldi.

Er is nieuwe muziek van Gratitude Trio, de band rond saxofonist Jeroen Van Herzeele. Zij hebben net een derde album uitgebracht. En ook nieuw werk van het Oostenrijkse septet Shake Stew. Hun album heet 'Rise And Rise Again', waarop ook Shabaka Hutchings van Sons Of Kemet op saxofoon te horen is.

Klik hier om Jazz Rules #153 te beluisteren.

In #154 presenteert Dirk Roels een uur lang topjazz van vrouwelijke Belgische jazzmuzikanten. Dit naar aanleiding van de recente commotie rond het feit dat onze Belgische jazzdames het minder goed zouden doen dan de mannen... Ontdek het zelf in deze uitzending met zowel muziek van gevestigde waarden zoals Nathalie Loriers, Eve Beuvens, Yannick Peeters, Tutu Puoane en Marie Anne Standaert, als van jong talent zoals Marjan Van Rompay, Rebekka Van Bockstal, Nele De Gussem, Kris Auman en anderen.

Klik hier om Jazz Rules #154 te beluisteren.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 23.5.18) - [print] - [naar boven]



Concert
De drummer als componist

Steve Altenberg Quartet, dinsdag 15 mei 2018, De Smederij, Groningen

Jazzdrummers staan niet bepaald bekend als grote componisten. Zeker, wanneer een slagwerker ook bandleider is zal hij of zij best wel stukken voor zijn of haar band in elkaar prutsen. Maar zelfs een standard als 'Drum Boogie' werd destijds door Gene Krupa samen met zijn trompetsolist Roy Eldridge geschreven (en het thema lijkt mij eerlijk gezegd vooral uit de koker van die laatste afkomstig).

Kun je aan een compositie horen dat ze door een drummer geschreven is? Misschien. In De Smederij presenteerde Steve Altenberg een programma van eigen werk, waarbij je soms echt de indruk kreeg dat drums, band en stukken een organisch geheel vormden. De ballad 'Lily Of The Valley' eindigde in een vernietigende bekkensbarrage die een rechtstreekse versterking van de band was. Soms vouwde een compositie zich als de spreekwoordelijke bloem open om de drums vrij spel te geven. Dat was het geval in 'Hope Springs Eternal', dat na een gestaag crescendo in rustiger vaarwater terechtkwam dat zachtkens tegen de beschoeiing klotste.

Altenberg is altijd al een percussionist geweest met veel gevoel voor structuur en dynamiek. En met grote oren. Zijn frasen zijn opgebouwd uit myriaden subritmen - precies, Jochem, een soort op geluidsvelden toegepaste integraalrekening. Wat dat betreft werkt hij verder op het pad dat Elvin Jones ooit uitstippelde. 'Anthem' ("in es, iedereen kan meedoen") was hip gestructureerd, hier herkende je de hand van een drummer weer. Een soort funkjazz anno 1970, waarin de solisten vijftig jaar vrijheid vierden. Van die solisten dient in de eerste plaats het tweespan Thomas Hilbrandie (gitaar) - Paul Berner (bas) genoemd te worden. In het reeds gememoreerde 'Lily Of The Valley' speelde Hilbrandie een bezonken solo, waar de bassist een hecht commentaar doorheen vlocht. Omgekeerd begeleidde de gitarist de bassolo's met subtiele akkoordjes, waarbij de snaren nauwelijks beroerd werden.

Voor Kurt Weiss was de trompet soms een Weapon of Major Destruction, maar hij kon ook in zowel dezelfde ademtocht heel introspectief afkoelen. Een sterk punt waren de unisono thema's voor trompet en gitaar. Je kon dan maar moeilijk geloven dat deze avond in De Smederij het debuut voor dit kwartet was.

