Draai om je oren
Jazz en meer - Weblog





 




Jimmy Giuffre overleden

Op 24 april jongstleden overleed saxofonist, maar vooral klarinettist Jimmy Giuffre op 86-jarige leeftijd in Pittsfield, Massachusetts. Hij leed aan de ziekte van Parkinson.

Op 9-jarige leeftijd begon hij klarinet te spelen en reeds op jonge leeftijd, in zijn geboortestad Dallas, zat hij in diverse lokale bandjes. In de jaren veertig werkte hij in de bigbands van onder anderen Boyd Raeburn, Jimmy Dorsey en Buddy Rich. Inmiddels componeerde en arrangeerde hij ook. Zijn compositie 'Four Brothers' werd in 1947 een grote hit voor Woody Herman's Second Herd.

In de vijftiger jaren verhuisde Giuffre naar Los Angeles en werd een belangrijk muzikant in de West Coast cooljazz-scene. Veelal speelde hij toen tenorsaxofoon in groepen als die van Shorty Rogers, Shelly Manne en Howard Rumsey. In 1956 formeerde hij een trio met gitarist Jim Hall en bassist Ralph Pena, en in 1958 een ongebruikelijk trio met – wederom – Jim Hall en trombonist Bob Brookmeyer. In die trio's speelde hij hoofdzakelijk klarinet. Met beide formaties vergaarde hij een redelijke bekendheid. Hij maakte platen voor labels als Atlantic en Verve. Het trio Giuffre-Hall-Brookmeyer was ook te zien in de film 'Jazz On A Summer’s Day'.

Ondertussen gaf hij les op de Lenox School of Jazz. Hij kwam daar in contact met leerling Ornette Coleman. Colemans muzikale ideeën en vrijheid trokken hem aan en leidden ertoe dat hij met pianist Paul Bley en bassist Steve Swallow een relatief free jazztrio vormde. Op ECM zijn opnamen uit 1961 uitgebracht op de dubbel-cd 'Jimmy Giuffre 3, 1961' en op hatART zijn uit dezelfde periode twee live cd's uitgebracht ('Emphasis' en 'Flight'). Deze albums laten horen hoe actueel Guiffres muziek ook anno 2008 nog is. Niet voor niets weerklinkt zijn invloed in het klarinetspel van improvisatoren als Ab Baars en Michael Moore.

Vanaf 1963 tot 1973 heeft Giuffre geen opnamen meer gemaakt. Hij gaf nog uitsluitend les, onder meer aan de New York University en de New England Conservatory of Music. Vanaf 1974 is hij nog maar sporadisch in de platenstudio te vinden. In de tachtiger jaren is er een opleving in zijn carrière. Hij maakt cd's op het label Soul Note, zoals 'Dragonfly', 'Liquid Dancers' en 'Quasar', met onder anderen Peter Levin op keyboards. De muziek is erg geïnspireerd op die van Weather Report. In 1989 volgt er nog een reünie van het trio Giuffre, Bley en Swallow, die door het Franse Owl-label is opgenomen en inmiddels opnieuw is uitgebracht op Sunnyside.

Jimmy Giuffre is van groot belang geweest voor de toepassing van de klarinet in de contemporaine impro-jazzmuziek. Hij ontwikkelde het klarinetspel vanaf de bigband-periode tot en met de free jazz.

(Jacques Los, 30.4.08) - [print] - [naar boven]





Eigenzinnig jazztrio Continuity is aanwinst
Jazz Impuls Dubbelconcert met Continuity en Dirindi, donderdag 17 april 2008, Orpheus, Apeldoorn. Nog te zien: 7/5 Purmerend, 15/5 Spijkenisse, 25/5 Hoofddorp (alleen Continuity).

Het programma waarmee de groep Dirindi na de pauze optreedt heet 'Esse Samba'. Zangeres Marzie Reyhani legt uit waar dat voor staat: ónze samba, iets van bescheidenheid, we willen niet pretenderen dat wat wij doen maatgevend is. Die eigenheid blijkt vooral te zitten in de groepsbezetting, waarin een opmerkelijke rol is weggelegd voor samenspel tussen rietblazer Sjoerd Dijkhuizen en fluitiste Friederike Darius.

Een tenorsaxofoon is in de samba (en in de bossa nova, de mengvorm van jazz en samba) niet ongewoon, en een fluit zeker niet. Maar als Dijkhuizen de basklarinet hanteert, ontstaat een ongewone sound, die de klank van Dirindi iets speciaals geeft. Het sambagehalte in deze muziek is heel wat groter dan het jazzgehalte, wat ook weer niet erg is: Reyhani en haar mensen (met gitarist Maarten van der Grinten in een hoofdrol) leveren een sympathiek en warm concert af.

Van der Grinten en Dijkhuizen verzorgen samen met trombonist Bert Boeren ook het gedeelte voor de pauze, als het (nieuwe) trio Continuity. 'Voortgang' betekent dat, en ook dat is symbolisch: de drie werken zonder de traditionele basis van drums en bas, en moeten zodoende zelf de gang erin houden. Deze opzet is niet echt nieuw: de onlangs overleden rietblazer Jimmy Giuffre deed het ooit ook al eens zo, met gitaar en (ventiel)trombone.

Maarten van der Grinten is de motor van de drie, met briljant gitaarspel waarin hij improvisaties combineert met baslijnen en harmoniespel; in zijn eentje is hij zodoende een volledige ritmesectie, waarop Boeren en Dijkhuizen hun blazerslijnen kunnen leggen. Vooral Bert Boeren maakt daarbij indruk, met een prachtige omfloerste sound op de ventieltrombone en gloedvol spel op de schuiftrombone. Een belangrijk deel van het programma is gebaseerd op songs van Victor Young uit het standard-repertoire, door Van der Grinten voorzien van licht eigenzinnige arrangementen. Interessant nieuw trio, een aanwinst.

Deze recensie was eerder te lezen in dagblad De Stentor/Apeldoornse Courant.

(René de Cocq, 29.4.08) - [print] - [naar boven]





Mikolaj Trzaska - 'Kantry' (Kilogram Records, 2007)
Opnamen: 2001-2005

Mikolaj Trzaska is een muzikant die ruimere bekendheid verdient. Hij is niet alleen een uitstekend saxofonist, maar ook een componist die niet bevreesd is om risico's te nemen in het zoeken naar een nieuwe expressievere muzikale taal, zonder daarom afstandelijk experimenteel te worden of luisteraars op de vlucht te jagen. Hij heeft al enkele uitstekende saxtrio-albums op zijn actief staan samen met de broertjes Marcin en Brad Oles, vooral dan 'LA Sketch Up' en 'Mikro Muzik', beide ook uitgegeven op hetzelfde Poolse Kilogram Records. Op deze albums klinkt jazz zoals je die zelden zal gehoord hebben: zacht, gesofisticeerd, maar tegelijk rauw, creatief en vol spanning. Interessant. Trzaska heeft ook veel voor theater en televisie geschreven, en dit album valt eerder in die categorie.

Oorspronkelijk was deze muziek besteld voor een internetradio-toneelstuk, maar het muzikaal project werd sinds de uitzending meer dan licht gewijzigd. De basisinput komt niet langer van het toneelstuk, maar van losse stukken achtergrondgeluid en conversaties die door de theaterauteur werden opgenomen tijdens een reis door de Balkan in Slovenië, Bosnië en Herzegovina. De dictafoon nam ongeveer alles op wat kon worden opgenomen, en je hoort straatgeluiden uit Sarajevo, gesprekken in een bar, de muezzin die oproept tot het gebed, maar ook kerkklokken, blaffende honden, autodeuren die dichtslaan, enzovoorts.

Dwars door deze omgevinggeluiden weeft Trzaska muziek in zijn eigen stijl, vaak solo, of lichtvoetig begeleid door accordeon, soms door orgel, soms bas of drums, maar nooit met de hele band samen. Dit is ongewone muziek, soms bizar ('Barbarian’s Child'), soms van extreme schoonheid ('The Silence Of Fish'), maar altijd luchtig, open en toegankelijk. En wat deze cd echt krachtig maakt is de manier waarop de menselijke emoties worden blootgelegd: pijn, verlangen, verwarring, angst, nostalgie, vreugde... En dat je geen barst snapt van al die Slavische talen doet er eigenlijk niet toe. Laat je gewoon meevoeren op deze reis en luister dan naar de breekbare ziel der mensheid, een ietsje uitdrukkingsvoller gemaakt door Mikolaj Trzaska.

Meer horen?
Een fraai staalkaartje van deze cd is te beluisteren op Mikolaj Trzaska's MySpace-pagina, waarop je het nummer 'Donkey Caravan' kunt vinden met Trzaska op basklarinet. Klik
hier.

(Stef Gijssels, 29.4.08) - [print] - [naar boven]





Caleidoscoop van creatieve en fijnzinnige schoonheid
Pascal Schumacher Quartet, donderdag 20 maart 2008, JazzCase, Dommelhof, Neerpelt

Een aantal jaren geleden bracht het Pascal Schumacher Quartet haar debuutalbum 'Change Of The Moon' uit. Ondertussen zijn we met 'Personal Legend' en 'Silbergrau' twee albums verder en is Schumacher van een veelbelovende vertegenwoordiger van de nieuwe Europese generatie vibrafonisten uitgegroeid tot het boegbeeld ervan. Op het JazzCase-concert in Dommelhof bewees het kwartet tevens dat het door de jaren heen ook een stevige live-reputatie heeft opgebouwd.

Met dit kwartet, waarin we naast pianist Jef Neve contrabassist Christophe Devisscher en drummer Jens Düppe terugvinden, bracht de Luxemburger Pascal Schumacher voornamelijk eigen composities, maar mochten de andere groepsleden ook elk een compositie aanbrengen.

Het concert begon rustig melodieus met 'Silbergrau', een fijngevoelig en sfeervol nummer, waarbij meteen het brede geluidspectrum met vibrafoon en piano opviel. Een mooi begin. Verder ging het via het gedreven en ritmische 'Leap Year' met heel wat tempowisselingen naar 'A Bad Memory', een lyrische ballad rond een hymnische melodie en met Neve breed uithalend op piano in ware Gershwin-stijl. Een magistraal en symfonisch geluid, sfeervol, filmisch en ruimtelijk.

In het hoekige 'Oy', een compositie van Devisscher, kon Düppe uitpakken met stevig drumwerk en was het genieten van een wonderlijk virtuoze Schumacher op vibrafoon. Neve's compositie 'A Waterfall Never Comes Along' vertrok met een kabbelende beat, waarna Neve als een wervelende waterval over zijn piano heen en weer gleed, om vervolgens de melodie door te geven aan Schumacher. Beiden konden hun talenten als solist uitvoerig etaleren, om na een climax magistraal en hymnisch te eindigen.

Het tweede gedeelte van de avond werd geopend met het heerlijke 'Kitchen Story', opgebouwd rond een gevoelige en wondermooie melodie en met behoorlijk wat impro kanttekeningen en plotse tempowisselingen. Het bluesy 'If There Are No Other Words' met een ingetogen pianist en bassist en de zachte en tedere klanken van Schumacher vormde een melodieus geheel, bijna te mooi voor woorden, heerlijk verbeeldingrijk.

