Draai om je oren
Jazz en meer - Weblog





 


Concert
Nieuw meesterwerk van Gustafsson

NU Ensemble, woensdag 23 november 2016, DE Studio, Antwerpen

Saxofonist en componist Mats Gustafsson begon in 1997 met het NU Ensemble. Een ensemble dat per editie opnieuw wordt samengesteld en dus ook iedere keer uit andere musici bestaat. Op 23 november ging, met helaas wel heel erg weinig publiek, de achtste editie in première. Onder de titel 'Hidros 8 – Heal' voegt Gustafsson wederom een meesterwerk toe aan de lange reeks composities. Deze achtste 'Hidros' – alle stukken van het NU Ensemble dragen die titel - heeft een boodschap ...en niet zomaar één. In Gustafssons eigen woorden: "It's an attempt to rise and find the questions about the state of things of the moment. There is an extreme unbalance on local and global layers at the moment — from ideological, economical, cultural and political perspectives - and we need an equilibrium of some sorts very soon... Only the next generation can tell. Therefor this piece is dedicated to my 9 year old daughter Leah."

Het stuk voor negen musici begint dan ook in stijl met een verontrustende spanning, vormgegeven door de twee slagwerkers, Ivar Loe Bjørnstad en Gert-Jan Prins, die de geblesseerde Paal Nilssen-Love vervangt, en hun bekkens en de door lp's voortgebrachte ruis van Dieb13. Langzaam maar zeker worden we als luisteraars door de aanzwellende klanken het stuk ingezogen. Gustafsson maakt zijn punt en weet de onrust prima te verklanken middels deze muzikale maalstroom. Een korte, unisono geblazen melodie door Gustafsson, Högberg, Santos Silva en Holmlander voor de sfeer omslaat en de twee slagwerkers met bassist Massimo Pupillo een snoeihard ritme erin gooien. Gaandeweg voegen de blazers zich erbij en ontstaat er een heuse storm. Tot het geweld stilvalt en we louter nog een gekwelde Susana Santos Silva op trompet horen, raspend en kermend.

Het daaropvolgende duet van Gustafsson op baritonsax en Per Åke Holmlander op tuba is van hoog niveau. Gustafsson perst ploppend en snerpend een serie ondefinieerbare geluiden uit zijn instrument, terwijl Holmlander een donker decor vormt. Een bizarre dialoog. En dan volgt andermaal een moment waarop het orkest zich weer naar een nieuwe climax spoedt, waarin dit keer de psychedelisch aandoende gitaarsolo van Hedvig Mollestad opvalt. Als de rust ook nu weer terugkeert, is het voor een bijzondere en ook onverwachte episode. Christof Kurzmann leest/zingt een vrij lange, ietwat dadaïstische tekst voor, een soort van gedicht, waarin onder andere de zinnen 'why I am', 'why I ask' en 'why I heal' te beluisteren zijn, waarbij Kurzmann ook nog eens regelmatig de woorden onderling verwisselt. Het geheel eindigt in een adembenemende solo van altsaxofoniste Anna Högberg, gesteund door de platenruis van Dieb13.

Het einde is eveneens van grote klasse. Het is hier wederom Anna Högberg met een kristalheldere saxsolo, een prachtige melodie blazend te midden van de muzikale chaos. Dit is de hoop die Gustafsson ziet. De melodie is als een feniks herrijzend uit zijn as.

Concertfoto's: Jef Vandebroek

Labels:

(Ben Taffijn, 9.12.16) - [print] - [naar boven]



Cd
Arne Jansen – 'Nine Firmaments' (Traumton, 2016)


De albumtitel 'Nine Firmaments' refereert aan een tentoonstelling van lijnkunstenaar Timo Nasseri, die ook de cover art van de onderhavige cd verzorgde. Het betreft inderdaad Muziek der Spheren – en van de sfeertjes.

Met bijvoorbeeld Bill Frisell heeft de Duitse gitarist Arne Jansen een hang naar helderheid en schoonheid gemeen. De klare lijn. Zijn kristallen toon fonkelt in 'Ahead Of Us (Down The Hillside)' en samen met de gestreken bas van Robert Lucaciu zorgt zijn van veel sustain voorziene gitaar voor een mysterieus sfeertje in 'It’s Always Night'. Het samenspel van de gitarist en de bassist is voorbeeldig, maar het is goed dat drummer Eric Schaefer met zijn alerte en onstuimige aanpak weerwerk biedt. Die geeft dynamiek en kleur aan 'Here We Go' en in 'Deep Wood' is hij het die voor de broodnodige spanning met de snarenmeesters zorgt.

De stukken van Jansen lijken soms ontstaan uit gedachteloos gepingel en de wegdroommomenten zijn legio. Het zijn de onderlinge feedback en de chemie tussen de muzikanten die deze muziek overeind houden.

Klik hier om te luisteren naar een track van dit album: 'Here We Go'.

Labels:

(Eddy Determeyer, 8.12.16) - [print] - [naar boven]



Concert
Jazz van de hoogste orde

Aziza - Holland / Potter / Loueke / Harland, vrijdag 18 november 2016, Bimhuis, Amsterdam

Een nieuwe groep onder bezielend leiderschap van Dave Holland doet direct de oren spitsen. De bassist en éminence grise van de moderne jazz debuteerde onder Miles Davis, als vervanger van Ron Carter. Decennialang heeft de Engelse bassist een rol van betekenis gespeeld binnen de jazzwereld. Het aantal projecten, concerten en bands is onmetelijk lang. Holland heeft gespeeld met de grootste namen uit de jazz en heeft deelgenomen aan vele legendarische opnamesessies. Het muzikale avontuur dat hij aangaat is altijd oorspronkelijk en van een smetteloze status.

Ondanks bovenstaande informatie is Aziza een volstrekt gelijkwaardige groep. De groep sluit haar tour van 2016 af in het jazzwalhalla. De muziek van Aziza ademt een natuurlijk groovende sfeer uit en dit gevoel wordt geaccentueerd door de rijke gedetailleerdheid, natuurlijke akoestiek en rustige balans van het Bimhuis-podium. De naam Aziza heeft als mythologische betekenis: 'het is een volk van feeën, dat voorkomt in Afrika. Ze leven in het woud en voorzien jagers van goede magie'. Deze naam zal ongetwijfeld zijn ingegeven door gitarist Loueke uit Benin, die - naast saxofonist Chris Potter en drummer Eric Harland - de illustere bezetting vormt van deze jazzsensatie. Het gelijknamig album 'Aziza' is dit jaar verschenen op Dave Hollands Dare2-label. Alle bandleden dragen hun compositorisch steentje bij, zowel tijdens het concert als op dit album.

In de live-uitvoering lopen de tracks op organische wijze in elkaar over en ontstaat er een natuurlijke jam vol spelvreugde. De knetterende opening onder aanvoering van Loueke is direct pakkend. Vanaf dat moment kan het niet meer misgaan. Effectvol, intuïtief en vol spanning baant en soleert Loueke zich een weg door de complexiteit aan maatsoorten in 'Aziza Dance'. Hij speelt zelfverzekerd en met een onderscheidend geluid. De Afrikaanse ziel is hierbij treffend en vanzelfsprekend aanwezig. De knisperende ondersteuning in de calypso 'Summer 15' onderstreept dat de gitarist nu definitief een stempel heeft gedrukt op de jazz. In dit stuk waait de sopraan- en tenorsaxofoon van Potter lichtgevend en sprankelend alle kanten op.

Het derde stuk, gedomineerd door Hollands contrabas, bewijst dat er ook met een meer vrije geest gespeeld kan worden. Door de toegenomen intensiteit van Potters saxofoonspel wordt de sfeer meer rafelig en dreigend van karakter. Bij de ballad 'Aquila' vormen warm, liefdevol en melancholisch het uitgangspunt. Maar verraderlijk zijn ook nu de catchy gitaarintermezzo's en de bezwerende saxofoonsolo's, gedrenkt in een oosterse melange. Als in een soundtrack van een duivelse roadmovie soleert Chris Potter intens en risicovol langs onmetelijke afgronden, onder de oerkracht van het rockritme.

De vier individueel uitblinkende muzikanten maken collectief de avond gespierd en gloeiend van karakter. Extravert, soulvol en afwisselend door de veelheid aan ritmische variaties en levendige beats. Gedragen door een geweldig ritmesectie. Door hun immense en technische expertise blijkt revitalisering van de jazz en vernieuwingsdrang hand in hand te kunnen gaan. Aziza ademt magie.

Klik hier voor foto's van dit concert door Louis Obbens.

Labels:

(Louis Obbens, 6.12.16) - [print] - [naar boven]



Vooruitblik
Wilbert de Joode ontvangt Buma Boy Edgar Prijs


Op 24 juni van dit jaar werd bekendgemaakt dat bassist Wilbert de Joode dit jaar de Buma Boy Edgar Prijs in ontvangst mag nemen. Nu, een half jaar later is het eindelijk zover. Aanstaande woensdag, 7 december, neemt De Joode de prijs officieel in ontvangst in het Bimhuis en trakteert hij ons op een bijzondere avond vol muziek.

Wilbert de Joode is als musicus en inspirator niet meer weg te denken uit de internationale geïmproviseerde muziek en heeft een grote stempel gedrukt op de Nederlandse jazz en geïmproviseerde muziek. Hij maakt deel uit van bekende Nederlandse improvisatiegroepen als het Ab Baars Trio, Eric Boeren 4tet, Trio Braam/DeJoodeVatcher en de ensembles van Ig Henneman. Hij speelde met prominente buitenlandse musici, waaronder Hamid Drake, Charles Gayle, William Parker, Ken Vandermark en Alexander von Schlippenbach. Naast musici werkte hij ook samen met dansers en beeldend kunstenaars, onder wie de Amerikaanse danser Michael Schumacher. Tevens is Wilbert de Joode medeoprichter en lid van Doek, het collectief van toonaangevende Nederlandse improvisatoren en internationaal platform voor improvisatiemuziek.

