Draai om je oren
Jazz en meer - Weblog





 


Festival
Gent Jazz 2019 - 5 juli


"In zijn korte inleidende praatje kondigde Christian Sands aan weinig woorden, maar veel muziek te komen brengen. Dat maakte hij meer dan waar. De pianist bracht een veelzijdige set met veel werk van zijn in 2018 uitgebrachte plaat 'Facing Dragons' en imponeerde de aanwezigen met zijn vingervlugheid en zeer beheerste dynamiek."

Op vrijdag 5 juli bezocht Johan Pape het Gent Jazz Festival. Vanaf de Bijlokesite doet hij verslag van de concerten van Yuri Honing, Christian Sands, Vincent Peirani en Diana Krall.

Klik hier om zijn festivalverslag te lezen.

Klik hier voor een fotografisch verslag van deze festivaldag door Cees van de Ven.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 17.7.19) - [print] - [naar boven]



Cd / Jazztube
The Preacher Men - 'Blue' (Zenne, 2018)


In 2016 debuteerde The Preacher Men met het ook hier door mij lovend besproken 'Preaching Out Loud'. Medio vorig jaar verscheen 'Blue', dat hier nog niet werd besproken. Iets dat we goed maken in het kader van het optreden van het trio op het North Sea Jazz Festival van dit jaar. 'Blue' wijkt af van het vorige album in de zin dat het minder covers bevat - één in plaats van drie - en dat een aantal gastmusici het trio versterkt.

Maar de basis staat nog recht overeind: zeer swingende, pakkende jazz. 'Go!' is dan ook een meer dan passende binnenkomer. Saxofonist Efraïm Trujillo blaast hier mooie romige, enigszins vette lijnen, organist Rob Mostert laat zijn Hammond B3 vervaarlijk grommen en drummer Chris Strik leidt het geheel in strakke, ritmische banen. Het werken met gastmusici kenmerkt met name bij 'Into The Blue'. Allereerst horen we hier een broeierig zingende Eline Gemerts, gecombineerd met bluesy gitaarspel van Rory Ronde, gevolgd door een al even intens getormenteerde trompetsolo van Michael Varekamp. In 'Follow Our Lead' horen we allereerst Trujilo, die ritmische, strakke akkoorden blaast, geflankeerd door uitbarstingen van Mostert op zijn Hammond, die uitmonden in een opwindende, zeer energieke solo. 'Fire Waltz', een stuk van Mal Waldron, is de enige cover op dit album en bevat prachtige bijdragen van zowel Trujillo als Varenkamp.

Vrijwel alle overige composities op dit album zijn van Trujillo - op 'Organic Moves' na, dat door Mostert werd ingebracht - dus ook 'Lost And Nowhere To Be Found', waarop we voor de laatste keer Varenkamp in een gastbijdrage horen, samen met Trujillo's ritmische akkoorden, gevolgd door solo's van de beide heren. En natuurlijk speelt Mostert een grote rol in zijn eigen compositie. Golven van klank stromen door de bedding van Striks percussie, die prachtig met Mosterts orgel meebeweegt. Trujillo krijgt hier eveneens de ruimte voor een romige solo met een enkele wat rauwere uitschieters. Het melancholieke, hoe kan het ook anders met zo'n titel, 'The Sweet Memories Of My Childhood' sluit het album af. Het is vooral Mostert en Strik die hier de toon zetten en ons naar het einde doen deinen.

In de Jazztube 'Go!' door The Preacher Men, live opgenomen in Paradox, Tilburg.

The Preacher Men treedt op zondag 14 juli op tijdens het North Sea Jazz Festival.

Labels: ,

(Ben Taffijn, 13.7.19) - [print] - [naar boven]



Cd
Joe Morris & Mary Halvorson - 'Traversing Orbits' (RogueArt, 2018)

Opname: 9 april 2018

Stel een lijstje op van bepalende gitaristen in de wereld van de experimentele jazz van de laatste decennia en zowel Joe Morris als Mary Halvorson zullen niet ontbreken. Twee musici die elkaar inmiddels ook goed kennen: Halvorson nam twee decennia geleden les bij Morris en werd uiteindelijk een al even beroemde collega. Een prima idee van RogueArt om de beide musici samen 'Traversing Orbits' te laten maken.

Het korte en ongrijpbare 'Brain Draft' zet direct de toon. Vage aanzetten tot een melodie lossen hier volledig op in het experiment. 'Shivering Sunshine' heeft iets meer structuur, net genoeg om die eerste zonnestralen te verklanken. Maar het werk van deze twee is toch vooral als abstract te kenschetsen, waarbij de klankkleur het belangrijkste uitgangpunt vormt. Neem 'Traces Of Three' en focus dan met name op de heldere noten die driftig in het rond worden gestrooid. Samenhang is er zeker, maar niet op ordentelijke wijze; eerder terloops, als een bijverschijnsel.

Als we het over klankkleur hebben moet ook zeker 'Semaphone', met bijna twaalf minuten het langste stuk van het album, aan bod komen. We horen hier Morris prachtig disruptief schurend, doorkruist met Halvorsons lichte klanken. Letterlijk onnavolgbaar is het duet dat hierop volgt, klinkend als twee mensen die dwars door elkaar heen praten. Een opwindend klankenspel, waaruit aansluitend - en dat mag gezien het voorgaande als bijzonder worden beschouwd - een wonderschone, fijnzinnige dialoog ontstaat. In 'Full Of Somehow' botsen de klanken weer als balletjes in een flipperkast en zetten de twee gitaristen elkaar iedere keer aan tot een nieuwe uitbarsting van creativiteit.

Fragiel klinkt 'Constant Between'. Heldere, resonerende aanslagen, waarvan het geluid zich verplaatst door de ruimte. Een duidelijke, gerust poëtisch te noemen melodie, dat kwamen we op dit album nog niet eerder tegen, met dito begeleiding. 'In Other Terms' wordt de melodieuze aanpak grotendeels weer losgelaten; het dient louter nog als onderstroom voor het experiment. Afsluiten doet het album met het innemend klinkende, vrij meanderende 'Over The Line'.

Het experimentele karakter van dit album en de intensiteit waarmee deze twee musici spelen maakt dit 'Traversing Orbits' tot een album dat minder geschikt is om in een keer te beluisteren. Het is een doos heerlijke bonbons. Eén, voor de ware snoeper twee, per keer is meer dan genoeg.

Mary Halvorson speelt op zaterdag 12 juli tijdens North Sea Jazz twee duoconcerten in het 'One-to-one'-programma. Het eerste met pianist Aaron Parks, het tweede met gitarist Reinier Baas.

(Ben Taffijn, 12.7.19) - [print] - [naar boven]



Cd / Jazztube
Kayhan Kalhor, Rembrandt Frerichs, Tony Overwater & Vinsent Planjer - 'It’s Still Autumn' (Kepera, 2019)

Opname: 10 novermber 2015

De brede, eclectische smaak van de drie heren die we hier horen naast de Iraanse musicus Kayhan Kalhor, mag inmiddels als bekend worden verondersteld. Rembrandt Frerichs beperkt zich al jaren niet meer tot de piano, maar wijkt met even groot gemak uit naar diens voorloper, de fortepiano, of naar een instrument als het harmonium, beide op dit album te horen. Percussionist Vinsent Planjer verrijkt zijn drumstel eveneens met een keur aan ander slagwerk en bassist Tony Overwater is zeer geïnteresseerd in allerlei aan de contrabas verwante instrumenten, zoals de violine, een basviool. Samen vormen ze een meer dan apart pianotrio, maar met de toevoeging van Kalhor gebeurt er echt iets bijzonders. De kamanche, die lijkt op een soort van rechtopstaande viool, is een instrument dat we in de westerse muziekcultuur niet kennen, zelfs niet iets dat erop lijkt. Het produceert een prachtige klank, die uitstekend past bij de bezetting van dit trio.

Beluister 'It’s Still Autumn' en u begrijpt wat ik bedoel. Twee suites beslaat het album, 'Dawn' en 'Dusk'. We beginnen natuurlijk toepasselijk met 'Dawn'. In de introductie horen we het trio, de klank is net even iets anders, met name door die fortepiano, maar dan gebeurt het: Kalhor op de kamanche. Ja, een strijkinstrument, maar duidelijk geen viool. Rauwer, donkerder van kleur, minder zuiver, maar des te intenser. En wat we horen is dat Kalhor dit instrument tot in de details beheerst, geworteld als hij is in de Iraanse klassieke muziek. Hier komen dus twee werelden samen, of zoals Kalhor het uitdrukt: "You can't really categorize what we are doing. It's not jazz, it's not classical, it's just an organic something we do with our instruments and the focal point is improvisation." Ja en dan ontstaat er iets bijzonders, zoals in 'Kayhan’s Chahar', het derde deel van 'Dawn', waar we een opzwepende mix van jazz, Iraanse muziek en dansbare folk tegenkomen, of in het slotdeel van 'Offering', waarin de melancholie overheerst.

'Dusk' is over het algemeen klassieker, berustend en prachtig van toon. Zoals die kamanche klinkt in 'Introduction', zo sereen, verstild en poëtisch. Hier wordt op het hoogste niveau gemusiceerd. En wat een vondst, die fortepiano, zoals hij bijvoorbeeld klinkt in 'Autumn Winds', een stuk uit de Armeense folklore. Wat draagt dit instrument prachtig bij aan de muzikale sfeer die dit kwartet weet neer te zetten! Het geheel culmineert in het meeslepende, zeer enerverende 'Long Story Short', met een bedwelmend ritmisch patroon en prachtige solo's van Kalhor en Planjer.

In de Jazztube speelt dit kwartet 'Offering', het vijfde deel van 'Dawn', live tijdens een uitzending van het NTR-programma Podium Witteman op 28 januari 2018.

Kayhan Kalhor, Rembrandt Frerichs, Tony Overwater en en Vinsent Planjer spelen op 12 juli tijdens het North Sea Jazz Festival.

Labels: ,

(Ben Taffijn, 11.7.19) - [print] - [naar boven]



Cd
Sylvie Courvoisier & Mark Feldman - 'Time Gone Out' (Intakt, 2019)

Opname: 29 september 2018

Pianiste Sylvie Courvoisier en violist Mark Feldman werken al enige tijd samen. In 1999 brachten ze als duo 'Music For Violin And Piano' uit, waarna meerdere albums volgenden als duo, maar ook onder de naam van het Sylvie Courvoisier-Mark Feldman Quartet, met verder bassist Scott Colley en drummer Billy Mintz, en onder de naam Miller's Tale, waar ze gezelschap hebben van saxofonist Evan Parker en de in elektronica gespecialiseerde Ikue Mori. Naast dat ze eigen werk uitbrengen, loopt de muziek van mede-New Yorker John Zorn als een rode draad door hun beider oeuvre. Als duo brachten ze in 2004 'Malphas' uit met de muziek uit het 'Book Of Angels' en ook in Zorns meest recente project 'Bagatelles' zijn de twee vertegenwoordigd.

