Draai om je oren
Jazz en meer - Weblog





 


Cd's / Concert
Ballister - 'Low Level Stink' (Dropa Disc, 2017)

opname 22 maart 2015
Ballister - 'Slag' (Aerophonic Records, 2017)
opname 23 maart 2015
Ballister live
zondag 19 maart 2017, DE Studio, Antwerpen

Als in een koortsdroom. Zweterig lig je te woelen, onwelkome gedachten wegdrukkend. Alles tevergeefs. Dát gevoel, dat verklankt Ballister, oftewel saxofonist Dave Rempis, slagwerker Paal Nilssen-Love en cellist Fred Lonberg-Holm. Het schuurt, schrijnt, soms voorzien van een grote dosis weemoed als Lonberg-Holm vol overgave over zijn snaren krast en Rempis zijn altsax op scherp zet. Maar vaker kiest dit trio voor een soort van precisiebombardement onder leiding van een snoeihard, maar zeer ritmisch drummende Nilssen-Love.

Nilssen-Love een ritmische drummer noemen is terecht, mits we daarbij aantekenen dat hij dit ritme niet op de traditionele manier vorm geeft. Zijn solo aan het begin van het tweede stuk van de eerste set vormt een mooi voorbeeld van deze stelling. Zijn ritmiek heeft ook altijd iets ongelijkmatigs, dwars zo u wilt, wat het geheel wel zo spannend maakt. De cellosolo van Lonberg-Holm die hierop volgt is van eenzelfde ongenaakbare schoonheid, voorzien van een melodisch patroon dat lijkt te raken aan de Indiase muziek.

Memorabel in de tweede set is eveneens een solo van Lonberg-Holm. Met de achterkant van zijn strijkstok purt hij tussen de snaren, vreemde en verontrustende klanken producerend, om aansluitend gitaarlegende Hendrix naar de kroon te steken in een nietsontziende explosie van atonale klanken, feedback en distortie. Met de hulp van Rempsis en Nilssen-Love verwordt ook dit nummer weer tot zo'n grenzeloze exercitie waar Ballister zijn faam aan ontleent. De lyrische scène die hierop volgt, komt als een verrassing waarin vooral Rempis met zijn circular breathing-techniek excelleert. We luisteren ademloos. En het aansluitende, zeer hoog in het register geblazen melodietje, slechts spaarzaam begeleid door Lonberg-Holm en Nilssen-Love, is bepaald ontroerend te noemen.

En dan gaan nog een keer alle remmen los in een beukende toegift. Zo horen we Ballister graag. Dit concert werd door Sound In Motion mede georganiseerd om de uitgifte van Dropa Disc nr. 5 kracht bij te zetten. Opnamen, zowel op lp als op dvd van een concert dat Ballister twee jaar geleden gaf, op 22 maart 2015. En het toeval wil dat Rempis op zijn eigen label, Aerophonic Records, eveneens onlangs een schijf uitbracht, maar dan van het concert op 23 maart, in café OTO in Londen.

Tijdens het concert van 22 maart, dat eveneens in DE Studio plaatsvond en dat nu onder de titel 'Low Level Stink' is uitgebracht, valt eveneens de explosie aan krachten op en de tomeloze energie van dit drietal. Het lijkt verdorie wel of we in een achtbaan zijn beland. Vooral in het eerste stuk maken de heren het bont. Het tweede stuk begint rustiger. Met zo'n zangerige solo van Lonberg-Holm, waarin we eveneens oosterse klanken ontwaren. Rempis valt bij en een boeiende dialoog ontwikkelt zich, met de regelmatige slagen van Nilssen-Love op de achtergrond, tot ook hier de onvermijdelijke gekte weer toeslaat.

Ook tijdens het concert op 23 maart, dat werd uitgebracht onder de naam 'Slag' kiest het trio ervoor om maar direct in de hoogste versnelling van start te gaan, om dan in het tweede stuk 'Guisame' eindelijk wat rust te vinden. Rempis blaast hier zowaar een ingetogen partij, begeleid door zacht getokkel van Lonberg-Holm en bescheiden slagwerk van Nilssen-Love. Maar het hoogtepunt van het concert zit verderop, als Rempis een zeer intense partij blaast op een bijna meditatieve begeleiding. Het bekrachtigt de inventiviteit en veelzijdigheid van dit boeiende trio.

Klik hier om het album 'Slag' te beluisteren.

Concertfoto: Geert Vandepoele

Labels: ,

(Ben Taffijn, 31.3.17) - [print] - [naar boven]



Cd
Han Bennink Trio - 'Adelante' (ICP, 2017)

Opname: 22 november 2016

In de vijf jaar van zijn bestaan is het Han Bennink Trio geëvolueerd van een groepje gezegende muzikanten van twee generaties naar een hecht en opwindend trio dat met zijn muziek een generatie of drie omspant. Want in de eigen composities van pianist Simon Toldam en rietblazer Joachim Badenhorst schemeren stokoude hits door. Tenminste, ik hoor echo's van Raymond Scotts 'Powerhouse' in Toldams 'Supertyphoon' en van Ralph Flanagans 'Hot Toddy' in Badenhorsts 'Op Sinjoorke'. Ik heb het vrij improviseren op thema's altijd bevredigender gevonden dan vrij improviseren zonder plan of score. Dat geldt hier ook voor 'My Melancholy Baby', dat nog een stuk antieker is dan 'Powerhouse' of 'Hot Toddy'.

Bennink heeft zichzelf altijd een heel traditionele drummer genoemd. Wanneer je je dat niet voor ogen houdt, zou je wellicht kunnen denken dat het concept van deze groep hem knecht, maar niets is minder waar: het zit hem als gegoten.

De muziek van het trio lijkt meer geconcentreerd, meer gefocust dan in het begin. De muziek heeft ook een meer introspectief karakter gekregen. 'Comacina Dreamin’' is kamermuziek en de twee composities van Misha Mengelberg, 'De Sprong O Romantiek Der Hazen' en 'Peer’s Counting Song', worden met gepaste empathie vertolkt. 'Adelante 2' lijkt uit de rails gelopen. Een afgekeurde take van een mislukte samba uit een niet gebruikte soundtrack van een film die er wel nooit zal komen.

Labels:

(Eddy Determeyer, 31.3.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Hecht kwartet zorgt voor onstuimig concert

Pitch Plot 4, vrijdag 17 maart 2017, TivoliVredenburg, Utrecht

De vereniging U-Jazz vult het gat op dat het vermaarde SJU Jazzpodium in Utrecht heeft achtergelaten. Jazz rendeert niet zonder subsidie en Utrecht heeft enige jaren terug die kraan resoluut behoorlijk dichtgedraaid. Inmiddels is in het herrezen muziekgebouw Vredenburg een muziektempel van allure ontstaan, vooral voor klassieke- en popmuziek. Toch is er ook een plek voor 'fijnproeversjazz'. En wel in de nok van het imposante gebouw. De U-Jazz club organiseert daar – in de hoogte – op veel vrijdagavonden jazzconcerten van prominente, vooral Nederlandse jazzensembles.

Op deze avond concerteerde het internationale kwartet Pitch Plot 4 van fluitist Jeroen Pek. Dit kwartet, met de Duitse pianist Christian Pabst, de Amerikaanse bassist James Cammack en drummer Onno Witte, musiceerde dat de vonken ervan afspatten. Funky, swingende, groovy jazz, vertolkt door musici die ieder individueel van grote klasse waren. De composities waren uitsluitend van de hand van al de leden van het kwartet.

Het samenspel en de individuele solo's waren van uitzonderlijk hoog niveau. Een spetterende, stuwende en swingende ritmesectie (Witte en Cammack) vormde de ruggengraat voor enerverende en technisch perfect uitgevoerde solo's van Pek en Pabst. Ook de enkele solo's van bassist James Cammack waren zeer virtuoos en spectaculair. Drummer Onno Witte gaf blijk een goed gevoel te hebben voor de funk en de groove en – buiten de muziek om – draaide hij zijn hand niet om voor originele en vooral humoristische aankondigingen.

Onlangs is van deze formatie een cd uitgebracht, 'Big Eyebrow'. Ik zou die maar aanschaffen!

Klik hier voor foto's van dit concert door Maarten Jan Rieder.

Labels:

(Jacques Los, 30.3.17) - [print] - [naar boven]



Cd
Ingrid & Christine Jensen – 'Infinitude' (Whirlwind, 2016)

Opname: 3-4 juli 2015

'Infinitude' is wel een passende titel voor dit album vol eindeloze vergezichten. De gezusters Jensen groeiden op in Vancouver, van waaruit ze uitzicht hadden op een kleine tien miljoen vierkante kilometer Canada en dik zestig miljoen vierkante kilometer Grote Oceaan. Die ruimte is terug te horen op dit schijfje van nog geen twintig vierkante centimeter. Producers Jensen, Jensen en Johnston hebben een ruimtelijkheid nagestreefd die doet denken aan de arcadische ECM-producties.

Opvallend is dat de trompet van Ingrid zo mooi mengt met de sopraansax van Christine. Kwestie van DNA, wellicht. Maar die trompet, die klinkt vreemd. In mijn oren is het eerder een bugel. Wat niet zó raar is: de trompettiste speelt op een speciaal voor haar ontworpen bugelmondstuk en de beker van haar instrument heeft een 'flumpet'-model. Verder is er een fikse bak galm over het resultaat uitgestort. Daarbij passen de gezusters er voor zich niet te dicht bij de kitsch-canyon te wagen.

Er is overigens avontuur volop. 'Octofolk' begint met een duet voor contrabas (Fraser Hollins) en drums (Jon Wikan), waar zich al snel de overige instrumenten bijvoegen. Een echt tempo is er niet, eerder een 3/4-feel. Christine speelt op tenor een soort solo-onder-een-kap met gitarist Ben Monder. Heeft Wayne Shorter weleens een duet gespeeld met Jim Hall? Nou, dat klonk dus bij benadering zo.

Opmerkelijk zijn de citaten en verwijzingen. De oude ballad 'Invitation' duikt op en onder in het precieuze 'Hopes Trail', 'Trio: Garden Hour' heeft een 'O Dennenboom' in de tuin staan en Fats Wallers 'Jitterbug Waltz' komt in 'Margareta' voorbijswingen. Altijd goed, een paar oriëntatiepunten en ankerplaatsen.

Klik hier om een track van dit album te beluisteren: 'Swirlaround'.

Labels:

(Eddy Determeyer, 29.3.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Verwarring op niveau

Rein de Graaff Trio plus Gary Smulyan & Florian Wempe, donderdag 2 maart 2017, Brouwerij-proeflokaal Martinus, Groningen

In het algemeen is een goed ingespeelde vaste groep te prefereren boven een ad hoc samengestelde band. In dat eerste geval kennen de muzikanten elkaars favoriete loopjes en andere onhebbelijkheden, zodat daarop geanticipeerd en gereageerd kan worden. Je kunt dan ook verder gaan, buiten de lijntjes kleuren – dat geldt zelfs voor een bigband. Er is altijd een solide basis om op terug te vallen.

