Draai om je oren
Jazz en meer - Weblog





 


Festival
ZomerJazzFietsTour 2017


"Zal Misha Mengelberg in de toekomst herinnerd worden als de geniale chaoot, de dadaïst die het slopen van heilige, heidense en eigen huisjes hoog in het roodwitblauw had staan? Of toch als de componist van eigenlijk behoorlijk traditionele stukken, die zich kunnen meten met de evergreens van Vincent Youmans en Jerome Kern? Na dit weekend weet ik het niet zo zeker meer. Temeer daar ook het Duits-Engelse Mullet van trombonist Hilary Jeffrey uit de put van Mengelberg putte. En het zou me niet verbazen wanneer ook Ernst Glerums Omnibus, die in het kerkje van Oostum geparkeerd stond, mopjes van Misha ten gehore heeft gebracht."

Op 25 en 26 augustus bezocht Eddy Determeyer in het Groningse Reitdiepdal de ZomerJazzFietsTour. Hij zag er optredens van The Quartet, Hilary Jeffery & Mullet, Alex Simu Quintet, Jasper Stadhouders Polyband, AVA, Goran Krmac Kvartet, BassDrumBone, Good Bad Ugly en Ronald Snijders Band.

Klik hier om zijn festivalverslag te lezen.

Bekijk hier een fotoverslag van de ZomerJazzFietsTour door Willem Schwertmann.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 31.8.17) - [print] - [naar boven]



In memoriam
John Abercrombie


Op 22 augustus overleed in New York op 72-jarige leeftijd de Amerikaanse gitarist John Abercrombie.

Op jonge leeftijd leerde hij gitaar spelen. Zijn muzikale interesse ging vooral uit naar de rockmuziek. Met name Chuck Berry was voor hem een inspiratiebron. Dat duurde echter niet al te lang, want hij werd gegrepen door de jazz. Vooral gitarist Barney Kessel was een groot voorbeeld voor hem.

Na zijn studie aan het Berklee College of Music speelde hij eind jaren zestig en begin jaren zeventig in diverse jazzformaties en werd hij een veelgevraagde sessiemuzikant. Hij maakte toen onder meer platen met drummer Billy Cobham. Als leider kreeg hij vooral van het label ECM de ruimte om albums op te nemen.

Zijn debuutplaat onder eigen naam verscheen in 1975: 'Timeless', met Jan Hammer op keyboards en Jack DeJohnette op drums. Een zeer succesvolle muzikale carrière neemt dan een aanvang. Met talloze gerenommeerde musici, zoals trompettist Kenny Wheeler, saxofonisten Charles Lloyd, Mike Brecker en Gato Barbieri, bassist Dave Holland, pianist Paul Bley en drummer Billy Cobham, neemt hij albums op en maakt hij wereldtournees.

Abercrombie's inspiratie vloeide voort uit de avant-garde improvisatie, de jazztraditie en de rockmuziek. Zijn lyrische, melodieuze speelwijze werd immer gehandhaafd. In een latere periode experimenteerde hij ook met elektronische muziek.

Na decennialang te zijn meegegaan in de slipstream van de eigentijdse stromingen concludeerde hij in 2014: "You don't have to find new and exciting types of music to play." En hij voegde daaraan toe: "That stuff just happens when your attitude is really good, when you approach things with an open mind." En dat kan Abercrombie niet ontzegd worden.

Foto: Cees van de Ven

Labels:

(Jacques Los, 31.8.17) - [print] - [naar boven]



Cd / Jazztube
Bill Frisell & Thomas Morgan - 'Small Town' (ECM, 2017)

Opname: maart 2016

Die subtiele eerste noten in Paul Motians 'It Should Happened A Long Time Ago', tekenen Bill Frisell ten voeten uit. In die paar noten zit een volledige muzikale wereld. Thomas Morgan, zijn partner op contrabas tijdens een concert in de roemruchte Village Vanguard, doet er niets voor onder. En bekijk de foto op de achterkant van het boekje en je ontdekt het geheim: twee gewone mannen in warme jassen, de eenvoud druipt eraf. Het viel ook weer onlangs op toen we Frisell mochten aanschouwen op Jazz Middelheim: sterallures zijn de man totaal vreemd. Wat telt is het overbrengen van sfeer, het vertellen van een muzikaal verhaal als in 'It Should Happened A Long Time Ago', nostalgie ademend.

Of Lee Konitz' 'Subconscious Lee'. Morgan zorgt hier voor een onnadrukkelijk maar zeer sfeervol ritmisch patroon, waar Frisell met zijn heldere, kleurrijke gitaarspel als het ware omheen danst. Tot de heren de rollen omdraaien en Morgan een gloedvolle solo neerzet. En wat een oog voor detail hebben deze heren. Niets gaat er verloren.

Frisell is de afgelopen jaren vooral actief geweest met afstoffen van Amerikaanse klassiekers. Dat doet hij met verve en we zouden bijna vergeten dat de man inmiddels ook genoeg eigen stukken heeft toegevoegd aan de canon. Twee van die stukken, 'Song For Andrew No. 1' en 'Small Town' vinden we op dit album. Beide zijn het delicate, contemplatieve stukken op het snijvlak van jazz en americana. Frisells roots in Denver, Colorado zijn erin terug te horen. De Chicago blues, de jazz, de surfmuziek, de Engelse rock van de jaren 60. Al die muziek waar hij mee opgroeide heeft er een plaats in gekregen. Het kenmerkt tevens de keuze van zijn covers. We noemden reeds Paul Motian en Lee Konitz, musici waar Frisell ook mee samenwerkte, maar dit album bevat ook covers van 'What A Party', dat we kennen in de uitvoering van Fats Domino, 'Wildwood Flower', dat gezongen werd door The Carter Family, en van 'Goldfinger'. Bijzonder daarbij is dat het eigenlijk niet uitmaakt welke stukken worden gekozen; in de handen van deze heren lukt alles.

In de Jazztube hierboven Bill Frisell en Thomas Morgan live op het Festival International de Jazz de Montréal, 2 juli jongstleden. Ze interpreteren de Monk-klassieker 'Misterioso'.

Labels: ,

(Ben Taffijn, 27.8.17) - [print] - [naar boven]



Cd
Ben van den Dungen Quartet - '2 Sessions' (JWA, 2017)

Opname: december 2016 - januari 2017

'Net als Amerikanen spelen.' Lange tijd gold dat als het hoogst haalbare voor een Nederlands jazzcombo. Later, in de jaren zestig en zeventig, was het niet langer een blijk van waardering of bewondering: je moest je eigen ding doen, weetjewel. En zo werd er teruggegrepen op puur-Nederlandse culturele ijkpunten als Snip & Snap, Mokumse draaiorgels en West-Friese klompendansen.

Ook die tijd ligt inmiddels ver achter ons. (Hoewel: het is altijd gevaarlijk, dit soort conclusies te vroeg te trekken.) Als ik zeg dat het Ben van den Dungen Quartet Amerikaanse klasse heeft bedoel ik dat er geen sporen zijn van sukkelsound of bleekneusjesbeat. Deze gasten swingen, ongeacht of ze nu in Madrid staan, in Maassluis of in Madison Square Garden. Inderdaad, het BvdDQ is een uitgesproken liveband. Haar vorige cd, 'A Night At The Club', gaf een mooi beeld van hoe vurig en vastberaden de groep in zo'n situatie te werk gaat.

