Draai om je oren
Jazz en meer - Weblog





 




Rein de Graaff – 'Confirmation' (Timeless, 2005) ****

Pianist Rein de Graaff, die al sinds jaar en dag prominente Amerikaanse jazzsolisten (veelal saxofonisten uit de post-bebop hoek) naar Nederland haalt en met zijn trio begeleidt, is wederom in zijn muziekarchief gedoken om een compilatie op het Timeless-label uit te brengen.

In het overbekende 'All The Things You Are' etaleren drie tenoristen – Pete Christlieb (een studioveteraan uit Los Angeles), ons aller Toon Roos en Texas tenor David 'Fat-head' Newman – hun uiterst capabele en inspirerende soli. Relaxed en ontspannen, zonder enige zweem van rivaliteit. In de ballad 'Easy Living', die door tenorist Billy Mitchell sober en met een masculien geluid wordt vertolkt, valt het vederlichte en swingende drummen van John Engels op. Sjoerd Dijkhuizen (eveneens op tenorsax) soleert in 'Out Of Nowhere' niet echt spannend; daarentegen behoort de solo van Rein
de Graaf tot zijn betere op deze cd.

De hoofdrollen in een wervelend swingend 'Confirmation' zijn weggelegd voor drummer Eric Ineke en de onvolprezen baritonsaxofonist Cecil Payne. Op het enigszins log aan-doende instrument blaast Payne in dit snelle nummer een geïnspireerde en gearticuleerde solo. Altist Benny Carter speelt een soepele solo in zijn eigen specifieke rapsodische stijl in 'There's No Greater Love'. De ritmesectie, met John Engels en de vorig jaar overleden bassist Niels-Henning Orsted Pedersen, swingt enorm. Op die groove levert pianist de Graaff een inspirerende solo af.

Naast al het saxgeweld op de cd is er een feature voor zangeres Etta Jones in de ballad 'A Ghost Of A Chance'. Zij wordt hierin bijgestaan door nog zo'n saxfenomeen: Houston Person. Hij beperkt zich uitsluitend tot relevante aanvullingen op de bluesy zang van Jones. Het sluitstuk van deze gevarieerde compilatie is een opname uit 1975 met de befaamde virtuoze tenorist Johnny Griffin. In de uptempo 'Music Inn Blues' krijgt Griffin de gelegenheid in een niet gering aantal chorussen rigoreus uit te pakken. Hij wordt daarbij opgejut door een fel attaquerende Art Taylor, die het slagwerk met felle crossfills geselt.

Deze tweede compilatie (de eerste, 'Now’s The Time', verscheen enige jaren terug ter gelegenheid van de Graaffs zestigste verjaardag) geeft een goed overzicht van Rein de Graaffs muzikale spectrum.

Labels:

(Jacques Los, 28.2.06) - [print] - [naar boven]





Cd-presentatie Stefan Lievestro in het Bimhuis

Na ruim twintig jaar gewaardeerd sidemanship - hij speelt nog steeds in de groepen van Michiel Borstlap en Harmen Fraanje - treedt bassist Stefan Lievestro eindelijk uit de schaduw met met een eigen formatie. Aanstaande woensdag presenteert hij in het Amsterdamse Bimhuis zijn debuut-cd 'Breakfast In Walhalla', die werd uitgebracht op Mainland Records.

De bassist heeft er meteen maar een ware 'all star-band' van gemaakt met een bezetting om van te watertanden: saxofonisten Jasper Blom en Mete Erker, gitarist Jesse van Ruller, pianist Harmen Fraanje en drummer Hans van Oosterhout. De band legt zich voor-namelijk toe op Lievestro's karakteristieke eigen composities. Vorig jaar won de bassist de prestigieuze Deloitte Jazz Award, waarbij de jury hem een 'uitzonderlijk virtuoze bas-sist' noemde en zijn enorme staat van dienst als begeleider en solist prees.

Het concert van Stefan Lievestro in het Bimhuis begint om 21.00 uur. De entree bedraagt 12 euro.

Meer weten?
  • De website van Stefan Lievestro.
  • Stefan Lievestro's Take Ten.
  • Klik hier voor een fotoverslag en recensie van een optreden van het Stefan Lievestro 5-tet.

    (Maarten van de Ven, 27.2.06) - [print] - [naar boven]





    Chris Strik solo in Luxemburg

    Drummer Chris Strik verzorgt op donderdag 9 en vrijdag 10 maart een tweetal concerten in Redange, vlakbij Luxemburg. Het worden zijn eerste solo-optredens. Strik heeft een gevarieerd programma samengesteld waarin hij verschillende stijlen en speeltechnieken (stokken, brushes, handen) zal laten horen.

    Strik speelde al vaker in de lokale jazzclub L'Inoui, onder anderen met Amina Figarova, Shlomit en Dmitri Matheny.

    Meer weten?
  • De website van Chris Strik.
  • De website van L'Inoui.
  • Chris Striks Take Ten.
  • Momenteel is Strik te zien in The Pitch Pine Project, een programma in de serie dubbelconcerten van
        Jazz Impuls.

    (Erno Mijland, 26.2.06) - [print] - [naar boven]



    Eric Doelman 7tet- 'Why Shouldn’t I'

    Erik Doelman 7tet - 'Why Shouldn’t I' (Blue Jack Jazz Records, 2006) ****

    In 1999 vroeg schrijver en jazzliefhebber J. Bernlef zich in zijn gelijknamige boek nog af: "Haalt de jazz de eenentwintigste eeuw?". Een vraag die voornamelijk gestoeld was op de constatering dat er geen échte nieuwe jazzontwikkelingen meer te bespeuren zouden zijn. Ondanks dit alles stelde Bernlef vast dat - zeker in Amsterdam - het aantal winkels waar men jazzplaten en -cd's kan kopen fors toeneemt. Ook is er haast geen zichzelf respecterende kroegbaas meer te bespeuren, die niet minstens één keer in de maand op een weekend live jazz programmeert, waar de honderden op de conservatoria in Amster-dam, Den Haag of Tilburg afgestudeerde jazzmusici voor enkele tientjes per avond hun longen uit hun lijf mogen komen blazen.

