Draai om je oren
Jazz en meer - Weblog





 




Hans Teeuwen, Sinatra en de mosterd
zaterdag 29 maart 2008, Dommelhof, Neerpelt

Hans Teeuwen weet waar Sinatra de mosterd haalde. In een volbezet Dommelhof zong hij zich gisteravond een weg door het American Songbook, of beter gezegd door het Sinatra Songbook. Ze kwamen allemaal voorbij: 'Angel Eyes', 'The Best Is Yet To Come', 'The Lady Is A Tramp', 'Come Fly With Me', 'Route 66' en andere. Snelle stukken en gevoelige ballades, Teeuwen liet ze allemaal goed smaken. Met zijn begeleidingsband met klinkende namen als saxofonist Benjamin Herman, gitarist Jesse van Ruller, de in het oog springende pianist Ruben Hein, bassist Kasper Kalf en drummer Joost Kroon had hij het slechter kunnen treffen!

Wat Teeuwen aan stem en intonatie soms tekort kwam wist hij door zijn persoonlijkheid, enthousiasme en bezieling ruimschoots te compenseren. Zijn choreografie en gepassioneerde vocale improvisaties droegen in belangrijke mate bij tot het succes van dit optreden. Hij wist zijn affiniteit met het erfgoed van Frank Sinatra oprecht over het voetlicht te krijgen. Organisatie Noorderlicht kan tevreden terugzien op dit geslaagde concert!

De VRT zal morgenavond op de Belgische televisie (en dit is geen 1 aprilgrap) in De Rode Loper een interview met Teeuwen en een deel van het concert uitzenden. Het programma begint om 18.10 uur.

(Cees van de Ven, 31.3.08) - [print] - [naar boven]





Fascinerende jazz door Group Of Friends
Jazz Impuls Dubbelconcert door Group Of Friends o.l.v. Joost Lijbaart, woensdag 19 maart 2008, Deventer Schouwburg, Deventer

Een jazzkwartet met twee blazers in de frontlinie, ondersteund door bas en drums. Wie een beetje thuis is in de jazzhistorie denkt dan meteen aan de legendarische pianoloze kwartetten van Gerry Mulligan uit de jaren vijftig. Maar slagwerker Joost Lijbaart en zijn drie collega's (Benjamin Herman op altsaxofoon, Yuri Honing op tenorsaxofoon en Mats Eilertsen op bas) hebben andere plannen. Zij baseren zich juist op de muziek van de jaren zestig, borduren voort op de ontwikkelingen zoals die in gang zijn gezet door pioniers als Miles Davis, John Coltrane en Sonny Rollins. Er komt in hun Deventer optreden wel een stuk van Duke Ellington voorbij, maar in hun aanpak zou Ellington het vermoedelijk niet eens herkennen.

Deze vier musici hebben zo hun eigen taal, met lange blazerscollectieven, gearrangeerd dan wel geïmproviseerd, op basis van een gedegen harmonische ondergrond van de Noorse meesterbassist Eilertsen en een gevarieerde ritmische ondersteuning door Lijbaart zelf, die in zijn onorthodoxe speelwijze nu eens kiest voor speelse percussie, dan weer een een soort eenpersoons energiecentrale vormt.

Ze spelen voor de pauze onder meer het ingetogen 'Mitchell' van de leider, een stuk van Ornette Coleman, en het verrassende 'Black Is The Colour', een Brits volkswijsje dat opent met regelrechte free jazz, maar overgaat in prachtig ensemblespel. Het gedeelte na de pauze is voor een aantal stukken van de Braziliaanse zanger, gitarist en componist Milton Nascimento, een idool van Lijbaart ("vooral omdat hij niet erg Braziliaans klinkt; er komt geen bossanova of samba aan te pas"). En zowaar kijkt Mulligan dan toch even om de hoek, in de manier waarop de twee blazers elkaars melodielijnen omspelen. Hier is nu ook een wat strakkere ritmiek aan de orde, en Honing en Herman tonen zich hier en daar de boppers die ze in hun hart natuurlijk ook zijn. Fascinerend concert.

Deze recensie was eerder te lezen in De Stentor/Deventer Dagblad.

(Anoniem, 31.3.08) - [print] - [naar boven]





Jazz in Duketown zoekt vrijwilligers

Nog zes weken en dan vindt de 35ste editie van Jazz in Duketown plaats, van 9 tot en met 12 mei in de binnenstad van Den Bosch. De organisatie van dit sfeervolle en kwaliteitsrijke festival draait door de inzet van vele vrijwilligers. Gedurende het jaar zijn ongeveer 40 vrijwilligers in uiteenlopende commissies aan de slag met de voorbereidingen. Zij zorgen voor onder andere een soepele organisatie, podia, communicatie en sponsorwerving. Tijdens het festival groeit dit aantal tot ongeveer 150 vrijwilligers. Samen zorgen zij ervoor dat het festival vlekkeloos verloopt. Niet alleen voor de vele bezoekers, maar ook voor de binnen- en buitenlandse artiesten.

Heb je altijd al een band willen begeleiden? Of ben je een organisatietalent? De organisatie van Jazz in Duketown heeft nog vacatures voor de volgende functies: Stagemanager, Stagehands, Medewerker Intake, Podiumbegeleider, Verkeersregelaar, Transportmedewerker en Medewerker Merchandise. Ten behoeve van een weergave van het festival wordt bovendien gezocht naar een fotograaf die samen met de huidige fotograaf het festival vast wil leggen.

Geïnteresseerden kunnen een mailtje sturen naar
info@jazzinduketown. Jazz in Duketown biedt een zeer prettige, dynamische omgeving met betrokken en enthousiaste vrijwilligers.

(Maarten van de Ven, 31.3.08) - [print] - [naar boven]





Joost Swart / Saxion V / Gustav Klimt String Quartet - 'Symbiosis - The Music Of Claus Ogerman' (Morfo Music, 2008)

Morfo Music, een in 2004 door de saxofonisten Jorg Kaaij en Juan Martinez opgerichte stichting, heeft zichzelf ten doel gesteld muzikaal belangwekkende projecten en artiesten te willen promoten. Ook wil de stichting de communicatie over en weer met andere kunstvormen bevorderen, zoals woord, beeld en muziek. Dat Morfo Music met dit ambitieus geformuleerd beleid niet de weg van de minste weerstand wenst te bewandelen, bewijst zij met deze eerste release: 'Symbiosis – The Music Of Claus Ogerman'.

Dit project vormt een eigentijdse bewerking van het in 1974 uitgebrachte 'Symbiosis'. Het origineel werd indertijd door Claus Ogerman geschreven voor het pianotrio van Bill Evans (met bassist Eddie Gomez en drummer Marty Morell) plus een symfonieorkest, aangevuld met vier altsaxofoons, extra houtblazers en percussie.

Het nu uitgebrachte nieuwe project - je mag het mijns inziens gerust zo noemen - is een door saxofonist Will Jasper samen met arrangeur Rob Horsting gemaakte bewerking van de originele partituur, speciaal gemaakt dit keer voor Saxion V. Dit ensemble, een saxofoonkwintet zoals de naam al doet vermoeden, bestaat uit de tenorsaxofonisten Paul van Batenburg en Ad Colen, de altsaxofonisten Will Jasper en Jorg Kaaij en baritonsaxofonist Juan Martinez. Een bezetting die is te vergelijken met de traditionele saxofoonsectie, die we kennen uit de bigbands.

De strijkerspartijen voor orkest zijn door Jasper en Horsting teruggebracht tot vijf stemmen, die we terug vinden in het Gustav Klimt Strijkkwartet, aangevuld met contrabassist Clemens van der Feen. Uiteraard kon een ritmesectie niet ontbreken met bassist Ruud Vleij, drummer Gijs Dijkhuizen en percussionist Mike Schäperclaus. De echte solist in 'Symbiosis' is pianist Joost Swart.

Een goed oordeel over het nieuwe arrangement verkrijg je het beste wanneer je de oorspronkelijke uitvoering eerst meerdere keren draait en daarna deze nieuwe setting, waarbij direct opvalt dat Saxion V in déze uitvoering van 'Symbiosis' een sterker accent aan de sax, met solistische vrijheid en communicatie over en weer, heeft gegeven. De ruimte die de nieuwe versie van 'Symbiosis' voor improvisatie biedt, wordt in tegenstelling tot het origineel niet alleen benut voor de piano-improvisaties van Swart, maar ook voor een aantal solistische bijdragen vanuit het saxofoonkwintet.

In vergelijking met de originele versie uit 1974, komt deze nieuwe bewerking veel minder zwaar over. Ze is als het ware veel minder compact, waardoor de melodische en harmonische structuur beter tot haar recht lijkt te komen. Net als in het origineel is het nieuwe 'Symbiosis' uit vijf lange stukken samengesteld, onderverdeeld in twee movements.

Morfo Music is erin geslaagd, zonder het originele werk geweld aan te doen, om 'Symbiosis' transparant te doen uitvoeren, met schitterende melodische en harmonische structuren. De luisteraar wordt constant in verschillende gemoedstoestanden gemanoeuvreerd en dit project doet ook regelmatig aan het werk van Gil Evans denken. Hulde voor deze eersteling!

(Rolf Polak, 31.3.08) - [print] - [naar boven]





Jazz op verzoek #3
Domino Quartet


Het VPRO-radioprogramma Jazz@vpro besteedde afgelopen vrijdagavond aandacht aan het optreden dat het Domino Quartet op 23 februari 2008 gaf in het Amsterdamse Bimhuis. Dit kwartet brengt een aantal fascinerende solisten in de hedendaagse jazz bij elkaar: trombonist Gianluca Petrella, tenorsaxofonist Sean Bergin, bassist Antonio Borghini en drummer Hamid Drake. Het was de eerste keer dat deze groep in Nederland te zien en te horen was. Klik hier om dit concert te beluisteren en voor additionele informatie.

Onze fotograaf Maarten Jan Rieder maakte een fotoverslag van dit concert.

(Maarten van de Ven, 31.3.08) - [print] - [naar boven]





Ilja Reijngoud heer en meester over zijn trombone
vrijdag 8 februari 2008 , Jazz at the Crow, Kraaij & Balder, Eindhoven

Ilja Reijngoud (trombone), Martijn van Iterson (gitaar), Marius Beets (bas) en Marcel Serierse (drums) verzorgden een onderhoudend concert, dat terecht op veel bijval mocht rekenen. Met repertoire dat nagenoeg geheel bestond uit composities van de leider. Daarmee kreeg het publiek een mooie inkijk in de speelsouplesse van deze trombonist. Zijn precieze intonatie en technische vermogen waren verbluffend. Hij speelde met groot gemak in het lage, midden- en hoge register van zijn instrument, alsof hij over een octaafklep beschikte! Zoals in 'Nice Mess', waarin hij als het ware met zichzelf in gesprek was. De een uitte zich in het middenregister, het alter ego in het lage register.

Er was volop expositieruimte voor alle bandleden en er was sprake van een prettige diversiteit qua repertoire. Naast energieke, virtuoze en expressieve soli van Reijngoud stonden warmbloedige, verhalende soli van Van Iterson. Beets en Serierse zorgden voor maatwerk betreffende ondersteuning, groove en drive. In 'Why Certainly' kreeg de solo van Beets extra reliëf door excellent slagwerk van Serierse. Soms schoof Van Iterson ook aan bij dit ritmeduo met ritmische en harmonische delicatessen, waardoor Reijngouds spel een extra boost kreeg. Luister bij voorbeeld maar eens naar 'Welcome Home', waarin ook de trombonist een oorstrelend betoog hield!

Niet te missen was: 'My Private Little Wing', een ballad met magistraal spel van Van Iterson en Beets. En voor hen die nog twijfelden aan de kwaliteit en creativiteit van Marcel Serierse was er 'Peculiar', een compositie van gitarist John Scofield. Dat liet aan duidelijkheid niets te wensen over.