Maar het heeft ook wel wat, een groepje muzikanten dat voor het eerst samenspeelt, min of meer onvoorbereid. Vooropgesteld dat het doorgewinterde vaklui zijn. Dat was het geval met het Trio Rein de Graaff plus de gastsolisten Gary Smulyan, baritonsax en Florian Wempe, tenorsax. Nu waren de heren reeds twee weken op tournee, dus helemaal nieuw was de samenwerking niet. Maar er was zeker sprake van frictie en verrassing en verwarring, van misverstanden ten aanzien van ritmische opvattingen en accenten. Van improviseren, kortom.

Gary Smulyan, 60, kunnen we kennen van zijn Criss Cross-albums en zijn verbintenissen met tal van bigbands, van Woody Herman tot en met het Vanguard Jazz Orchestra. In Brouwerij-proeflokaal Martinus presenteerde hij zich als solist, al waren de strakke, smeuïge collectiefjes zeker ook vermeldenswaard. Smulyan speelt echt baritonsaxofoon, niet zo'n instrument dat klinkt als een afgezakte tenor of een uitgelubberde alt. In 'Just In Time' bewees hij dat hij het uithoudingsvermogen heeft van een jonge blaag als Florian Wempe, 27. De baritonblazer is ook wel in voor harmonische grapjes, zoals in het openingsstuk, een blues in F, waarin hij de 'St. Louis Blues' citeerde, maar dan in de tweede maat telkens een 'foute' noot.

Wempe maakte indruk met zijn lange, fraai geconstrueerde lijnen, die hij met korte tussensprintjes afwisselde. Ook over zijn frasering niets dan goeds, maar voor de blues, de echte blues, zal hij toch eerst nog een beetje op zijn ziel getrapt moeten worden. Zijn saxofoon vertoont ook nog te weinig groene uitslag. Komt nog wel, joh.

Bassist Marius Beets is de spreekwoordelijke rots in de branding en drummer Eric Ineke stal een substantieel deel van de show met een melodische solo op brushes in 'How Deep Is The Ocean'. Hier was pianist en leider Rein de Graaff op z'n relaxtst, hij nam ruim de tijd om het muzikale landschap in zich op te nemen en alternatieve paadjes te beproeven, waar hij andere harmonieën vermoedde. In een Johnny Hodges-blues parelde hij achter de blazers met frivole nootjes die zó uit het Lloyd Glenn-songbook geplukt hadden kunnen zijn.

Plus uiteraard de wetenschap dat er twee verdiepingen lager een brouwerij aan het werk was voor de mensheid. Een veilig gevoel.

Klik hier voor foto's van dit concert door Willem Schwertmann.

Labels:

(Eddy Determeyer, 28.3.17) - [print] - [naar boven]



Vooruitblik / Jazztube
Duke Ellingtons 'Sacred Concert' naar Nederland


Duke Ellingtons van levenslust bruisende 'Sacred Concert' behoort tot het heilige der heiligen van de Amerikaanse jazzmuziek. Een ode aan de vrije geest die zijn weerga niet kent.

In zijn laatste creatieve fase wijdde de fameuze componist, pianist en bandleider Ellington (1899-1974) zich aan zijn fameuze, driedelige cyclus voor koor, solist en jazzorkest. Zijn magnum opus 'Sacred Concert' (1965-1973) wordt hoogstzelden uitgevoerd in de concertzalen. Tot nu toe. Want Het Brabants Jazz Orkest, Capella Brabant en vocaliste Deborah Carter blazen Ellingtons avondvullende meesterwerk nieuw leven in. Uitgangspunt is de stijlvolle, gearrangeerde versie van de Zweedse componist/arrangeur Örjan Fahlström.

In 'Sacred Concert' verweeft Ellington op ongeëvenaarde wijze religieuze teksten met Europese kerkmuziek, jazz en gospelzang. Een ultiem cross-over werk, waarin een vooruitziende Ellington bruggen sloeg tussen de Oude Wereld (Europa) en de Nieuwe Wereld (VS). Muziek die het puur religieuze overstijgt en een universeel spiritueel karakter uitstraalt. Niet voor niets beschouwde Ellington dit concertwerk als "het belangrijkste wat ik ooit heb geschreven". Kortom, een niet te missen concertbeleving voor jazzconnaisseurs, muziekavonturiers en liefhebbers van bezielde, grensoverschrijdende muziek.

Concertdata
30-03-2017   TivoliVredenburg, Utrecht
01-04-2017   Theaters Tilburg Concertzaal, Tilburg
02-04-2017   Verkadefabriek, 's-Hertogenbosch
25-02-2018   De Doelen, Rotterdam

In de Jazztube hierboven zie je een uitvoering van het 'Sacred Concert' door het Duke Ellington Orchestra in Grace Cathedral, San Francisco, Californië, opgenomen op 16 september 1965.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 27.3.17) - [print] - [naar boven]



Cd's
Oğuz Büyükberber & Simon Nabatov - 'Wobbly Strata' (Try Tone, 2016)

Opname: 26 oktober 2014
Frank Gratkowski & Simon Nabatov - 'Mirthful Myths' (Leo Records, 2016)
Opname: 9 mei 2015

In relatief korte tijd verschenen twee albums waarop pianist Simon Nabatov zijn krachten meet met een klarinettist. In beide gevallen betreft het liveopnames gemaakt in de bekende Keulse jazzclub de Loft. Op 'Wobbly Strata' horen we hem samen met Oguz Büyükberber, op 'Mirthful Myths' met Frank Gratkowski. Beiden horen we zowel op klarinet als op basklarinet, terwijl Gratkowski op de laatstgenoemde plaat ook nog eens altsaxofoon speelt.

'Wobbly Strata' begint met 'Cross Play Averted' direct overtuigend. Nabatov zet de toon met een overvloed van kristalheldere noten en Büyükberber biedt hem al even gretig weerwoord met een wat meer melodieuze aanpak, het spel van Nabatov als het ware in goede banen leidend. Het blijkt het recept voor dit album dat, wellicht geheel vanzelfsprekend, volledig uit improvisaties bestaat. 'Calm Waters' vangt aan als een stroomversnelling. Maar na ruim twee minuten volgt dan toch wat de titel belooft: een enkele pianoaanslag en bijna voorzichtig spel van Büyükberber. Het levert een adembenemende scène op, waarin met name Büyükberber het voortouw neemt en op bijzondere wijze zijn klarinet laat zingen. Soms rustig, soms onstuimig, net als de rivier. Maar ook Nabaotov is in deze zeer onstuimige momenten aanwezig. Als een volleerd Sinterklaas strooit hij zijn noten door de Loft.

In 'Asked and Unanswered' horen we Büyükberber op basklarinet. Het is een heftig, ongepolijst stuk waarin de twee elkaar ongegeneerd naar de kroon steken. Het titelstuk 'Wobbly Strata' klinkt nogal wiebelig, wobbly met andere woorden. Staccato gespeeld, door beiden, creëren ze een niet aflatende, energieke stroom. 'Atempause' vormt de perfecte afsluiter. Nabatov horen we hier ingetogen, zorgvuldig zijn noten kiezend, terwijl Büyükberber valse lucht blaast en de kleppen van zijn klarinet als percussie inzet.

'Mirthful Myths is alleen al bijzonder vanwege het feit dat het de eerste keer is dat Gratkowski en Nabatov samen een album volspelen, terwijl ze elkaar als sinds 1986 kennen en al vele malen het podium hebben gedeeld. Maar dus nog nooit als duo. Dat deze twee musici echter volkomen aan elkaar gewaagd zijn, wordt al snel duidelijk. Opener 'Three Tamed Furies' doet zijn naam alle eer aan. In dit stuk van ruim 22 minuten is onstuimigheid troef, al zijn er zeker ook ingetogen momenten, waarop met name Gratkowski excelleert in zijn pogingen om met zijn klarinet de nuance optimaal vorm te geven. Opvallend is hoe goed de twee musici elkaar aanvoelen en hoe nauwkeurig ze elkaars bewegingen volgen. 'Cloud Gatherer Awakes' levert een briljant voorbeeld van instrumentbeheersing. We horen hier Gratkowski alles uit zijn altsax halen wat erin zit. Rauw, ongepolijst en heftig geeft hij de driftig hamerende Nabatov weerwoord.

De Griek Pan bespeelde een voorloper van de klarinet. Hij schijnt een meester geweest te zijn op het instrument. 'Pan’s Wanderlust' is goed te beschouwen als een hommage aan deze vroege klarinettist. Gratkowksi klinkt hier als een moderne Pan en weet ons eveneens met zijn kleurrijke klarinetspel te betoveren, zich bewegend tussen ingetogen en onstuimig en tussen hoog en laag.

Klik hier voor geluidsfragmenten van 'Wobbly Strata'. En hier vind je geluidsfragmenten van het album 'Mirthful Myths'.

Labels:

(Ben Taffijn, 27.3.17) - [print] - [naar boven]



Concert / Vooruitblik
Recht uit het hart, in het hart

Fay Claassen, cd-presentatie 'Luck Child', vrijdag 27 januari 2017, Paradox, Tilburg

De titel 'Luck Child' is afgeleid van 'Sandbox' van componiste Leni Stern, waarvoor Claassens Ierse vriendin Catriona O'Daly de tekst schreef. Het handelt over een Ierse legende, een wezen tussen een godin en een nimf dat het begrip schoonheid belichaamt wat je nooit kunt bezitten. Schoonheid die je niet vast kunt houden. Zangeres Fay Claassen draagt dit nieuwe programma op aan haar dochtertje. Het is, volgens haar eigen zeggen, het meest persoonlijke dat ze ooit presenteerde: intiem en akoestisch met alleen gitaar, piano en bas als begeleiding. Om dat vorm te geven koos zij voor gitarist Peter Tiehuis, bassist Theo de Jong en pianist Karel Boehlee. En ik moet eerlijk zeggen, ik heb de percussie niet gemist. Het deed niets af aan het ritmische deel, want dat werd helemaal opgevangen door de intonatie van haar stem en de accenten in de begeleiding van haar bandgenoten.

De eerste keer dat ik Claassen zag, een aantal jaren geleden, was in een totaal andere setting. Groot podium, grote zaal, veel afstand. En zo kwam haar optreden toen ook op mij over. Begrijp me goed, mooie vrouw, mooie stem en mooie muziek. Het is heel apart, ze zingt veelal klanken, klanklijnen en vrije noten. Ze is zeker geen gewone 'liedjeszangeres'. Maar het raakte me niet. Althans niet op de manier zoals bij dit concert. Het moet voor haar ook even wennen zijn geweest, confronterend misschien, de intense participatie van het publiek in zo'n intieme setting als op het Tilburgse jazzpodium Paradox. Het publiek zit dichtbij en de interactie is groot. Dus er werd wat gevraagd van haar als persoonlijkheid. Ze trotseerde de uitdaging en omarmde de toereiking dankbaar. Na enige aarzeling leek het alsof ze zich meer openstelde en ook haar muziek meer open ging. En dat had ook zijn weerslag op haar begeleiders. Kortom, het kwam ten goede aan de muziek!