Foto's: Zoltan Acs

Labels:

(Eddy Determeyer, 23.5.18) - [print] - [naar boven]



Cd
Ben Sluijs - 'Solo Recordings' (eigen beheer, 2018)


In het genre en bij muziekvormen die tegen jazz en improvisatie aanleunen melden zich de laatste decennia tal van getalenteerde jongens en meisjes. Soms kan je ervan staan kijken hoe ver sommigen onder hen durven te gaan met gevoelige en niet-commerciële muziek. Dat is een combinatie waarin de altsaxofonist en fluitist Ben Sluijs zich intussen al geruime tijd verdiept.

Ben Sluijs (°1967) mag je gerust bij de fijnste jazzmuzikanten van België rekenen. Hij scheelt in leeftijd maar een jaar met altsaxofonist Frank Vaganée en drie jaar met altsaxofonist Fabrizio Cassol. Die werden respectievelijk beroemd met Brussels Jazz Orchestra en Aka Moon, gezelschappen die zij oprichtten in 1993 en 1992. Sluijs speelde een tijdje altsax bij Octurn dat ook rond die tijd ontstond en nog steeds bestaat. Een groot deel van zijn discografie vind je net als die van Octurn trouwens terug in de catalogus van De Werf, dat een label improviseerde in 1993.

Sluijs ging zich gaandeweg concentreren op andere samenwerkingen. Door de jaren heen leidde hij eigen kwartetten en een kwintet, speelde solo en zocht de begeleiding op van poëzie en spoken word (bijvoorbeeld met Tom Van Bauwel en werk van Paul van Ostaijen, met Remco Campert, Jules Deelder, Pjeroo Roobjee). Hij ging in duo spelen met pianist Erik Vermeulen en dat werd een muzikaal poëtische samenwerking die nu al meer dan 25 jaar meegaat. Enkele jaren terug kwam er een klein verbond bij met 3/4 Peace, dat fijne kamerjazz brengt, met Christian Mendoza aan de piano en op contrabas Brice Soniano. Plots was er ook een nieuw kwartet met drummer Dré Pallemaerts (iemand van zijn generatie), pianist Bram De Looze en bassist Lennart Heyndels. En rond de jaarwisseling, in januari van 2018, verscheen louter digitaal een solo-uitgave van de tedere saxofonist.

Het zijn tien stukjes waarvan negen in tijdsduur variëren van twee tot vier minuten. De uitzondering is de afsluiter met zeven en een halve minuut. De meeste nummers komen over alsof het instrumentale versies konden zijn van liedjes. Was iemand als Jon Hendricks tijdens de opnamen binnengewandeld, hij had bij 'Easy For You' of bij 'How Did I Get Here' in een handomdraai een tekst kunnen improviseren en inzingen. Niet dat de structuur er een is van begin-strofe-refrein, maar de stukjes zijn melodieus en afgelijnd. Van bij 'Easy For You' klinkt het al zangerig, hoor je een verteller die met heldere klank en leuke variatie in de intonatie je aandacht trekt. In een volgend nummer zit de stemming opvallend vaak anders dan in het vorige, zoals bij 'Presq’heureux' dat wat minder 'leuk' is dan de openingstrack. Hier komt iets aan te pas als een op de tenen gaan staan om er toch alsjeblief bij te geraken. Die afwisseling zorgt voor andere schakeringen, die niet vergezocht zijn of verstoren.

De tonen die Ben Sluijs met zijn altsaxofoon blaast, doen mij in hun zachtheid denken aan ribfluweel en tegelijk aan ochtenddauw. Er klinkt vaak een tedere gevoeligheid in door en aldoor is er dat uitgepuurde, met een persoonlijke korrel. Dat belet Ben niet om lekker te swingen, zoals op 'Little Suede Shoes' en dan aanstekelijk aan de energie van Charlie Parker te refereren. Wat verder zou je dan weer bijna tot tranen bewogen geraken als hij van Ornette Coleman 'What Reason Could I Give' vertolkt.