Het programma op de 7e mag er zijn. Allereerst mogen we het fantastische trio Kaufmann/Gratkowski/De Joode verwelkomen, dat ons op zeer subtiele en ingetogen wijze mee zal nemen op hun betoverende tocht. Verder geeft het Ab Baars Trio (Baars/De Joode/Van Duynhoven) acte de présence, met als gast de Poolse pianiste Marta Warelis. Verder zijn Peter van Bergen, Tobias Delius, Ada Rave, Michael Vatcher en Onno Govaert uitgenodigd. Op verschillende momenten van de avond zullen al deze musici in uitzonderlijke combinaties op het podium staan, met drie drummers of vijf saxofonisten tegelijk. De avond wordt afgesloten met een stuk door alle musici samen.

De prijsuitreiking en de concerten zijn ook te volgen via een livestream van Bimhuis Radio.

Bekijk hier een interview met Wilbert de Joode in een Jazzportret van het Nederlands Jazz Archief.

Labels: , ,

(Ben Taffijn, 6.12.16) - [print] - [naar boven]



Cd / Vooruitblik
Nate Wooley - 'Argonautica' (Firehouse 12, 2016)

Opname: 9 december 2014

De Amerikaanse musicus Nate Wooley heeft in de afgelopen 15 jaar - in 2001 verhuisde hij van Oregon naar New York - naam gemaakt als een van de meest bijzondere trompettisten van dit moment. Zijn lijstje met samenwerkingspartners is lang en indrukwekkend. Om een paar voorbeelden te geven: John Zorn, Anthony Braxton, Ken Vandermark, Fred Frith, Evan Parker, Chris Corsano, Peter Evans, Mary Halvorson en Mats Gustafsson. Ook in onze contreien is Wooley al geen onbekende meer. Zo maakt hij deel uit van The Bureau Of Atomic Tourism van Teun Verbruggen en werkt hij regelmatig samen met Jozef Dumoulin.

Wat Wooley zo bijzonder maakt is zijn trompetspel, waarbij hij de grenzen van zijn instrument steeds verder lijkt op te rekken. Wat deze man met zijn instrument kan, grenst aan het ongelofelijke. Zoals ook weer te horen is op 'Argonautica', al horen we hier Wooley ook van zijn lyrische kant.

'Argonautica' verwijst natuurlijk naar de Griekse mythe van Jason die met een groep vrijwilligers, de Argonauten, het Gulden Vlies moet halen om de rechtmatige troon te krijgen. Net als Jason maakt Wooley hier een reis, maar dan een muzikale. Met zes man zijn ze, in feite een dubbel trio. Twee trompettisten, met naast Wooley Ron Miles, twee slagwerkers, Devin Gray en Rudy Royston, en twee toetsenisten, Cory Smythe op piano en de hierboven reeds genoemde Dumoulin op Fender Rhodes.

'Argonautica' is niet alleen de naam van het album, maar ook van het enige nummer. Het stuk begint, hoe kan het ook anders, met een trompetsolo, lyrisch en energiek, bescheiden begeleid. Onder leiding van de twee slagwerkers zwelt de muziek echter aan en raakt de lyriek buiten beeld. Ogenschijnlijk chaotische momenten en meer ritmische lossen elkaar af met als constante de vlijmscherpe, heldere klank van de trompet.

En dan, we zijn een minuut of tien op dreef, horen we waar Wooley zijn faam aan dankt. Zijn trompet schuurt, knispert en kraakt. Het klinkt het ene moment als noise en het andere als een politiefluitje, klinkt kortom allesbehalve als een trompet. Halverwege het stuk zit zo'n zelfde scène, nu vergezeld van de onheilspellende klanken van Dumoulin's Fender Rhodes.

Tegen het einde gooit Dumoulin er onverwachts weer het ritme in, Smythe en de twee slagwerkers vallen bij en creëren een deinende cadans. Het signaal voor de beide blazers om de lyriek weer terug te brengen. Met elkaar tillen ze het stuk tot grote hoogte. Het lijkt het einde, maar schijn bedriegt. Geleidelijk neemt men weer afscheid van de lyriek en van het ritme om via lange ijle lijnen, vergezeld van rommelig aandoend slagwerk, de reis langzaam maar zeker te beëindigen. Missie volbracht.

Nate Wooley treedt deze week op in Nederland met zijn kwintet, bestaande uit Josh Sinton (basklarinet), Matt Moran (vibrafoon), Eivind Opsvik (contrabas) en Harris Eisenstadt (drums). Morgenavond, 6 december, spelen ze in De Pletterij (Haarlem), op donderdag 8 december staan ze in het Bimhuis (Amsterdam) en op vrijdag 9 december doen ze TivoliVredenburg (Utrecht) aan. Bijzonder is dat Wooley in Amsterdam en Utrecht de muziek van Wyton Marsalis speelt!

Labels: ,

(Ben Taffijn, 5.12.16) - [print] - [naar boven]



Festival
De stand van zaken

Jazz & Art Festival met o.a. Ben van Gelder, Mete Erker, Reinier Baas, Leo Grimaudo & Renger Koning, vrijdag 25 november 2016, Der Aa Theater, Groningen

Een bezoeker sprak er zijn teleurstelling over uit, dat '40 Jaar Jazz in Groningen' niet een mooi overzicht van die vier decennia had gegeven. Van dat je Roel Hemmes weer een saxofoon in de hand drukt en hem op het hart drukt dat hij maar eens twee weken noest noten moet kraken. Ja, en dan gelijk ook nog Arnett Cobb in De Spieghel en Sun Ra in Vera, vanzelfsprekend.

De jubilerende stichting heeft het anders aangepakt. Samen met jazzhol Atelier Il Sole in Cantina, dat sinds een paar seizoenen de meest extreme impro programmeert, stelde ze een programma samen dat de stand van zaken toonde. Eerst een concours voor jonge bands, die om de Cantina Music Award streden, gevolgd door optredens van jonge jazzcoryfeeën met danseressen, performers, vocalisten, visuals en elektronica. Dat alles in een voor de jazz nieuw, maar perfect passend theatertje. In de Grunneger Sproak hadden sinds de jaren twintig streektaaltoneel, (volks)dansles en schoolfeesten een pied-à-terre. Het verlichte bordje met 'UUT' boven de klapdeuren herinnert nog aan die geschiedenis. Tegenwoordig heet het Der Aa Theater. De zaal is grondig gewit – dat is even slikken: nu duurt het vast twee-, driehonderd jaar eer asem en uitwaseming van de bezoekers weer zo'n vertrouwd geelbruin patina hebben afgezet.

De combinatie jazz-dans is tricky. Hoewel jazz aanvankelijk puur dansmuziek was, verdween die intrinsieke samenhang progressief met de opkomst van successievelijk bebop, rock-'n-roll en beatmuziek. De drie danseressen van de plaatselijke Club Guy & Roni wrongen zich letterlijk in alle bochten tijdens Mete Erkers vertolking van 'Ida Lupino'. Drie andere performers beeldden, begeleid door gitarist Leonardo Grimaudo, standbeelden uit in uiteenlopende stadia van verstening, doch vervuld van onpeilbare driften. Tijdens een door Mirjam de Bora gezongen bossanova, 'Retrato Em Branco E Preto', waar je soepele en sensuele dans bij zou verwachten, waren de bijgeleverde bewegingen hoekig, scherp en glashard.

Voor wie al deze vrije expressie te vrijblijvend was, of een te grote aanslag op de zinnen, was er de pure muziek. Zoals de 'Supercollider', waarin Reinier Baas zijn gitaar liet versmelten met de elektronica van Grimaudo. Successievelijk voegden saxofonisten Mete Erker en Ben van Gelder zich in deze mêlee en uit hun gezamenlijke improvisatie werden machtige orgeltonen geboren.

Aangevuld met het computergeluid van Renger Koning creëerden Erker, Van Gelder en Baas een mooi organisch soort hedendaagse dansmuziek - waar dan weer niet op werd gedanst. De gitaar van Leo Grimaudo stuurde de visuals van Sophie Spendel aan in 'People Are In The Streets', een grafisch genoteerde compositie van Baas. Het spannendst vond ik de improvisaties van die laatste op zijn eigen samples, die door Koning vervaardigd waren en gemanipuleerd werden. Volledig onvoorbereid, maar zeer effectief.

Een goed gericht startschot voor de komende veertig.

Klik hier voor foto's van het Jazz & Art Festival door Willem Schwertmann.

Labels:

(Eddy Determeyer, 5.12.16) - [print] - [naar boven]



Vooruitblik / Jazztube
Stranger Than Paranoia


Saxofonist Paul van Kemenade organiseert dit jaar voor de vierentwintigste keer zijn festival Stranger than Paranoia met vier avonden in Paradox, Tilburg en één avond in Brebl, Nijmegen. Ook dit jaar serveert Van Kemenade ons weer een rijke dis, met voor iedere fijnproever wel iets naar zijn of haar gading. Want zoals de traditie bepaalt is de grote diversiteit aan muzikale stijlen die Van Kemenade presenteert opvallend.

Het begint allemaal op vrijdagavond 23 december in Paradox met een duo-optreden van Van Kemenade met pianist Jasper van 't Hof. Het zal meteen een van de hoogtepunten gaan worden van deze dagen. Met het kwartet Deurloo - Frerichs - Brinkmann – Sartorius en een bijdrage van Marciano Madretsma alias Sniggy toont Van Kemenade reeds op die eerste avond zijn diversiteit. Speelt bij het kwartet de traditie, ook van niet-westerse muziek een grote rol, Sniggy's muziek is juist uiterst vernieuwend.

Op kerstavond is het de beurt aan Brebl, met naast Sniggy het sextet Reeds & Deeds, dat een hommage brengt aan de excentrieke rietblazer Rahsaan Roland Kirk, en met het legendarische Podium Trio, met Van Kemenade, Wolter Wierbos en Jan Kuiper.