Ook bij Tiehuis en De Jong gingen in de loop van het concert de luiken open. Met als resultaat dat de muziek ging spetteren en stralen. Een bewuste keuze misschien om saxofonist Toon Roos als gast uit te nodigen? Hij is bij uitstek een muzikant die ook fysiek heel erg aanwezig is en de muziek met zijn hele lijf uitdraagt. Hij voelt wat hij speelt en andersom. Hoe hij beweegt (hij swingt!), zijn mimiek en uitstraling; hij zorgt er voor dat het publiek de muziek ook voelt. Wellicht dat daarom de boodschap zo doeltreffend was. Het verhaal wat Claassen wil vertellen met deze nieuwe cd 'Luck Child', recht uit het hart, in het hart.

Klik hier voor foto's van dit concert door Monique van der Lint.

Vanavond staat Fay Claassen in het kader van deze cd-releasetour in Luxor Live, Arnhem. En op zaterdag 1 april treedt ze met deze band op in de Verkadefabriek, Den Bosch. Beide keren met Toon Roos als gastsaxofonist.

Labels:

(Donata van de Ven, 26.3.17) - [print] - [naar boven]



Cd
GLiTS - 'Getting Lost In Tiny Spaces' (El Negocito, 2017)

Opname: september 2015 & juli 2016

Trompettist Bart Maris is een vaste waarde in het Vlaamse muzieklandschap, die in heel verscheidene settings opduikt - meestal in de jazz en vaak met een voorkeur voor improvisatie, maar ook wel eens daarbuiten, bijvoorbeeld bij broer Piet in Jaune Toujours. Net als pianist Peter Vandenberghe maakt Maris al jaren deel uit van Flat Earth Society, de dolle, maar goed georganiseerde bende rond Peter Vermeersch. Met drummer Teun Verbruggen en bassist Kristof Roseeuw vormt pianist Vandenberghe de ritmesectie binnen FES en Too Noisy Fish daarbuiten. Als pianotrio vangen zij internationaal lovende recencies voor hun energieke en spannende muziek.

GLiTS is een ander paar mouwen, dat als project eerder aanleunt bij een paar andere samenwerkingen van Bart Maris. Zo heeft hij Krommekeer, een duo met cellist Lode Vercampt, en gaat hij graag de hort op met sopraanzangeres Sylvie De Pauw (Collegium Vocale). Allebei zijn het projecten met klassiek geschoolde muzikanten die graag het avontuur zoeken. Zin om te zoeken en een drang naar avontuur kenmerkt ook GLiTS, dat de mosterd graag lijkt te halen in de brede domeinen van zowel jazz als klassieke muziek. De vergelijking met modern klassiek dringt zich misschien op, omdat hun muziek vaak uitgepuurd is en toch voorzien van schone bogen.

Bij hun cd-voorstelling in Lokeren vertelde Bart Maris dat Peter en hij graag samen op zoek gaan naar dingetjes waarrond zij samen kunnen broddelen, tot zij er genoeg van hebben en dan weer op zoek gaan naar een volgend thema. Vandaar ook de naam: Getting Lost In Tiny Spaces. Dat gretig improviseren was toen live heel zichtbaar, dat speels zoeken klinkt ook sterk door op de cd.

Eerste track 'Chromato (1)' komt over als een stukje dat is vast komen liggen in een compositie, maar het blijft na meermaals beluisteren een speelse kracht behouden. Deze track is trouwens op YouTube te vinden met een stop-motionfilmpje dat het krachtige tekenwerk op de hoes gebruikt om de cd voor te stellen. De korte aanslag van noten en de ritmiek doen hier een beetje denken aan bands onder leiding van de meesterlijke trompettist Peter Evans, maar toch horen we op deze cd duidelijk twee andere, ook herkenbare muzikanten.

Enthousiasme en wilde speelsheid wisselt het duo af met soberheid en ingetogenheid. De avontuurlijke inslag van GLiTS maakt dat de muziek steeds weer aparte wendingen maakt, zowel in tragere als snellere stukken. Als de pianist en de trompettist, zoals in 'Brescia', een mooie melodie spelen, dan kunnen zij die deels ondergraven en verderop weer oppikken en op zijn schoonst vertolken. Of ze zich van hun meest ernstige kant tonen als zij het zuiverste of het aandoenlijkst spelen, moeten we in het midden houden. Hier en daar lijkt de muziek amper een haarbreedte af van kitsch, maar iets als 'Tiny (Bijloke)' is werkelijk heel fijngevoelig.

Behalve op prachtig gearticuleerde noten, heerlijk geschetter en zowel rustig als levendig welluidend toetsenspel trakteren de muzikanten op fijn geperste, piepende klanken, met speeksel nat gemaakte luchtstromen, alsook op aanslagen op de toetsen en de snaren in de kast van de piano. Die minder orthodoxe technieken worden vakkundig aangewend. Bij dit schijfje past eigenlijk wel het huidige motto van Radio Klara: blijf verwonderd.

De opbouw van de cd werkt daar ook uitstekend aan mee, want de kortere en langere tracks komen in zo'n volgorde dat je soms niet doorhebt dat een nieuwe track begon. Getting lost, in de zin van zich verliezen of de weg kwijt raken, kan je hier als luisteraar op fijne manieren!

Klik hier om een zestal tracks van dit album te beluisteren.

Foto: Cees van de Ven

Labels:

(Danny De Bock, 25.3.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Valle zet perfecte show neer

Ramón Valle Trio, vrijdag 17 maart 2017, Paradox, Tilburg

De uit Cuba afkomstige pianist Ramón Valle is een romanticus. Zo blijkt ook nu weer tijdens het optreden van zijn trio in Paradox. De basis van zijn eigen composities en vrijwel alles wat vanavond klinkt is van zijn hand, ligt in de latin. Maar Valle vermengt dit op grootse wijze met jazz en een vleugje Rock-'n-roll, terwijl ook zijn achtergrond als klassieke pianist uitstekend hoorbaar is. Valle is daarnaast een zeer virtuoos pianist en een gepassioneerd mens, die met name tot zijn recht komt in uptempo nummers als 'Trance Dance In Blue' en 'Fourty Degrees'. Zijn vingers bewegen zich in hoge snelheid over de toetsen, het ene complexe melodische patroon voor het volgende verruilend. Met bassist Omar Rodriguez Calvo en drummer Liber Torriente beschikt hij bovendien over een meer dan goede ritmesectie. Dit trio zorgt voor vertier op het allerhoogste niveau.

Dat de top wordt bereikt met de uptempo nummers wil geenszins zeggen dat er geen momenten van rust in dit concert zitten. Twee momenten verdienen het vooral om bij stil te staan. Voor de pauze overtuigt Valle met 'Fabio', opgedragen aan zijn nu tien jaar oude zoontje. Het is een breekbare, slepende ballade. Bijna een dans, waar het zuidelijke temparement onmiskenbaar in doorklinkt. Bijzonder in dit nummer is tevens de lyrische en intense solo van Calvo. Eindigen doet Valle zelf met een uitbundige solo. De romanticus ten top. Ook na de pauze staat er een ingetogen compositie op het programma. 'Hallelujah' van Leonard Cohen draagt Valle een warm hart toe. Het is de enige cover die hij tijdens dit concert speelt en zijn uitvoering is niet minder dan groots. Met veel gevoel en verstilde energie vangt hij solo aan, tot zijn medemusici bijvallen en het zo herkenbare refrein klinkt. Valle, Calvo en Torriente weten hier de luisteraar te raken met hun grote mate van intensiteit en de kleuring die zij aan deze klassieker geven. Een mooie ode aan het vorig jaar overleden genie.

We zeiden het reeds, Valle schept er behagen in om van tijd tot tijd flink los te gaan. Dan staat hij achter zijn piano en beukt op zijn toetsen. Het gaat op geen enkel moment ten koste van zijn scherpte of zijn gevoel voor timing, maar het verhoogt de algemene feestvreugde. En dit geldt dan vooral als de stukken aansluiten bij zijn latin roots. 'Kimbara Pa Nico', waar hij de eerste set mee afsluit, past perfect in dit rijtje. Hij verweeft in dit nummer op benijdenswaardige wijze die roots met warmbloedige jazz, waar altijd een grote mate van swing in doorklinkt. Nummers ook die op diverse momenten Torriente in gelegenheid stellen om een van zijn zeer ritmische solo's te laten weerklinken.

Muziek is Valle's passie en zijn lijn met het leven. Het is de zuurstof die hij inademt. Dat is te merken. Aan veel, maar zeker ook aan zijn composities, waarin hij opvallend vaak refereert aan zijn leven. We noemden reeds 'Fabio'. Maar hij schreef ook 'Baila Harold Baila' voor een overleden vriend en choreograaf, vanzelfsprekend een zeer dansbaar stuk. En hij schreef ‘Principe Enano' voor een neef en 'Cinco Hermanas' voor zijn vijf zussen, die alle vijf nog in Cuba wonen, terwijl hij zijn domicilie in Nederland heeft gevonden. Stuk voor stuk intense nummers waarin de passie en het gevoel doorklinken en Valle ons een kleine inkijk geeft in zijn (muzikale) leven. Waarvoor dank.

Foto's: Monique van der Lint & Maarten Jan Rieder

Labels:

(Ben Taffijn, 24.3.17) - [print] - [naar boven]



Cd
Christer Fredriksen – 'Vit' (Losen, 2017)

Opname: 25-27 juni 2016

Bij een blinddoektest zouden de kandidaten nog een zware dobber hebben aan 'Preludium', de openingstrack van 'Vit'. Een Farfisa-orgel? Niet? Maar toch wel Bach, hè? Doch Christer Fredriksen speelt sologitaar en alles stond er in één keer op, zonder overdubs of splices. Hij heeft natuurlijk wel zijn knopjes en pedaaltjes. Met loops creëert de Noorse gitarist ritmen en melodietjes. Dat gebeurt bijvoorbeeld in 'Go With The Grain', waar hij ook nog op de een of andere raadselachtige manier een basloopje onder heeft geprutst. Is dat een achterstevoren afgespeelde lus in 'I Did Nothing'?

De muziek heeft een meditatief karakter, maar is niet zo suïcidegericht als veel Noorse jazz van tegenwoordig. In 'Flow' klinkt Fredriksen orthodox, bijna als een Brits folkrockbandje uit de sixties. Het geluid van 'The Day I Lived', ik zei al, weinig zelfmoord, dat geluid is bijna tastbaar. Een monoliet die langzaam verkleurt als het zonlicht erlangs trekt.

