Brötzmann was een oorlogskind, groeide op in Remscheid en vertrok om te gaan studeren, tegen de zin in van zijn ouders, naar Wüppertal, waar hij de rest van zijn leven zou wonen. Beide carrières, die van beeldend kunstenaar en die van musicus ontwikkelden zich vrijwel gelijktijdig, elkaar beïnvloedend. En die oorlog, zo geeft Brötzmann zelf aan in 'Soldier of the Road', was van groot belang. Hoe meer hij hierover las, hoe meer hij er afstand van wilde nemen. Schuldig voelde hij zich niet, zo zegt hij tegen Josse, maar schaamte was er wel. Volgens Brötzmann een reden waarom de freejazz juist in Duitsland zo aansloeg, als manier van verzet. Het belang van Brötzmann, die begon op klarinet in een swingband, voor deze stroming kan moeilijk worden overschat. Want als er één iconisch album is binnen dit genre dan is het wel het uit 1968 stammende 'Machine Gun', al was het maar omdat Brötzmann musici van geheel Europa voor dit project bij elkaar bracht. Een bruggenbouwer, en dat zou hij zijn leven lang blijven. Dat musiceren - we zien een overvloed aan liveopnames voorbijkomen in de film - was voor Brötzmann daarbij allesbehalve onschuldig tijdverdrijf, hij blies of zijn leven ervan afhing. De wereld veranderen kon hij niet, zo naïef was hij niet, maar een steen verleggen in het water, daar geloofde hij zonder meer in. Met een andere attitude musiceren was wat hem betreft in feite gewoon onmogelijk. "Force you’re own shit as much as possible" zegt hij tegen Josse, voorwaar: zijn credo. Dat studenten aan conservatoria denken te leren wat hij met bloed, zweet en tranen heeft moeten doorwerken, gaat er, zo vertelde hij aan Spicer, bij hem dan ook niet in: de blues kun je niet leren, die moet je voelen.
Tja, wat moeten we dan aansluitend met al die jongeren op het podium, musicerend in 'the spirit of Brötzmann'? Hebben die voldoende de blues? De een zeker, de ander wat minder; Brötzmanns zijn het natuurlijk niet, al kan dat nog komen. De enige die er in de buurt komt is Parker, maar die stond al naast hem tijdens de opnames van 'Machine Gun'. Maakt het uit? Nee, geenszins, ze doen meer dan hun best en dat is voor deze avond ruim voldoende, al verlang je soms even terug naar dat compromisloze van de meester zelf. De Backer is een geweldige saxofoniste, helemaal op die baritonsax, waarop ze eindeloze creativiteit laat horen, maar ze klinkt eerder lyrisch en ritmisch dan verwoestend, iets dat Van De Velde met zijn stevige slagwerk deels goedmaakt. Noulet en Vanheerentals hoorde ik al tijdens de laatste editie van Summer Bummer, toen met saxofonist Cel Overberghe, die deze zaterdag ten gevolge van ziekte helaas verstek moest gaan en met De Backer een vervanger vond. Leuk om deze drie saxofonistes te vergelijken met Sonore, het trio dat Brötzmann vormde met Ken Vandermark en Mats Gustafsson en waar we opnames van zien in Josse's film. Een verschil van dag en nacht. Want waar hier drie hanen elkaar zowat naar het leven staan, horen we deze avond drie beminnelijke vrouwen die samen op zoek gaan naar harmonie.
Nee, dan Amadou en Desprez. Want in het enige concert waarin we geen saxofoon horen, komt de muziek, met name door de bijdragen van Desprez, nog het dichtst in de buurt van die altijd weer verontrustende optredens van Brötzmann. Freejazz, punkrock en noise gaan hier hand in hand in een improvisatieset, scherp op de snede. En dan mogen Parker en Émaille afsluiten. De ene helft van dit duo is mij natuurlijk meer dan bekend, de andere totaal niet. Deze Franse dame kwam niet eerder op mijn netvlies en zo te horen gold dat niet alleen voor mij. Maar goed, we kennen Parker en zijn reputatie en dus... En ja, werkelijk magnifiek! Ik zag al veel percussionisten, maar zelden zo creatief als deze dame. Dat begint al met die wonderlijke constructie van een grote trommel, een die we eerder in een orkest tegenkomen dan bij een drummer, met daarop een ijzeren buis en daaroverheen gespannen snaren. Die worden bestreken, beklopt en pizzicato bespeeld met prachtige klanken als resultaat. En dat naast een keur van andere geluiden waarmee ze Parker begeleid, de ene keer op tenorsax, de andere keer op sopraansax. Parkers spel biedt geen verrassingen meer, dat was met Brötzmann ook al niet meer het geval, maar dat maakt niets uit, het is nog altijd van een adembenemende schoonheid.
Foto's: Laurent Orseau
In de Jazztube hieronder zie je een gedeelte uit de film 'Soldier of the Road', uit het concert van het Peter Brötzmann Chicago Tentet op 13 februari 2009 in het Bimhuis, Amsterdam.