Het onderhavige album heeft eveneens een live-element, in die zin dat er van tevoren geen afspraken werden gemaakt: even repeteren en hup, ertegenaan. Dat het een vaste groep met een lange staat van dienst betreft hoor je aan de spontane detaillering van de arrangementjes. Saxofonist Van den Dungen schrijft mooie stukken die de overigen (Miguel Rodriguez - piano, Marius Beets - bas, Gijs Dijkhuizen - drums) uitdagen. Rodriguez is bij vlagen ronduit indrukwekkend: hem zou ik wel eens een avond solo willen horen. Ook zo'n 'echte' Amerikaan, die gast.

Klik hier om dit album te beluisteren.

Labels:

(Eddy Determeyer, 27.8.17) - [print] - [naar boven]



Jazz Class-X
Sonny Rollins - 'A Night At The Village Vanguard' (Blue Note, 1958)

Opname: 3 november 1957

Sonny Rollins was met jazz opgegroeid in Harlem en had al met Miles Davis, Thelonious Monk, Clifford Brown, Max Roach en vele andere grote muzikanten gespeeld toen hij halverwege de jaren 1950 onder eigen naam albums begon op te nemen en in 1957 uitpakte met een trioformule. Met Shelly Manne aan de drums en Ray Brown op contrabas ging hij op 'Way Out West' vrij zijn gang, zonder dat een pianist akkoorden zat mee te spelen. 'A Night At The Village Vanguard' laat hem horen terwijl hij zo live soleerde met twee andere ritmesecties in een club in de herfst van dat jaar. Ongehinderd stond hij te pieken, zijn creativiteit scheen onuitputtelijk. Hij speelde in en rond thema's, zijn ademstoten bliezen in en uit de melodie. Hij speelde alsof hij met dat improviseren eindeloos kon doorgaan, krachtig en viriel, maar ook romantisch. In 2010 zou saxofonist Jon Irabagon het op zijn 'Foxy' in die manier van spelen nog wat verder drijven en met de hoes verwijzen naar 'Way Out West', weliswaar niet in cowboy-pose met een tenorsax in plaats van een revolver tegen een western achtergrond, maar met een sexy babe in bikini met sax in de duinen...

Sonny Rollins was in die jaren dé saxofonist, briljant en grensverleggend, die zijn instrument beheerste en kon improviseren zonder dat het een moment ging vervelen. In de Village Vanguard ging hij aan de slag met populaire tunes en met bebopklassiekers. Ook dat houdt deze opnamen aantrekkelijk: of je nu de jazzgeschiedenis nog maar pas begint te verkennen of van standards al ettelijke versies hebt gehoord, je kan keer op keer genieten van heerlijke instrumentale live-uitvoeringen die overstromen van ideeën.

Op de originele live-lp stonden spontane versies van drie populaire liedjes met een geschiedenis, te beginnen met 'Old Devil Moon' uit een musical van 1947 en bij Rollins live van bij het begin begeleid met opgewekte percussie en bas. Eind jaren 60 zou Petula Clark het nog zingen. Je vindt er ook 'Softly As In A Morning Sunrise' op, oorspronkelijk uit een operette van 1927 en weer opgepikt in een jaren 40-filmversie, in de Villlage Vanguard mét het melancholische karakter van de song, maar ook met ronde, warme noten op de bas van Wilbur Ware, die in die periode vaak met Thelonious Monk speelde. De tristesse ging nog dieper in het trage 'I Can’t Get Started', dat Billie Holiday in 1938 had opgepikt en dat nadien nog door vele andere grote jazzmuzikanten zou worden gespeeld, eigenlijk afkomstig uit een theaterstuk van 1936 en toen gezongen door Bob Hope. Latere uitgaven die verder plukten uit de drie sessies van die dag brachten onder andere nog een meeslepende versie voort van 'I’ve Got You Under My Skin' en een energieke van 'What Is This Thing Called Love', twee prachtige liefdesliedjes van Cole Porter.

Rollins eerde daarnaast de bebop met 'A Night In Tunesia', een klassieker van Dizzy Gillespie die hij 's namiddags al lekker lang en levendig speelde met Peta LaRoca en Donald Bailey en met 'Striver’s Row', dat hij baseerde op de akkoorden van 'Confirmation' van Charlie Parker, die in 1955 was gestorven. Een andere eigen compositie van Rollins was 'Sonnymoon for Two', kwiek en soepel swingend met de vrolijke noten van Wilbur Ware op bas en het speelse, stuwende slagwerk van Elvin Jones, die van 1960 tot 1966 mee zou spelen met het John Coltrane Quartet. Hij zou er in 1965 dan ook bij zijn om de legendarische lp 'A Love Supreme' op te nemen.

Het gegeven indachtig dat jazz een genre is dat zich graag, zo niet bij voorkeur live laat genieten, raden wij voor uw collectie niet minder dan 'A Love Supreme' ook 'A Night At The Village Vanguard' aan, een document dat live en levenslustig een jazzlegende illustreert op het toppunt van zijn kunnen en hem persoonlijk in zijn aankondigingen aan het woord laat. Het was de eerste plaat die uitkwam in een nog altijd groeiende reeks van opnamen live in de Village Vanguard en het is een mijlpaal gebleken, een van 17 Essential Hard Bop Recordings volgens Scott Yanow, die vele artikels en elf boeken schreef over jazz. Het is een klassieker die saxofonisten ontzag blijft inboezemen en liefhebbers van jazz blijft aanspreken.

Foto: Francis Wolff

Labels: ,

(Danny De Bock, 25.8.17) - [print] - [naar boven]



Cd's
Ingrid Laubrock - 'Serpentines' (Intakt, 2016)

Opname: 24 mei 2016
Stephan Crump / Ingrid Laubrock / Cory Smythe - 'Planktonic Finales' (Intakt, 2017)
Opname: 13 augustus 2015

De uit Duitsland afkomstige saxofoniste Ingrid Laubrock woont inmiddels al weer enige tijd in New York, sinds 2008 om precies te zijn. Terugkijkend blijkt het meer dan een verstandige beslissing, zowel voor Laubrock zelf als voor de New Yorkse avant-garde scene. Het aantal musici waar zij sindsdien haar groepen mee formeert is gestaag gegroeid en een deel vinden we dan ook terug op twee recent bij het Zwitserse Intakt verschenen cd's. Boeiend aan de twee albums is tevens dat ze Laubrock zowel laten horen in de rol van componist ('Serpentines') als in de rol van improvisator ('Planktonic Finales').

Voor 'Serpentines', waarvoor Laubrock alle composities leverde, bracht ze een wat ongewoon septet samen. Dat er twee blazers inzitten - met naast Laubrock op tenor- en sopraansax trompettist Peter Evans - is allesbehalve ongewoon en dat we een drummer en een pianist aantreffen, respectievelijk Tyshawn Sorey en Craig Taborn, is dat evenmin. Maar dat we een tuba, bespeelt door Dan Peck, vinden in plaats van een bas is al minder voor de hand liggend en dat we Miya Masaoko aantreffen met de koto, een Japanse variant van de zither, is met recht bijzonder te noemen, evenals de medewerking van Sam Pluta met zijn vreemde, door elektronica voortgebrachte geluiden. Met dit septet creëert Laubrock een bijzondere muzikale wereld, zoals we dat inmiddels wel van haar gewend zijn.

