Draai om je oren
Jazz en meer - Weblog





 


Concert / Jazztube
In tijgersluipgang over het goede pad

Idema-Degenaar-Itoe-Van Olphen, dinsdag 24 oktober 2017, De Smederij, Groningen

Wanneer je vier tamelijk willekeurige funkjazzmuzikanten bij elkaar zet, hoef je vanzelfsprekend niet automatisch een coherent resultaat te verwachten. Ook niet als het oude rotten in de electrofunk zijn. Welnu, zo oud zijn de leden van het vierspan Idema-Degenaar-Itoe-Van Olphen misschien niet eens. (Rot des te beter.) Maar zonder de ankerfunctie van elektrische bassist Benson Itoe was de uitkomst ongetwijfeld een stuk minder samenhangend geworden. Hij was het wagentje dat rondjes reed over het podium, met een groot bord Follow Me. Itoe is een wezenlijk onderdeel van de constructie. Waar drummer Jeroen van Olphen de neiging heeft met een sluw glimlachje onverzoenlijke beats vast te spijkeren, gaat Benson in soepele tijgersluipgang door de schema's. Met zijn feilloze timing en diepe, diepe bounce speelt hij in deze constellatie voor Jaco Pastorius. Wat de rest van de band ook aan kattenkwaad uithaalde, en 99% is geïmproviseerd, de bassist hield de jongens op het goede pad.

Met zes keyboards kun je nogal wat paadjes bewandelen. Toetsenspelers (nooit toetsenisten zeggen) Felix Degenaar en Diederik Idema speelden om beurten solo- en begeleidingsrollen en soms knalden ze midscheeps op elkaar. Alle denkbare ritmen en kleuren werden uit de kast getrokken, het was dinsdag echt een Holiday for Keys. In 'Cantaloop' speelde Idema de rol van uitdager, maar het mankeert Degenaar niet aan parerende bliepjes en riffjes. Dat neemt niet weg dat Idema, die al meer dan 25 jaar de scepter zwaait over deze genoeglijke wekelijkse vergaderingen, toch nog net iets vrijer en stoutmoediger rondfladderde in 'Softly, As In A Morning Sunrise'. Daarbij bleef de sfeer zeer informeel: "Effe kijken wat ik hiermee ga doen." "Kijk maar." "Wel gezellig, hoor," waarop Idema 'Stella By Starlight' aankondigde. Tijdens het uitgewalste coda leek de energie alleen maar toe te nemen. Als bij de geboorte van een orkaan.

In de Jazztube zie en hoor je een stuk van dit concert. Het kwartet speelt 'Stella By Starlight'.

Labels: ,

(Eddy Determeyer, 31.10.17) - [print] - [naar boven]



Cd's
Frode Gjerstad & Paal Nilssen-Love - 'Nearby Faraway' (PNL, 2017)

Opname: 12 september 2016
Pan-Scan Ensemble - 'Air And Light And Time And Space' (PNL, 2017)
Opname: 20 december 2016

De Noorse slagwerker Paal Nilssen-Love bracht onlangs op zijn eigen PNL-label twee nieuwe albums uit. Samenwerkingen in de vorm van een duet en een nonet. Het eerste vormt Nilssen-Love met rietblazer Frode Gjerstad. 'Nearby Faraway' heet het album. Met het nonet Pan-Scan Ensemble bracht hij het album 'Air And Light And Time And Space' uit.

Gjerstad en Nillsen-Love kennen elkaar nu zo'n 25 jaar, sinds de drummer in 1992 deel ging uitmaken van Gjerstads Circulasione Totale Orchestra. Ze namen samen, in diverse constellaties, inmiddels 26 albums op. Die langdurige samenwerking hoor je in 'Nearby Faraway' goed terug. Het album is daarbij opgedragen aan de 2012 overleden pianist en accordeonist Elvin One Pedersen, die eveneens deel uitmaakte van het Circulasione Totale Orchestra en het Calling Signals Quartet. Met 'Dreams' begint het album direct scherp. Gjerstads altsax klinkt hier tergend, afgeknepen en schril in het hoog, Nilssen-Love speelt een zeer ingetogen ritme van Nilssen-Love. In 'Close By' horen we Gjerstad al even intens op klarinet - je voelt aan alles dat dit slaat op hun wederzijdse vriend Pedersen. In het relatief lange 'Flying Circus' gaat het er heftiger aan toe met Nilssen-Love's rollende en zeer ritmische drumspel. Gjerstad beweegt zich hier op zijn altsax soepel stomend doorheen. Bijzonder is ook 'Mosquito Nest', waarin we Gjerstad op bassax horen, lastig en vasthoudend als een muskiet.

Aan het begin van 'Air And Light', het eerste deel van 'Air And Light And Time And Space', waan je je in een werkplaats vol gehamer en geklop. Het is afkomstig van de beide slagwerkers die het Pan-Scan Ensemble telt: Nilssen-Love en Ståle Liavik Solberg. Een ensemble dat ontstond toen de beide heren eind 2016 een kerstconcert organiseerden. Gaandeweg neemt het tumult toe en voegen de overige musici zich erbij. Musici die we inmiddels kennen van bands als Fire! Orchestra, All Included, Angles 9, Friends & Neighbours and Nilssen-Love's Large Unit. We horen drie vrouwen op saxen: Lotte Anker, Anna Högberg en Julie Kjaer, in Scandinavië is de jazz niet louter een mannenwereld. Drie mannen op trompet: Thomas Johansson, Goran Kajfeš en Emil Standberg, en Sten Sandell op piano. Samen met die twee slagwerkers produceert dit nonet op sommige momenten een overweldigend geluid, terwijl op andere momenten juist de ingetogen klankwereld opvalt.