Een muzikant als James Brandon Lewis, die verwacht je op labels die het potige, soulvolle werk genegen zijn, als Impulse! (check), AUM Fidelity/Tao Forms (check) of Relative Pitch (check), maar misschien niet echt op ECM. Toch gedijt hij hier ook prima, in een context die veel meer dan zijn eigen projecten neigt naar kamerjazz en verfijning.
Maar dan word je eraan herinnerd dat hij onlangs ook sterk speelde naast Dave Douglas en als geen ander de gloeiende intensiteit onder het oppervlak kan verklanken. Pianist Giovanni Guidi vormt al meer dan een decennium een eenheid met bassist Thomas Morgan en drummer João Lobo en dat hoor je: de drie spelen met licht en schaduw, secuur zonder te verglijden in behaagzucht, en met voldoende speelruimte, ook al zit die vaak in nuances, zoals bij 'Means For A Rescue', schetswerk met een fijn penseel voor Lobo.
Toch is het de entree van Lewis die dit album bepaalt en de interactie een nieuwe lading geeft, gedrenkt in de gloed die rechtstreeks overwaait uit de gospel die hem zo dierbaar is.
Concert
Een gelukkig gezinnetje
Idema Kwartet, dinsdag 17 december 2024, De Smederij, Groningen
Zou het dan toch waar zijn? Dat de mens van binnen volgestampt zit met een soort pietepeuterige wenteltrapjes, kleiner nog dan in een poppenhuis? En dat je daar van alles uit kunt afleiden, zoals waar die mens vandaan komt en hoe het met zijn familie gesteld is?
De bijwijlen hallucinante samenwerking tussen oom Diederik (piano) en neefje Gijs Idema (gitaar) lijkt die theorie te bevestigen. Hun spatgelijke unisonolijnen zijn er een mooi voorbeeld van. Ook de fraaie piano-intro van 'The Nearness Of You', waar de gitaar van Gijs moeiteloos inschuift, veronderstelt een soort hocus pocus, die uitmondt in een voorbeeldig geïmproviseerd duet. De klare lijn (die uitdrukking zal ik de rest van het jaar niet meer gebruiken. Beloofd.) van zijn gitaarspel lijkt te verwijzen naar Jim Hall, toevallig een van mijn eerste gitaarhelden. Da's lang geleden. Jimi Hendrix speelde toen nog met zijn Rocking Kings en had naar alle waarschijnlijkheid nog niet naar Guitar Slim geluisterd. Ik ook niet, overigens.
Bijzonder is dat Gijs Idema zonder pedalen of andere poespas werkt. Tenminste, waar ik zat was daar niets van te zien of te horen. Misschien dat hij wah-wah's in zijn schoenzolen had laten inbouwen, dat ben ik hem eerlijk gezegd vergeten te vragen.
Maar die familiebanden lijken ook te gelden voor bassist Hans Lass en drummer Sebastian Demydczuk. Hun langdurige samenwerking heeft er in ieder geval voor gezorgd dat het duo in alle omstandigheden als de rots van Gibraltar in de branding staat. Of in ieder geval als die van Schiermonnikoog. Dat neemt niet weg dat Lass de avontuurlijkste solist van het kwartet is, over de hele range van zijn contrabas, van het diepste grommen tot het hoogste piepen. En dat Seb tot op de milliseconde weet wanneer en hoe onhoorbaar de allerlaatste noot van een liedje wordt afgekapt.
Een gelukkig gezinnetje, met andere woorden. Dat moet een mooie kerst worden, dat kan niet anders.
Cd
Joachim Kühn - 'Échappée'
Intakt, 2025 | Opname: maart-april & december 2023
Deze week overleed de tabla-grootheid Zakir Hussain. Ik moest daarbij denken aan het optreden van hem op Jazz Middelheim in 2016. Hij speelde daar in het trio van Pharaoh Sanders en de Duitse jazzpianist Joachim Kühn. En juist deze week ontving ik de solo dubbel-cd 'Échappée' van de 80-jarige Kühn op het Intakt-label. Toeval bestaat!
In der Beschränkung zeigt sich der Meister. Dat kan misschien van toepassing zijn bij minimal music, maar bij Joachim Kühn zeker niet. Hij heeft met deze opnamen met een rijk afwisselend, avontuurlijk en aandoenlijk palet zijn meesterschap getoonzet. In zijn thuisstudio op Ibiza werkte Kühn gedurende twee jaar aan de opnamen van 'Échappée'.
Zonder een beschrijving van de titels kan worden volstaan met het poneren van het cliché. Dat deze dubbel-cd een absolute aanrader is die zal worden gesmaakt. Zeker en vast!
De release van deze cd staat gepland voor 31 januari 2025. Klik hier om een track van dit album te beluisteren.
Concert
Drie dichters
BaasBuisDeman, woensdag 11 december 2024, Brouwerij Martinus, Groningen
Ja, wat verwacht je van de combinatie trombone-shakuhachi-serpent? Ongewone klankkleuren, op z'n minst. Nou, die kregen we wel te horen in Brouwerij Martinus, waar het trio BaasBuisDeman optrad. Met Ab Baars op klarinet, tenorsax en shakuhachi (een soort Japanse bamboefluit). Met Joost Buis op trombone en Berlinde Deman op tuba en serpent (een serpent houdt het midden tussen een antiek soort blokfluit waarvan de blauwprint per ongeluk in inches in plaats van centimeters was aangegeven en een baritonsax die onder een vrachtwagen was gerold. Hier in Nederland vooral bekend van Michel Godard.)