Neem 'Chip In Brain' dat zo prachtig begint met een ronkende tuba, als een stationair lopende motor van een vrachtwagen, eerst doorsneden met Pluta's vreemde geluiden en met Evans' uithalen en dan met Laubrocks breekbare ijle lijnen op tenorsax, klinkend als een misthoorn. Andere musici vallen bij in deze aan rijkdom winnende klankwereld. Bijzonder is ook 'Squirrels'. Terwijl drums, tuba en in mindere mate piano zorgen voor een blues-achtig ritme, kiezen de blazers het ruime sop en trakteren ons op een overvloed aan atonale noten. En wat te denken van Pecks marsachtige ritme verderop in het stuk dat ineens oprijst uit Pluta's noise. We merkten het al eens eerder op, maar het valt bij het beluisteren van dit album wederom op: Laubrock is steeds meer in eerste instantie componist en dan pas musicus. En dan het type componist dat evenzeer weg weet met het idioom van de jazz als met dat van de hedendaags gecomponeerde muziek.

In de zomer 2015 troffen Laubrock, bassist Stephan Crump en pianist Cory Smythe elkaar voor het eerst in Laubrocks oefenruimte in Brooklyn. De drie kenden elkaar vagelijk, al speelden ze nog niet eerder samen. Maar, zoals Crump opmerkt: "It worked right from the first note, it felt fresh and exciting." En wat doe je dan in zo'n geval? Juist, je neemt een cd op. Eentje vol niet al te lange improvisaties, elf in totaal, waarin volop wordt geëxperimenteerd en waarin die opwinding waar Crump het over heeft voelbaar is. Of planten nu echt groeien op 'Tones For Climbing Plants' hebben we niet uitgeprobeerd, maar het zou zo maar kunnen. Crumps zingende en resonerende bas klinkt hier in ieder geval aantrekkelijk genoeg en Laubrock op sopraansax is een genot voor het oor. De titel 'A House Alone' dekt in ieder geval wel volledig de lading. Middels losse klanken, die de tijd krijgen om weg te sterven, creëert het trio hier in nog geen drie minuten een verstilde wereld. Je ziet het huis liggen, met de meest nabije buur op een half uur rijden. Grappig is 'As If In Its Throat'; het klinkt net zo ongemakkelijk als die graat die in je keel blijft steken.

Klik hier om twee tracks van 'Serpentines' te beluisteren. En klik hier voor twee tracks van 'Planktonic Finales'.

Labels:

(Ben Taffijn, 24.8.17) - [print] - [naar boven]



Interview
Paul van Kemenade


"Hij zit veertig jaar in het vak en zijn eindejaarsfestival Stranger Than Paranoia bestaat een kwart eeuw. Zelf inmiddels ook zestig. Alle reden dus voor een feestje rond altsaxofonist, componist, cultuurondernemer en onvermoeibaar projectenontwikkelaar Paul van Kemenade. Het wordt op 4, 6 en 7 oktober gevierd, in zijn woonplaats, in Paradox en Theaters Tilburg, en in het Amsterdamse Bimhuis. 'Zeven groepen heb ik uitgenodigd - Engeland, China, Rusland, Brazilië, vier deejays, het wordt een grote happening. Een mooie aanleiding om van alles te proberen. Gewoon een thema aan ophangen en go!'"

Eddy Determeyer sprak met Paul van Kemenade over "zo'n pluim op je kop", een cabaretprogramma met acrobaten en variété, Cannonball en een contraptie in vijftig tinten grijs.

Lees hier het volledige interview.

Foto: Monique van der Lint

Labels:

(Maarten van de Ven, 22.8.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Geluid nekt groep

Bert Kleijn & The Summersales, donderdag 17 augustus 2017, Noorderzon Performing Arts Festival, Noorderplantsoen, Groningen

De Groninger Noorderzon, het jaarlijkse Performing Arts Festival, heeft een lange voorgeschiedenis. Ooit, in de jaren zestig, begonnen als een beeldende kunstmanifestatie, evolueerde het via muziekfestival, muziekfestival plus theatrale toevoegingen, theaterfestival met flink wat jazz en pop tot het huidige theaterfestival met wat muzikale franje. Het zij zo.

Drummer Bert Kleijn had de eer het spektakel in het Noorderplantsoen te openen met zijn groep The Summersales. In feite een soort reünie - ook de geschiedenis van deze band gaat tientallen jaren terug. Zo was het verrassend om trompettist Freek Bakker na een dikke twintig jaar en bezigheden in het buitenland voor het eerst weer op een podium aan het werk te zien.

Het concept van de band is verleidelijk: souljazz meets Senegalese percussie. Pape Seck, Mustapha Seck en Kleijn zelf vormen een rotsvaste eenheid, de solide basis voor de band. Met name die eerste imponeerde met zijn messcherpe werk op de bougarabou, die met hand en stok bespeeld wordt. Daarbij vertelt hij verhalen, communiceert hij voortdurend met het - talrijke - publiek. Maar vlak ook Mustapha niet uit. Diens handen lossen met enige regelmaat op in wazige vlekken net boven de djembé. Die intelligente robots die ons gaan vervangen zullen er nog een hele kluif aan hebben. Maken ze dat ook eens mee.

Helaas waren trompet en tenorsax (van Johan Huizing) in het geluidsbeeld ondervertegenwoordigd. Om de een of andere reden begon de soundcheck een kwartier na de geplande aanvangstijd, dwars door de pauzemuziek heen. Dat leverde voor het publiek wel aardige clashes op, maar bleek niet bevorderlijk voor de uiteindelijke balans.

Deze band moet maar eens een half jaartje het oefenhok in en flink tekeergaan in jeugdhonken en op festivals. Want zoals gezegd, de opzet is aantrekkelijk. Dan zouden de aangenaam stuiterende baslijnen van Rob Wattimury trouwens ook beter tot hun recht komen.

Fotografie: Jan Westerhof

Labels:

(Eddy Determeyer, 21.8.17) - [print] - [naar boven]



Cd
Fumio Yasuda - 'Musique D’Entracte' (Winter & Winter, 2017)

Opname: 25-27 oktober 2016

Je hoeft geen muziekschool gevolgd te hebben of vaak naar Klara radio te luisteren om de naam van Erik Satie te verbinden met klassieke muziek. En klinkt zijn naam toch totaal vreemd, dan is de kans groot dat je al ergens iets van zijn 'Gymnopédies' of 'Gnossiennes' bent tegengekomen, omdat sinds jaar en dag stukjes daarvan opduiken in handen van andere muzikanten, in films tot in computerspelletjes toe. De man heeft zich met zijn composities en door zijn invloed op tijdgenoten en latere stromingen onsterfelijk gemaakt.

De 150ste verjaardag van zijn geboortedag maakte dat Satie in 2016 weer meer in de belangstelling kwam te staan. Hij was een excentriekeling bij wie ook zijn vrienden Debussy en Ravel enige inspiratie vonden. Zelf stak hij de muzikale impressionisten voorbij; Satie maakte vanaf 1919 aansluiting met de dadaïsten in Parijs. Kort voor zijn dood in 1925 componeerde hij muziek voor balletten met Picasso en Picabia en voegde hij muziek toe aan de film 'Entr’acte' van René Clair, waarin onder anderen Man Ray en Marcel Duchamp opduiken. Het werk van Satie zou invloed uitoefenen op het surrealisme, absurd theater, repetitieve muziek en minimalisme. John Cage prees hem om zijn minimalistische stukken avant la lettre.