    Je moet onwillekeurig aan dit boek van Bernlef denken als je de splinternieuwe cd van Erik Doelman in huis haalt. Een album met 9 vertolkingen van composities, die allemaal ontsproten zijn aan het brein van Cole Porter. In deze 21e eeuw wordt jazzmuziek nog volop ten gehore gebracht. Hier zelfs in een theater in plaats van een kroeg; de cd werd opgenomen in Theater Pepijn in Den Haag op 4 oktober 2005. En ook nog eens door een écht septet, dat bewust op de hoes als '7tet' wordt aangeduid.

    Wat die jazzvernieuwingen betreft: men zou bij vertolkingen van het werk van Porter in eerste instantie kunnen denken dat dit nu niet erg veel blijk geeft van die zo gewenste vernieuwing. Maar wie dit album beluistert zal constateren dat bovenstaande redeneer-trant helemaal niet relevant is, want in alle voorgaande perioden dat er jazzmuziek ten gehore werd gebracht, zijn interpretaties van eerder geschreven werk natuurlijk schering en inslag geweest. Het leuke aan dit album van het Erik Doelman septet is dat alle stuk-ken juist bijzonder originele interpretaties zijn. Dat is natuurlijk ook niet zo verwonderlijk als je naar de samenstelling van dit septet kijkt: Erik Doelman op piano (hij verzorgde ook alle arrange-menten), John Marshall op trompet en flugelhorn, Fay Claassen op zang, Simon Rigter op tenorsax, Marco Kegel op altsax en dwarsfluit, Jos Machtel op contrabas en de nu 70-jarige John Engels op drums.

    Meteen al bij het openingsstuk 'So Nice' (uiteraard gebaseerd op 'You’d Be So Nice To Come Home To') worden de sterren van de hemel gespeeld én ook gezongen door Fay Claassen, die haast één van de blazers lijkt te zijn door haar virtuoze scattechniek. Door de keuze van de acht andere stukken is dit album evenwichtig opgebouwd met afwis-selend snelle en minder snelle stukken. De cd biedt zo het enige juiste antwoord op de indertijd door Bernlef opgeworpen vraagstelling. Want dit voornamelijk uit Nederlandse musici samengestelde septet bewijst niet alleen dat de jazz ruimschoots de 21e eeuw heeft gehaald, maar ook dat men heden ten dage zeer origineel speelt. En dat is iets waar wij best in Nederland uitermate trots op mogen zijn.

    Labels:

    (Rolf Polak, 22.2.06) - [print] - [naar boven]



    Percussionist Ray Barretto overleden

    In New Jersey is op 17 februari de Amerikaanse percussionist Ray Barretto overleden aan de gevolgen van complicaties na een hartoperatie. Barretto, kind van Puertoricaanse ouders, werd bekend als begeleider van bekende latin-artiesten als Celia Cruz en Tito Puente. Hij trad ook op met jazzartiesten als Cannonball Adderley, Charlie Parker, Art Blakey en Dizzy Gillespie. Barretto werd 76 jaar.

    (Erno Mijland, 18.2.06) - [print] - [naar boven]





    Fugimundi-avond met een heel bijzondere luisterervaring
    vrijdag 3 februari 2006, De Toonzaal, Den Bosch

    Het is fijn dat de Toonzaal haar deuren weer heeft geopend. De intieme akoestiek van deze voormalige synagoge leende zich perfect voor een concert van het Fugimundi-trio. Het repertoire was merendeels van de nieuwe cd 'Summersault', waarvan programmeur/
    trompetist Jeroen Doomernik een exemplaar in ontvangst mocht nemen. Het zou een onvergetelijke avond worden met mooie melodieën, afwisselende composities, dynamische variatie en muzikale zeggingskracht als hoofdingrediënten.

    Iedereen stak in excellente vorm en kon zodoende op deze avond pieken, zoals dat in sportkringen wordt genoemd. Pianist Harmen Fraanje, die in Fugimundi de plaats heeft ingenomen van cellist Ernst Reijseger, was uiterst smaakvol in zijn toonzettingen, impro-visaties en sfeertekeningen. Met zijn fluwelen toucher geeft hij zijn pianistische uiteen-zettingen brille mee, juist ook omdat hij het zo mooi 'klein' weet te houden. De fraaie Steinway-vleugel van de Toonzaal deed zijn spel alleen maar beter uitkomen. Gitarist Anton Goudsmit - van wie we toch weten wat hij allemaal aan orginaliteit en muzikaliteit in huis heeft - wist iedereen toch weer te verrassen met ongekende momenten, vinding-rijkheid en interactief spel. Jammer was wel dat zijn versterker af en toe kuren had en spontaan uitsprong. Goudsmit kan soms zó in de muziek opgaan, dat het tijdens alweer zo'n gloedvolle, krachtige solo zomaar kan gebeuren dat hij in zijn enthousiasme per ongeluk zijn draad eruit trekt. "Oh, shit!". Het publiek, dat geniet van zijn aanstekelijke spelvreugde, vergeeft hem zoiets maar al te graag. Geen wonder dat in een muzikaal gezelschap als dit trompettist Eric Vloeimans zelf ook tot maximale prestaties weet te komen.

    Het gebeurd maar zelden dat er bij een concert een onderdeel is dat werkelijk een on-uitwisbare indruk en luisterervaring bij je teweegbrengt. En een permanente plaats krijgt in je herinnering. Juist dat was nu het geval tijdens dit concert. Eric Vloeimans speelde een solointroductie van het stuk 'Hidden History' en toonde in een luttele vijf minuten samengebald zijn muzikale DNA-profiel. Het was magisch spel, waarbij alle aspecten van zijn trompetspel uitermate fijnzinnig en creatief werden verenigd. Schitterende toon, indringende luchtstromen, puur of gemengd met een vleugje geluid, half valve-techniek, circular breathing, fluisterzacht spel, delicate glissandi, dubbeltonen met behulp van zangstem en trompetklank, mystieke oosterse klanken. Dit alles ingebet en volstrekt in dienst van de creatie van een aangrijpende spanningsboog in zijn verhaallijn die je koude rillingen bezorgde. Een ongrijpbare artistieke creatie van bovenaardse schoonheid.