Hetzelfde Reeds & Deeds-sextet is ook te beluisteren op 27 december in Paradox. Verder horen we op die avond de Belgische bigband Flat Earth Society met hun grenzeloos creatieve combi van circus, ballroommuziek, theater, cabaret en bigbandjazz, en het Noorse pianotrio van Espen Eriksen.

De 28ste brengt ons allereerst het duo Krzysztof Kobylinski (piano) en Reut Rivka (zang) met een poëtisch programma op het scherpst van de snede. Aansluitend is het podium voor Csókolom, met ingenieuze bewerkingen van traditionele Transsylvanische, Roemeense, Servo-Kroatische en Sinti-Roma volksmuziek doorspekt met Cubaanse claves en Franse gipsy swing. Dat zal swingen en hetzelfde zal zeker ook gaan gelden voor de band van Myles Sanko, die teruggrijpt op de vroege soul en funk.

Op donderdag 29 december treffen we twee meer experimentele acts aan in Paradox. Allereerst is daar Knalpot, het vehikel van gitarist Raphael Vanoli en drummer Gerrie Jäger, die ook allebei raad weten met de mogelijkheden van elektronica. Te gast is Jozef Dumoulin die ook hier zijn Fender Rhodes vervaarlijk zal laten janken. En dan het Belgische LABtrio, bestaande uit pianist Bram De Looze, bassist Anneleen Boehme en drummer Lander Gyselinck, een van de beste acts bij onze zuiderburen op dit moment. En dat wil wat zeggen. En ook nu zal Myles Sanko aantreden om het festival ongetwijfeld feestelijk af te sluiten.

Volop prachtige muziek dus weer tijdens deze 24ste editie. Kom dus vooral een avond naar Tilburg.

In de Jazztube hierboven zie en hoor je Knalpot live aan het werk in de Brakke Grond, Amsterdam, op 30 maart 2012 .

Labels: , , ,

(Ben Taffijn, 3.12.16) - [print] - [naar boven]



Jazzradio
Jazz Rules #103-104


In Jazz Rules #103 ontvangt Dirk Roels pianist Ewout Pierreux. Onlangs toerde Pierreux samen met de Zuid-Afrikaanse trompettist Marcus Wyatt door het land. Het kwintet heeft plannen om een plaat op te nemen. Daarnaast heeft Ewout het ook over de samenwerking met zijn vrouw, zangeres Tutu Puoane. Begin volgend jaar gaan ze op tournee met hun Joni Mitchell-project. Ook twee andere bands van de pianist, Rebirth::Collective en het Bart Defoort Quintet, komen aan bod. Ewout stelt ook een paar van zijn favoriete jazzplaten voor.

Nieuwe muziek is er van Mephiti, de band van saxofonist Erik Bogaerts. Mephiti start binnenkort een mini-tournee met JazzLab Series. De Nederlandse trompettist Rob Bruynen heeft een nieuw album uit, met daarop onder anderen bassist Jos Machtel en drummer Matthias De Waele. En er is de all-star band van gitarist Wolfgang Muthspiel, met daarin Ambrose Akinmusire, Brad Mehldau, Larry Grenadier en Brian Blade!

Klik hier om Jazz Rules #103 te beluisteren.

Saxofonist, fluitist en muzikale duizendpoot Bruno Vansina speelt bij onder meer Flat Earth Society, Rebirth::Collective en hij heeft ook zijn eigen kwartet, tentet en Orchestra. Vansina maakte de kindervoorstelling 'Maité, het meisje en de vogel'. In de studio vertelt hij over zijn verschillende projecten en Bruno laat je een paar verrassende platen horen.

Op Kerstdag is er opnieuw de Belgian Jazz Rules top 15 van het jaar. Die wordt deze keer samengesteld door de luisteraars van Jazz Rules. Mail je favoriete vijf Belgische jazzalbums van 2016 in volgorde naar jazzrules@urgent.fm en maak kans op fijne prijzen!

Dirk draait ook livemuziek van de Amerikaanse pianist Fred Hersch. Hij komt binnenkort naar België. Verder muziek van het Robin Verheyen New York Quartet en een oude liveopname van altsaxofonist Cannonball Adderley, live in het Concertgebouw in Amsterdam in 1960. Een jaar eerder al speelde Cannonball mee op 'Kind Of Blue', het meesterwerk van Miles.

Klik hier om Jazz Rules #104 te beluisteren.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 30.11.16) - [print] - [naar boven]



Concert
De kunst van de onthaasting

Jakob Bro Trio, woensdag 16 november 2016, Paradox, Tilburg

Met licht dedain vertelde de overigens sympathieke Julian Lage vorige week dat hij voor de eerste keer in zijn leven in Tilburg is neergestreken. Maar ondanks de imposante lijst van prominente jazzartiesten die Paradox de laatste jaren heeft bereikt, knijpt menig jazzliefhebber nog steeds zijn handen dicht bij het zien van welke gerenommeerde artiesten maandelijks op het affiche prijken. Dit keer valt de eer ten deel aan het gitaarfenomeen Jakob Bro. De Deen suggereert in het begeleidende praatje tijdens zijn optreden dat programmeur Bartho van Straaten mede heeft gezorgd voor zijn doorbraak in Nederland. Het nieuwe album 'Streams' is zeer goed ontvangen. Een ideale samenstelling met Thomas Morgan op de contrabas en de legendarische Joey Baron op de drumkit.

Jakob Bro, geboren in 1978, heeft in Europa en daarbuiten aan diverse muziekscholen gestudeerd. Hij is een voormalig lid van de legendarische Paul Motian Electric Bebop Band en speelt in het Tomasz Stanko Quintet, maar ook in een toenemend aantal muzikale projecten als leider. Niet de minsten maken deel uit van zijn albums: Lee Konitz, Bill Frisell, Paul Motian, Kenny Wheeler en Paul Bley.

Bro is geen gitarist van het grote gebaar. Hij is met dit uitgebalanceerde trio geduldig en genuanceerd op zoek naar klankkleuren. Hoewel de nadruk op de muziek van zijn laatste album ligt, schuwt de gitarist niet ouder materiaal te spelen. Verstild zoekt Bro zijn weg in de eerste, abstracte compositie. De rustgevende muziek wordt op ingenieuze wijze voorzien van loopings. Ook wordt de bottleneck over de pink geschoven en ontstaat een ragfijn geweven muzikaal tapijt. In het vervolg van de eerste set en vooral na de pauze schuift iedereen langzaam naar het puntje van de stoel.

Bro legt twinkelende, reflecterende en onderdrukte emoties aan de dag. De klanknuances verschuiven in geringe mate, maar zijn opvallend genoeg zeer effectief. De zeer muzikale, ritmische omlijsting van meesterdrummer Joey Baron en contrabassist Thomas Morgan spreekt boekdelen. Met eigenzinnige, subtiele ritmes en soms weerbarstig drumwerk speelt Baron wonderbaarlijk met de materie. Het volle geluid van Thomas Morgan wordt niet alleen ter ondersteuning ingezet. Zijn muzikale omlijstingen op de contrabas zijn vaak een vertrekpunt of een intermezzo voor het verhalende gitaarspel van Bro.

De Nordic sound gekoppeld aan een Amerikaanse ritmesectie gedijt opzienbarend goed. Het is niet alleen lyrische melancholie, zoals bij 'Heroines', waarin kleine nuances in de toon en timing het karakter van de muziek vormgeven. De composities 'Full Moon Europa' en 'Sisimiut' zijn vrijer in hun muzikale structuur en opvatting. Macabere thema's doemen op en de algehele sfeer is fel en spannend tot op het bot. De vervormingen op gitaar zijn furieus. Ze ontstijgen de eerder gespeelde wijdse en romantische passages en dragen bij aan het donkere en opzwepende karakter.

De toegift is er een van het ongebruikelijke soort. Maar in de klassieker 'Love Me Tender' keert de tederheid terug in het spel van Bro. Onvergetelijk!

Klik hier voor foto's van dit concert door Louis Obbens.

Labels:

(Louis Obbens, 29.11.16) - [print] - [naar boven]



Cd
Harold López-Nussa – 'El Viaje' (Mack Avenue, 2016)


Het komt niet zo vaak voor dat je al na de eerste noten van een album weet: dit deugt. U begrijpt, dat is bij 'El Viaje' van de Cubaanse pianist Harold López-Nussa het geval. Hij is een klavierleeuw, in wiens spel de hele geschiedenis van de populaire dansmuziek van Havanna besloten ligt. En vergis u niet: die wortels van de Cubaanse dansmuziek gaan nog heel wat dieper dan die van de jazz en de blues.

López-Nussa is overigens ook wel degelijk een jazzman, zoals hij in 'Inspiración En Connecticut' laat horen. Hier is hij een ridder zonder vrees of blaam, die zijn rijdier met vaste hand door de bossen en beken van Connecticut laat draven. In het nummer 'Feria' mondt zijn improvisatie bovendien rimpelloos uit in Thelonious Monks 'Evidence' (oftewel: zie je wel). De pianist kan ook introvert te werk gaan, zoals 'Lobo’s Cha' aantoont. Maar die introspectie heeft niets weeks, eerder iets van trots.

In 'Africa' is López-Nussa dan weer een wildeman die zich op speed door oeroude oerwouden slingert. Maar zijn kracht wordt altijd in toom gehouden door zijn gevoel voor stijl en elegantie.

Het met pianotoetsen beladen bootje op de cover staat wellicht symbool voor de tocht (El Viaje) van Afrika via Saint-Domengue naar Cuba – en van Cuba naar de Verenigde Staten. Afrikaans klinken ook de diepe gezangen van bassist Alune Wade en die van het coro. 'El Viaje' slaat bruggen.

Bekijk hier een albumteaser.