Inmiddels ligt er ook een nieuwe album met composities van Courvoisier en Feldman zelf, 'Time Gone Out' getiteld, dat net als het vorige album, het uit 2013 stammende 'Live At Théâtre Vidy-Lausanne' verscheen bij Intakt Records. Viool en piano, het is een klassieke bezetting, niet zozeer binnen de jazz, maar wel binnen de klassieke muziek. En deze composities herinneren ons daar zeker aan. Opener 'Homesick For Another World' - dat hier enige melancholie in doorklinkt zal u vanwege de titel niet verbazen - past binnen het idioom van hedendaagse gecomponeerde muziek en ook 'Éclats For Ornette' balanceert op de rand van jazz en hedendaags gecomponeerd. Die andere inspiratiebron is experimentele folk. De invloed daarvan horen we goed in 'Limits Of The Useful'.

Zo ontstaat het specifieke geluid van dit duo, gekenmerkt door de karakteristieken van de beide instrumenten, maar eveneens door die van de musici zelf. Er is ruimte voor melodieuze frases, waarbij je je als luisteraar gemakkelijk mee kunt laten voeren, maar nooit voor lang. Abrupte wendingen worden gemakkelijk genomen, kronkelweggetjes bewandeld. Echt grip krijg je niet op deze nummers.

Neem het zeer lange titelstuk 'Time Gone Out', dat met bijna 20 minuten het hart van het album vormt. Beginnen doen we hier met dynamisch, overheersend pianospel, geflankeerd door geroezemoes van de viool. Een enkele duidelijk frase, maar verder zoekend spel, gevolgd door een al even zoekende vioolsolo. Vervolgens lijken de twee elkaar voor heel even te vinden, maar daarna slaat de onrust weer toe. Er ontstaat een patroon van vol spanning aftasten, opzoeken en afstoten. De twee musici zijn daarbij volledig aan elkaar gewaagd en aan alles merk je dat ze elkaar door en door kennen. Niet zo vreemd, want ook buiten de muziek om vormen Courvoisier en Feldman een stel.

'Cryptoporticus' doet zijn naam alle eer aan. Een bonte diversiteit aan enerverende klanken schotelt het duo ons hier voor, vol onverwachte wendingen en speelse momenten en ook hier valt de afwisseling tussen onvervalste lyriek en puur experiment op. Maar het sprankelende pianospel van Courvoisier aan het eind maakt dit stuk echt bijzonder. Bijzonder klavierspel vinden we eveneens in 'Not a Song, Other Songs'. De duistere zware aanslagen contrasteren prachtig met Feldmans vederlichte spel dat danst als een blad in de wind, overigens net als Courvoisiers hoge noten.

Sylvie Courvoisier en Mark Feldman maken deel uit van de groep musici die met John Zorn meekomen om zijn 'Bagatelles' uit te voeren. Op 9 juli spelen ze het programma op Gent Jazz en op 12 juli op North Sea Jazz.

Foto: Maarten van de Ven

(Ben Taffijn, 8.7.19) - [print] - [naar boven]



Cd
Mats Eilertsen Trio - 'And Then Comes The Night' (ECM, 2019)

Opname: mei 2018

De Noorse bassist Mats Eilertsen is een veel gevraagd sideman in de Europese jazz. Hij maakt(e) deel uit van het Tord Gustavsen Ensemble, The Source, het Wolfert Brederode Quartet, Memorabilia, Rubicon en het Sky Dive Trio. En hij heeft zijn eigen trio, tien jaar nu inmiddels. In 2010 verscheen 'Elegy', in 2013 'Sails Set', beiden bij Hubro. Toen was het geruime tijd stil, tot in januari van dit jaar 'And Then Comes The Night' uitkwam bij ECM Records. De bezetting bleef in die tien jaar echter ongewijzigd: pianist Harmen Fraanje en drummer Thomas Strønen zijn nog steeds de twee andere leden van het trio.

Tien stukken staan er op dit album, deels van Eilertsen, deels van Fraanje. Op opener '22' mag Fraanje aftrappen, we herkennen hem aan zijn melodische afgepaste spel. Dan voegen Eilertsen en Strønen zich erbij en ontvouwt zich een intieme en zeer goed uitgebalanceerde compositie, waarin direct opvalt dat we hier met een bijzonder trio van doen hebben: geen van de drie heeft er echt de leiding, het gaat hier duidelijk om het samenspel. 'Perpetum', een van de twee stukken waar ook Strønen als componist bij vermeld staat, is daarvan een nog beter voorbeeld. Het is een klanksculptuur, waarbij de musici wonderlijk mooie klanken uit hun instrument toveren.

In 'Albatross' zet Fraanje duidelijk de toon met een poëtische, fijnzinnige en zorgvuldig vormgegeven melodie. Eilertsen en Strønen plaatsen mooie accenten, zonder overdaad, net genoeg. Een ander mooie illustratie van waar jaren samenspelen toe kan leiden. Andere prachtig voorbeelden van samenspel op hoog niveau zijn 'The Void', waarin de drie stemmen overduidelijk samen zorgen voor de spanning in de compositie en 'Sirens', waarin met name het samenspel tussen Eilertsen en Strønen opvalt als tegenwicht voor Fraanje.

Bovenstaande laat zien waar de kracht van dit trio ligt en dus ook van dit album: een ingetogen, uitgebalanceerde benadering, waarin de kwaliteit van de klank voorop staat. Het is duidelijk dat er bij de opnames van dit album niets aan het toeval is overgelaten, niet door de musici en niet door de technici. De muziek moet het dan ook niet hebben van verrassende wendingen, grote verschillen in dynamiek of experimentele klanken. Zelfs in de stukken waar iets meer tempo zit - 'After The Rain', 'Solace' en 'Soften' - blijft dit beperkt tot het gebruik van ritmische, pulserende structuren die je als luisteraar meevoeren en even op een ander spoor brengen.

Het Mats Eilertsen Trio speelt op 12 juli tijdens het North Sea Jazz Festival.

Labels:

(Ben Taffijn, 8.7.19) - [print] - [naar boven]



Cd
Rodrigo Amado & Chris Corsano - 'No Place To Fall' (Astral Sprits, 2019)

Opname: 14 juli 2014

Het is 2012 als de Portugese saxofonist Rodrigo Amado en bassist Kent Kessler, trompettist en saxofonist Joe McPhee drummer Chris Corsano vragen voor een kwartet. In 2015 leidt dit tot 'This Is Our Language', verschenen bij NotTwo Records, en vorig jaar tot 'A History Of Nothing', dat bij Trost Records uitkwam. Zoals vaker, als een soort van zijstap bij dit soort groepen, vonden Amado en Corsano elkaar in duoverband, zo leert ons deze uitgave met opnames uit de zomer van 2014, die onlangs verschenen op het Astral Spirits-label.

Over Corsano zegt Amado in het cd-boekje: "He's an ultra expressive and sensitive player with a deep level of abstraction, but never loses sight of the form. He's also a dynamo, the way he makes the music 'explode' at certain points, conducting the dynamics of the band." Eenieder die Corsano heeft zien spelen - en dat zou gemakkelijk kunnen, hij verkeert nogal eens in onze contreien - zal dit kunnen beamen. En ook dit album, 'No Place To Fall', vormt een prachtig bewijs van Amado's woorden. Direct tijdens de eerste noten van 'Announcement' gaan Amado en Corsano gelijk op en is het duidelijk dat de omschrijving van dynamo zo'n gekke nog niet is. Natuurlijk gaat het daarbij om de wisselwerking. Corsano zegt dan ook: "Going from the quartet to the duo was interesting to me because I could focus totally on Rodrigo's playing…the way that he develops a specific arc or feeling... There is a strong driving force there, which is fantastic for a drummer to respond to and join in." Inderdaad, in dit duo hebben beide musici de leiding, ze wisselen elkaar af in een verbijsterend hoog tempo, alsof die spreekwoordelijke duivel ze op de hielen zit.

Amado is niet alleen een heel krachtige blazer, zijn toon is daarnaast zeer kleurrijk, variërend van snoeihard, gekruid, gruizig en ontstemd, zoals in 'Annuncement' tot romig, uiterst beheerst, bijna fluisterend, zoals in het tweede stuk 'Don’t Take It Too Bad'. Corsano's slagen - hij volgt Amado hier op de voet - zijn hier al even trefzeker, met een grote emotionele zeggingskracht. Zeker als langzaam maar zeker het tempo weer oploopt.

Prachtig is de solo van Amado waarmee het titelstuk aanvangt. Dan weer krachtige, sputterende uithalen, dan een enkele lang aangehouden toon, dan een scherp akkoord, dat alles van elkaar gescheiden door bijna pijnlijke stiltes. Als Corsano er dan bij komt, met een spervuur aan slagen, geraakt het geheel in een stroomversnelling. Iets dat zich doorzet in het overweldigende 'Into The Valley', waarin de chemie tussen Amado en Corsano een hoogtepunt bereikt. Van grote schoonheid is de afsluiter 'We’ll Be Here In The Morning'. Corsano strijkt ritmisch zijn brushes en ondersteunt daarmee een gloedvolle, maar zeer ingetogen solo van Amado. Na een feller intermezzo en een zeer boeiende solo van Corsano keren we terug naar het ingetogen begin en dooft de muziek als een nachtkaars.

Chris Corsano geeft op 9 juli twee concerten op Gent Jazz: het ene als onderdeel van Nate Wooley's 7 Storey Mountain, het andere samen met Wooley, Bram De Looze en C. Spencer Yeh.

Foto: Geert Vandepoele

Labels:

(Ben Taffijn, 5.7.19) - [print] - [naar boven]



Festival
Gent Jazz 2019 - 30 juni


"Nieuw op het festival is de opstelling van de tenten. De grote tent met de Main Stage is gedraaid, waardoor er meer ruimte is ontstaan en dat was nodig ook om alle liefhebbers van de Britse zanger en multi-instrumentalist te herbergen. Cullum is een rasperformer, die het aantrekkelijk maakt om hem te programmeren op een festival. Succes verzekerd."