Door zijn gevoelige stijl en een zekere lichtheid dacht ik wel eens aan Jimmy Giuffre. Omdat Sluijs voor het merendeel eigen composities brengt, aangevuld met een paar standards, is het ook moeilijk om niet te denken aan zijn ontmoetingen met Erik Vermeulen. Toch hoef je hier nergens een tweede instrument te missen. Dit dik half uur compleet solo boeit met zijn vloeiende opeenvolging van thema's en motieven van begin tot eind. Het langere 'Dearly Beloved' is misschien het minst laagdrempelig, maar dan louter omdat het de korte tijdsduur doorbreekt, want qua ideeën en uitwerking zet dit het rijtje glans bij.

Hier kun je dit album streamen en downloaden.

Labels:

(Danny De Bock, 22.5.18) - [print] - [naar boven]



Concert
De toekomst van de jazz ziet er rooskleurig uit!

Dinosaur, zaterdag 12 mei 2018, Paradox, Tilburg

Laura Jurd, componist en trompettist, is de bandleider van de groep Dinosaur. Zij maakt daarnaast deel uit van Jesper Hoiby's formatie Fellow Creatures. De trompettiste oogt bescheiden op het podium maar legt, samen met haar muzikale partners, de lat hoog. Dinosaur draagt op imposante wijze bij aan de ontwikkeling van akoestische jazz, in combinatie met elektronica. De formatie is in 2016 doorgebroken met het debuutalbum 'Together, As One' en recent is 'Wonder Trail' verschenen op het label Edition Records. Dinosaur onderstreept dat in Engeland het momentum van de jazz ligt.

De groep speelt met het verwachtingspatroon van de luisteraar. De loop van het optreden is permanent aan verandering onderhevig. Vaak komt de muzikale ontknoping wonderbaarlijk tot stand. Het concert opent met een ferme klap en de scherp gearticuleerde staccato statements van Jurd overtuigen direct. De contrasterende elektronica uit de koker van keyboard wizard Elliot Galvin verlopen van vernuftig via puntig naar sacraal.

In de tweede compositie staan de onheilspellende spacy soundscapes haaks op de melodische lijnen van de trompettiste. Vervolgens evolueert het nummer zich, onder aanvoering van de hardwerkende ritmesectie, richting vrije funk. De variatie aan stijlkenmerken is onuitputtelijk. In het groovy 'Forgive Forgot' wedijveren de ingetogenheid van Galvin en de vurige noten van Jurd met elkaar. Het nummer 'Old Times Sake’ gaat van een fiere jazzy volksdans over in een opwekkend marspatroontje.

Het afwisselende, virtuoze trompetspel van Laura Jurd domineert tijdens het gehele concert. Het staat bol van afwisseling en korte passages, maar ook de lange lyrische passages worden overtuigend voor het voetlicht gebracht. Foutloos, creatief en meeslepend. Galvin produceert atypische keyboardsounds en fluittonen, naast dissonante en bewust kitscherige aangebrachte geluiden. Op andere momenten wordt zijn spel onheilspellend en ruw. Hij laat zwervelende stormen razen of reduceert zijn sound tot slechts ruis. De onderlinge harmonieën tussen het natuurlijke trompetgeluid en de artificiële handelswijze op de toetsen pakken wonderbaarlijk mooi uit. Jurd zingt kortstondig op twee tracks, passend in de context. Dit korte samenspel met drummer Corrie Dick, waaronder 'And Still We Wonder', zorgt voor meerkleurigheid.

Het kwartet volbrengt het auditief spektakel, met een rijkheid aan inkleuringen, overrompelingen en improviserende verrassingen, tot het einde van het optreden. Het toevoegen van nieuwe alternatieve muzikale vormen en structuren is een ambitieus streven. Het resultaat doet de balans positief uitslaan. Wat ziet de toekomst van de jazz er dan rooskleurig uit!

Klik hier voor foto's van dit concert door Louis Obbens.