Fredriksen lijkt lang over zijn noten na te denken, maar als hij er eenmaal een plekje voor heeft gevonden is hij zelfverzekerd en trefzeker. In 'Meditation For Tina' schuiven twee continentale platen langzaam over elkaar. De resulterende diepe trillingen voel je in je tors. Wanneer je dat proces met behulp van meditatie weet te beïnvloeden, ben je voor mij een superswami. 'Raindancer' levert een zware motregen op die voorlopig nog niet over is. Een soort witte ruis – vandaar de titel van het album?

Labels:

(Eddy Determeyer, 24.3.17) - [print] - [naar boven]



Reportage / Jazztube
Honderd jaar na dato

Lezing over de eerste jazzplaat door Hans Esman en Victor Bronsgeest, met muzikale illustraties, zondag 26 februari 2017, Le Petit Theatre, Groningen

Het was zondagmiddag 26 februari half vier precies honderd jaar geleden dat vijf jongelui de studio van de Victor Talking Machine Co., 46 West 38th Street (elfde verdieping) in New York binnenstapten om daar 's werelds eerste jazzplaat op te nemen. Deze historische daad van de Original Dixieland Jazz Band (ODJB) werd in Le Petit Theatre, 5933 kilometer verderop, gevierd met een lezing met livemuziek. En eerlijk is eerlijk: de 'Livery Stable Blues' bleek live een stuk sterker dan wat de mannen van cornettist Nick La Rocca, gehinderd door de technische beperkingen van die tijd, ervan bakten. De matige geluidskwaliteit van die eerste Victor-78 toerenplaten is een handicap voor de huidige generatie luisteraars – live zal de ODJB ongetwijfeld heel wat krachtiger en spannender zijn geweest.

ODJB-kenners Hans Esman en Victor Bronsgeest deden het verhaal van die historische opnamen powerpuntig uit de doeken. (Het eigentijdse gehannes met laptops, snoertjes, een Victrola-hoorn en microfoons was een charmante en adequate vertaling van de problemen van de betrokkenen in 1917.) De verrichtingen van de jazzpioniers werden door de inleiders in historisch perspectief geplaatst. Van sommige onderwerpen, zoals betreffende de veile vrouwen Mata Hari en Marlene Dietrich, werd niet helemaal duidelijk wat die met die eerste jazzplaat te maken hadden. Maar de gememoreerde torpedering van de RMS Lusitania, op 7 mei 1915, was wel degelijk relevant. Die daad was aanleiding voor de Verenigde Staten om zich actief met de Eerste Wereldoorlog te gaan bemoeien. Wat op zich een linke zaak was, daar destijds een op de tien Amerikanen van Duitse afkomst was, zoals Esman opmerkte. Vandaar dat het nummer 'War Cloud', dat op 25 juni 1918 werd opgenomen, werd omgedoopt in 'Fidgety Feet'.

Pianist Nanne van der Werff maakte met een stevig stukkie stride duidelijk dat er, behalve dixieland jazz, ook andere vormen van op ragtime gebaseerde muziek populair werden in de jaren tien. Zoals ook de blues, die gastvrouw Sharon Doelwijt ('Ain’t Nobody’s Business') liet klinken. Ad Houtepen (cornet en sax), Bronsgeest (trombone), Hans Bosch (klarinet en sax), Van der Werff en Lielian Tan (slagwerk) kweten zich nauwgezet van hun taak. Die oude stukken zijn zo simpel nog niet. Je moet een goed evenwicht zien te vinden tussen individuele vrijheid en de cohesie van het collectief. Op cornet heeft Houtepen net dat breekbare dat kenmerkend is voor honderd jaar oud porselein, casu quo koper.

Hoe jazz er een eeuw na 'Livery Stable Blues' in Nederland bijstaat, kon je na de herdenkingsplechtigheid in brouwerij en proeflokaal Martinus horen, het nieuwe, stijlvolle pied-à-terre van de Stichting Jazz in Groningen. Daar speelde het trio van tenorist Mete Erker enerverende en coherente muziek, waarin je met een beetje goeie wil de erfenis van klarinettist Larry Shields nog terug kon horen, plus echo's van tussenpausen Sonny Rollins en John Coltrane.

Meer informatie over het ODJB-project: bronsgeest@quicknet.nl.

In de Jazztube hierboven kun je die eerste jazzplaat, 'Livery Stable Blues', beluisteren.

Labels: ,

(Eddy Determeyer, 23.3.17) - [print] - [naar boven]



Cd's
Earth Tongues - 'Ohio' (Neither Nor, 2016)

Opname: 18 juli 2015
Carlo Costa's Acustica - 'Strata' (Neither Nor, 2015)
Opname:20 mei 2014
Raphael Malfiet - 'Noumenon' (Ruweh, 2016)
Opname: 25 november 2015

Wanneer wordt geluid muziek? Een relevante vraag voor een ieder die zich verdiept in het werk van Carlo Costa. De uit New York afkomstige percussionist doet niets liever dan met gelijkgestemde musici de hierboven geschetste grens aftasten. De albums die hij uitbrengt op zijn eigen label Neither Nor Records - what's in a name - zijn op zijn minst apart te noemen en zullen door sommigen worden afgedaan onder de verzuchting: "Dit is geen muziek!" Helaas, want ze doen Costa en zichzelf daarmee te kort.

Op het onder de naam Earth Tongues uitgebrachte 'Ohio' werkt Costa samen met Joe Moffet en Dan Peck. Hun instrumenten zijn de trompet respectievelijk de tuba en in beide gevallen een cassetterecorder. Gezamenlijk creëren de drie musici twee abstracte kunstwerken bestaande uit klank. Subtiele geluiden, vaak ondefinieerbaar, niet toe te schrijven aan een instrument, maar uiterst fascinerend. Er zit vrijwel geen ritme, geen melodie, geen harmonie in de stukken, louter klank. Geluiden. In de muziek gebeurt dus vrijwel niets. Ja, gepruttel en zo nu en dan een uithaal, maar dat is het dan wel. Zeker in het eerste driekwart van de beide stukken. Pas aan het einde, en dat geldt zowel voor 'Ohio Part 1' als voor 'Ohio Part 2', creëert het trio een constellatie die ons doet denken aan muziek, met een beetje goede wil. En toch, het is spannend en boeiend wat hier gebeurt. Tenminste als je als luisteraar bereid bent om alle conventies los te laten en je mee te laten voeren, de eerste keer ruim 40 minuten en de tweede keer 52 minuten.

In 'Strata' heeft Costa een beduidend grotere formatie tot zijn beschikking voor zijn experimenten: Carlo Costa's Acustica telt maar liefst dertien man. De naam zegt het al: er komt geen elektrisch instrument aan te pas, dus ook geen cassetterecorders. Al omschrijft Costa zijn inspiratie voor dit album als volgt: 'The title of this piece refers to the layers of sedimentary rock and soil, known as strata (singular: stratum), which can be observed as horizontal stripes of different colored or differently structured material in cliffs, river banks or in excavations.' Het maakt voor het resultaat niet zo veel uit. Het verschil tussen die gekleurde rotslagen en een abstract schilderij, waar 'Ohio' je aan doet denken, is niet zo groot. De overeenkomst tussen beide albums is dan ook, ondanks het verschil in bezetting, bijzonder groot. Net als in 'Ohio' staat in 'Strata' het verkennen van klanken en het opzoeken van de grenzen tussen geluid en muziek centraal.

We kennen Carlo Costa inmiddels ook van zijn samenwerking met de Belgische basgitarist Raphael Malfiet. Na een aantal liveoptredens ligt er nu ook een album, 'Noumenon', waarop we Malfiet en Costa horen in gezelschap van gitarist Todd Neufeld. De muziek heeft zeker raakvlakken met de twee hiervoor genoemde albums, maar 'Noumenom' heeft in een aantal nummers, alle van de hand van Malfiet, een meer harmonische structuur. In het lange 'Kandy', waar het album mee opent, in 'Kort', dat bestaat uit een korte solo van Neufeld, en in het zeer ingetogen 'Arcana', waarin de drie musici een subtiel klankevenwicht bereiken.

Labels:

(Ben Taffijn, 22.3.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Free jazz als vanouds

Amado/McPhee/Kessler/Corsano, woensdag 8 maart 2017, Bimhuis, Amsterdam

Het zijn de laat vijftiger jaren en de jaren zestig, zeventig en tachtig dat free jazz op zijn hoogtepunt was. In 1958 en '59 bracht pionier en altsaxofonist Ornette Coleman platen uit met als titel 'Something Else!!!!', 'The Shape Of Jazz To Come' en 'Change Of The Century'. Een regelrechte sensatie, die de jazz een totaal andere richting deed inslaan en alras tweespalt veroorzaakte bij de jazzliefhebbers. Het onder meer verlaten van harmonieën, thema's en ritmiek veroorzaakten bij velen rillingen over de rug en gehoorfobieën. De vrijheid in de jazz was echter niet meer te stuiten en andere prominente vernieuwers van de vrije improvisatiemuziek, waaronder Archie Shepp, Cecil Taylor, Albert Ayler, Sun Ra, Pharoah Sanders, werden iconen van dit nieuwe jazzgenre.

Ook in Nederland waren er al snel freejazzers te vinden op de diverse podia. Vooral het Bimhuis, ontstaan in 1974, was de plek voor avant-gardisten als Misha Mengelberg, Willem Breuker, Han Bennink en vele anderen.

Inmiddels is de animo voor de free jazz bij zowel liefhebbers als musici behoorlijk afgenomen. Het kwartet Amado/McPhee/Kessler/Corsano heeft de freejazzfakkel overgenomen en blaast het stuiptrekkende genre weer nieuw leven in. In de twee sets, die vanaf de eerste tot en met de laatste noot uitsluitend geïmproviseerd waren, herleefde deze vitale jazzstroming van weleer op zeer welluidende en magnifieke wijze. Het kwartet musiceerde meer dan voortreffelijk, uitzonderlijk geconcentreerd en de interactie tussen de muzikanten onderling was perfect. Het samenspel, gebaseerd op summiere muzikale afspraken, getuigde van grote individuele beheersing van instrumenten en idioom.

Tenorsaxofonist Rodrigo Amado imponeerde door zijn technisch vermogen op zijn instrument en het toepassen van alternatieve tonen, zoals multiphonics, false fingering en toptones. De tweede blazer – sopraansax, pockettrompet - in het kwartet, de veteraan Joe McPhee (geboren in 1939), heeft een enorme staat van dienst en een lange reeks cd's op zijn naam, in het bijzonder op het Zwitserse HatHut-label. Hij stelde zich deze avond vooral bescheiden op, zowel in de collectieven als in zijn solo's. Gelet op zijn leeftijd is dat niet zo verwonderlijk. Drummer Chris Corsano en bassist Kent Kessler vormden een magisch en bij tijd en wijle stormachtig stuwend ritmeduo. Zij musiceerden geheel in het free-jazzkader met open oor en (soms) oog voor wat gaande was in de collectieve en individuele improvisaties van beide blazers.