De blazers ruisen op de achtergrond in 'Time And Space', terwijl Sandell aarzelende noten speelt. En dan klinkt een altsaxsolo als een vogel. Is het Anker, Högberg of Kjaer? Het maakt niet uit, het is mooi. En dan loopt het, voor de tweede keer op dit album, uit in een totale muzikale anarchie. De musici buitelen over elkaar heen. Maar net zo snel als deze fase begon, eindigt hij in een bluesachtige solo van Sandell, gevolgd door een prachtig duet van Kjaer op fuit en Anker op tenorsax. Bijzonder is ook het moment - we lopen inmiddels tegen het einde - waarop Sandell en Nilssen-Love een tranceverhogend ritme erin gooien, waar de blazers in wisselende samenstellingen op reageren, als een druk kwebbelend gezelschap op een kerstfeest.

Labels:

(Ben Taffijn, 30.10.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Carte blanche!

Stevko Busch & Paul van Kemenade / Two Horns And A Bass, donderdag 19 oktober 2017, JazzCase, Dommelhof, Neerpelt

De Nederlandse altsaxofonist Paul van Kemenade, die 40 jaar professioneel muzikant is, streek in Neerpelt neer tussen concerten in China, Polen en Rusland. Deze avond zette JazzCase hem in de kijker met een dubbelprogramma.

In het eerste deel speelde hij met pianist Stevko Busch een aantal composities, waarmee zij samen verschillende richtingen insloegen, te beginnen met een bewerking van Russisch orthodox gezang van Glazunov, gevolgd door een lieflijk, zangerig stuk van de hand van Busch. Een lichte ruis sierde de klank van de sax, die samen met het fijngevoelig toucher van de pianist romantisch en tegelijk beheerst aandeed. Deze elegante aanpak werd gevolgd door een pittig en kleurrijk 'Bramen Plukken In De Bush', een gelegenheidsversie van een compositie opgedragen aan pianist Michiel Braam. Hier kregen we een wandeling langs plekken waar de bessen dik en andere waar ze dun waren, wat verderop leidde tot vermaak in jazz oude stijl.

In de twee volgende nummers werden de registers verder opengetrokken en dat ging een beetje ten koste van de coherentie in de eerste set, maar het publiek bleef geboeid, onder meer door geraffineerd klankenspel van mooie noten gecombineerd met metalige kleppen. Via pathos uit de Lage Landen met zijn tweeën en een versie van Zuid-Afrikaans kabbelen bij 'The Mountain' van Abdullah Ibrahim kwam een einde aan de reeks duetten. De eerste set rondden de muzikanten echt af met bassist Wiro Mahieu erbij. Met zijn expressieve stijl droeg hij bij aan een onverwacht dynamisch slot, waarbij ook het zuiver en juist fluiten van Busch opviel.

Two Horns And A Bass bracht ons na de pauze in een sfeer van berekende kamermuziek in professionele handen. Daarvoor kwam de inspiratie bij de opener weer uit Rusland. 'In A Russian Mood' zette Van Kemenade mooi unisono in met Angelo Verploegen op bugel. Vandaar ging het westwaarts met 'Cool Man Coleman', dat op geacademiseerde, maar leuke en knappe wijze ode bracht aan de harmolodics en de free met invloeden van folk van Ornette Coleman. In de schoonheid van het nummer 'Two Horns And A Bass' leek de bugel natte druppels op ribfluweel te laten vallen. 'Mex', voor de dochter van de saxofonist, volgde als een sierlijk en tegelijk strak wiegelied.

'Mind The Gap' speelde met timing, tellen van stilte en vrije geluiden. Daar kon de bassolo door de mimiek van Mahieu aan de Muppets doen denken, maar achtereenvolgens brachten de sax en de bugel de spanning weer in het gelid. Ook de tweede set eindigde in een toevoeging van een extra muzikant, ditmaal met de terugkeer van de pianist voor "same two horns, same bass - plus different piano". De pianotoetsen gingen, gewild, bijna uit de bocht, op flugel speelde Verploegen zijn fijnste solo van de avond en om te eindigen ging het andermaal langs Zuid-Afrika. Warm en licht, met haast dixielandachtige inslag rondden de muzikanten af.

Klik hier voor foto's van dit concert door Cees van de Ven.

Labels:

(Danny De Bock, 29.10.17) - [print] - [naar boven]



Jazzradio
Jazz Rules #136


'Boggamasta' is het nieuwe album van Flat Earth Society samen met gitarist David Bovée. Het verschijnt eind deze maand bij Igloo Records. In deze aflevering draait Dirk Roels in primeur drie nummers van de nieuwe plaat.