Labels:

(Eddy Determeyer, 29.11.16) - [print] - [naar boven]



Concert
Op tafel, op schoot, op stoom

Greenfield Experience, dinsdag 15 november 2016, De Smederij, Groningen

Met het eerste nummer, Arnett Cobbs blues 'Very Saxy', sloeg tenorist Rinus Groeneveld al meteen een piketpaaltje. Zijn recital in De Smederij zou zich uitstrekken van Cobb tot Coltrane. Uit welk hout hij is gesneden wisten we al van zijn eerdere optredens in Groningen, lang, lang geleden. Met het Amsterdams Tenoren Onderzoek, de Versatile Five en eerdere edities van zijn Greenfield Experience.

Het weerzien met de Amsterdamse saxofonist (voor velen was het een eerste kennismaking!) was allerhartelijkst. Nog altijd die spijkerharde, gezandstraalde sound. Piepknor is niet aan Groeneveld besteed: het eerlijke, tijdloze, bluesy scheurwerk, daar draait het om. Plus de bezielde ballads, uiteraard. Alsof je zó een 1959 Prestige-opnamesessie binnenloopt. Bassist Cees van der Laarse wees erop: ook de eigen stukken van de groepsleden passen zó goed in het idioom, dat je ze voor halfvergeten evergreens zou kunnen houden.

Pianist Cajan Wittmer fungeert vaak als groovemeister en probeer drummer Steve Altenberg maar eens uit zo'n oerdegelijke boogaloobeat te krijgen. Met Van der Laarse is het nog treuriger gesteld: diens vette basisnoten zitten zo stevig tegen de solisten geplakt, je zou hier een degelijke koevoet nodig hebben om ze los te wrikken. Op gezette tijden laat hij zo'n noot soepel naar boven of beneden swingen, om een harmonische wending te markeren.

Ondertussen vergeet Groeneveld niet dat dit soort souljazz puur entertainment is. En zo banjert hij door het publiek, beklimt een tafel voor een gloedvolle solo en neemt hij al honkend plaats op een gastvrije damesschoot.

Het tempo van de Experience kan variëren van uiterst relaxt, waarbij je tussen twee beats bijna genoeg tijd hebt voor een opkomende verliefdheid en het daarop aansluitende huwelijksaanzoek, tot een striemende hagelbui, een exercitie op het terrein van Trane. Die dan ook nog eens wordt afgerond met een growl à la Joe Houston.

Aanzienlijk losser van knoken en geest togen we huiswaarts.

Concertfoto's: Rianne Westerveen

Labels:

(Eddy Determeyer, 29.11.16) - [print] - [naar boven]





Concert
De wonderlijke wereld van Kaja Draksler

Kaja Draksler Octet, donderdag 17 november 2016, Jazzcase, Dommelhof, Neerpelt

Het Kaja Draksler Octet trad vorig jaar mei voor het eerst op in het Amsterdamse Bimhuis en viel toen reeds op door de bijzonder eigenzinnige kijk die bandleider, pianiste en componiste Kaja Draksler heeft op muziek. Muziek ja, want de term jazz is voor deze dame eenvoudigweg veel te beperkt. Draksler combineert haar jazz immers met groot gemak met hedendaags gecomponeerde muziek, folk, voorgedragen poëzie en theatrale elementen. Debet daaraan is de toch wel bijzondere samenstelling van deze groep, waarin de typische jazzinstrumentatie samenvalt met die van de wereld van het hedendaags gecomponeerd.

De twee blazers Ab Baars en Ada Rave bespelen zowel klarinet als saxofoon, drummer Onno Govaert heeft naast een drumstel ook de beschikking over pauken, een grote trom en een klokkenspel en er wordt gewerkt met twee zangeressen, klassiek geschoold. Optreden met een octet is echter allesbehalve eenvoudig en dus was het de afgelopen maanden stil. Daar bracht een residentie afgelopen week bij JazzCase in Neerpelt echter verandering in. Twee dagen kon het octet onbeperkt samenspelen en was er de gelegenheid om het corpus aan stukken, die ook gespeeld werden in mei van dit jaar, verder aan te scherpen. Het resulteerde allemaal in een concert waarvan de opnames volgend jaar maart verschijnen bij het Portugese kwaliteitslabel Clean Feed.

In de recensie naar aanleiding van het concert in het Bimhuis zijn een aantal nummers reeds uitvoerig besproken, dat hoeft dus niet opnieuw. Maar bij het teruglezen door ondergetekende vielen ook een paar omissies op. Zo kwam 'A Promise Is A Promise' op een tekst van de Griekse dichteres Adriana Minou niet aan bod. Minou schreef het stuk speciaal voor dit octet in tegenstelling tot de andere teksten die Draksler gebruikt en die gebaseerd zijn op bestaande gedichten. Het is een bijzonder leuke tekst, die vraagt om een ritmisch nummer. Dat krijgen we dan ook. Maar het leuke zit hem vooral in de samenzang tussen de twee zangeressen Björk Níelsdóttir en Laura Polence, die over elkaar heen buitelend de komische tekst zingen, met zinnen als : "I promise not to forget. I must remember not to forget." En hoe eindigt het? U raadt het vast al, juist: "I forget." Het zat erin. En weer valt die solo op van Baars in 'The Builder'. Buitenissig en gewoonweg pijnlijk in al zijn diepgang en intensiteit, klinkend als een gekooid dier. Maar bijzonder in dit stuk is ook het geluid van de rest van het octet, gedirigeerd door Draksler. Een soepele, vloeiende lijn, die het spel van Baars verder accentueert.

'Gledalec', op een gedicht van de Sloveense dichter Gregor Strniša, past binnen de wereld van de hedendaagse gecomponeerde muziek en toont als geen ander stuk de compositorische kwaliteiten van Draksler. Door het uitgebreide gebruik van het klassieke slagwerk, het spel van George Dumitríu op altviool en Lennart Heyndels op de bas, met strijkstok, maar bovenal door het inzetten van Níelsdóttir voor de zang. Fijnzinnig en intens zingt ze de tekst, als een klassieke sopraan, met haar warme, soepele stem. Betoverend mooi.

Klik hier voor foto's van dit concert door Cees van de Ven.

Labels:

(Ben Taffijn, 28.11.16) - [print] - [naar boven]



Cd
Nathalie Loriers / Tineke Postma / Nicolas Thys - 'We Will Really Meet Again' (W.E.R.F., 2016)

Opname: september 2016

Wat direct opvalt aan dit album vol delicate mainstream jazz is het fraaie gerijpte spel van saxofoniste Tineke Postma. Delicaat is haar toon, gelouterd haar spel en aansprekend haar improvisaties. Haar verfijnde spel in de langzame stukken is aandoenlijk broos en breekbaar.

De meeste composities op deze cd zijn van Nathalie Loriers, op een drietal geïmproviseerde 'miniaturen' en Antonio Carlos Jobins 'Luiza' na. Met deze nieuwe cd bewijst Loriers andermaal weer eens op welk een hoog niveau zij staat als componiste en pianiste! Samen met sterkhouder Nicolas Thys op contrabas neemt dit trio de luisteraar moeiteloos mee op in schoonheid gevlochten sleeptouw.

Het is te hopen dat ze de titel van deze cd ook werkelijk gestand doen: we will really meet again! We kijken daar nu alvast naar uit na dit juweeltje.

Labels:

(Cees van de Ven, 28.11.16) - [print] - [naar boven]



Nieuws
Roosmarijn wint Cantina Music Award


Dat we onze handen mogen dichtknijpen met de jazzopleidingen in Nederland bleek maar weer eens tijdens de strijd om de Cantina Music Award. Een nieuw initiatief van Stichting Jazz In Groningen en het plaatselijke podium Atelier Il Sole in Cantina, om jonge bands in Il Sole te zetten. Alle groepen die de revue passeerden waren internationaal van samenstelling en waren op de diverse conservatoria geconcipieerd.

De jury moest een keuze maken tussen solobassist Johannes Fend en de groep van altvioliste en zangeres Roosmarijn Tuenter. Fend heeft présence en een techniek om stil van te worden. Zijn zorgvuldig geconstrueerde solo's klinken als evenzovele etudes. De traditie waarin hij improviseert is nog een stuk ouder dan die van de jazz, maar de Duitse contrabassist speelt wel in the moment. Bovenal is hij buitengewoon muzikaal: alles klinkt alsof alle andere mogelijkheden en oplossingen irrelevant zijn. Het verplichte stuk 'Lonely Woman' (van Onnette Coleman) lijkt speciaal voor gestreken bas geschreven.

Uiteindelijk koos de jury voor Roosmarijn. Met een dergelijke situatie was van tevoren reeds rekening gehouden. Johannes Fend kreeg een soort troostprijs, een optreden op een nader te bepalen podium in Groningen. Ja, die Roosmarijn. Jurylid Herman te Loo maakte gewag van het gelukkige gegeven dat er heel wat vrouwen aan de competitie hadden deelgenomen. Tuenter is een zogeheten singer-songwriter, maar dan een die gezegend is met een uitgesproken persoonlijkheid en een enorme dosis creativiteit. Haar stukken zijn relatief complex van opbouw en haar trio heeft een orkestrale opvatting. Ze vertelt complete verhalen van zeven, acht minuten. Met een eigen tekst trok ze ook 'Lonely Woman' naar zich toe. (Ze vertelde presentator Frank Jochemsen eerlijk dat ze de compositie niet kende vóór het concours.) De tekst paste precies en gejaagdheid werd afgewisseld met verstilling. Dat wordt wel wat.

Enfin, binnenkort kunnen we allemaal vaststellen of de superlatieven kloppen, wanneer het Utrechtse lachebekje haar eerste cd presenteert, op Cantina Records. Dat was namelijk de eerste prijs van dit concours. (Een oudere heer aan de bar liet na afloop van het recital luidkeels "Roosmarijn is van mijn" weten, maar dat mocht hij willen.)

Klik hier voor foto's van deze avond door Willem Schwertmann.

Bekijk hier het prijswinnende optreden van Roosmarijn.