Maar vaker hoorden we één instrument, dat dan door de overige twee werd ondersteund. Soms bleek een nummer geïnspireerd door een gedicht. Van Cornelis Bastiaan Vaandrager of andere poëten, van wie ik Emily Dickinson meende te herkennen, al was het alleen maar vanwege de gedebiteerde abstracte absurditeiten. In 'Mooi Berg' (vertaal maar in het Duits, of liever nog in het Weens) spanden tenorsaxofoon en tuba samen, waarbij de tuba het laagste woord had. Er werden elkaar versterkende of juist tegenwerkende klankvelden opgeroepen. Dan weer werd er een bredere, sonore, laag getimbreerde basis gelegd, waarbij een van de instrumenten dan dwars door het decor scheurde.
Het nummer 'Von', opgedragen aan wijlen tenorist Von Freeman, bleef non-figuratief, maar evoceerde toch de onverstoorbare kracht en het levendige karakter van die Chicagoaanse blazer. Vaak betrof het korte stukjes, die qua lengte zó in de Top-1000 zouden passen. Grappig was ook hoe een bekend nummer ('This Nearly Was Mine', 'Prelude To A Kiss') geopend werd met een volledig vrije improvisatie, waarbij de song zich pas halverwege of op het nippertje prijsgaf. Beetje de omgekeerde wereld, dus.
Straatgedichten, onherkenbare readymades, polyinterpretabele belletrie. Hier stonden drie dichters.
Nijmegenaar en pianist/componist Michiel Braam behoort al ruim drie decennia tot de eredivisie uit de Nederlandse jazz- en geïmproviseerde muziek. Dit jaar werd hij 60. Reden voor LUX om zondag 22 december uit te pakken met een wel heel speciaal, dagvullend programma, met 's middags een vertoning van de film 'Braam Sixty' en 's avonds een concert door Bentje Braam.
Het feestelijke programma begint om 13.00 uur met de documentaire 'Braam Sixty', een tour de force met een speelduur van liefst 3,5 uur (onderbroken door 2 pauzes van een half uur). Op overrompelende wijze wordt in deze film duidelijk hoe breed en divers het muzikale universum van Braam is. Filmer/kunstjournalist Bas Andriessen stelde deze film ter gelegenheid van dit jubileumjaar samen uit zijn uitgebreide archief van beeldmateriaal, voorzien van commentaar en interessante wetenswaardigheden van Braam.
In de avond gaat het programma verder met een veelbelovend concert met Michiel Braam achter de piano. Voor deze gelegenheid heeft hij een nieuwe versie van Bentje Braam samengesteld, met muzikanten die hem gedurende verschillende stadia van zijn muzikale leven hebben vergezeld. Zij spelen een nieuwe versie van zijn beroemde 'Second Coolbook'. Dit programma, uit 1995, heeft talloze versies gekend, van solo piano tot arrangementen voor het Jazz Orchestra Of The Concertgebouw en het Metropole Orkest. De nieuwe bezetting bestaat uit Frank Nielander op altsaxofoon, Peter Haex op tenortuba, Jort Terwijn op contrabas en Makki van Engelen op drums.
Aansluitend op het concert worden Braam en Andriessen geïnterviewd door radiomaker en creative catalyst Co de Kloet. En Braam trakteert!
Alle aanwezige gasten kunnen een desgewenst gesigneerde cd naar keuze uitzoeken.
Michiel Braam: "22 december is 's middags wat mij betreft een ode aan de onvermoeibare Bas Andriessen, die jarenlang talloze muzikanten heeft gevolgd, gefilmd en betekenisvol gedocumenteerd. Natuurlijk, bij 'Braam Sixty' is mijn 60e de aanleiding, maar deze film gaat evenzeer over Bas, die compromisloos trouw blijft aan zijn principes in de keuze van het gebruikte materiaal en de urgentie waarmee hij het presenteert. Ik voel mij daarmee erg verwant; een van mijn persoonlijke motto's luidt 'Luister naar muziek alsof het het eerste is wat je hoort en speel muziek alsof het het laatste is wat je doet'. Je kunt een verhaal alleen vertellen op je eigen manier. Ook bij het concert 's avonds kunnen wij niet anders."
Klik hier voor meer informatie en om een kaartje te kopen (er zijn nog wat plaatsen beschikbaar).
Concert | Jazztube
Muzikale parels voor de happy few
Michael Moore Universe Quartet, donderdag 12 december 2024, Paviljoen Ongehoorde Muziek, Eindhoven
Dit concert was een mooie aanleiding om weer eens naar het Paviljoen Ongehoorde Muziek in Eindhoven te gaan. In mijn geboortestad waar ik jarenlang iedere maandagavond de jazzconcerten bezocht van het jammerlijk verdwenen podium Axes/Jazzpower in Café Wilhelmina.