Klik hier voor foto's van dit concert door Maarten Jan Rieder.

Labels:

(Jacques Los, 21.3.17) - [print] - [naar boven]



Cd
Billy Childs – 'Rebirth' (Mack Avenue, 2017)

Opname: 2-4 december 2015

Pianist en componist Billy Childs zet je hier een paar keer op het verkeerde been. Althans, dat deed hij bij mij. Aan zo'n openingstrack 'Backwards Bop' hoor ik niet zoveel achterstevorens. Integendeel, ik hoor Dizzy Gillespie en meer in het bijzonder hoor ik 'Rays’s Idea' uit het repertoire van zijn 1946-bigband. Enigszins, dan. Aan 'Shiva' hoor ik ook niks Indiaas. Ik hoor een originele, uitbundige, behoorlijk gecompliceerde melodie die nochtans losjes wordt gespeeld. Ik hoor de interactie tussen piano, bas en drums en ik hoor de sopraansaxofoon van Steve Wilson alle kanten opschieten. Niet zo vreemd wanneer je zoveel armen tot je beschikking hebt. En zo hoor ik in 'The Starry Night', wederom een eigen compositie van de pianist, ook niets van het vredig fonkelende hemelgewelf uit 'The Story Of A Starry Night' (de oorlogshit die gebaseerd was op de Zesde Symfonie van Pjotr Iljitsj Tsjaikovski, de 'Pathétique'). Anno 2015 is de wetenschap een stuk verder gevorderd en Billy Childs heeft ook neutronensterren, supernovae en andere helse hemellichamen in de mix gestopt.

Een saaie bedoening wordt het kortom nooit. In 'Rebirth' toont Childs zijn indrukwekkende techniek, afgewisseld met zwaar geplaatste McCoy Tyner-akkoorden. De stem van medecomponiste Claudia Acuña is hier smaakvol ingezet en evenwaardig aan de sopraansaxofoon, met dien verstande dat haar partij volledig uitgeschreven is. Een uitbundige affaire, zo'n wedergeboorte. Horace Silvers 'Peace' is dan weer opgetuigd met mooie harmonieën en rijke decoraties.

Wordt het zo zoetjesaan geen tijd dat die Billy Childs (Freddie Hubbard, J.J. Johnson, Grover Washington) eens degelijk doorbreekt?

Labels:

(Eddy Determeyer, 20.3.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Tot op het bot opwindend

James Brandon Lewis Trio, woensdag 8 maart 2017, Paradox, Tilburg

Bandleider en tenorsaxofonist James Brandon Lewis vormt, samen met Luke Stewart op elektrische bas en Warren G. 'Trae' Crudup op drums, een trio dat nu al gerekend wordt tot een van de meest opwindende en vooruitstrevende jazzensembles van de laatste tijd. En dat uit Amerika! In de ontwikkeling van de jazz is Europa inmiddels de Verenigde Staten gepasseerd. Jazzmuziek, geworteld in de 20e eeuw, is taaier dan weleens wordt gedacht. In beperktere mate geldt dat ook voor een klein deel van de muzikanten, afkomstig van het Amerikaanse continent. Zij zijn bereid te veranderen. De luisteraars, die na een 'oorwassing' Paradox hebben verlaten, zijn niet anders dan overweldigd door de muzikale bezieling van het drietal.

James Brandon Lewis heeft in 2016 zijn vierde plaat uitgebracht. Het materiaal dat vaak zonder pauzes voorbij dendert, is in belangrijke mate afkomstig van het onder eigen beheer uitgebrachte 'No Filter'. Na zijn debuutalbum 'Moments' uit 2010 zijn vooral 'Divine Travels' en 'Days Of Freeman' met gejuich ontvangen. Op zijn debuut voor het Okeh-label met de avonturiers William Parker en Gerald Cleaver wordt de vrije muzikale opvatting van Lewis vooral geïnspireerd door het spirituele. 'Days Of Freeman' uit 2015, met drummer Rudy Royston en baslegende Jamaaladeen Tacuma, wordt primair beinvloed door de hiphop.

Tijdens het hele optreden lijkt, vooral in de eerste set, het traject van de hogesnelheidstrein te zijn verlegd. Alsof de duivel op de hielen zit stoomt het trio in een razend tempo en zonder scrupules door. Brandon Lewis speelt uitgesproken, agressief en in extremis hard. Vaak met optimale urgentie en soms met korte statements. Het is echter de verbluffende en rijke gedetailleerdheid van zijn tenorspel die een mens doet zinderen. Ook nu komen elementen van spirituele muziek en hiphop terug in het spel. Maar is de toevoeging van de vrije funk van Ornette Coleman's Prime Time-band onderscheidend voor de avant-gardistische aanpak van Lewis. Het basgeluid van Stewart spreekt de taal van Tacuma, wars van enige consideratie. Zijn bas legt heftig en schijnbaar vrijelijk een eigen weg af. Funky en met smoel. Crudups woeste percussie is onmenselijk accuraat. Jachtig onderstreept de drummer de onstuimigheid die deze muziek zo kenmerkt.

Na de pauze wordt de onbevreesde, energetische aanpak vervolgd en ontstaat er net iets meer ruimte tussen de noten. Bij vlagen wordt het tempo zelfs enigszins vertraagd en worden onverwachte wendingen in de sfeer van de muziek aangebracht. De muziek blijft gedomineerd worden door vrije funkopvattingen, al steken soms swing- en calypso-elementen de kop op. Geen hapklare brokken, eerder als ingrediënten voor sluipmoordenaars. De rekening wordt meedogenloos betaald. Het trio speelt eendrachtig met het idee beter zelf te verslinden dan verslonden te worden. Zelfs het spelen van een ballad wordt niet geschuwd. Echter wel met een spijkerhard en intens gearticuleerd geluid, mystiek en somber. De rauwe, ongepolijste street sound blijft het optreden domineren. Pure Afro-Amerikaanse roots wordt vol trots, zelfbewust en strijdbaar uitgedragen. Brandon Lewis rijgt het spirituele, de hiphop en de complexe vrije funk aaneen met jazz.

'Bamako Love' van Don Cherry is de melodische afsluiting van een dampend en niets ontziend avontuur, onder leiding van het James Brandon Lewis Trio.

Klik hier voor foto's van dit concert door Louis Obbens.

Labels:

(Louis Obbens, 18.3.17) - [print] - [naar boven]



Cd
Joshua Green & The Cyborg Orchestra - 'Telepathy & Bop' (eigen beheer, 2016)


Josh Green is zo'n mannetje dat in New York achter tal van schermen aan de touwtjes trekt. Hij schrijft en produceert voor televisie, film, Broadway en meer experimenteel theater. Met zijn Cyborg Orchestra voert hij een favoriet tweedelig stuk uit, 'Telepathy & Bop', waaraan hij in 2007 begon te werken, naar aanleiding van de dood van de door hem bewonderde saxofonist Michael Brecker. In dit stuk gaan de improvisaties ongemerkt over in uitgeschreven passages. Het motiefje van vijf klimmende nootjes duikt overal op, in het ensemblespel en in de solo's. Heel sfeerrijk. Gitarist Sungwon Kims bijdrage, een soort sprokkelhout dat vluchtig op muziek is gezet, klinkt als een ode aan de abstracte jaren zeventig-collega's.

Een soortgelijke opwaartse beweging kenmerkt eveneens het openingsstuk, 'Boy & Dog In A Johnnypump'. Ook hier is Sungwon Kim de belangrijkste solist. Het orkest hobbelt over een springerig ritme en bereikt een Kentonesque bombast. Daarbij confronteert Green een traditionele rietsectie met een hedendaags strijkkwartet.

'The Lauer Faceplant, Based On A True Story' gaat verder waar Astor Piazolla ophield. Een tenorist, vermoedelijk Charles Pillow, spint zichzelf in met loops en de hele compositie voelt en ademt als een collage. Zo gooit de componist het over velerlei boegen. Er zijn echo's van Claude Debussy en Igor Stravinsky, van Eddie Sauter en van de kermis. Maar misschien kun je nog het beste met een leeggemaakt hoofd naar deze fascinerende expeditie van het Cyborg Orchestra luisteren.

Klik hier om de openingstrack van dit album te beluisteren: 'Boy & Dog In A Johnnypump'.

Labels:

(Eddy Determeyer, 18.3.17) - [print] - [naar boven]



Jazz Class-X
Kaufman/Landfermann/Lillinger - 'Grünen' (Clean Feed, 2010)

Opname: 1 april 2009

Uw nederige dienaar krijgt tal van cd's door vele labels en muzikanten, veel meer dan mogelijk zijn om zelfs maar te beluisteren, laat staan om ze allemaal te recenseren. Veel van de albums waarover ik niet schrijf hebben één ding gemeen: een gebrek aan muzikaliteit.

Soms zijn de ideeën er wel, maar op een cerebraal niveau, of is het creatief alleen maar om creatief te zijn, apart alleen om apart te zijn, luidruchtig om luidruchtig te zijn, choquerend puur om te choqueren. Muzikaliteit en invoelbaarheid (qua flow, geluid, tempo, interactie...) vereist echter talent, en niet alleen conceptueel denken en technische vaardigheden.

Dit Duitse trio belichaamt deze notie van 'muzikaliteit', uitgedrukt in acht improvisaties. Pianist Achim Kaufmann, bassist Robert Landfermann en drummer Christian Lillinger brengen een mix van jazz en vrije improvisatie, maar allemaal met een ongelooflijk gevoel voor lyriek en spanning. Dat laatste is het gevolg van de vele variaties en uitdagende contrasten tussen de drie instrumenten, met vreemde rolverschuivingen tussen de melodische en ritmische instrumenten. De spanning vloeit ook voort uit het contrast tussen lichte, bijna impressionistische momenten en donkere, ritmische passages, zoals in het lange 'Khaki'.

De schoonheid van dit alles ligt in de boeiende storytelling, met regelmatig nieuwe verhaallijnen die de aandacht trekken, zodat je steeds benieuwd bent naar wat er gaat komen. Het trio neemt de luisteraar mee in een soms overweldigende, meeslepende en fascinerende trip, door middel van onverwachte geluidsverkenningen op 'Reed' of 'Loden', vol weirde wendingen, of juist door de rustgevende gevoeligheid van 'Ur'.

De albumtitel refereert aan verschillende kleurtinten en wordt ook weerspiegeld in de titels van de tracks, vrije associaties van het woord 'groen', maar steeds in lijn met hun muziek. Geen voorspelbare kleuren, want net als de kleur is de muziek heel fris en ongerept, met af en toe schaduwen van hetzelfde materiaal, maar toch weer heel anders.

Kaufmann, Landfermann en Lillinger creëren iets nieuws met het traditionele pianotrio-format, met een hoge mate van muzikaliteit en creativiteit. Deze drie kunstenaars maken geen muziek, ze zijn muziek.