Op zondag 30 juni bezocht Johan Pape het Gent Jazz Festival. Vanaf de Bijlokesite doet hij verslag van de concerten van Judi Jackson, Jasper Steverlinck, Kolonel Djafaar en Jamie Cullum.

Klik hier om zijn festivalverslag te lezen.

Klik hier voor een fotografisch verslag van deze festivaldag door Johan Pape.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 3.7.19) - [print] - [naar boven]



Cd
Fred Hersch & The WDR Big Band - 'Begin Again' (WDR, 2019)

Opname: 28 januari / 4 februari 2019

Fred Hersch is een van de interessantste pianisten van dit moment. Iemand die voortborduurt op de rijke traditie van pianomuziek binnen de jazz. Geen vernieuwer, maar wel een pianist die in de afgelopen 35 jaar een geheel eigen stijl heeft ontwikkeld. Onlangs voegde hij een nieuwe schakel toe aan de ketting door de samenwerking aan te gaan met de fameuze WDR Big Band, geleid door Vince Mendoza. 'Begin Again' heet het album dat geheel bestaat uit composities van Hersch en dat werd opgenomen in de WDR Studio in Keulen.

Stemmig vangen we aan met het titelstuk, met ingetogen blazers en een dito partij van Hersch. Al snel kruipt de passie er echter in met een mooie altsaxsolo van Johan Hörlen, gevolgd door een zeer melodische, sprankelende pianosolo van Hersch. In dialoog hiermee horen we het machtige unisono geluid van de dertien blazers die dit orkest telt. De stemmige kant van Hersch, zijn goed getimede, afgewogen aanslagen horen we in 'Song Without Words #2: Ballad', met een bijpassende, kwikzilveren solo van wederom Hörlen. 'Havana' brengt ons dan weer in opgewonden stemming, dankzij de flitsende solo's van Hersch en tenorsaxofonist Paul Heller, maar zeker ook door de krachtige arrangementen van Mendoza en het hoge niveau waarop de WDR Big Band musiceert.

Met 'Pastorale', voorzien van een uitgebreide solo, brengt Hersch een ode aan de romantische klassieke muziek. Het is een innemend stuk, een prachtig rustpunt op dit dynamische album. Aansluitend keren we met 'Rain Waltz' weer terug naar de jazz. Naast krachtig ensemblespel vallen hier de solo's op van trompettist Ruud Breuls en altsaxofoniste Karolina Strassmayer. Bijzonder is ook zeker 'The Big Easy'. Hier gaat de band op de bluestoer, met opvallend slepende solo's van trompettist Andy Haderer en trombonist Ludwig Nuss. Ze doen de titel alle eer aan. Iets dat overigens ook geldt voor de rest van het orkest, dat op precies de goede momenten een tandje bijzet. Na het pittige 'Forward Motion', met een grote rol voor drummer Hans Dekker en stomende solo's van Breuls, Hunter en Heller, vindt dit afwisselende album een stemmig einde in 'The Orb'. We horen nog één keer Hersch solo. Iedere noot valt hier perfect afgewogen op zijn plaats, terwijl het orkest hem aanvult met stemmige akkoorden.

Fred Hersch treedt met de WDR Big Band op tijdens Gent Jazz op 6 juli.

(Ben Taffijn, 1.7.19) - [print] - [naar boven]



Cd's / Jazztube
Angles 3 - 'Parede' (Clean Feed, 2018)

Opname: 22-24 november 2016
Angles 9 - 'Beyond Us' (Clean Feed, 2019)
Opname: 25 augustus 2018

De eerste keer dat we van Angles hoorden, de supergroep van de Zweedse rietblazer Martin Küchen, was in 2008. Toen, met 'Every Woman Is A Tree' en in 2010 met 'Epileptical West - Live in Combria', nog als sextet met de volgende bezetting: Magnus Broo op trompet, Mats Äleklint op trombone, Küchen zelf op altsax en met een ritmesectie die bestond uit bassist Johan Berthling, drummer Kjell Nordeson en vibrafonist Mattias Ståhl. In 2012 volgt 'By Way Of Deception' en is de band omgedoopt tot Angles 8 (in het vervolg wordt de naam Angles gevolgd door het aantal leden). Trompettist Goran Kafjes vervangt Broo en de band wordt uitgebreid met Erik Hegdal op bariton- en sopraninosax - en pianist Alexander Zethson. Een jaar later voegt Broo zich er weer bij, stapt Kafjes over op cornet en wordt Nordeson vervangen door Andreas Werliin. En ziedaar, Angles 9 is geboren. 'In Our Midst' komt alleen uit op lp, gevolgd door 'Injuries' in 2014, de single 'Equality & Death / Pacemaker' in 2016 en 'Disappeared Behind The Sun' in 2017 (waarop de twee stukken van de 7-inch eveneens een plek krijgen).

Vorig jaar week Küchen ineens af van deze lijn met 'Parede' van Angles 3. Ineens is daar Nordeson weer en heeft Ingebrigt Håker Flaten de plaats van Berthling ingenomen. Het betreft hier liveopnames van november 2016 in SMUP, Parede, Portugal. Het album begint met 'Equality & Death (Mothers, Fathers, Where Are Ye?)', maar nu in trioversie. Eerst Håker Flaten met een mooie ritmische bassolo, dan Küchen in datzelfde deinende ritme op tenorsax. Eerst voorzichtig, dan steeds schrijnender, gruizig, zoals alleen hij dat kan. Machtig zoals het op twee momenten ineens stil valt, onbestemd gerommel in de marge is wat we horen en Küchen die noodkreten blaast. En dan is ineens dat ritme er weer, die vaart, die stomende melodie en de erbij horende onrust.

'Satan In Plain Clothes' nam Küchen eveneens eerder op, in 2014 met zijn andere band: All Included. Het is weer Håker Flaten die begint, met een zeer fraaie, melodieuze solo. En dan op het ritme weer Küchen. En ook hier gaat zijn toon weer door merg en been, recht naar het hart. En dan Nordeson die met een zeer felle drumsolo Küchen even de gelegenheid geeft om op adem te komen. 'Francisco' is voor mij nieuw, maar het tweede deel van dit stuk: 'By Way Of Deception' komen we reeds tegen op het gelijknamige album uit 2011. Het eerste deel klinkt zeer melodieus, met een sterke onderstroom door de ritmesectie. Het tweede vangt aan met een prachtige, fragiele en heerlijke schurende solo van Küchen op sopraansax, gevolgd door een zeer enerverende triopassage, een van de hoogtepunten van dit album. Het vierde stuk bestaat eveneens uit twee delen. 'Don’t Ruin Me' komen we reeds tegen op het allereerste Angles-album uit 2007 en 'Love, Flee Thy House (In Breslau)' staat op 'Disappeared Behind The Sun'.

Pas geleden verscheen weer nieuw werk van Angles 9, in de aloude bezetting, opgenomen tijdens de ZomerJazzFietsTour van 2018. Vijf nieuwe stukken die, en daar repten we reeds eerder over, linken aan de actualiteit. Veel laat Küchen daar niet over los, maar de titels spreken voor zich. We beginnen met het titelstuk 'Beyond Us' en horen Berthling, Werliin, Zethson, maar vooral Ståhl, doorsneden door opzwepende unisono blazerspassages. Ritmische patronen worden onderbroken door scherpe solo's. We herkennen de handtekening van Angles 9.

'Un(n)happiez Marriages' is voor Raed Yassin, staat in het boekje. Yassin is een beeldend kunstenaar en musicus uit Beiroet. Volgens zijn website: "Yassin's work often originates from an examination of his personal narratives and their workings within a collective history, through the lens of consumer culture and mass production." Daar kan Küchen zich wel in vinden. Het nummer heeft iets melancholieks over zich, nog extra gevoed door de asynchrone aanpak. Dan is het aan Berthling voor een verstilde solo op zijn bas, een intens rustpunt. 'Samar & The Egyptian Winter' is opgedragen aan Samar Yazbek, een Syrische schrijfster en journaliste, actief in de opstand tegen Assad. Küchen begint hier op altsax, in zijn bekende schurende, ietwat klagelijke stijl, melodieus begeleid door de rest van het nonet, gevolgd door een fraaie, eclatante trompetsolo van Broo. Het orkest voegt zich erbij en stuwt het geheel naar een climax. Ook 'Against The Permanent Revolution' is kenmerkend voor Angles: ten eerste het wiegende, meeslepende, Arabisch aandoende ritme - stilzitten gaat bijna niet! - en ten tweede de krachtige blazerslijnen, gekruid met frisse solo's die de melodie verder inkleuren en verfraaien. 'Mali' klinkt zo mogelijk nog krachtiger, swingender. Dit is pure funk, maar dan op zijn Küchens. Het vormt de ideale afsluiter van dit album.

In de Jazztube een live-uitvoering van 'Disappeared Behind The Sun' door Angles 9, opgenomen tijdens het Jazzfestival Saalfelden in Oostenrijk op 27 augustus 2017.

Labels: ,

(Ben Taffijn, 30.6.19) - [print] - [naar boven]



Nieuws
Jasper Blom wint Buma Boy Edgar Prijs 2019


De Buma Boy Edgar Prijs, de belangrijkste prijs in Nederland op het gebied van jazz en geïmproviseerde muziek, is toegekend aan saxofonist en componist Jasper Blom. Dit werd bekendgemaakt op het jazz netwerk- en showcase-evenement inJazz in Rotterdam. Jasper Blom (Geldrop, 1965) geldt als een van de belangrijkste tenor- en sopraansaxofonisten uit de Nederlandse jazzscene en streeft als componist naar een synthese van jazz, pop, klassieke en geïmproviseerde muziek.

Blom studeert in 1991 cum laude af aan het Rotterdams Conservatorium en gaat voor een half jaar in New York in de leer bij verschillende meesters. Na terugkomst start hij een zoektocht naar vernieuwing door het overschrijden van genre-grenzen. Hij experimenteert, improviseert en componeert. Langzaam maar zeker ontstaat er een speelpraktijk waarbij Blom de ene avond het podium deelt met Benjamin Herman in een hardbopprogramma, zich de volgende avond overgeeft aan vrije improvisaties, verderop in de week in funksessies experimenteert met gitaareffecten op zijn sax en tussendoor zich verdiept in middeleeuwse vocale muziek of in de pianowerken van Claude Débussy.

