|
Draai om je oren Jazz en meer - Weblog |
|
||
|
| |||
CdReinier Baas & Ben van Gelder - 'This Is Water' DoYouMind?, 2024 In elf relatief korte stukken wordt zeer intens gecommuniceerd tussen gitarist Reinier Baas en saxofonist Ben van Gelder, aangevuld met vier gastmuzikanten die de hele schijf nog interessanter en complexer maken. 'This Is Water' refereert aan een speech van D.F. Wallace met het bekende verhaal van twee jonge vissen die een oudere soortgenoot ontmoeten. Die vraagt hoe het water aanvoelt vandaag, waarop de twee jonkies zich afvragen: Wat is water? De parabel is duidelijk: bewustwording van de meest evidente gegevens is essentieel voor een dieper doordringen in de werkelijkheid. Dat is wat ook gebeurt op deze cd. Muzikaal wordt diep geboord naar microtonaliteit. En daar zijn de gasten niet vreemd aan. Allen geven ze het beste van zichzelf in de composities die voor hen speciaal werden geschreven en die getuigen van een rijk klankenpalet, waarbij een bravo voor de zeer functionele inzet van elektronica. Dit werk blijft fascineren op het vlak van muzikale dialoog, verbinding en expressieve kracht, uitmondend in een krachtig statement dat je dwingt op een intense manier naar de muziek te luisteren. Er wordt soms hoekig, wringend en schurend, maar ook vloeiend en vlot gecommuniceerd, en dat door een mooi evenwicht tussen tonale spanning en ontspanning. Een plaat zonder compromissen, en zo hebben we het graag. Reinier Baas (gitaar), Ben van Gelder (altsaxofoon, harmonium), Jeff Ballard (drums), Cory Smythe (piano), Han Bennink (drums, percussie), Marta Warelis (piano) Tekst: Marc Van de Walle | Deze recensie verscheen ook in Jazz&mo' Labels: Ben van Gelder, cd, Cory Smythe, Han Bennink, Jeff Ballard, Marta Warelis, Reinier Baas (Marc Van de Walle, 22.12.25) - [print]
- [naar boven] Een beschaafde conversatie tussen twee heren. Zo zou je het optreden van het duo Joris Roelofs - Han Bennink, basklarinet en slagwerk respectievelijk, kunnen karakteriseren. Niet alleen voor de muziek zelf gold dat, ook voor de aankondigingen, die niet zelden de vorm kregen van hilarische uiteenzettingen, compleet met publieksparticipatie. Een setlist, daar hebben de HH nog nooit van gehoord. Er werd ergens begonnen en de goden zegenden de greep. Zo mondde een improvisatie uit in een Monk-compositie. Samen met de zaal stelde Roelofs vast dat het 'Ugly Beauty' moest zijn geweest. Hij besloot ook 'Song Of The Volga Boatmen' te spelen - dat Bennink niet bleek te kennen; het betrof dus een première. Daarbij legde hij uit dat de legendarische laaggetimbreerde bas-bariton Paul Robeson (1898-1976), op wiens repertoire het sleperslied stond, de Boatmen beroemd had gemaakt. Robeson trad vaak voor duizenden arbeiders op. Een multitalent (sportman, jurist, schrijver, zanger, polyglot, linkse activist) dat in de jaren dertig vanwege het ondraaglijke racisme in zijn geboorteland Amerika zijn toevlucht had gezocht in het communisme en de Sovjet-Unie. Dat bracht hem begrijpelijkerwijs in de problemen en zijn paspoort werd hem ontnomen. Cancelen heet dat tegenwoordig. Na zes jaar kreeg hij het document terug, nadat het Hooggerechtshof had vastgesteld dat de inname ongrondwettelijk was geweest. Net als bijvoorbeeld de dichter Langston Hughes had Robeson rondgereisd in de Sovjet-Unie en beiden waren onder de indruk geraakt van de afwezigheid van racisme daar. Maar anders dan Hughes liet de zanger zijn bewondering voor dictator Josef Stalin cum suis nimmer varen. Enfin, Bennink liet zich uiteraard niet uit het veld slaan en sloeg mooie instant begeleidingsfiguurtjes.