Klik hier om te luisteren naar een track van dit album: 'Signal'.

Labels: ,

(Stef Gijssels, 17.3.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Niet zus maar zo

Wilbert de Joode: Core & More 2, zaterdag 4 maart 2017, Hot House, Leiden

Het is de dag nadat de onbetwiste grootmeester van de geïmproviseerde muziek, Misha Mengelberg, het tijdelijk voor het eeuwige verwisselde. Mengelberg was niet zomaar een musicus. Met een handvol geestverwanten stond hij aan de wieg van de Europese geïmproviseerde muziek en in de afgelopen 50 (!) jaar drukte hij een onuitwisbaar stempel op de internationale impro-beweging, stimuleerde jong en oud en zette en passant Nederland op de kaart als belangrijk land als het gaat om muzikale innovatie. Het is dan ook niet meer dan logisch dat Wilbert de Joode deze avond met Core & More 2 een hommage brengt aan een musicus en componist die ook voor hem van onschatbare waarde is geweest.

Samen met de vaste crew bestaande uit drummer Onno Govaert en saxofonist/klarinettist Tobias Delius en pianiste Marta Warelis (De 'Core' van Core & More 2 - in Core & More 1 zit gitarist Jasper Stadhouders) en aangevuld met trombonist Joost Buis (de 'More' dus) bewerkt het kwintet het op ICP 049 verschenen 'Niet Zus Maar Zo' op geheel eigen wijze. Zingt Mengelberg in het origineel de knotsgekke zin: "Ik schijn een hond te zijn, afijn, afijn, afijn", om te besluiten met "hoe ik ook heet, het maakt uit geen reet", dit kwintet kiest voor een instrumentale versie waarin de ballade-achtige melodie herkenbaar is, evenals Mengelbergs eclectische kijk op muziek waarin jazz met exotischere muziekstijlen wordt vermengd. Maar als intro op het stuk is het De Joode zelf die in zijn kenmerkende stijl soleert. Letterlijk trekkend en duwend haalt hij de geluiden uit zijn bas. Het kraakt, wringt, knettert aan alle kanten. De Joode zondigt tegen alle regels, maar creëert met zijn bas en zijn strijkstok hier wel poëzie van een ongenaakbare schoonheid.

De combinatie Buis–Delius is een bijzondere en zorgt op menig moment voor prachtige muzikale vergezichten. Het concert begint er nota bene mee. De twee, Delius hier op klarinet, vullen elkaar op luisterrijke wijze aan, terwijl het driemanschap De Joode–Govaert–Warelis een abstract klanklandschap in elkaar sleutelt. Vlak erna zit de eerste solo van de Poolse pianiste Marta Warelis, die reeds eerder opviel bij het concert ter gelegenheid van de Boy Edgar Prijsuitreiking aan De Joode in het Bimhuis. We roemden toen reeds haar 'zangerige, heldere, maar ook zeer ritmische pianospel'. Die beschrijving is onverkort van kracht, met nu nog als toevoeging dat het eveneens bijzonder puntig klinkt.

Opvallend in dit concert is dat het doortrokken is van weemoed. Het zal met het overlijden van Misha te maken hebben. Maar de blues doet regelmatig zijn intrede op deze wonderlijke avond. In het poëtische duet van De Joode en Buis, waarin de gestreken noten zo mooi samenvallen met de weemoedige toon van Buis' trombone, tevens voorzien van een rafelrandje. Het vormt de opmaat voor een langere scène waarin De Joode en Govaert met een slepend ritme begeleiden, Buis en Delius excelleren in solo's en waarin Warelis op haar knieën gezeten de onderkant van de opengemaakte buffetpiano bespeelt. En in de tweede set heft Delius een ware klaagzang aan op tenorsax, spaarzaam begeleid door enige aanslagen van De Joode. En na een melodieuze fase waarin Warelis weer eens loos mag gaan, straf begeleid door Govaert en De Joode, keert ook nu de blues weer terug om ons aan de hand mee naar huis te nemen.

Klik hier voor foto's van dit concert door Ken Vos.

Labels:

(Ben Taffijn, 17.3.17) - [print] - [naar boven]



Cd
Rich Halley / Carson Halley – 'The Wild' (Pine Eagle, 2016)

Opname: 27 juni & 27 augustus 2015

Vader Rich (tenorsax en fluit) en zoon Carson Halley (drums) gaan al bijna twintig jaar regelmatig bij elkaar zitten om een uurtje te jammen. Zonder afspraken, geen vangnet, helemaal spontaan. Voor de verandering hebben ze dat nu ook eens in een studio gedaan en het resultaat staat op 'The Wild'.

Soms is de muziek zuiver associatief: de ene noot lokt de volgende uit. Zoals in een doorgecomponeerd werk in de klassieke muziektraditie – alleen is hier sprake van spontane composities. Maar vaker dringen zich toch al gauw structuurtjes op, of is er sprake van duidelijke spanningsbogen.

Rich Halley krijgt hier alle kans om zijn rijke, goedgevulde sound te etaleren. Als je hem zou vergelijken met die onbetwiste grootmeester van de vrije associatie en de lange adem, Sonny Rollins, dan moet je vaststellen dat Halley minder vloeiend speelt en eerder op de korte baan scoort.

Rich staat tot Rollins als Carson staat tot Roach. Dat is het duidelijkst het geval in 'The Stroll', waarin Carson Halley zich een Max Roach-groove heeft aangemeten. Hij begeleidt gevarieerd, maar luistert met alle oren. Dat geldt ook voor zijn – schaarse - solowerk.

Nochtans is een uur vrij zwoegen en zwingen een tikje te veel van het goede. Liever hoor ik vader en zoon in grotere ensembles, waarin de saxofonist kan schurken tegen en zich scherpen aan andere blazers. Wel, de catalogus van Pine Eagle Records biedt wat dat betreft voldoende mogelijkheden.

Klik hier om naar 'Wild Lands' te luisteren, de openingstrack van dit album.

Labels:

(Eddy Determeyer, 16.3.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Available Jelly back to the roots

zaterdag 11 maart 2017, PlusEtage, Baarle-Nassau

PlusEtage is een podium in Baarle-Nassau. Dit dorp in Brabant is onoverzichtelijk verstrengeld met Baarle-Hertog, waarbij eigenlijk niemand weet waar België stopt en Nederland begint. Bij een pak huizen ligt de woonkamer in Nassau en de slaapkamer in Hertog. Ideaal terrein voor een band als Available Jelly, die formele grenzen alle betekenis laat verliezen.

Ze klinken als een prettig gestoord orkest bij een surrealistische theaterrevue. Available Jelly ontstond dan ook als begeleidingsband van een rondreizende mimegroep. Maar mispak je niet. Net als je denkt dat het te veel camp lijkt te worden – een van hun cd's kreeg als titel 'Happy Camp' mee – gaan ze zich te buiten aan een waanzinnige improvisatie. Of wordt zoals tijdens dit concert een ode aan Mengelberg gebracht, waarbij je een krop in de keel krijgt.

Meer dan dertig jaar bestaan ze. De bezetting wijzigde een aantal keren en voor deze tour kwam Gregg Moore over vanuit het land van McDonald waar hij 15 jaar geleden terug naartoe trok. Samen met zijn broer Michael Moore en zijn Amerikaanse landgenoot Michael Vatcher vormt hij de kern van originele groep, die Nederlandse versterking kreeg toen ze zich in Amsterdam vestigden. Trompettist Erik Boeren en trombonist Wolter Wierbos maken dan ook al geruime tijd deel uit van dit gezelschap.

Hoogtepunten waren er voldoende tijdens de twee weelderige sets. 'Fables Of Faubus' van Mingus bijvoorbeeld, of een dronkemans houthakkerslied waarbij een zingende Vatcher het publiek behoorlijk opjutte. De indianenkreetjes van de groepsleden bij 'Wigwam' met die hypnotiserende drums klonken ook niet mis, evenmin het instrumentale koeiengeloei en varkensgeknor om Eric Boeren op het podium te roepen voor de tweede set. 'Fuck De Boere, Free Mandela!', riep Michael Moore en meteen werd een link gemaakt naar dagen die niet meer terugkomen, dagen van Broeziemann en Sean Bergin, van wie twee nummers op de setlist stonden. Dagen toen muziek een statement kon maken.

Met Gregg Moore terug in de Lage Landen werd van de gelegenheid gebruikgemaakt om te grasduinen in ouder repertoire. Met 'Gwidza' van Abdullah Ibrahim als bisnummer werd een betoverende trip in de tijd magistraal besloten. En die trip klonk niet melig nostalgisch, omdat Available Jelly toen zijn tijd ver vooruit was en omdat schoonheid een rafelig randje heeft.

Available Jelly slaagt erin een ruim publiek te bekoren door vooral zichzelf te blijven. Ze wisselen bloedstollende melodieën met vier blazers af met de gekste impropassages en vergeten niet te kijken/luisteren of het publiek nog bij de les is. Serious fun, die circusmuziek van een hogere orde.

Klik hier voor foto's van dit concert door Cedric Craps.

Deze recensie verschijnt ook op Jazz'Halo.

Morgenavond, op woensdag 15 maart, sluit Available Jelly zijn jubileumtour af met een concert in Paradox, Tilburg.

Labels:

(Iwein Van Malderen, 14.3.17) - [print] - [naar boven]



Lp / Cd
Saint Francis Duo - 'Los Bordes De Las Respuestas' (Dropa Disc, 2016)

Opname: 8 oktober 2014
Kris Vanderstraeten - 'Trommels!' (Dropa Disc, 2016)
Opname: 23 november 2014
Parker/Edwards/Noble - 'PEN' (Dropa Disc, 2017)
Opname: 24 januari 2015

Dropa Disc. Zo heet het platenlabel dat Sound in Motion, bekend van de Oorstof-serie, eind vorig jaar lanceerde. Inmiddels zijn er reeds drie releases. Alle reden dus om dit kersverse label eens onder de loep te nemen. De albums die Koen Vandenhout uitbrengt zijn allemaal liveopnamen van concerten die in die inmiddels fameuze Oorstof-serie plaatsvonden en de moeite waard werden geacht om op lp en - incidenteel - cd uit te brengen.

De eerste Dropa Disc is die van het Saint Francis Duo. Het betreft hier een van de acts op een zomerfestival in het Zuiderpershuis, Antwerpen. De opnamen werden uitgebracht onder de titel 'Los Bordes De Las Respuestas'. Het Saint Francis Duo - ze kwamen hier enige tijd geleden voorbij met een live-cd - bestaat uit impro-drummer Steve Noble en rockgitarist Stephen O'Malley. O'Malley's drone klinkt vanaf het allereerste begin, terwijl Noble met metalen in de weer is, alsof hij de boel aan het stuk slaan is. Dan schakelt Noble over op zeer dwingend ritmisch spel. Waar O'Malley zijn faam aan dankt, met name door zijn bijdrage aan Sunn O))), wordt aansluitend al snel duidelijk; zijn zware gitaarriffs geselen de luisteraar. Maar het meest opvallende aan deze set is de grote mate van afwisseling in vergelijking met het eerder genoemde concert dat door Trost Records werd uitgebracht. Beide musici komen uitvoerig aan bod en halen het donkerste in elkaar naar boven. Een alleszins gedenkwaardig en overrompelend concert.