Componist, musicus en conceptueel kunstenaar Bart van Dongen begon een aantal jaren geleden een nieuw podium: Podium Ongehoorde Muziek (POM). Nu gevestigd in het centrum van Eindhoven. Op een steenworp afstand van het Centraal Station en met aan de achterzijde een grote parkeerplaats, nota bene tegen zeer laag tarief. Of men maakt gebruik van de Park+Ride-mogelijkheden.
Nog niet zolang geleden werd er ingebroken (een paar keer zelfs) bij het POM, waarbij veel kostbare apparatuur werd ontvreemd. Maar een succesvolle crowdfundingsactie zorgden weer voor een positieve doorstart. Het is nu zaak dat meer liefhebbers van avontuurlijke muziek in brede zin de weg naar deze hotspot gaan vinden!
Toen het concert van het Universe Quartet begon wist het pas na ruim een uur van ophouden. En dat was voor het geringe maar uiterst aandachtige en respectvolle publiek eigenlijk nog te snel. Terecht ook, want rietblazer Michael Moore (deze avond op altsax en klarinet), gitarist Guillermo Celano, bassist Omer Govreen en drummer Onno Govaert grosierden in fraaie muzikale presentjes met zowel nieuwe als oude composities, waarin invloeden uit jazz, latin en improvisatie voorbijkwamen. Muzikaliteit, creativiteit, coherent samenspel en solistische parels: het was er in overvloed. Zeker en vast dat grootmeester Moore met dit nieuwe kwartet nog talrijke impro-liefhebbers zal weten te boeien en plezieren.
Zij die deze donderdagavond kerstinkopen lieten prevaleren zijn muzikale pareltjes misgelopen.
Foto & video: Cees van de Ven. Klik hier voor meer foto's van dit concert.
Concert
Saamhorigheid in vernieuwing
Nik Bärtsch Ronin, donderdag 5 november 2024, Paradox, Tilburg
De in Zürich geboren en getogen pianist/componist Nik Bärtsch is een prettige maar enigszins mysterieuze persoonlijkheid. Bärtsch heeft al meer dan honderd keer opgetreden in zijn thuisbasis Exil in Zurich, waar hij steevast op maandag concerteert. De formatie Ronin bestaat al sinds 2001 en maakt een korte tour in Nederland waarin vijf optredens verzorgd worden. Na een lange reeks van albums op het ECM-label is in het najaar 2024 het album 'Spin' op zijn eigen Ronin Rhythm Records verschenen. Op dit album wordt zowel nieuw materiaal als een herinterpretatie van oudere composities gepresenteerd. De albumtitel verwijst naar de draai die de band heeft gemaakt. Basgitarist Jeremias Keller is de vervanger van Thomy Jordi, maar de formatie Ronin blijft verder intact. Naast pianist Nik Bärtsch met Sha op altsaxofoon en basklarinet en Kasper Rast op drums.
De Zen-funk zoals de leider zijn muziek karakteriseert is beïnvloed door een scala aan stijlen en blijft zijn uniciteit houden én zich ontwikkelen. Tijdens één set wordt bijna zonder onderbrekingen een aaneenschakeling van composities (modules) gespeeld. De energie die vrijkomt uit de gedisciplineerde combinatie van veranderende ritmes en groove is al even herkenbaar als bedwelmend.
Op het eerste gehoor lijkt de muziek van de Zwitserse formatie door de jaren heen niet aan verandering onderhevig te zijn geweest. Uiteraard bestaat de muziek nog altijd uit verschuivende, repetitieve, ritmische en minimalistische patronen. Tijdens dit optreden is nog steeds sprake van een trance-onderdompeling, maar wordt meer muzikale ruimte gecreëerd voor groepsimprovisaties met meer verfijningen en nuances. De ijzige en spaarzame pianoklanken van Bärtsch zijn nog steeds verankerd in de gespeelde modules, maar zijn dromerige, hypnotiserende passages zijn, zeker aan het eind van het concert, indringender dan voorheen.
Bassist Jeremias Keller, soms met een gitaristische sound, en zeker drummer Kaspar Rast, met zijn wervelende accentverschuivingen en pulsaties, stuwen de groove. Het aanhoudend funky gevoel reikt naar grote hoogten, waar ook Bärtsch en Sha uitstekend in gedijen. Met regelmaat bedient Nik Bärtsch zich van zuivere pianolyriek en speelt saxofonist Sha korte, puntige intermezzo's op basklarinet of altsaxofoon.
De strakke, compositorisch resultaatgerichte cross-over van Ronin is voorzien van een aangename energie vanwege de ingetogen funk en groove. De pulserende ritmes, herhalende motieven en subtiele verschuivingen, in samenhorigheid voor het voetlicht gebracht, leveren ondanks de draai die heeft plaatsgevonden een permanente staat van bezinning en hypnose op. Daarenboven zorgt het voor ragfijne nieuwe muzikale verkenningen. Muziek boordevol spanning.
Foto's: Louis Obbens. Klik hier voor meer foto's van dit concert.
Cd
David Murray Quartet - 'Francesca'
Intakt, 2024 | Opname: 26-27 november 2023
De liefde ten huize Murray-Cinelli is groot. Zo groot dat de legendarische saxofonist niet zomaar een compositie, maar zijn hele album naar zijn partner vernoemt. Dat hoeft niet te verbazen. Murrays muziek, die in z'n meest vurige momenten in het verlengde ligt van de fire music van de jaren zestig, heeft altijd al een ouderwets, soms wat sentimenteel kantje gehad.