Een dezer dagen verschijnt het gelijknamige album van Kris Defoort's Diving Poet Society bij De Werf Records. De pianist breidde voor deze gelegenheid zijn trio uit met saxofonist Guillaume Orti en de jonge, talentvolle Hongaarse zangeres Veronika Harcsa.

Er is ook een nieuw album van Linus + Okland/Van Heertum/Zach. Dat is de band van onder anderen gitarist Ruben Machtelinckx en rietblazer Thomas Jillings. 'Mono No Aware' is uitgebracht op het label Aspen Edities.

Tenslotte is er ook nog nieuw werk van de Tunesische ud-speler Anouar Brahem, samen met bassist Dave Holland, pianist Django Bates en drummer Jack DeJohnette. En livemuziek vanaf Jazz In 't Park in Gent met het concert van Orchestra Exotica, het septet van Bruno Vansina. Zij brengen exotica muziek van voornamelijk Martin Denny en Les Baxter.

Klik hier om Jazz Rules #136 te beluisteren.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 29.10.17) - [print] - [naar boven]



Cd
Scheen Jazzorkester & Jon Øystein Rosland - 'Tamanoar' (Losen, 2017)

Opname: 27-29 januari 2017

Als componist heeft de Noorse tenorsaxofonist Jon Øystein Rosland een eigen, ja, een eigenzinnige stem. Herhaling, dat wezenselement van jazz, is hem een gruwel. Liever levert hij doorgecomponeerde stukken. In een nummer als 'Latrodectus' gaat hij nog een stapje verder en gebruikt hij cut-up methoden om de contrasten extra contour te geven. De muziek is eerder plechtig en monumentaal dan vrolijk en vrij. Hier en daar een referentie aan een fanfareorkest dat in de pauze een tikje teveel aquavit naar binnen heeft getikt, een, twee fragmenten 'echte' bigbandswing, iets wat een kruising lijkt tussen een jaren veertig-bop ballad en een Mingus-meditatie. Maar onverstoorbaar loopt daar het ritme, als een trein, met bassist Jan Olav Renvag als machinist. Daar kun je de klok op gelijkzetten.

Het album is een abstracte lappendeken van kortstondige kleuren en vliedende vormen en in het openingsnummer 'Snake Oil' hoor je precies hoe die geweven wordt. Uit geïsoleerde noten van basklarinet en fluit, wat vervolgens opgenomen wordt in het orkestrale totaal. Veel wordt aan je eigen verbeelding overgelaten: als een bepaalde frase heel functioneel herhaald of gevarieerd zou kunnen worden, nou, dan doe je het lekker zelf, moet de componist hebben gedacht. Plus dat je op het verkeerde been gezet wordt: 'Wabi Sabi', dat nog bijna feestelijk begint, verliest halverwege toch de eetlust.



Het Jazzorkester bevat eersteklas muzikanten die hun solokwaliteiten volledig in dienst stellen van de architectuur van de composities. Ook Øystein Rosland zelf is slechts kort solistisch aan het woord.

Dit album, dat slechts bij beetjes zijn geheimen en charmes prijsgeeft, besluit met het nummer 'Tamanoar' - dat is een reuzemiereneter, maar dit terzijde. Het begint als koraal, maar mondt uiteindelijk toch uit in iets wat je als montere, om niet te zeggen feestelijke straatmuziek zou kunnen noemen.

Klik hier om het album te beluisteren.

Labels:

(Eddy Determeyer, 28.10.17) - [print] - [naar boven]



Concert
We're not here to entertain!

The Thing, woensdag 18 oktober 2017, Bimhuis, Amsterdam

Kent u dat ongelofelijk irritante geluid van een brandalarm dat afgaat? Die hoge pieptoon die zich blijft herhalen en je het denken onmogelijk maakt? We zijn reeds ver in de tweede set als Mats Gustafsson op zijn tenorsax een soortgelijk geluid produceert. Eén lange, hoge, snerpende toon die hier prima mee geassocieerd kan worden. Het is een van die momenten die dit concert van The Thing, het inmiddels legendarische trio van saxofonist Mats Gustafsson, bassist Ingebrigt Håker Flaten en drummer Paal Nilssen-Love, in het Amsterdamse Bimhuis kenmerken.

De eerste set begint nog relatief rustig, met Gustafsson die lange, verkennende lijnen blaast. Melodieus materiaal afwisselend met rauwere momenten, voorzien van een zekere onrust. Nilssen-Love en Håker Flaten leggen intussen een verdicht ritmisch tapijt. Gaandeweg neemt de intensiteit toe, met name in Gustafssons spel. Alsof hij ons er met de haren bijtrekt. Het kenmerkt de muziek in de eerste set, maar meer nog in de tweede, met dat afgaande alarm als absoluut hoogtepunt. Zoals Gustafsson aan het begin opmerkt, als een statement: "We're not here to entertain!" En daar valt niets tegen in te brengen. De heren spelen met tomeloze energie en excelleren vol overgave in het moment, zichzelf in het zweet werkend. De muziek is heftig, schrijnend, bij tijd en wijlen diepgravend in de ziel, of zoals Gustafsson het noemt: "Fighting Jazz".