De Belgische percussionist Kris Vanderstraeten is reeds sinds de jaren zeventig actief in de Belgische impro-scene en toont hier op de lp 'Tommels' dat hij ook prima in staat is om solo een publiek te boeien. Dat zit hem voornamelijk in de enorme creativiteit waarmee Vanderstraeten zijn klankwereld vormgeeft. De benaming 'drummer' is dan ook veel te beperkt voor deze geluidskunstenaar, die zich naast percussie tevens bedient van de nodige fluitjes. Wat hij hier ten tonele voert, kan gerust een klankcollage genoemd worden. Opvallend daarbij is dat het er bij Vanderstraeten zeer rustig aan toe gaat. De muziek neigt soms eerder naar het resultaat dat je krijgt bij het maken van veldopnames dan naar wat we ons voorstellen bij percussie.

Dropa Disc 004 is een zeer recente, hij wordt op 19 maart samen met nummer 5 feestelijk ten doop gehouden en bevat liveopnamen van een bijzonder trio, bestaande uit saxofonist Evan Parker, bassist John Edwards en de reeds eerder genoemde Steve Noble, dat met 'PEN' zijn debuut maakt. Van dit concert deden we eerder uitgebreid verslag in deze kolommen. Boeiend om het nu weer terug te horen, dat gebeurt je immers niet zo heel vaak. En ook nu weer valt op wat een bijzonder concert dit was. De woorden van toen zijn nog onverminderd van kracht: 'In perfecte samenhang en volledig aan elkaar gewaagd speelden ze een hallucinerende set vol complexe patronen en polyforme ritmes.'

Nummer 5 moet nog uitkomen. Het is een liveopname van Ballister, het powertrio van saxofonist Dave Rempis, drummer Paal Nilssen-Love en cellist Fred Lonberg-Holm. Ook dit concert is hier eerder gerecenseerd. De lp/dvd wordt op 19 maart aanstaande gepresenteerd in DE Studio in Antwerpen. Natuurlijk in aanwezigheid van Ballister, dat ongetwijfeld ook nu weer zal schitteren.

De lp's en cd's zijn verkrijgbaar via Sound in Motion.

Labels: ,

(Ben Taffijn, 14.3.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Urge Trio en Rotozaza slaan dubbelslag

donderdag 23 februari 2017, Oorstof, De Singel, Antwerpen

Sound In Motion is een verplaatsbaar jazzpodium dat muziek uit het vrijere segment aanbiedt in Antwerpen, een sporadisch uitstapje richting achterland niet te na gesproken. Ze komen naar buiten met Oorstof-concerten, waarbij het stof vooral geen gelegenheid krijgt om de buis van Eustachius te verstoppen. Eind februari sloegen ze hun tenten op in de catacomben van De Singel voor een fel gesmaakt dubbelconcert.

De avond werd geopend door het Urge Trio. Rietblazer Keefe Jackson en celliste Tomeka Reid maken deel uit van de Chicago-scene. Voor dit trio kregen ze gezelschap van de Zwitserse saxofonist Christoph Erb. Erb en Jackson speelden voornamelijk tenorsax, sporadisch basklarinet en sopraansax. Met twee rieten brachten ze een boeiend en rijk verhaal met een uitdagend klankenpalet. Technieken als slap tonguing en het geluid dempen door de beker van de sax tegen het dijbeen te houden, maakten er integraal deel van uit. Aangezien de twee saxofonisten zich van elkaar trachtten te onderscheiden maar ook naar gemeenschappelijke grond zochten, werd het geen opbod van technieken.

Zeker zat celliste Tomeka Reid daar ook voor iets tussen. Ze doet graag aan klankverkenning (inclusief geprepareerde snaren), maar ze leek ook een melodische lijn te suggereren, waar ze een draai aan gaf als de richting te evident werd. En zo werd Urge een trio dat op intense wijze ademt, strijkt en verwondert. Voor mij waren vooraf de leden van het trio minder bekende namen, wat de verrassing des te groter maakte.

Waar het Urge Trio bedachtzaam opbouwde en eerder intiem speelde, ging Rotozaza behoorlijk tekeer met een rauw geluid, brute kracht en een ongelofelijke honger zich te laten gaan. Rudi Mahall speelde basklarinet met een ogenschijnlijke roekeloosheid, maar wist best waar hij naartoe wou met zijn holderdebolder-improvisaties. Idem dito drummer Christian Lillinger, die met overgave drumde en gebruikt maakte van diverse hulpmiddelen om mee te bouwen aan een gedeformeerd en bijzonder geluidsdecor. Gitarist Nicola L. Hein was in niet geringe mate verantwoordelijk voor dat decor. Hij ging als een razende tekeer. Zijn improvisaties op de gitaarpedalen droegen in niet geringe mate bij tot het pandemonium. Bassist Adam Pultz Melbye stak met beknopte themaatjes en riffjes eveneens de nodige energie zijn bijdrage.

Met de mentaliteit van een bende non-conformisten koppelde Rotozaza free jazz aan geluidsimprovisaties. Een lel van jewelste, deze Berlijnse formatie.

Normaal lokken de Oorstof-concerten voldoende volk voor minder evidente muziek. Deze keer was het anders en dat was gezien de gebrachte kwaliteit des te jammer. De afwezigen hadden ongelijk. Een beklijvende avond dus, daar in de catacomben van De Singel.

Cedric Craps maakte foto's van de concerten van het Urge Trio en Rotozaza.

Deze recensie verschijnt ook op Jazz'Halo.

Labels:

(Iwein Van Malderen, 13.3.17) - [print] - [naar boven]



Jazzradio
Jazz Rules #114-115


In aflevering 114 van Jazz Rules ontvangt Dirk Roels pianiste Heleen Van Haegenborgh in de studio. Ze komt er het nieuwe album 'Copper' voorstellen dat ze opnam voor De Werf Records, samen met pianist Christian Mendoza. Heleen heeft ook nog wat favoriete jazzmuziek bij.

Ook is er nieuw werk van Rawfishboys te horen. Dat is het duo van rietblazer Joachim Badenhorst en de Franse contrabassist Brice Soniano. Hun album verschijnt eveneens bij De Werf. Zowel Van Haegenborgh/Mendoza als Rawfishboys stelden hun album voor op het B Major Festival in Brugge.

Verder is er nieuwe muziek van het Igor Gehenot Quartet en van Aki Takase en David Murray.

Klik hier om Jazz Rules #114 te beluisteren.

Pianist Igor Gehenot komt zijn nieuwe album 'Delta' voorstellen in de studio. Gehenot nam het op met een nieuw en internationaal kwartet.

Hélène Defosse van het label Igloo Records vertelt over de nieuwe releases op het label, met onder andere muziek van het duo Raphaelle Brochet & Philippe Aerts.

Docent jazzgeschiedenis Frederik Goossens is opnieuw van de partij naar aanleiding van de allereerste jazzplaat ooit, opgenomen en uitgebracht in 1917. Bovendien komt er binnenkort een nieuwe reeks met Frederik over de geschiedenis van de Belgische jazz.

Tevens aandacht voor de vijfde editie van Leuven Jazz, het festival dat dit jaar plaatsvindt van zaterdag 18 tot en met zondag 26 maart.

Klik hier om Jazz Rules #115 te beluisteren.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 13.3.17) - [print] - [naar boven]



Cd / Jazztube
Reinier Baas - 'Reinier Baas Vs. Princess Discombobulatrix' (BaasPex Productions, 2016)

Opname: 6-7 januari & 12 mei 2016

Wie houdt er nu niet van een goed verhaal? Zeker als het een bijna-volledig instrumentaal opera-annex-stripverhaal is. Reinier Baas (gitaar, composities en bij een paar nummers ook nog op piano) kreeg in 2015 de compositieopdracht van North Sea Jazz. Met als resultaat een nieuwerwetse opera, maar dan (bijna) zonder zang. Gespeeld door een grote bezetting, met veel blazers. Daar word je toch blij van! Naast de blazerssectie van klarinet, basklarinet, saxofoon en trompet horen we contrabas, drums en gitaar of piano. Voor de cd verder aangevuld met cello's, nóg een bas, hobo en zang (sopraan Nora Fischer).

De bijzondere bezetting alleen al is een reden om deze cd te luisteren. Maar daar blijft het niet bij. Reinier Baas heeft echt een pakkend verhaal weten te componeren. In drie aktes, net als een echte opera. Met thema's voor elk van de hoofdpersonen. Vergelijkbaar met Peter en de Wolf. Die thema's komen terug in de nummers waar de betreffende persoon een rol speelt. Uiteraard heeft prinses Discombobulatrix de hoofdrol. Maar elke keer net even anders. De snelle, soms uitermate spannende thema's die Baas heeft bedacht, worden superstrak gespeeld. Tussen de thema's blijft genoeg ruimte voor diverse solisten om te improviseren. Zeker live gebeurt dat, maar de spanning die hoort bij improvisatie is op de cd gelukkig ook aanwezig.

Het verhaal begint met het ontwaken van het dorp. Zachte, rustige muziek. Dan verschijnt prinses Discombobulatrix ten tonele. Vrolijke, dartele muziek. Drie mannen - een tovenaar, de hertog van Waalwijk en een generaal - vinden haar wel wat en strijden om haar. Melodieus, maar ook tegen elkaar ingaande melodieën, met stevige bas- en drumlijnen. De tovenaar blijkt de grootste smiecht, maar krijgt de prinses niet te pakken: ze gaat in rook op. Maar ze komt terug en revancheert zich. En hoe! Mooie melodieën en klanken worden afgewisseld met spannende, vingerbrekende loopjes. En dat door alle muziekinstrumenten heen. Niemand verschuilt zich. Het is niet alleen snel en langzaam dat met speels gemak in elkaar overgaat, ook harder en zachter wisselen elkaar af; pas als je oplet valt het op. Een knap stukje componeerwerk.

Trompettist Natanael Ramos en saxofonist Ben van Gelder zijn een genot om naar te luisteren. Net als het stuwende drumwerk van Martijn Vink. Het samenspel en de solo's van basklarinettist Jori Roelofs en klarinettist David Kweksilber verdienen een afzonderlijke en bijzondere vermelding. Dit is echt iets speciaals.