Een vroege ochtend, een blauwe hemel en skiënd in de bergen: dat is de setting van 'White Sur Face, Casse, Glace'. Het feeërieke gevoel en de sfeer alsof je samen met Schumacher door de sneeuw, eerst traag maar dan aan een hoge snelheid de berg afglijdt. Neve tokkelend op zijn pianovleugel als een percussionist, daarbij een grote spanning opbouwend. 'Monday Night At The Cat Club' verhaalt de onbeantwoorde verliefdheid van een jonge skiër. Mysterieus en hypnotisch met een strakke en dreigende baslijn een spanning opbouwend die subliem het gevoel van een koortsachtige verliefdheid in muziek omzet. Met 'Toast And Salty Butter', een compositie van Düppe - uiteraard met een pittige drumsolo - en de toegift 'Mount Street Waltz' werd het concert afgesloten.

Een uiterst boeiend concert boordevol sfeer, met een caleidoscoop van klanken en uiterst meeslepend en toegankelijk voor de luisteraar. Het dynamische en swingende samenspel met een verbluffende Schumacher op vibrafoon, een wervelende Neve op piano, de stuwende bas van Devisscher en de sterke percussie van Düppe vormde samen een hecht coherent geluid. De sterke melodieuze basis en de spannende wendingen en improvisaties, en de tempo- en sfeerwisselingen creëerden een mysterieuze, ruimtelijke en soms lyrische ambiance. Dit was ruimer dan jazz alleen, muziek doorspekt met invloeden uit de klassieke, hedendaagse en avant-garde muziek, wat een creatieve en fijnzinnige schoonheid opleverde.

Klik hier voor een fotoverslag van Cees van de Ven.

Het complete concert is te beluisteren via ons Audiocenter.

(Robert Kinable, 27.4.08) - [print] - [naar boven]





Wolfert Brederode Quartet - 'Currents' (ECM, 2007)
Opname: 2006

Dit album past naadloos in de catalogus van ECM. Geen pianotrio, maar een pianokwartet met niemand minder dan Claudio Puntin op klarinet en basklarinet. Wolfert Brederode bewijst hier - net zoals Jeroen van Vliet op zijn nieuwe album 'The Poet & Other Tales' - dat niet alles snel, flitsend of spectaculair moet zijn om te boeien, zoals MTV ons doet geloven. Nee, hier neemt men alle tijd om composities in beeld te brengen, profiel te geven en uit te diepen. Bij Brederode telt niet het kwantiteits-, maar het kwaliteitsbeginsel, met veel aandacht voor klank, kleur en introspectie.

Dit nog jonge kwartet klinkt uitgebalanceerd en verrassend rijp voor zijn leeftijd. Improvisatiemuziek om stil van te worden. De uitvoerenden zijn stuk voor stuk goede verstaanders die aan een halve noot al voldoende hebben om hun juiste muzikale bijdrage te vinden.

Als luisteraar is het goed toeven in Brederode's composities. 'Currents' laat zich luisteren als een suite, alsof alles onder een grote verbindingsboog gespeeld wordt. Zelfs de pauzes tussen de stukken zijn ruimer gekozen om het voorafgaande maximaal te laten indalen en je te resetten voor wat er weer komen gaat. De overeenkomsten tussen Claudio Puntin en Michael Moore zijn evident, zoals te horen is in 'High And Low'. Fraaie toonvorming, uitstekende instrumentbeheersing en een groot gevoel voor sfeervormgeving.

Als dit concert in een programmering voor klassieke muziek zou worden opgenomen, zou het niet uit de toon vallen bij fundamentalisten van de klassieke muziek. Integendeel, zij zouden zo probleemloos kennis kunnen maken met 100% jazz. Alleen bij 'Soil' zou men even de wenkbrauwen fronsen en lichtelijk verward zijn.

Brederode is een vorser van ruimte en tijd, die zijn muziek laat ademen en doorzicht geeft. Puntin horen we niet zo vaak in Nederland. En dat is een groot gemis, want hij is van een bijzondere klasse. Hij is heer en meester over zijn instrumenten en kneedt zijn geluid naar eigen inzicht. Luister maar eens naar 'Empty Room' en hoor hoe desolaat die kamer hier wordt gespeeld. Slechts een enkeling heeft ook zo'n aangrijpend en breekbaar pianissimo in huis op zijn basklarinet als hij.

Drummer Samuel Rohrer en bassist Matts Eilertsen zijn een verhaal apart. Je zou beiden undercovered bandleden kunnen noemen. Zij vallen op door onopvallendheid. Dienstbaar en op de achtergrond schilderen zij hun spel in fraaie ter zake doende tinten. Afgaand op deze opname zie ik uit naar een live-concert van dit kwartet. Deze cd was voor die wens de juiste aansporing.

(Cees van de Ven, 27.4.08) - [print] - [naar boven]





Razen en fluisteren bij Franck Vigroux
maandag 14 april 2008, Jazzpower, Wilhelmina, Eindhoven

De Franse gitarist Franck Vigroux is een man van uitersten. Met zijn trio Push The Triangle speelt hij op hoog volume, maar ook op het randje van de stilte. En wat meer is, met zijn drieën vallen ze van het een abrupt in het ander. Zo ruig als de musici deze maandag bij Jazzpower klonken, zo gedisciplineerd waren ze in hun samenspel. Hun muziek zat ontegenzeggelijk knap in elkaar, toch kreeg je de indruk dat ze in herhalingen vervielen.

De sterkste momenten van het concert waren zowel de luidste als de zachtste. Vigroux zweepte regelmatig zijn elektrische gitaar op tot wilde uitbarstingen, geschraagd door altsaxofonist Stéphane Payen en drummer Michel Blanc. De laatste sloeg barrages van roffels uit zijn drumstel, terwijl Payen er hoge, snelle lijnen overheen blies. Maar dan was het alsof ze collectief op een onzichtbare muur botsten, en viel alles stil. De eerste keer dat dat gebeurde, begonnen mensen in het publiek te klappen. Ze werden ogenblikkelijk afgestraft met heftige akkoorden op de gitaar en stevige slagen op de drums. Waarna alles helemaal stil viel. Nu wachtte het publiek af. Na nog enkele van die dreunen werd het geduld beloond met voorzichtig klagende tonen van de gitaar, zacht wiegelende lijnen op de sax, en ingehouden tikjes op de roertrom.

Deze breekbare stukken waren al even verrassend als de flarden pompende rock die het trio soms ten beste gaf. Jammer was alleen dat ze die meer gebruikten voor contrastwerking dan als startpunt voor improvisaties die het rockidioom konden oprekken en in een ongewoon daglicht zetten. De nadruk kwam zo vooral te liggen op luidruchtige, dissonante akkoorden en onorthodoxe solo's, begeleid door virtuoos blaas- en slagwerk. Dat klonk net teveel naar een herhaling van zetten om op de langere duur te kunnen verrassen.

Klik hier voor een fotoverslag van dit concert door Cees van de Ven.

Deze recensie verscheen eerder in het Eindhovens Dagblad.

(René van Peer, 27.4.08) - [print] - [naar boven]





Moers Festival 2008

Van vrijdag 9 tot en met maandag 12 mei vindt over de grens achter Venlo het vermaarde – en vooral avant-garde gerichte – Moers Jazzfestival plaats. En dat al voor de 37ste keer.

Het hoofdprogramma biedt optredens van het European Jazz Orchestra, John Zorn, Campbell Brothers, Jason Moran & the Big Bandwagon, Peter Evans Quartet, Frode Gjerstads Circulasione Totale Orchestra, Angelica Niescier, Avishai Cohen Roots Project, Cecil Taylor & Tony Oxley en Supersilent featuring Terje Rypdal.

Behalve het hoofdprogramma zijn er nog nevenevenementen als soloconcerten van onder anderen Frank Gratkowski en Haken Kornstad, experimentele concerten door musici uit Talinn en Sydney, en nachtconcerten met onder meer Pee Wee Ellis.

Voor uitgebreide informatie klik
hier.

(Jacques Los, 26.4.08) - [print] - [naar boven]





Nils Wogram's Nostalgia - 'Affinity' (Intuition, 2008)
Opname: 2007

Ik had het kunnen verwachten, maar het verraste me toch: de fantastische manier waarop trombone en hammondorgel met elkaar (kunnen) kleuren. Het bewijs wordt geleverd door de Duitse trombonist Nils Wogram op zijn nieuwe album 'Affinity', in samenwerking met organist Florian Ross en drummer Dejan Terzic.

Wogram werkte in zijn loopbaan al in tal van ambiances, van duet (met pianist Simon Nabatov) tot bigband (die van de omroep NDR), maar zelden zal hij zo'n fraaie combinatie hebben ervaren als deze keer. De warme trombonesound en het gloeiende geluid van het B3-orgel lijken wel voor elkaar bedacht te zijn; luister bijvoorbeeld naar het schitterende titelstuk.

Die Ross is zelf trouwens ook niet de eerste de beste, werkte met namen als Vince Mendoza, Bob Brookmeyer, Jim McNeely, Don Friedman, George Duke, John Scofield, Kenny Wheeler, Joe Lovano en Eric Vloeimans. Samen maken ze meeslepende, smeuïge muziek, vooral in donkere klankkleuren, maar wel met een hechte ritmische basis, mede met dank aan slagwerker Dejan Terzic.

Deze recensie was eerder te lezen in HVT Magazine.

Meer weten?
Op de
website van Nils Wogram zijn een drietal tracks te beluisteren van dit album: 'Affinity', 'Flashback' en 'Hope'. Tevens zijn hier twee stukken van Nostalgia's eerste cd 'Daddy’s Bones' (Intuition, 2004) te horen. Een recensie daarvan lees je hier.

(René de Cocq, 26.4.08) - [print] - [naar boven]





Ducret in de oppositie met groots concert
maandag 7 april 2008, Jazzpower, Wilhelmina, Eindhoven

Sarkozy en Ducret, het zullen nooit vrienden worden. De opener 'How Bad Can It Be?', een compositie die gitarist Marc Ducret opdroeg aan zijn president, loog er niet om. Met verschuivende ritmes, talrijke tempowisselingen en een en al spanning in opbouw en uitvoering maakte hij met bassist Bruno Chevillon en drummer Eric Echampard hun muzikaal politieke statement. Ducret manifesteerde een groot technisch vermogen en zijn spel is een kruising van Möbus en Goudsmit. Hij speelde bevlogen en tekende voor uitstekende composities.

De gitarist bleek bovendien een rasverteller, een boeiende muzikant met twee kanten: een heftige, obstinaat weirde en een zacht-lyrische melodieuze. Bassist Chevillon beroerde zijn snaren onder andere met een mallet en een dunne stick als strijkstokje, waarmee hij vervreemdende Oosters aandoende klanken uit zijn instrument toverde of geluid dat op een panfluit leek. Het trio beschikte over een uitgebreid klankenarsenaal waarmee men tot wonderlijke soundscapes kwam. Ducret maakte daarvoor passend en accuraat gebruik van zijn reeks voetpedalen. Frappant waren zijn cre- en decrescendo's bij traag akkoordenspel. Probleemloos maakten ze de switch van expressief heftig en free naar intiem melodieus, en vice versa.