Vermits muziek van John Cage van beslissende invloed is geweest op de Japanse componist en pianist Fumio Yasuda, verwondert het niet dat ook hij Satie zou ontdekken en anderen Satie wil laten ontdekken. Met deze cd brengt Yasuda een ontmoeting tot stand met wat hij schatten vindt in het repertoire van zowat een eeuw geleden. Hij herschreef een aantal stukken en werkte voor de uitvoering samen met de klassiek georiënteerde Julie Läderach op cello en Joachim Badenhorst op klarinet en saxofoon. Het is die laatste die in onze kontreien het makkelijkst een belletje doet rinkelen. Badenhorst profileert zich de laatste jaren met zijn Carate Urio Orchestra en met Rawfishboys, terwijl hij vast lid blijft van het Han Bennink Trio en de voorbije jaren onder meer ook in groepen speelde van Kris Davis en Samuel Blaser. Hij heeft een hart voor improvisatie en blijft de mogelijkheden met zijn instrumenten onderzoeken.

Sommige vertolkingen van dit trio kunnen zo in de toegankelijke radioprogramma's die de liefhebbers van een zender als Klara bedienen, andere kunnen daar perfect passen in de wat alternatievere als Valckenaers & Vanhoudt. Meerdere stukjes leunen immers zacht en lenig aan bij impressionisme, minimalisme of verfijnde balletmuziek, terwijl andere met geprepareerde piano en ietwat onorthodoxe klanken beschaafd ideeën lenen uit hedendaagse werelden van de geïmproviseerde muziek. Aldoor valt de verfijning op in het spel op cello, op klarinet en basklarinet, op saxofoon en piano. Uiterst beheerst vertolken zij klanken en emoties.

Heel wat van de gekozen stukjes maken eigenlijk deel uit van grotere composities, wat per titel kort wordt meegegeven op de achterflap. De bloemlezing plukt uit zowel vroeg als later werk, waarbij ook de 'Messe Des Pauvres' wordt aangeraakt. Ontroerende mooie en een glimlach ontlokkende dansmuziek ('Son Binocle From 3 Valses Distinguées Du Précieux Dégoûté', 'Danses De Travers From Pièces Froides') wordt gevolgd door tedere en levendige, huppelende en dan weer verstilde stukken. De filmmuziek waarnaar de titel van de cd verwijst, is in een van de langere stukken verwerkt. Als je de kortfilm 'Entr’Acte' één keer hebt gezien, komen bij 'Cinéma' zo weer beelden uit de stomme film voorbij. Met de wat vrijere klanken wordt niet gewacht tot in de laatste nummers, wat de opbouw van de cd afgemeten uitdiept. Al gauw dansen de noten weer uiterst lieflijk en sierlijk, zoals in 'Danse De L’Homme Et De La Femme' uit 'Relâche' – ontspannend, zacht en teder gaat het verderop. Schoonheid zit ook in ingetogen delen, vlinders lijken op te vliegen uit de kleppen van de sax van Badenhorst op 'Prélude Du Premier Acte - La Vocation From Le Fils Des Étoiles'.

Afsluiter 'Vexations' komt als een slaaplied met een metalige twist en herinnert aan een andere geniale excentriekeling, die als Moondog door het leven ging, in een ander tijdvak, in Amerika. Als een bijzondere tijdreis schilderen de liner notes de onderneming af van deze 'Musique D’Entracte', als een uitnodiging om te gaan citytrippen tussen toen en nu laat deze cd zich ook beluisteren.

Klik hier om dit album te beluisteren.

Labels:

(Danny De Bock, 20.8.17) - [print] - [naar boven]



Festival
Jazz Middelheim 2017 Dag 4


"De Ierse romancier Roddy Doyle schreef: 'De Ieren zijn de zwarten van Europa, de Dubliners de zwarten van Ierland en de Noorddubliners de zwarten van Dublin.' Hoor Van Morrison en je kunt Doyle niet anders dan gelijk geven. Als de zwarte Amerikanen de blues niet hadden uitgevonden, hadden de Ieren het gedaan."

Ben Taffijn bezocht Jazz Middelheim. Op de vierde en laatste dag van het festival zag hij concerten van Becca Stevens, Nicolas Kummert Résonance, Dans Dans, Van Morrison en Drifter.

Klik hier om zijn festivalverslag te lezen.

Cees van de Ven maakte een fotografisch verslag van de derde dag van Jazz Middelheim 2017, zondag 6 augustus. Klik hier om zijn foto's te bekijken.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 19.8.17) - [print] - [naar boven]



Cd
Winston Byrd - 'Once Upon A Time Called... Right Now!' (Ropeadope, 2017)


Winston Byrd is zo'n trompettist die je overal tegen kunt komen. Zijn niet bepaald bescheiden geluid sierde het Duke Ellington Orchestra (van na Ellington), maar ook producties van hiphop-icoon Usher. Zo is ook het gebodene op 'Right Now!' zeer divers te noemen.

De deur wordt onverschrokken ingetrapt in het openingsnummer 'Ramblin’'. Zeker, de Ornette Coleman-compositie blijkt zich 58 jaar na dato heel goed te lenen voor een eigentijdse, opgefunkte behandeling. Met een prominente wahwahgitaar (van David Sampson), een juichend en bubbelend orgel (van Julian Le) en de eveneens op de wahwah aangesloten trompet van de meester zelf.

Als het hoog en hard moet heb je aan Byrd een betrouwbare kracht. Hij zit ergens tussen Clark Terry en Maynard Ferguson. Zijn fenomenale instrumentbeheersing spat van alle tracks af, maar op zijn subtielst en overtuigendst is Byrd in een relatief rustig nummer als 'Anne Rising'. Daarbij houdt hij ervan je op het verkeerde been te zetten. Want tijdens de eerste maten van 'On This Night Of A Thousand Stars' verkeer je in de overtuiging dat het orkest van mambo-koning Pérrez Prado heupwiegend binnenkomt om 'Cherry Pink An Apple Blossom White' nog maar weer eens uit de mottenballen te halen. Zijn piccolotrompet in 'Borrowed Time' en 'Blue Rondo A La Turk' slingert je tussen Beatles en Bach en in 'Brotherhood Of Man' is Clark Terry gevangen in een spiegelpaleis. 'One Life, One Love' is dan weer zo'n typisch eigentijds R&B-nummer, compleet met koortje en handclaps.

De enige track waar je vraagtekens bij kunt zetten is 'Mumbles', al is het alleen maar omdat Terry zelf het zoveel beter en definitiever heeft gedaan. En lolliger.

'Right Now!' is een zwaar geproduceerde affaire geworden, opgenomen in vier studio's in Californië en Pennsylvania. 31 Muzikanten waren erbij betrokken. Straight ahead of smooth, Winston Byrd trekt er zijn neus niet voor op of zijn hand voor om. Dit is heel wat grappiger dan veel van die contemporaine onzin waarbij jazz een onzalige verbintenis aangaat met funk en hiphop. Ik zou deze gast wel eens live aan het werk willen zien. Kon nog wel eens op een vet feestje uitdraaien.

Klik hier om dit album te beluisteren.

Foto: Len Carsillo

Labels:

(Eddy Determeyer, 17.8.17) - [print] - [naar boven]



Festival
Gouvy Jazz & Blues 2017 Dag 2


"Tom Harrell lijdt sinds zijn twintigste aan schizofrenie en het is merkwaardig hoe hij dankzij en ondanks de medicatie een feilloze techniek combineert met een bewonderenswaardige creativiteit. Als hij niet speelt, staat hij er bij als een zonderlinge figuur, maar muzikaal is hij een van de meest begaafde trompettisten in de jazzgeschiedenis. Vergelijkingen met de grootsten zijn niet van de lucht en hij dwingt ook als componist in jazz en klassieke muziek bewondering af van vele topmuzikanten."