Daarbij staat het groepsgeluid voorop; dat The Thing reeds 17 jaar bestaat is te horen. Gelukkig is er tevens voldoende ruimte voor uitmuntende solo's. De eerste zit redelijk vooraan in de eerste set. Håker Flaten speelt hier op contrabas, geleend van Wilbert de Joode. Deels tokkelend, deels met de strijkstok graaft hij diep en creëert een rauwe, bijna pijnlijke werkelijkheid. De tweede is er een van Gustafsson. Het enige moment dat hij zijn sopraansax bespeelt in een enigmatische, alle kanten op stuiterende solo, als een fakir die de weg kwijt is. Zijn solo op tenorsax verderop in de set blinkt uit door het getormenteerde, afgeknepen, ja soms bijna huilende karakter. En zo pijnlijk als het begint, zo lieflijk melodieus eindigt het.

Håker Flaten weet in de tweede set te verrassen met een soulvolle solo op basgitaar (eveneens geleend, maar nu van Jasper Stadhouders). Stomend en ruig, de spetters knallen ervan af. Iets wat eveneens geldt voor de drumsolo van Nilssen-Love. Hij is het type drummer die er altijd nog net een tandje bij kan zetten. Iets wat overigens voor het gehele trio geldt. Aan het eind van de tweede set zie je het aan ze af. De koek is nu op, alles is gegeven. Een toegift zit er dan ook eenvoudig weg niet meer in.

Foto's: Cees van de Ven

Labels: ,

(Ben Taffijn, 27.10.17) - [print] - [naar boven]



Cd
Tim Armacost - 'Time Being' (Whirlwind, 2017)

Opname: 2-3 december 2016

Ooit bestierde ik een 'muziekkafee' waar met enige regelmaat kleine jazz- en improvisatiegroepen optraden. Soms maakte ik daar dan bandopnamen van, die vervolgens in het kafee werden afgespeeld, want het was vaak heel aardig wat daar allemaal gebeurde. Dat ging ook wel eens mis in die zin dat er een tape per ongeluk tweemaal werd gebruikt. Zo legde ik eens het duo Han Bennink-Misha Mengelberg vast op een band, waar ik een paar weken eerder een solo-optreden van bassist Maarten (toen nog van Regteren) Altena op had gezet. Het resultaat was een nimmer gespeeld duet van Van Regteren met Bennink, met op de achtergrond via overspraak nog wat Mengelbergse nootjes. Dat klonk eigenlijk heel fascinerend, die toevallige ontmoeting. Voorspelbare clashes werden afgewisseld met intrigerende, wonderbaarlijke overeenstemmingen, die wel een minuut konden duren.

Iets dergelijks lijkt wel met de laatste track van dit album te zijn gebeurd. Kennelijk was pianist Dave Kikoski slechts op één van de opnamedata aanwezig. In het nummer 'Sculpture#1 Phase Shift' maakt hij zijn opwachting, met een paar aarzelende noten, alsof hij de vleugel even komt keuren. Alsof er ongelukkigerwijs een paar seconden van een ander geluidsspoor in de mix terecht zijn gekomen. Nog sterker speelt dat dus in 'Sculpture#3 All The Things You Could Become In The Large Hadron Collider', waar de pianobijdrage volledig losgezongen lijkt van de groep. Had Kikoski last van een krakkemikkige koptelefoon? Zat er elders een draadje ernstig los?

Terwijl dit toch een heel goed te pruimen album is. Tenorist Tim Armacost steekt zijn affiniteit met de bevrijdingsbeweging in de jazz van de jaren vijftig en zestig niet onder lessenaars of akoestische panelen. De aanwezigheid van de verrukkelijk levendige, flexibele drummer Jeff 'Tain' Watts versterkt de associatie met Sonny Rollins en zijn Philly Joe Jonesen en Shelly Mannes. Ook Armacost beschikt over zo'n gestaalborstelde sound. In 'The Next 20' horen we de echo's van een klassieke Coltrane-ballad, met helemaal op het einde een kort, maar onmiskenbaar Websterzuchtje.

In de helft van de stukken is Kikoski afwezig en dat geeft de muziek meer openheid en vrijheid. Daar kan Watts de tempi naar believen subtiel versnellen en vertragen. In zijn hoofd blijft de beat stevig verankerd; handen en voeten hebben vrij spel. Ook zijn werk op de bekkens is speels en verrassend. Alsof hij danst en slipt en bijna valt. Dat levert spanningen op die de kracht van de muziek ten goede komen. Zoals koolstof op een slimme plek in een ijzerrooster het metaal sterker maakt. Zoals een gekromd oppervlak beter krachten kan opnemen dan een vlak vlak. Zo ongeveer.

Klik hier om het album te beluisteren.

Labels:

(Eddy Determeyer, 25.10.17) - [print] - [naar boven]



Vooruitblik
November Music


November Music, hét festival van Zuid-Nederland, is dit jaar langer dan ooit. Van donderdag 2 november tot en met zondag 12 november biedt het festival een brede waaier aan concerten, muziekvoorstellingen, installaties en wat al niet meer. Voor liefhebbers van hedendaags gecomponeerd, grensverleggende pop, jazz en wereldmuziek is November Music sinds jaar en dag een vaste pleisterplaats in het muziekjaar.