Ilja Reijngoud beschikt over een goede pen voor aansprekende composities, die zich prima lenen voor improvisatie. Dat was deze avond meer dan eens aan de orde. Een concert om je met de ogen dicht en de oren wagenwijd open op de flow van de muziek van collectief en individu te laten meevoeren. Een kwartet om te koesteren!

Beluister dit concert via ons
Audiocenter. Klik hier voor een fotoverslag van dit concert.

(Cees van de Ven, 30.3.08) - [print] - [naar boven]





Terugblik Stranger Than Paranoia 2007 (2)

Al vijftien edities lang is het Tilburgse festival Stranger Than Paranoia consistent kwalitatief, verrassend en gevarieerd. Een uitstekende manier om een jaar af te sluiten, zoals wij jaar in jaar uit mogen ervaren. In twee delen blikt Draai om je oren terug op twee goed bezette avonden in Paradox.

Op vrijdag 28 december 2007 bracht het festival een gevarieerde en zinnenprikkelende mix van ruimtelijke Nederlandse vrije improvisatie (Bram & Jasper Stadhouders en Onno Govaert), verbluffende Franse kwaliteitsjazz (Trio Michel Portal / Daniel Humair / Bruno Chevillon) en frisse Belgische crossover-jazz (Rackham).

Lees hier het volledige verslag en bekijk de bijbehorende fotopagina van Cees van de Ven.

(Maarten van de Ven, 30.3.08) - [print] - [naar boven]





Lars Danielsson & Leszek Mozdzer - 'Pasodoble' (ACT, 2007)
Opname: 2006/2007

De combinatie van bas en piano is bepaald niet ongebruikelijk in de jazz. Maar het wordt al iets aparter als de bassist ook cello speelt, en de pianist dubbelt op celesta en harmonium. Dat gebeurt in het geval van de Zweedse basvirtuoos Lars Danielsson en de Poolse toetsenspeler Leszek Mozdzer.

De twee ontmoetten elkaar in 2002 tijdens een festival in Warschau, en hebben sindsdien regelmatig samengewerkt, op het podium en in de studio: ze maakten in Polen twee albums met de Israëlische percussionist Zohar Fresco. Nu is er dan het cd-debuut als duo. Een mooi album, op een bewerking van een Zweeds volksliedje na geheel opgebouwd uit eigen composities (acht van Danielsson, vijf van Mozdzer).

Het gaat om elegante, intieme muziek, een soort kamerjazz met een weemoedige overtoon, waarin de twee elkaar perfect aanvoelen en aanvullen. Ronduit prachtig is de ballad 'Fellow', die zich op een heel organische manier ontwikkelt vanuit een relatief eenvoudig akkoordenmotiefje. Overigens komen die celesta en dat harmonium maar heel spaarzaam aan bod; de kleuring blijft toch vooral jazzy, met bas en piano.

Deze recensie was eerder te lezen in HVT Magazine.

Labels:

(Anoniem, 30.3.08) - [print] - [naar boven]





ROVA en de erfenis
zondag 16 maart 2008, Grand Theatre, Groningen

Het ROVA Saxophone Quartet bestaat dertig jaar en is daarmee vermoedelijk een van de oudste saxofoonkwartetten die zich met improvisatiemuziek bezighouden. Qua uitgangspunten en aanpak is er in die drie decennia niet zo gek veel veranderd, dunkt me. Nog steeds zijn alle bronnen in principe valide: niet-westerse tradities, hedendaagse kamermuziek, de complete jazzcanon, alles is bruikbaar. "Nou weet ik weer hoe piepknor klinkt," sprak een bezoeker in de pauze.

Vanaf het begin hebben de blazers uit San Francisco regelmatig gasten uitgenodigd (Andrea Cantazzo, Henry Kaiser, Tim Berne), zodat de samenwerking met slagwerkers Tony Buck en Michael Vatcher niet helemaal uit de lucht kwam vallen. Anders dan je misschien zou verwachten zijn de drummers niet ingehuurd om de muziek van de blazers van een lekkere groove te voorzien. Ritme hebben Steve Adams, Larry Ochs, Bruce Ackley en Jon Raskin van zichzelf wel. Hooguit wordt dat ritme van accenten voorzien door Buck en Vatcher.

Eerder zou je kunnen stellen dat het slagwerk een commentariërende functie heeft: de drummers luisteren geconcentreerd naar de blazers en naar elkaar. Regelmatig komt het voor dat een van hen stilvalt en glimlachend van het werk van zijn collega gaat zitten genieten. De muzikanten waken er ook voor, de zaak rücksichtlos dicht te metselen. Alleen in het begin van het aan Dmitri Shostakovitch opgedragen 'Testimony' trekken de zes een wall of sound op. Voor het overige blijft het gebodene redelijk transparant.

De eerste helft van het optreden werd gevuld met 'The Mirror World', waarin alle technieken en trucs uit de kast werden getrokken. Zoals daar zijn improvisaties door een, twee, drie of vier blazers tegelijkertijd, ritmische riffjes, grote contrasten in dynamiek en sfeer. Op sommige momenten klonk ROVA als een machtig kerkorgel. Ach ja, alle goede muziek heeft haar oorsprong in de kerk.

Je zou verwachten dat er na dertig jaar toch wel een beetje sleet inzit. Zeker, het concept is niet meer zo verrassend als in het begin, er zijn momenten dat de band maniëristisch en statisch klinkt. Op andere plekken betrap je de blazers op onzuiver en zelfs ongelijk spel. Maar de aanpak blijft wel degelijk boeien. Je kunt je alleen afvragen hoe en door wie de spirituele erfenis van John Coltrane en Albert Ayler beheerd gaat worden wanneer deze apostelen uit San Francisco op hun beurt de pijp aan Maarten geven.

(Eddy Determeyer, 29.3.08) - [print] - [naar boven]





The Jazztube
The Vandermark Five - 'Vehicle'


Ken Vandermark, geboren op 22 september 1964 in Warwick, Rhode Island, is zonder twijfel een van de meest interessante rietblazers van dit moment én een van de hardest working men in de huidige jazzscene. Zijn speelstijl kenmerkt zich door passie en toewijding, of het nu op tenor- en baritonsax is of op (bas)klarinet. Hij maakte sinds 1992 meer dan 30 cd's en daarnaast werkte hij nog mee aan ruim 100 andere cd's. Vandermark is een enthousiast wegbereider voor de door het grote publiek vaak als ingewikkeld beschouwde improvisatiemuziek; als er iemand sceptici uit de traditionele jazzwereld van de schoonheid en kracht van die muziek kan overtuigen, is hij het wel.

Hij verdeeld zijn tijd en energie als componist en improvisator over een indrukwekkende hoeveelheid working bands en samenwerkingsverbanden: The Vandermark 5, Powerhouse Sound, Frame Quartet, Peter Brötzmann Chicago Tentet, Sonore, Territory Band, CINC, Free Fall en duo's met Tim Daisy and Paal Nilssen-Love, twee percussionisten van de buitencategorie. In de planning staan nog meer projecten, waaronder iTi (met Johannes Bauer, Thomas Lehn en Nilssen-Love), Lean Left (met onze eigen Terrie Ex, Andy Moor en Nilssen-Love) en het Resonance Ensemble (een tienkoppig internationaal gezelschap met muzikanten uit Polen, Zweden, Oekraïne en de Verenigde Staten). Op zijn eigen website geeft hij met zijn '
Notes from the Field' vaak aardige inkijkjes in zijn bomvolle, maar ongetwijfeld enerverende muzikantenbestaan.

Zijn vlaggenschip, The Vandermark Five, onderging in 2005 een personele wijziging; na jaren trouwe dienst verliet Jeb Bishop de band. Vandermark ving het verlies van deze trombonevirtuoos echter magistraal op met het aanstellen van een cellospeler: Fred Lonberg-Holm. Zijn voortreffelijke solo op 'Vehicle (For Magnus Broo)' bewijst dat hij een waardige opvolger is van Bishop; met zijn spel lijkt The Vandermark Five zelfs nog aan klankenrijkdom en diepgang te hebben gewonnen. Deze Jazztube is afkomstig van de Poolse televisiezender TVP Kultura en betreft een concertopname tijdens het 'Made In Jazz'-festival 2005. Naast Vandermark (hier op baritonsax) en Longberg-Holm horen en zien we Dave Rempis (tenorsax), Kent Kessler (bas) en Tim Daisy (drums).

Klik op bovenstaande afbeelding om de video te bekijken en te beluisteren.

Labels:

(Maarten van de Ven, 29.3.08) - [print] - [naar boven]





Geen overtuigend optreden voor volgestroomde concertzaal
Enrico Rava Quintet, woensdag 12 maart 2008, Bimhuis, Amsterdam

Het is natuurlijk niet zo verwonderlijk dat alle 225 zit- en 150 staanplaatsen in het Amsterdamse Bimhuis bezet waren voor het concert van het Enrico Rava Quintet, want het was diezelfde trompettist Enrico Rava die in 2004 van de Franse Académie du Jazz de European Musician Of The Year Award kreeg uitgereikt. Rava maakte eind jaren zestig internationaal naam, sterk beïnvloed door het trompetspel van Miles Davis. Met saxofonist Gato Barbieri bewoog hij zich richting avant-garde, later ook met rietblazer Steve Lacy en het Globe Unity Orchestra.

Rava heeft een lyrisch klinkende stijl ontwikkeld, waarin hij vrije jazz combineert met klassiek en pop. In zijn huidige band, waarmee hij diverse albums voor het ECM-label opnam, speelt hij met de jeugdige trombonist Gianluca Petrella, in 2007 winnaar van de Down Beat Critics Poll in de categorie 'Rising Star' en van de Paul Acket Award op het North Sea Festival in de categorie 'Artist Deserving Wider Recognition'. Verder maken ook pianist Andrea Pozza, contrabassist Rosario Bonaccorso en drummer Roberto Gatto deel uit van de groep.

Geopend werd met een lekker bebopthema, gevolgd door een in staccato opgebouwde solo van Pozza, op de achtergrond begeleid door trompet en trombone. Met jeugdige overmoed nam de jonge trombonist, heel hoekig en erg onsamenhangend spelend, zijn partij waar om hierna in het tweede deel van zijn solo gelukkig wat krachtiger en soepeler los te komen. In dit openingsnummer gaf bassist Bonaccorso al direct zijn visitekaartje af, door zijn solopartij schitterend vloeiend te spelen en hierbij unisono mee te neuriën. Het was net alsof Slam Stewart op het podium stond, waardoor klaterend applaus terecht zijn deel werd.

Acht stukken volgden, die qua speelstijl, tempo en klankkleur mooie afwisseling boden. De ene keer met een verstild klinkende opbouw, dan weer met een avant-gardistisch vraag- en antwoordspel. En in het nummer 'Travelin’ Light' weer met de solo spelende bassist die dit keer uitermate bluesy en swingend overkwam, zichzelf alleen met een ritmisch tikkende voet begeleidend.

Maar Enrico Rava en zijn jeugdige trombonecollega Gianluca Petrella maakten hun faam in dit concert helaas niet waar. Voor Rava leek dit begrijpelijk, want hij had waarschijnlijk problemen met zijn embouchure; herhaaldelijk moest hij zijn lippen met een zakdoek deppen. Petrella speelde zijn soli erg onsamenhangend en veel te sterk aangezet, waardoor hij meer ontregelde dan toevoegde.

Het 'achtergrondkoortje' dat beide blazers continu vormden tijdens de solo's van de overige kwintetleden, begon steeds komischer over te komen. Dit accent verstoorde behoorlijk en was daarnaast volkomen overbodig. Maar ook drummer Roberto Gatto speelde dit concert haast plichtmatig en beperkte zich tot kleurloos begeleiden, dit in tegenstelling tot de twee échte uitblinkers: Andrea Pozza en vooral Rosario Bonaccorso, die regelmatig de show stalen met hun aanstekelijke spel.

Meer horen?
Het concert van het Enrico Rava Quintet is in zijn geheel terug te luisteren op de website van jazz@vpro. Klik hier.