De rietblazer, in gelijke mate beïnvloed door figuren als Paul Gonsalves en Albert Ayler, bewandelt ook nu het slappe koord tussen traditie en avontuur. Daardoor krijg je stukken die een soms ook wat eigenaardige spreidstand aanhouden, met enerzijds een semi-exotische balzaal-vibe en anderzijds drukke vlammenwerpersolo's die het gigantische bereik van Murray in de verf zetten. Het titelnummer wordt zo een rebelse wals, 'Ninno', een onweerstaanbare brokje samba. En als de meester de basklarinet nog eens bovenhaalt, dan is het smullen.
Wat bij een ander zou klinken als op twee gedachten hinken, is bij Murray en zijn uitstekende, soms duchtig swingende band de onophoudelijke drang om wars van verwachtingen een eigen koers te varen.
David Murray (tenorsax, basklarinet), Marta Sanchez (piano), Luke Stewart (bas), Russell Carter (drums).
Klik hier om twee tracks van dit album te beluisteren.
Concert
Een pianist om in de gaten te houden
Lukas Mohl Trio & Kiki Sprangers, woensdag 20 november 2024, De Bussel, Oosterhout
Kent u de Duitse maar in Nederland woonachtige jazzpianist Lukas Mohl nog niet? Ach, echt vreemd is dat niet, hij studeert nog steeds aan het ArtEZ Conservatorium in Arnhem, als het goed is doet hij in juni volgend jaar examen. Tegelijkertijd heeft hij nu al zijn eigen pianotrio, met een van zijn docenten, Jasper Somsen, op contrabas en goede vriend Min Won op drums. Zijn eerste album 'Speaking Of The Heart', dat hij opnam met zijn trio aangevuld met saxofoniste Kika Sprangers, staat op de rol voor komend jaar bij Challenge Records. Op 20 november was hij te gast bij Liever in de KluiZ dan ThuiZ, waar wij als allereerste luisteraars konden horen wat deze muzikale komeet allemaal in huis heeft.
En dat is veel, heel veel, dus houdt deze man in de gaten. Het begon allemaal met Somsen, die zowel Mohl als Won in zijn project 'Art Of The Trio' had bij ArtEZ, waar hij werkt als docent. Een van de onderdelen daar is het schrijven van composities, waar Mohl direct mee opviel. Zodanig dat Somsen direct begon te lobbyen bij zijn platenmaatschappij en geen seconde twijfelde toen Mohl hem vroeg voor zijn trio. Wij snappen dat volledig na het horen van wat Mohl voor elkaar krijgt. Want hier zit niet alleen een prima pianist, maar ook nog eens een alleszins verdienstelijk componist en dat - hij is pas vierentwintig - voor iemand die pas net komt kijken. Daar komen we al achter tijdens het eerste stuk 'You Are A Bright And Shining Light', dat na een korte intro direct al Sprangers, die eerder in november de Willem Breuker Prijs won, volop de ruimte geeft voor een prachtig ingetogen solo op sopraansax. Het tekent Mohl dat hij zijn kompanen volop de ruimte geeft om hun ding te doen. Tegelijkertijd bemerken we hier al dat deze componist niets aan het toeval overlaat; Sprangers zegt niet voor niets verderop tijdens dit concert dat het voelt als een gespreid bed, waar ze alleen maar in hoeft te gaan liggen.
'The Soul At 3 A.M.' en 'Colours Of The Moon' kennen beide fijnzinnig pianospel, boeiende solo's van Sprangers en Somsen en een mooie afwisseling tussen dynamiek en ingehouden spel. De titels verraden dat enig pathos Mohl niet vreemd is, iets dat ook in zijn muziek zit. Dat hij halverwege de eerst set vertelt dat hij middels zijn muziek emoties wil overbrengen en verhalen wil vertellen, verbaast ons dan allang niet meer. Maar waar dat bij mindere goden zou kunnen ontaarden in edelkitsch weet Mohl het ravijn goed te vermijden. Natuurlijk mede door zijn medemusici die daar duidelijk ook niet al te veel mee hebben. Zie die lyrische, maar ook stromend repetitieve saxsolo van Sprangers aan het begin van 'Let It Run', of dat stomende duet van Somsen en Mohl, prachtig ondersteund door de brushes van Won. 'Twilight Cruise' is een van de hoogtepunten voor de pauze. Vanwege het strak ritmische slagwerk, gerichte pianoaanslagen en een innemende melodie van Sprangers, waar zonder meer urgentie in doorklinkt, tot we onmiskenbaar de blues horen, die het stuk naar een volgend hoogtepunt brengt.