Met bescheiden, fijnzinnige zang opende Bennink de tweede set. Het lied was 'De Sprong O Romantiek Der Hazen' van zijn oude makker Misha Mengelberg. Er was eerder sprake van vrije associaties dan van vaste notenstructuren. Ook van de hand van Mengelberg was 'Hypochristmastreefuzzz'. Dat gaf weer aanleiding tot bespiegelingen over rietblazer Eric Dolphy, met wie de componist en de drummer het stuk hebben opgenomen. Bennink bleek overigens ook gewoon op een standaard drumkit te kunnen spelen. Zijn spel was een mozaïek waar steentjes uit hadden losgelaten. En Roelofs liet 'Skylark' rustig deinen, zodat we uitermate vrolijk gestemd de tapperij verlieten. Foto's: Niels Tempel Labels: apr24, concert, Han Bennink, Joris Roelofs (Eddy Determeyer, 1.5.24) - [print]
- [naar boven] Tijdens de uitreiking van de Edisons Jazz op maandag 10 oktober heeft drummer Han Bennink de oeuvreprijs gewonnen. Bennink kreeg de prijs in de categorie jazz. Bennink weet van alles een muziekinstrument te maken, zegt de jury. "Eenentachtig is hij nu, maar hij benadert muziek nog altijd met kinderlijk enthousiasme. Zijn unieke speelwijze in combinatie met zijn even unieke podiumpresentatie heeft Bennink een lange loopbaan opgeleverd die rijk is aan avontuurlijke ontmoetingen. De lijst van grootheden uit de jazz en geïmproviseerde muziek waarmee hij heeft gespeeld, is onvoorstelbaar lang." Zo speelde de drummer onder meer met Sonny Rollins, Ben Webster, Wes Montgomery, Johnny Griffin, Eric Dolphy en Dexter Gordon. Maar hij werkte ook samen met Europese toppers als John Tchicai, Peter Brötzmann, Derek Bailey en Fred Van Hove. "Voor de Nederlandse jazz en geïmproviseerde muziek is Bennink van onschatbare waarde," stelt de jury. In 1967 richtte de drummer samen met pianist Misha Mengelberg en saxofonist Willem Breuker de Instant Composers Pool op, waarbij de vrije improvisatie ('instant composing') centraal staat. Op het gelijknamige platenlabel verschenen vele klassiekers in het vrije genre, zoals de albums 'Bospaadje Konijnenhol' I en II uit 1990-91. Bennink tekent daarbij voor de hoesontwerpen; zijn typerende tekeningen, collages en handschrift sieren de albums. Met Mengelberg zou hij in de loop der jaren een welhaast symbiotische band ontwikkelen. Het roemruchte ICP Orkest is anno 2023 nog springlevend en Han Bennink maakt er nog steeds deel van uit. Lees hier een interview met Han Bennink uit 2009. Foto: Cees van de Ven. Labels: Edison, Han Bennink (Maarten van de Ven, 16.10.23) - [print]
- [naar boven] Het universum van Sound in Motion blijft maar uitdijen. We hadden al de Oorstof-concerten, het jaarlijkse Summer Bummer-festival, net achter de rug, de betrekkelijk nieuwe Visitations, het enige jaren geleden opgerichte Dropa Discs en nu is er ook het Dropa House. Nog niet definitief af, maar wel in een bijzonder ver gevorderd stadium. Het komt allemaal voort uit de gedachte van een gemeenschap en de waarde van kruisbestuiving. Want dat is wat in Dropa House allemaal samenkomt, als in een brandpunt: Een studio, een ontmoetingsplek, een residentie, kortom een thuis. Met bovenmenselijke inspanningen realiseerden Koen Vandenhout en Christel Kumpen in de afgelopen jaren deze droom en nu het er bijna is, is het ze meer dan gegund. Een wat mindere versie van Summer Bummer had dan ook alleszins voor de hand gelegen, niets is echter meer dan waar, ik heb me weer eens prima vermaakt. En ook hier gelden sinds jaar en dag een aantal belangrijke stelregels: musici een podium bieden, gevestigde namen - voor zover je daar in deze niche binnen de muziek van kunt spreken - maar zeker ook jong talent. En die musici samenbrengen, nieuwe verbindingen aan laten gaan. Niets zo mooi voor deze twee als door hun festival een nieuwe groep ontstaat die ook hierna verdergaat. Of als iemand door hun inspanningen een internationaal podium krijgt, zoals saxofoniste Hanne De Backer die toch echt nooit bij Martin Küchens Angles was beland als Vandenhout haar geen zetje had gegeven. En natuurlijk ook niet als ze niet zo'n uitstekende saxofoniste was geweest, maar ieder mens heeft nu eenmaal wel eens een helpende hand nodig. En nu ik dit zo schrijf, realiseer ik me dat ook dát een reden is waarom ik er iedere keer weer bij wil zijn in de kraamkamer.