Jasper Blom is een zeer gewilde sideman in de pop, jazz en geïmproviseerde muziek en heeft met internationale grootheden als Randy Crawford, George Duke, Chet Baker, Lee Konitz en Nat Adderley samengespeeld. Onder de talloze formaties waarin de saxofonist een aandeel heeft, zijn het septet KRUPA & The Genes, WonderYears (een bas/sax/drums-trio gewijd aan de muziek van Stevie Wonder) en de David Kweksilber Big Band. Regelmatig wordt Blom uitgenodigd door topensembles als het Metropole Orkest en het Jazz Orchestra Of The Concertgebouw voor studiosessies en concerten.

In 2006 start het Jasper Blom Quartet, waarin Blom alle invloeden bijeenbrengt. In een gestaag tempo brengt hij met deze band vanaf 2008 elke twee jaar een nieuwe cd uit met sterk eclectisch en verrassend eigen werk. Dit kwartet speelt op grote podia in binnen- en buitenland. Onlangs verscheen op het Londonse label Whirlwind Recordings 'Polyphony', een live-dubbelaar opgenomen in het Bimhuis, waar het Jasper Blom Quartet wordt versterkt met gastoptredens van de Belgische trompettist Bert Joris en trombonist Nils Wogram.

Naast zijn hoofdvak docentschap aan het Conservatorium van Amsterdam vindt Jasper Blom aansluiting bij de jongere generatie jazzmusici door het organiseren van sessies en het jaarlijkse Rough Diamonds-festival in het Bimhuis. Ook heeft hij met zijn studenten regelmatig kleinere optredens in cafés. Zo is een lesfilosofie ontstaan waarbij Blom zijn leerlingen niet alleen binnen de muren van het Conservatorium ontmoet, maar steeds vaker ook daarbuiten. Jasper Blom zoekt de vervulling van zijn muzikantschap door niet alleen als experimenterend jazzmusicus maar ook als leraar en organisator een onorthodoxe rol te spelen in de jazzgemeenschap.

Uit het juryrapport: "Jasper Blom kan gezien worden als een filosofische realist, een denker én doener. Hij is zich bewust van zijn kracht als instrumentalist, maar ook van zijn plek in de wereld."

Onderdeel van de prijs is een door winnaar Jasper Blom zelf samen te stellen concertavond op 4 december 2019 in het Bimhuis. Bij die gelegenheid zal hem de prijs, bestaande uit een geldbedrag van € 12.500 en een bronzen sculptuur van Jan Wolkers, worden overhandigd.

Foto's: Cees van de Ven & Donata van de Ven

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 30.6.19) - [print] - [naar boven]



Cd
Espen Eriksen Trio with Andy Sheppard - 'Perfectly Unhappy' (Rune Grammofon, 2018)


Het Espen Eriksen Trio, bestaande uit pianist Espen Eriksen, bassist Lars Tormod Jenset en drummer Andreas Bye, ontstond in 2007. In 2010 kwam het eerste album uit, 'You Had Me At Goodbye', waarna er nog twee volgden: 'What Took You So Long' in 2012 en 'Never Ending January' in 2015. Alle uitgebracht door Rune Grammofon. Met zijn minimalistische melodische aanpak heeft dit trio in het afgelopen decennium een zekere reputatie opgebouwd. Voor hun vierde album, met de prachtige titel 'Perfect Unhappy', vroeg het trio niemand minder dan saxofonist Andy Sheppard, een van Europa's belangrijkste saxofonisten, als versterking. Zelf zegt hij over de samenwerking: "I knew from the first time I heard the trio play that I would fit right in. I loved the melodic sense and vibe and was thrilled when I was invited to guest with the trio in London in 2016. Espen wrote a set of fantastic tunes for the recording session in Oslo. They played themselves and we had a ball recording, everything clicked and in two days we had made a very special album."

Zo'n uitspraak maakt natuurlijk nieuwsgierig. Maar Sheppard heeft een punt. Beluister de eerste noten van de opener 'Above The Horizon' en u weet genoeg. Eriksen legt hier een soepele melodie neer, ondersteund door een mooie diepe basklank van Jenset. Dan sluit Sheppard aan met een fluwelen klank, de melodie versterkend. Geen idee waar '1974' naar verwijst, maar het moet zijn naar een gebeurtenis die bij Eriksen een zekere weemoed wakker maakte, gezien de prachtige en zeer subtiele toonzetting in dit stuk. Koren op de molen van Sheppard, die hier heldere lijnen naast plaatst. Licht getormenteerd en ietwat gruizig klinkt Sheppard in het titelstuk, de melancholie verklankend. Mooi pianospel vinden we in 'Suburban Folk Song'. Een dansbare melodie bouwt Eriksen hier, waarin de Noorse volksmuziek doorklinkt. Overtuigend klinkt ook het innemende 'Revisted' en dan met name vanwege de wijze waarop piano en sax elkaar hier afwisselen.

Een hemelbestormend album is dit niet geworden, het experiment gaat dit kwartet niet aan, maar hier wordt wel fantastisch gemusiceerd, slag geleverd op detailniveau. Een album voor de late uurtjes, met of zonder glas wijn.

Klik hier om '1974' te beluisteren.

Labels:

(Ben Taffijn, 24.6.19) - [print] - [naar boven]



Nieuws
Nieuwe prijs voor klein jazzpodium


De Beroepsvereniging van Improviserende Musici (BIM) reikt dit najaar de eerste BIM Podium Prijs uit. De BIM wil met deze prijs de kleine jazzpodia in het land een hart onder de riem te steken. Met een financiële bijdrage van 2000 euro kan het winnende podium artiesten aantrekken die anders buiten het bereik zouden liggen van dit podium.

De BIM Podium prijs is tevens een beloning voor het trouwe publiek dat geniet van optredens op de kleine jazzpodia. Want de luisteraars maken het mogelijk dat deze muziek op vele plekken gespeeld wordt en dragen zo bij aan een levendige jazzscene.

"Jazzmuziek is de mooiste muziek die er is. Verleidelijk, interactief en divers is jazz de meest levendige en actuele kunstvorm. Jazz viert het leven en de BIM doet mee!", aldus het bestuur van de beroepsvereniging.

De BIM praat sinds 1971 mee over het kunstbeleid en zet zich in voor de belangen van jazz en geïmproviseerde muziek en musici. Zij streeft naar meer speelplekken en fatsoenlijke beloning voor artiesten. Gitarist en lid van BIM Anton Goudsmit vat het samen: "De BIM is de enige organisatie die opkomt voor de belangen van de Nederlandse improviserende musici."

Het bestuur van de BIM heeft voor de BIM Podium Prijs 2019 trombonist/componist Joost Buis als extern deskundige aangetrokken. De kandidaten voor de longlist van de BIM Podium Prijs zijn inmiddels bekend. De winnaar uit deze selectie wordt in september bekend gemaakt.

De geselecteerde podia voor de BIM Podium Prijs 2019 zijn:

•  Podium JIN (Nijmegen)
•  De Pletterij (Haarlem)
•  Heerlen Jazz
•  Hot House Jazz (Leiden)
•  Jazz in Groningen
•  It's Time for Jazz (Zutphen)
•  Jazz Inverdan (Zaandam)
•  Jazzblazzt (Hunsel)
•  Mahogany Hall (Edam)
•  Plusetage (Baarle-Nassau)
•  Studio Loos (Den Haag)

Labels:

(Maarten van de Ven, 24.6.19) - [print] - [naar boven]



Cd
Matthias Spillmann Trio - 'Live At The Bird’s Eye Jazz Club' (Clean Feed, 2019)

Opname: 21-22 juli 2017

Trompettist Matthias Spillmann trok al de aandacht met de geflipte kamermuziekjazz van zijn groep Mats Up. Onlangs bracht hij een liveopname in trio uit op Clean Feed Records, het Portugese label dat avontuurlijke muziek in de kijker zet. Deze keer duikt de Zwitser in de geschiedenis van de jazz met nummers van Ellington, Ornette en zelfs 'St. Louis Blues'. Dit gebeurt met een open blik en gesteund door prima kompanen. Andreas Lang is een Deense bassist die in Berlijn furore maakt en drummer Moritz Baumgärtner is een jong Zwitsers talent.

In het trio zonder piano of gitaar kunnen alle tierlantijntjes meteen overboord gezet. Met zijn drieën dansen de muzikanten rond de melodie en het ritme, waarbij Lang en Baumärtner af en toe de registers behoorlijk opentrekken. Zo krijgen 'Fort Worth' van Joe Lovano en Ornette Colemans 'Una Muy Bonita' een stroomstoot waardoor de energie volledig vrijkomt. Bij 'Peace' van diezelfde Ornette of bij 'St. Louis Blues' gaat het tempo lager, waardoor de nadruk meer op de melodie komt te liggen, en zorgt de ritmesectie voor contrast met die mooie toon van de trompettist. 'A Flower Is A Lovesome Thing' van Strayhorn en 'Knderlied #1' - een eigen compositie van Spillmann - vervolledigen de cd.

Met die knappe toon hem zou Matthias Spillmann zomaar voor de galerij kunnen spelen, maar net als in zijn andere groep Mats Up lijkt hij er zich van bewust dat enkel mooi spelen een valkuil kan zijn. Met een dosis creativiteit vindt Spillmann ook in dit trio een oplossing om het voor de hand liggende pad te ontwijken. Geen snelle rit over de hoofdbaan, maar een reisje via kleinere wegen dat je ook op plekken brengt waar je anders niet zou komen.

Meteen levert dit een fijne en spannende cd op. Nooit gedacht dat 'St. Louis Blues', zonder als een parodie te klinken, op een Clean Feed-cd te horen zou zijn.

Klik hier om twee tracks van dit album te beluisteren: 'A Flower Is A Lovesome Thing' en 'Peace'.

Deze recensie verschijnt ook op Jazz'Halo.

Labels:

(Iwein Van Malderen, 19.6.19) - [print] - [naar boven]



Vooruitblik
Gent Jazz Festival 2019


Van 29 juni tot 9 juli, bijna anderhalve week dus, is het weer tijd voor Gent Jazz. En laat u daarbij niet misleiden door de term 'jazz'. Wat we gewoontegetrouw aan muziek onder deze term scharen is hier zeker te horen, maar Gent Jazz programmeert heel wat breder en laat ook de betere popmuziek toe op het festivalterrein van De Bijloke.

Er komt in dit festival te veel aan bod om allemaal op te noemen, maar een korte impressie willen we u hierbij niet onthouden. Zo vinden we op de openingsdag, zaterdag 29 juni, zowel de onder neo-klassiek te scharen Yann Tiersen met zijn mierzoete pianoklanken als Rymden met Bugge Wesseltoft en Dan Berglund. Een dag later kunt u getuige zijn van zanger/pianist Jamie Cullum, het in stevige funkrock grossierende Blow 3.0 - dat je eerder op een dancefestival zou verwachten - en het uit Antwerpen afkomstige Kolonel Djafaar, dat teruggrijpt op de zogenaamde Ethio-jazz.