Om de after-pauzedip te voorkomen serveert Mohl ons 'Palate Cleanser'. Eerst zien we de acrobaten over elkaar heen buitelen, dan de clowns en dan horen we Sprangers op altsax. Na al die vrolijkheid volgt 'With A Heavy Heart I Say Goodbye', wellicht we het mooiste voorbeeld van wat ik hierboven zei over het vermijden van kitsch - alleen die titel al! Maar nee hoor, wat we krijgen is een bijzonder fijnzinnige pianosolo en een briljante duoset met Somsen in de weer met zijn strijkstok, nét de goede dosis melancholie. Maar met name Won zorgt dat het hier niet ontspoort met spannend slagwerk. Won die als overgang van 'Ouroboros' en 'Defiance' in twee solo's laat horen wat hij nog meer in zijn mars heeft, ook die gaat het nog ver schoppen.
Concert
In het diepe
Alex von Schlippenbach Trio, woensdag 4 december 2024, Brouwerij Martinus, Groningen
Dat pianist Alex von Schlippenbach en klarinettist Rudi Mahall al eens, in 1999, een album uitbrachten gewijd aan de muziek van Thelonius Monk, daarvan droeg hun optreden in Brouwerij Martinus de sporen. Zo nu en dan kwamen er flarden Monk voorbijdrijven, als eilandjes in een uitgestrekte oceaan. Voordat je die in de peiling had waren ze weer aan de einder verdwenen. Want de wereld van dit duo - met drummer Dag Magnussen Harvesen erbij - is allesbehalve een stille vijver. Het is eerder een ontdekkingsreis op gegist bestek, zonder aanlegsteigers of veilige haven.
De associatieve klanken hebben het karakter van toevalsmuziek, waarbij Mahall alle uithoeken van de klarinet en de basklarinet grondig inspecteert. Dat hij daarbij op extreem vervormde hoekjes stuit is niet meer dan logisch. Dat de boventonen van zich laten spreken spreekt vanzelf.
In hun spel kwamen de muzikanten angstig dicht bij de kern van de door hen opgewekte maalstroom. Motiefjes en flarden van melodietjes verdwenen even snel als ze opgedoken waren. Daarbij triggerden de muzikanten elkaar: als jij tot aan je nek in het water durft, ga ik nog een paar meter verder. Als dat maar goed afloopt.
Cd's
Alistair Payne ft. Tongo Eisen-Martin - 'Reflex: Live At Bimhuis'
Bimhuis Records, 2023 | Opname: 30 september 2022
Alistair Payne - 'This Thread Walks'
DOX, 2024
Een van de winnaars van de Edisons dit jaar in de categorie 'Jazz' is de Schotse, maar in Nederland woonachtige trompettist Alistair Payne. Hij wint in de categorie 'Nieuwkomer' met zijn bij Bimhuis Records verschenen album in de serie 'Reflex: Live At Bimhuis'. We horen Payne hier samen met de spoken word-artiest Tongo Eisen-Martin, vocaliste Marta Arpini, altsaxofonist José Soares, pianist Floris Kappeyne, bassist Tijs Klaassen en drummer Sun-Mi Hong. Inmiddels ligt er van hetzelfde gezelschap ook al weer een nieuw album: het bij Dox Records verschenen 'This Thread Walks'.
Op de Bandcamp-pagina van dit laatste album vertelt Payne hoe de samenwerking met Eisen-Martin tot stand kwam: 'Just around the time I started composing, a small poetry book by Tongo Eisen-Martin turned up on my bedside table. My partner has purchased the book on a recommendation and had left it there. I decided, with very little thought, to pick it up and read over the first few passages. Not only did I finish the book that very evening, I was absolutely swept away by it.' Hij benaderde de dichter, die direct openstond voor samenwerking, voorlopig resulterend in deze twee albums.
Een gelijkmatig patroon van Kappeyne op synthesizer, passend bij het fietsen, en zang van Arpini kenmerken 'Cycle Song', de opener van 'Reflex: Live At Bimhuis'. Gaandeweg sluiten Soares en Payne aan en dan Eisen-Martin met zijn donkere stem. Payne verrast solo, met opvallend experimenteel geluid, in 'Interlude'. Naadloos loopt het over in 'Box Too Small', waarin Payne versterking krijgt van Soares. Ritmisch spel van Hong brengt aansluitend een stroom aan woorden van Eisen-Martin op gang. Een geheel andere sfeer brengt Kappeyne aansluitend binnen: een prachtige pianosolo, pure jazz. De spanning loopt op, de opmaat voor onder andere een al even indringende saxsolo van Soares. Eisen-Martin kruist wederom de degens met Hong in 'Those Voids', iedere zin doet ertoe. Bijzonder is ook het langgerekte patroon dat de twee blazers met een zekere regelmaat toevoegen. 'Rusty Nails Have No Wings' bevat aansluitend weer prachtig spel van Payne, mooi ondersteund door Kappeyne en Klaassen. Heerlijk experimenteel spel van Payne bij het verhaal van Eisen-Martin in 'Impro' en mooie ingetogen klanken in 'Exit Influenced'. De twee blazers gedijen uitstekend op Hongs spel met de vilten stokken. Met een 'Encore' sluiten we dit boeiende concert en de cd af.