Op de terreinen jazz en wereldmuziek, waarop we ons in deze blog natuurlijk concentreren, valt er ook dit jaar weer veel te genieten. Het absolute hoogtepunt is natuurlijk de komst van niemand minder dan John Zorn. Deze muzikale alleskunner komt op zaterdag 4 november, met een karavaan aan medemusici, naar Den Bosch. Alle facetten van het meesterschap van deze veelzijdige componist en musicus zullen daarbij aan bod komen. Zowel het meer jazz georiënteerde werk als de muziek die meer als hedendaags gecomponeerd gekenschetst kan worden. Zo staan in de Grote Kerk de 'Madrigals', a-capellawerken voor zes vrouwenstemmen, centraal, brengt Nova Express (John Medeski, Kenny Wollesen, Trevor Dunn en Joey Baron) een deel van de zogenoemde 'Bagatelles' en zal Zorn zelf improviseren op het orgel van de Sint-Janskathedraal, waarmee hij een nieuw deel zal toevoegen aan zijn serie 'The Hermetic Organ'.

Een andere vast waarde op het festival is de 'Colours Of Improvisation'-avond in de Verkadefabriek. Dit jaar vindt die plaats op vrijdag 10 november. Allereerst staat hier gitarist Bill Frisell op het programma met zijn 'Music For Strings'-programma. Dit fameuze kwartet bestaat naast Frisell uit cellist Hank Roberts, altviolist Eyvind Kang en violiste Jenny Scheinmann en excelleert in die typische Frisell cross-overstijl waarin jazz, blues, americana en folk op prachtige wijze samenvallen. Ook op die avond een speciaal samengestelde groep onder leiding van pianist Fulco Ottervanger, bekend van De Beren Gieren. Hier komt hij met Valentin Ceccaldi, Morris Kliphuis en Joachim Badenhorst. Dat kan niet anders dan een zeer interessant treffen worden.

Maar er is natuurlijk nog veel meer. Op zondag 5 november kunt u naar het kwartet van de Franse trompettiste Airelle Besson, die op haar laatste album 'Radio One' reeds liet horen van meerdere markten thuis te zijn. Al even eigenzinnig en spannend is het 'Stereography Project' van saxofoniste Marike van Dijk op 7 november, waarin we tevens onder meer Ben van Gelder, Maarten Ornstein, Franz von Chossy en Martijn Vink aantreffen. Bijzonder zal ook zeker het optreden van toetsenist Cory Henry, bekend van Snarky Puppy en zijn eigen band The Funk Apostles, worden met het Metropole Orkest op zaterdag 11 november. Strak geleid vuurwerk zullen we het maar noemen.

Ook de muziekzondag op de laatste dag, 12 november bevat weer een groot aantal interessante acts. We zien uit naar de Noorse tubaïst Daniel Herskedal, met zijn mix van jazz en folk en naar het concert van Sanne Rambags, Jeroen van Vliet en Vincent Courtois. En als u dan nog niet genoeg heeft, bezoekt u dan vooral ook het slotconcert van de veertienkoppige(!) groep Siwan onder leiding van de Noorse pianist Jan Balke. Het oude Al-Andalous, Andalusië in de Moorse tijd, dient daarbij als inspiratie. Verwacht hier dus een ontmoeting tussen oost en west. In barre tijden van polarisatie is dit een prachtige groep om het festival mee af te sluiten.

Klik hier voor meer informatie over November Music 2017.

Foto's: Cees van de Ven

Labels:

(Ben Taffijn, 24.10.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Gruwelijke ontsporingen

Hopscotch, woensdag 18 oktober 2017, Brouwerij Martinus, Groningen

Halverwege de tweede set voegde meisterdrummer Matt Wilson ook twee bierglazen aan zijn arsenaal toe. Hij liet ze tinkelen op de snaar en de tom en demonstreerde dat de hellingshoek van zo'n halfvol glas correspondeert met de aard en de toonhoogte van de geproduceerde klank. Waardoor je je liet verleiden tot theoretische beschouwingen over de veranderende vorm van de resonerende luchtkolom en hoe die het golfpatroon dat door de weerkaatsing ontstaat beïnvloedt, enz. enz. Terwijl je eigenlijk zou moeten denken over die eerste associatie die zojuist opkwam. Dat was een optreden van meisterdrummer Cees See, lang, lang geleden. Die speelde een sprankelende solo op zijn trouwring, terwijl zijn kersverse echtgenote Corry Brokken op de eerste rij zat te smelten – en wij met haar.

Maar goed, daardoor miste ik bijna dat dit trio liedjes speelde die een soort schaduwen of projecties leken van bestaande oude hits. Het drietal had 's middags wat stukken ingestudeerd en die werden er met veel flair en inventiviteit in de Martinus uitgegooid. Vanuit vrije improvisaties groeiden groovy gerechten. Echte liedjes soms, die gaandeweg gruwelijk ontspoorden, om uiteindelijk weer in een (ander) gareel terecht te komen.

Daarbij viel om te beginnen op hoeveel lol Wilson altijd heeft. Wat dat betreft is hij een waardige opvolger van Smilin' Billy Higgins. Ook draait hij er zijn hand niet voor om binnen één maat tweemaal het ritme blijmoedig om te gooien. Dat hij zo vroeg of laat in 'Willie And The Hand Jive' geraakt, zal niemand verbazen. Van zijn sublieme recente album 'Honey And Salt' reciteerde hij 'We Must Be Polite', het lichtelijk absurdistische poëem van Carl Sandburg.