Danny De Bock bezocht het jazzluik van het festival Gouvy Jazz & Blues 2017. Op zaterdag 5 augustus zag hij concerten van Natacha Wuyts Quartet, Swingin' The Blues, Andrea Motis & Joan Chamorro Quintet, Rick Margitza/Gabor Bolla Quintet en Tom Harrell Quartet.

Klik hier om zijn festivalverslag te lezen.

Foto: Tina Tindemans

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 17.8.17) - [print] - [naar boven]



Cd's
Håkon Storm with Zapp4 - 'Kobolt' (Norcd, 2016)

Opname: 12-13 maart 2016
Zapp4 - 'In Bloom - The Music Of Nirvana' (Zennes, 2017)
Opname: juni 2016

Zapp4 is zondermeer een van de meest opvallende strijkkwartetten in het muzikale landschap. Het feit alleen al dat u hier op de blog van Draai om je oren een recensie vindt van dit kwartet, toont reeds aan dat zij zich niet tot de ijzeren kwartetliteratuur binnen de klassieken na Mozart beperken. Sterker nog, het werkwoord beperken kennen de heren van Zapp4 helemaal niet. Ze bogen zich over de muziek van Radiohead, Nirvana - waarover straks meer - en traden vorig jaar nog tijdens Cross-Linx op met de Noorse zangeres Ane Brun. Maar ook binnen wat we voor doorgaans onder jazz verstaan hebben ze hun sporen reeds verdient. Zo speelden ze tijdens November Music 2014 nog met gitarist Marc Ribot. Reden te meer om ons te buigen over twee recente albums van dit kwartet: 'Kobolt' dat vorig jaar verscheen en dat ze opnamen met de Noorse gitarist Håkon Storm en 'In Bloom', Zapp4's hommage aan de grungeband Nirvana.

Håkon Storm maakte eerder twee soloalbums, 'Zinober' en 'Fosfor', waarin hij balanceerde op de grens van compositie en improvisatie en dan vooral in akoestische vorm. Deze lijn trekt hij door op dit album met Zapp4. 'Kobolt' is dan ook vooral een zeer gelaagde luisterplaat, een album ook dat uitnodigt tot contemplatie. Het samenspel is ernaar. Op 'Intro Og Interlude' is het aanvankelijk altviolist Oene van Geel die de melodie voor zijn rekening neemt met een grote intensiteit, terwijl Storm en de rest van het kwartet de muzikale basis leggen. Als we aansluitend Storm solo horen is dat ingetogen, voorzichtig bijna. 'Gnom' maakt duidelijk dat Storm in eerste plaats een jazzgitarist is, zich soepel bewegend tussen het hier wat feller spelende strijkkwartet. Wat Zapp4 tot zo'n bijzonder kwartet maakt, is goed te horen in 'Rast'. Het subtiele, poëtische samenspel komt hier buitengewoon goed naar voren. Prachtig zoals de vier strijkers samen de juiste sfeer neerzetten. Aanvankelijk zeer rustig, maar langzaamaan spanning opbouwend tot halverwege Storm zijn intrede doet en de melodie oppakt.

'In Bloom' is andere kost. Nirvana uit Seattle veroorzaakte begin jaren negentig een schokgolf in de muziek met wat we later grunge zouden noemen en hun tweede album 'Nevermind' werd beroemd en berucht. Een lang leven heeft de band niet gehad. In 1994 stopte de band ermee na de dood van voorman Kurt Cobain. Ondanks het korte bestaan is de invloed van Nirvana op de hedendaagse rock moeilijk te overschatten. Dit eerbetoon van Zapp4, met voornamelijk nummers van 'Nevermind' en opvolger 'In Utero' is dan ook volkomen op zijn plaats. En dus ja, dan eerst maar weer eens het origineel gedraaid. En het moet gezegd: zanger/gitarist Cobain, bassist Krist Novoselic en drummer Dave Grohl wisten wel wat ze deden. Coherente, zeer stevige nummers zijn het en wat kon die Cobain gillen. Dat horen we bij Zapp4 natuurlijk niet teug en tevens gaat het er wat rustiger aan toe, het is tenslotte een akoestisch spelend strijkkwartet.

Beginnen doen ze met 'All Apologies', een van de weinige rustige nummers van Nirvana en afkomstig van 'In Utero'. Het folk-karakter komt hier goed tot uiting in de melodie, gespeeld door de viool en de pizzicato begeleiding. In de andere nummers heeft Zapp4 het een stuk moeilijker om recht te doen aan Nirvana en het gruizige geluid dat de band produceerde. En het is niet minder dan boeiend om te horen hoe dit kwartet alles aan technieken uit de kast trekt om het origineel recht te doen. Neem hun grootste hit, 'Smells Like Teen Spirit', met het ongemeen ritmische slagwerk van Grohl, Novoselic' pompende bas en de getormenteerd spelende en zingende Cobain. Aangezien een strijkkwartet geen drumstel heeft, lossen de heren het ritmevraagstuk op een andere manier op, maar de structuur blijft staan. Knap gedaan, maar Zapp4 is dan ook niet zo maar een strijkkwartet, daar waren we het reeds over eens.

Klik hier om drie tracks te horen van 'In Bloom'.

Labels:

(Ben Taffijn, 16.8.17) - [print] - [naar boven]





Festival
Jazz Middelheim 2017 Dag 3


"Het kleine podium is op deze dag voor gitarist Ruben Machtelinckx. Hij brengt een soort van ode aan de muziek die ten grondslag ligt aan alle muzikale uitingen die we op dit moment kennen: de volksmuziek. Composities van een verslavende eenvoud. Daar ligt ook de kracht van de groepen die Machtelinckx bij elkaar brengt. Het gaat hem niet om virtuositeit van de uitvoering, maar om de kracht van de muziek. Machtelinckx heeft een dromenfabriek en die draait overuren."

Ben Taffijn bezocht Jazz Middelheim. Op de derde dag van het festival zag hij concerten van Tony Allen Quartet, Machtelinckx/Jensson/Badenhorst/Wouters, Mingus Big Band, Bill Frisell, Linus + Skarbø/Leroux, Randy Weston's African Rhythms en Linus + Økland/Van Heertum/Zach.

Klik hier om zijn festivalverslag te lezen.

Cees van de Ven maakte een fotografisch verslag van de derde dag van Jazz Middelheim 2017, zaterdag 5 augustus. Klik hier om zijn foto's te bekijken.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 15.8.17) - [print] - [naar boven]



Cd
Angiolo Tarocchi Jazz Orchestra- 'Unwired' (JCH Productions, 2017)

Opname: 14-15 februari 2016

De Italiaan Angiolo Tarocchi is een veelzijdig man. Van huis uit bekwaam op de contrabas, heeft hij de afgelopen jaren zijn werkterrein aanzienlijk verbreed. Mede dankzij zijn brede opleiding, waarin zowel hedendaags gecomponeerde muziek als jazz een plaats kreeg. Zo is hij actief als componist, arrangeur, leraar en sinds 2015 als dirigent van een eigen orkest: het Angiolo Tarocchi Jazz Orchestra (18 musici en een zangeres), een vergrote versie van het Jazz Chromatic Ensemble dat reeds sinds 1989 bestaat. Onlangs zag de debuut-cd van dit orkest het licht, 'Unwired', met daarop vijf nummers die alle aspecten van Tarocchi's muziek voor het voetlicht brengen.

