|
Draai om je oren Jazz en meer - Weblog |
|
||
|
| |||
Cd's | JazztubeJohn Yao & His 17 Piece Instrument - 'Points In Time' See Tao, 2025 | Opname: 12-13 februari 2024 Paradox Jazz Orchestra & Anna Serierse - 'Remembering The Skymasters: The Vocal Years' eigen beheer, 2025 | Opname: januari 2025 Vandaag weer eens aandacht voor een van de oudste vormen binnen de jazz: de bigband. De Amerikaanse trombonist John Yao bracht tien jaar (!) na zijn album 'Fip-Flop' eindelijk een opvolger uit met zijn 17 Piece Instrument: het bij See Tao Recordings verschenen 'Points In Time'. En veel dichter bij huis vinden we het Paradox Jazz Orchestra, dat altijd maar net, met veel passen en meten, past op die bescheiden vierkante meters van het gelijknamige jazzpodium in het Tilburgse. Opnames gemaakt in januari 2025 met Jasper Staps als bandleider en Anna Serierse als vocaliste, iets wat terugkomt in de titel van dit in eigen beheer uitgebrachte album: 'Remembering The Skymasters: The Vocal Years', een prachtige ode aan een roemruchte voorganger. Twintig jaar geleden kwam Yao naar New York. Terugkijkend stelt hij: "So much of what's happened over the last 20 years has definitely sparked different emotions that I've wanted to express in my music, sometimes those experiences and complex emotions take time to marinate, but ultimately they find their way into my writing and playing in a way that's something like osmosis." Dat terugkijken uit zich in dit album op een bijzondere wijze: Yao arrangeerde eerder gecomponeerde stukken uit de afgelopen jaren speciaal voor dit construct. Stukken waar persoonlijke gebeurtenissen in doorklinken, zijn huwelijk en de strijd van zijn vrouw tegen kanker vonden hun weerslag in 'Early Morning Walk', terwijl de geboorte van hun zoon in 'Song For Nolan' weerklinkt. De albumtitel 'Points Of Time' kan daarnaast slaan op dit 17 Piece Instrument, bestaande uit musici waar Yao de afgelopen twee decennia in verschillende verbanden mee samenwerkte. Vijf rietblazers, vier trompettisten en vijf trombonisten creëren samen met piano, bas en drums een schitterend bigbandgeluid, waarin de traditie zonder meer doorklinkt, beginnend met het opwindende 'Upside', waarin zeker die prachtig lyrische solo van David Smith genoemd moet worden. 'Not Even Close' houdt mooi het midden tussen een ballade en een meer uptempo stuk, met krachtige, maar evengoed innemende blazerslijnen en een mooi bij het eerste passend duet tussen bassist Robert Sabin en pianiste Hyuna Park. Hashem Assadullahi en Sam Blakeslee volgen met al even innemende solo's op altsax en trombone. In 'Triceratops Blues' weet de band de spanning, die hoort bij een echte blues, prachtig te verklanken, iets waar het duo Bill Drewes op altsax en Max Seigel op bastrombone op meesterlijke wijze nog verder vorm aan geeft. En in 'First Step' zijn het met name Park en Drewes die we wederom moeten noemen, beide met flitsende solo's. Ja, en wat zou dat eerder genoemde 'Early Morning Walk' anders kunnen zijn dan een prachtige, ingetogen ballade. En natuurlijk met een trombonesolo van Yao zelf, breekbaar en fragiel, maar tegelijkertijd krachtig indringend. 'Song For Nolan' straalt dan in alles weer dat optimisme uit van nieuw leven, wederom een prachtig stuk.
Tekst: Ben Taffijn Labels: Anna Serierse, bigband, cd, Jasper Staps, jazztube, John Yao and His 17 Piece Instrument, Paradox Jazz Orchestra (Guy Peters, 21.3.26) - [print]
- [naar boven] Het leek iemand wel een goed idee, het album 'Rita Reys Meets Oliver Nelson' uit 1965 nog eens dunnetjes over te doen. Ditmaal met het Jazz Orchestra Of The Concertgebouw, plus de vocalisten Fay Claassen, Anna Serierse en Esther Van Hees bij wijze van de gezamenlijke erven Reys. Waarom eigenlijk? Oliver Nelson was destijds een Grote Naam, met zijn platen onder eigen naam en voor derden, onder wie organist Jimmy Smith. Zijn curieuze stijl was een soort traditionele swing, opgepept met een hoogst persoonlijke funk-tic. Doch erg consistent was zijn output niet - een dieptepunt was zijn lp 'Monk's Blues' uit 1968, met pianist en componist Thelonious Monk. Ook zijn verrichtingen met Reys zijn weinig indrukwekkend. Een gelegenheidsorkest van Amerikaanse en Europese topmuzikanten voeren het werk uit, ongetwijfeld na een te korte repetitietijd. De arrangementen zijn nogal middle-of-the-road, nauwelijks representatief voor Nelsons kunnen. Het commentaar van de zangeres zelf, in haar biografie 'Lady Jazz' laat aan duidelijkheid weinig te wensen over: 'Ik vond het eigenlijk verschrikkelijk.' De onderhavige plaat is bepaald niet haar beste. 