(Rolf Polak, 29.3.08) - [print] - [naar boven]





Utrecht Jazzfest 2008

"Door het wegvallen van de VPRO als participant van het Utrecht Jazzfest en de verbouwing van Muziekcentrum Vredenburg moest programmeur Marcel van Kranendonk een list verzinnen om het festival nog aantrekkelijk en interessant te maken. Daartoe werd besloten het aantal dagen en podia uit te breiden." De programmering was bepaald niet misselijk te noemen, met klinkende namen als Jim Black, Peter Brötzmann, Joe McPhee, Marc Ducret en Yuri Honing. "Al met al werd het een breed geprogrammeerd festival met helaas enkele tegenvallers en een Stucky dieptepunt."

Klik hier voor een uitgebreid festivalverslag door Jacques Los en hier voor een fotoverslag door Maarten Jan Rieder.

(Maarten van de Ven, 29.3.08) - [print] - [naar boven]





Create(!) - 'A Prospect Of Freedom' (Sounds Are Active, 2006)

Dit is voorzichtige, niet opdringerige vrije improvisatie met sterk melodische inslag. De band, bestaande uit Orlando Greenhill (vocals, akoestische bas, percussie), Chris Schlarb en Raymond Raposa (elektrische gitaar, electronica), Lynn Johnston (klarinet, basklarinet), Kris Tiner (trompet, bugel) en Justice Constantine (drums, percussie), brengt een zeer breekbare mix van trage ritmes en aarzelende, aftastende instrumenten, die samen zoeken naar muzikale textuur en schoonheid, maar ook naar variatie in impact en effect.

Clichés moet je niet verwachten op deze cd; zowat alles wat je hoort valt in de categorie inventiviteit en creativiteit - ze hebben hun naam niet voor niets gekozen - en met succes, het algemeen effect is meer dan het beluisteren waard. Emotioneel word je heen en weer geslingerd tussen tederheid, melancholie, angst, verwarring, spanning en zuivere esthetische verbazing, en dat soort effecten is waar het bij muziek om te doen is. Dit is geen muziek die het moet hebben van de kracht van de solo's of van de creatie van een basismelodie, maar juist van de gezamenlijke improvisatie als band, de verfrissende ritmes en invalshoeken, het creëren van nieuwe uitdrukkingsvormen.

Is dit nu jazz? Ja, omdat de bezetting een typische jazzbezetting is, ja, omdat improvisatie en avontuur centraal staan, maar anderzijds staat dit ver van wat je van jazz verwacht. Mogelijke vergelijkingen: Tortoise, Mazurek, H.I.M. Dit is moderne muziek, punt. Schitterend, uitroepteken!

(Stef Gijssels, 28.3.08) - [print] - [naar boven]





Verslag Blue Note Records Festival Indoor
donderdag 28 februari & zondag 2 maart 2008, De Bijloke, Gent

Cecil Taylor, Gianluca Petrella, Bart Maris, CiCliC en Stefano di Battista & Baptiste Trotignon waren voor onze verslaggever Bruno Bollaert de hoogtepunten van de eerste editie van het Blue Note Records Festival Indoors, dat zich in de onlangs uitgebreide faciliteiten van muziekcentrum De Bijloke ontrolde voor een helaas relatief gering publiek.

"Misschien was de timing niet volledig juist, was de programmatie net iets te verscheiden, of was er gewoon niet genoeg ruchtbaarheid aan de wintereditie gegeven. Jammer, want hoewel dit misschien geen echte hoogvlieger was, werden er inhoudelijk belangrijke stappen genomen en richtingen afgetast. Wij hopen dat deze Indoor editie een vaste waarde wordt, mogelijks als proeftuin voor de uitgebreidere versie in de zomer." Aldus Bollaert, wiens festivalverslag hier te lezen is. Hij maakte ook een fotoverslag.

(Maarten van de Ven, 27.3.08) - [print] - [naar boven]





Column Herbert Noord
Van Gouden Harpen en draaitafelneuroten


DJ Tiësto kreeg op 5 maart jl. de Gouden Harp én de Buma Exportprijs uitgereikt voor zijn belangrijke bijdrage aan de Nederlandse muziek. Zonder ook maar één keer zijn naam te noemen, veegt Herbert Noord in zijn column de vloer aan met die toekenning.

"Zelfs al zou deze 'schotelberijder' nog 100 maal meer aan het muzikale duitenzakje hebben bijgedragen, dan nog zou het mijn eer te na zijn geweest deze non-muzikaliteit met een prijs te belonen. Over my dead body. Dat is natuurlijk ook meteen de reden, dat ik nimmer en nooit voor dit soort jurering wordt uitgenodigd. De rellen zouden zich aaneenrijgen tot een onontwarbare kluwen."

Herbert Noord keert zich nog één keer tegen het fenomeen dj. Klik op bovenstaande button om zijn column te lezen.

(Maarten van de Ven, 25.3.08) - [print] - [naar boven]





Reijseger en Nabatov laten muziek de vrije loop
maandag 17 maart, Jazzpower, Wilhelmina, Eindhoven

Geïmproviseerde muziek heeft vaak weg van een balanceeract zonder vangnet. De musici vertrouwen erop dat hun vindingrijkheid hen op de been houdt. Een dergelijke act krijgt een totaal andere lading als de acrobaten ook clowns zijn, zoals in het concert van pianist Simon Nabatov en cellist Ernst Reijseger bij Jazzpower in café Wilhelmina. Humor en lenigheid van geest stuurden de muziek in een ommezien alle kanten op. Ze lieten de luisteraars achter in een staat van verbijstering.

Het leek allemaal zo simpel. Nabatov ritste met plastic betaalmiddelen langs de toetsen en de snaren van de piano, terwijl Reijseger ging uittesten tot wat voor klanken zijn cello te verleiden was. Hij kwam terecht in het allerhoogste register, waar Nabatov zich bij hem aansloot. Vandaar strooiden ze, tussen duizelingwekkende loopjes en opwolkende akkoorden, flarden melodieën rond. Uiteindelijk vonden ze elkaar in een bedrieglijk simpel deuntje dat niet zou misstaan bij een cocktailparty. Ware het niet dat ze al snel weer ontspoorden in krankzinnige achtervolgingen en erupties die sterk leken op taartensalvo's op het hoge koord. Ze struikelen bij elke voltreffer, maar bewaarden telkens een wankel evenwicht dat de muziek een nieuwe richting in stuurde.

Zo bleef dit duo het volhouden. Mozart kwam langs, werd laconiek afgeserveerd. Een eenvoudig melodietje werd alsmaar herhaald, waarbij Reijseger vol verbazing naar zijn partituur keek, alsof hij zich afvroeg of dat er echt stond. Gaandeweg slopen er andere accenten in, en voor je het wist was het thema bedolven onder een wildgroei aan variaties. Maar het mooiste was nog het stuk waarin Reijseger met bevochtigde vingers over de klankkast van zijn cello wreef en zo het geluid opriep van een opgewonden roedel jachthonden, terwijl Nabatov met uitgestreken gezicht een onschuldig en braaf muziekje speelde.

Klik hier voor een fotoverslag van dit concert door Cees van de Ven.

Deze recensie verscheen eerder in het Eindhovens Dagblad.

(René van Peer, 25.3.08) - [print] - [naar boven]





Nicholas Daly Winter - 'Reflections' (Maxanter, 2007)

Een leuk debuut, het album 'Reflections' van het trio Nicholas Daly Winter, bestaande uit de Amerikaanse gitarist Dan Nicholas, de Ierse bassist Johnny Daly en de Nederlandse drummer René Winter. Ze vormen elke week op dinsdagavond het huisorkest van het Haagse jazzcafé Pavlov, waar ze dan met wisselende gasten spelen. Zo gaat het hier ook: de triostukken worden afgewisseld met gastoptredens door Marco Kegel (altsaxofoon, in twee stukken), Philip Harper (trompet, idem), en Johannes Probst (trompet, één stuk).

Eén keer spelen er twee gasten in hetzelfde nummer mee (Kegel en Probst, in 'Strolling' van Horace Silver), en dat levert een wat oubollig collectiefje op, maar wel spetterend solowerk. In de triostukken krijg ik wat associaties met het roemruchte trio met Barney Kessel, Ray Brown en Shelly Manne als 'The Pollwinners', en dat pleit voor de kwaliteit van deze jongens. Ze swingen pittig, zonder de harmonie en de melodie te vergeten, en doen een paar bijzondere stukken herleven, zoals 'Conception' van George Shearing en 'A Flower Is A Lovesome Thing' van Billy Strayhorn. Het titelstuk is van Thelonious Monk.

Deze recensie was eerder te lezen in HVT Magazine.

(Anoniem, 24.3.08) - [print] - [naar boven]





Dat stukje paradijs in zuidoost Drenthe
Daniël Lohues, zaterdag 1 maart 2008, Theater Geert Teis, Stadskanaal

Daniël Lohues, voormalig voorman van de Drentse rootsgroep Skik, dook in Mississippi en Louisiana diep in de countryblues en vond zichzelf. De laatste keer dat ik hem zag zat hij met zijn Louisiana Bluesclub nog midden in de nagalm van zijn bedevaart naar de bakermat.

Inmiddels is hij vijf jaar verder en de blues is nooit meer helemaal weggegaan. Al heeft wat hij tegenwoordig zingt meer met Joni Mitchell dan met Johnny Taylor te maken. Gebleven is zijn scherpe, weemoedige kijk op het leven, die hij goed weet te verpakken in laconieke humor. Lohues bezit de gift of gab: zijn liedjes, resultaat van rake observaties en in Weltschmerz gedompelde overpeinzingen, vormen de verbindende schakels tussen zijn hilarische conferences – of omgekeerd. Daarbij geeft hij blijk van een voortreffelijke timing, wat bij het vertellen van (tragi-)komische verhalen even essentieel is als in muziek.

Lohues (zang, gitaar, piano en mondharmonica) blijft dicht bij zichzelf en bij zijn Erica, dat stukje paradijs in zuidoostelijk Drenthe. Hoe lang, vraag je je af, zal het nog duren voordat ook daar de Vinexwijken de boel overnemen en het Algemeen Beschaafd het beter weet dan de taal van het veen? Voorlopig werden de succesnummers van Daniël Lohues nog uit volle borst meegezongen door het Knoalster publiek, al konden strikt genomen alleen die uit Drouwenermond aanspraak maken op echte Drentse roots.

Meer horen?
Bij NCRV's Volgspot Bis (Radio 2) was vannacht een uur lang muziek van Daniël Lohues te horen, met opnames uit het archief van Skik (1999), Lohues & the Louisiana Blues Club (2003) en liedjes van de cd 'Allenig' (2006). Klik hier om dit programma te beluisteren.

(Eddy Determeyer, 24.3.08) - [print] - [naar boven]





Kleurrijk klankenspectrum verheven tot kunst
Frank van Bommel Quintet, donderdag 21 februari 2008, JazzCase, Dommelhof, Neerpelt

Het Frank van Bommel Quintet telt met Michael Moore (altsax, klarinet), Tobias Delius (tenorsax, klarinet) en Martin van Duynhoven (slagwerk) maar liefst drie Boy Edgar Prijswinnaars in haar rangen. Samen met Frank van Bommel op piano en Arjen Gorter op bas staat dit gezelschap garant voor kwaliteit, vakmanschap en avontuur, waarbij uitgebreide improvisatie samengaat met melodieuze swing. In JazzCase bracht het kwintet voornamelijk werk van Van Bommel, afgewisseld met enkele composities van Dick Twardzik, een legendarische, maar op jonge leeftijd aan heroïne bezweken Amerikaanse pianist, die onder anderen speelde met Charlie Parker en Chet Baker. Het werd één van de meest boeiende en begeesterende concerten die ik de afgelopen tijd zag.