'Porteur De Lanterne' begon zacht met arco bas en langzaam snarenspel van Ducret, dat met een snuifje reverb vocaal klonk. Echampard speelde met sticks verticaal op het vel van zijn snaredrum, die hij met zijn elleboog van toonhoogte veranderde. Een sfeervol ingetogen begin. Toen zwelde het geluid aan, ging het tempo omhoog en volgde een rockachtig deel, waarbij Echampard rake klappen uitdeelde en maatwerk leverde met retestrak drumwerk. Een heerlijk stuk! Ook de vrije, modale compositie 'L’Omba Di Verdi' kreeg een pakkende uitvoering van A tot Z met spannende interactieve momenten en prikkelende, inspirerende interventies van elk triolid.

Het laatste stuk was Drucrets visie en herinterpretatie van Bob Dylans 'Times They Are A-Changin' en 'Wigwam' met Ducrets original '63' als tussenstuk. Volstrekt eigenzinnige versies, waarin Chevillon zijn bas met een plectrum bespeelde. Ducret dicteerde de overgangen met veel sustain in zijn spel en maakte gebruik van een loop 'uit eigen doos'. Een soort hartslagpuls, waarover gitaar en bas unisono speelden en vervolgens de drummer aantrad op het moment dat Ducrets loop stopte. Deze speelde gepassioneerd, heftig en met abrupte stops, het thema. Bas en drums sloten aan voor een zinderende outro.

Tot besluit liet Ducret de tikkende loop solo terugkomen, en met de fade-out daarvan kwam het einde. Na dit uitstekende concert kon een encore niet uitblijven. Het werd een andante met gestreken bas, met brushes beroerde cimbalen en single-note gitaarspel. Het klonk alsof men in overpeinzing gedrieën en ondanks Sarkozy de terugreis naar Frankrijk maakte. Een mooi sfeervol einde. De oppositie had immers zijn punt gemaakt!

Klik hier voor een fotoverslag.

(Cees van de Ven, 25.4.08) - [print] - [naar boven]





Jazz in Duketown 2008

Op vrijdagavond 9 mei wordt om 21.00 uur op de Parade met een speciale jubileumavond, getiteld 'Celebrating the 35th anniversary of Jazz in Duketown', de opening verricht van de 35e editie van het gratis openluchtfestival Jazz in Duketown. Vier dagen lang is het één groot feest in 's-Hertogenbosch.

Zoals gebruikelijk staat tijdens het pinksterweekend de hele sfeervolle binnenstad van 's-Hertogenbosch bol van jazz, soul, funk, latin en aanverwante stijlen. Van geïmproviseerd tot dansbaar, van poppy tot oude stijl jazz. Het publiek kan tot en met maandag 12 mei genieten van meer dan 80 jazzconcerten op diverse buiten- en binnenpodia.

Jazz in Duketown staat er om bekend elk jaar opnieuw bekende namen naar Den Bosch te halen. Zo geeft op de openingsavond ondere andere Gare Du Nord acte de présence. Dit zevenkoppige muziekcollectief tekende onlangs bij het Blue Note-label en heeft een nieuw album 'Jazz In The City'. De soulzanger van dit moment, Alain Clark, staat zondag 11 mei op de Parade. Momenteel heeft Clark een grote hit met 'Father And Friend'. Andere grote namen zijn New Cool Collective, Reboot Your Soul, Rose en Sensual.

In de nieuwe locatie Theater aan de Parade staat absolute topjazz uit Nederland, waaronder de Amsterdamse formatie Quincey, finalist van de Dutch Jazz Competion in 2006, en de pianisten Rembrandt Frerichs en Sanna van Vliet, die beiden stonden in de toptien van genomineerden voor de Jazz Edison Publieksprijs 2007.

Jazz in Duketown is en blijft een breed georiënteerd en gemoedelijk jazzfestival. Het hippe publiek kan zich 's avonds op de Uilenburg in vervoering laten brengen door jazzdance en funk. Daarnaast is overdag op diverse podia en plekken in de stad de oude oorspronkelijk oerjazz terug te vinden. Liefhebbers van experimentele jazz kunnen ook dit jaar weer terecht in Muziekcentrum De Toonzaal, waar in samenwerking met de VPRO een prachtig programma is samengesteld, dat later dit jaar wordt uitgezonden op Radio 6. Het publiek wordt daar onder meer geconfronteerd met de betoverende muziek van Fidan, de hoekige klanken van Mona Lisa Overdrive of de intieme pianojazz van Harmen Fraanje.

Voor uitgebreide informatie klik hier.

Meer weten?
Lees ons verslag van Jazz in Duketown 2007.

(Jacques Los, 24.4.08) - [print] - [naar boven]





Aangename trompetklanken in intense geluidssculpturen
The Black Napkins & Jozef Dumoulin, vrijdag 14 maart 2008, Jazz at the Crow, Kraaij & Balder, Eindhoven

Bezoekers van de JATC-concerten zullen deze vrijdagavond wel even hebben opgekeken toen ze café Kraaij & Balder binnenkwamen; zelden klonken er zulke vrije en heftige klanken op dit podium, zonder daarmee overigens de programmering tekort te willen doen. The Black Napkins & Jozef Dumoulin zorgden voor een intens luisteravontuur, dat ze na een lastig parcours - voor sommigen was dit kennelijk niet te nemen - succesvol wisten af te ronden met een door henzelf afgedwongen en door het publiek gewenste toegift.

Drie jonge talenten, trompettiste Sanne van Hek, gitarist Jasper Stadhouders en drummer Gerri Jäger, putten als The Black Napkins (genoemd naar een nummer van Frank Zappa) naar eigen zeggen inspiratie uit alle facetten van de moderne maatschappij. Zonder zichzelf bepaalde patronen op te leggen en grenzen te stellen, drijven ze op hun intuïtie en zoeken welbewust het avontuur met intense improvisaties. Zo ook in 'the Crow'.

De Tilburger Jasper Stadhouders, broer van de furore makende gitarist Bram, zorgde voor interessant gitaarwerk met soms bass-heavy riffs, dan weer staccato snarenspel. Hij was daarbij zeer gefocust op zijn klank. Met behulp van een sampler stapelde hij variaties en soli over een tapijt van 'sfeergitaar', met af en toe behoorlijk noisy licks en geluidseffecten.

Jäger hadden we al eerder aan het werk gezien in Eindhoven met Brown vs Brown. Deze avond toonde hij zich een klankmanipulator par excellence met 'little instruments'. Of hij nu een bel, een woodblock, een eitje of een ijzeren ketting ter hand nam; hij wist het allemaal effectief en boeiend in het klankbeeld te integreren. De manier waarop hij kleine kogeltjes uit een buisje klankgericht in een kannetje liet vallen, was daarvan een treffend muzikaal voorbeeld. Het energieke drumspel van de Oostenrijker, met een vaak niet aflatende flow van roffels over zijn kit, kwam misschien nog wel het beste tot zijn recht in zijn eigen compositie 'Bar Tea', waarin zijn metal/hardcore-achtergrond doorklonk.

Binnen de band fungeerde Sanne van Hek als het rustgevende baken van herkenning temidden van de steeds fluctuerende soundscapes. Haar eigenzinnige trompetspel klonk beurtelings vertrouwenwekkend warm en zoekend tentatief, met veel mooie melodische frasen als commentaren bij de intense geluidssculpturen die om haar heen werden opgetrokken. Van Hek had geen flashy en technisch doorwrochten spel nodig om te imponeren.

Het was een geniale zet om de Belgische toetsenwizzard Jozef Dumoulin te koppelen aan dit trio. Wederzijdse chemie zorgde voor een elkaar versterkende combine. Dumoulin mag wat ondergetekende betreft gerust een hedendaagse Sun Ra genoemd worden; hij creëert al net zulke opvallende, aparte en extreme sounds en klankverbuigingen. Met effectapparatuur als phaser en flanger vertraagde en versnelde hij zijn Fender Rhodes naar believen. Met vloeiende, snelle en korte lijnen gaf Dumoulin de improvisaties kleur. Net als Jäger betrap je hem daarbij niet snel op gratuit effectbejag; alles had zijn plaats in het geheel. Zelfs 'gezang' van een speelgoed-achtige Aziatische gadget en een toetsenpartij in het laatste stuk die zo leek weggelopen uit een Supertramp-song.

Via ons Audiocenter kunt u een aantal stukken van dit concert beluisteren. En klik hier voor een fotoverslag door Cees van de Ven.

(Maarten van de Ven, 23.4.08) - [print] - [naar boven]



Finalisten landelijke Amersfoort Jazz Talent Award 2008 bekend

Na een serie indrukwekkende concerten van jonge jazztalenten is afgelopen zondag bekend gemaakt welke van de zes bands uit de voorrondes doorgaan naar de finale van de Amersfoort Jazz Talent Award (AJTA) op het Rabobank Jazzfestival in mei 2008.

Allereerst de Benoît Martiny Band (Luxemburg/Italië/Hongarije/Nederland). De Luxemburgse drummer Benoît Martiny speelt een luide, heftig swingende, eenvoudige maar doeltreffende combinatie van heavy metal en moderne jazz. Een hoofdrol in dit unieke concept was tevens weggelegd doorde Nederlandse gitarist Frank Gones.

De tweede finalist is Julia Oschewsky & Band (Duitsland/Nederland). Meestemmend voorzitter Jeroen de Valk zei over deze deelnemer: "Het timbre van deze zangeres kent schier oneindig veel variatie. Ze klinkt soms zo sensueel als een roodfluweel gestoffeerde bruidssuite, maar produceert op andere momenten ijle wolkjes pure klank, die de luisteraar doen vergeten dat je naar een stem luistert." De band begeleidde haar met net zo veel dynamiek; het volume en de intensiteit gingen van de kelder tot aan het dak en daarna weer helemaal terug.

En tenslotte Renske Taminiau & Band. De enige groep onder Nederlandse leiding die de voorrondes van de AJTA 2008 haalde. De charismatische zangeres Taminiau schrijft even intelligente als welluidende eigen stukken, heeft een expressieve stem en laat zich begeleiden door een hecht samenspelend ensemble zonder grote ego's.

De jury bestaat dit jaar uit meestemmend voorzitter Jeroen de Valk (auteur van jazzboeken en redacteur AD/UN, Hans Erdmann en Frans Bouman namens de organiserende partijen, en bassist, bandleider en arrangeur Jan van den Boomen. Zondagmiddag 18 mei spelen de finalisten voor de Amersfoort Jazz Talent Award van 2008. Daaraan vooraf gaat een optreden van de overtuigende winnaar van de AJTA 2007, gitarist Jerôme Hol. Deze concerten zijn gratis toegankelijk.

Klik
hier voor meer informatie.

(Jacques Los, 23.4.08) - [print] - [naar boven]





Dvd / The Jazztube
Sting & Gil Evans Orchestra - 'Strange Fruit' (Jazzdoor, 2007)

Opname: 1987

We schrijven het jaar 1987. Tijdens het Umbria Jazz Festival in de Italiaanse stad Perugia wordt een concert gegeven door popzanger Sting, met het orkest van veteraan-orkestleider Gil Evans. Het wordt vastgelegd door een filmploeg van de Italiaanse omroep RAI. Die verstaan geen Engels, dus we zitten als kijker van de dvd die er onlangs van is uitgebracht met gekromde tenen toe te zien, hoe de regie het voor elkaar krijgt tijdens het voorstellen van de bandleden (door Evans' zoon Miles, die trompet speelt in het orkest) consequent de verkeerde musici in beeld te nemen. Wat een geklungel. En wat we moeten met dat inzoomen op de maan boven Perugia, waarna de camera tergend traag terugzwenkt naar het stadion en het podium? Het zal wel artistiek bedoeld zijn.