Labels:

(Louis Obbens, 19.5.18) - [print] - [naar boven]



Concert
Conservatoriumstudenten schitteren in ode aan de vrijheid

We Re-Insist!, woensdag 9 mei 2018, De Singer, Rijkevorsel

Het is 1960 en de strijd voor gelijke rechten voor de zwarte Amerikanen is in volle gang als drummer Max Roach zijn album 'We Insist! Max Roach’s Freedom Now Suite' uitbrengt. Er werkt een groot aantal gerenommeerde jazzmusici mee aan dit album, waaronder saxofonist Coleman Hawkins, trombonist Julian Priester, trompettist Booker Little en zangeres Abbey Lincoln. Die strijd ging ook daarna door en culmineerde in een rumoerig 1968, een momentum in de geschiedenis dat dit jaar overal ter wereld wordt herdacht. Want laten we eerlijk zijn - en het is wrang, maar dit album is nog steeds actueel. Actueel genoeg in ieder geval voor twee docenten aan het Koninklijk Conservatorium Antwerpen en jazzmusici drummer Teun Verbruggen en bassist Nicolas Thys om met vijf studenten een ode aan dit album te brengen. Drie stukken spelen ze van het originele album, natuurlijk in eigen versies - al was het maar omdat de bezetting niet geheel overeenkomt met het origineel - aangevuld met muziek van tijdgenoten en eigen stukken.

Om met de drie nummers van het originele album te beginnen; dit septet weet er goed raad mee en laat hier horen de geest van het album te hebben begrepen. Het is dan ook echt 'Freedom Day' in het gelijknamige stuk. De unisono geblazen passages vertellen het ons, de solo's van Hanne De Backer op baritonsax, Bart Borremans en Lennert Baerts op tenorsax en pianist Andreas Bral vertellen het ons en zangeres Dunja Mees is een prima alternatief voor Abbey Lincoln. Ze zingt haar regels met veel overtuigingskracht en schittert in de opening van 'Driva’ Man' waarin we haar solo horen, zichzelf begeleidend op tamboerijn. Hier staat de blues centraal in al zijn rauwheid en Mees weet hem te raken. Tot slot horen we 'Tears For Johannesburg', waarin dit septet eveneens weet te overtuigen en ons weet te imponeren. Verbruggen vermaakt zich eveneens en maakt het publiek regelmatig duidelijk dat dit een album is met een drummer als leider. Het roffelende spel van Roach, klinkend als een onweersbui, weet hij daarbij prima te vangen.

Bijzonder is ook de uitvoering van 'Police And Thieves', een nummer van Junior Murvin uit 1976 en later gecoverd door The Clash. "Police and thieves in the street, oh yeah. Fighting the nation with their guns and ammunition." Mees zingt het met veel overtuiging en soul in haar stem, al even soulful begeleid door pianist Bral. Maar het is Borremans die hier de show steelt in een getergde solo op tenorsax en ja Thys, helemaal in het begin met die lyrische en zeer elegante bassolo voor hij overstapt op het ritme en het nummer zijn aanvang neemt. Met 'Straight Ahead' van Abbey Lincoln krijgen we een prachtig ingetogen en slepende ballade. Zang en pianospel wisselen elkaar hier mooi af en de blazers zorgen voor strakke en ingetogen ondersteunende lijnen. Ronduit opvallend is de bewerking van Bob Dylans 'Blowing In The Wind': nooit eerder klonk dit plat gespeelde deuntje zo swingend. Van het eigen werk van de musici valt 'Invasion Of The Nerds' op van De Backer, met name door de zeer swingende solo waarin de saxofoniste enerzijds soepel meebeweegt met het ritme en zich er anderzijds zo nu en dan scherp tegen afzet.

Een eenmalig project dat een try-out verzorgt, hier in De Singer en aansluitend nog twee concerten. Het is wel wat mager. Dus beste programmeurs nog op zoek naar een originele band? Dit kan zo in de herhaling. Deze jonge musici en dit project verdienen het!