Met het uitbundige 'Thelonk', een hommage aan Monk, werden meteen de krijtlijnen aangegeven; avontuurlijk uitstappen, waarbij subtiel op de achtergrond Van Bommels piano de swing en de melodie aangaf. Daaromheen kregen afwisselend Moore en Delius voldoende ruimte om verregaand improviserend te soleren en om uiteindelijk telkens harmonisch terug te keren naar de basismelodie, weliswaar via een sterk ommetje van Gorter op bas. 'Joy’s Awakening' was lekker zacht swingend, relaxed, lazy, maar bovenal melodieus met het smooth saxgeluid van Delius overgenomen door Moore op klarinet en van Bommel op piano. Een eerste hoogtepunt van de avond.

Verder ging het met 'Strutting And Striding', free jazz met een dialoog tussen Gorter op bas en Delius op klarinet, minimalistische miniatuurtjes wevend tot het bijna muisstil werd... om dan te exploderen in een nerveus klankenspel. En wederom was het Van Bommels swingende pianospel dat een andere wending gaf aan het nummer en de solisten als het ware tot de orde riep en hen bij melodie terugbracht. Even nog ruimte voor een heerlijke saxsolo van Delius en een verfijnde bassolo van Gorter, om tenslotte samen gesloten te eindigen.

'The Fable Of Mabel' was opgebouwd rond een sterke beat en een herkenbare melodie, waarbij het verfijnde samenspel tussen Moore en Delius de weidsheid van hun klankenpalet aangaf. Tot de melodie ontspoorde en voorstuwend en hectisch werd, om na de drumsolo van Van Duynhoven de draad van de melodie weer op te nemen en het nummer in schoonheid af te ronden. Het eerste deel van het concert werd afgesloten met het wondermooie, meditatieve 'Minette' met Moore en Delius beiden ditmaal op klarinet en het subtiele pianospel van Van Bommel op de achtergrond. Een zalig ingetogen klarinet van Moore, fragiel, beheerst en bedachtzaam samenspelend. Een tweede hoogtepunt van de avond.

Na de pauze ging het verder met stevig swingende en freewheelende 'Omnithogale'. Hectische grotestadsmuziek waarbij behoorlijk wat druk op de ketel kwam te staan. De sobere ballad 'Maldron', een eerder traditioneel groovend nummer, dreef voornamelijk op de bas van Gorter en het sublieme pianospel van Van Bommel, waarbij de blazers een stapje terugzetten en zich discreet op de achtergrond hielden. Hectisch, luid en overdonderend werd het met 'Life’s Party', waarbij uitgebreid ruimte ingebouwd was om te soleren en te improviseren rondom een Zuid-Afrikaanse melodie. Via Twardziks compositie 'A Crush For The Crab' ging het verder naar het chaotische 'Her Voice, Her Laughter', waar Van Bommel via de melodie telkens opnieuw de muzikanten dwong op adem te komen. Het concert werd afgesloten met 'Yellow Tango'.

Slotsom was een goed uitgebalanceerd concert met een evenwichtige mix, waarbij improvisatie hand in hand ging met melodieus swingende jazz. De sterke composities van Frank van Bommel - met een opmerkelijk fijn gevoel voor diepte, melodie en ritme - gecombineerd met het vakmanschap en het speelplezier van de muzikanten, zorgde voor een weids en kleurrijk klankenspectrum.

Met zoveel authenticiteit, credibiliteit en integriteit wordt jazz verheven tot en ware kunstvorm.

Klik hier voor een fotoverslag van Cees van de Ven.

Beluister opnamen van dit concert via ons Audiocenter.

(Robert Kinable, 22.3.08) - [print] - [naar boven]





Jazz met Pasen: East of Eastern in Nijmegen

Aanstaande maandag, 24 maart (tweede paasdag), vindt in Nijmegen-Oost voor de vijfde maal in successie de jazztafette 'East of Eastern' plaats. Deze eerste lustrumeditie zal een speciaal karakter dragen. Maar liefst vijftig acts in verschillende muziekstijlen, met de nadruk op jazz, zullen op tweede paasdag vanaf 12.00 uur de revue passeren op achttien verschillende locaties in Nijmegen-Oost.

Het festival wordt zoals gebruikelijk voorafgegaan door een jazz-gospelviering, gevolgd door een vijftal masterclasses van topmusici en de speciale EaSTERn-concerten, waarna traditiegetrouw om 16.00 uur de jazzestafette start die tot ongeveer 22.00 uur duurt. Deelnemers daaraan zijn onder meer het Thijs van Otterloo Kwintet, Wim Bronnenberg & Teake Stol, PitchWhiteStorm, Saskia Laroo, Masha Bijlsma en het Stefan Lievestro Sextet.

De lustrumeditie wordt officieel geopend door de Nijmeegse loco-burgemeester Hans van Hooft sr., voorafgaand aan het EaSTERnconcert van Fay Claassen om 14.00 uur in het Canisius College. Voor dat concert, alsmede voor het concert van Bo's Da Bomb (met saxofonist Bo van de Graaf) in de Lutherse Kerk, geldt een toeslag van € 5,-. De rest van het programma is toegankelijk met een passe-partout van slechts € 5,-. Voor kinderen onder de 12 en 65-plussers is het festival gratis toegankelijk.

Klik hier voor uitgebreide informatie over het programma.

(Jacques Los, 22.3.08) - [print] - [naar boven]





Steam Team - 'Global Heating' (E-bop Productions, 2007)

Wat is E-bop? Heel handig heeft Steam Team zijn eigen etiket bedacht voordat recensenten of andere fantasten dat doen. De wortels zitten natuurlijk bij Silver en Blakey, maar het klinkt toch moderner en vooral wat subtieler. De 'E' van E-bop staat voor 'earnest, expressive, energetic, explosive'.

Het is moeilijk om je in de hardbop te onderscheiden, nadat tenminste drie generaties Amerikanen daar hun tanden op hebben stukgebeten. Steam Team brengt wel degelijk iets eigens, namelijk een open benadering die ingegeven lijkt door de vrijere jazz en een gezonde dosis Nederlandse humor, maar toch op het eerste gehoor betrekkelijk conservatief klinkt. In ieder geval klinkt dit kwintet heel wat speelser dan een Amerikaanse formatie zou klinken. Het eerste stuk, 'The Shape Of Things To Come', is bijvoorbeeld een mars a la 'Moanin’', maar de uitwerking is losser en vooral moderner. De sound is typisch hardbop, al zijn de soli geen kopieën van Amerikaanse voorbeelden van de jaren zestig, maar meer een smakelijke combinatie van ouderwets en modern.

Het titelstuk van dit tweede album is een wat dreigend getint stuk van Bast, waarin de partijen tussen de blazers mooi worden verdeeld. Er is het harde tenorgeluid van Peter Ennen, het net niet zachte geluid van leider Jeroen Doomernik en het altijd weer subtiele spel van Pieter Bast. Een ander goed voorbeeld van de spelopvattingen van Steam Team is 'Equine Energy', een compositie van Jeroen Doomernik. Na het gehinnik op de bugel hebben we de pianosolo van Ludo Doomernik die kort, direct en to the point is. Ook leuk is de break van Bast in Joe Hendersons 'Afro Centric Hot!', het enige nummer dat niet van eigen hand is. Over de efficiënt swingende contrabassist Ruud Hendriks kan ik ook alleen maar positief zijn. Leider Doomernik speelt uitsluitend bugel, maar is ook net wat beter qua timing dan al die bugelspelers die op dit instrument dubbelen naast de trompet. Aan het eind horen we nog het grappige en beeldende 'March Of The Penguins', dat een geslaagd album afsluit. Hierin klinkt Doomernik even als een onhandige trompettist. Frisse muziek.

Meer horen?
  • Op de website van Steam Team zijn geluidsfragmenten te beluisteren van de cd 'Global Heating'.

    (Ken Vos, 20.3.08) - [print] - [naar boven]



    Ambitieus Muziekpaleis Utrecht moet plannen bijstellen

    Gisteren berichtte het NRC Handelsblad dat de ambitieuze begroting van het Muziekpaleis - het samenwerkingsproject van poppodium Tivoli, jazzstichting SJU en Muziekcentrum Vredenburg - zal worden bijgesteld, nadat een adviesbureau in een vernietigend rapport de plannen als onhaalbaar had afgedaan. Met name voor de jazz heeft dit vervelende gevolgen: in de nieuwe begroting wordt het aantal activiteiten op dat gebied zowat gehalveerd.

    Lees het volledige artikel op de
    website van NRC Handelsblad.

    (Maarten van de Ven, 20.3.08) - [print] - [naar boven]





    Mineral Jazz: geslaagd concept
    WoFo & Wang Wei Quartet, dinsdag 4 maart 2008, Mineral Jazz Club, Gent

    Achter restaurant Mineral in Onderbergen schuilt een zaaltje. De comedy-mensen hadden dat reeds lang ontdekt, maar recent heeft ook de Handelsbeurs potentieel gezien in de stijlvolle locatie. Op 6 november werd het startschot gegeven voor de opening van de Mineral Jazz Club, en sindsdien kan je er elke eerste dinsdag van de maand (met uitzondering van januari) terecht voor twee concerten. Voor de vierde editie gingen wij luisteren naar WoFo en het Wang Wei Quartet.

    Mineral Jazz ziet eruit als een heuse jazzclub, met een breed maar ondiep podium, en tafeltjes die tot vlak daarvoor werden geschoven. Dat blijkt ook nodig, want hoewel tot een kwartier voor de aanvang van het eerste concert nog flink wat plaatsen vrij waren, liep het zaaltje bij de eerste noten volledig vol. Er wordt ook flink wat gerookt, en terwijl sommigen vinden dat zulks hoort bij jazz, vraag ik me steeds af waar de blazers in dergelijke omstandigheden in godsnaam hun adem blijven vinden. Rook was niet meteen de grootste zorg evenwel, want gezien de muzikanten zowat boven de verwarming spelen, wilde het riet van die sax en klarinet wel eens uitdrogen. Niet dat zoiets de pret kon bederven.

    Het concert van WoFo was tevens een soort van een cd-presentatie, al speelden ze ook nummers die (nog?) niet werden gereleased. Die cd, 'The Complete Hamsessions', ligt hier overigens al een tijde op repeat. Het is een heldere aangename opname, waarvan een aantal composities verschrikkelijk tijdloos standaard klinken. Live kwam dat er iets anders uit, wat rauwer, en het geluid moest vaak iets aan fragiliteit inboeten –hoe Mattias Laga ook zijn best deed op die warme klarinet. Het was een aangename kennismaking, ook al omdat ik ervan overtuigd was dat WoFo eigenlijk veeleer de experimentele jazz was aangedaan. Geen gepiep of schijnbaar doelloos afdwalen evenwel, maar dynamische muziek vol structuur en berekendheid. Op de cd blijven de drums van Tom De Wulf redelijk onopvallend, tijdens het concert was hij prominenter aanwezig. Zowel de centrale plaats van het instrument als de solo's van de muzikant gaven hem de aandacht die hij verdiende.

    Een meer dan geslaagd concert, maar met het geluid zat het vaak wat mis. De volumeknop stond te sterk naar rechts, en voor de kleine ruimte die de Mineral eigenlijk is, kwam dat de kwaliteit van de muziek niet meteen ten goede. Sommige zaken stonden soms mee te trillen, wat uitmondde in het 'gesprongen luidspreker'-effect. Jammer.

    Een korte pauze later was het de beurt aan het Wang Wei Quartet. Kleinere bezetting, dus ietwat meer ruimte op het podium. Het drumstel van Xavier Rogé stond in de linkerhoek opgesteld, en in de andere hoek zat celliste Marine Horbaczewski; ertussenin de geïnspireerde gitarist Emmanuel Baily en de lankmoedige saxofonist Laurent Meunier. We ervaarden een minder frêle geluid uit de kordate cello, die nadrukkelijker aanwezig was maar goed tot haar recht kwam in de filosofie van de groep.