In deze context werkt Giuseppe Doronzo vooral in de bovenste regionen van zijn baritonsax. Het tenorgedeelte, zeg maar. Hij mengde voorbeeldig met het expressieve en soms explosieve gitaargeluid van Jorrit Westerhof. Jorrit verloor ditmaal zijn brilletje niet één keer en brak slechts één snaar. Maar voordat u daar verkeerde conclusies aan verbindt, haast ik mij daaraan toe te voegen dat ik zijn country-and-westernkant zelden eerder zo geprononceerd hoorde. Had die weemoedigheid te maken met de recente brand in zijn huis, waardoor hij alles verloor? Dan ga je wel op de toppen van je zenuwbanen spelen. Als het echt intens wordt, verheft hij zich even van zijn krukje. Klaar voor de duck walk, denk je dan. Maar zover komt het nooit. Dat vind ik dan wel weer sterk.

Klik hier voor foto's van dit concert door Willem Schwertmann.

Labels:

(Eddy Determeyer, 24.10.17) - [print] - [naar boven]



Cd
VEIN - 'VEIN Plays Ravel' (Double Moon, 2017)

Opname: april 2017

Dat het Zwitserse VEIN niet zomaar het zoveelste pianotrio is, bewees het reeds eerder. Op het voorlaatste album 'The Chamber Music Effect' haalden ze hun inspiratie zowel uit de jazz als uit de westerse klassieke muziek en op hun nieuwe cd 'VEIN Plays Ravel' gaan ze daarin nog een stap verder. De drie musici - pianist Michael Arbenz, bassist Thomas Lähns en drummer Florian Arbenz - hebben voor dit album op zeer creatieve wijze de muziek van de Franse componist Maurice Ravel naar jazz vertaald.

Ravel, die leefde van 1875 tot 1937, geldt samen met Claude Debussy als een van Frankrijks grootste vernieuwers van de klassieke muziek aan het eind van de negentiende en het begin van de twintigste eeuw. Naar analogie van schilders als Claude Monet, Pierre-Auguste Renoir en Édouard Manet, die we tot de stroming van het impressionisme rekenen, schilderden deze componisten met klank. Ravel heeft een bescheiden oeuvre nagelaten, waarvan de muziek voor het ballet 'Boléro' natuurlijk verreweg het beroemdst is, vanwege die bedwelmende melodie die eindeloos wordt herhaald, alleen dan door steeds meer instrumenten, tot een daverende climax. VEIN zette het eveneens op de plaat, ruim 17 minuten duurt het, met de Britse saxofonist Andy Sheppard als gastsolist voor de overbekende melodie en een aantal andere gastmusici om het geheel eveneens te laten aanzwellen tot orkestrale proporties. Voegt het wat toe? Jazeker. Ondanks het feit dat de bijna ondraaglijke spanning en die zinderende passie van het origineel hier totaal niet uit de verf komt. Maar dat geeft niet, er komt veel voor terug. Vooral in het tweede deel van het stuk slaagt dit trio plus erin om een nieuwe dimensie toe te voegen.

Er staan meer geslaagde bewerkingen op dit album. De versie die VEIN maakt van 'Le Tombeau De Couperin', oorspronkelijk geschreven voor pianosolo, gaat erin als koek en ook de bewerking van het het bekende ‘Pavane pour une infante défunte’ is de moeite waard. Juist omdat dit trio het aandurft om echt nieuwe versies van deze stukken te maken. Een album dus dat zich bovenal kenmerkt door lef. Je moet het maar durven om zo’n iconisch stuk als de ‘Boléro’ op deze wijze ter hand te nemen. Als het dan ook nog slaagt en daar is zeker sprake van, mag je je als trio op de borst kloppen. Wat ons betreft dus op naar het volgende experiment met de klassieken.

Labels:

(Ben Taffijn, 23.10.17) - [print] - [naar boven]



Vooruitblik
Festivals Jazz International Rotterdam & Nijmegen


In Nijmegen vindt van donderdag 26 tot en met zondag 29 oktober de eerste editie plaats van het Festival Jazz International Nijmegen. Zowel internationale, gerenommeerde jazzmuzikanten als jonge talenten treden die dagen op in De Lindenberg, LUX, Doornroosje, bibliotheek De Mariënburg en BReBL. Het festival is het zusje van Festival Jazz International Rotterdam, dat dit jaar haar zestiende editie beleeft. "In Nijmegen werken we daar ook nauw mee samen. Zo treedt jong talent uit Rotterdam bij ons op en staan straks ook Nijmeegse muzikanten in Rotterdam op de planken," vertelt Michèle Bouwmans, programmeur bij LUX. "Het festival is in Rotterdam al jaren een begrip, met veel grote namen uit de internationale jazz. De bedoeling is dat het dat ook in Nijmegen wordt en we het festival steeds verder ontwikkelen." Het festival opent in ieder geval al meteen met een sterke programmering. Zo treedt het Amerikaanse trio Children Of The Light aan, met pianist Danilo Pérez, bassist John Patitucci en drummer Brian Blade. Ook mooi dat het is gelukt Lee Konitz weer eens naar Nederland te halen; de 90-jarige altsaxofonist, al ruim zeven decennia actief in de jazzscene, sluit het festival zondag af.