Maar het concert is niet mis, dat mag gezegd. Sting heeft vanuit zijn verleden als jazzbassist wellicht al enig recht om op een jazzpodium te verschijnen, maar is natuurlijk vooral bekend geworden als de voorman van het legendarische rocktrio The Police. Op het programma staan daarom vanzelfsprekend ook nummers uit de Police-tijd en een paar stukken van zijn dan net begonnen solocarrière. Maar het meest indrukwekkend is hij in het beroemde 'Strange Fruit' van Billie Holiday, dat een ijzingwekkende vertolking krijgt. Dat hij gevoel heeft voor drama was al bekend, bijvoorbeeld van liedjes als 'Fragile' en 'They Dance Alone', en dat wordt hier nog eens ondubbelzinnig bevestigd. Stings lichte stem klinkt in zachte passages soms wel even een beetje als die van Mel Tormé, uit een grijs jazzverleden, maar is oneindig veel expressiever en wendbaarder. Halverwege speelt altsaxofonist Chris Hunter dan ook nog eens een adembenemend emotionele solo, en zo wordt 'Strange Fruit' een absoluut hoogtepunt in een concert dat toch al allerlei bijzonders met zich meebracht.

Om maar eens wat te noemen: die prachtige diepe sound in de blazers, veroorzaakt door het inzetten van tuba, bastrombone en hoorn. Die wonderlijke instrumental tegen het einde van het programma, waarin het orkest (zonder Sting) op een trage groove schitterende ouderwetse collectieven neerzet, en een paar expressieve solo's (van tenorsaxofonist George Adams en trombonist George Lewis). Het meeslepende 'Roxanne' uit het Police-songbook wordt opgeluisterd door een solo op sopraansaxofoon door Branford Marsalis, eregast bij dit concert, vanwege zijn verbintenis aan Stings eigen band van die periode. En het concert wordt besloten met een gedurfde uitvoering van 'Message In A Bottle', met Sting geheel alleen op het podium, zichzelf op gitaar begeleidend. Wat een charisma!

Deze recensie was eerder te lezen in HVT Magazine.

Een voorproefje?
Klik op bovenstaande afbeelding om het nummer 'Strange Fruit' van deze dvd te bekijken en te beluisteren.

Labels:

(René de Cocq, 22.4.08) - [print] - [naar boven]





Een Ster in Groningen
Wouter Hamel, vrijdag 11 april 2008, Simplon, Groningen

Er staat een lange, om niet te zeggen vette rij te wachten. Om precies te zijn twee vette rijen, in noordelijke en zuidelijke richting, bij elkaar toch gauw een meter of zestig. Giechelende meisjes oefenen op een refreintje. Twee jongens vergelijken intussen de toegangsprijzen in Haarlem, Amsterdam en Groningen. "Paradiso is altijd duur." "Fotograferen mag alleen de eerste tien minuten," had de pr-medewerkster me van tevoren gewaarschuwd. Wat is hier in godsnaam aan de hand? Is Frank Sinatra terug in het Paramount Theater?

Het is Wouter Hamel, wonderboy van de Nederlandse popjazz, die vanavond in Simplon staat. Een heus idool. Binnen zie je ze rondlopen, de lookalikes, met precies zulke Dennis the Menace-lokken voor de ogen. Ik tel maar één Jamie Cullum. Nochtans zijn de vrouwelijke fans in de meerderheid, variërend van best pril tot best al wat ouder.

Gezegd moet worden dat Wouter het niet alleen van zijn looks moet hebben. Hamel is een blijvertje. Hij heeft een mooie persoonlijke expressieve stem die soepel en zuiver van het mannelijke middenregister naar een teder hoog kan wegzeilen. De liedjes die hij schrijft zijn simpel, catchy, met goede hooks en, voor zover ik het kon volgen, zinnige teksten. Daarbij is hij niet voor één gat te vangen. Hij zingt net zo makkelijk een nummer dat ons terugvoert naar de mambo-chic van de jaren vijftig als een cabaretachtig liedje of een wezenloos bubblegumdingetje. Maar alles is wél doortrokken van de nieuwste inzichten op funkgebied.

In hoe hij een tekst om een melodie drapeert is hij te vergelijken met Mel Tormé, maar eerder nog zou je hem als erfgenaam van de hipsters van vijftig jaar geleden kunnen benoemen, de Bobby Troups, de Mose Allisons. Die klasse heeft hij beslist – hij zou het met een beetje gerichte promotie ook in de States kunnen maken, met z'n eigenwijze bekkie en z'n persoonlijke ontboezemingen. In het kielzog van Harry Connick Jr., zeg maar. Dat hebben ook die meiden in Japan in de smiezen. Die weten waar ze moeten wezen als er een lekker ding uit Europa komt. In alle karaokebars daar zit 'Breezy', vertelde de zanger.

Voor een liedje nodigde hij vier plaatselijke schonen het podium op. Maar hoe vlijtig die van tevoren ook hadden geoefend, het publiek bleek het refrein beter onder de knie te hebben. Ik telde intussen de hele avond slechts drie standaard songs: 'Comes Love', 'Filthy McNasty' en 'Hallelujah I Love Her So'. Ook die keuze had een stuk slechter gekund.

(Eddy Determeyer, 21.4.08) - [print] - [naar boven]





Sylvie Courvoisier – 'Lonelyville' (Intakt, 2007)
Opname: 2006

Pianiste Sylvie Courvoisier deed zich al gelden als zeer begaafd improvisator en interpretator van het werk van John Zorn, maar componeren kan ze ook, getuige de kamermuziek van de dubbel-cd 'Abaton'. 'Lonelyville' combineert op zeer overtuigende wijze alle disciplines waarmee Courvoisier zich bezighoudt. Je zou kunnen zeggen dat de integratie van 'modern klassiek' en 'jazz' een nieuwe dimensie heeft gekregen met deze cd.

Net als op de cd 'Last Exit' van haar echtgenoot Mark Feldman hoor je solo- en groepsimprovisaties, die onderdeel uitmaken van lange, uitgeschreven stukken muziek met terugkerende thema's en stemmingen. Met name het contrast in sfeer is een sterke kwaliteit van de muziek van Courvoisier. Er wordt dan ook moeiteloos geschakeld tussen snel, langzaam, hard en zacht. Met name de meditatieve stiltes op onverwachte momenten komen het hardst aan bij de luisteraar. Voor de jazzliefhebber tenslotte is er veel te genieten van het vuurwerk van de solisten: Mark Feldman (viool), Vincent Courtois (cello), Ikue Mori (elektronica) en Gerald Cleaver (drums).

Meer horen?
Op de MySpace-pagina van Sylvie Courvoisier kun je van deze cd het prachtige, meer dan tien minuten durende 'Cosmorama' beluisteren, plus een drietal stukken van andere albums. Klik
hier.

(Eric van Rees, 19.4.08) - [print] - [naar boven]





Column Herbert Noord
In de marge


"Is de ontwikkeling in de muziek niet zo dat muziek in zijn totaliteit naar de marge zal verschuiven? Muziek in de breedste betekenis wordt toch al lang beschouwd als bijproduct van het beeld. Het aantal mensen dat er de tijd voor neemt om intens te genieten van muziek, neemt hand over hand af."

Herbert Noord voelt zich evenwel goed thuis in de marge. Zijn instrument, het Hammondorgel, en de muziek die hij daarop maakt, "beweegt zich ook in de marges van het muzikale spectrum". Klik op bovenstaande button om zijn column te lezen.

(Maarten van de Ven, 19.4.08) - [print] - [naar boven]



Django d'Or krijgt facelift

Gent Jazz (het voormalige Blue Note Records Festival, het is even wennen) en Dinant Jazz Nights blazen de jaarlijkse Django d'Or, de Belgische jazzawards, nieuw leven in. Het wat duffe, vooral francofone evenement krijgt een injectie middels een cheque van 10.000 euro voor de winnaar in de categorie Django d'Or Gevestigde Waarde. Het Gent Jazz Festival en Dinant Jazz Nights willen daarmee de uitstraling van deze wedstrijd vergroten en de ontwikkeling van een levendige Belgische jazzscene bevorderen. Jaar om jaar zullen de winnaars concerteren in Gent en Dinant.

Bij de Django d'Or gaat het om de belangrijkste Belgische jazzawards, opgesplitst in drie categorieën: Gevestigde Waarde, Beste Jong Talent, de 'Bijzondere prijs van de Belgische Artistieke Promotie van auteursvereniging SABAM'. De laureaat daarvan is een jazzpersoonlijkheid die omwille van zijn of haar bekendheid en/of verdiensten succesvolle acties heeft ondernomen ter ondersteuning van de jazz.

De Django D'Or-prijzen 2008 worden uitgereikt op 10 juli, tijdens de openingsdag van het Gent Jazz Festival. Daaraan voorafgaand zullen de winnaars van 2007, Pascal Mohy (Django d'Or Jong Talent) en Pierre Van Dormael (Django d'Or Gevestigde Waarde) een kort optreden verzorgen.

(Maarten van de Ven, 19.4.08) - [print] - [naar boven]





Vaganée/Del Ferro Group spraakmakend in café Hopper
woensdag 9 april 2008, Hopper, Antwerpen

Frank Vaganée (altsax), Mike del Ferro (piano), Jos Machtel (bas) en Klaas Balijon (drums) brachten de aanwezigen in café Hopper in extase met jazz van hoog niveau en een keur aan uitstekende composities, waarmee ze improvisatorisch uit de voeten konden.

Vaganée speelde uitsluitend altsax, maar met zijn klankenarsenaal op dat instrument leek het alsof de hele saxfamilie in dat ene instrument was verenigd. Het ene ogenblik had hij een schitterend zilverkleurig geluid, een volgend moment blies hij flageoletten dat het een aard had om zijn emoties onder woorden te brengen. Op die momenten waarop hij loos ging, dialogeerde Del Ferro soms met duivels spel en gebruikte het klavier als een percussie-instrument. Beide heren verstonden de kunst om in hun improvisaties verhaallijnen logisch vorm te geven en te communiceren. Ook op momenten dat de zaak op aanbranden stond, zoals Vaganée's cooking solo in 'Feels Like Summer'.

De grillige ritmiek, de plotselinge wendingen ervan brachten Machtel en Balijon geen enkel moment van hun à propos. Integendeel, van enige hapering of onzekerheid was geen sprake. Machtel speelde op een nieuwe bas, maar zijn toon, trefzekerheid en muzikale visie waren onveranderd aanwezig.

Mike del Ferro heeft in het verleden vaak gespeeld met fluitist Thijs van Leer. In zijn introductie van 'The Woolf' van Van Leer roemde hij diens compositorische kwaliteiten. Naar het schijnt ligt nog veel onbekend en nooit uitgevoerd werk van zijn hand te wachten op uitvoering. Del Ferro's verhaal klopte, want wat volgde bezorgde je kippenvel. Na het prachtige solo-intro van Del Ferro nam de altsaxofonist het thema voor zijn rekening. Een melodie die chromatisch stijgt en daalt, waaronder Del Ferro zorgvuldig fraaie harmonieën plaatste.