Mocht je de muziek alleen niet genoeg vinden, dan is er de mogelijkheid om de special edition te kopen: een heel mooi blikken doosje met daarin de cd, maar ook een poster, een aantal ansichtkaarten en als klap op de vuurpijl een stripboek van Reinier Baas, getekend door Typex. Deze laatste bracht eerder een veelgeprezen graphic novel uit over Rembrandt. De tekeningen uit het stripboek werden ook vertoond bij de optredens van Reinier Baas en zijn band. Wat ons betreft heeft Typex goed naar de muziek geluisterd; zijn tekeningen sluiten er prima op aan en vormen een mooie aanvulling op de toch al prachtige muziek. Sommige elementen uit de tekeningen hoor je echt terug in de muziek en andersom. Kortom, een goed verhaal om (vaak) naar te luisteren.

In de Jazztube hierboven spelen Reinier Baas en band een aantal delen uit deze cd, live opgenomen in het Bimhuis voor het VPRO-programma Vrije Geluiden.

Labels: ,

(Sabine Schols & Armand Fanchamps, 12.3.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Ontroering en verontrusting in ode aan Misha Mengelberg

Yuri Honing Acoustic Quartet, vrijdag 3 maart 2017, Paradox, Tilburg

Op de gedenkwaardige dag waarop Misha Mengelberg is overleden, een van de meest betekenisvolle, avontuurlijke en ongrijpbare jazzmuzikanten van Nederland, vindt onder de noemer van Jazzhelden het optreden van saxofonist Yuri Honing plaats. Jazzhelden.nl is een initiatief van het Nederlands Jazz Archief (NJA) en stelt zich ten doel de Nederlandse jazz, in beeld en geluid, breder onder de aandacht te brengen. De eerste stappen naar een website met honderd portretten van Nederlandse Jazzhelden zijn gezet. De ambitie van het NJA is om Jazzhelden verder uit te breiden met Jazzportretten, verdieping aanbrengen in een tijdlijn van de Nederlandse jazzhistorie en het portretteren van jonge Nederlandse jazzmuzikanten. Misha Mengelberg is een Jazzheld! Om onverklaarbare redenen is zijn portret onvindbaar op de site.

Yuri Honing opent de avond in een licht nostalgische sfeer, gedreven door melancholie. De compositie is voorzien voor het aanstaande album van het Acoustic Quartet. Het tweede stuk brengt meer verontrusting. Pianist Wolfert Brederode becommentarieert dit door het spelen van een onderhuids verlangen, de felle uithalen van de saxofonist zijn een waarachtige cris du coeur ter nagedachtenis van Misha Mengelberg. Hierna staat Honing ook kort stil bij het overlijden van de rasimprovisator. Er komen volgens de woorden van saxofonist deze avond geen composities van Misha Mengelberg langs. Hij draagt de hele avond op aan de man die "het scherpste mes is uit de lade van de improviserende muziek". Nee, geen anekdotes over de held en inspirator van Yuri Honing. De emotionele impact van 'Desire' en het daaruit niet mis te verstane intens verlangen spreken boekdelen.

Het telepathisch overleg tussen de groepsleden vormt de opmaat voor een compositie die nog het meest doet denken aan de weerbarstigheid van Mengelberg. Breekbaar en fluisterzacht zijn de eerste speldenprikken uit de hoorn. De latente, zwierige swing getuigt al van een dubbele bodem. De mokerslagen van Lijbaart vormen de aanzet tot een verraderlijk en energetisch slot. In de compositie 'Mina Daiski', ontsproten na een bezoek aan de ordentelijke metropool Tokyo, komt een dampende en bijtende saxofoonsolo voor. Dit vraagt om het nadrukkelijk vastklikken van safety belts! Hierna keert de rust terug en prevaleert de melodie. De zachtheid van de omlijsting door de brushes van Lijbaart en de gestreken bassolo van de IJslander Gulli Gudmundsson zijn introspectief. De vele zielenroerselen en emotionele uitingsvormingen zoals verdriet, verlangen, hoop en retrospectie vragen om een sensitieve, muzikale aanpak. Deze wordt vervolgens als een warme deken aangedragen.

'After All' van Bowie's album 'The Man Who Sold The World' en de vingerwijzing naar Joost Zwagermans libretto 'Ons Hart', als bijdrage aan het album 'Desire', zijn stille getuigen van het wegvallen van iconen. Integer en zeer muzikaal over het voetlicht gebracht door het Yuri Honing Acoustic Quartet, op een ogenschijnlijk willekeurige avond in Tilburg.

Klik hier voor foto's van dit concert door Louis Obbens.

Labels:

(Louis Obbens, 9.3.17) - [print] - [naar boven]



Cd
Maarten Hogenhuis Trio - 'Mimicry' (eigen beheer, 2017)

Opname: 2016

Saxofonist Maarten Hogenhuis, die vooral furore maakt in de hippe, funky formatie Bruut!, heeft zich met zijn trio-cd 'Mimicry' vooral begeven op het - laten we zeggen - subtiele kamerjazz-muziekgenre. Het album bevat op twee nummers na - 'The Single Petal Of A Rose/Le Sucrier Velours' van Duke Ellington en Vincent Youmans 'Tea For Two' - uitsluitend composities van Hogenhuis.

Hogenhuis heeft een prachtig intiem geluid op de altsax en soleert beheerst en technisch zeer vaardig. In het bijzonder in de ballads en het arabisch georiënteerde nummer 'Sonder' musiceert hij zeer ingetogen, inclusief een welhaast klassieke toonvorming. In de meer uptempo swingende nummers schroomt hij niet met vingervlugge en emotioneel geblazen licks het klassieke stramien enigszins aan te tasten. Emotie en beheersing vormen het muzikale bestanddeel van zijn speelwijze en passen uitstekend in het concept van deze cd.

Hoewel de bezetting van het trio nogal kaal is - geen akkoordinstrument zoals piano, gitaar of orgel, waardoor het geheel warmer en voller klinkt - is dat geen enkel gemis voor dit vol klinkende album. Drummer Mark Schilders en bassist Thomas Rolff excelleren in een uiterst compacte en stuwende begeleiding. Beiden spelen intensief en anticiperen zeer muzikaal op de composities en improvisaties van leider Maarten Hogenhuis.

Een extra pluim nog voor Mark Schilders, die zich totaal, zeer muzikaal en intens heeft overgeleverd aan het trioconcept.

Klik hier voor twee tracks van dit album: 'Coko' en 'Sonder'.

Op vrijdag 10 maart aanstaande wordt deze cd live gepresenteerd in Paradox, Tilburg.

Labels:

(Jacques Los, 8.3.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Rodrigo Amado verrast met kwartet van wereldklasse

Amado/McPhee/Kessler/Corsano & Almeida/Di Domenico/Pándi, woensdag 1 maart 2017, De Singer, Rijkevorsel

Sound in Motion, oftewel de organisator van de Oorstof-serie, breidt zijn territorium langzaam uit. Bleven de concerten in het verleden beperkt tot het Antwerpse, sinds vorig jaar worden ook locaties aangedaan in Brussel, Mechelen, Hasselt en nu ook Rijkevorsel. Ja, u leest het goed, dit concert is een co-productie tussen De Singer en Oorstof. En meteen maar een double bill. Met voor de pauze een gloednieuw trio en na de pauze een reeds wat langer bestaand kwartet, dat echter vier jaar geleden voor het laatst samenspeelde.

Gonçalo Almeida, Giovanni Di Domenico en Balász Pándi mogen het spits afbijten met hun nieuwe trio dat de naam Cement Shoes draagt. Die naam heeft een betekenis. Cementen schoenen krijg je aangemeten door de maffia als je teveel in de weg loopt, nog voor ze je te water laten. Dit trio is minder agressief. Alhoewel. Het woord 'DOOM' [een Britse grindcore-band, red.] siert Pándi' t-shirt en doom is dan ook wat we krijgen. Vormgegeven in een overweldigend noise-spektakel. Pándi's krachtige slagen bepalen het ritme, Almeida's duistere riffs op basgitaar bieden de structuur en Di Domenico brengt vette accenten aan middels zijn Fender Rhodes, die voorzien is van een rijtje knoppenkastjes. En in de rustige momenten creëren de heren een klankmoeras waarin verdwalen geheid op de loer ligt, als niet één of ander afzichtelijk monster je mee de diepte intrekt. Muzikaal leveren zij echter alleszins een imposant geheel en de gemaakte opnames komen we dan ook graag te zijner tijd weer tegen.

Het kwartet dat het tweede concert op deze avond verzorgt is er een met louter grote namen. Tenorsaxofonist Rodrigo Amado is een van de belangrijkste musici uit de steeds verder uitdijende Portugese impro-scene (mede dankzij het label Clean Feed), trompettist en saxofonist Joe McPhee behoort internationaal tot een van de meest gevraagde musici - de lijst van samenwerkingspartners is te lang om hier te vermelden. Hetzelfde geldt voor bassist Kent Kessler en inmiddels ook voor drummer Chris Corsano, ook al is hij de jongste van het stel. In 2015 brachten ze hun tot nu toe enige album uit, 'This Is Our Language' bij Not Two Records, en nu zijn ze hier als onderdeel van een korte tour.

De vier stukken die ze spelen, de toegift niet meegerekend, kenmerken zich met name door de enorme energie waarmee deze vier musici hun repertoire brengen. Alle vier spelen ze met volle overgave, op het scherpst van de snede. In hun solo's, maar zeker ook in hun samenspel. Zo is het duet van Amado en McPhee in het eerste stuk, McPhee hier op sopraansax, absoluut het vermelden waard. De klanken smelten hier zodanig samen dat bijna niet meer te onderscheiden is uit welke sax de noten komen. Aansluitend zet Amado zijn tenor in de gruizige stand en sluit McPhee aan met springerige noten uit dat kleine zaktrompetje. En hier is een opmerking over de ritmesectie op zijn plaats. Corsano laat hier horen tot een van de beste drummers van dit moment te behoren. Fel, ritmisch en tegelijkertijd met grote inventiviteit smeedt hij het geheel aaneen, daarbij geholpen door Kessler, die beurtelings plukkend en strijkend voor een al even pakkende groove zorgt.

Ook de solo's zijn niet te versmaden. McPhee op diezelfde zaktrompet aan het begin van het tweede stuk. Zijn geluid doet je aan van alles denken, maar niet aan een trompet. Hij bromt, knettert, keert zijn instrument binnenstebuiten. En als er dan toch een ietwat normale toon volgt, is die klagelijk, tergend en ten hemel schreiend. Of de solo van Corsano, verderop in dit stuk, waarbij hij zijn gevoel voor ritme ten volle uitleeft en met name zijn grote trom geselt. En dan Amado, soms fel, bijna over de top, soms ingetogen, subtiel, maar altijd lyrisch en met een soort gretigheid, alsof hij meer noten wil blazen dan hij kan.

Klik hier voor foto's van dit concert door Cees van de Ven.

Labels:

(Ben Taffijn, 7.3.17) - [print] - [naar boven]


Lees verder in het archief...






Menupagina's:

Redactieadres:

Hoekstraat 1 B17
3910 Neerpelt
België
(0032) 11747180
(0032) 498788554

Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken?
Mail de redactie.