Concerfoto's: Tom Baeten

Labels:

(Ben Taffijn, 17.5.18) - [print] - [naar boven]



Cd
Hornstrom - 'Dark' (Challenge, 2017)

Opname: januari 2016

Het blijft een aparte combinatie: twee trombones, contrabas en drums. Het Duitse kwartet Hornstrom laat op 'Dark', hun tweede album na het in 2008 verschenen 'Endlich Sinnfrei', ‎ echter horen dat dit uitstekend kan uitpakken. Lekkere vlotte, stomende jazz maakt dit kwartet, waarbij de klanken van de twee trombonisten, Tobias Wember en Klaus Heidenreich, elkaar prachtig beïnvloeden. Maar vlak de ritmesectie niet uit. Bassist Markus Braun en drummer Silvio Morger verzorgen de stevige basis, waar de rock in doorklinkt. Het is de voedingsbodem voor de spetterende composities die grotendeels van Wembers hand zijn. En het knappe is: je mist ze niet, de piano, de gitaar, de overige blazers. Verbazingwekkend kleurrijk is het palet dat de twee trombones bestrijken en verbazingwekkend spannend klinkt de muziek, mede dankzij Braun en Morger.

Zo slaat Morger driftig om zich heen in 'Optimistic', terwijl Wember en Heidenreich hun ritmische akkoorden uitstoten. Ingetogen kan echter ook, getuige 'Cloud Above The Zoo'. Lang uitgesponnen lijnen krijgen we hier van de beide blazers en een grote rijkdom aan klankkleuren, terwijl Braun en Morger hier voor een slepend ritme zorgen dat je doet denken aan de blues. Mooi slagwerk en basspel horen we weer in het uptempo 'Restive Region', deels vormgegeven in korte solo's. Overigens is de zeer boeiende, soms hoog oplopende dialoog die de twee trombonisten hier met elkaar aangaan, evenmin te versmaden. En dan de solo van Heidenreich op zijn compositie 'Snug': lyrisch, verhalend, uitmondend in een prachtig klinkend groepsmoment. Nergens ligt het tempo zo laag als in 'Faint Hope', het past wel bij zo'n titel. Ingetogen plukt Braun hier aan de snaren, terwijl we op de achtergrond de twee trombones horen en Morgers brushes, zachter kan niet. Het maakt deel uit van een prachtig uitgebalanceerde ballade. Tot slot is er 'Perky', de perfecte afsluiter. Swingend naar de uitgang.

Een bijzonder kwartet, dat Hornstrom. Met 'Dark' leveren ze een prachtig uitgebalanceerd, coherent album af, waarmee ze de unieke eigenschappen van de trombone vol in de schijnwerpers zetten.

Op de website van Hornstrom kun je geluidsfragmenten van dit album beluisteren.

Labels:

(Ben Taffijn, 16.5.18) - [print] - [naar boven]





Cd / Concert
Aka Moon - 'Now' (Outhere Music, 2017)

Aka Moon live
vrijdag 4 mei 2018, Paradox, Tilburg

Muziek is wat het trio Aka Moon naar eigen zeggen al 25 jaar maakt. Jazz, wereldmuziek, you name it; voor hen doet het er niet toe. Het samenspel hebben de drie heren, altsaxofonist Frabrizo Cassol, bassist Michel Hatzigeorgiou en drummer Stéphane Galland, zich inmiddels volledig eigen gemaakt, zo wordt al snel duidelijk tijdens dit concert in Paradox. Het speelplezier spat er van alle kanten af. Aka Moon is dan ook typisch zo'n band die je live moet zien, iets dat een grote schare trouwe fans duidelijk ook vindt. Niet dat hun nieuwe album 'Now', het eenentwintigste inmiddels, het niet verdient in de cd-speler te belanden. Integendeel, maar het spetterende enthousiasme waarmee een liveoptreden gepaard gaat kan het nu eenmaal niet evenaren.

Het is vooral de groove waar Galland en Hatzigeorgiou voor zorgen - het optreden begint er direct mee in de vorm van 'Spiritual Exile (For Ezgi)', waarmee dit trio ons weet te imponeren. Hatzigeorgiou is wat dat betreft de ideale bassist. Hij laat zijn elektrische Fenderbas naar hartenlust janken en grommen in zijn van Afrikaanse ritmes en funk doortrokken spel. 'Persevering' is daar een goed voorbeeld van. Galland kruidt menig nummer met zijn ritmische, strakke slagwerk.