'This Thread Walks' nam het ensemble op in de studio. Ik kan het niet hard maken, aangezien er geen opnamedata te vinden zijn, maar ik ga ervan uit dat die gemaakt weren na het hierboven genoemde concert dat plaatsvond in september 2022. Kappeyne opent met een intieme pianosolo in 'Chorale', waarna we Arpini's vocale klanken horen, die zich verderop vermengen met de beide blazers tot één boeiend geheel. Eisen-Martin voegt zich erbij, evenals de ritmesectie. Speels en experimenteel klinkt het slot, met een boeiende bijdrage van Payne zelf. Arpini horen we voor het eerst met een tekst in 'Ashitaka', op een staccato gespeeld patroon onder handen van Kappeyne. Meer pop dan jazz, dit stuk, maar zonder meer een leuk tussendoortje. Twee stukken vinden we zowel op het livealbum als op dit studioalbum: 'Cycle Song' en 'Encore'. In 'Discord' vallen aanvankelijk de strakke, meeslepende ritmiek en de solo van Soares op, terwijl het verderop de veel meer ingetogen klanken van met name Kappeyne op synthesizer zijn, die de aandacht vragen. In 'Perfectly' horen we Eisen-Martin in een ontwapenend mooi duet met Arpini, waarna de blazers zich erbij voegen. Arpini, wederom met kraakheldere zang, is het ook die 'I Chose My Gods (Those Voids)' opent, samen met Kappeyne op synthesizer en Hong bescheiden drummend op de achtergrond. En dan horen we nog eens Eisen-Martin samen met Hong, elkaar aanvurend.
Concert
Geen onvertogen noot
Ella Zirina Trio, woensdag 27 november 2024, Brouwerij Martinus, Groningen
Een oude ziel in een alleszins eigentijds corpus. Dat is de in Litouwen geboren Ella Zirina. Het is niet verwonderlijk dat ze Jim Hall en Wes Montgomery tot haar helden rekent. Ik denk zelfs dat je haar een onbeschrijflijk plezier zou doen met een 78-toeren schijf van Eddie Lang. Nochtans speelt ze eigen werk met een eigen smoel.
Haar trio, met Ton Felice op bas en Jamie Peet op drums, heeft een introspectief karakter. Nummers kunnen ontstaan uit een soort gezamenlijke mijmering, die dan uitmondt in aan duidelijkheid weinig te wensen overlatende klare taal. Klare taal, terwijl je haar spel zou kunnen karakteriseren met 'klare lijn'. Afgezien van een elektronische loop, een enkele keer, waarmee ze in en uit andere dimensies lijkt te stappen. Maar een loop heeft ze niet nodig om duetten in verschillende registers met zichzelf te kunnen spelen. Of met haar bassist. Soms is de samenwerking tussen elektrische gitaar en contrabas zó intens dat het leek alsof we naar een nieuw instrument zaten te luisteren. Een gitaarbas of zoiets.
Veteraan Peet is een machine die nooit gesmeerd hoeft te worden. Ook hij hanteert een bedachtzame, smaakvolle aanpak. Zijn dynamiek is nogal extreem: het kwam voor dat hij zó zacht speelde dat het tegen een suggestie aanschurkte. Geen onvertogen noot, deze avond in Martinus.
Concert
Indringende trompetklanken
Avishai Cohen Quartet, dinsdag 19 november 2024, Het Paard, Den Haag
Op zijn laatste zeer diepgaand en persoonlijk album reageert Avishai Cohen muzikaal op deze turbulente tijd, vooral op het conflict in Gaza, al is het ook een universele aanklacht tegen oorlogen. 'Ashes To Gold' is op 11 oktober 2023 opgenomen, slechts enkele dagen na de terroristische aanslag. De titel refereert aan de oude Japanse kunstvorm kintsugi. Een keramisch proces waarbij oude en kapotte stukken weer in elkaar gezet worden, om van de fragmenten weer iets moois te maken...
Zoals vertrouwd wordt Avishai Cohen tijdens het concert omringd door Yonathan Avishai op piano, Barak Mori op contrabas en Ziv Ravitz op drums. De akoestiek van de grote zaal leent zich uitstekend voor een intiem optreden waar muzikale details relevant zijn. De trompettist maakt het publiek op aangrijpende wijze muzikaal deelgenoot van zijn zorgen en emoties. Net als bij het optreden op het Transition Festival 2024 wordt de hele vijfdelige suite van 'Ashes To Gold' gespeeld. De algehele toon is echter wat milder.
Hieraan voorafgaand speelt het kwartet geheel in lijn met de tragedie in Gaza het stuk 'Will I Die Miss? Will I Die?' afkomstig van het album 'Cross My Palm With Silver'. Een diep doorleefde ode aan de immense reeks slachtoffers door een gasaanval in Syrië. Cohen, bekend door zijn majestueus zwevende trompet-exercities, wekt suggestieve beelden op waarin een breed scala aan sentimenten aan de oppervlakte komt. Daarin doorklinken (ingehouden) woede, wanhoop, verontwaardiging en de wens op een goede afloop. De melancholische schoonheid van zijn composities en spel winnen het, althans op het podium, van de oeverloze destructie in de wereld.
Cohen hanteert naast zijn trompet ook de dwarsfluit om een nieuw geluid aan het kwartet toe te voegen. De beheersing over zijn trompet, de wisselende klankkleuren en de dynamiek - van zachte lyriek tot haarscherpe urgente statements - zijn onnavolgbaar. Het afsluitend 'The Seventh', gecomponeerd door tienerdochter Amalia Cohen, biedt een muzikale troost.