Dat Tarocchi deels gevormd is door de klassieke muziek is goed te horen. Zo heeft het begin van 'Unwired' duidelijk symfonische allure en laat hij met de beide solo's voor basklarinet en fluit en de bijpassende pianobegeleiding eveneens horen dat hij als componist duidelijk beïnvloed is door de klassieken. 'Unwired' wint er alleen maar door aan kracht. Direct valt hier overigens ook op dat Tarocchi voor dit orkest het neusje van de zalm van de Italiaanse jazz bijeen heeft gebracht.

In 'Blues To Blues' horen we een geheel andere kant van het orkest. Hier brengt Tarocchi een soort van ode aan de klassieke bigbandjazz, gebaseerd op thema's van Daniele Cavallanti, met wie hij het Jazz Chromatic Ensemble leidt. In 'Dark Eyes' brengt Tarocchi eveneens een soort van ode, maar dan aan de Ossetische componist van liederen Ahser Dzhigkaev. Het is een zeer aantrekkelijk stuk, met een enorme drive. Bijzonder is de trombonesolo van Andrea Baronchelli.

En dan rest nog 'Skydream #5', voorafgegaan door het zeer korte #3, dat er een opmaat toe vormt. Tarocchi heeft het stuk reeds uitgebracht met het Jazz Chromatic Ensemble, maar was benieuwd hoe het met een orkest van deze omvang zou klinken. Nu, hier kunnen we kort over zijn: uitstekend. Het stuk heeft een in lagen opgebouwde stuwende drive, die hier door de blazers meeslepend wordt vormgegeven. En dan die gierende gitaarsolo van Alberto N.A. Turra en de swingende altsaxsolo van Francesco Bianchi. Meesterschap.

Angioli Tarocchi dus, met zonder meer een van de beste bigband-albums sinds tijden. Onthouden die naam.

Klik hier om het album te beluisteren.

Labels:

(Ben Taffijn, 13.8.17) - [print] - [naar boven]



Festival
Gouvy Jazz & Blues 2017 Dag 1


"In de Ferme de la Madelonne hangt nog een affiche die in grote kapitalen pianist Fred Van Hove en saxofonist André Goudbeek aankondigde in Gouvy in februari 1980 en een andere met John Tchicai en Goudbeek in de Luikse Club Divers. De programmatie van Jazz à Gouvy houdt het voor het festival al vele jaren een pak toegankelijker met muziek die vlot swingt en de traditie van de bebop levendig houdt. Met enkele Amerikaanse namen die glorieus verbonden zijn met de jazzgeschiedenis en daarnaast aandacht voor Belgisch talent oogstte het gezellige festival weer een mooie opkomst en enthousiaste reacties van het publiek."

Danny De Bock bezocht het jazzluik van het festival Gouvy Jazz & Blues 2017. Op vrijdag 4 augustus zag hij concerten van Al Foster Quintet, Marjorie Barnes & Equinox, Ernie Watts Quartet, Typh Barrow Trio en Sébastien Hogge Quartet.

Klik hier om zijn festivalverslag te lezen.

Foto: Tina Tindemans

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 13.8.17) - [print] - [naar boven]



Festival
Jazz Middelheim 2017 Dag 2


"Eén richting staat op vrijdag in de schijnwerpers. Bands die hun inspiratie halen uit de gospel en de soul en hun jazz vermengen met diverse vormen van dance. En waarbij samples, elektronisch voortgebrachte beats en synthesizers een belangrijk onderdeel van de muziek uitmaken. Het Engelse The Cinematic Orchestra, dat ontstond in 1990, kan als een voorloper worden beschouwd, terwijl het New Yorkse Snarky Puppy, de uit New Jersey afkomstige Mark Guiliana, het Canadese BadBadNotGood en het Engelse Portico Quartet, GoGo Penguin en Mammal Hands hierop voortborduren."

Ben Taffijn bezocht Jazz Middelheim. Op de tweede dag van het festival zag hij concerten van Portico Quartet, Chantal Acda & Arc Sonore, Mark Guiliana Beat Music, Translation, Matthew Herbert's Brexit Big Band, Chantal Acda & Bill Frisell, The Cinematic Orchestra en Chantal Acda & Big Band.

Klik hier om zijn festivalverslag te lezen.

Cees van de Ven maakte een fotografisch verslag van de tweede dag van Jazz Middelheim 2017, vrijdag 4 augustus. Klik hier om zijn foto's te bekijken.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 11.8.17) - [print] - [naar boven]



Cd
Gayle / Barcella / Cabras - 'Live In Belgium' (El Negocito, 2017)

Opname: januari 2015

Met het eerste nummer op de cd, 'Chiaro Sguardo', lijkt het alsof je binnenkomt in een concertzaaltje waar het optreden begint of net begonnen is. Misschien heb je het eerste aftoetsen gemist, misschien beginnen ze gewoon echt zo: met een duidelijke samenhang en een onmiskenbare klik tussen de drie muzikanten. Hier valt een rauwe, maar coherente onstuimigheid op. Een duidelijke link met de free jazz, die volgens tegenstanders alleen kon komen van muzikanten die niet kunnen spelen. Manolo Cabras, om maar eens met de bassist te beginnen, is het levende bewijs van het tegendeel (en hij niet alleen). Cabras was al hooggekwalificeerd in Italië voordat hij naar Nederland verhuisde en aan het Koninklijk Conservatorium van Den Haag een Master Bas behaalde. In België associëren we zijn naam intussen met onder anderen Ben Sluijs, Marek Patrman, Lynn Cassiers en Erik Vermeulen. Drummer Giovanni Barcella had in Bergamo les gevolgd aan de jazzacademie voordat hij naar onze kontreien verhuisde. Hem situeren we graag bij Jeroen Van Herzeele, CO2 Quartet en Moker. Charles Gayle (°1939) heeft de free jazz-scene in New York meegemaakt in de sixties, maar zijn discografie begint pas echt eind jaren tachtig op Silkheart Records. Op 'Always Born' had hij saxofonist John Tchicai in zijn kwartet. Niet veel later speelde hij met bassist William Parker en drummer Sunny Murray.

De saxofonist is in dit trio degene met de meeste street credibility door een straatleven van bijna twintig jaar. Dat heeft hem getekend en daarnaar verwijst zijn album 'Streets' uit 2012. Sinds El Negocito Records Gayle in 2012 voor het Citadelic Festival naar België haalde, organiseerde Barcella drie tournees met hem in België en Italië. De muziek op 'Live In Belgium' is in 2015 opgenomen in Recyclart, Brussel en De Werf, Brugge. Omwille van zijn rauwe energie en de schetsmatigheid in de muzikale patronen kan je Gayle associëren met de free jazz van Albert Ayler. Hoe zuur en verscheurend zijn sax ook kan klinken, er spreekt een persoonlijke blues uit die gepaard gaat met beheersing en hier in het korte 'Tears' figuurlijk diep treft of letterlijk de traanzakjes beroert. De hevige, soms zure oprispingen van Gayle zijn niet alleen de zijne, dit zijn ruwe en gedeelde gevoelens. Gayle, Cabras en Barcella hebben een gezamenlijke drive en de eenheid die zij vormen, de output die ervan komt, maken van deze cd een document dat de catalogus van El Negocito Records werkelijk eer aan doet.