Afwisseling was er voldoende in de programmering van dit kwartet. Want na een intimistisch stuk speelde men contrastrijk de swingende Vaganée-compositie 'Talkholes Night' met snel en technisch vaardig spel van de altsaxofonist. De lift voor zijn vingervlugge spel en improvisatie kreeg hij van Machtel en Balijon in de rol van pushers. Wat een spanningsboog qua spel en dynamiek, inclusief klankvervreemdingen en flageoletten. Na de climax nam Del Ferro het over met een weergaloze Monkiaanse solo. Hij had verrassende harmonieën en akkoorden in petto en was er gul mee in Hopper.

Gebaseerd op de standard 'Just In Time' schreef Vaganée 'Jump ’n Joy'. Een stuk vol tempowisselingen en abrupte stops met razendsnelle arpeggio's op piano en een ritmetandem die zorgde dat de zaak bleef swingen als een trein. Hier nam Klaas Balijon een flinke solo, die wat inhoud betreft er mocht zijn. Balijon krijgt meer en meer identiteit qua spel. Toch zou er met meer kleuring van zijn trommels nog winst te behalen zijn; het zou zijn spel harmonischer en boeiender maken.

Del Ferro maakte een uitstekende indruk en presenteerde zich als een creatieve pianist en componist. Zo schreef hij de zomerse catchy calypso 'Bunga Bunga', waarin Machtels solo positief in de herinnering bleef. 'Due Duel', een duet van piano en altsaxofoon, had Spaanse elementen. Zoals de typische voorslagen in Del Ferro's fraaie solo-introductie. Maar je hoorde ook Rachmaninov in een melodieuze compositie die je emotioneel niet onberoerd liet. Na een modulatie naar een ander klanklandschap was het woord aan Vaganée. Hij speelde een breekbare, filmische impressie waar je stil van werd. Del Ferro zorgde voor reliëf met fijnzinnige aanvullingen en adequate begeleiding.

Geïnspireerd door het geluid van de ballofoon, een soort Afrikaanse vibrafoon, schreef Del Ferro 'Phola Mamba'. Vaganée was in zijn solo een en al uitbundigheid, de speelvreugde spatte ervan af. Del Ferro ontpopte zich als een echte klavierleeuw met ferm en percussief pianospel in een overweldigende solo.

Met een dromerige uitvoering van de Mexicaanse klassieker 'La Golondrina' als toegift kwam in schoonheid een einde aan een heerlijk avondje Hopperjazz met een kwartet om van te houden.

Klik hier voor een fotoverslag van dit concert.

(Cees van de Ven, 18.4.08) - [print] - [naar boven]





Rik van den Bergh & The Reeds – 'Reserge' (Maxanter, 2007)

Rik van den Bergh is een relatief onbekende baritonsaxofonist. Ten onrechte. Hij speelt in het Rotterdam Jazz Orchestra en de Young Sinatras. In 2007 heeft hij een groep collega-saxofonisten (The Reeds) om zich heen verzameld en de cd 'Reserge' (ondertitel: 'A Tribute To Baritone Saxophonist Serge Chaloff') opgenomen.

Chaloff is een legendarische saxofonist die vanaf het eind van de jaren veertig tot halverwege de jaren vijftig enkele spraakmakende platen heeft opgenomen, waaronder 'Boston Blow Up' en 'Blue Serge'. Het was de periode van de zogenaamde West Coast Jazz. Uitgearrangeerde muziek en nogal brave, strakke, ingetogen solo's. Daarentegen was Chaloff een emotievolle, stevig swingende blazer. Helaas, een tumor was de oorzaak van zijn vroegtijdig overlijden op 34-jarige leeftijd.

De termen 'emotievol' en 'stevig swingend' kunnen ook gebruikt worden om de muziek op deze nieuwe cd 'Reserge' te beschrijven. Het vijftiger-jaren repertoire, met onder andere een aantal nummers van Chaloff, wordt uitermate pittig en met vuur uitgevoerd, mede door het fraaie arrangeerwerk van Rik van den Bergh en Udo van Boven.

De saxen spelen swingend, accuraat en messcherp. Zonder de andere saxsolisten (Jan Smit, Simon Rigter en Sjoerd Dijkhuizen) tekort te doen, vallen leider Van den Bergh en altsaxofonist Marco Kegel op door zeer sterk solowerk en een vol en robuust saxgeluid. In het snelle 'Chickasaw', gebaseerd op de akkoorden van 'Cherokee', blaast Van den Bergh op de enigszins logge baritonsax een stoere, vingervlugge solo.

Met de stuwende en swingende ritmesectie – pianist Erik Doelman, bassist Frans van Geest en drummer Guus Dijkhuizen – hebben Rik van den Bergh en zijn Reeds een uitermate frisse en kwalitatieve, modern swingende, cd uitgebracht.

(Jacques Los, 16.4.08) - [print] - [naar boven]





Nieuwe naam voor Blue Note Records Festival

Het Blue Note Records Festival, dat dit jaar van 10 tot 20 juli plaatsvindt, moet noodgedwongen van naam veranderen. De nieuwe naam wordt Gent Jazz Festival. De locatie blijft onveranderd het terrein van de Bijloke.

Officieel wil de organisatie van het Blue Note Records Festival in Gent, dat dit jaar voor de zevende keer wordt georganiseerd, 'met de nieuwe naam duidelijk maken waar het festival voor staat'. Het is echter nog maar de vraag of 'Gent Jazz' onder jazzliefhebbers meer enthousiasme zal opwekken dan 'Blue Note', het legendarische jazzlabel dat de voorbije jaren de cruciale partner was.

De echte reden achter de naamsverandering is gelegen in het feit dat er twee organisaties aanspraak maken op de merknaam 'Blue Note'. Enerzijds het platenlabel, dat deel uitmaakt van muziekgigant EMI, anderzijds de keten van jazzclubs van de familie Bensusan.

Hoewel beide organisaties niet met elkaar verbonden zijn, opereren ze al jaren op basis van een gentlemen's agreement: het label mag de naam gebruiken voor cd-opnamen, de clubketen voor liveconcerten en evenementen. Toen het label in 2002 in zee ging met de organisatie in Gent, hield de clubketen zich aanvankelijk gedeisd, "al moet ook de omschakeling van Blue Note Festival naar Blue Note Records Festival in 2005 in dat licht worden gezien", aldus EMI-woordvoerster Brigitte Ghyselen.

Maar vanaf dit jaar staan de eigenaars van de Blue Note-clubs het gebruik van de naam bij festivals niet meer toe. Althans, niet zonder financiële vergoeding. Organisator Bertrand Flamang bevestigt dat: "We zouden moeten betalen om de naam te mogen gebruiken."

Bron: Knack

(Maarten van de Ven, 16.4.08) - [print] - [naar boven]



Amerikaanse regering eert Dave Brubeck

Pianist Dave Brubeck heeft een medaille gekregen van de Amerikaanse regering, omdat hij de jazzmuziek in de hele wereld heeft gepromoot.

"Als klein meisje ben ik opgegroeid op de klanken van Dave Brubeck, doordat mijn vader zijn grootste fan was", zei minister van Buitenlandse Zaken Condoleezza Rice tijdens de ceremonie in Washington, waar Brubeck de Ben Franklin Award For Public Diplomacy ontving. "Dank voor uw vaderlandsliefde en uw voorstrekkersrol bij het vertegenwoordigen van Amerika door de taal, de klanken en de geest van de jazz bij nieuwe generaties overal ter wereld te introduceren", aldus de bewindsvrouw tot de pianist.

Bron: Belga

(Maarten van de Ven, 16.4.08) - [print] - [naar boven]





Attractief programma van Jan Klare's 1000
maandag 11 februari 2008, Jazzpower, Wilhelmina, Eindhoven

1000 is een formatie van Jan Klare (altsax en fluit) met Bart Maris (trompet), Wilbert de Joode (bas) en Michael Vatcher (drums). Het repertoire bestaat naast eigen werk van Klare uit speciaal geïnterpreteerde stukken uit de klassieke muziek - en dan met name de Gregoriaanse - van onder anderen Bach, Wagner en Monteverdi. In de composities waren dynamiek, ritmiek, doorzicht en het gebruik van de kracht van de stilte, ingrediënten die veel indruk maakten. Energiek, creatief en onderhoudend, dat is een korte samenvatting van dit concert, een van de beste van dit Jazzpower-seizoen.

Fraaie klanklandschappen trokken aan het oor voorbij. Zo werd er in 'Hymnus Und Organum', met langgerekte drones en vervreemde geluiden, spanningvol en onverdroten gemusiceerd. Een adembenemende, intrigerende vertolking zonder weerga! Zo fascinerend en aansprekend kan free jazz dus zijn.

Het stuk 'Klassische Haltung' begon als een etude voor staccatospel in crescendo en decrescendo. Na de proeve van bekwaamheid van Klare en Maris volgde een clownesk aandoende fanfare, waarna het stuk onder aanvoering van De Joode en Vatcher swingend naar het einde ging. Jan Klare en Bart Maris kregen ieders aandacht en waardering voor hun creatieve spel en goede improvisaties met vorm en inhoud, zoals in 'Two Part Invention'.

Het kwartet was een hechte en eensgezinde eenheid. Omdat alles klopte, was de indruk dat de juiste musici voor deze muziek waren geselecteerd en samengebracht. Hoewel bassist De Joode en percussionist Vatcher in zowat elke freejazzformatie inzetbaar zijn, voelden zich in 1000 opvallend goed thuis.

Jan Klare's 1000 trakteerde het Jazzpower-publiek op boeiende composities, prima ensemblespel en dito improvisaties. Het bewijs voor hun kwaliteit is te vinden op hun cd 'Unplayable'. De contradictie van deze titel speelden de heren hier vanavond groots onderuit!

Klik hier voor een fotoverslag van dit concert.

(Cees van de Ven, 16.4.08) - [print] - [naar boven]





Onze draai:
Nieuwe cd-recensies


Onze draai presenteert een tiental recensies van recent verschenen cd's. Met werk van Alberto Braida & Wilbert de Joode, Russell Malone, Luciano Biondini, Billy Hart Trio, Jess Abrams, Free Fall, Charlie Mariano & Mike Herting, John Abercrombie & John Ruocco, Fred Hersch en Christina Gustafsson.

Klik
hier om de recensies te lezen.

(Maarten van de Ven, 15.4.08) - [print] - [naar boven]





Verstoorde contemplatieve kracht
Van Veenendaal, Kneer & Sun, dinsdag 18 maart 2008, Mahlerei, Mahler, Arnhem

Het trio Albert van Veenendaal (piano), Meinrad Kneer (bas) en Yonga Sun (drums, percussie) is geen alledaagse verschijning binnen de pianotrio's in de jazz; waar die veelal gecentreerd zijn rondom het werk van de pianist - of het nu om de composities gaat, dan wel om de solo-input - gaat het in onderhevig geval om een drietal dat elkaar daadwerkelijk versterkt tot één krachtige organische eenheid. Hun voortreffelijke cd 'Predictable Point Of Impact' op het Evil Rabbit-label uit 2006 is een case in point.