    Die filosofie is gebaseerd op Wang Wei, een Chinees dichter/schilder uit de achtste eeuw. Voor zijn composities vertrok Baily van een aantal van diens gedichten. Aan de hand daarvan creëerde hij een intrigerend klankbord, dat evenwel nog wat uitwerking mist. Hoewel het uitgangspunt oosters is, troffen wij een aantal verdwaalde Caraïbische en Spaanse thema's terug, die een beetje gemaakt spartelden in het geheel. Niettemin veelbelovend, en ik zou er wel graag eens op mijn gemak naar kunnen luisteren. Of hen aan het werk zien met de Cambodiaanse danseres Yiphun Chiem, waarmee ze naar verluidt optreden.

    Mineral Jazz is in elk geval een geslaagd concept, dat u ook maar eens moet proberen. Voor de prijs hoeft u het alvast niet te laten, want voor een schamele vijf euro krijgt u twee veelbelovende groepen te horen. De volgende editie vindt plaats op dinsdag 1 april, met het Christian Mendoza Trio en Bender Banjax.

    Klik hier voor een fotoverslag van dit concert.

    (Bruno Bollaert, 19.3.08) - [print] - [naar boven]





    Jasper Blom Quartet - 'Statue Of Liberty' (Mainland Records, 2008)
    Opname: 2007

    Van deze cd raak je meteen prettig van slag. Jasper Blom (tenorsax/effecten), Jesse van Ruller (gitaar), Frans van der Hoeven (bas) en Martijn Vink (drums). Op het oog niets bijzonders; de bezetting is dik in orde. Maar met de muziek is van alles aan de hand. Omdat we bij cd-recensies doorgaans afzien van het geven van waarderingsterren, blijven de vijf die ik in petto had op zak.

    De muziek op 'Statue Of Liberty' is fris, origineel en van het begin tot het eind zinderend boeiend en weergaloos fraai. Jasper Blom was lang een musicians musician, maar hier worden nu zijn compositorische en spelkwaliteiten eens manifest. Zijn medespelers van naam zijn uit hetzelfde kwaliteitshout gesneden. Voortdurend op zoek naar nieuwe creatieve wegen en muzikale uitdagingen om hun muzikale status quo te prikkelen en te ontwijken. Zij durven te ontsnappen aan de automatische piloot en leveren optimaal werk in dit inspirerende gezelschap. Bloms composities zijn melodieus en geworteld in de jazztraditie, maar klinken hedendaags. Dat maakt het album toegankelijk. De verbijzondering zit hem in de arrangementen, melodievoering, improvisaties en ritmische verschuivingen.

    Jesse van Ruller neemt al enige tijd afstand van zijn imago als gekend bebop-gitarist. Hij laat hier horen waar hij nu staat en schroomt niet nieuwe klankeffecten in zijn spel te integreren. Dat doet ook Jasper Blom, die met een gecontroleerde fascinatie voor saxofooneffecten met behulp van analoge gitaarpedalen en een Maestro Sound System For Woodwinds zijn creativiteit laat stromen, zoals in de sterke compositie en titelsong 'Statue Of Liberty'. In 'Ontem' is hij met kompaan Van Ruller een klassieke balladeer. Van een andere orde is 'The Least Of Your Worries', dat hortend en stotend start, maar dan plotseling overgaat in perfect unisono spel van Blom en Van Ruller, om vervolgens uit te monden in een weird spel van Blom en zijn klankmanipulatoren.

    Er is sprankelend drumwerk van Martijn Vink en de specifieke klank van zijn bekkens, die qua kleur veel verwantschap heeft met die van collega Joost van Schaik, wordt fraai in beeld gebracht. Frans van der Hoeven is altijd al zeker van een goede pers, maar had wat mij betreft wel meer soloruimte kunnen hebben. Samen managen zij probleemloos de vele onverwachte en listige ritmische wendingen in de composities.

    In het enerverende 'Greek Myth' gaat het dak eraf. Van Ruller schuwt de distortion niet, en Vink pookt met Van der Hoeven de zaak nog eens extra op. Het album eindigt met het ijzersterke 'Vaduz', een catchy stuk, exemplarisch voor de speelspontaniteit die dit album kenmerkt.

    'Statue Of Liberty' is een Edison-nominatie waard en zal ongetwijfeld ook internationaal op veel bijval kunnen rekenen.

    Meer horen?
  • Op de smaakvol vormgegeven website van Jasper Blom kun je twee tracks van dit album beluisteren:
        'The Least Of Your Worries' en 'Vaduz'.

    Labels:

    (Cees van de Ven, 18.3.08) - [print] - [naar boven]





    Special Veenendaal, Kneer & Sun bij RTV Arnhem

    Morgenavond verzorgt Stichting Jazz in Arnhem in café-restaurant Mahler bij Musis Sacrum een optreden van het intrigerende trio Veenendaal, Kneer & Sun. Onze recensent Cees van de Ven schreef: "Elke compositie kent een fragiel framewerk, zodat naar hartelust kan worden uitgebroken. Een cruisecontrol, niet om het meest efficiënt tot het doel te komen, maar met alle vrijheid voor interessante sightseeing. Zo kom je dan wel mooi op fraaie, onverwachte plekjes."

    Vanavond tussen 20.00 en 21.00 uur presenteert Hans Kloos voor RTV Arnhem een special over dit trio in het jazzprogramma 'Salted Peanuts', inclusief een radio-interview met drummer Yonga Sun. Het programma is als live-stream te volgen via de internetsite van RTV Arnhem. Het concert in Mahler begint om 21.30 uur. De toegang is gratis.

    Meer weten?
  • Onze recensie van het concert van Veenendaal, Kneer & Sun op 29 oktober 2007 in Wilhelmina,
        Eindhoven.

    (Maarten van de Ven, 17.3.08) - [print] - [naar boven]





    Jazz in de trein

    Ongeveer 175.000 tot 200.000 mensen hebben gisteren gratis met de trein gereisd door het Boekenweekgeschenk 'De Pianoman' van Bernlef mee te nemen in plaats van een treinkaartje te kopen. De leeslustige reiziger kon bovendien gratis genieten van jazz.

    Jazzmuziek is een grote passie van Bernlef; hij schrijft er geregeld ook over. Als hommage aan de schrijver liet de NS zondag twee jazztreinen door Nederland rijden met twee generaties jazzmuzikanten. De eerste generatie is van de tijd dat Bernlef als jongetje in Amsterdam jazzkroegen afliep om zijn helden te horen spelen. In een trein uit die tijd speelden Louis van Dijk (piano), Henk Haverhoek (bas) en John Engels (drums). In een andere trein speelde de huidige generatie: Benjamin Herman (sax), Clemens van der Feen (bas), Jesse van Ruller (gitaar) en Gijs Dijkhuizen (drums). Op het nieuwe station Amsterdam Bijlmer ArenA, het eindpunt van beide treinen, ontmoetten de musici elkaar. Ter plaatse verzorgden ze een geïmproviseerd optreden.

    Bron: ANP

    (Maarten van de Ven, 17.3.08) - [print] - [naar boven]





    Fascinerende samensmelting van strijkkwartet en bigband
    Laetitia van Kriekens Big Bang, vrijdag 29 februari 2008, Paradox, Tilburg

    Na een eerdere kennismaking met Laetitia's muziek vijf maanden geleden in Eindhoven was er nu een herhaling van haar 'Big Bang' in Tilburg. En wat voor een! Een bomvol en gretig Paradox nam kennis van haar interessant samengesteld orkest en haar dito repertoire.

    Enige veranderingen in de bezetting waren de vervanging voor deze avond van Angelo Verploegen door diens excellente understudy Toon de Gouw en gitarist Peter Heynen. Deze laatste leverde met zijn persoonlijk geluid en coöperatieve spel een belangrijke bijdrage aan het groepsgeluid.

    Zoals reeds eerder gememoreerd werd ook hier bevestigd welke mogelijkheden Van Krieken zich heeft verschaft met de samenstelling van dit orkest. Het organisch samensmelten van een strijkkwartet met een uitgedunde bigband weet zij magnifiek tot klinken te brengen in haar composities en arrangementen.

    Mete Erker was Laetitia's concertmeester en initieerde in haar geest ontspannen de gebeurtenissen. Het programma was identiek aan haar concert in Eindhoven, maar de uitwerking ervan toch weer verrassend anders. Wat buiten kijf bleef was dat Van Krieken een componist is om te koesteren.

    Het moet een hele toer voor haar zijn om dit orkest in stand te houden. Maar wel noodzakelijk voor de creativiteit en continuïteit van haar werk. Hopelijk weet zij dan ook in het nieuwe Muziek Centrum Nederland aan het Rokin in Amsterdam, de juiste etage, persoon en formulieren te vinden, beleidsmakers van haar bijzonderheid te overtuigen en noodzakelijke fondsen te verwerven.

    Klik hier voor een fotoverslag.

    (Cees van de Ven, 16.3.08) - [print] - [naar boven]





    Bud Powell - 'Live At The Blue Note Café' (ESP-Disk, 2007)
    Opname: 1961

    Soms blijken er nog ergens oude tapes te liggen, dik onder het stof, waar juweeltjes van jazzmuziek op staan waar bijna niemand het bestaan nog van wist. Hier zijn er weer een paar: opnamen van pianist Bud Powell, gemaakt in 1961 in zijn toenmalige woonplaats Parijs met de plaatselijke bassist Pierre Michelot en collega-expatriate Kenny Clarke op drums.

    In de eerste sessie is de rondreizende tenorsaxofonist Zoot Sims te gast, de tweede dateert van een paar maanden later en laat alleen het trio horen. Geen studiokwaliteit, maar wel sublieme, geïnspireerde jazz van extreem hoog niveau, zeker van pianist, bassist en slagwerker (Sims speelt goed maar lichtelijk clichématig).

    Powell speelt strak, zit vol ideeën en vertoont geen spoor van de legendarische drugsproblematiek. Michelot en Clarke vormen een ijzeren ritmetandem, met vooral een hoofdrol voor de rechterhand van de drummer: de stuwende manier waarop die het ride cymbal bespeelt is nog altijd onovertroffen. Het trio bereikt waarlijk grote hoogte in de dwarse stukken van Thelonious Monk (drie titels), door Powell altijd bewonderd en voor hem kennelijk een grote bron van inspiratie.

    Deze recensie was eerder te lezen in HVT Magazine.

    (Anoniem, 15.3.08) - [print] - [naar boven]





    Audiocenter
    Zapp String Quartet


    "Hoewel je een strijkkwartet spontaan associeert met klassieke muziek, waren in de muzikale aanpak van Zapp de typische stijlelementen van jazz overduidelijk aanwezig, zoals improvisatie, interactie tussen de muzikanten en bovenal swing. Deze andere invulling van het traditionele repertoire van een strijkensemble was een boeiende ervaring, die verfrissend overkwam omwille van de originaliteit, het enthousiasme en de speelse en soms spetterende benadering."

    Dat schreef onze recensent Robert Kinable over het JazzCase-concert in cultureel centrum Dommelhof (Neerpelt) van het Zapp String Quartet op donderdag 20 december 2007. Van dit concert zijn audio-opnamen gemaakt, die wij u hierbij graag willen presenteren. Klik hier om de concertopnamen te beluisteren.

    Meer weten?
  • Klik hier voor een recensie en fotoverslagen van dit concert.

    (Maarten van de Ven, 14.3.08) - [print] - [naar boven]





    Killer Joey komt pas los in tweede set
    vrijdag 22 februari 2008, Bimhuis, Amsterdam

    De prominente glimlach op het gezicht van Joey Baron werkt aanstekelijk, zeker in een vol Bimhuis op vrijdagavond. Voordat er een noot gespeeld was door zijn kwartet Killer Joey, had Baron de lachers al op zijn hand. Toch moest er gedurende het optreden heel wat werk verzet worden om de zaal daadwerkelijk om te krijgen.