    Wel erg veel superlatieven en euforie? Inderdaad, het zij zo, maar we nemen er geen jota van terug. Velen uit het volgepakte Toonzaalpubliek zullen het met ons eens zijn. Dit was Vloeimans muzikale vingerafdruk in enkele minuten. Al stond slechts deze solo op zijn curriculum vitae, het zou ruimschoots voldoende zijn!

    Klik hier voor een fotoverslag van dit concert.

    (Cees & Maarten van de Ven, 17.2.06) - [print] - [naar boven]



    John Engels & Harry Emmery - 'Sparkling Encounter'

    John Engels & Harry Emmery - 'Sparkling Encounter' (Blue Jack Jazz, 2005) ****

    Wat is deze cd een schot in de roos! Ter gelegenheid van John Engels' zeventigste verjaardag is door de platenmaatschappij in de serie 'Delightful Duets' een derde editie uitgebracht. Het betreffen maar liefst veertien tracks die in augustus 2005 in de studio werden opgenomen door deze grootse drummer en bassist Harry Emmery. Je zou in eerste instantie denken dat de combinatie tussen drums en bas wat aan de steriele kant zou kunnen zijn, maar het blijkt juist een uitstekende combinatie om beide solisten op hun instrumenten optimaal tot hun recht te laten komen.

    'Sparkling Encounter' vormt een waar eerbetoon aan deze Engels, die zo ontzettend veel voor de Nederlandse jazz betekent. Geboren in een muzikaal gezin in Groningen, is John Engels vooral in eerste instantie bekend geworden door zijn 10 jaar durende deelname aan Cees Slingers Diamond Five, met onder andere hun begeleidend werk van Stan Getz, Phil Woods en vele andere grote namen die allemaal in hun eigen jazzclub, de Sherezade in Amsterdam, kwamen spelen. Maar natuurlijk is hij ook bekend van zijn jarenlange werk met Louis van Dijk en als lid van het Piet Noordijk Quintet.

    De gekozen nummers vormen een evenwichtige mix tussen eigen werk en dat van anderen. De luisteraar wordt al direct gepakt met een aanstekelijke openingstune en dat gaat zo 45 minuten door. Het samenspel met bassist Harry Emmery is van een grote schoonheid en intensiteit. Soms explosief en dan weer ingetogen spelend, weten zij de luisteraar mee te nemen op een veelzijdige muzikale tocht, die geen moment verveelt. Een prachtig sfeervol en spannend album.

    (Rolf Polak, 17.2.06) - [print] - [naar boven]



    Yuri Honing Wired Paradise  - 'Temptation'

    Yuri Honing Wired Paradise - 'Temptation' (Jazz In Motion/Challenge, 2006) ****

    Dit, ook wat lay-out betreft, schitterend klinkende dubbelalbum van de nieuwe groep van Yuri Honing heet 'Wired Paradise' en klinkt mystiek. Dit wordt mogelijk veroorzaakt doordat er waarschijnlijk weinig grenzen lijken afgesproken te zijn. Het album biedt eigenlijk heel raadselachtige muziek, vol met bijzondere invloeden, die alle vier de musici ongetwijfeld opgedaan zullen hebben tijdens hun optredens in verre oorden. Vier musici met eigen opvattingen over hoe muziek gemaakt moet worden, blijken samen zeer goed in staat om toch één verhaal te vertellen.

    Leider en naamgever van Yuri Honing Wired Paradise is natuurlijk Honing, die deze keer behalve tenor- ook sopraansaxofoon speelt. Hij wordt als één van de belangrijke ver-tegenwoordigers van de Europese jazzscene beschouwd. Twee andere musici van deze groep behoorden al tot het voorgaande succesvolle Yuri Honing Trio. Het zijn bassist Tony Overwater en drummer Joost Lijbaart. Op aandringen van Honing (volgens de verhalen) bespeelt Overwater op dit album de basgitaar (behalve in het slotstuk 'Tehran', waarin hij op contrabas te horen is) en voegt hiermee een extra dimensie toe aan zijn al enorm gepassioneerde spel. Lijbaart speelt afwisselend subtiel en uitbundig en 'ritselt' er op zijn drumstel - alert naar zijn medemusici luisterend - driftig op los. Bijzonder is ook dat gitarist Frank Möbus aan de groep is toegevoegd. Deze origineel spelende Duitse gitarist draagt er sterk mede toe bij dat het klankbeeld van deze groep versterkt wordt.

    De ontdekkingsreis die dit album eigenlijk is, voert de luisteraar langs negen nummers, die door de bijzondere manier van samenspelen van de vier musici elk een mooie eigen sound blijken op te leveren. Het luisteren naar dit album verveeld geen moment. Sterker nog, de luisteraar wordt van het begin tot het eind in zijn/haar aandachtige greep gehouden. Het levert een geslaagd en erg spannend resultaat op.

    (Rolf Polak, 16.2.06) - [print] - [naar boven]





    Krabben is jeuk overstemmen
    Benjamin Herman Kwartet, maandag 6 februari 2006, Wilhelmina, Eindhoven

    Jeuk, kriebelen, plagerijtjes... het Benjamin Herman Kwartet verzorgde maandag twee sets prikkelende en tintelende jazz in een goed gevuld café Wilhelmina in Eindhoven. De titel van het recente album van het viertal, 'The Itch', had niet beter gekozen kunnen worden. De band klom op het podium met een minimum aan middelen: zo was er alleen versterking voor de gitaar en bestond het drumstel alleen uit een snaartrom. Minder kan ook meer zijn, zo bleek al snel.

    Het optreden werd gekenmerkt door een geestig contrast dat werd gevormd door de speelstijl en presentatie van twee duo's binnen het orkest. Aan de ene kant speelde de introverte bassist Ernst Glerum. Hij produceerde een zacht en vriendelijk geluid op een speciale, kleine uitvoering van de contrabas. Glerum vond Benjamin Herman aan zijn zijde. De altsaxofonist, die dit jaar de Boy Edgarprijs heeft gewonnen, speelde – als altijd strak in het pak – warme, soms melancholieke melodieën die teruggrepen naar de jazz uit de jaren zestig.