Ook in Mahler bewees het trio zijn kwaliteit. Die ligt bijvoorbeeld in de ritmiek die ten grondslag ligt aan de composities. Vaak worden deze ingekleurd met intrigerende ritmische patronen, die plots van tempo, structuur en karakter veranderen binnen één en hetzelfde nummer, zoals 'Song To Dance Strangely With' en 'Posthume Verleumdung', waarin een uptempo deel stuivertje wisselt met een wals. Een andere kwaliteit is het sterke thematische materiaal. Van Veenendaal en Kneer, die de compositionele verplichtingen onder elkaar verdelen, weten hoe ze memorabele songs moeten schrijven. Hun beste hebben niet zelden een pop-achtige kwaliteit, zoals de riff waarop 'Happy Hour' rust. Naast de al eerder aangehaalde interactie is ook het speelplezier van dit trio opvallend... en aanstekelijk.

Het rijkgeschakeerde palet van Yonga Sun verdient een extra vermelding; met zijn brede, gefinetunede percussie-assortiment - belletjes, schaaltjes, een klein paukje, een met een voetpedaal beklopte koebel, twee op elkaar liggende ridebekkens - en empathisch vermogen weet hij de stukken de juiste klankkleur mee te geven. Sfeerbepalend zijn het vloeiende basspel van Meinrad Kneer en de structurende pianolijnen van Albert van Veenendaal.

De canon-achtige herhaling in hun muziek heeft af en toe een contemplatieve, zuiverende uitwerking op de luisteraar. Helaas kwam een rumoerige Mahler - waar sommigen kennelijk heel wat hadden bij te praten - de rust, concentratie en focus van de gespeelde stukken niet ten goede. Van Veenendaal was na afloop van het concert niet voor niets gesloopt; hij moest af en toe behoorlijk zijn best doen om zich verstaanbaar te maken temidden van het geroezemoes.

Klik hier voor een fotoverslag van het concert door Cees van de Ven. Bovenstaande illustratie is overigens tijdens dit concert getekend door een geïnspireerde bezoeker, Lars Reinboud, een 21-jarige student Animatie aan de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht.

(Maarten van de Ven, 15.4.08) - [print] - [naar boven]





Alex Ryon - 'Alex Ryon' (Pink Records, 2007)
Opname: 2006

Als je op zoek bent naar een internationale carrière in de jazz is een eigennaam als Alexander Rijpma (behalve in Friesland en omgeving) niet handig. Vandaar dat Rijpma op cd debuteert als Alex Ryon, dat spreekt voor buitenlanders wat makkelijker uit. Zo'n loopbaan is bepaald niet ondenkbaar, gezien het niveau van dit debuut. Rijpma (mede gevormd aan het Groningse conservatorium) combineert een aangenaam, ietwat duister stemgeluid met een lenige techniek, gevoel voor jazzy frasering en een trefzekere dictie.

Onder aanvoering van bassist Udo Pannekeet (ook verantwoordelijk voor de smaakvolle arrangementen) wordt hij bijgestaan door een mooi clubje vaderlandse toppers, onder wie de gitaristen Martijn van Iterson en Wim Bronnenberg, pianist Hans Vroomans, de slagwerkers Marcel Serierse en Chris Strik en rietblazer Tom Beek. Er zit wat pop in deze jazz, onder meer via bijzondere vertolkingen van songs van George Harrison ('Here Comes The Sun') en James Taylor ('Carry Me On My Way'), en Ryon zelf levert een mooie tekst op het sterke nummer 'Faith' van Joshua Redman.

Deze recensie was eerder te lezen in HVT Magazine.

(René de Cocq, 13.4.08) - [print] - [naar boven]





Young VIPs introvert
zondag 6 april 2008, Bram Stadhouders / Onno Govaert & Soo Cho Quartet featuring Angelo Verploegen, USVA Theater, Groningen

Het is een merkwaardige paradox: naarmate het aantal parameters in de muziek toeneemt, heeft diezelfde muziek de neiging eenvormiger te worden. Gitarist Bram Stadhouders heeft zijn instrument aan een omnipotente laptop onderworpen en trekt daar langzaam evoluerende fantasy landscapes uit, bevolkt door elfen en gnomen. Dit is geluidskunst die zich traag ontvouwt, bijna zoals planten groeien – snelle rakkers als bamboe en turboskunk daargelaten. Met veel galm evoceert Stadhouders een gitaristisch universum, zoals dat door Terje Rypdal alweer veertig jaar geleden werd omheind.

De afhankelijkheid van de computer heeft zo haar eigen charme. Toen een nummer asymptotisch tot de Grote Ruis van drie decibel of daaromtrent naderde, een proces dat toch gauw zo'n anderhalve minuut in beslag nam, waren wij allemaal bereid zulks als een staaltje van bewonderenswaardige zelfbeheersing, ja kunst, te beschouwen. Tot de gitarist ons uit de droom hielp: "Ik heb een klein probleempje met m'n computer, dat ga ik snel even oplossen."

Ook de Zuid-Koreaanse pianiste Soo Cho maakt introverte muziek, maar die dobbert toch meer in de mainstream jazz. Haar binnenwaartse blik ontmoet die van Bill Evans, maar ze is ook niet te beroerd om met staccato hamerende akkoorden de povere ziel van de piano bloot te leggen. Een van haar eerste Nederlandse sprookjes beleefde ze toen ze 's nachts toevalligerwijs op de Tilburgse kermis verzeild raakte. 'Empty Carrousel' beschreef de dromen van de Tilburgse kinderen, die allen nog best 'n ritje zouden willen, al was het midden in de nacht. De bugel van Angelo Verploegen klonk daarbij als het verleidelijke spel van die beroemde rattenvanger.

(Eddy Determeyer, 12.4.08) - [print] - [naar boven]





Heruitgave legendarische fotoboek 'Jazz'

Tussen 1955 en 1959, een periode waarin jazz erg populair was bij de aanstormende avant-garde, fotografeerde Ed van der Elsken (1925-1990) jazzconcerten en jazzmuzikanten. Een groot deel van die foto's maakte hij tijdens de befaamde nachtconcerten in het Amsterdamse Concertgebouw. Vrijwel uitsluitend met bestaand licht, waardoor de foto's een eigenaardige grofkorrelige kwaliteit meekregen. Uitgeverij De Bezige Bij bracht deze impressies in 1959 samen in het door Van der Elsken zelf vormgegeven boek 'Jazz', met tekstbijlagen van onder meer Hugo Claus, Simon Carmiggelt en Jan Vrijman.

'Jazz' is nu opnieuw uitgebracht, prettig geprijsd (€ 20,-), in de oorspronkelijke vierkante lay-out en met alle teksten, nauwkeurig één-op-één gekopieerd, inclusief een incidenteel spelfoutje en een anachronistisch platenoverzichtje achterin het boek. De Engelse vertaling wordt in een los katern bijgeleverd. Deze uitgave is een samenwerkingsverband tussen Karl Lagerfelds Edition 7L en fotouitgeverij Steidl.

(Maarten van de Ven, 12.4.08) - [print] - [naar boven]





Bobo Stenson & Lennart Aberg - 'Bobo Stenson/Lennart Aberg' (Amigo, 2007)
Opname: 2003

Bobo Stenson (piano) en Lennart Aberg (tenor- en sopraansax) hebben gemeenschappelijke muzikale wortels die teruggaan tot 1973. Aan het begin van hun carrière vonden ze elkaar in Rena Rama, een collaboratie die zich voortzette in verschillende groepen en opnameprojecten met onder meer hun participatie aan 'Dona Nostra', het muzikale testament van Don Cherry uit 1994.

Het titelloze album dat hier voorligt, opent met een doorleefde adaptatie van 'Nature Boy', gevolgd door 'Bengali Blue' van Stenson, waarin de temperatuur oploopt met de solide tenor van Aberg die rond de melodie danst. Zijn compositie 'Lisa’s Piano', een sfeervolle ballade, wordt sprekend ingezet op saxofoon, waarna de piano halverwege overneemt en een sterk verhaal vertelt. Verder treffen we - naast eigen stukken van Stenson ('Tonus') en Aberg ('Ostimmad Blues' en het aan Ornette Coleman opgedragen 'Catalogue Aria') - composities aan van Monk ('Trinkle Tinkle', 'Crepescule With Nellie'), Kenny Wheeler ('Consolation') en Lars Gullin ('Gabriella').

Een cd met zorgvuldig gekozen repertoire van twee belangrijke ambassadeurs van de moderne Zweedse jazz. Eentje waar je met plezier naar teruggrijpt.

(Dirk De Gezelle, 11.4.08) - [print] - [naar boven]





Jazz op verzoek #4
Steven Bernstein Millennial Territory Orchestra


Het VPRO-radioprogramma Jazz@vpro besteedde op vrijdagavond 14 maart jl. aandacht aan het optreden dat het Steven Bernstein Millennial Territory Orchestra op 29 februari 2008 gaf in het Amsterdamse Bimhuis. Het repertoire is een soort smeltkroes van Amerikaanse bigbandmuziek, dixieland, circusmuziek en jazz, met oude stukken van Cecil Scott, maar ook van Prince, Lennon/McCartney en Bernstein zelf.

De slide-trompettist omschrijft de band aldus op zijn website: "The vibrancy of the playing, the wit and sass of the arrangements, uncovers the genetic code that makes Bennie Moten and Prince funk-soul brothers of the first order." Naast Steven Bernstein bestaat de band uit Clark Gayton (trombone), Charlie Burnham (viool), Doug Wieselman (klarinet/tenorsax), Peter Apfelbaum (tenorsax), Erik Lawrence (baritonsax), Matt Munesteri (gitaar/zang), Ben Allison (bas) en Ben Perowsky (drums). Klik hier om dit concert te beluisteren.

Onze fotograaf Maarten Jan Rieder maakte een fotoverslag van dit concert.

Meer weten?
De website van Steven Bernstein.

(Maarten van de Ven, 10.4.08) - [print] - [naar boven]





Spetterend en overtuigend optreden voor een handvol publiek
Rinus Groeneveld & Thijs Cuppen Trio, maandag 24 maart 2008, Old Quarter, Amsterdam

Rinus Groeneveld, de solist van dit concert, startte oorspronkelijk op altsaxofoon, maar schakelde definitief over op de tenorsaxofoon, nadat hij tijdens het in 1969 in Paradiso gehouden concert van Dexter Gordon sterk door deze tenorgigant werd geïnspireerd. Maar Groeneveld is niet alleen saxofonist; zo werkte hij ook met theatergroep Het Werktheater en maakte hij in 1983 de film 'Een Zwoele Zomeravond'.

Met onder anderen Hans Dulfer en drummer Han Bennink formeerde hij als leider zijn eerste band, die de inspirerende naam The Bluesbastards meekreeg en onlangs de cd 'Blues For Mariël' het levenslicht deed aanschouwen. Ook samenwerkingen met Candy Dulfer, Simon Vinkenoog, drummer Pierre van der Linden (bekend van Focus), Wilbert de Joode, Hammondspelers Carlo de Wijs (op het NSJF) en Herbert Noord (in Advanced Warning) hebben deze aansprekende tenorsaxofonist gevormd.