De muziek van Aka Moon is daarbij opvallend consonant en sfeervol. De drie muzikanten, met Cassol in de rol van componist en saxofonist voorop, zijn primair verhalenvertellers. Verhalen van verre reizen en exotische oorden, waarin de muziek van west en oost op boeiende wijze samensmelt. Een hoogtepunt daarbij, zowel op het nieuwe album als tijdens dit concert, is daarbij zonder meer 'Nomadism'. Mede dankzij het prachtige spel van Hatzigeorgiou, die we hier zeer funky horen soleren, met name in Paradox. Met zo'n bassist heb je geen gitarist nodig!

Na de pauze klinkt 'The Year Of Fire Horse'. Het stuk begint rustig, als een ietwat weemoedige ballade met ingetogen frases, prachtig geblazen door Cassol, terwijl Galland de blues erin brengt middels zijn ietwat slepende begeleiding totdat ook hier de sfeer omslaat en het ritme weer zijn intrede doet. De bedding die Galland en Hatzigeorgiou leggen vormt een prima basis voor Cassols lyrische en zeer muzikale saxofoonspel. Met een compilatie van de oudere stukken - 'Aka Moves', 'Aka Dance' en 'Rumanian Christmas' brengt het trio het concert naar een daverende climax. De stevige ritmes, het treffende samenspel en het grenzeloze enthousiasme doet het publiek na afloop in een stevig en welverdiend applaus losbarsten.

Concertfoto's: Gemma van der Heyden

Labels: ,

(Ben Taffijn, 14.5.18) - [print] - [naar boven]



Concert
Dansen op Dulfer

Hans Dulfer Quintet, maandag 7 mei 2018, Brouwerij Martinus, Groningen

Zestig jaar op de bühne – en dat is dan nog krap gemeten. Dan weet je wel wat je publiek wil. En diep in hun harten willen ook Groningers niets liever dan dansen. Dat zou je misschien niet zeggen, maar het is wél zo. En dus danste een volle Martinus voluit op de discojazz van tenorist Hans Dulfer en zijn secondanten.

Dulfer weet ook precies hoe je een show effectief op moet bouwen. Dan start je de avond met een stukje strakke ska ('Riding West'), dat als het voorprogramma beschouwd kan worden. Bescheiden als hij is treedt de bandleider opzij om alle soloruimte aan trompettist Rob van Wouw, gitarist Jerome Hol en bassist Eric Barman te geven.

En dan is het star time! Op een New Orleans-shuffle van drummer Cyril Directie stapt de saxofonist de lichtcirkel binnen voor zijn eerste bijdrage. 'Dirk!' heet dit opus en het is navenant laagbijdegronds. Nog altijd werkt het vervreemdend, jazzsolo's op een discobeat. Maar het werkt wel. Jerome Hol brengt zijn bluesrock-oriëntatie in. Hij is de meest extraverte muzikant van het vijftal, maar hij kan ook heel subtiel een solo van Van Wouw begeleiden.

'Caravan' zwelt aan en aan. Alsof je aan de monding van de Mersey gebiologeerd naar de opkomende vloed zit te staren. De muziek komt spontaan over, maar is knap geconstrueerd. Over de effecten is goed nagedacht - en ze hebben effect. Inclusief de rituele ommegang door het publiek, waarbij een jongedame uitgebreid beserenadeerd wordt.

Niemand eiste zijn geld terug.

Klik hier voor foto's van dit concert door Willem Schwertmann.

Labels:

(Eddy Determeyer, 13.5.18) - [print] - [naar boven]


Lees verder in het archief...






Menupagina's:

Redactieadres:

Hoekstraat 1 B17
3910 Neerpelt
België
(0032) 11747180
(0032) 498788554

Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken?
Mail de redactie.