Maandag en dinsdag heeft u dan even vrij, waarna op woensdag 3 juli het feest weer losbarst. Een mooie dag, met optredens van de Ethiopische legende Mulatu Astatke, het Belgische STUFF., de jonge Engelse drummer Moses Boyd, de Amerikaanse drummer Makaya McCraven en een optreden van James Holden & The Animal Spirits, die elektronica en wereldmuziek met elkaar vermengen tot een zeer dansbaar geheel.

Het programma een dag later heeft nog minder met jazz te maken, maar bevat wel een aantal bijzondere acts. Allereerst Joan Baez. Naar verluidt geeft deze inmiddels 78-jarige levende legende nu echt haar laatste Belgische concert. Verder op deze dag Julia Holter, een van de meest opzienbarende popacts van dit moment. Met verder acts als Cowboy Junkies, J.S. Ondara en The Antler King wordt dit de singer-songwriterdag.

Vrijdag 5 juli is inmiddels uitverkocht. Verantwoordelijk daarvoor is zeker Diana Krall, maar wellicht ook wel Vincent Peirani 'Living Being'. Verder optredens van het Christian Sands Trio en het Yuri Honing Acoustic Quartet. Kortom, de dag van de melodische jazz.

Meer avontuur kunnen we verwachten op zaterdag 6 juli. Pianist Fred Hersch weet immers altijd te verrassen en weet zich hier in goed gezelschap van de WDR Big Band, onder leiding van Vince Mendoza. Maar ook trompettist Terence Blanchard heeft zijn sporen inmiddels ruimschoots verdiend. Verder heeft drummer Stéphane Galland vanavond de Garden Stage tot zijn beschikking voor een drietal experimentele concerten. En dan is er de in onze contreien nog onbekende Chileense saxofoniste Melissa Aldana, die even gemakkelijk jazz speelt als Gershwin.

Ook zondag 7 juli is uitverkocht. Het zal zitten in die twee vermaarde vocalisten. Gregory Porter behoeft geen introductie meer, José James evenmin. Beiden hebben in hun respectieve stijlen hun bekendheid reeds verworven. Dat geldt nog niet voor Maisha, een van de toonaangevende bands in de nieuwe Londense jazzscene en voor bands als UMM, Suura en Raman, die onderdeel uitmaken van die alsmaar uitdijende Vlaamse jazzscene.

Kaarten voor maandag 8 juli zijn er ook niet meer, allemaal de schuld van Sting. Wel voor de slotdag, dinsdag 9 juli, en de enige dag die geheel gewijd is aan de avant-garde jazz. Allereerst komt John Zorn met zijn karavaan om zijn 'Bagatelles' uit te voeren en verder waagt de Amerikaanse trompettist Nate Wooley de oversteek. Hij speelt met een zowel uit Amerikaanse als Belgische musici bestaande band zijn '7 Storey Mountain' en is op de Garden Stage te horen met Bram De Looze, Spencer Yeh en Chris Corsano.

Klik hier voor meer informatie over Gent Jazz 2019.

Foto's: Cees van de Ven

Labels: , ,

(Ben Taffijn, 19.6.19) - [print] - [naar boven]



Cd
James Brandon Lewis - 'An UnRuly Manifesto' (Relative Pitch, 2019)


Of het nu is met z'n trio, in duo met Chad Taylor of met poëzie- & muziekcollectief Heroes Are Gang Leaders, het universum van saxofonist James Brandon Lewis is er eentje dat in het teken staat van exploratie en zelfontplooiing. Dat wordt nu verdergezet met 'An UnRuly Manifesto', dat zich openbaart als een lange ode aan de vastberadenheid en de zoektocht naar artistieke integriteit. Visie, materiaal en het juiste volk bij elkaar leiden tot een nieuw hoogtepunt in Lewis' niet langer te negeren discografie.

'Unruly' betekent onder meer ongebonden, vrijgevochten en tegendraads. Tegelijkertijd wil 'An UnRuly Manifesto' ook een ode zijn aan Charlie Haden, Ornette Coleman en het surrealisme. Heel wat dingen bij elkaar dus, al krijgt het hier vorm in een statement dat zoveel meer is dan een brallend visitekaartje of overambitieuze opruiende cocktail. Vanaf krappe opener 'Year 59: Insurgent Imagination' beland je in een warmbloedige suite, eentje die een paar keer onderbroken wordt voor een paar compacte, soulvolle pijlers, die fungeren als doorgeefluik voor de langere stukken, waarvan er eigenlijk maar vijf zijn. Daardoor is 'An UnRuly Manifesto' een vetvrij album dat nooit riskeert in elkaar te zakken.

Vanaf het titelnummer, een mantra-achtig stuk van het soort dat gaandeweg een verschroeiende intensiteit ontwikkelt, kom je terecht in een omgeving die James Brandon Lewis' stempel ademt. Er zit namelijk een warmbloedige, spiritueel getinte verhevenheid in, eentje die meedobbert op die trage cadans van de ritmesectie (bassist Luke Stewart, drummer Warren Trae Crudup III), die aangevuld wordt met gitarist Anthony Pirog. Tegenover Lewis staat dan weer trompettiste Jaimie Branch, die de ideale sparringpartner blijkt en de leider mee aanzet tot een emotioneel intense climax die Lewis' sterktes (die typische intervallen, melodische flarden, zangerige klank, ijzeren discipline) uitspeelt. Eerder statig dan opruiend, maar niettemin met een verzengende intensiteit.

Vervolgens krijg je een aantal verschillende gedaantes van de leider en de band te zien. In 'Sir Real Denard' krijg je strakke funk voor de voeten geworpen, met Pirog die er gesjeesde effecten in mag rondstrooien en Stewart die lekker loos kan gaan op de elektrische bas. Branch zorgt voor abstracte, breed uitgesmeerde klankeffecten, terwijl Lewis autoritair scheurt over de woelige ritmesectie. Er zit een frenetische energie in die tot het uiterste gedreven wordt in het robuust botsende 'Escape Nostalgic Prisons', vermoedelijk een oproep om meer te doen dan slaafs in het verleden te blijven hangen. Hier is het een turbulente combinatie van salvo's, atonale accenten en woelige interactie op het scherp van de snede.

Knetterende elektriciteit, al is de band minstens zo indrukwekkend wanneer er niet zo hard op dat gaspedaal geduwd wordt. Ballade 'The Eleventh Hour' start met zachtjes opwarmende basgitaar en aanzwellende gitaar, die een motiefje aanhoudt dat het mooie thema van tenorsax en trompet aankondigt. Het is het begin van een dromerige beweging met een expressieve solo van Branch, die het stokje naadloos doorgeeft aan Lewis, die al even diep tast met een solo die in de roots duikt. Net als in het titelnummer is de geest van Coltrane nooit veraf.

Ook 'Haden Is Beauty' is een hoogtepunt, met een contrabasintro die meteen in de hymnetraditie duikt die Haden zo dierbaar was. De drummer zorgt voor een vieve puls, maar de compositie blijft hangen in een majestueuze statigheid, met een gitaarsolo die even herinnert aan het meest lyrische werk van Sonny Sharrock, terwijl de ritmesectie ronkt in de achtergrond en de blazers commentaar blijven leveren als een eensgezind koor. Het bevestigt enkel nog de indrukken die 'An UnRuly Manifesto' eerder al bundelde: dit is uitgesproken hedendaagse muziek die verder bouwt op de traditie(s). Het is muziek die kracht én lyriek virtuoos in evenwicht houdt, en dat door een combinatie van sterke thema's, individuele hoogstandjes en een collectieve spirit die ervan afspat. Een manifest dat pakkende schoonheid, vette groove en momenten van extase in evenwicht houdt en zo uitgroeit tot een hoogtepunt voor 2019.

Op vrijdag 12 juli staat het James Brandon Lewis UnRuly Quintet in de Yenisei tijdens het North Sea Jazz Festival.

Klik hier om het album te beluisteren.

Foto: Cees van de Ven | Deze recensie verscheen ook op Enola.be

Labels:

(Guy Peters, 15.6.19) - [print] - [naar boven]



Vooruitblik
North Sea Jazz Festival 2019


"Het grootste indoor muziekspektakel ter wereld telt veertien podia en circa 150 optredens. Het aantal bezoekers ligt rond 70.000. Sinds 2006 speelt North Sea Jazz zich af in Ahoy Rotterdam. De criticasters wijzen erop dat het festival leunt op grote namen uit de genres: pop, soul, blues en wereldmuziek. Dit jaar staan onder anderen Rag'n'Bone Man, Joe Jackson, The Internet, Toto, Macy Gray, Lauryn Hill, Daryl Hall & John Oates en Gladys Knight op de grote podia. Zonder enige twijfel blijven jazz en moderne, geïmproviseerde muziek de basis vormen van het festival. In tegenstelling tot de opvatting van traditionalisten is jazz, meer dan andere muziekstromingen, een kunstuiting die voortdurend uitdaagt, vernieuwt en zich laat bestuiven door andere stijlen. NSJ is een festival dat in de breedte programmeert, maar er dit jaar ook ruimschoots in slaagt vele genres en subgenres over het voetlicht te brengen."

Louis Obbens doet een persoonlijke greep uit het programma en belicht de potentiële smaakmakers van de 44e editie van North Sea Jazz.

Klik hier om zijn vooruitblik te lezen.

Foto: Louis Obbens

Labels: , ,

(Maarten van de Ven, 12.6.19) - [print] - [naar boven]



Actie
Crowdfunding voor boek Ernst Glerum


Bassist Ernst Glerum gaat een bijzondere uitgave uitbrengen van een boek met tekeningen. Naast het muziek maken is Glerum altijd blijven tekenen. Nu heeft hij een selectie gemaakt van honderd tekeningen. Het zijn impressies van tournees, vakanties, treinbanen, bomen, bergen en middelbareschoolromantiek. Zij laten een onverwachte, andere kant zien van deze jazzbassist.

De tekeningen sluiten aan op 17 muzikale schetsen op een bijgevoegde cd. Het boek zal worden vormgegeven door Suze Swarte en komt uit op zijn label Favorite Records. Om het boek te kunnen maken heeft hij onlangs een crowdfundingcampagne opgestart. Eenieder die dit voornemen een warm hart toedraagt wordt uitgenodigd om zijn campagne te ondersteunen door middel van een donatie. Als tegenprestatie krijgen donateurs het boek met de cd.