Tromboniste Maria Bertel horen we eveneens twee keer, op vrijdag als onderdeel van het kwartet Selvhenter en op zaterdag solo. Een merkwaardig kwartet dit Selvhenter, met naast Bertel altsaxofoniste Sonja LaBianca en de drummers Jaleh Negari en Anja Jacobsen. Nog aparter dan deze bezetting is het feit dat het spel van beide blazers volledig in elektronica gedrenkt is. Zo klinkt Bertels trombone meer als een daverende machine of een scheepshoorn dan als een trombone. En dan is er de muziek die een mix is van free jazz, avant-garde noise, post- en krautrock en minimal music. Een overrompelende ervaring. Iets dat niet minder geldt voor Bertels solo optreden, waarin ze haar kunsten nog eens vertoont, maar nu volledig op eigen kracht. Ze blijft moeiteloos overeind. Foto's: Guido Goossens & Jef Vandebroek Labels: Cath Roberts, festival, Han Bennink, Hanne De Backer, Heidi Kvelvane, Maria Bertel, Michael Moore, Mike Reed, Selvhenter, summer bummer, The Separist Party (Ben Taffijn, 3.9.23) - [print]
- [naar boven] Concert / Evenement Het uit 1876 daterende Tripgemaal in het vlek Gersloot, Friesland is een goed bewaard cultureel geheim waar tentoonstellingen, performances en concertjes worden georganiseerd. Of liever: werden georganiseerd. Want de organisatoren, de familie Mercuur, trekken weg, maar het is naar verluidt de bedoeling dat de nieuwe uitbater op min of meer vergelijkbare voet doorgaat. Afwachten dus. Het optreden van het duo Bennink-Ex ("we gaan lawaai maken") plus de kunstenaressen Anneke Verstegen en Emma Fischer was zo'n beetje de zwanezang. En die zwaan ging behoorlijk tekeer. Want als de machinist destijds de knallen had gehoord waarmee de slagwerker ons op zijn aanwezigheid attendeerde, zou het al te laat zijn geweest om de imposante pompen (Louis Smulders en Co., Utrecht 1906 en de Gebr. Stork & Co., Hengelo 1926) nog te redden. Het optreden werd dan ook met een orgie van pure decibellen geopend, waarna rustiger vaarwater werd bevaren met de gitaar van Terrie Ex in de hoofdrol. Daarbij is het goed voor ogen te houden dat elke denkbare vallende speld in de betegelde ruimte van 20 bij 20 met haar hoge nok kon worden gehoord. Na de pauze trad het duo Verstegen en Fischer aan om geïnspireerd door de muziek kunstwerken te vervaardigen. Helemaal 1960 en Allen Kaprow en John Cage (en 1962 en Simon Vinkenoog en Open Het Graf). Verstegen zette met snelle felle vegen houtskool een antropomorfe figuur op het doek, terwijl Fischer met krijt een verticale muzikale taal liet opbloeien. Jammer wanneer dit soort happenings niet langer zouden happenen. Foto's: Hammie van der Vorst Labels: Anneke Verstegen, concert, Emma Fischer, Han Bennink, happening, nov22, Terrie Ex (Eddy Determeyer, 28.11.22) - [print]
- [naar boven] Drummer Han Bennink werd op 17 april jongstleden tachtig. Geen reden om te stoppen, Bennink gaat rustig door. Zo was hij aanwezig op het North Sea Jazz Festival om zijn eigen verjaardagsfeestje luister bij te zetten. Natuurlijk met het ICP Orchestra, waar hij al zo ongeveer zijn hele leven aan verbonden is. In 1997 bestond dat orkest dertig jaar, het feestje duurde toen drie dagen. Het orkest zette onlangs de opnames op Bandcamp. Verder aandacht voor solo opnames van de man achter het orkest, Misha Mengelberg. Die eerste avond was op 30 oktober in het oude Bimhuis, met twee collega-musici die we nu nog wel eens live zouden willen horen, saxofonist Steve Lacy en trombonist Roswell Rudd. Voor de rest is alles vrijwel ongewijzigd, de line-up is nagenoeg gelijk aan die van nu, vijfentwintig jaar later! De aanwezigheid van Ernst Reijseger als tweede cellist valt op en verder mis ik alleen violiste Mary Oliver en natuurlijk pianist Misha Mengelberg, die nu boven een trio heeft gevormd met Lacy en Rudd. Rudd mag de set beginnen, solo, we horen hem blazen en schreeuwen, in zijn eigen 'An Original Composition By The Famous Trombonist Bill Harris'. De muziek van Herbie Nichols is het orkest dierbaar, dat gold duidelijk ook voor Lacy, die we hier de solo in '12 Bars' met grote perfectie horen vertolken. Het is ongetwijfeld het speelse element in de muziek van Nichols dat de band zo aanspreekt, een perfect voorbeeld is '2300 Skidoo', met wederom prachtige solo's, onder andere van trompettist Thomas Heberer.