    Groot is aan het begin van de avond het contrast tussen de soepel klinkende ritmetandem van Baron en bassist Tony Scherr in vergelijking met de twee gitaristen Brad Shepik en Steve Cardinas. Het kwartet begint hun concert losjes met 'Toys', een compositie van Herbie Hancock, waarmee de band kan warmdraaien. Interessant wordt het pas als het materiaal afwisselender wordt en de muziek het doorsnee conservatoriumrepertoire ontstijgt. Al is het maar omdat het publiek dan de ellenlange gitaarsolo's van Cardinas en Shepik bespaard blijft. Hierbij ontpopt Shepic zich als een gretig en smaakvol solist, in het kielzog gevolgd door 'aangever' Cardinas, maar de beide heren spelen teveel noten om lang te blijven boeien. Meer dan los zand wil de band dan ook niet echt worden, totdat aan het einde van de eerste set een knisperend duet tussen Scherr en Baron ontstaat, waarbij glissando's van de baspartij knap synchroon lopen met scherpe hihat-breaks van Baron. Zulke genietbare momenten zijn er in de eerste helft van het concert helaas te weinig.

    De tweede helft maakt dan ook veel goed; eenmaal op volle kracht valt er veel te genieten en is het contrast tussen de verschillende bandleden bijna geheel tenietgedaan. Baron trekt het concert muzikaal meer naar zich toe en demonstreert zijn virtuoze techniek middels vernuftige muzikale oplossingen en ideeën, die, in tegenstelling tot de eerste set, nu wél worden opgemerkt door de gitaristen. Pas dan blijkt het concept achter Killer Joey te werken: een veelzijdige en aanstekelijk muzikale speeltuin waarbinnen Baron zijn energieke ding kan doen, of het nou swing, bop, rock of latin is. De keuze van drumstokken, de opstelling van het drumstel (bijvoorbeeld twee ride-bekkens half op elkaar gepositioneerd), de klanken die Baron uit zijn beperkte set haalt, de timing: overal is over nagedacht. Bovendien maakt Baron zich niet schuldig aan een overdaad aan drumsolo's, maar denkt vanuit het verloop van composities, waarbinnen een solo slechts een ondergeschikte rol heeft. De kracht van Barons spel schuilt vooral in smaakvolle fills in solo's van zijn medemuzikanten, die zorgen voor extra profiel van de muziek.

    Tegen het eind van het concert wordt Baron gevraagd: "Show us a magic trick!" Waarop Baron antwoordt: "I’m trying." Niemand in de zaal die twijfelt dat hij daar niet in volle overtuiging in geslaagd is.

    met dank aan Hugo Erken

    Klik hier voor een fotoverslag van dit concert door Maarten Mooijman.

    (Eric van Rees, 14.3.08) - [print] - [naar boven]





    Opnieuw geen Jazz in Lighttown

    Het licht lijkt definitief te doven voor het Eindhovense Jazz in Lighttown. Voor het tweede opeenvolgende jaar gaat het festival vanwege geldgebrek niet door.

    Organisatievoorzitter Hans Brian hoopt nog wel in 2009 een nieuwe editie van de grond te tillen. "Maar nu zijn twee jaar vergaan", beseft hij. Brian kreeg in december te horen dat het festival van binnenstadsorganisatie stichting CityDynamiek of de gemeente Eindhoven geen subsidie zou krijgen. "Dat maakt het ook moeilijk om met succes bij sponsors aan te kloppen." Voorheen stak CityDynamiek 35.000 euro in Jazz in Lighttown. De organisatie zocht sinds vorig jaar naar een nieuwe datum en een mogelijke andere opzet. Jazz in Lighttown zat eind augustus aan het einde van het evenementenseizoen. Sponsors en horeca waren niet tevreden over het festival, dat kampte met afnemende bezoekersaantallen. Hoofdsponsor Dorint Hotel trok zich terug.

    Het idee van CityDynamiek en de gemeente Eindhoven was om het evenement te combineren met de uitreiking van de Edison Jazz Awards in Muziekcentrum Frits Philips in november. In een aparte tent zouden dan jazzconcerten kunnen worden gegeven. Jazz in Lighttown ziet dat niet zitten, onder meer omdat dan toegang moet worden geheven. Ook een koerswijziging naar een kleinschaliger concept op verschillende binnenlocaties is volgens Brian financieel niet haalbaar.

    Het alternatief van de organisatie, het festival in de vertrouwde formule in mei of juni, kan echter niet op subsidie rekenen. Ondanks steun van de horecaondernemers op de Markt, die daar volgens woordvoerder Perry Kusters 'wel heil in zagen'. CityDynamiek meent dat onvoldoende draagvlak in de stad bestaat voor een 'breed jazzevenement', stelt directeur Eric Boselie. Bij de verdeling van subsidiegelden moet Jazz in Lighttown het wat CityDynamiek betreft afleggen tegen evenementen die zich richten naar de gemeentelijke speerpunten design, kunst en technologie en licht.

    Dit artikel verscheen eerder in het Eindhovens Dagblad.

    (Peter Scholtes, 13.3.08) - [print] - [naar boven]





    Oxymore Quintet - 'Oxymore Quintet' (Trytone, 2008)
    Opname: 2006

    Mark Haanstra, basgitarist van het eerste garnituur, maakte naam in talloze formaties en projecten. Nu presenteert hij de debuut-cd van zijn formatie Oxymore met Guillaume Orti (alt- en c-melody saxofoon), Oene van Geel (viool), Harmen Fraanje (piano), Mark Haanstra (basgitaar) en Chander Sardjoe (drums). En wat een binnenkomer is deze cd!

    Iedereen van dit kwartet droeg één of meer composities aan. Elk met zijn specifieke vingerafdruk, maar het klinkt allemaal heel coherent. Stevig werk is het, en dat geldt ook voor de ritmetandem met Sardjoe en Haanstra. De samenstelling van de band biedt boeiende klankmengvormen. Ook ritmisch valt er aan deze cd het nodige te beleven. Hoekige, heftige polyritmiek wordt afgewisseld met rustige en toegankelijke maatsoorten, zoals in de introspectieve Haanstra-compositie 'Silhouette', een repetitief stuk waarin iedereen zich uitstekend etaleerd.

    Er wordt strak en gedisciplineerd gespeeld waar nodig, en spontaan, creatief en vrijheidslievend in de improvisaties. 'Laksh', een compositie van Haanstra en Van Geel en een groovy stuk met veel subtiliteit, toont verrassend unisonospel van Orti en Van Geel en een lekker donkerbruine basfeature van Haanstra.

    Opvallend is ook de fraaie menging en eensgezinde klankkleur van de luchtige toon van Orti's saxofoon met Van Geels viool. Fraanje weet zijn spannende akkoorden overal in te passen. Door repetitieve staccato akkoorden klopt hij als het ware op imaginaire deuren. Als die open gaan, volgen er weer nieuwe muzikale vergezichten. Niets dan lof voor de opnamen. Luister maar eens hoe fraai Sardjoes intelligent samengestelde drumkit tot klinken komt in Van Geels 'Mike’s Dance'.

    'Oxymore Quintet' is een cd om niet te missen. Boordevol pakkende muziek van musici die borg staan voor kwaliteit en een persoonlijk vocabulair.

    Meer weten?
  • De website van het Oxymore Quintet.

    (Cees van de Ven, 13.3.08) - [print] - [naar boven]



    Nieuw jazzfestival in Hoogeveen

    Hoogeveen krijgt een eigen festival: Jazz Vibes. De programmering richt zich op nationale artiesten, maar geeft ook ruimte aan nieuw talent uit het noorden. 's Avonds zijn er optredens, overdag workshops, masterclasses en lezingen. De eerste editie vindt plaats op zaterdag 14 juni. Theater-Congrescentrum De Tamboer wil er een jaarlijks evenement van maken.

    Trijntje Oosterhuis, Room Eleven, Kim Hoorweg, New Cool Collective, Francien van Tuinen, Tineke Postma Quartet, Jenne Meinema & Rein de Graaff zijn enkele van de optredende artiesten. Van de workshops 's middags is in de avond het resultaat te horen en te zien.

    Bron: ANP

    (Maarten van de Ven, 12.3.08) - [print] - [naar boven]





    Loops staan muziek in de weg
    Brian Blade & Wolfgang Muthspiel, donderdag 28 februari 2008, Bimhuis, Amsterdam

    Een duo met gitaar en drums: Brian Blade en Wolfgang Muthspiel. Hoewel de twee al sinds 1998 samenwerken in verschillende bezettingen - waaronder een trio met Marc Johnsson - opereren zij pas twee jaar als duo.

    De opening van het concert is veelbelovend als Muthspiel een verrassend helder intro speelt, neigend naar klassiek gitaarspel. Op de drums bouwt Blade heel rustig en nauwkeurig op. Het is wonderbaarlijk hoe gevoelig zijn spel klinkt. Het stuk heet dan ook niet voor niets 'Between The Beats'.

    Hoewel beide musici een goede start hebben, vormen zij in de eerste set nauwelijks een samenhangend geheel. Dit is voornamelijk te wijten aan Muthspiels sample- en looptechnieken, die de gitarist meer in de weg staan dan aanvullen. Muthspiel zet te pas en te onpas loopjes in, en laat die tot vervelens toe terugkomen. Dit geeft weinig muzikale meerwaarde. Sterker nog: Muthspiel is zó met zijn techniek bezig, dat zijn spel eronder te lijden heeft; terwijl de baslijntjes worden afgespeeld, komt hij niet verder dan een technisch, eentonig spel. Ik mis concentratie. Afstemming. Muziek.

    Beter is het slagwerk van Brian Blade: hij slaagt er keer op keer in het publiek in vervoering te brengen. Hoewel Blade een vrij sober instrumentarium heeft – drumstokken, paukenstokken en brushes op een drumstel zonder toeters en bellen – kan hij daarmee veel nuances aanbrengen. Hij voert het geluid nauwelijks merkbaar op van héél zacht tot spetterend hard. Een bezielde musicus, die in de eerste set nog beter tot zijn recht was gekomen als Muthspiel óók met zijn hart zou hebben gespeeld en niet met zijn hoofd.

    De tweede set is in vele opzichten beter dan de eerste. Wolfgang Muthspiel slaagt erin een iets afwisselender geluid te laten horen; hij komt los van het tokkelen en laat zijn gitaar af en toe zelfs scheuren. Bovendien is het gebruik van de loops sterk gereduceerd, waardoor de gitarist eindelijk aan muziek maken toekomt. Maar alleen in 'End On Four' komen de twee musici echt tot elkaar. Ze spelen een veelzijdig, spannend en geïmproviseerd spel waar je u tegen zegt.

    (Hann van Schendel, 11.3.08) - [print] - [naar boven]





    Triptych Myth - 'The Beautiful' (Aum Fidelity, 2006)

    In mijn zoektocht naar muziek die onder het radarscherm van de traditionele muziekrecensenten valt, kan ik met plezier Triptych Myth aanraden, een trio van Cooper-Moore op piano, Tom Abbs op bas en Chad Taylor op drums, een pianotrio zoals je er zelden één gehoord hebt.

    Er zijn wat meer vertrouwde benaderingen tussen zoals het eerste 'All Up In It' en het prachtige 'Frida K. The Beautiful', maar dan begint de vervreemding. In 'Trident' geeft de gestreken bas de lijn aan en geven piano en drums de ritmische ondersteuning, en dat is ook voor de rest van het album de grote kracht; dit is een echt en hecht trio, waar elk instrument op de voorgrond staat. Bas en drums hebben geen ondersteunende rol, maar staan samen met de piano op het creatieve voorplan. Ze geven mede de richting aan, nemen initiatief, en eisen de aandacht op, zonder dat het een kakofonie wordt.

    En dat is de sterkte van dit album: het is vernieuwend, anders, maar toch sterk verankerd in blues, soul en traditionele jazz. 'Pooch' is in dat opzicht een mooi voorbeeld. Op een zachte basismelodie van de piano gaat Chad Taylor op drums plots geweldig tekeer, volledig in conflict met de piano, aanzettend tot een tempowisseling, maar toch valt alles terug op zijn pootjes. Een album om veel te beluisteren.