Labels:

(Eddy Determeyer, 25.11.16) - [print] - [naar boven]



Cd
Carlo Actis Dato & Enzo Rocco - 'Noise From The Neighbours' (Setola Di Maiale, 2016)

Opname: 6 februari 2016

Carlo Actis Dato liet in het prettig gestoorde en ondertussen in slaapmodus verkerende Italian Instabile Orchestra horen hoe je jazz, impro en Italiaanse volksmuziek samen met enige commedia dell'arte kan mengen. De leden van het ICP Orchestra – de parallellen tussen het Nederlandse en Italiaanse orkest liggen voor de hand – smokkelen graag de bagage van het grote orkest binnen in hun kleinere projecten onder eigen naam. Zo weet Dato ook van zijn duo met gitarist Enzo Rocco een mini Italian Instabile Orchestra te maken. Met dit duo kunnen kleine podia onveilig gemaakt worden, maar laten ze evenzeer het publiek op een festival bijna letterlijk naar hun pijpen dansen. 'Noise From The Neighbours' is hun derde cd gedurende de twintig jaar dat ze samen optrekken.

Carlo Actis Dato kent als saxofonist zijn gelijke niet, vooral niet in het lage register. Zijn spel op baritonsax en basklarinet heeft een quasi-fysieke impact. Enzo Rocco is dan weer een wat onderschatte gitarist, die een geschift gitaaridioom à la Ribot koppelt aan de klare lijn van een Jim Hall of John Abercrombie. 'Au Grand Bal Des Asperges' blijkt een dolgedraaid volksdansje te zijn. 'Duro & Puro' is je reinste free jazz in de grote traditie van Broeziman, zoals Mengelberg een iconische saxofonist liefelijk noemde. 'Setubal' klinkt als een stekelig liedje waarover een schaduw van Buenos Aires hangt. 'Fango Bollente' voert de luisteraar mee naar de wide open spaces van een of andere spaghettiwestern. 'La Ronda Del Visconte' begint met een lang gebrom van Dato, waarover plots een melodie uit de Arabische wereld aan de andere kant van de Middellandse Zee komt aangewaaid.

Je merkt het, variatie genoeg. Wat deze en andere cd's van het Carlo Actis Dato/Enzo Rocco-duo zo bijzonder maakt, is het gemak waarmee ze complexloos van het ene naar het ander idioom weten te springen, waarbij het geheel nooit als een vrijblijvende collage klinkt. En dan is er nog die laag humor die ze erbovenop leggen. Humor die niet platvloers is, maar eerder een ode aan het leven. Horace Silver zei het al: "Jazz has a sense of humor." Comedia dell'arte, the art of comedy... serious business, dit duo.

De cd wordt gedistribueerd door Setola Di Maiale, maar een fysieke kopie is voorlopig nog niet te bestellen. Reden te meer om via CD Baby of Bandcamp achter een betaalde digitale download aan te gaan.

Deze recensie verschijnt ook op Jazz'Halo.

Labels:

(Iwein Van Malderen, 25.11.16) - [print] - [naar boven]



Concert
Virtuositeit kan soms heel gemakkelijk klinken

Julian Lage Trio, vrijdag 11 november 2016, Paradox, Tilburg

In gezelschap van gitaarbroeders Dean Brown, Jakob Bro en Mike Stern stond Julian Lage met zijn trio in de November-gitaarmaand op de rol van het Tilburgse jazzpodium. Qua muzikaal talent uitstekend geprogrammeerd tussen deze snaarvirtuozen. Misschien nog niet zo bekend in onze regionen, maar Lage is hard op weg de wereld te veroveren met zijn wonderbaarlijke techniek en warme gitaarspel.

Gekkigheid had de stad in zijn greep door de opmaat van het komende carnaval, terwijl – tot mijn genoegen - in een volgepakt Paradox een heuglijke gebeurtenis plaatsvond. In de tour van deze gitaarheld was dit concert namelijk het enige in ons land. In mijn hometown nog wel. Lage toonde zich uiterst bescheiden, maar zijn gitaarspel was dat zeker niet. Al na de eerste minuten vielen de monden open. Van verbazing.

Zo jong als hij is, Julian Lage (California, 25 december 1987) heeft al een indrukwekkende carrière op zijn naam staan. Hij speelt vaak in duo's, met Nels Cline en Chris Eldridge bijvoorbeeld, maar ook in kwartet, kwintet en triovorm treedt hij op. Al op jonge leeftijd werd hij ontdekt door vibrafonist Garry Burton en ingelijfd bij zijn New Quartet, maar ook speelde hij op achtjarige leeftijd (!) al met grootheden als Carlos Santana, Pat Matheny en Toots Thielemans. Over deze periode in zijn leven werd in 1997 een (bekroonde) documentaire gemaakt. Later volgden samenwerkingen met Jim Hall, Mark O'Connor, Ambrose Akinmusire, Eric Harland en vele anderen. Hij maakte tot nu toe vier cd's op eigen naam, waarvan zijn laatste album 'Arclight' in februari 2016 uitkwam. Lage werd in de pers bejubeld om zijn techniek, glasheldere spel en geweldige sound.

Met zijn kwintet speelde hij op het North Sea Jazz Festival in 2010, waar hij grote indruk maakte. In dat kwintet speelde hij al met bassist Jorge Roeder, die ook deze avond deel uitmaakte van het trio, naast Lage en drummer Eric Doob. Lage en Roeder voelen elkaar dus feilloos aan, wat resulteerde in naadloos samenspel. Daarnaast gaf Roeders gepassioneerde dynamiek het groepsgeluid extra kleur. Ritmische verfijning van Doob maakte het plaatje compleet.

Lage is een virtuoos op gitaar. Een op en top perfectionist die verbluft met zijn techniek, maar ook moeiteloos de emotie opzoekt. Kortom, hij weet de gevoelige snaar te raken. Ondanks die doorwrochte techniek klinkt het allemaal toch heel ongecompliceerd. Misschien is dat wel het meest opvallend aan Julian Lage: dat het zo vloeiend en gemakkelijk klinkt wat hij doet. Voorspelbaar wordt het nooit. Zelfs niet in de standards en het meer traditionelere werk. Zijn composities zijn rijk gevarieerd op melodisch, harmonisch en ritmisch gebied.

Lage vindt zichzelf geen jazzpurist; hij zoekt de verbinding met jazz en elementen van folk, rock, country en klassiek. Van huis uit heeft hij echter een voorliefde voor de blues. Dat hoor je in meerdere stukken terug, maar in 'Island Blues' kwam heel duidelijk naar voren hoe sterk zijn beleving is en met welk gemak hij zich daarbinnen kan bewegen. Met deze intelligente blues gaf hij een mooi inkijkje in zijn muzikaal idioom.

Lage was überrelaxed, zowel op het podium als na het concert en nam de tijd om met iedereen die dat wilde een vriendelijk woord te wisselen. Uren later stapte hij de nacht in. Tussen de carnavalsvierders. De ijsmuts diep over zijn oren getrokken, zijn tas op zijn rug. Op zoek naar zijn hotel en een warm bed. Om nog een paar uurtjes te slapen.

Klik hier voor foto's van dit concert door Donata van de Ven.

Labels:

(Donata van de Ven, 24.11.16) - [print] - [naar boven]



Concert
Stevige bries en ontlading

Malfliet, Neufeld & Costa / The Bureau Of Atomic Tourism, dinsdag 15 november 2016, Rataplan, Borgerhout

En het begint nog wel zo heerlijk rustig, met een sfeervol gekleurd klankpalet. Tot gitarist Todd Neufeld in 'Danny Boy' de sluizen openzet en donkere wolken zich boven Borgerhout samenpakken. Muziek zoals we dat graag hebben op een gure novemberavond.

In mei van dit jaar speelde het trio van de Belgische bassist Raphael Malfliet reeds in de Oorstof-serie en nu staan zij dus in de Rataplan. Intussen is het toen aangekondigde album een feit. Het verscheen onlangs onder de titel 'Noumenon' op Ruweh Records. Samen met Neufeld en drummer Carlo Costa leidt Malfliet ons ook dit keer weer enthousiast rond in zijn wondere wereld.

Rustig wordt het wel weer, maar het gevoel van dreiging blijft de gehele set hangen. De spreekwoordelijke stilte voor de storm. En die storm komt er weliswaar niet meer, niet zoals in 'Danny Boy' waarin Neufeld zijn gitaar vervaarlijk laat grommen, maar een stevige bries steekt zo nu en dan wel de kop op. En de muziek heeft iets magisch qua sfeer door de vaak bijzondere klanken die deze musici aan hun instrumenten ontlokken. Lange drones, ritselend slagwerk, droge tikken en dito gitaaraanslagen en altijd met die toon van onheil. En als in 'Rotation' - dat ook te vinden is op het nieuwe album - er eindelijk iets van ritme doorklinkt, is dat op een gemankeerde, onnadrukkelijke wijze. Om het spannend te houden.

Na de pauze is het podium aan The Bureau Of Atomic Tourism, kortweg BOAT, het bijzondere sextet onder leiding van drummer Teun Verbruggen. Na het uitkomen van het laatste album 'Hapax Legomena' is de bezetting van deze band ingrijpend gewijzigd. Bassist Ingebrigt Håker Flaten heeft de plaats ingenomen van Tim Dahl en trompettist Magnus Broo en saxofonist Jon Irabagon hebben Nate Wooley respectievelijk Andrew D'Angelo vervangen. Het is even wennen, vooral voor wat betreft de blazers. Irabagon speelt een veel bescheidener rol dan we gewend waren van D'Angelo en heeft ook een totaal andere wijze van spelen. Waar zijn voorganger juist opviel door zijn extraverte manier van spelen, is Irabagon eerder ingetogen. Ook het verschil tussen Broo en Wooley is groot. Broo is veel meer een lyrische trompettist dan Wooley. Niet dat hij het experiment schuwt, integendeel, maar zo rauw als dat de trompet bij Wooley kan klinken, klinkt hij nooit bij Broo.