De gouden kaft kan doen denken aan de gouden letters op de zwarte van 'PEN' (Parker, Edwards, Nobels) of het goud op 'Low Level Stink' van Ballister die dit jaar verschenen bij Dropa Disc, een vers Belgisch label. Het gaat ook telkens om trio's met een zeer gedreven saxofonist en opvallend sterk samenspel met en tussen een drummer en een bassist. Deze opnamen zetten heerlijk in de verf hoezeer Gayle, Barcella en Cabras zich in deze setting kunnen uitleven. Je hoort hen op deze 'Live In Belgium' elkaar ook geregeld de ruimte geven, heel expliciet in 'Di Piccola Taglia' dat Barcella met een drumsolo afrondt, waarna 'Sempre' van Cabras helemaal voor de bassist is – of voor een aantal mogelijkheden die de contrabas biedt: donkere klanken en trillende vermogens, in goede handen zowel gestreken als geplukt eindeloos fascinerend. Het moet ook gezegd dat de bassist, die de opnamen, de mix en de mastering verzorgde, erop gelet heeft dat hij niet nodeloos vooraan in het geluidsbeeld zit, zodat ook het schitterende spel van de drummer aldoor opvalt.

Het is eveneens prachtig dat we Gayle aan de piano horen in 'Dimmi', waarop hij in een rotvaart een rollercoaster start, waarbij de contrabas de bochtige rails onder het gestel verzekert en drums en cimbalen de snelle wendingen accentueren. Dit mondt uit in een krachtige drumsolo en een onbegeleid stukje piano om week van te worden, een pakkend slot dat bijblijft en ook bij herhaalde beluistering pakt. Halsoverkop gaat het weer in 'Steps' naar 'Giant Steps' van John Coltrane – anders dan een achtbaan niet binnen een paar minuten rond. Al die onstuimigheid wordt afgesloten met een viertal gevoelige minuutjes, een herneming van 'Tears (La Parola Chiara)', als een fijne ballade met een warme bassolo bij de treurende sax. Gelijk de kers op de taart.

Klik hier om dit album te beluisteren.

Foto: Geert Vandepoele

Labels:

(Danny De Bock, 10.8.17) - [print] - [naar boven]



Festival
Jazz Middelheim 2017 Dag 1


"Jazz Middelheim in het Antwerpse park Den Brandt is zo onderhand een niet te missen stop in het zomerprogramma van de muziekliefhebber. Als u er nog nimmer bij was, heeft u de afgelopen jaren - en zeker ook dit jaar - veel gemist. En dan niet alleen op muzikaal vlak. Ook de kleinschaligheid, de ongedwongen sfeer in het park en het uitstekende eten en drinken maken dit tot een uniek festival."

Ben Taffijn bezocht Jazz Middelheim. Op de eerste dag van het festival zag hij concerten van Antoine Pierre Urbex, True Company #1, Joshua Redman Still Dreaming, Trojan Panda, Charles Lloyd & The Marvels en Jozef Dumoulin & The Red Hill Orchestra.

Klik hier om zijn festivalverslag te lezen.

Cees van de Ven maakte een fotografisch verslag van de eerste dag van Jazz Middelheim 2017, donderdag 3 augustus. Klik hier om zijn foto's te bekijken.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 9.8.17) - [print] - [naar boven]



Cd
Niels Van Heertum - 'JK's Kamer +50.92509° +03.84800°'
 (Granvat, 2017)
Opname: 3 februari 2014

De uit Vlaanderen afkomstige Niels Van Heertum bespeelt het binnen de jazz zeer zeldzame eufonium, een koperen blaasinstrument verwant aan de tuba, maar met een klank in het hogere register. Hij bespeelt eveneens die tuba en weet daarnaast raad met de trompet en de elektronica. Onlangs verscheen er een soloalbum van deze koperblazer als onderdeel van het project JK's Kamer, dat Bert en Stijn Cools, eigenaars van het Granvat-label, vormgeven.

En het stuk mag dan passen in de kamer van Van Heertum in de Thienpontmolen in Oost-Vlaanderen op +50.92509° noorderbreedte en +03.84800° oosterbreedte; de stukken die Van Heertum al improviserend heeft opgenomen hebben stuk voor stuk titels die refereren aan het buitenleven. In die stukken probeert hij de bij de titel passende sfeer te verklanken, wat hem zonder meer goed afgaat.

'Stroom' heet het eerste stuk en je zou zweren dat je op het water zit, terwijl er zo'n grote oceaanstomer voorbijvaart die zijn diepe hoorn laat weerklinken. Alleen hier houdt hij aan. We horen ook het klotsen van het water, middels Van Heertums elektronische snufjes. Ach, dit maakt heerlijk wegdromen wel heel gemakkelijk! Het geluid van de scheepshoorn verwordt in 'Schim' tot een donkere, repeterende, ritmische drone. En in 'Tocht' weet Van Heertum middels het sampelen en bewerken van het geluid van zijn koperen blaasinstrumenten vrij overtuigend het gelijknamige verschijnsel te benaderen, al is het bij deze jongeman wel een behoorlijk stevige bries die de boel in beweging zet. Daarbij speelt de omgeving een belangrijke rol; voor je gevoel staat de blazer - in plaats van in zijn kamer - in een of andere enorme tochtige hal, waar de wind vrij spel heeft.

Afsluiten doen we met 'Zon'. Van Heertum verklankt dit met zinderende muzikale lagen, die hij in de vorm van loops over elkaar heen legt, een eindeloze exercitie als een eindeloos brandende zon. Tot het uitdooft, heel langzaam.

Klik hier om dit album te beluisteren.

Labels:

(Ben Taffijn, 7.8.17) - [print] - [naar boven]



Cd's
Anne Mette Iversen Quartet + 1 – 'Round Trip' (Bjurecords, 2017)

Opname: 16 januari 2016
Anne Mette Iversen – 'Ternion Quartet' (Bjurecords, 2017)

Opname: 9-10 oktober 2016

New York en Berlijn, in beide steden ben ik twee keer geweest, telkens voor een à drie weken. Dus dat ik die steden ken zal ik niet beweren, maar de sfeer heb ik er wel degelijk opgesnoven. Wel, de Berliner Luft beviel een stuk beter dan Autumn (in feite Spring) in New York.

Anne Mette Iversen is een Deense bassiste en componiste die in 1998 naar New York verhuisde en in 2012 terugkeerde naar de Oude Wereld, waar ze zich in Berlijn vestigde. Deze albums zijn opgenomen met haar New Yorkse kwintet ('Quartet + 1') en het Berlijnse Ternion Quartet waarmee ze tegenwoordig optrekt. Het Berlijnse avontuur is levendiger, de muzikanten lijken zich wat vrijer te bewegen, wat meer ongebonden. De risico's die in de Duitse hoofdstad dreigen en genomen worden zijn substantiëler. De afwezigheid van een piano, plus het gegeven dat de stemmen van trombone en alt wat verder uit elkaar liggen dan die van trombone en tenor, geven de muziek meer ademruimte. Van de andere kant kan de piano ook een zinvolle sturende rol hebben. Elk voordeel hep ze voordeel.

Daarbij heeft de bandleider alle stukken op deze albums geschreven. 'Lines & Circles' van de Amerikaanse groep is een soort canon die op een gegeven moment desintegreert, waarbij deeltjes alle kanten op het heelal inschieten – om elkaar uiteindelijk weer te ontmoeten. In 'Wiinstedt’s View' draaien trombonist Peter Dahlgren en tenorist John Ellis als baltsende parelhoenders om elkaar heen. Een bedachtzame pianosolo (Danny Grissett) schuift naar een dito trombonebijdrage.

Iversen gunt zichzelf meer soloruimte in het Ternion Quartet. Daarbij blijft het een bescheiden meid. Ze staat nooit vooraan in het klankbeeld, maar stelt zich tevreden met een traditionele rol als walker – al wordt het lopen regelmatig afgewisseld met een zorgeloze huppel. Wat dat betreft beweegt ze zich een stuk conventioneler dan wanneer ze achter het notenpapier zit.