    Aan de andere kant van het podium speelden de twee rebellen van het gezelschap. Han Bennink toverde een spectaculaire variatie aan klanken uit zijn snaartrom door verschil-lende soorten stokjes te gebruiken, speeltechnieken af te wisselen en de snaar af en toe van het vel te halen. Een paar keer betrok hij de hak van zijn schoen bij het spel. En waarom ook niet eigenlijk?

    Gitarist Anton Goudsmit stal de show. Het favoriete akkoordenschema van deze sympathieke muzikant kan niet anders dan A-D-H-D zijn (H is de Duitse benaming voor het B-akkoord, red.). Zijn inventieve loopjes klonken aangenaam nerveus in een geluid met kleuren van blues, rock, surf … en jazz. Hij zong en floot zijn lijntjes mee en trok onnavolgbare grimassen, ondertussen voortdurend communicerend met zijn mede-muzikanten.

    Voortbouwen op de traditie van de bebop en daar gekke dingen mee doen: het werkte allemaal erg aanstekelijk. Leuk waren de vette knipogen naar de amusementsmuziek, zoals in een bewerking van een liedje van Doris Day. Overal doken kleine citaatjes op en nu en dan werd een klassieker aangepakt. Zoveel jeuk en dan nog een toegift… na afloop was het publiek tevreden uitgekrabt.

    Klik hier voor een fotoverslag van dit concert.

    Deze recensie verscheen eerder in Eindhovens Dagblad.

    (Erno Mijland, 15.2.06) - [print] - [naar boven]





    Spannende hoogtepunten met rafelrandjes bij Mike Roelofs Band
    zaterdag 7 januari 2006, Theater aan het Vrijthof, Maastricht

    Mike Roelofs is op tour. In samenwerking met de Limburgse jazzorganisatie
    SLIM (Stichting Limburg GeImproviseerde Muziek) geeft zijn band een rits concerten op de eigen SLIM-podia en nog een handvol locaties in Nederland en België. Het Theater aan het Vrijthof in Maastricht had de primeur. Voor de afwisseling zat de zaal weer eens goed vol met nieuwsgierige jazzliefhebbers. Er zijn bij SLIM de laatste tijd grotere hotemetoten langs geweest die minder volk op de been hebben gekregen. De pianovirtuoos Mike Roelofs begint dan ook langzamerhand een household name te worden in de regionale jazzscene.

    De tour is bedoeld ter promotie van de cd 'Cambrinus Sessions', die live werd opgenomen in de herfst van 2004. Bij dit concert is van de oorspronkelijke blazers alleen trompettist Ryan Carniaux overgebleven. Diens broer Brendan, die op de cd meespeelt, is bij deze tour vervangen door Peter Hermesdorf op tenorsax en Milan Bonger op altsax. Alledrie hebben ze ook composities ingebracht, die de band evenwel samen met de stukken van Roelofs tot één coherent bandgeluid weet om te smeden.

    Bandleider Roelofs heeft een goede neus voor musici, en geeft deze vervolgens alle ruimte om hun sterke punten te botvieren. Een absolute belevenis is bijvoorbeeld drummer Samuel Dueshler. Nog nooit heb ik een drumstel zo hard om genade horen kreunen. Dueshler trekt bekken als een waanzinnige, en combineert moeiteloos kneppel-hard swingende grooves met spastisch uitziend en ultiem ontregelend gemaai, dat op een vreemde wijze de muziek toch altijd verder brengt. Bassist Caspar van Meel strooit met ankerpunten, hei- en hectometerpalen, en houdt de zaak kundig bij elkaar. Daarnaast horen we hem prachtig strijken op de contrabas, iets waarvan Roelofs in z'n arrange-menten dan ook graag misbruik maakt.

    De drie blazers hebben schitterend gearrangeerde tutti's gekregen. Doordat die worden afgewisseld met soms extreem heftige, uitgesponnen solo's, blijft het geheel spannend en toch toegankelijk. Een slimme zet. Vooral de ballade 'The Unwasted Time' zorgt met zijn blazersarrangement voor een ijzingwekkend rustpunt. Hetzelfde geldt voor het arrange-ment van het Beatles-nummer 'Nowhere Man'. Roelofs heeft over dat liedje een grote zak vol alternatieve akkoorden leeggeschud en past nog een onalledaagse truc toe. De vorm bestaat nu eens niet uit thema-solo-thema, maar de melodie blijft altijd aanwezig, wordt steeds door wisselende combinaties van bandleden overgenomen en verandert zodoende telkens de klankkleur onder de improvisaties.

    Twee sets eigen composities is een enorme hoeveelheid muzikaal materiaal, voor het publiek en voor de musici. De muziek is aan de ene kant uitgebreid gearrangeerd en stelt daarnaast hoge eisen aan interactie, samenspel, improvisatie en interpretatie. Het mag niet verwonderlijk zijn dat een allereerste concert van een dergelijke band naast veel spannende hoogtepunten ook de nodige rafelrandjes vertoont. Men kan dat laatste natuurlijk erg vervelend vinden. Voor ondergetekende is het alleen maar een aansporing om later in de tour nog eens te gaan luisteren. Ik twijfel er niet aan dat de Mike Roelofs band de SLIM-tour zal aangrijpen voor een degelijke collectieve groeispurt.

    (Marten Schulp, 13.2.06) - [print] - [naar boven]



    Copenhagen Art Ensemble - 'Don’t Mention The War' (Challenge/Stunt, 2005)

    Als je in de cd-zaak bij de afdeling jazz staat en je ziet de hoes van deze 'Don’t Mention The War', dan denk je een klassieke schijf in handen te hebben. Een 18e eeuws strijd-toneel (de oorlog dus) siert het hoesje. Geen gekke keus, want het Copenhagen Art Ensemble bestrijkt beide muziekstijlen: (klassiek) gecomponeerd en jazz. De laatste dan echter alleen in de meest vrije vorm.

    Liefhebbers van free jazz uit de jaren zestig en zeventig vinden er alles van hun gading op terug. Je hoort vet aangezette Coltrane-licks, het onbeteugelde krachtpatserswerk van Frank Wright, de orkestrale stormen van Sun Ra en de volstrekt doorgetripte tempi van de Instant Composers Pool.