    (Stef Gijssels, 11.3.08) - [print] - [naar boven]





    Saskia Laroo presenteert nieuwe cd

    Aanstaande zaterdag presenteert de Amsterdamse trompettiste Saskia Laroo tijdens een speciaal concert in de Grote Zaal van Paradiso haar nieuwe cd 'Really Jazzy'. Fluitist Ronald Snijders is deze avond gastsolist bij de band.

    De cd zal net als haar vorige vier releases op haar eigen label Laroo Records worden uitgebracht, en bevat een mix van jazzy funky dance-grooves. De beats worden aangevuld met instrumentale thema's en jazzy improvisaties in combinatie met zang, rap en beatbox-vocalen. Op dit album, waaraan diverse muzikanten uit talrijke en verre windstreken hebben meegewerkt, is Laroo niet alleen op trompet te horen, maar ook op saxofoon en contrabas. Bovendien is ze als zangeres te horen. Het eerste exemplaar van 'Really Jazzy' zal worden uitgereikt door Hans Dulfer, die ook de liner notes heeft geschreven.

    Op de invloedrijke Amerikaanse jazzsite All About Jazz is een interview met haar te lezen dat onze medewerker Koen Scherer op 3 oktober 2007 met haar had, en dat eerder op onze site te lezen was in de Nederlandse versie.

    (Maarten van de Ven, 11.3.08) - [print] - [naar boven]





    Collectieve klasse van SFJAZZ Collective
    maandag 25 februari 2008, Bimhuis, Amsterdam

    Eén van de activiteiten van de organisatie SF(San Francisco)JAZZ is de oprichting in 2004 van het all-star jazzensemble SFJAZZ Collective. Dit collectief, mede opgericht door tenorist Joshua Redman, bestaat uit louter prominente en befaamde jazzsolisten. De groep speelt jaarlijks behalve eigen composities ook die van moderne jazzmeesters, zoals de muziek van Ornette Coleman (2004), John Coltrane (2005), Herbie Hancock (2006) en Thelonious Monk (2007). Dit jaar staat het werk van Wayne Shorter centraal.

    Het ensemble, dat bestaat uit de saxofonisten Joe Lovano en Miquel Zenón, trompettist Dave Douglas, trombonist Robin Eubanks, vibrafonist Stefon Harris, pianiste Renee Rosnes, bassist Matt Penman en drummer Eric Harland, fungeerde werkelijk als een collectief. Om beurten kondigden de musici de nummers aan en eenieder kreeg gelijke ruimte om te soleren. Naast enkele Wayne Shorter-composities werd van elke muzikant een nummer gespeeld, zoals de intieme ballad 'Road To Darma' van vibrafonist Stefon Harris, 'Secrets Of The Code' van Dave Douglas en Joe Lovano's 'This, That And The Other'.

    Het SFJAZZ Collective is met recht een all-star band. Stuk voor stuk zijn de musici uitmuntende solisten. In het bijzonder Harris, Douglas en Zenón excelleerden. Zij bouwden hun solos zeer bekwaam en relaxed op, om in de laatste chorussen uitermate virtuoos en intens climaxen te bereiken. De ritmesectie was op stoom en stuwde enorm. Het – altijd belangrijke – samenspel tussen bassist en drummer was voortreffelijk. Pianiste Renee Rosnes, die bekwaam doch relatief bescheiden soleerde, begeleidde zeer effectief in zowel collectieven als solo's. Haar arrangement van Shorters 'Footprints' was verrassend en in de blazerscollectieven zeer harmonieus georkestreerd.

    In dit octet wordt niet alleen uitzonderlijk gesoleerd; ook de arrangementen zijn van grote klasse. Al de relatieve elementen – ritmische diversiteit en variaties, moderne en aparte klankkleuren, verschillen in dynamiek, even welluidende als virtuoze passages – worden geïnspireerd toegepast. Laat dit ensemble een volgende keer een week lang in Nederland spelen: Amsterdam, Rotterdam, Groningen, Enschede en Eindhoven.

    (Jacques Los, 9.3.08) - [print] - [naar boven]





    Roy Haynes - 'The Island' (Explore, 2007)
    Opname: 1990

    Roy Haynes (1925) is een van de grand old men van de jazz, professional vanaf 1942, speelde met zo'n beetje met alle grootheden, door alle jazzstromingen heen: Lester Young, Charlie Christian, Charlie Parker, Thelonious Monk, Miles Davis, Sarah Vaughan, Sonny Rollins, Eric Dolphy, Stan Getz, Archie Shepp, Gary Burton, Chick Corea.

    In deze sessie uit 1990 is hij de nog steeds onbedaarlijk stuwende motor in een elfmans band (blazers, toetsen, bas, drums, veel percussie, gitaar, met hier en daar bekende mensen als George Adams, Cecil McBee, Marcus Miller, David Kikoski en zijn zoon Graham op cornet). Pittige collectieven, gedreven solowerk (hier en daar wat freakerig zoals in die jaren niet ongebruikelijk was), gebaseerd op de swingende impulsen van een oldtimer die er niet voor terugdeinst een dreunende eigentijdse groove neer te zetten, overigens naast nummers waarin virtuoze latinritmiek de hoofdrol speelt.

    Het programma omvat ook twee stukken die verwijzen naar de driekwartsmaat: 'Waltz For Debby', een klassieker van Bill Evans, en de traditional 'Anniversary Waltz', die dienst doet als Haynes' herkenningsmelodie.

    Deze recensie was eerder te lezen in HVT Magazine.

    (Anoniem, 9.3.08) - [print] - [naar boven]





    Twee zielen en nog veel meer gedachten
    Mark Helias' Open Loose, donderdag 21 februari 2008, Grand Theatre, Groningen
    Joost Lijbaarts Group Of Friends, vrijdag 22 februari 2008, De Schalm, Assen


    De meest opvallende overeenkomst tussen de optredens van bassist Mark Helias en drummer Joost Lijbaart was de afwezigheid van de piano, wat hun muziek een open karakter gaf. Verder speelden de drums bij beide bands een centrale en onorthodoxe rol. Joost Lijbaart is een slagwerker die bij voorkeur vanuit de stilte werkt, wat mogelijk samenhangt met zijn achtergrond in hedendaagse muziek (John Cage). Open Loose-man Tom Rainey is meer met kleuren en accenten bezig, met plotselinge verschuivingen en kantelwerk. Hij hanteert, zou je kunnen zeggen, een soort Sunny Murray-benadering: een gestaag vallende slagwerkregen, waarin ritmes opborrelen en uitvloeien en waarbij de luisteraar een of twee extra voeten node mist. Wanneer er een heldere puls dreigt, zoals de vijfkwartsmaat in 'Momentum Interrupted', diffundeert hij die gelijk door een plastic zakje vol sticks ter hand te nemen. Hij oogt als een leraar Aardrijkskunde die alweer twintig jaar voor de klas staat, maar tegen beter weten in nog elke morgen vrolijk om half zeven uit zijn bed springt. In werkelijkheid werkt hij al twintig jaar met Helias, zodat het geen verwondering wekte dat drummer en bassist in het nummer 'Cinematic' het ritme samen naar believen konden vertragen en versnellen.

    Joost Lijbaart gaf zijn muzikanten alle ruimte, maar dat betekende niet dat er een free-for-all situatie ontstond. Integendeel, saxofonisten Yuri Honing en Benjamin Herman speelden alsof ze al jaren broers waren. Dat zijn ze natuurlijk ook wel een beetje: ze kennen elkaar al van het legendarische Michiel Borstlap Sextet van de jaren negentig (wat mij betreft was dat echt een van Michiels topgroepen). Maar de associatie met het Modern Jazz Quartet was in Assen sterker dan die met het extraverte Sextet. Ook in de tweede helft van het optreden, dat gewijd was aan de muziek van de Braziliaanse zanger, gitarist en componist Milton Nascimento. Muziek die, zoals Lijbaart uitlegde, "niet typisch Braziliaans is, maar harmonisch ánders. Met melodieën die linksaf slaan en vormen die vaak niet symmetrisch zijn." Het dak bleef keurig op zijn plaats.

    Maar daarmee hebben we wél een opvallend verschil te pakken met het optreden van Open Loose, een dag eerder in Groningen. Want zo voortreffelijk als Honing en Herman speelden, zo nietszeggend waren de bijdragen van tenorist Tony Malaby. In de vrijere stukken van Helias had de man absoluut niets te melden; alleen als de muziek richting mainstream dreef begon hij functioneel te klinken. Jammer, zeker gezien de saxofonisten met wie Helias eerder werkte: Tim Berne, Bennie Wallace en, vooral, de godsgruwelijk goede Dewey Redman.

    (Eddy Determeyer, 8.3.08) - [print] - [naar boven]





    Angelo Verploegen - 'Executive Lounge' (EWM Music, 2007)

    'Lounge-gerelateerde grooves en geluid in een semi-akoestische setting', dat had trompettist Angelo Verploegen hier voor ogen. Voor een 'Carte Blanche' van het Bimhuis bracht hij de formatie samen die op deze cd te beluisteren is: Jeroen van Vliet (Fender Rhodes), Eric van der Westen (bas) en Jasper van Hulten (drums). Verploegen schreef een aantal nieuwe stukken en modelleerde ouder werk naar deze bezetting.

    Deze cd is dik in orde en bevat uitstekend luisterwerk. Verploegen staat ook hier weer voor kwaliteit, zowel op bugel als op trompet. Een magnifieke instrumentbeheersing, trefzeker, fraaie toon en genoeg ideeën: het is allemaal op hem van toepassing. Maar ook de liefhebbers van het vermaarde Fender Rhodes-spel van Van Vliet komen hier volledig aan hun trekken. Zap maar eens naar 'Almost Summertime' voor een overtuigend bewijs!

    Iedereen krijgt de ruimte op dit album om zich te profileren. Eric van der Westen doet dat met verve in 'Stone & Fire'. Jasper van Hulten heeft zelden het hoogste muzikale woord, maar heeft altijd wel de juiste sticks en brushes bij de hand om subliem werk te verrichten, waarvan akte.

    'Get In Lane' en 'George Dilemma' zijn de stukken in medium tempo, de overige zes titels zijn sfeerstukken met een beduidend rustiger puls. De opnamen (Tafelberg Studio) zijn uitstekend en klinken analoog warm. De altijd actieve allround muzikant en producer Angelo Verploegen is er hier in geslaagd te unwinden en maakte een fraai, relaxed album met toegankelijke diepgang en veel melodie.

    (Cees van de Ven, 8.3.08) - [print] - [naar boven]





    Audiocenter
    Carlo Nardozza Quintet


    "Nardozza schreef het grootste deel van de pakkende composities. De formatie klonk fris, verrassend, dynamisch en bood prima solowerk. Er werd waarachtig, warmbloedig en recht naar het hart gespeeld. Het kwintet wist het aanwezige publiek met gemak aan zich te binden, met een stijl die zich beweegt van bebop naar de grens van free jazz."

    Dat schreef onze recensent Cees van de Ven over het concert waarmee de stichting Live Jazz Promotions in september vorig jaar het Jazz at the Crow-seizoen 2007-2008 opende in het Eindhovense café Kraaij & Balder. Van dat concert zijn een achttal opnamen gemaakt, die wij u hierbij graag willen presenteren. Klik hier om de concertopnamen te beluisteren.

    Meer weten?
  • Klik hier voor de recensie en het fotoverslag van dit concert.

    (Maarten van de Ven, 7.3.08) - [print] - [naar boven]





    Zigeunerswing niet over datum
    zondag 17 februari 2008, The Swinging Strings, De Spieghel, Groningen

    Met een bezetting van drie akoestische gitaren plus contrabas mis je de drums niet. Twee slaggitaristen garanderen zekerheid, betrouwbaarheid, maar het gevaar van een zekere mate van voorspelbaarheid ligt op de loer. The Swinging Strings (ja, die naam heb ik ook niet verzonnen; hé, komt daar niet Frans Poptie op gindse wolk aanswingen) hebben daar geen last van. Het repertoire reikt van 'When Day Is Done' uit 1924 tot en met Thelonious Monk. De zigeunerswing van Django Reinhardt is uitgangspunt, maar tijdens de presentatie van 'Gronology', de eerste cd van de groep, was er geen Nuage'tje aan de lucht (tenzij ze dat helemaal aan het begin hebben gespeeld, toen ik er nog niet was). Wél een mooi spaarzaam arrangement van 'Concierto De Aranjuez' dat in een feestelijk 'Spain' uitspatte.