Het feit dat er zo weinig mensen waren komen opdagen - ondanks het aansprekende affiche - kon Groeneveld gelukkig niet uit zijn humeur brengen. Want hij bleek er beslist zin in te hebben om te excelleren met het trio van pianist Thijs Cuppen, waarvan ook contrabassist Branko Teuwen en de jeugdige drummer Klaas van Donkersgoed deel uitmaken.

Van meet af aan werd in de hoogste versnelling gestart, dus behoorlijk afwijkend van de meeste slow startende concerten van collega's. Met een uiterst energieke, vette groove en een bossanova-ritme toonde Van Donkersgoed meteen aan dat hij complexe ritmes goed beheerst; hij wist ze buitengewoon wervelend voor het voetlicht te brengen. Kortom, de toon werd direct gezet!

Na diverse nummers volgde, in deze setting haast onvermijdelijk, ook 'Sweet Georgia Brown', dat dit keer in een rock-jazz vorm werd gespeeld, met een keihard solerende Groeneveld, die zowat de longen uit z'n lijf blies. Hierbij werd hij vakkundig begeleid door een soepel spelende Cuppen, een dynamisch solerende Teuwen en een energieke Van Donkersgoed.

En zo werd er deze avond een feestje gebouwd in The Old Quarter, mede door Groenevelds enorme gevoel voor zijn publiek, dat hij ook regelmatig aankeek en letterlijk met zijn aansprekende spel bespeelde. Al was er ook regelmatig applaus voor de trioleden, die bijzonder goed op elkaar ingespeeld bleken.

Het leuke aan de concerten in The Old Quarter zijn de aansluitende jamsessies, die vaak doorgaan tot één uur 's nachts. Deze keer werd de sessie in gang gezet door Benny Golsons 'Blues March'.

Wat uw recensent betreft mag Rinus Groeneveld (alias Mr. Greenfield) en het Thijs Cuppen Trio op korte termijn terugkeren naar dit etablissement in het hartje van oud Amsterdam, waar het elke maandagavond goed toeven is.

(Rolf Polak, 9.4.08) - [print] - [naar boven]





Jason Lindner - 'Ab Aeterno' (Fresh Sound Records, 2007)
Opname: 2004

Jason Lindners debuut, 'Ab Aeterno', brengt een sprankelende combinatie van jazz en wereldmuziek, in een trio met Omer Avital op contrabas en oud (een Arabische luit), en Luisito Quintero op alle mogelijke percussie-instrumenten. Lindner zelf speelt piano, met af en toe melodica en mbira (een Afrikaanse duimpiano). De muziek zelf is vederlicht, verwant aan kamermuziek, met speelse invloeden uit het Midden-Oosten, Afrika en Latijns-Amerika.

Maar ook Thelonious Monk en Bud Powell komen over de schouder meekijken. Monk en Bach zelfs samen in het licht klassieke 'Song For Amos', Powell in 'Sure Thing/Glass Enclosure', een mix van twee van zijn composities. Op het repetitief ritmische 'Montserrate' wordt de piano vervangen door een melodica, en de bas door oud.

Lindner is een prima pianist en componist, de melodieën zitten harmonisch en ritmisch prachtig in elkaar, maar het is allemaal zeer beheerst, het loopt zelden uit op een climax. En dat heeft misschien te maken met de speelstijl van de pianist; als hij eenmaal een basismelodie in zijn linkerhand heeft, wijkt hij er weinig van af, waardoor het geheel wat vlak overkomt. Anderzijds is de licht dansende combinatie van piano, bas/oud en handpercussie zo fris en zijn de composities zo onmiddellijk toegankelijk, dat dit ideale muziek is voor een zomerse zondagochtend.

(Stef Gijssels, 8.4.08) - [print] - [naar boven]



Jazz Hoeilaart 2008

Van 25 tot 27 september beleeft Jazz Hoeilaart zijn dertigste editie. Centraal staat zoals steeds de Jazz Hoeilaart International Contest voor jazzgroepen waarvan leden niet ouder zijn dan dertig jaar. Kandidaten moeten voor 15 mei een geluidsopname van 30 minuten opsturen. Een jury selecteert zes finalisten en drie reserves. De finalisten moeten onder meer een verplicht werk spelen van een Belgische componist, waarvoor SABAM een wedstrijd inricht.

Tussen 1979 en 2007 ontvingen de organisatoren 1.707 inschrijvingen uit meer dan vijftig verschillende landen. Zeven keer zegevierde een Belgische groep, drie keer een Zweedse en twee keer een Poolse, Israëlische, Nederlandse, Duitse en Hongaarse. Vorig jaar won het Belgische Pierre Anckaert Trio. Naast geldprijzen krijgen de laureaten ook contracten voor concerten op internationale jazzfestivals.

Bron: Belga/SPS

(Maarten van de Ven, 8.4.08) - [print] - [naar boven]





Jazz is (ook) een drumsolo
Peter Hertmans Quartet / Michael Moore, Han Bennink & Will Holshouser, woensdag 19 maart 2008, Vooruit, Gent

In januari had Opatuur het bij Jeff Neve op Klara nog over de gelijkenis tussen een drummer en een condoom. "Het is veiliger met, maar leuker zonder." Die uitspraak komt van een drummer – als we Tuur mogen geloven natuurlijk.

Woensdag was voor de drummers-van-de-band alvast een hoofdrol weggelegd. Niet alleen liet Lionel Beuvens zich stevig opmerken in het Peter Hertmans Quartet, Han Bennink stal op totaal onnavolgbare wijze de show tijdens het concert van het trio met Michael Moore en Will Holshouser. De double bill paste langs geen kanten bij elkaar, en de techniekers van Vooruit hadden het klaargespeeld de podiumspots pal in de ogen van de toeschouwers te laten schijnen, maar toch droop de sfeer ervan af.

Het Peter Hertmans Quartet toert momenteel door Vlaanderen met de Jazzlab Series om zijn pas verschenen cd 'Cadences' voor te stellen. Het optreden sloot daar eigenlijk naadloos bij aan. De live-uitvoering bood wel degelijk een meerwaarde, al werden er geen potten gebroken, noch waagde men zich aan al te uitbundige zijstappen.

De kwaliteit waarmee Hertmans zijn composities brengt is zeer vanzelfsprekend. De cd kan de ganse dag onopgemerkt op herhaling draaien; de muziek is zonder meer goed, maar zal zelden uitnodigen om actief te worden beluisterd. Dat geldt ook voor dit concert. Hertmans is een meester van ingetogenheid op de gitaar, en dan mag Theo de Jong daar nog zo hard staan wiegen met die basgitaar, dat zal de composities zelf er niet energieker op maken. En dat hoeft ook niet, wij horen die muziek graag hoe ze is.

Drummer Lionel Beuvens hield er evenwel graag de nodige schwung in. Hij kwam kauwend de set op, deed met veel inspiratie zijn ding, en ging het podium weer af – met een naar wij vermoeden totaal uitgekauwde en ondertussen naar petroleum smakende gum. Van een piepend cimbaal tot een sprankelende solo, het zat er allemaal tussen. En ze passen wonderwel bij elkaar, Beuvens en Hertmans.

Het contrast tussen het concert voor een na de pauze kon niet groter zijn. De muziek van het trio Moore, Bennink & Holshouser marcheerde van free jazz naar dixie en terug, maar vaak leek het alsof er twee afzonderlijke groepen speelden op dat podium, een solodrummer en een duo tussen rietblazer en accordeon in plaats van een trio.

Moore leek de keuze van de composities te bepalen, maar Bennink leidde de show. En wat voor een show. Vooruit had speciaal voor de Nederlandse drummer een uitgebreid (en peperduur) drumstel gehuurd, toen Bennink besliste om voor het concert enkel een snaredrum te gebruiken. Met één trommel, twee bottines, een planken vloer, en een arsenaal aan drumsticks en brushes had Bennink eigenlijk net zo goed solo het publiek in de ban kunnen houden.

Al bij de opening zwaaide hij met een – voor een 65-jarige – verrassende dynamiek het linkerbeen bovenop de trom, om zijn voet als volwaardig percussie-instrument aan te wenden. Even over de helft van de set ging hij wijdbeens op de podiumvloer zitten om met minstens zoveel enthousiasme als op de snaredrum het tempo ook daar aan te geven. Hij was bijzonder verheugd om voor de eerste keer met dit trio te kunnen optreden, en ik heb zo een vermoeden dat het ook bij het publiek zeer in de smaak viel.

Het waren twee zeer verscheiden optredens, woensdag in de Balzaal, maar ik ben blij dat ik ze allebei heb kunnen beluisteren. Bennink is zeker iemand om live mee te maken, en als u het concert van Hertmans hebt gemist, is er nog de nieuwe cd 'Cadences', die op u ligt te wachten.

Klik hier voor een fotoverslag van dit concert.

(Bruno Bollaert, 8.4.08) - [print] - [naar boven]





Audiocenter
Rita Reys & Quintet Peter Beets


"Haar charisma, liefde voor het vak, frasering, timing en noem alle bijzondere muzikale eigenschappen die haar worden toegedicht maar op: het was er allemaal en dat deed haar zelf, musici en publiek zichtbaar goed. Het is te wensen dat de jazzvlam van deze lady of jazz nog een tijd mag blijven branden. Die wens applaudisseerde een enthousiast publiek haar na afloop langdurig toe."

Dat schreef onze recensent Cees van de Ven over het concert dat Rita Reys en het kwintet van Peter Beets gaven op zondag 13 januari jl. gaven in Wilou's Basement te Veldhoven. Van dit concert zijn audio-opnamen gemaakt, die wij u hierbij graag willen presenteren. Klik hier om de concertopnamen te beluisteren.

Meer weten?
Klik hier voor een recensie en een fotoverslag van dit concert.

(Maarten van de Ven, 7.4.08) - [print] - [naar boven]





Makiko Hirabayashi Trio - 'Makiko' (Enja, 2006)
Opname: 2005

Je kunt soms aardig worden verrast. Ik bedoel: wie heeft nou ooit gehoord van Makiko Hirabayashi? Hier is ze dan, een frêle pianowondertje, met een verbijsterend mooie cd. De Japanse woont (na onder meer een studie in Amerika) in Kopenhagen. Ze wordt hier bijgestaan door de Deense drummer Klavs Hovman en de Amerikaanse slagwerkster Marilyn Mazur, en levert een programma af met tien juweeltjes van eigen stukken, briljant gespeeld en subtiel ondersteund.

Hirabayashi beschikt over het zeldzame talent vanuit een perfecte techniek te durven kiezen voor soberheid. Ze stelt haar pianistiek in dienst van de expressiviteit en de muzikaliteit; je kunt horen dat het klavier weinig geheimen voor haar heeft, maar haar muziek is bovenal poëtisch en lyrisch. Voor goed begrip: we hebben hier niet te maken met veredelde barmuziek, maar met interessante jazz, en Hirabayashi weet bepaald ook haar weg in ritmische dynamiek. Haar 'Asymmetric Rainbow' bijvoorbeeld is een onmiskenbaar boppy thema, dat een bijpassende uptempo behandeling ondergaat. Maar ook hier wordt het nooit een loze demonstratie van loopjestechniek.

Deze recensie was eerder te lezen in HVT Magazine.