    Het Copenhagen Art Ensemble, de naam zegt het al een beetje, tracht muziek te maken uit het oogpunt van kunst. Dat is hier duidelijk het geval; het veertienkoppige ensemble doet geen enkele concessie aan smaak of gemene deler. Het orkest maakt muziek zoals het zich dat goeddunkt. Daarmee is 'Don’t Mention The War' geen publieksproduct, wel een schijf waar het vakmanschap vanaf spat. Alles in vliegende vaart en uiterst rond-borstig gebracht.

    Deze recensie verscheen eerder in het Brabants Dagblad.

    (Rinus van der Heijden, 11.2.06) - [print] - [naar boven]



    Publieke jazz uit de ether

    Als het aan de Raad van Bestuur van de Publieke Omroep ligt, gaat de programmering van Radio 4, waar nu nog aandacht voor jazz is, per 1 september volledig uit klassieke muziek bestaan. Dat melden verschillende bronnen, afgelopen vrijdag. Jazz zou dan, samen met wereldmuziek, sterker vertegenwoordigd worden op de Concertzender. Deze zender is echter alleen te ontvangen via satelliet, kabel en internet. Daarmee verdwijnt jazz dus uit de ether.

    Het plan is onderdeel van een bezuinigingsvoorstel waarin 13 miljoen euro - op een begroting van 92 miljoen - wordt geschrapt uit het budget van de publieke radio.

    (Erno Mijland, 11.2.06) - [print] - [naar boven]





    Concerten Yuri Honing afgelast

    De drie concerten die saxofonist Yuri Honing met zijn nieuwe band Wired Paradise zou verzorgen op 14, 17 en 18 februari gaan niet door. Ook een gepland televisie-optreden in het VARA-programma 'De wereld draait door' is afgelast. Honing heeft een schouder-blessure; hij heeft een behandeling en absolute rust voorgeschreven gekregen. Het is de bedoeling dat hij in maart zijn activiteiten weer hervat. De betreffende optredens - presentaties van het album 'Temptation' - zijn verplaatst naar 18 mei (Bimhuis, Amster-dam) en 20 mei (Dordtse Jazzsociëteit, Dordrecht). Ook in het SJU Jazzpodium, Utrecht wordt nog een vervangend optreden gepland. In Wired Paradise speelt Honing samen met de Duitse gitarist Frank Möbus, bassist Tony Overwater en drummer Joost Lijbaart.

    In april verschijnt bij Jazz In Motion Records een nieuw album van Yuri Honing, dat hij heeft gemaakt met het Metropole Orkest onder leiding van Vince Mendoza: 'Symphonic'. De presentatie van dit album is op 7 april in het Amsterdamse Muziekgebouw aan 't IJ.

    (Erno Mijland, 9.2.06) - [print] - [naar boven]



    The Turnaround

    The Turnaround #12

    "In the past few years I have delved into such a wide variety of music that denying those influences in the making of this record would have been dishonest", zegt organist Larry Goldings over zijn nieuwe cd 'Quartet', die onlangs werd uitgebracht op het kwaliteitslabel Palmetto Records. Hij mag zich op deze cd dan weliswaar voornamelijk in de mainstream bewegen, zijn repertoirekeuze (covers van uiteenlopende musici als Björk, Monk en Fauré en een traditionele Amerikaanse folksong) en het feit dat hij zich hier voornamelijk beperkt tot de piano mag opmerkelijk worden genoemd. De nadruk ligt daarbij niet zozeer op improvisatie, maar wel op compositie en vrije associatie. Goldings wordt daarbij terzijde gestaan door een veelbelovend getalenteerd drietal: bassist Ben Allison, trompettist John Schneider en drummer Matt Wilson. En wie met een tribute als 'A Dream About Jaki Byard' op de proppen komt, verdient lof!

    Op uitnodiging van het Vancouver Jazz Festival richtte trompettist Herb Robertson, even geniaal als onderschat, in 2004 de NY Downtown Allstars op, een band bestaande uit Tim Berne (sax), Mark Dresser (bas), Sylvie Courvoisier (piano) en Tom Rainey (drums). Kort daarna doken deze band de studio in om een 48 minuten durende track op te nemen, die onlangs door Clean Feed Records op cd werd uitgebracht onder de titel 'Elaboration'. Zoals verwacht mag worden van een avonturier als Robertson is het een gevarieerd, ritmisch en energiek stuk geworden.

    Van de in 1990 overleden avant-garde saxofonist Frank Wright is onlangs 'The Complete ESP-Disk Recordings' verschenen. Deze 2 cd-set bevat de albums 'Frank Wright Trio'
    (1965) en 'Your Prayer' (1967) en biedt korte interviews met Wright en ESP-Disk producer Bernard Stollman. Frank Wright werd in 1935 geboren in Grenada (Mississippi). Hij speelde elektrische bas in R&B-bands in Memphis en later in Cleveland. Daar ontmoet-te hij Albert Ayler, die hem inspireerde om over te stappen op tenorsax. Al snel vond hij zijn plek in de florerende free jazz-beweging. Hij verhuisde naar New York, waar hij speelde met musici als John Coltrane, Cecil Taylor, Larry Young en Sunny Murray. Na zijn bovengenoemde platen werd het stil rond Wright. Apathie ten aanzien van jazz in eigen land deed hem besluiten zijn heil te zoeken in Europa. Hier bleek men meer ontvankelijk voor zijn intense, squawking-wild muziek, die getuige deze dubbel-cd veertig jaar na dato nog opvallend fris klinkt.

    (Maarten van de Ven, 8.2.06) - [print] - [naar boven]





    Eric Alexander/Vincent Herring – 'The Battle' (High Note, 2005) ****

    'Blues Up and Down', een vroeger Ammons/Stitt-vehikel is voor de saxburners Eric Alexander (tenorsax) en Vincent Herring (altsax) de aftrap voor een hemeltergende battle of the saxes. Het gaat er direct al fris, stevig en hard tegenaan. In een fiks tempo knetteren de heren door het bluesschema, outside en inside en met een zeer swingend support van de ritmesectie: pianist Mike LeDonne, bassist John Webber en drummer Carl Allen. Na de voortreffelijke soli van beide saxofonisten en pianist LeDonne wordt het nummer afgesloten met een aantal spannende 12 en 4 maten chase chorussen.