Het kwartet, waarin vooral Yonathan Avishai zorgt voor een uitgebalanceerd contrast met de trompetklanken, speelt mooi ingehouden. Na een ovationeel applaus volgt de verlichting met de rake interpretatie van het Adagio van Maurice Ravels pianoconcert. In de verlengde toegift ontkomt Cohen er niet aan 'Naked Truth' van zijn gelijknamige plaat te brengen en toont hij nogmaals zijn kwetsbare geluid, met zijn indrukkende begeleiders.
Foto's: Louis Obbens. Klik hier voor meer foto's van dit concert.
Hij pikte nog net het staartje mee van de Swing Era, als benjamin van het orkest van pianist en componist Luis Russell. Tien jaar later, op zijn 28ste, kon hij bogen op werk met onder anderen Lester Young, Charlie Parker en Sarah Vaughan. En vast werk hè, niet zomaar een losse schnabbel. Op 12 november overleed drummer Roy Haynes na een kort ziekbed in Nassau, Long Island, New York. Hij werd 98.
Roy Owen Haynes werd in Roxbury, Boston geboren als zoon van een muzikaal echtpaar dat uit de Bahama's naar de Verenigde Staten was geëmigreerd. Hij was typisch zo'n gastje boordevol ritme. Op school vermaakte hij zijn kameraadjes met zijn roffels, met zijn handen getrommeld op de lessenaar. Daar kon geen leraar tegenop. Al jong werkte hij, geïnspireerd door Jo Jones van de Basie band, bij uiteenlopende groepen in Boston, waaronder die van trompettist Frankie Newton, altist Pete Brown en pianist Sabby Lewis. Beroeps werd hij toen hij op zijn negentiende gevraagd werd voor de bigband van Russell. Hij woonde destijds in bij de Russells in Harlem. Maar in '47 nam hij ontslag omdat het constante touren hem te zwaar werd - terwijl hij het jongste (en best betaalde) lid van de band was. Datzelfde jaar nam tenorist Lester Young hem in zijn combo op. Daar viel hij op met zijn ingehouden, smaakvolle doch rotsvaste beat, op brushes, geaccidenteerd door bescheiden 'bommen' op de bassdrum. Die stijl bouwde hij verder uit tijdens zijn verbintenis met Charlie Parker. Vergeleken met zijn voorganger Max Roach, die hem bij Parker had aanbevolen, speelde Haynes minder explosief. Hij verkoos waar wenselijk de vegertjes, maar kon net zo goed extrovert uit de hoek komen wanneer dat zo uitkwam.
Bij het rijtje van prominente muzikanten met wie Haynes gewerkt heeft kan bijna die van pianist, componist en bandleider Duke Ellington gevoegd worden. Eind 1952 nam diens drummer Louie Bellson ontslag, daar hij een eigen orkest wilde beginnen. Roy Haynes werd gevraagd hem op te volgen, doch wees het eervolle verzoek beleefd doch resoluut af. Een job bij Ellington zou een betere honorering en meer status en vastigheid geven, maar hij bleef trouw aan Charlie Parker. En hoewel het werk met Parker onzeker was - je wist nooit zeker of die 's avonds op kwam dagen - daar had hij alle mogelijkheden om creatief bezig te zijn. En hij vroeg zich af of al die oude knarren in de Ellington band zo'n jonkie met zijn progressieve ideeën wel zouden zien zitten.
Na vijf jaar vegen bij Sarah Vaughan kreeg Haynes de kans om bij pianist en componist Thelonious Monk te gaan werken. Daar vervolmaakte de drummer zijn stijl. De brushes bleven, maar de stokken kwamen vaker uit hun foedralen. Het metrum werd vrijer, zijn aanpak speelser. Zijn solo's hadden soms een asymmetrische structuur en getuigden van ongebreidelde fantasie en creativiteit. Bovenal bleef het gebodene smaakvol, zijn roffels elementair en gevarieerd. Dat was een goede voorbereiding voor zijn werk met saxofonist John Coltrane, tussen 1961 en '65. Daar verving hij van tijd tot tijd Tranes vaste slagwerker Elvin Jones, voor wie Haynes zijn grote voorbeeld was. Inmiddels was de drummer eigen groepen begonnen, wat culmineerde in zijn Hip Ensemble, waarmee hij een soort avontuurlijke rockjazz presenteerde. Tegelijkertijd bleef hij de bebop trouw.
Covid maakte een eind aan een glansrijke carrière. Dat hij toen nog steeds aan de top stond blijkt uit een opname uit de New Yorkse Blue Note uit 2019, die op YouTube te vinden is. 93 was hij daar, maar een Fountain of Youth, zoals het album heet dat hij in 2002 opnam. Met sticks en mallets - geen vegertje te bekennen. Ook te vinden op YouTube: de geïmproviseerde tap battle die hij in 2012 met collega Jack DeJohnette uitvoerde. Óók een bewonderaar. Hij kreeg bij die gelegenheid een Grammy voor zijn hele oeuvre. Tja, er kan maar één de beste zijn.