Meer horen?
Op de MySpace-pagina van Makiko Hirabayashi zijn twee stukken van deze cd te horen: 'Waves' en 'Clouds Over Mt. Blanc'. Klik
hier. Meer informatie vind je op haar website.

Labels:

(René de Cocq, 7.4.08) - [print] - [naar boven]





Nominaties Deloitte Jazz Award 2008 bekend

Vocaliste Esra Dalfidan, altsaxofonist Paul van der Feen, tenorsaxofonist Cyrille Oswald en de pianisten Gideon van Gelder, Pieter de Graaf en Michal Vanoucek zijn genomineerd voor deelname aan de Deloitte Jazz Award 2008. Dit heeft de jury bekend gemaakt.

Dit zestal speelt op dinsdag 6 mei een voorronde in comedy/jazzclub Toomler in Amsterdam, waarin drie kandidaten geselecteerd worden om op woensdag 11 juni een finaleronde te spelen in het Bimhuis. De uiteindelijke winnaar ontvangt een geldprijs van 20.000 euro, de andere twee finalisten krijgen een stimulansprijs van 2.500 euro.

In de voorronde spelen de kandidaten met een klein ensemble onder leiding van bassist en voormalig Deloitte Jazz Award winnaar Stefan Lievestro. Nieuw dit jaar is dat de kandidaten ook in de finale door dit kleinere ensemble begeleid worden. Voorts wordt in de finale naar de allereerste editie teruggeblikt: Randal Corsen, Francien van Tuinen en Oene van Geel – finalisten respectievelijk winnaar in 2002 en inmiddels niet meer weg te denken uit het internationale jazzcircuit – verzorgen een gastoptreden. De presentatie van voorronde en finale is in handen van Wilfried de Jong.

De jury wordt voorgezeten door Peter Krom en bestaat uit Hein van de Geyn (musicus, producer, docent), Amanda Kuyper (journalist, recensent), Jan Menu (musicus, producer), Jacobien Tamsma (artist manager, impresario) en Bert Vuijsje (journalist, recensent).

Meer weten?
Ons
bericht over de winnaar van de Deloitte Jazz Award 2007: Ben van Gelder.

(Cees van de Ven, 5.4.08) - [print] - [naar boven]





Harmonieuze jazz ontbeert stuwende bas
Dré Pallemaerts' Pan Harmonie, zondag 23 maart 2008, Bimhuis, Amsterdam

Dré Pallemaerts is één van België's bekendste drummers. Hij heeft samengewerkt met onder anderen Joe Lovano, Mal Waldron en Archie Shepp, en natuurlijk met landgenoot Toots Thielemans. Maar Pallemaerts is ook goed thuis in de Franse en vooral Parijse jazzscene. Daar speelde hij bijvoorbeeld met Baptiste Trotignon en de gebroeders Belmondo.

Prettig om Stéphane Belmondo, een prominente Franse trompettist en bugliste eens in Nederland te zien. Een jaar geleden zag ik hem in Parijs in de Duc des Lombards met andere bekende Franse jazzmusici. Daar speelde hij in een 'tribute to John Coltrane', fel en zeer sterk op trompet. Vanavond was het voornamelijk bugel, prachtig passend bij Pallemaert's Pan Harmonie. Op de bugel produceerde Belmondo een heel warm, soms bijna ingetogen geluid. Deze avond liet hij een aantal uitstekende soli horen, ook op trompet.

De samenwerking tussen Belmondo en tenorsaxofonist Mark Turner verliep heel soepel. Turner zelf was ook regelmatig aan bod en liet keurig werk horen. Mooie loopjes en flageoletten, maar in het algemeen was hij niet echt spectaculair aanwezig. De sax en bugel harmonieerden vaak in duet en kleurden goed met elkaar, subtiel gestuurd door Pallemaerts.

Dré Pallemaerts drumde goed ondersteunend, sturend en invullend voor zijn band. Vaak fijngevoelig, soms ook een beetje meppend, maar altijd soepel swingend en veelzijdig. Grappig detail was dat hij vrijwel constant zijn stokken omdraaide (van uiteinde naar tip en terug). Dezelfde energie was aanwezig in het pianospel van Bill Carrothers. Spel van een constant hoog niveau, met een prettige dynamiek en ronduit sprankelend. Carrothers en Belmondo waren de grote aanwinsten van Pallemaerts in deze Pan Harmonie.

Het enige dat ogenschijnlijk harmonieerde, maar op de achtergrond meer als een stoorzender functioneerde, waren de Fender Rhodes en pulserende electronica van Jozef Dumoulin. Pallemaerts heeft daar weliswaar een zwak voor, maar in deze constellatie had het meestal niet de toegevoegde waarde die men zou wensen. Misschien ligt het teveel voor de hand, maar vooral door het soort drumwerk en de sprankelende piano was de electronica geen ideale match. Sterker nog, het had gewoon een (akoestische) bas kunnen of moeten zijn.

(Margretha van den Bergh, 3.4.08) - [print] - [naar boven]



Horeca-ondernemers breken met Jazz in Duketown

Veertien horeca-ondernemers in de Uilenburg in Den Bosch willen niet langer samenwerken met de Stichting Jazz in Duketown. Volgens de ondernemers worden al jarenlang afspraken niet nagekomen. Dat zegt Toine van Stiphout, eigenaar van café-restaurant Het Keershuys, namens de ondernemers. De voorzitter van de stichting Jazz in Duketown, Martijn Hillen, wenst niet te reageren op deze beschuldiging. Hij zegt de beslissing te betreuren.

De ondernemers hebben de gemeente toestemming gevraagd om in de Uilenburg een 'eigen' jazz-evenement te houden tegelijkertijd met Jazz in Duketown. Het grote festival wordt vanaf 9 tot en met 12 mei gehouden op verschillende lokaties in de stad.

Bron: Brabants Dagblad

(Maarten van de Ven, 3.4.08) - [print] - [naar boven]





Producer Miel Vanattenhoven overleden

Afgelopen nacht is Radio 1- en Klara-producer Miel Vanattenhoven op 63-jarige leeftijd na een korte, maar hevige ziekte. Vanattenhoven was een doorwinterd radioman met een rijke carrière. Hij zal echter vooral de herinnering ingaan als jazzproducer bij Radio 1 en Klara, en als stuwende kracht achter Jazz Middelheim, het tweejaarlijkse jazzfestival dat hij sinds 1991 coördineerde.

Miel Vanattenhoven was betrokken bij de eerste edities van Jazz Middelheim, als belangstellende liefhebber en collega van drijvende kracht en organisator Elias Gistelinck. In het begin van de jaren zeventig stapte hij over naar BRT 1, waar hij producer lichte muziek werd. Toen Gistelinck Jazz Middelheim naar BRT 1 bracht, werd Vanattenhoven echt betrokken bij de organisatie van het festival, dat na 'Jazzpromenade' officieel de naam 'Jazz Middelheim' kreeg.

Als producer bij BRT 1 maakte hij onder meer het programma 'Op de Mengelberg', een van de eerste crossover-radioprogramma's (met avant-garde, jazz, chansons en klassiek). Als jazzproducer was hij in die jaren ook verantwoordelijk voor producties met het Radio Jazzorkest. Eind 1989 kreeg het genre een vaste stek op Radio 1. Eerst nog samen met de blues in een lang programmablok, later 'In de Club' op dinsdagavond, dat 16 jaar lang op Radio 1 de vaste afspraak werd van de jazzliefhebbers. Samen met de andere jazzproducers was Vanattenhoven verantwoordelijk voor massa's opnamen gemaakt met diverse jazzgroepen en -orkesten, goed voor een rijk en belangrijk archief, waaruit nog volop kan worden geput.

Toen naar aanleiding van de lancering van de nieuwe Radio 1, najaar 2007, 'In de Club' werd stopgezet, stapte Vanattenhoven over naar het productiehuis VRT-Cultuur en Klara. Onder zijn bezielende leiding werd daar begin januari het nieuwe jazzprogramma met jazzpianist Jef Neve opgestart. Een programma dat helemaal de stempel van Miel Vanattenhoven draagt; 'Neve' is een Klara- én jazzbroertje van zijn legendarisch muziekprogramma 'De Lange Mars' op Radio 1. In 'Neve' bracht Vanattenhoven Jef Neve elke vrijdagavond in de studio met een Steinway en een gastmuzikant samen voor een boeiende tocht door de jazz.

(Maarten van de Ven, 2.4.08) - [print] - [naar boven]



Nancy Wilson opgenomen met klaplong

Nancy Wilson is maandag in het ziekenhuis opgenomen met een klaplong. Verwacht wordt dat de 71-jarige jazz-zangeres, die drie Grammy's op haar naam heeft staan, er weer helemaal bovenop komt. Een optreden dat komend weekeinde zou plaatsvinden in Memphis is geannuleerd.

Het is onbekend wat de klaplong heeft veroorzaakt. Wel heeft haar woordvoerder gezegd dat Wilson de afgelopen jaren last had van ademhalingsproblemen.

Wilsons carrière beslaat al ruim vijftig jaar. Vorig jaar won de zangeres nog een Grammy voor haar album 'Turned To Blue'. Ook in 2005 en 1964 won Fancy Miss Nancy (zoals ze wel wordt genoemd) deze felbegeerde muziekprijs, voor respectievelijk de platen 'How Glad I Am' en 'R.S.V.P. (Rare Songs, Very Personal)'.

Bron: Novum/Ap

(Maarten van de Ven, 2.4.08) - [print] - [naar boven]





Wasilewski/Kurkiewicz/Miskiewicz - 'Trio' (ECM, 2005)
Opname: 2004

Liefhebbers van pianotrio's wacht een verrassing bij de beluistering van het internationale debuut van deze drie Poolse muzikanten in de categorie 'jonger dan dertig'. Laat je niet misleiden door deze leeftijdsindicatie, want de maturiteit die pianist Marcin Wasilewski, bassist Slawomir Kurkiewicz en drummer Michal Miskiewicz tentoonspreiden, tart de verbeelding. Ze spelen samen sinds het begin van de jaren negentig en als het Simple Acoustic Trio stapelden ze in hun tienerjaren de onderscheidingen op.

Trompettist Tomasz Stanko nam de jonge muzikanten onder zijn vleugels en engageerde hen wat later prompt voor de opnames van zijn albums 'Soul Of Things' (2001) en 'Suspended Night'. Het trio heeft daarnaast altijd een eigen leven geleid en dat resulteert in een hecht groepsgeluid. De beheerste, soms wat onderkoelde lyriek van Marcin Wasilewski roept een vergelijking op met Bobo Stenson. Er schuilt een grote muzikaliteit in zijn spel wat onder meer tot uiting komt in zijn composities 'K.T.C.' en 'Sister’s Song', maar evenzeer in de knappe, bewerkingen van Björk ('Hyperballad'), Wayne Shorter ('Plaza Real') en Karol Szymanowski ('Roxana’s Song'). Ook de groepsimprovisaties op dit album ('Drum Kick', 'Free-Bop', 'Entropy' en 'Trio Conversation') klinken erg overtuigend.

(Dirk De Gezelle, 1.4.08) - [print] - [naar boven]


Lees verder in het archief...






Menupagina's:

Redactieadres:

Hoekstraat 1 B17
3910 Neerpelt
België
(0032) 11747180
(0032) 498788554

Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken?
Mail de redactie.