    De erfenis van Reinhardt is netjes tussen de gitaristen Mark Lubbers en Ronald Kamphuis verdeeld. Voor de veelzijdige Kamphuis, inmiddels een bekend gezicht op jamsessies in het Groningse, lijkt het adjectief 'vingervlug' uitgevonden. Maar de notenguirlandes lossen nergens op in een gratuite notenbrij, Kamphuis blijft te allen tijde helder. In Mark Lubbers is de ziel van Django neergedaald. Hij jankt mooi in het reeds genoemde 'When Day Is Done' en heeft een handje van die typische 'Spaanse' roffeltjes op de snaren, die alleen met behulp van een high speed camera te ontrafelen zouden zijn.

    Hoewel dit hun eerste cd is, zijn The Swinging Strings niet van vandaag, casu quo gisteren. Rond 2000 werd aan de boorden van het Leekstermeer de basis gelegd. Conservatoriumstudies eisten vervolgens alle aandacht, maar het resultaat is thans een gediplomeerd zigeunerhofje. Wat uitzonderlijk mag heten in de wereld van die muziek, die immers toch vooral op autodidactische leest geschoeid is. Deze band klinkt afgerond en zelfverzekerd, en juist de extra bagage van de muzikanten garandeert dat de groep voorlopig niet over datum is.

    Meer weten, zien en horen?
  • Op de website van The Swinging Strings kun je een drietal tracks van de cd 'Gronology' beluisteren:
        'Djangology', 'Donna Lee' en 'Wave'. Ook zijn er video-opnamen te bekijken van liveoptredens.

    (Eddy Determeyer, 6.3.08) - [print] - [naar boven]





    Chris Potter - 'Follow The Red Line' (Universal, 2007)

    Tenorsaxofonist Chris Potter geldt als een van de meest veelbelovende talenten van de Amerikaanse (lees: New Yorkse) jazzscene. Hij toont zijn talent in deze ruim bemeten live-cd, opgenomen in de roemruchte jazzkelder Village Vanguard: een krachtige toon, een glanzende techniek, een onafgebroken stroom van ideeën, een goed gevoel voor interessante ritmiek.

    Potter wordt bijgestaan door Craig Taborn op Fender Rhodes (elektrische piano), Adam Rogers op gitaar en Nate Smith op drums. Geen bas? Nee, geen bas. Wat mij betreft is dat het enige minpuntje aan deze productie; ik mis een beetje de diepte in het groepsgeluid. Maar het kwartet levert wel een sterke prestatie, met energieke, gedreven improvisaties en een goed voelbare creatieve interactie. Over het algemeen hoor ik liever een echte piano dan een Fender, maar Taborn speelt wel de sterren van de hemel. In het bijna acht minuten durende 'Arjuna' (een van de vijf eigen stukken van Potter op het programma) bijvoorbeeld gaat het dak er zo'n beetje af.

    Deze recensie was eerder te lezen in HVT Magazine.

    (Anoniem, 6.3.08) - [print] - [naar boven]





    Mâäk's Spirit's 'Stroke' benadert muzikaal orgasme
    vrijdag 8 februari 2008, Vooruit, Gent

    Ik pik nu al een tweetal jaar concerten mee in het Gentse – vorig jaar heb ik er 140 beluisterd – en ik zou het niet meer willen missen. Op zijn 'slechtst' tref je er een groep die nog iets te jong is voor de doorbraak, op zijn best maak je er een muzikaal orgasme mee van mensen die hun ziel in hun muziek leggen en dat weten over te brengen op het publiek. Iets wat ook zo'n jonge groep kan, overigens.

    Het concert van vrijdag kwam dat orgasme vervaarlijk dicht in de buurt. Een fan van Mâäk's Spirit kan ik bezwaarlijk worden genoemd. Vaak vind ik ze iets te theatraal, te arty zelfs, zoals tijdens het concert met Misha Mengelberg in Middelheim vorige zomer. Dat de groep goed is, is echter een understatement van formaat; dat is iets wat zelfs iemand wiens ding dit totaal niet is, zal erkennen.

    'Stroke', de jongste cd van Mâäk's Spirit, is te koop via hun website voor een luttele € 7,50 (verzendkosten inbegrepen). 'Stroke' als project is al een tijd aan de gang. In 2004 ging de groep onder impuls van Vooruit naar het verre Johannesburg om er samen te werken met twee zwarte woordkunstenaars, Kgafela en Samanta7. Meteen werd ook een cd opgenomen in een oude studio, maar daar werd niet meteen een uitgever voor gevonden. Nu, bijna vier jaar later, wordt deze cd eindelijk uitgebracht, en via een tournee aan het publiek voorgesteld. Verouderde troep, zo kan u denken, maar zo werkt dat niet bij jazz, en al zeker niet bij Mâäk's Spirit, waar de muzikale interpretaties door de tijd veel homogener worden, zoals de smaken en geuren in een stoofpotje dat lange tijd op een zacht vuur kan staan pruttelen.

    Want samenhangend is het verhaal van dit Zuid-Afrikaans project wel geworden. Een totaalspektakel, een 21e eeuws Gesamtkunstwerk (ik ben verzot op zaken die vanuit chaos allemaal netjes samenvallen), waaraan zeven artiesten samenwerken: Laurent Blondiau (trompet), Jeroen Van Herzeele (tenorsax), Jean-Yves Evrard (gitaar), Sébastien Boisseau (contrabas), Eric Thielemans (drums), Kgafela Oa Mgogodi (vocal performer) & Sam Mary (licht). Eigenlijk zijn het acht artiesten, maar door persoonlijke omstandigheden kon Samanta7 niet op het concert aanwezig zijn. Het meest opvallende in dit lijstje is mogelijks de lichtman, Sam Mary, die sinds 2007 een vast element binnen de groep is geworden. Ook tijdens deze voorstelling was zijn inbreng duidelijk zichtbaar. Vaak pokkelicht voor de fotograaf, maar een zeer interessant schouwspel en een absolute meerwaarde voor dit concert.

    Nu ja, concert, dit is ook een vertoning, een schouwspel, klankspel, lichtspel, waarin voortdurend van plaats en stemming wordt gewisseld. Het meest hyperkinetische element van de groep, gitarist Evrard, bleef het ganse concert op een stoel zitten, wat hem er niet van verhinderde in weidse bewegingen alsnog zijn glas omver te stoten. Zelfs Thielemans ging soms naast in plaats van achter de drums plaatsnemen, en de andere muzikanten maakten gretig gebruik van de intieme ruimte van de Domzaal om zich verdwaald op te stellen. Hun imposante schaduwen dwongen op de hoge zijmuren nu eens een rijzig-statische, dan weer een intimiderende grootsheid af.

    Elke beweging, of ze nu muzikaal dan wel fysiek was, leek als bij toeval op een voorbestemde plaats te vallen, en op geen enkel moment overkwam mij de gekunsteldheid die de groep op Middelheim voor mij zo had getypeerd. Zonder twijfel heeft de ruimte daar erg veel mee te maken. Het contact tussen de groep en het publiek was bij momenten bijna tastbaar, terwijl men niet de impressie kreeg dat de grens van zijn rol van toehoorder werd overschreden.

    De cd-versie van 'Stroke' is goed, en interessant als project om te beluisteren, maar wat de concertganger vrijdag kreeg voorgeschoteld, bevestigde mijn impressie dat dit vooral moet worden meegemaakt, en niet alleen gehoord. Edoch, als u zich ietwat voor (grensaftastende) jazz interesseert, koop dan deze erg goedkope (en origineel verpakte) cd, en weet dat u een schitterende gebeurtenis hebt gemist.

    (Bruno Bollaert, 5.3.08) - [print] - [naar boven]





    Mark O'Leary - 'Waiting' (Leo Records, 2007)

    Mark O'Leary is een Iers gitarist met al een hele reeks eigen albums op zijn actief, maar die jammer genoeg redelijk onbekend blijft, en dat is onterecht. Op dit album gaat O'Leary werkelijk nog een hele stap verder dan op zijn vorige cd '
    Awakening' uit 2006 (ook op Leo Records), in een trio met Cuong Vu (trompet) en Tom Rainey (drums), beiden uitzonderlijke muzikanten met hun eigen stijl en benadering, en ze blijken een perfecte keuze te zijn geweest voor O'Leary's elegant en avontuurlijk project.

    Dit album is opgedragen aan Samuel Beckett, de Ierse toneelschrijver van onder andere 'Waiting For Godot', van wie de honderdste verjaardag van zijn geboorte in 2006 werd herdacht. Beckett was een pionier van het absurd en surrealistisch theater van de naoorlogse periode, die godsdienst, de zin van het leven en de zogenaamde maatschappelijke waarden in vraag stelden en de onmogelijkheid van reële communicatie tussen individuen centraal plaatste. Maar als er nu één ding absoluut wel fantastisch is op dit album, dan is het wel de sublieme communicatie en samenspel van dit trio.

    Het titelnummer 'Waiting' begint met akoestische gitaar, waar de trompet een mooie en zachte solo aan toevoegt, verwachtingen creërend die nadien anders zullen uitdraaien. Het gaat hier niet over dissonantie of naast elkaar praten - wat je zou kunnen verwachten van een aan Beckett opgedragen cd - maar het is het omgekeerde, namelijk zeer strak samenspel tussen drie topmuzikanten. Dit wordt nog beter geïllustreerd in het tweede nummer. 'Endgame' is een strakke compositie, met zenuwen onder hoogspanning en een sterke tonale attack van de trompet, waar tegenover O'Leary kwetterende contrapunt op zijn elektrische gitaar biedt, opnieuw met een zeer diepe toon, en prachtig ondersteund door Rainey. Het derde stuk 'Lucky' brengt het soort esthetiek dat je bij ECM verwacht: sterk gestileerd, beelden oproepend van wijd open ruimten. De zaken worden wilder in 'Mr. Krapps Neurosis', met krijsende trompet en hogesnelheidsgitaarspel met full distortion, en de weg naar waanzin en verwarring wordt nog groter met 'Assumption', waar elektronische effecten en echo het e-bow spel op de gitaar versterken.

    En zo gaat het verder, zich dieper en dieper wagend in nog nooit betreden muzikaal terrein, muziek creërend met hoge energie en hoge intensiteit zoals ik dat in de voorbije jaren niet heb gehoord, en dat alles met een duidelijke en coherente muzikale visie, met tevens een prima evenwicht tussen kalme en snelle momenten, waardoor een sterk gevoel van diepte en variatie ontstaat. Want ook op de kalme nummers, zoals 'Godot', is de intensiteit zeer hoog, met trompet en gitaar die klinken als communicerende walvissen, met langgerekt eindeloos droevig gejank en gehuil, terwijl Rainey hen in vierde versnelling ondersteunt. Wat je denkt dat vrije improvisatie is, blijkt dan perfect georkestreerd en getimed. Wonderlijk. Zonder enige twijfel één van de beste albums van vorig jaar.

    Meer horen?
  • Op de MySpace-pagina van Mark O'Leary kun je vier tracks beluisteren, waaronder het hierboven
        genoemde 'Mr. Krapps Neurosis' en 'Collateral' van het binnenkort te verschijnen nieuwe album
        'Radio Free Europe'.

    (Stef Gijssels, 5.3.08) - [print] - [naar boven]


    Lees verder in het archief...






  • Menupagina's:

    Redactieadres:

    Hoekstraat 1 B17
    3910 Neerpelt
    België
    (0032) 11747180
    (0032) 498788554

    Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken?
    Mail de redactie.