Over zijn plan zegt Glerum het volgende: "Muziek en tekenen zijn mijn passie. Eerst wilde ik tekenaar worden. Toen wilde ik jazzmuzikant worden. Nu wil ik het allemaal bij elkaar brengen. Het maken van muziek en het maken van een tekening is voor mij hetzelfde. In beide vormen bestaat de mogelijkheid om een nieuwe werkelijkheid te laten ontstaan. Het gevoel van een zacht potlood op papier en het gevoel van een strijkstok op de snaren liggen dicht bij elkaar."

Klik hier om bij te dragen aan deze campagne om dit boek mogelijk te maken.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 10.6.19) - [print] - [naar boven]



Cd
Gerald Cleaver & Larry Ochs - 'Songs Of The Wild Cave' (Rogue Art, 2018)

Opname: 1 oktober 2016

Albums kun je overal opnemen, op festivals, in clubs, in allerhande studio's, mogelijkheden te over. Niets van dit alles echter bij percussionist Gerald Cleaver en saxofonist Larry Ochs. Zij weken uit naar een grot in Zuidwest-Frankrijk. Ja, u leest het goed: een donkere, ongetwijfeld niet al te warme grot, in het verre verleden bewoond door onze voorouders. 'Songs Of The Wild Cave' heet het album heel toepasselijk.

Maar wat een prachtig geluid levert deze bijzondere beslissing op. Ochs' tenorsax resoneert schitterend in opener 'First Steps', half bouwend aan een breekbare melodie, half creatieve luchtstromen creërend, dit alles terwijl we Cleaver met fijnzinnige klanken op de achtergrond in de weer horen. 'Into The Air' vangt aan met een dreunende drumsolo, alsof er een trein voorbij dendert. Ochs breekt er op gezette tijden doorheen, lange trillende lijnen vormend, klinkend als een misthoorn. Hoe verder het nummer vordert, des te meer klinkt Ochs indringend en getormenteerd, waarbij hij zijn geluid vervormt tot een schreeuw in het duister. Het kan nog schrijnender, heftiger, het derde stuk heet niet voor niets 'Deeper'. Flink op stoom is het met name Cleaver die hier opvalt met zijn tribale stijl van drummen, een ritmisch patroon dat Ochs gebruikt om zijn sax te laten janken en knetteren. Nog onstuimiger en abstracter klinkt 'Down'. Ochs horen we hier heerlijk kwetteren op zijn sopraninosax, te midden van de ritmische patronen van Cleaver.

'Ringing It In' is het noodzakelijke rustpunt. Ochs - nog steeds op sopranino - creëert hier subtiele, zeer hoge klanken, die fantastisch resoneren in die bijzondere ruimte. Duistere slagen deelt Cleaver intussen uit, afgewisseld met fijnzinnige percussie. Een bijzonder spannend geheel. In 'Rooted In Clay' trekt het duo deze lijn door. Hier brengt Cleaver belletjes in. Ook dat geluid doet het prima in deze ruimte. Ochs heeft inmiddels weer de tenorsax ter hand genomen en zet deze zeer bescheiden in, het en der een noot blazend. Mooi hoe die belletjes steeds ritmischer gaan klinken naar het einde toe en Ochs de uitgestoken hand pakt om het geheel naar een hoogtepunt te blazen. Met 'Light From The Shadows' verwijzen de twee naar die andere grot, die van Plato. U weet wel: wij mensen denken dat we de werkelijkheid zien, maar wat we zien zijn slechts de schaduwen die het licht op de muur werpt. Om de werkelijkheid te zien moeten we eerst de grot verlaten. Maar dan toch pas na dit laatste, tevens langste stuk, waarin Cleaver wederom opvallend ritmisch bezig is en Ochs nog maar eens stevig van leer trekt.

Labels:

(Ben Taffijn, 10.6.19) - [print] - [naar boven]



In memoriam
Dr. John

20 november 1941 - 6 juni 2019

Het nieuws dat Dr. John, geboren Malcolm John Rebennack, aan een hartaanval was overleden, moet nogal wat herinneringen hebben losgeweekt. Misschien vooral jeugdherinneringen bij wie opgroeide toen r&b nog stond voor rhythm & blues (een soort bluesrock) en platenwinkels draaiden op de verkoop van vinyl en cassettes. Toen Engelse woorden hoogstens sporadisch in ons taalgebruik (en vloeken) voorkwamen. Toen als het tijdens fuiven op funk aankwam 'Right Place Wrong Time' van Dr. John bijna even onvermijdelijk was als 'Get Up (I Feel Like Being A) Sex Machine' van James Brown.

Bij leven herinnerde Dr. John zelf ook graag aan vervlogen tijden, vooral muzikaal. Hij deed het vrij recent nog met een tribute aan Louis Armstrong, 'Ske-Dat-De-Dat: The Spirit Of Satch'. Daarmee bracht Dr. John op zijn manier eerbetoon aan de legendarische jazztrompettist. Daarmee bracht een legendarisch muzikant uit New Orleans ode aan een ander legendarisch muzikant uit New Orleans. Diens muziek had de jonge Rebennack als kind leren kennen. Zijn vader had een platenwinkel.

Als tiener speelde hij al gitaar bij Professor Longhair en in verschillende lokale groepjes. Een kogel in een vinger toen hij tussenbeide kwam bij een gevecht deed hem pianist worden. In de sixties ging hij in Los Angeles deel uitmaken van de sessiemuzikanten in de Wrecking Crew. Hij speelde onder andere mee op platen van Sonny & Cher, Canned Heat en Frank Zappa And The Mothers Of Invention.

Het personage van Dr. John creëerde hij eigenlijk voor een vriend. Toen die zich terugtrok vulde hij zelf de rol in, die was gebaseerd op een voodoo-medicijnman die in New Orleans had geleefd. 'Gris-Gris', de debuut-lp van Dr. John, werd het begin van een succesverhaal - Dr. John sloeg ook aan als zanger, met een herkenbare, korrelige stem. Live ging de eigenzinnige combinatie van rhythm & blues en psychedelische rock gepaard met theatrale shows die verwezen naar voodoorituelen.

In de seventies ging Dr. John in zijn genre-blending de funktoer op. Dat leverde onsterfelijke hit op met 'Right Place Wrong Time' en 'Such A Night'. Door de jaren heen bleef Dr. John zijn recepten aanpassen die, al naargelang, invloeden mixten uit mardi gras, tin pan alley, boogiewoogie, rock-'n-roll, r&b, blues, funk, afrobeat, jazz en hiphop. Anderen bleven hem vragen om mee te spelen of te zingen op hun platen (Marcus Miller nog in 2012), voor bijdragen aan films (zoals 'Blues Brothers 2000'), documentaires ('The Last Waltz') en tekenfilms (o.a. 'The Princess And The Frog'). Hij pende ook een jingle voor Popeye en stond model voor de figuur van Dr. Teeth in The Muppet Show.

Als zo'n uitzonderlijk vernieuwer als Louis Armstrong zal Dr. John niet worden herinnerd, maar hij verwierf natuurlijk niet zomaar zes Grammy Awards en een plaatsje in de Rock And Roll Hall Of Fame. Met zijn stem, zijn muzikale bijdragen en zijn markante verschijning kleurde hij de muziekgeschiedenis en die van zijn geboortestad als geen ander.

In de Jazztube zie je een registratie van het concert dat Dr. John met zijn Nite Trippers gaf tijdens de Leverkusener Jazztage 2014.

Foto: Cees van de Ven

Labels: ,

(Danny De Bock, 9.6.19) - [print] - [naar boven]





Nieuws / Festival
Doek Festival 2019: The Market


Muziek, theater en improvisatie. Een caleidoscoop van klanken, kleuren en geuren, met een keur aan musici en performers. Kortom, het Doek Festival 2019 is aanstaande, van vrijdag 14 tot en met zondag 16 juni.

Voor deze dagen vol muziek en kunst wordt het Bimhuis omgetoverd tot een echte markt, waar uitwisselingen plaatsvinden van spullen, diensten, geuren, smaken, culturen, klanken, blikken, blozen, vloeken en valuta. Vanuit kraampjes worden allerlei koopwaren aangeboden, het publiek loopt rond en kiest. Er is muziek van allerlei pluimage tegelijk, totdat de musici samen beginnen te spelen en er een of meer naar voren stappen. Dat kunnen ook dansers zijn, orators of herrieschoppers.

The Market is een initiatief van de acht musici van het Amsterdamse collectief Doek: cornettist Eric Boeren, saxofonist John Dikeman, pianisten Kaja Draksler en Oscar Jan Hoogland, bassist Wilbert de Joode, rietblazer Michael Moore, gitarist/bassist Jasper Stadhouders en trombonist Wolter Wierbos hebben speciaal voor het festival nieuw werk gemaakt, onder de naam Amsterdam Real Book. Net als bij eerdere festivals van Doek zijn er ook dit keer weer bijzondere gasten, beeldend kunstenaars, theatermakers, muzikanten en performers als Harald Austbø, Nelli Bodt, Ibelisse Guardia Ferragutti, Onno Govaert, Dana Jessen, Sieto Noordhoorn, Annelie Koning en Mola Sylla.

De beide avonden in het Bimhuis hebben elk een eigen karakter. Op vrijdag 14 juni flaneer je door de stadse chaos van City. Er is verse impro in de aanbieding: Amsterdam Real Book speelt Misha Mengelberg. Op zaterdag 15 juni verdwaal je in een Bazaar met zinnenprikkelende improvisaties uit alle windstreken. Deze dag speelt Amsterdam Real Book onder meer werk van Cor Fuhler. The Market wordt besloten in stijl met een slotfeest in sociëteit Sexyland, met optredens van Cactus Truck, Brass & Strings, Miguel & Tristan, het Nico Chientaroli Trio ft. Michael Moore en Bacchanalia: La Orquesta.

Klik hier voor meer informatie over het Doek Festival 2019.

Labels: , ,

(Maarten van de Ven, 7.6.19) - [print] - [naar boven]



Cd / Jazztube
Vijay Iyer & Craig Taborn - 'The Transitory Poems' (ECM, 2019)

Opname: 12 maart 2018

Vijay Iyer en Craig Taborn speelden begin jaren 2000 samen in het negenkoppige ensemble Note Factory van Roscoe Mitchell. De beide pianisten legden daar de basis om zich als duo aan gezamenlijke creaties te wagen. De twee volgden ervoor en sindsdien ook hun afzonderlijke wegen, met eigen groepen en in uiteenlopende samenwerkingen.