    In Wes Montgomery's funky 'Road Song' is Herrings altsolo relaxed en erg soulful. En fraaier dan Alexanders obligate improvisatie. Ook in 'Firm Roots', een up-tempo nummer van de hand van Cedar Walton, maakt Herring indruk met een emotievolle, vingervlugge solo. Het betekent echter geenszins dat de solocapaciteiten van tenorist Alexander beduidend onder het niveau van Herring zijn. Alexander is eveneens een hardboiled blazer en produceert hier een ferme, geïnspireerde solo.

    Na Carl Allens swingende blues 'Ritual Dance' volgt in medium tempo 'Shirley’s Song', waarin toch blijkt dat Herring meer muzikaal potentie heeft dan zijn opponent Alexander. Herrings solo is passievol en zijn improvisatielijnen zijn erg melodieus. Zijn toonvorming, zeker in dit nummer, is vol en warm. Na hoofdzakelijk up-tempo en swingende nummers is LeDonne's 'Shirley’s Song' een aangenaam, welluidend en melodieus rustpunt. De cd wordt afgesloten met wederom een furieus up-tempo nummer: 'Eleven Years', eveneens van LeDonne. Vooral de tenorist gaat hier tekeer; hij kent geen technische beperkingen op zijn instrument.

    Terecht vermeldt de hoestekst: 'In this competition everybody wins. Especially the listener'. Zo is het maar net.

    (Jacques Los, 7.2.06) - [print] - [naar boven]



    Tony Overwater Trio werkt aan nieuwe cd

    Saxofonist/klarinettist Maarten Ornstein is druk doende stukken te schrijven voor het derde album van het Tony Overwater Trio. Na de gelauwerde debuut-cd 'OP' met Ack van Rooyen en Ernst Reijseger en de opvolger 'Ellington Suites' met rietkwintet Calefax, betreft het ditmaal een echte trio-cd. Deze keer dus geen gastmusici, geen muziek van anderen, maar alleen eigen composities gespeeld door Maarten, bassist Tony Overwater en drummer Wim Kegel. Een tournee volgt in het najaar.

    (Maarten van de Ven, 7.2.06) - [print] - [naar boven]





    Een schitterend affiche
    Clous van Mechelen & Old Quarter Trio, maandag 30 januari 2006, Old Quater, Amsterdam

    Het optreden van tenorsaxofonist Clous van Mechelen leverde ongeveer zeventig belangstellende jazzliefhebbers op. En dat ondanks deze zéér koude maandagavond en de gebruikelijke parkeerproblemen in hartje Amsterdam. Maar de bekende tenorsaxofonist Clous van Mechelen (1942) heeft tijdens zijn lange loopbaan dan ook een grote schare aan fans weten op te bouwen. En dat bleek deze avond totaal niet zo verwonderlijk te zijn.

    Het samenspel met het goed op elkaar ingespeelde Old Quater Trio bleek een feest. Het openingsstuk, met pianist Wolfgang Maiwald, de altijd melodieus en stuwend spelende contrabassist Thomas Winther Andersen en de stimulerende drummer Joost Kesselaar, stond direct als een huis. De muziek van Van Mechelen is mogelijk zelfs bekender dan hijzelf, als je beziet over wat een enorm gevoel voor muziekstijlen deze duizendpoot moet beschikken. Denk alleen maar aan een nummer 'Big City', de Grolsch-reclame en zijn werk met Wim T. Schippers, plus veel andere televisieproducties en zijn laatste bijdrage aan het album van zangeres Collette Wickenhagen.

    Maar deze maandagavond stond een écht live-optreden op het programma, waarbij het soms net leek alsof de sound van Earl Bostic ook nog even op bezoek kwam. Bekende nummers als 'I’m Getting Sentimental Over You' en 'Blue Bossa' werden vertolkt. Saxo-fonist Van Mechelen bleek het hele spectrum te bespelen, inclusief soepele wendingen en riedels. Met veel speelplezier, zijn prachtig glimmende saxofoon vaak op en neer bewe-gend, volgde hierna een vertolking van het mooie 'Jordu' en als uitsmijter voor de break direct hierna 'St. Thomas', compleet met een consequent doorgevoerde opzwepende bossanova-tik op de drums door Kesselaar.

    Na de pauze meteen een spetterende voortzetting met 'Work Song', opzwepend gespeeld door Van Mechelen, die alle registers open trok, daarbij ondersteund door de soulvolle Maiwald, de steady stuwende Andersen en de lekker opzwepend spelende Kesselaar. Het leek nieuw voor de aanwezigen dat Van Mechelen ook over een prettig klinkende zang-stem beschikt. Want tijdens het nummer 'Kansas City Here I Come' legde hij plotseling zijn sax terzijde en greep de microfoon, met de onvermijdelijk te verwachten enthousiaste reactie van het publiek.

    In de aansluitende jamsession die tot één uur duurde, met veel wisselende en vooral jonge (conservatorium) musici, hielden Clous en Thomas zich lange tijd staande tussen de aanstormende 'jonge honden' Zelfs toen pianist Robert Rook, drummer Klaas van Donkersgoed, altist Aard Gisolf (ja, inderdaad: die bekende tv-dokter) en tenorsaxofonist Arthur Heuwekemeijer aanschoven. Van Mechelen heeft met dit optreden het aanwezige publiek duidelijk een geweldige avond bezorgd en kan zelf ook terug kijken op een geslaagd optreden met dit Old Quater Trio.

    (Rolf Polak, 6.2.06) - [print] - [naar boven]



    Rob Agerbeek- 'Home Run'

    Rob Agerbeek Quintet - 'Home Run' (Blue Jack Jazz Records, 2005) ****

    Een cd waar je een blij gevoel van krijgt! Ter gelegenheid van het feit dat Rob Agerbeek zijn 50-jarige jubileum als musicus viert, heeft Blue Jack Records in het kader van de serie Collectors Edition deze nieuwe cd uitgebracht. 'Home Run' bevat zeven tracks, waarvan zes zijn geschreven door de jubilaris. De opnamen zijn van juli 1971 en werden opgenomen in de Baarnse studio van deze grootse pianist. Hij leidt hier een kwintet bestaande uit Willem Reinen (flugelhorn), tenorsaxofonist, fluitist en baritonebespeler Dick Vennik, basgitarist Frank Noya (alleen in het nummer 'The Chair Dance'), contra-bassist Rob Langereis en drummer Eric Ineke. Kortom, een bezetting die staat als een huis en uiterst geïnspireerd aan het werk is.