Wat gebleven is, is de muziek. Jazz, met een stevige dosis rock en noise, maar ook met fragiele momenten van bijna onvervalste schoonheid. Bij BOAT kan het allemaal. Direct in het eerste stuk 'Fish Hook' staat aanvankelijk die ingetogen sfeer centraal, ietwat verontrustend klinkend, alsof de band verdergaat waar Malflet, Neufeld en Costa zijn gebleven. Tot Verbruggen er het ritme in gooit, het knopje omzet naar rock en gitarist Hilmar Jensson een bijpassende gierende solo ten beste geeft. En over schoonheid gesproken, Broo's solo in 'Where With All'! Het is bijna te perfect. Een prachtige toon, zo'n toon waar je kippenvel van krijgt, maar dan met een rafelrandje. Aanvankelijk op een mooi laag tempo, maar dan steeds krachtiger, heftiger, gelijke tred houdend met Verbruggens slagwerk. Nou, en als je Verbruggen bij wilt houden moet je van goeden huize komen. Broo lukt het, met glans.

Concertfoto's: Luc Van Peer

Labels:

(Ben Taffijn, 24.11.16) - [print] - [naar boven]



Cd
Satoko Fujii & Joe Fonda - 'Duet' (Long Song, 2016)

Opname: 15 november 2015

Dat is luxe: ter plekke pakkende melodietjes verzinnen en er vervolgens niets mee doen. Pianiste Satoko Fujii flikt dat een paar keer op deze cd met bassist Joe Fonda. Wat is Japans voor ins Blaue hinein? Dat is wat er hier gebeurt. De muzikanten gaan zonder veiligheidsgordels, –brillen en -schoenen het avontuur aan.

Daarbij wordt er heel goed naar elkaar geluisterd, er is voldoende lucht om vrijuit te ademen en ook aan afwisseling geen gebrek. Om beurten nemen ze het initiatief. Fujii met cascades of juist met geïsoleerde noten. Fonda met tonen die hij in de gewenste vorm knijpt, of met het loopje van 'These Boots Are Made For Walking', waar de pianiste dan weer op reageert met gemorrel in het binnenste van de vleugel. Op een gegeven moment neemt Fonda de strijkstok ter hand en onder de vingers van Fujii lijkt ook de piano plotseling een strijkinstrument. Geen idee hoe ze dat klaarspeelt.

Tegen het eind van het 37 minuten durende 'Paul Bley' is de cohesie duidelijk toegenomen. Alsof de muzikanten de gemeenschappelijke golflengte hebben ontdekt voor telepathisch verkeer. Een recital als leerproces.

In het tweede stuk, 'JSN', komt trompettist Natsuki Tamura zich in het discours mengen. Zijn geluidjes op de getopte trompet blijven klein, als een murmelend bergbeekje vlak bij de bron. Als hij gaat growlen belandt hij in het register van de tuba, aanvankelijk. Even later voert hij in het hoog een duet uit met Joe Fonda, die laatste op fluit ditmaal, waarbij de instrumenten volledig in elkaar lijken op te gaan.

Geen straf, deze vrije improvisaties.

Klik hier om een track van dit album te beluisteren: 'JSN'.

Labels:

(Eddy Determeyer, 23.11.16) - [print] - [naar boven]



Concert
'Synovial Joints' komt niet echt uit de verf

Steve Coleman and The Council Of Balance & DoelenEnsemble, zaterdag 12 november 2016, November Music, Verkadefabriek, Den Bosch

Toen de jazzprogrammeur van November Music, Koen Graat, vorig jaar 'Synovial Joints' hoorde, een album dat Steve Coleman opnam met zijn band The Council Of Balance, leek het hem een goed idee om Coleman met een aantal musici te koppelen aan een Nederlands ensemble voor de uitvoering van dit stuk. Dat bleek gemakkelijker gezegd dan gedaan, maar het project kwam er uiteindelijk wel. Het DoelenEnsemble bleek bereid de uitdaging aan te gaan en met de concertzalen De Doelen en De Bijloke in Gent werden partners gevonden om het geheel te kunnen financieren.

De achtergrond van de uit Chicago afkomstige altsaxofonist Steve Coleman ligt, zoals zo veel jazzmusici, in de kerk. Zijn loopbaan startte hij in een koor, waarna hij overstapte op altsax, een tijdlang in een funkband speelde om vervolgens over te schakelen op bebop. In 1978 verhuist hij naar New York, waar hij samen met onder andere Grey Osby en Cassandra Wilson de zogenaamde M-Base (macro-basic array of structured extemporization) beweging opstart. Coleman en zijn collega's streven met deze beweging naar een nieuwe kijk op muziek. Zo spreekt hij niet langer over jazz, betrekt hij de Afrikaanse wortels van de zwarte muziek er heel nadrukkelijk bij en beperkt de beweging zich ook niet alleen tot de muziek. Muzikaal is de M-Base stijl vooral te herkennen aan de afwisseling tussen duidelijk harmonische en ritmische structuren enerzijds en vrije improvisatie anderzijds. Dat Coleman zich naar eigen zeggen vooral geïnspireerd voelt door Charlie Parker, John Coltrane, Von Freeman en Sam Rivers - met de twee laatstgenoemden werkte hij intensief samen - is dan ook duidelijk te horen.

Ook in 'Synovial Joints' zitten volop elementen die met M-Base zijn aan te duiden. De nummers hebben een duidelijke harmonische structuur, die door Coleman spannend wordt gehouden door het gebruik van de solo's. Solo's die over het algemeen die structuur eerder overhoop gooien dan dat ze er op voortborduren. Zijn muziek is daardoor pakkend, maar nooit voorspelbaar.

Ter voorbereiding op het concert met het DoelenEnsemble heeft Coleman, zoals hij zelf zegt tijdens het concert, transcripties gemaakt voor de diverse leden van het ensemble. Welnu, daar had hij nog wel iets meer mee mogen doen. Hijzelf en zijn bandleden spelen nu nagenoeg alle solo's, terwijl de leden van het DoelenEnsemble vaak letterlijk zitten te wachten tot het hun beurt is. Tevens is wel merkbaar dat dit nu niet echt het metier is van dit ensemble. Hoe goed de muziek van Coleman ook is, het staat wellicht toch iets te ver af van deze musici. Slecht klinken doet het nergens, maar je blijft wel met het gevoel zitten dat er meer mogelijk was geweest. Het stuk komt met andere woorden niet écht uit de verf en verwordt zo tot een slap aftreksel van het origineel.

Labels:

(Ben Taffijn, 23.11.16) - [print] - [naar boven]



Lp
Joachim Badenhorst & Dan Peck - 'The Salt Of Deformation' (KLEIN/Tubapede, 2015)


Het verbindende element tussen de Belgische rietblazer Joachim Badenhorst en de Amerikaanse tubaspeler Dan Peck lijkt Tony Malaby te zijn. Enkele jaren geleden pakte deze Amerikaanse saxofonist uit met zijn groot Novela-ensemble, waarvan beide musici deel uitmaakten, samen met figuren als Kris Davis, Michael Attias en John Hollenbeck. Badenhorst vertoefde rond die periode in New York, waar hij de basis legde voor een hoop duurzame internationale connecties, met naast zijn samenwerking met Malaby onder meer het geweldige trio Baloni met Frantz Loriot en Pascal Niggenkemper en dus ook het duoproject met Peck. Deze tubaspeler heeft al een aardige reputatie opgebouwd met The Gate - dat meestal wordt omschreven als een improv-meets-doom-project - maar is evengoed terug te vinden aan de zijde van Anthony Braxton, Nate Wooley of Ingrid Laubrock.

Aan de vele referenties van beide musici hebben we op deze plaat eigenlijk niet zo heel veel. Er zijn weinig vergelijkingen te trekken met bestaande projecten, al komt de duistere kant van Badenhorsts Carate Urio Orchestra waarschijnlijk het dichtst in de buurt. De combinatie van tuba en (bas)klarinet is sowieso erg origineel - misschien zelfs uniek - waardoor de muziek van het duo meer dan ooit op zichzelf staat. Wanneer beide instrumenten op een gedisciplineerde en cleane wijze (dus zonder effecten) naast elkaar te horen zijn, komen bovendien de meest diverse indrukken opzetten. Van middeleeuwse muziek tot folk, maar men kan er nooit echt de vinger opleggen. De muziek ontsnapt telkens weer aan haar determinering.

Het duo breidt de harmonische mogelijkheden uit door in sommige tracks met verschillende lagen van hetzelfde instrument te werken. Vooral Peck houdt zich hiermee bezig, want al van bij de openingsmaten van 'Caladrone' schuift hij verschillende lijnen tuba geduldig over elkaar. Het resultaat neigt hier wat naar de muziek van Guillaume de Machaut, maar dan wel zoals de Zwitserse trombonist Samuel Blaser die enkele jaren geleden op plaat zette met zijn Consort In Motion (niet toevallig met Badenhorst als gastmuzikant). Misschien ligt het aan ons, maar ook in 'Broken Stop' horen we heel oude muziek weerklinken en doen de wat formele bewegingen van het duo denken aan het gregoriaanse 'Dies Irae'. Waarmee nog maar eens wordt aangetoond hoe moeilijk het is om deze muziek ergens op vast te pinnen.

Hoewel de meeste stukken worden getypeerd door een soort afstandelijkheid, zorgt 'Aders' voor een huiveringwekkende intimiteit. Enkele trage samenklanken van basklarinet en tuba leggen de basis, terwijl Badenhorst voor beklijvende en lichtjes akelige zanglijnen zorgt: " 't stijgt / langzaam / elke druppel / komt tergend langzaam naar / omlaag." Dat resulteert in een gitzwart muzikaal ritueel, afgewerkt met enkele opvallende effecten, die klinken alsof er stroomstoten door de instrumenten worden gejaagd. De titeltrack is minstens even indrukwekkend, maar kent met een stevige drone van de tuba een heel andere aanpak. De dominantie van het opdringerige gepomp en gezoem lijkt te worden betwist door Badenhorst, die zich op basklarinet van verschillende expressieve speltechnieken bedient.