Goedgebekt zijn haar Berlijnse maatjes, Geoffroy De Masure (trombone), Silke Eberhard (altsax) en Roland Schneider (drums). 'Postludium #2' is een tere ballad, alsof je met warmte en weemoed terugkijkt op een liefdesrelatie die het uiteindelijk toch niet redde.

De uitslag New York-Berlijn is 3-4, als je het aan deze arbiter vraagt.

Klik hier om het album 'Round Trip' te beluisteren. En hier kun je het album 'Ternion Quartet' beluisteren.

Labels:

(Eddy Determeyer, 6.8.17) - [print] - [naar boven]



Scene report
Sterk begin van Jazz Middelheim


De 36e editie van Jazz Middelheim startte donderdag alvast regenvrij met een puik programma vol variatie. Traditiegetrouw werd het festival geopend met de Amerikaanse muziekhistoricus Ashley Kahn, die als eerste in een reeks van vier saxofonist Charles Lloyd aan de tand voelde. De innemende Kahn verstaat de kunst het aanwezige publiek mee te nemen in het verhaal van zijn gast. Lloyd vertelde onder meer over The Marvels, de band met onder andere Bill Frisell waarmee hij later die avond op het hoofdpodium een concert zou gaan geven. "We're commenting on the ecstatics." Het kwintet werd in feite opgebouwd vanuit de drummer, Eric Harland, waarover Lloyd vertelde dat zijn goede vriend Billy Higgins hem daar vlak voor zijn dood op wees: "Master Higgins has sent him." Het gesprek centreerde zich vervolgens op de pianisten waarmee Charles Lloyd heeft gewerkt. "I like pianists who can dance on different shores." Met anekdotes en muziek stond de saxofonist stil bij Phineas Newborn, Gerard Clayton ("He's ready for the journey"), Jason Moran, Bobo Stenson, Keith Jarrett en de onlangs overleden Geri Allen, die vorig jaar nog optrad op Jazz Middelheim en toen ook bij Ashley Kahn in de interviewstoel zat. De Jazztalks zijn kortom een sterk programmaonderdeel, die de bezoekers mooi opwarmen voor wat er muzikaal nog komen gaat.

De Club Stage is ook dit jaar weer de thuisbasis van een aantal specials, waarbij opmerkelijke talenten hun een eigen programma mogen samenstellen. Toetsenist-zonder-grenzen Jozef Dumoulin mocht de debatten openen en deed dat vier spannende en avontuurlijke sets met gedurfde bezettingen en dito instrumentaties. Dan kan het wel eens tegenvallen (Trojan Panda), maar veel vaker is er sprake van verrassend interessante combinaties (Plug and Pray, True Company #1) en soms maak je een puur magistraal concert mee (The Red Hill Orchestra). De komende festivaldagen zullen Chantal Acda, Ruben Machtelinckx en Nicolas Kummert het stokje overnemen van Dumoulin, ongetwijfeld met boeiende resultaten.

Qua bezoekersaantal viel het wat tegen op deze eerste dag. Ondanks een sterke line-up was de grote festivaltent van de Main Stage maar voor de helft gevuld. Terwijl drummer en artist in residence Mark Guiliana met zijn Jazz Quartet al direct een sterk visitekaartje afgaf. Van complexe ritmes naar doorvoelde ballads, vaak rond sterke thema's of licks opgetrokken. Guiliana was de laatste drummer van David Bowie en bracht met diens 'Where Are We Now' een mooi eerbetoon. Drummer Antoine Pierre gaf met zijn uitmuntend bezette band Urbex een mooi en gedifferentieerd beeld van de grootstad. Saxofonist Joshua Redman bracht met zijn pianoloos kwartet een tribute aan Old And New Dreams, het kwartet met zijn vader Dewey dat op zijn beurt een ode was aan het legendarische Ornette Coleman Quartet uit de jaren zestig. Hij deed dat grandioos met een concert waarin alles klopte. De toegift, Ornette Colemans 'Turnaround' in een mooie bluesy uitvoering, was dan ook niet meer dan terecht.

Klara zorgt tijdens het weekend voor live verslaggeving. Presentatoren Lies Steppe, Bart Vanhoudt en Karel Van Keymeulen serveren gesprekken met muzikanten en bezoekers. Alle concerten in het weekend worden rechtstreeks uitgezonden. Je kunt het festival hier volgen.

Labels: , ,

(Maarten van de Ven, 4.8.17) - [print] - [naar boven]



Cd
Oene van Geel- 'Sudoku' (Zennes, 2016)

Opname: 2015

Naar eigen zeggen was altviolist Oene van Geel, die we onder andere kennen van het strijkkwartet Zapp4, al jaren van plan een soloalbum te maken. Het is er van gekomen: vorig jaar zag 'Sudoku' het licht. In een grootverpakking, waardoor de cd beter in de boekenkast past dan in de cd-kast. Leuk om te zien, lastig om op te bergen. Maar goed, dat mag de pret natuurlijk niet drukken.

'Sudoku' is een afwisselend album geworden, wat natuurlijk niet zo vreemd is voor wie Van Geel kent. Zapp4 is immers eveneens van alle markten thuis. Jazz wordt dan ook afgewisseld met oriëntaalse klanken en klassiek met rock, of zoals Van Geel zelf zegt: "Mijn doel was om ieder stuk zijn eigen identiteit mee te geven." In 'Seven Riffs' gaat het er ritmisch aan toe, in 'Polderlucht' poëtisch en verstild, in 'Metro Al Madina' oriëntaals - dat is niet zo vreemd, want Metro al Madina blijkt een club te zijn in Beirut - en in 'Theotuma' rock-georiënteerd. Van Geels altviool klinkt hier, geïnspireerd door gitarist Theo Holsheimer als een elektrische gitaar. Allemaal solostukken, die overigens allesbehalve zo klinken, maar dat komt omdat Van Geel middels loopingtechniek zijn nummers laag voor laag heeft opgebouwd.

Naast vijf solostukken staan er een aantal nummers op het album die Van Geel opnam met gasten, steeds één per nummer. Duosets dus. Met bassist Mark Haanstra, harpiste Miriam Overlach, basklarinettist Oguz Büyükberber en pianist Matteo Mijderwijk. Bijzonder is 'Oleg'. Van Geel werd bij het schrijven van dit nummer geïnspireerd door Oleg Fateev, die de bajan, de Russische variant van de accordeon, bespeelt. Van Geel weet hier de Oost-Europese sfeer prima te vangen in een wat weemoedige melodie, terwijl Haanstra zorgt voor een ritmische begeleiding. 'Dew Drops On A Spider’s Web', dat Van Geel inspeelde met Overlach, is een wonder van subtiliteit en breekbaarheid. Prachtig hoe de klank van de altviool en de harp het vallen van de dauw op het web verklanken. Afsluiten doet Van Geel met het weerbarstige, atonale 'Sculptures', waarin hij samenwerkt met pianist Mijderwijk. De twee cirkelen hier om elkaar heen en spelen zwierige abstracte clusters van noten. Maar enerverend klinkt het, net als de rest van 'Sudoku' overigens.

Klik hier om te luisteren naar dit album.

Labels:

(Ben Taffijn, 2.8.17) - [print] - [naar boven]


Lees verder in het archief...






Menupagina's:

Redactieadres:

Hoekstraat 1 B17
3910 Neerpelt
België
(0032) 11747180
(0032) 498788554

Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken?
Mail de redactie.