    Het openingsstuk 'Mamacita' van Joe Henderson neemt de luisteraar meteen op sleep-touw en het aanstekelijke thema wordt, via misschien wat geëffende beboppaden, uitgewerkt. Maar dit album verveelt geen moment, mede door de ondersteuning van de zeer bedreven ritmesectie. Het is inderdaad of je met deze plaat 'Home Run' vertrouwd thuiskomt, temeer dit album weinig muzikale verrassingen bevat en ook opgenomen zou kunnen zijn in de jaren vijftig of zestig. Alle musici en zeker ook de blazers hebben natuurlijk, net als Rob, hun reputatie gedurende vele jaren waargemaakt.

    Wie kan in de hedendaagse jazzscene terugblikken op een muzikale carrière van maar liefst vijftig jaar? Nou, bijvoorbeeld deze Rob Agerbeek dus, die op dit album opnieuw lekker funky en met veel soul speelt. Hij speelt werkelijk als een jonge hond en doet dat eigenlijk al sinds hij in 1956 als boogie-woogie pianist begon. In de snelle nummers, maar ook in ballads, zoals 'Little Miss Dee' met Dick Vennik op dwarsfluit, weet Rob schitterend te excelleren en dat gaat zo maar door in alle overige stukken, die dus allemaal van Rob afkomstig zijn. Een heerlijke plaat, recht voor zijn raap gespeeld.

    Labels:

    (Rolf Polak, 5.2.06) - [print] - [naar boven]





    Eric Vloeimans vaart met trio Fugimundi op intuïtie

    Dichtbij jezelf blijven en vertrouwen op je intuïtie. Dat is het muzikale recept van trom-pettist Eric Vloeimans. En dan maar kijken waar het uitkomt. Of het jazz is? Interesseert hem niet. "Ik maak muziek in de richting waarin mijn neus wijst", zegt de van oorsprong Bossche musicus. Het recentste bewijs voor die opmerking is Vloeimans' nieuwste cd '
    Summersault', die hij volspeelde met het trio Fugimundi, dat verder bestaat uit elektrisch gitarist Anton Goudsmit en de in het Tilburgse jazzmilieu wortelende pianist Harmen Fraanje. Twee musici voor wie hij een diepe bewondering koestert. "Anton is volstrekt authentiek. Als je al iets bij hem zou willen veranderen, lukt je dat niet. Ik heb nog nooit iets van hem gehoord, dat niet smaakvol is. Bij hem is altijd alles in balans. Voor Harmen geldt dat ook."

    De inhoud van 'Summersault' is even ongrijpbaar als de wijze waarop Eric Vloeimans zich als trompettist en componist ontwikkelt. Kameleontisch zou een goede omschrijving zijn. "Deze plaat is eigenlijk een reis om de wereld. Zoveel sferen uit zoveel landen. Ik ga niet van tevoren vaststellen dat er een wals, een tango en wat al niet op moet komen. Wél zorg ik dat alles bij elkaar hoort." Waarbij Vloeimans erop wijst, dat het merendeel van de stukken weliswaar van zijn hand is, maar dat zijn medemusici een belangrijk aandeel had-den in de totstandkoming van de cd. "Ik leg mijn stukken bij hen neer en dan ontstaat er iets. Als je niet naar hen luistert, doe je jezelf tekort. Toen we in de Chapelstudio in Tilburg waren, kwam Harmen met het stuk 'Cockburn' aan. We probeerden het uit en namen het meteen op. Ik liet er graag een eigen stuk voor vallen."

    Hoezeer het drietal op elkaar is ingespeeld, blijkt uit de manier waarop de tien stukken zijn opgenomen. "We hadden twee opnamedagen gepland, maar een dag volstond. Niets gedubd of in hokjes opgenomen. Gewoon goed voorbereid en gerepeteerd." Niet in het minst tot zijn eigen verbazing, loopt 'Summersault' als de spreekwoordelijke trein. De eerste persing was in twee weken uitverkocht, de tweede gaat even hard. Kranten, radio en tv tuimelen over Eric Vloeimans heen. Hij heeft er wel een verklaring voor. "Deze cd bestaat uit verschillende lagen. Er zit een bepaalde kern in, die voor eenieder begrijpelijk is. Maar er zit ook een andere laag onder, voor mensen die wat diepzinniger met muziek bezig zijn." Een ander aspect van de cd is, dat Vloeimans' eigen trompetgeluid nog verder is gerijpt. "Mijn sound is de laatste jaren inderdaad veranderd. Er is in die tijd natuurlijk ook veel gebeurd. Het geluid op je instrument is je stem als musicus."

    Fugimundi toert op dit moment door Nederland vanwege de nieuwe cd. Gisteren nog te horen in de Toonzaal in Den Bosch (verslag hiervan binnenkort op deze site) en op 24 februari in Paradox, Tilburg.

    Dit bericht verscheen eerder in het Brabants Dagblad.

    (Rinus van der Heijden, 4.2.06) - [print] - [naar boven]



    Morgan Freeman speelt Duke Ellington

    Filmster Morgan Freeman gaat de rol van Duke Ellington spelen in de nieuw te maken film 'The Jazz Ambassadors'. In de film wordt het verhaal verteld van de tournee die Ellington met zijn orkest maakte door Irak in 1963. De CIA regisseerde daar toen de coup die Saddam Hussein aan de macht bracht. De film laat zien hoe geheim agenten infiltreerden in het muzikale gezelschap, terwijl Ellington was ingehuurd als een ambassador of good-will. Ook landen als Jordanië, Pakistan, India, Ceylon, Iran en Libanon maakten deel uit van de tournee. Ellington legde zijn impressies van het Midden-Oosten vast in zijn album 'The Far East Suite'. Productiemaatschappij van de film is New Line Cinema, Antoine Fuqua is de regisseur.