Van vrijdag 27 tot en met zondag 29 oktober staat Festival Jazz International Rotterdam in het teken van Scandinavië. De subtitel 'The Nordic' verwijst naar de invloed die Scandinavische muziek heeft op de internationale jazzscene en de samenwerkingen die daaruit ontstaan. In LantarenVenster presenteert het festival vele bijzondere voorbeelden van de verstilde, uitgestrekte klanken en de experimentele, soms absurdistische en surrealistische muziek uit Noorwegen, IJsland, Denemarken, Finland en Zweden. Zo zijn er optredens van het Mathias Eick Quartet, het Bobo Stenson Trio en het septet Rubicon van bassist Mats Eilertsen. Daarnaast staan onder meer op het programma: Joost Lijbaarts 'Under The Surface', met Sanne Rambags en Bram Stadhouders, het JazzArt Orchestra onder leiding van Buma Boy Edgar Prijs-winnaar Martin Fondse met de Syrische zangeres Shaza Hayek, het Rembrandt Frerichs Trio en het Marquis Hill Blacktet.

The Pack Project is een van de uitwisselingsprogramma's voor jong talent tussen Festival Jazz International Rotterdam en Nijmegen. De Rotterdamse bassist Thomas Pol (26) presenteert zijn 'Pack' dus op beide festivals, een exclusieve band die door de bandleider samen met de festivalleiding wordt samengesteld. Aan het project is een compositieopdracht verbonden. Ook het Rembrandt Frerichs Trio, de Britse electro-improv band Strobes en de Codarts Young Talent Bigband & Kathrine Windfeld treden op beide festivals op.

Voor meer informatie over beide festivals: klik hier voor Rotterdam en hier voor Nijmegen.

Foto's: Geert Vandepoele

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 22.10.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Russisch rouleren

Vlad Psaruk Quintet, dinsdag 10 oktober 2017, De Smederij, Groningen

Trombonist Vladislav Psaruk gebruikte in het openingsnummer 'Number One' zijn pianist (Mark Bai), bassist (Patrice Blanchard) en bassist (Erdogan Cem Evin) als ondersteunend orkest voor zijn expressieve solowerk. Piano en gitaar vormden een ruig, dichtbegroeid veld, waar het pittige ritme van drummer Quigue Ramirez dwars doorheen stak. Een echt orkest was het vijftal ook in 'Beatrice', waar elke frase van de leider een echo kreeg van de ritmesectie.

Hoewel Psaruk zich dinsdag relatief rustig hield, kon je onder dat flegma toch een ADHD-inborst bevroeden. Hij weet het gevoel van jaren zestig-jukeboxen feilloos te verbinden met hedendaagse ritmen en drones. Daarbij heeft hij natuurlijk het voordeel, dat de trombone een van de oudste koperinstrumenten is – Vlad kan te kust en te keur gaan. Feestelijk knetteren en diepdroef zuchten, we kregen het allemaal voor onze kiezen.

Het was een avondje Russisch rouleren: ook klarinettist Anton Jakimenko kwam tijdens het sessiegedeelte zijn opwachting maken. Hij is een hard edge blazer en gaat diep door de knieën voor de subtonen. Tony Scott kwam even voorbijpiepen. Jakimenko is zo'n solist van wie je nu al weet dat over een paar jaar iedereen opspringt en gaat schreeuwen wanneer hij soleert.

Pavel Shcherbakov verraste met een custom-built bugel, in de vorm van een cornet. Voorlopig klinkt-ie nog een stuk scheller dan het gangbare model.

Foto: © Steven Sluiter

Labels:

(Eddy Determeyer, 22.10.17) - [print] - [naar boven]



Cd / Jazztube
Ahmad Jamal - 'Marseille' (Jazz Village, 2017)

Opname: juli 2016

Ahmad Jamal, inmiddels 87 jaar, is zonder meer een van de belangrijkste nog levende pianisten. Hij bracht zijn eerste album uit in 1955(!) en musiceert, bijna 65 jaar later, nog steeds op het allerhoogste niveau. Sinds 2008, met 'It’s Magic' doet hij dat met een bijzonder kwartet, waarin naast hemzelf percussionist Manolo Badrena de drijvende kracht is. Het werken met een tweede percussionist naast de ritmetandem van drummer en bassist is beslist een bijzondere. In die ritmesectie waren er wel wat aanpassingen door de jaren. Zo vinden we op 'It’s Magic' Idris Muhammad achter het drumstel, op opvolger 'A Quiet Time' Kenny Washington en vanaf het prachtige 'Blue Moon – The New York Session' Herlin Riley. In de bassisten vinden we minder wisselingen. 'It’s Magic' en 'A Quiet Time' neemt Jamal op met James Cammack, waarna Reginald Veal het stokje overneemt. Tot we uitkomen bij het meest recente album, 'Marseille' [overigens gestoken in een zeer onaantrekkelijke hoes, RED.] waarop Cammack ineens weer van de partij is. Het is een ode geworden aan de Franse havenstad.