Vijay Iyer (°1971) is de extroverte van de twee. Hij is fysicus van opleiding en lijkt in zijn pianospel altijd op een heel rationele manier berekend met geluid om te gaan. Die doordachte manier van muziek maken kan bij hem tegelijk heel doordrongen zijn van emotie. Craig Taborn (°1970) is de meer introverte. Hij gaat zeker niet minder berekend met geluid om, maar lijkt dat gevoelsmatiger te doen. Als een uitvinder die de nodige technieken wel voelt opkomen naargelang de muziek zich ontwikkelt.

Op 'The Transitory Poems', in 2018 live opgenomen in de concertzaal van de Franz Liszt Academie van Boedapest, is te horen hoe schitterend de samenwerking van het duo is uitgedraaid. Hun concert in Bozar in 2011 was al bijzonder spannend en indrukwekkend, dat in Leuven in maart van dit jaar was wellicht nog knapper. Deze cd is er een waarop je een twee-eenheid hoort, een ontstellend hecht duo dat soms klinkt als vier handen van één gedeeld brein. Zelfs geoefende oren die de twee pianisten al langer volgen kunnen niet de hele tijd onderscheiden wie wat aan het spelen was.

De titel van het album komt uit een vergelijking die de legendarische pianist Cecil Taylor eens maakt in een interview. Menselijke wezens maken deel uit van de natuur en zijn veel tijdelijker op deze wereld dan pakweg een berg. Dan zijn mensen "transitory poems". Tijdens hun concert in Boedapest brachten Iyer en Taborn muzikaal ode aan Taylor, die in 2018 overleed, met 'Luminous Brew'. Daarnaast speelden zij hommages voor de grote muzikanten Muhal Richard Abrams en Geri Allen, alsook voor de schilder en beeldhouwer Jack Whitten. Voor die laatste beitelden en beeldhouwden zij met een heel gericht toucher hun slagen op 'Sensorium'.

Opener 'Life Line' is met dertien minuten meteen het langste stuk op dit album. Het opent alsof het een modern ballet zou kunnen begeleiden, in een vertellijn met zowel vlotte, jazzy schwung als eloquente klassieke muziek. Behalve levendige fasen vind je er ook een van gas terugnemen, verstilling en tijd voor reflectie. De pianisten serveren elegante en sprankelende ideeën - om dat in het verdere verloop met toenemende kracht en grandeur te doen. 'Kairos' en 'S.H.A.R.D.S.', die uit kleine elementen vertrekken om zich de ene keer vrij heftig en de andere keer langer langzaam te ontwikkelen, illustreren hoe vernuftig het duo in het moment componeren. Na de uiteindelijke stroomversnelling op 'S.H.A.R.D.S.' gaat het op snel en meeslepend tempo verder in 'Shake Down'. Op 'Clear Monolith' voor Muhal Richard Abrams zoekt het duo pianistiek de superlatieven op. De gedeelde bewondering voerde hen live, en voert de luisteraar van deze cd, mee in een ode om U tegen te zeggen.

Daarop volgt die voor Cecil Taylor, die eerst traag - met een zekere subtiliteit, zeg maar - wordt geëerd door een contrastwerking tussen eenvoudige texturen, vooraleer 'Luminous Brew' in een mooie boog de noten in het rond laat vallen. Afsluiter 'Meshwork / Libation / When Kabuya Dances' gaat nog op snel elan verder om pas na straffe, hoogstaande toeren in een liefdevol slot te belanden en pakkend af te ronden.

Het gezegde wil dat mooie liedjes niet lang duren. Hier is geen sprake van liedjes, maar maken melodieën deel uit van imponerende werkstukken. Genre-etiketten schieten werkelijk tekort.

In de Jazztube zie je een gedeelte van het concert dat Craig Taborn en Vijay Iyer op 29 oktober 2016 gaven in het EMPAC in New York.

Labels: ,

(Danny De Bock, 5.6.19) - [print] - [naar boven]



Concert
Bravoure naast lyriek

Gilad Hekselman's ZuperOctave, vrijdag 24 mei 2019, Koorenhuis, Den Haag

Het concert van Gilad Hekselman is tot stand gekomen in samenwerking met ProJazz. Het optreden maakt deel uit van de serie 'ProJazz in het Koorenhuis'. Het Koorenhuis is een historisch Rijksmonument uit 1663. In het verleden een plek waar handel, kunst, cultuur en onderwijs gelijktijdig plaatsvonden. Momenteel biedt het Koorenhuis een breed palet aan lessen op het gebied van dans, muziek, theater en beeldende kunst. Ook vinden er uiteenlopende culturele evenementen plaats. De geïmproviseerde muziek wordt royaal geprogrammeerd.

De reputatie van Gilad Hekselman groeit gestaag. De Israëlische gitarist heeft in 2018 het gelauwerde album 'Ask For Chaos' uitgebracht. Uit deze sessies, bestaande uit twee verschillende trio's, is dusdanig goed materiaal te destilleren dat er nog een tweede album, 'Further Chaos', wordt uitgebracht. Een van deze trio's is ZuperOctave. Een basloze line-up met Aaron Parks op toetsen en Kush Abadey op drumkit. Met zijn groep ZuperOctave, ditmaal met de fabelachtige drummer Ferenc Németh en de verassende pianist Thomas Enhco, plukt Hekselman rijkelijk uit de ruif van bovengenoemde albums.

Het trio opent delicaat met het zeer invoelbare nummer 'It Will Be Better'. Hekselman heeft dit nummer geschreven uit bezorgdheid over de wereldse aangelegenheden ten tijde van de zwangerschap van zijn vrouw. De vederlichte aanslagen op zijn gitaar en de kristalheldere, open gitaarlijnen spreken boekdelen. Het tweede nummer maakt duidelijk dat het trio ook uit een ander vaatje kan tappen. Groovy, dynamisch en met gevoel voor rock wordt strak en repetitief gemusiceerd. Met een meesterlijk en meedogenloos drummende Németh.

'Do Re Mi Fa Sol' is een dromerige en lieflijke country-ballad, met subtiele aanrakingen van de snaren en een gefloten, laagdrempelig refrein. Hekselman verandert van sfeer in 'VBlues', waar zware keyboardklanken de opmaat vormen voor een roffelende riff, vingervlugge gitaarsolo's en effectvol geladen distortion.

Opmerkelijk is dat de gitarist de elegante verfijning kan inruilen voor ruige passages en bij sommige nummers zelfs het octaafpedaal hanteert om het gebrek aan een bassist te compenseren. Zo weet hij de solo op Fender Rhodes te voorzien van de broodnodige dynamiek.

Gilad Hekselman heeft de toekomst, zowel bij het spelen van krachtige climaxen als bij het creëren van zachte, lyrische passages. Een rijke, communicatieve en krachtige instelling. Geflankeerd door een uitstekende, grensverleggende drummer (grondlegger van een drumles-app) en een talentvolle, op klassiek en jazz, geörienteerde pianist.

Concertfoto's: Louis Obbens

Labels:

(Louis Obbens, 3.6.19) - [print] - [naar boven]



Concert / Vooruitblik
Woelige wereld van onbeperkte mogelijkheden

Ken Vandermark & Terrie Ex, maandag 27 mei 2019, Parazzar, Brugge / dinsdag 28 mei 2019, Onder Stroom, Antwerpen

Met drie concerten in Vlaanderen en vier in Nederland krijgen de Amerikaanse rietblazer Ken Vandermark en zijn Nederlandse kompaan gitarist Terrie Ex een week lang volop de kans om hun originele duo-interactie in real time te exploreren. Dat leverde in het Vlaamse luik dialogen op die uitblonken in grilligheid en spontaniteit.

Je zou kunnen zeggen dat de twee behoorlijk hermetische muziek maken, al is dat ook afhankelijk van hoe je het bekijkt. Sommige muziek is ook maar moeilijk omdat je er misschien weinig of nooit aan blootgesteld werd, want wie moeite doet en de oren spitst, die vindt onder de schijnbare fragmentatie een woelige wereld van onbeperkte mogelijkheden, bakken energie en een originele kijk op de dingen. Die wereld kreeg gestalte in een handvol korte sets in de Brugse Parazzar en de Antwerpse vrijhaven Onder Stroom, waar voor het eerst een concert plaatsvond in de Oorstof-reeks van Sound in Motion. Twee sterk verschillende locaties - de een een gezellige club met karakter, de ander met de (toepasselijke) flair van een havenloods – die elk het toneel vormden voor performances met maximale vrijheid.

Voor Hessels betekent dat heen en weer stuiteren met voortdurend verkrampende sprongen, fysiek en muzikaal. Dat eerste element alleen zorgt ervoor dat je hem nooit meer vergeet. Hessels botst onophoudelijk van hier naar daar, alsof opgeslorpt in een denkbeeldige dans, schudt het instrument hardhandig alsof er wat veel vuil aan hangt, schuurt het uiteinde over de grond, bestookt het met een drumstok, gaffertape of een glas, steekt het in een uit de kluiten gewassen plant en lijkt het voortdurend de nek te willen omwringen. De gitaarhals wordt bespeeld alsof het gaat om pianotoetsen, snaren worden losgetrokken, de gitaarbody getrakteerd op droge vuistslagen en ongeduldig geklop. Heel soms zijn er liefdevolle strelingen.

Het auditieve resultaat is al even buitenissig: Hessels' gitaar huilt en jankt, schreeuwt en bokt, knort en schuurt, brengt een delirische morsecode voort, vertelt een verhaal in horten en stoten, met korte, explosieve uitweidingen en soms ook minimalistische herhalingen. Hessels speelt gitaar zoals een klein kind een grote hond benadert: vrij van angst of conditionering, benieuwd naar wat voor hem ligt. Het is best mogelijk dat je iemand hoort verzuchten dat het tijd wordt dat hij eens gitaar begint te spelen, maar tegelijk is het ook een bevrijdende sensatie om hem aan het werk te zien. Zeker als hij ook nog eens geflankeerd wordt door zo'n Vandermark, wiens aanpak minder excentriek lijkt, maar ook uitblinkt in de kunst van de instant uitvinding.

Baritonsax, tenorsax en klarinet vormden deze keer de bestanddelen voor een cadans die hem voerde langs manisch pointillisme, ronkend stuntwerk, schrille texturen en kliederende abstractie, door bruuske intervalsprongen, circulaire ademhaling en extreme dynamiek al even onconventioneel als zijn partner, maar ook met een sterke empathie. Er was regelmatig maar een halve hint voor nodig om van maximale vrijheid op twee sporen om te schakelen naar een excentrieke Q & A of een gezamenlijke toevlucht tot haast gewelddadig repetitief geharrewar. Liet de eerste set in Brugge maximale vrijheid, dan was de tweede opgebouwd uit duidelijker afgelijnde stukken waarin de wederzijdse empathie met een knalrood uitroepteken in de kijker gezet werd.