Een dag later trad de band op in het Stedelijk Museum, met Rudd als enige gast. Het bijzonder ritmische, zeg maar gerust tribale 'Kraaloog' zet direct de toon. En dan is het Ab Baars, met die voor hem zo kenmerkende allesverzengde stijl die het ritme met zijn tenorsax volledig aan gort blaast. In de zesdelige 'Picnic Suite' komt de klassieke achtergrond van Mengelberg prachtig aan bod: ingetogen passages voor de beide cellisten en een knappe bijdrage van Michael Moore op klarinet, gevolgd door een prachtige solo van Han Bennink in het derde deel. Foto: Cees van de Ven Labels: downloads, Han Bennink, ICP, Misha Mengelberg (Ben Taffijn, 17.8.22) - [print]
- [naar boven] Onvervalste jazz op deze tweede dag van North Sea Jazz. Han Bennink doet zijn tachtigste verjaardag nog eens dunnetjes over, Kris Davis laat met 'Diatom Ribbons' horen hoe je de jazz kunt vernieuwen en Tineke Postma en James Brandon Lewis laten horen hoe je de traditie een stap verder kunt brengen. Daartussen zit nog een concert van John McLaughlin & The 4th Dimension. De enige vandaag die morrelt aan de grenzen van het muziekgenre. Han Bennink behoeft al lang geen krans meer. Ruim zestig jaar (!) zit hij inmiddels achter die drumkit. En hoe klein ook - in Ahoy was hij met zijn standaarduitrusting voor Benninks doen nog redelijk groot - Bennink haalt er een machtig geluid uit. Clowneske grappen blijven ook nu niet uit - de handdoek gaat op de trommels, over zijn hoofd en dient als stokken - maar gaan nooit ten koste van de timing en het grenzeloze gevoel voor ritme. Drie miniconcerten vandaag, waarvan de meest bijzondere de duoset is met pianiste Aki Takase. In 2011 brachten ze samen 'Two For Two' uit bij Intakt Records, een album waarin klassiekers uit de geschiedenis van de jazz worden afgewisseld met soms knotsgekke improvisaties. En gelukkig, hier bewandelen de twee dezelfde weg. "Dit is voor de inleiding van het concert", zegt Bennink. Wat daarna volgt is een explosie van piano- en slagwerkklanken, gevolgd door een mierzoete melodie. Iets dat het ICP Orchestra ook altijd zo goed kan. Hier voor de gelegenheid uitgebreid met Joris Roelofs op basklarinet en Ben van Gelder op altsax, maar zonder cellist Tristan Honsinger en met Joost Buis als vervanging voor Wolter Wierbos. Daar zit Han trots in het midden, vol uitgelicht. Het bevalt hem prima. Tussen deze twee miniconcerten zit er nog eentje van het trio dat Bennink vormt met gitarist Reinier Baas en Van Gelder. Ritmisch vormen Bennink en Baas een ware eenheid, die elkaar soepel aftasten. "Ga je gang", zeggen ze tegen Van Gelder, die zich dit geen twee keer laat zeggen.
Dat geldt evenzeer voor het kwartet van tenorsaxofonist James Brandon Lewis. Twee bij Intakt Records uitgebrachte albums, 'Molecular' en 'Code Of Being' brachten ons al in de stemming. Maar hoe mooi ook, live overtreft Lewis alle verwachtingen. Met een ongekende energie razen hij en pianist Arùan Ortiz, bassist Brad Jones en drummer Chad Taylor door een prachtige collectie stukken. Heb je als luisteraar bij het laatste concert nog wel eens de neiging met je gedachten wat af te dwalen, na een uurtje of zes à zeven muziek zitten de hersens ook bij mij vol), niet hier. Lewis houdt je zonder meer bij de les.