'The Salt Of Deformation' is een plaat die moeilijk te catalogiseren valt, maar weet op sommige momenten even onverwacht als heftig naar de keel te grijpen. Uitleg over wie wat componeerde krijgen we niet, maar ook daar schijnt alles mooi in evenwicht, net zoals dat in de uitvoering het geval is. De summiere info zorgt in combinatie met de donkere muziek en het al even donkere artwork voor een zweem van mysterie, die van dit album al bij al een intrigerend werkstukje maakt.

Deze recensie verscheen ook op Enola.be

Klik hier om dit album te beluisteren.

Labels:

(Joachim Ceulemans, 23.11.16) - [print] - [naar boven]



Concert
Obligaat en zielloos

Marcus Strickland's Twi Life, zaterdag 12 november 2016, BIRD, Rotterdam

Tenor-, alt- en sopraansaxofonist Marcus Strickland is geen new kid on the block.

Op het album 'Nihil Novi', zijn eerste op het Blue Note-label, zet de componist en bandleider zijn groep Twi Life in de vitrinekast. Met trompettist Keyon Harrold, de toetsenisten Mitch Henry en Masayuki, gecompleteerd met bassist Kyle Miles en drummer Charles Haynes, wordt een groot scala aan stijlen, harmonische structuren en dynamiek blootgelegd. De voorliefde van Strickland voor moderne hiphopbeats is een prominente factor. De geraffineerde benutting van elektronica en overdubs zijn effectief en eigentijds. De plaat is soulvol en vakkundig geproduceerd door Meshell Ndegeocello. Op een paar nummers speelt zij basgitaar met de sound die we van haar kennen. Naast Ndegeocello werken gerenommeerde muzikanten als Robert Glasper, Chris Dave en Pino Palladino mee. Wanneer we het spel van Marcus Strickland buiten beschouwing laten drukt vooral zangeres Jean Baylor een stempel op de muziek.

Tegen alle verwachtingen in pakt de live-uitvoering in BIRD totaal verkeerd uit. Zelden is na een concert de teleurstelling zo groot geweest. Aan de sfeer en intimiteit van het podium BIRD ligt het niet. Het matig verlichte podium kan dan nog een kwestie van smaak zijn, maar de afstemming van het groepsgeluid, in relatie tot de akoestiek van de zaal, is tenenkrommend. Ligt het aan de geluidstechnicus, de apparatuur, de zaal of de muzikanten? Een langwerpige zaal met een laag plafond zal zeker hebben meegespeeld. De muzikale nuances gaan, voor zover aanwezig, ten onder aan de resonanties en gebrekkige balans tussen de instrumenten. Het bewijst eens te meer de stelling dat sound matters!

Wordt het ondanks deze technische onvolkomenheden een muzikaal feest? Helaas, de eclectische, moderne stijl van het album, met hiphop, afrobeat, soul en r&b-elementen, ragfijn verweven met geïmproviseerde instrumentale muziek, wordt live niet gerealiseerd. De pakkende, grenzeloze thema's zijn herkenbare bakens. Maar de vlakke, kitscherig klinkende synthesizer, de iele orgelklanken en de gebrekkige aanslagen op de elektrische piano zijn inhoudsloos. De zangsamples en maatschappijkritische teksten zijn kunstmatig aangebracht. Het hoog-energetische drumwerk is zowel eentonig als dominant van aard. Bassist Kyle Miles is vooral dienend actief, zijn inkleuringen zijn beperkt, maar adequaat. Strickland heeft bewezen een saxofonist met potentie te zijn, met ideeën en een rijk geluid. Maar zijn routinematige spel blijft achter bij de verwachtingen.

Het eclectische karakter van de muziek is naar de achtergrond verdwenen en wat overblijft is ongeïnspireerde, zouteloze funk. De laatste stukken, ruig swingend en met elementen van afrobeat, zijn nog enigszins te pruimen. Plichtmatig en zielloos zijn begrippen die het saxofoonspel en het vaak onsamenhangende samenspel goed samenvatten.

Klik hier voor een fotoverslag van dit concert door Louis Obbens.

Labels:

(Louis Obbens, 22.11.16) - [print] - [naar boven]



Cd
Guilherme Dias Gomes – 'Leste' (Tratore, 2016)

Opname: mei 2015

Hé, een van de latere versies van de Jazz Messengers, zou je eerste reactie kunnen zijn. Trompet, sax en ritme, een goed gedrilde groep met enige soul in haar donder. Maar Guilherme Dias Gomes (trompet, bugel en trombone) heeft zijn posse misschien wat al te straf onder de duim. Hij is duidelijk meer geïnteresseerd in glanzende schoonheid dan in ruige expressie.

De elf strijkers die op vier tracks zijn ingeschakeld kunnen grooven, maar zijn primair ingehuurd om, op kousenvoetjes binnengeslopen, comfortabele bedjes onder de rest van de muzikanten te spreiden.

Pas in het nummer 'Moak' (alles is van de hand van de leider) komt er wat meer leven in de brouwerij. Trompet en tenorsax enerzijds en piano en bas anderzijds spelen het thema in contrapunt en gitarist Leo Amueda en saxofonist Marcelo Martins stoppen wat avontuur in hun soli. Ik weet niet precies hoe achtergrondmuziek werkt (bij mij staat ze meestal op de voorgrond), maar dit album zou er weleens geknipt voor kunnen zijn.

Klik hier om 'Leste' te beluisteren.

Labels:

(Eddy Determeyer, 22.11.16) - [print] - [naar boven]



Concert
Demon Chasers

Manolo Cabras Quartet, zaterdag 29 oktober 2016, Lokerse Jazzklub, Lokeren

Officieel gaan ze als het Manolo Cabras Quartet door het leven. In de Lokerse Jazzklub joegen ze gedurende twee sets de demonen rond verhuisperikelen die de club bezighouden/teisteren uit het gebouw. Demon Chasers... Gerry Hemingway maakte in de jaren 90 een cd met die titel. Hoewel de samenstelling van de groepen niet overeenstemt, zijn er toch parallellen: een drummer die out of the box durft te denken gekoppeld aan een bassist die zowel traditie als vernieuwing bespeelt, inclusief concepten om de muziek doelbewust uit de comfortzone te halen. Uit de comfortzone betekent avontuurlijk en spannend. Omdat er aanknopingspunten waren, konden Cabras & Co het publiek moeiteloos meenemen op hun exploratie van het ongespeelde dat klaarlag om ontdekt te worden.

Gedurende twee sets werden de nummers van de cd 'Melys In Diotta' in quasi-chronologische volgorde gespeeld. Als was het maar om het verschil duidelijk te maken met de cd waarop Jean-Paul Estiévenart de honneurs waarneemt. Voor dit concert was Jeroen Van Herzeele de blazer van dienst. Zowel Estiévenart als Van Herzeele voelen zich thuis als de muziek uiteen begint te rafelen, zodat een ander weefpatroon gefabriceerd kan worden. Van Herzeele smokkelt inherent de geest van Coltrane mee in zijn spel, niet als een copy-paste, maar als een extra gen - al was het maar om het energiepeil richting 'intens' sturen, zoals in 'E.R.G.O.'. In dit nummer hoorden we voor het eerst de typische sound die bassist Manolo Cabras en drummer Marek Patrman hebben ontwikkeld na jaren van samenspelen met onder anderen Ben Sluijs, Augusto Pirodda en Erik Vermeulen. Patrman, het moet gezegd, was in bloedvorm en wist kleine ritmische cellen te ontwikkelen tot een golf waarop het voor de anderen spannend surfen was.

Pianist Nicola Andrioli verstond de kunst om zijn technisch sterke en lyrische interventies te injecteren in het geheel. In 'El Nave Va', filmmuziek uit een prent van Fellini, bracht hij een broeierige solo. Hij liet 'Bemsha Swing' atypisch Monk maar wel spannend klinken, waarna Patrman het tijd vond om een vlammende drumsolo te geven. 'No Comment', een compositie van Cabras die door Augusto Pirroda gespeeld werd op een cd met Paul Motian en Gary Peacock, deed de bassist zelf een beetje blozen van trots. 'E.S.D.A.' is een Cabras-klassieker, die normaal klinkt als een bebopstukje gespeeld door modernisten. Dit concert klonk het als een van de vrijere stukken van het concert. In de tragere stukken werd subtiel gespeeld. Ook de verstilde schoonheid van 'Lena' wist de groep een intense lading mee te geven.

Het Manolo Cabras Quartet speelde een ferm concert, waarbij zelf liefhebbers met enig voorbehoud voor 'moderne dingen' overstag gingen. Hun cd met Estiévenart zal hoog eindigen op de eindejaarslijstjes. Dit optreden met Van Herzeele zal ook wel een plaatsje vinden in het lijstje met aangrijpende concerten 2016.

Deze recensie verschijnt ook op Jazz'Halo.

Klik hier voor foto's van dit concert door Cedric Craps.

Labels:

(Iwein Van Malderen, 21.11.16) - [print] - [naar boven]



Cd's
Easel - 'Bloom' (Veto, 2016)

Opname:29 april 2014
Adasiewicz/Erb/Roebke - 'More Dreams Less Sleep' (Veto, 2016)
Opname: 3 & 5 oktober 2015
EKL - 'Dolores' (Veto, 2016)
Opname:21 december 2015

Zoals veel musici is ook de Zwitserse rietblazer Christoph Erb enige jaren geleden een eigen platenlabel begonnen, Veto Records, waarop hij zijn muziek en die van gelijkgestemde musici zonder gezeur van derden kan uitbrengen. Vrij recent verschenen op dit label drie cd's waarin we deze saxofonist horen in triobezetting. Reden genoeg om eens wat aandacht aan de heer Erb te besteden.