De set in Antwerpen was er dan weer eentje van de langere beweging. Minder compact en hecht, maar even divers, en opnieuw voorbij voor de inspiratie uitgeput was. Mooie bonus was daar de bijdrage van Emma Fischer, die halverwege de performance naar een klaargezet canvas stapte en in zo'n tien minuten een schilderij maakte dat de ruwheid, speelsheid én kleurenweelde van de muziek spiegelde. Het werd nog maar eens duidelijk wat er mogelijk is als je vrije improvisatie niet als een genre, maar een vorm van expressie behandelt. Deze muziek was soms taai, dwars, regelmatig ontregeld en misschien een beetje lelijk, maar de verrassingen waar sommige artiesten een hele set voor moeten sleuren, die zaten er hier in van kop tot staart.

Concertfoto's: Geert Vandepoele / Deze recensie verscheen ook op Enola.be

Terrie Ex en Ken Vandermark zijn dit weekend te zien in Utrecht (TivoliVredenburg, zaterdag 1 juni) en Nijmegen (Thiemeloods, zondag 2 juni).

Labels:

(Guy Peters, 1.6.19) - [print] - [naar boven]



Nieuws
Edisons Jazz/World 2019


De winnaars Edison Jazz/World 2019 zijn bekend. Het Jazz Orchestra Of The Concertgebouw kreeg een Edison voor hun album 'Crossroads' en vocalist Sanne Rambags met haar trio Mudita voor het album 'Listen To The Sound Of The Forest'. Andere winnaars zijn Brad Mehldau (in de categorie Internationaal), Jacob Collier (Vocaal), Fatoumata Diawara (World) en Janelle Monáe (Soul, Funk, R&B). Wie uiteindelijk de Edison voor de Jazzism Publieksprijs krijgt maakt de Edison Stichting later bekend.

De prijzen worden uitgereikt op zondag 7 juli tijdens Edison Jazz/World, dat plaatsvindt bij het Rotterdamse jazzpodium LantarenVenster. Het concert en uitreiking is onderdeel van North Sea Round Town - het fringe festival van North Sea Jazz Festival, dat van 27 juni t/m 14 juli 2019 neerstrijkt in het Rotterdamse Ahoy. Welke winnaars die avond optreden naast oeuvreprijswinnares Angélique Kidjo wordt binnenkort bekendgemaakt.

De jury bestond dit jaar uit Michelle Kuypers, Angelique Houtveen, Co de Kloet, Cor Bakker, Paul Bruger, Mathijs de Groot en meestemmend voorzitter Imme Schade van Westrum.



Labels:

(Maarten van de Ven, 1.6.19) - [print] - [naar boven]



Concert
Tijdloze fusie van oost en west

Boi Akih & Zoumana Diarra, woensdag 29 mei 2019, Brouwerij Martinus, Groningen

Het nummer 'Mental Journey' was in feite emblematisch voor de werkwijze van Boi Akih. Niet alleen zwierven we hier door de mentale krochten van de groep, met een tropische storm die even snel ging liggen als hij was opgestoken, hier scatte vocaliste Monica Akihary bezielde westerse en oosterse elementen aan elkaar. Dat is de kern, fusie van deze werelden tot een tijdloos geheel.

Akihary probeert zo'n beetje in haar eentje de Molukse Harukutaal in leven te houden. In 1994 kwam ze voor het eerst met haar ouders in het eilandenrijk van haar voorvaderen en werd ze gegrepen door de snel verdwijnende culturele uitingen van de archipel. In het nummer 'Salo Au' hoorde je de Molukse tradities nog het meest onversneden doorklinken.

Elders was het mengproces met westerse improvisatiemuziek en het singer-songwriter genre in nieuwe stadia beland. Tot die westers invloeden moet zeker ook de flamenco gerekend worden. Zo hoorden we hoe de Spaanse gitaar van Niels Brouwer een gesprek aanging met een klein gamelan-carillon, zoals dat door de zangeres werd bespeeld. De toegevoegde loops met gefluit gaven de muziek een onwerkelijke sfeer.

De combinatie met de in Groningen woonachtige Malinees Zoumana Diarra (op zelfgebouwde kora's en een groot soort ngoni, voorloper van de banjo) paste in de traditie van Boi Akih om regelmatig muzikanten uit India of de Amsterdamse impro-scene uit te nodigen. Met Brouwer construeerde Diarra een fraai ruisend snarenwoud in 'Japaia’A'. Ook in 'Au Pawahé' viel het smetteloze samenspel van de snaarmuzikanten op, alsof ze al van kinds af aan met elkaar hadden gespeeld. (In feite herontdekte Akihary de Afrikaanse multi-instrumentalist afgelopen december.)

Soms leken de basklanken van de kora van ergens ver weg uit een diep grottenstelsel te komen. Zaten we in 'It' van Stephen King niet ergens in zo'n gigantische onaardse onderaardse ruimte? Nou, daar vandaan dus. Met kippenvel.

Klik hier voor foto's van dit concert door Willem Schwertmann.

Labels:

(Eddy Determeyer, 31.5.19) - [print] - [naar boven]



Cd's
Christian Lillingers Grund - 'COR' (Plaist, 2018)

Christian Lillinger - 'Open Form For Society' (Plaist, 2019)
Opname: 30 juli - 2 augustus 2018
Dell/Brecht/Lilinger/Westergaard - 'Boulez Materialsm - Live In Concert' (Plaist, 2018)
Opname: januari 2017

Drummer Christian Lillinger is de status van debutant inmiddels al ruimschoots ontgroeid. Zijn discografie is in de afgelopen tien jaar gestaag gegroeid en we horen hem terug te midden van de grote namen van de hedendaagse, meest Duitse jazz: Simon Nabatov, Achim Kaufmann, Robert Landferman, Axel Dörner, om er slechts enkele te noemen. Vorig jaar en dit jaar voegde hij daar weer een paar opmerkelijke albums aan toe: een met een septet en een met een nonet. En verder horen we Lillinger terug in een kwartet van vibrafonist Christopher Dell.

'COR', van Christian Lillingers Grund, dateert al weer van ruim een jaar geleden, maar past te mooi in dit rijtje om te laten passeren. Met twee bassisten, Lillinger als drummer en schrijver van alle stukken, vibrafoon, piano en twee rietblazers vormen ze samen het septet. Het is in het titelstuk direct de inzet van de bassen, Robert Landfermann en Jonas Westergaard - beiden komen we regelmatig tegen in gezelschap van Lillinger - die opvalt. Zwaar en nadrukkelijk, Lillingers drums, Achim Kaufmanns piano en op de achtergrond Christopher Dells vibrafoon voegen zich hierbij in een onregelmatige ritmische structuur, de blazers - Tobias Delius en Pierre Borel - vrijspelend. 'Hiatus' begint met een prachtige combinatie van piano en bas, gerommel in de marge. Gaandeweg voegen zich hier andere instrumenten bij, maar het experiment blijft in dit stuk voorop staan. Bijzonder is de typische Kaufmann-solo met een waar spervuur aan pianonoten.

Met 'Welt Am Draht (LNCH)' verwijst Lilinger natuurlijk naar de sciencefiction tv-film die Reiner Werner Fassbinder in de jaren 70 maakte. De muziek past er prima bij, met zijn onheilspellende filmische karakter en een grote rol voor Dell en Kaufmann op Fender Rhodes, maar ook voor Lillinger zelf, die hier zijn bekkens bewerkt met de strijkstok. Het zeer ritmische 'Carotis' geeft ons een goed beeld van Lillingers kwaliteiten als divers slagwerker. Verder horen we hier Delius in een mooie, intieme solo en kleurrijk spel van Dell, met de drummer op de achtergrond. Ook 'Plastik' is het vermelden waard en dan met name door het slow-motion spel van Lillinger, waar Delius met zijn klarinet op verrassende wijze doorheen priemt, onverwacht wonderlijke klanken producerend.

Op 'Open Form For Society' pakt Lillinger nog grootser uit. Een nonet met drie pianisten: Antonis Anissegos, Kaja Draksler en Elias Stemeseder, die ook de synthesizer bespeelt, twee vibrafonisten - Christopher Dell en Roland Neffe, cellist Lucy Railton en wederom twee bassisten - Petter Eldh en Landfermann. Voorwaar wederom een imposant gezelschap. Bijna als vanzelfsprekend begint dit album met 'Piece For Up & Grand Piano And Ringmodulator', waarin we Anissegos, respectievelijk Draksler horen. Naadloos gaat het over in het ritmisch stromende 'Aorta'. Die dominantie van de piano blijft groot, overigens prachtig passend bij de vibrafoon en de marimba, zoals in 'Thür'. Meer dan 'COR' is dit 'Open Form For Society' een album waarin de nummers een onderlinge samenhang vertonen. Het is dan ook geen toeval dat ze op de achterzijde in groepen geclusterd staan, gevolgd door een vijftal 'Excerpts Of Open Form For Society (Improvisations)'. Een hoogtepunt is overigens het overdonderende 'Laktat', met zijn ritmische notenclusters op de piano's, gevolgd door het al even ritmische 'Mocking', maar dan wel in een veel trager tempo. Bijzonder is ook het vreemd ritmische 'Triangular', met een hoofdrol voor Stemeseder op synthesizer.

Met het kwartet van Christopher Dell, Johannes Brecht, Christian Lillinger en Jonas Westergaard, afgekort tot DBLW, betreden we een iets andere wereld. Het is met name Brecht die hier met zijn live elektronica een stempel drukt en zorgt voor atmosferische storingen. Dell, Lillinger en Westergaard creëren aansluitend, in het half uur dat dit album duurt, met hun akoestische instrumenten bijpassende klanksculpturen, eerder dan melodieën of ritmische structuren. De titel 'Boulez Materialism' is wat dat betreft goed gekozen, want net als deze stamvader van het serialisme, is ook dit kwartet vooral geïnteresseerd in het wezen van de klank.

Labels:

(Ben Taffijn, 29.5.19) - [print] - [naar boven]


Lees verder in het archief...






Menupagina's:

Redactieadres:

Hoekstraat 1 B17
3910 Neerpelt
België
(0032) 11747180
(0032) 498788554

Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken?
Mail de redactie.