'The Second Time Around' is vooral interessant vanwege de zangeressen en de contrasten tussen hen. Gelukkig probeert niemand la Reys te imiteren - daarvoor zouden we misschien het beste Helen Merrill kunnen opgraven (of de Nederlandse diva zelve, uiteraard). De uit Turnhout afkomstige en in Amsterdam woonachtige Esther Van Hees zingt het meest ingetogen, bescheiden. Alsof ze zich voor ons verontschuldigt, om niet te zeggen wegcijfert. Anna Serierse heeft inmiddels een naam opgebouwd als een bijzonder veelzijdig en consequent zuiver zingend fenomeen. Haar verrichtingen hier stralen een onmiskenbare warmte uit. Ze is de kalmte zelf. Fay Claassen tenslotte is een echte jazzchick (voor de zekerheid heb ik maar niet gecheckt of je dat vandaag de dag nog mag zeggen). Haar stem en haar voordracht zijn lenig en dynamisch. Haar timing is onberispelijk. Haar invoelings- en expressievermogen grijpen je naar de strot. Heehee, een beetje voorzichtig met die keel, Fay. Labels: Anna Serierse, cd, Esther Van Hees, Fay Claassen, Jazz Orchestra Of The Concertgebouw (Eddy Determeyer, 6.8.25) - [print]
- [naar boven] De combinatie jazzorkest-orgel is niet erg gebruikelijk. Uit het verleden kennen we Bill Doggett, Gerald Wilson (met Richard Groove Holmes), Duke Ellington (met Wild Bill Davis) en Oliver Nelson (met Jimmy Smith) en - van meer recente datum - Radam Schwarz. Dat waren overigens allemaal hammondorgels. Niet zo raar, die schaarse samenwerkingsverbanden: het orgel is immers ook een orkest en je moet van goeden huize komen om die twee werelden op een succesvolle manier aan elkaar te koppelen. Welnu, kennelijk komt altsaxofonist/fluitist Ben van Gelder van zo'n goed huis. Hij is erin geslaagd zijn septet en het kerkorgel van Garnwerd tot een symbiotisch geheel te smeden.
Downes liet het instrument ook zachtjes brommen en een enkele keer kreeg het ten gehore gebrachte ritmische dimensies door het kraken van de pedalen. Hij leverde de akkoorden waarop de instrumentalisten konden improviseren. Een heel precieus duet hoorden we in het nummer 'Spectrum', een samenspraak tussen Downes en bassist Tijs Klaassen. Voor de twee laatste nummers, 'Voice Of Reason' en 'Black Is The Colour', marcheerden de blazers - minus Joris Roelofs, wiens basklarinet trouwens de hele range van het kerkorgel bestreek - naar boven. Om gezamenlijk met de organist de gelovigen vanuit den hoge te zegenen.
Foto: Hammie van der Vorst Labels: Anna Serierse, Ben van Gelder, concert, dec23, Joris Roelofs, Kid Downes, Martijn Vink, Tijs Klaassen (Eddy Determeyer, 20.12.23) - [print]
- [naar boven] Een 'echte' jazzzangeres is Anna Serierse wellicht niet. Verwacht van haar geen al dan niet swingende standards, met scatchorussen of zonder. Ze gebruikt haar stem als een loepzuiver instrument, gelijkwaardig aan het instrumentarium om haar heen. Ergens tussen een sopraansax en een altfluit in, om de gedachten te bepalen. Dat het merendeel van het gespeelde repertoire tot stand kwam in nauwe samenwerking tussen zangeres en gitarist is te horen aan de uitvoering. De muzikale lijnen lopen dicht naast elkaar en soms ontwikkelen die zich zelfs tot een soort akoestische elektronische muziek.
Het ritmisch fundament was in de kundige handen van Cas Jiskoot en Tim Hennekes, contrabas en drums respectievelijk. Die Hennekes is echt op weg een Meesterdrummer te worden, hartstikke interessant. In de nummers 'Triptych' en 'Hennekiti' kon hij breed uitpakken. In de begeleiding was hij een en al oor. Never a dull moment bij deze gast.
Een zangeres die zich bepaalt tot oe-klanken kan, hoe verbluffend en muzikaal ook, makkelijk een gevoel van verzadiging oproepen. Dan gaat de mens naar het plafond staren, zich afvragend of het gewitte planken zijn of toch de afdrukken van de bekisting van een betonnen plaat (ik neig naar het eerste). Daarom was het niet onverstandig dat er ook plaats was ingeruimd voor drie standards, 'Gone With The Wind', 'Twisted' en 'Lotus Blossom'. Dat gaf het recital lucht.
Dat Diederik Idema (inderdaad, oom van) niet alleen sinds mensenheugenis een gedreven organisator van de jazzavonden in De Smederij is, maar ook een gedreven pianist, hoorden we nog even in zijn intro van 'I'll Remember April', waarmee de afsluitende jamsessie werd geopend. Virtuoos en onvoorspelbaar. Waarmee hij op zijn manier weer van de zelfgebaande paden van Serierse cum suis raakte.
Foto: Diederik Idema Labels: Anna Serierse, Cas Jiskoot, concert, Diederik Idema, Gijs Idema, nov23, Tim Hennekes (Eddy Determeyer, 23.11.23) - [print]
- [naar boven] Lees verder in het archief...
|
Archief
Artikelen Cd-recensies Concertrecensies Colofon Festivalverslagen Interviews Jazz in memoriams
Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken? |