Op het eerste album, 'Bloom' vormt hij het trio Easel met cellist en hier ook gitarist Fred Lonberg-Holm en percussionist Michael Zerang. Erb zelf speelt hier tenorsax en basklarinet. Het is de meest experimentele cd van de drie, mede dankzij het spel van Erb zelf. In 'Carola' laat hij zijn basklarinet klinken als een kapotte uitlaat, terwijl we de twee andere musici op de achtergrond onstuimig horen rommelen, gevolgd door een gezamenlijk moment waarbij de muziek zo als soundtrack voor een horrorfilm zou kunnen dienen. Verderop verrast Erb andermaal met zijn bijzondere geluid: ploppend, schurend, schrijnend. De moeite waard is ook de percussiesolo van Zerang, die duidelijk afwijkt van gangbare drumsolo's door het veelvuldig gebruik van allerhande soorten gongs en bekkens. Op de twee andere tracks gaat het er niet veel anders aan toe. Zo geven Lonberg-Holm en Erb op 'Calyx' een prima imitatie van een cirkelzaag en laat Lonberg-Holm op 'Perignon' zijn elektrische gitaar vervaarlijk janken.

Voor 'More Dreams Less Sleep' zocht Erb samenwerking met twee musici uit de Chicago-scene, vibrafonist Jason Adasiewicz en bassist Jason Roebke. En klinkt 'Bloom' op veel plaatsen redelijk verontrustend, soms zelfs angstaanjagend, dit album klinkt meer ingetogen en sfeervol. In 'V-V-D.', dat volgens mij niet verwijst naar onze regeringspartij, horen we Erb op tenorsax in lange, ijle, soms wat schrijnende lijnen, omgeven door wolken geluid van Adasiewicz' vibrafoon en afgezet tegen Roebke's donkere kleuren ter ondersteuning. In 'Bizate' klinkt de vibrafoon als de bellen van de koeien, een geluid dat Erb ongetwijfeld goed kent. Gecombineerd met Erbs ietwat klagelijke spel op sopraansax geeft het een poëtische sfeer aan het nummer. 'Tense' is een van de hoogtepunten van deze drie albums en maakt alleen al de aanschaf van dit album waard. De titel geeft het reeds aan: Erb blasst hier een zeer intense, met behulp van circular breathing vibrerende solo op zijn tenorsax. De aansluitende verrichtingen van Roebke zijn in al hun sonore subtiliteit evenmin niet te versmaden.

Op de meest recente cd, 'Dolores' van EKL, zoekt Erb aansluiting bij twee landgenoten, drummer Emanuel Künzi en toetsenist Raphael Loher. Qua sfeer zit dit album wel een beetje tussen de twee hierboven genoemde in. Het heeft de poëtische zeggingskracht van 'More Dreams Less Sleep', maar bezit op sommige momenten ook de wat meer verontrustende sfeer van 'Bloom'. Het meest opvallende op dit album is echter het spel van Loher op piano, dat zeer percussief van aard is. Vooral in de momenten waarop hij samenspeelt met Künzi, zoals in 'Lola' en '1277', is het soms net alsof je twee slagwerkers hoort. Voor Erb vormt het tevens een prachtig decor voor zijn hier vaak zeer lange en zeer ijle blazerslijnen. Zijn sopraansax klinkt in '1277' als een zacht piepend vogeltje in nood. Afsluiter 'Do Lo Re' is eveneens een opvallend rustig nummer, waarin de drie musici een grote mate van nuance bereiken. We horen Erb met zijn ietwat onheilspellende saxklanken, slechts zo nu en dan geflankeerd door gerichte slagen op piano en drums. Hier overheerst de stilte.

Labels:

(Ben Taffijn, 20.11.16) - [print] - [naar boven]



Concert
Ramón Valle houdt Cubaanse vuurtjes brandend

Ramón Valle Trio, zondag 23 oktober 2016, Platformtheater, Groningen

Het laatste nummer vóór de pauze, 'Kimbara Pañico', zou volgens pianist Ramón Valle de hedendaagse Cubaanse muziek representeren. Niet die van de jaren vijftig, toen er daar op de muziekopleidingen geen aandacht werd besteed aan moderne componisten als Igor Stravinsky.

Ik ben zo eigenwijs daar vraagtekens bij te plaatsen. In de negentiende eeuw waren contemporaine componisten als Frédéric Chopin, Louis Moreau Gottschalk en Ignacio Cervantes er erg geliefd en ik kan me nauwelijks voorstellen dat een muzikaal volk als de Cubanen daarin is blijven steken. En dan de Grupo Renovacion van toonkunstenaars zoals Amadeo Roldan en Garcia Castula, zouden die in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw niet naar Stravinsky en Ravel hebben geluisterd? Erg onwaarschijnlijk, ook al gezien de intensieve contacten met Europa en de Verenigde Staten, destijds.

Enfin, die hedendaagse aanpak van Valle belette hem niet er een uitgesproken traditionele (en effectieve) montuna doorheen te mixen. Waarmee de pianist leek te zeggen: het blijven feestbeesten, daar in Havanna.

'Illegál' schreef Ramón Valle toen hij net in Nederland was, in het stadium van de eerste stapels in te vullen formulieren. Een hoop moest hij toen leren van de Nederlandse cultuur – en vice versa. Die dialoog werd gesymboliseerd door de intro, zeg maar fanfare, van drummer Liber Torriente (nomen est omen) en de daaropvolgende conversatie tussen de melodie van de piano en de percussie. Een 'circus in rhythm' zou je het resultaat kunnen noemen, ware het niet dat die aanduiding reeds werd gemunt door de oude Basie-band.

De interactie tussen de muzikanten is van levensbelang. Dat de muzikanten zo goed op elkaar zijn ingespeeld helpt de muziek als geheel soepel te houden. Zo flexibel als een bamboe steiger die tweehonderd meter hoog gaat. 'Steps In The Night' is Valle's visie op John Coltrane's 'Giant Steps', dat in een meer comfortabel tempo wordt genomen. De Cubaanse Amsterdammer heeft het lesje geleerd van die arme Tommy Flanagan, voor wie het jezustempo van 'Giant Steps' een traumatische ervaring was. Bij wijze van compensatie gooit Torriente van tijd tot tijd olie op het vuur, zodat de omgeving met steekvlammen en explosies oplicht.

Bassist Omar Rodriguez Calvo schittert in 'Free At Last', niet de juichkreet van saxofonist Albert Ayler, maar een mijmering van Valle, ontstaan tijdens een vrije dag in een opnamestudio. Rodriguez 'zingt' op zijn bas als een Charlie Haden of een Ron Carter. Hij herinnerde ons er zelfs aan dat Richard Davis ten onrechte in het vergeetboekje dreigt te verdwijnen.

Het geanimeerde optreden werd besloten met 'Baila Harold Baila', waarin de Cubaanse ritmen de vrije teugel kregen. Met al zijn snelheid blijft Valle uitzonderlijk trefzeker en de ritmische herhalingen zorgden ervoor dat alle aanwezigen, ook de muzikanten, helemaal happy huiswaarts hinkelden en hobbelden.

Klik hier voor foto's van dit concert door Willem Schwertmann.

Labels:

(Eddy Determeyer, 17.11.16) - [print] - [naar boven]



Jazzradio
Jazz Rules #101-102


Radio vanuit de buik van de Belgische jazz, met livemuziek, interviews met jazzmuzikanten en jazzkenners, nieuwe releases, concerttips en een stukje jazzgeschiedenis!

Jean-Paul Estiévenart is een van de drukst bezette trompettisten van het land. Hij speelt onder meer bij het Manolo Cabras Quartet, Lorenzo Di Maio, Fabrizio Graceffa, LG Jazz Collective en Antoine Pierre Urbex. De 31-jarige Estiévenart bracht onlangs zijn tweede album uit: 'Behind The Darkness' (Igloo Records). In Jazz Rules komt Jean-Paul zijn verhaal doen. Hij brengt ook een paar van zijn favoriete jazzalbums mee en speelt live in de studio.

De jonge bassist Raphael Malfliet heeft een eerste cd gemaakt samen met de Amerikaanse gitarist Todd Neufeld en de Italiaanse drummer Carlo Costa. 'Noumenon' is net verschenen bij Ruweh Records.

Brain//Child is een nieuwe band rond gitarist Artan Buleshkaj, toetsenist Daan Demeyer en de Italiaanse saxofonist Nicolo Ricci. De vijf bandleden ontmoetten elkaar aan het conservatorium van Amsterdam en ze stellen nu hun eersteling voor. Daarnaast hoor je muziek van Black Flower en Karibu Orchestra.

Klik hier om Jazz Rules #101 te beluisteren.

Jazzzangeres Barbara Wiernik heeft een nieuw album gemaakt samen met pianist Nicola Andrioli. In Jazz Rules #102 komt Barbara 'Complicity' voorstellen in de studio. Dirk Roels draait ook een paar favoriete jazzplaten die ze heeft meegebracht.

Nieuwe muziek is er van Trio Grande ('Trois Mousquetaires'), Nathalie Loriers/Tineke Postma/Nicolas Thys ('We Will Really Meet Again'), SCHNTZL ('Schntzl'), TaxiWars ('Fever') en Jakob Bro/Thomas Morgan/Joey Baron ('Streams').

Klik hier om Jazz Rules #102 te beluisteren.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 16.11.16) - [print] - [naar boven]


Lees verder in het archief...






Schrijf je in voor onze gratis Nieuwsbrief! Klik op de button hieronder om je aan te melden:


Menupagina's:


Zoek in deze website:

Google

web deze website


Redactieadres:

Hoekstraat 1 B17
3910 Neerpelt
België
(0032) 11747180
(0032) 498788554

Nieuws, tips, suggesties, meewerken?
Mail de redactie.


(advertenties)