Klik hier voor een fotografisch verslag van de tweede dag van North Sea Jazz 2022 door Louis Obbens. Foto Tineke Postma Freya Group: John Ferguson, London Jazz News. Labels: festival, Han Bennink, James Brandon Lewis, John McLaughlin, jul22, Kris Davis, north sea jazz, Tineke Postma (Ben Taffijn, 18.7.22) - [print]
- [naar boven] In mei 1967 was de toen al beroemde tenorsaxofonist Sonny Rollins in Nederland. Hij gaf vier concerten en maakte opnamen voor de radio in Hilversum. Omdat hij alleen was sloten twee Nederlandse jazzmusici aan om hem te begeleiden: bassist Ruud Jacobs en drummer Han Bennink. Niet verbazingwekkend, het gebeurde in die jaren vrij vaak dat Amerikaanse solisten voor langere tijd door Europa toerden en door plaatselijke musici werden begeleid. Deze opnamen zijn uniek en nooit eerder uitgebracht. Een aantal jaren geleden kwamen ze boven water, het uitgebreide boekje bij de box gaat er dieper op in, en eind vorig jaar verschenen ze, als 'Rollins In Holland' bij Resonance Records, in samenwerking met het Nederlands Jazzarchief. Deze box is ook een belangrijk monument omdat er van Rollins tussen 1965 en 1972 niet veel voorhanden is. Hij nam na 'The Standard' en 'After The Bridge', beide uit 1964, een pauze van enkele jaren. Hij trok zich terug in een ashram, mediteerde, beoefende yoga en gaf vrij sporadisch nog concerten, waaronder dus deze in Nederland met Jacobs en Bennink. Een bijzondere combinatie als we de verdere carrière van deze twee musici onder de loep nemen; ze zouden hierna iedere een totaal andere richting uitgaan. De korte tour van Rollins begon in de Academie voor Beeldende Kunsten in Arnhem, tevens de eerste keer dat dit trio samenspeelde. Bennink en Jacobs waren nerveus. Rollins had immers niet alleen al een flinke reputatie opgebouwd, hij had als musicus ook een hele ontwikkeling doorgemaakt. Wellicht om de onrust wat weg te nemen beperkte Rollins zich die avond tot standards tijdens een concert van meer dan twee uur, waarvan we hier slechts een deel horen. Eén ding moeten we hier direct stellen, ondanks dat er alles aangedaan is om deze opnames nog een beetje te laten klinken, is het geluid niet bepaald om over naar huis te schrijven. Maar laat u hier zeker niet door weerhouden; kwalitatief is wat hier gebeurt van grote klasse. We beginnen met 'Four', waar de tweede cd mee eindigt (het geheel staat niet in chronologische volgorde). Direct wordt duidelijk dat Rollins er vol gas in gaat en dat de twee begeleiders hierin vanaf het eerste begin worden meegenomen. Bennink hierover: "Sonny had such a strong timing, he made you feel like you were in an elevator. You didn't have to catch or carry him - he carried you." Zowel Jacobs als Bennink stellen nadien nooit meer zoiets meegemaakt te hebben. Een continue stroom waarin we 'Work Song' van Nat Adderley ontwaren, maar ook George Gershwins 'An American In Paris' en Indiase raga's. En hoezeer Jacobs en Bennink zich op hun gemak voelden blijkt uit hun zeer enthousiaste solo's. Wat volgt is een trits standards, naadloos in elkaar vervlochten, in datzelfde meedogenloze tempo. Tot slot klinkt het ruim twintig minuten durende 'Three Little Words' van Lester Young en Coleman Hawkins dat Rolling graag speelde, waarin de saxofonist zich overigens ook de nodige zijstapjes permitteert. En voor Bennink beluister 'On Green Dolphin Street/There Will Never Be Another You'. Het stuk bevat een van de beste solo's uit zijn carrière. Bezoekers en critici waren het naderhand dan ook roerend met elkaar eens: een concert om nooit te vergeten.
Foto: Toon Fey Labels: cd, Han Bennink, onder het stof vandaan, Ruud Jacobs, Sonny Rollins (Ben Taffijn, 25.5.21) - [print]
- [naar boven] Lees verder in het archief...
|
Archief
Artikelen Cd-recensies Concertrecensies Colofon Festivalverslagen Interviews Jazz in memoriams
Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken? |