    Bron: Empire Online

    (Erno Mijland, 4.2.06) - [print] - [naar boven]





    Borstlap, Glerum en stand-up musician Bennink bundelen krachten
    woensdag 25 januari 2006, Bimhuis, Amsterdam

    De warming-up voor dit concert mocht er zijn. Een prima
    schotel in het aangename Bimhuisrestaurant, een goed gesprek met jazzvrienden, een glas wijn en voorpret voor hetgeen zou volgen. Want dat het een feestje zou worden, deze dvd presentatie van de heren Bennink, Borstlap en Glerum (BBG) stond wel vast. De prangende vraag was evenwel hoe deze drie verschillende karakters muzikaal zouden versmelten tot enige samenhang. Voorwaar geen geringe opgave met een 'ongeleid projectiel' als Bennink in je midden! En inderdaad klonk het regelmatig alsof ieder zo zijn eigen muzikale agenda had. Als toeschouwer/luisteraar ontkwam je niet aan de bekende, aandachttrekkende Benninkshow, op het gevaar af dat oorstrelende en interessante bijdragen van Borstlap en Glerum in de verdrukking kwamen.

    Maar schijn bedriegt, ook al leek Han Bennink vaak in de oppositie met zijn heftige interrupties. Gaandeweg ontdekte je in dit muzikale pretpark prachtige momenten en kon men zich tegoed doen aan alerte, interessante interacties van deze doorgewinterde improvisatoren. Michiel Borstlap stak in excellente vorm en speelde verrukkelijk. Euforisch, intimistisch en delicaat spel van Borstlap en Glerum stond tegenover het extroverte en tomeloze slagwerk van Bennink en zorgde voor boeiende contrasten. Een heerlijke melting pot met swing als hoofdingrediënt. Standards als 'Broadway', 'Blue Bossa', een Monk-tune, 'Caravan' en ballads waren de vehikels. Ze kwamen voorbij in diverse gedaantes, tempi, dynamiek en interpretatie.

    De charmant-dominante Bennink kon als een blad aan de boom metamorfoseren en als hij na hilarische podiumomzwervingen, spelend op vloer en hekwerk, weer plaatsnam achter zijn snaredrum, maakte hij het zijn medespelers dienstbaar en no nonsense naar de zin. Menigmaal prikkelde en inspireerde hij zijn kompanen met onvoorspelbare slagwerk-erupties. Borstlap speelde verfijnde melodische lijnen met fraaie harmonieën en een mooi toucher. Ernst Glerum, het anker in dit gezelschap, speelde subliem en cool met in-dringende improvisaties. Hij bracht regelmatig het trio weer bijeen. Als repliek op Bennink werden ook percussieve exploraties van piano en bas niet geschuwd. Kostelijk waren de ogenblikken waarin Borstlap en Glerum volhardend op de ingeslagen weg bleven en Bennink konden overhalen om zich bij hen te voegen, om als formatie verder te trekken.

    Een heerlijk avondje onversneden spelplezier van drie Nederlandse jazziconen, die ook de relativerende humor in het spel betrokken. In een uitverkocht Bimhuis werd weer een stukje jazzgeschiedenis geschreven. Het publiek gaf enthousiast blijk van waardering. En de nieuwe dvd van dit trio? Die vond een gretig aftrek.

    Klik hier voor een fotoverslag van dit concert.

    Meer weten?
  • De website van het BBG Trio.

    (Cees van de Ven, 3.2.06) - [print] - [naar boven]





    Jazz en literatuur tijdens boekenweek

    De boekenweek staat dit jaar in het teken van muziek en literatuur. Onder het motto 'Boem Paukeslag – Schrijvers en muziek' organiseert North Sea Jazz daarom op 17 en 18 maart samen met de Rotterdamse podia Theater Lantaren-Venster en Nighttown in samenwerking met Stichting CPNB een nieuw festival: 'Uitgesproken!'

    Op het programma staat onder andere een optreden van zangeres Izaline Calister, pianist Randal Corsen en bassist Eric Calmes. Schrijfster Renate Dorrestein draagt voor uit eigen werk, omringd, gesteund en uitgedaagd door drie trio's onder leiding van gitariste Corrie van Binsbergen (foto). Saxofonist Hans Dulfer verzorgt samen met de Amerikaanse trombonist Joseph Bowie een gratis concert in het LV-Café, waarbij Adriaan Jaeggi voorleest uit zijn boek 'Trombone Liefde'. En pianist Gareth Williams en zangeres Norma Winstone presenteren 'Jazz & Poetry of the 20th Century'.

    Klik hier voor het volledige programma.

    (Erno Mijland, 3.2.06) - [print] - [naar boven]





    Tineke Postma wint jazzprijs in Cannes

    De Nederlandse saxofoniste Tineke Postma heeft op 25 januari op de muziekbeurs Midem in het Franse Cannes de Midem Jazz Special Prize 'Revelation of the year' in de wacht gesleept. Andere genomineerden voor de prijs waren de saxofonist Ketjil Moster en zijn band uit Noorwegen en pianist Matthew Bourne uit het Verenigd Koninkrijk. In de jury zaten vertegenwoordigers uit de Franse jazz-wereld en de media. Onderdeel van de prijs is dat Postma in juni mag optreden in een galaprogramma dat door drie Franse nationale tv-zenders zal worden uitgezonden.

    Tijdens Midem presenteerde de Nederlandse jazz-wereld zich in een 'Dutch North Sea Jazz Night'. Ons land werd er vertegenwoordigd door Udo Pannekeets 'Pitch Pine Project', Amina Figarova en Tineke Postma.

  • Meer over de beurs Midem vind je hier.
  • De website van Tineke Postma.
  • Tien antwoorden van Tineke Postma in onze rubriek Take Ten.
  • Optredens van Tineke Postma in onze concertagenda.

    (Erno Mijland, 1.2.06) - [print] - [naar boven]


    Lees verder in het archief...






  • Menupagina's:

    Redactieadres:

    Hoekstraat 1 B17
    3910 Neerpelt
    België
    (0032) 11747180
    (0032) 498788554

    Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken?
    Mail de redactie.