Jamals kracht is zijn ongelofelijke pianospel. Zijn timing en zijn frasering zijn inmiddels legendarisch. Zeer beheerst slaagt hij er als geen ander in om met een handvol noten een boeiende muzikale wereld te creëren. En het slagwerk doet de rest. De instrumentale versie van het superieure titelstuk spreekt wat dat betreft boekdelen. Riley trommelt een soort van marsritme, waar Jamal en Bodrena speels op variëren. Een stuk dat zich direct in je hoofd nestelt om daar de eerste tijd niet meer uit te verdwijnen. De gospelklassieker, die nog uit de tijd van de slavernij stamt, 'Sometimes I Feel Like a Motherless Child' krijgt eveneens een zeer opwindende uitvoering met prachtig solospel van Jamal. Een andere standard die Jamal hier afstoft, is 'Autumn Leaves'. Het stuk is zo langzaamaan kapotgespeeld, maar luister naar deze versie en u zult verrast zijn. Puntig, met een latin touch vreet dit kwartet zich erdoorheen, met een glansrol voor Badrena.

Het bijzondere van dit album is dat het eerder genoemde titelstuk er drie keer op staat! Het album opent met de instrumentale versie, verderop vinden we echter nog twee versies met in het Frans gezongen vocalen. In de eerste versie horen we Abd Al Malik en in de tweede Mina Agossi. Het verschil tussen beide versies is groot. Maliks stijl van zingen heeft wel wat van rap, met een flinke dosis dramatiek, terwijl Agossi kiest voor een lyrischer aanpak, ingetogen en met veel oog voor detail.

In de Jazztube zie je het kwartet van Ahmad Jamal in de studio aan het werk. Ze spelen 'Marseille' in de versie met Abd Al Malik.

Labels: ,

(Ben Taffijn, 20.10.17) - [print] - [naar boven]



Nieuws
Doctor Jazz in een nieuwe jas


Doctor Jazz Magazine zit in zijn 55ste jaargang en is daarmee het oudste jazztijdschrift van Nederland. Sinds kort verschijnt het in full colour. Eddy Determeyer, bij lezers van Draai niet onbekend, zwaait er de laatste twee jaar de redactionele scepter. Hij laat weten dat het besluit om over te gaan op kleur vooral een financiële was: de nieuwe drukker blijkt aanmerkelijk goedkoper.

Doctor Jazz werd in 1963 opgericht door een aantal verzamelaars van vooroorlogse 78-toeren jazzplaten. De eerste nummers bevatten dan ook veel discografische informatie. Geleidelijk aan werd het journalistieke karakter versterkt en momenteel is het een tijdschrift dat aandacht besteedt aan alle jazzstijlen van vóór 1960, dus tot aan free en funk. Ook blues en gospelmuziek komen aan bod: zo staat in het laatste nummer de jonge trompettist Gidon Nunes Vaz broederlijk naast de legendarische gospelgroep The Highway QC's.

Naast het periodiek organiseert de stichting Doctor Jazz ook tweejaarlijkse minifestivals in Wageningen met vier bands en een grote platen- en boekenmarkt. Voorts worden cd's uitgebracht met historische opnamen. De nieuwste Doctor Jazz-plaat bevat niet eerder bekende radio- en concertopnamen uit 1944 van het Ramblers Dansorkest. Daaruit valt te concluderen dat dit orkest zich bepaald niet hield aan de door de bezetter opgelegde restricties ten aanzien van swing en solowerk.

Een gratis proefnummer is aan te vragen bij Willem Naujuks, administrateur van de stichting Doctor Jazz, per telefoon (055-5769627) of mail (adminstratie@doctorjazz.nl). Ga voor meer informatie naar www.doctorjazz.nl.

Labels:

(Maarten van de Ven, 19.10.17) - [print] - [naar boven]





Concert
Geen vluchtstrook nodig

Jasper van 't Hof 1/4tet, vrijdag 13 oktober 2017, Paradox, Tilburg

"We gaan direct allemaal naar huis en lullen er niet meer over." Ik citeer pianist Jasper van 't Hof bijna aan het einde van het concert met zijn kwartet. Nou, sta mij toe er toch een paar woorden over te zeggen. Niet te veel, het gaat tenslotte om de muziek, nietwaar? Maar het zou jammer zijn om het niet te doen, het zou er misschien aan bij kunnen dragen dat volgende keer de zaal vol zit. Dat zou mooi zijn, want dat verdient deze groep uitstekende muzikanten namelijk zonder meer. 'No Hard Shoulder' is het prachtige resultaat van jarenlange ervaring en ongebonden eigentijdse vitaliteit.

Hulde voor de (70 jarige!) Van 't Hof dat hij de verbinding zoekt met de jongere generatie musici. Drie generaties zelfs. Het lijkt een belangrijke inspiratie en drijfveer voor zijn muziek. Het leidt in ieder geval tot avontuurlijke gedachtes en originele vondsten in de uitwerking van zijn composities. In zijn spel zoekt Van 't Hof de grenzen op en kleurt graag buiten de lijntjes. Het varieert van zoetgevooisde melodielijnen tot uitzinnige improvisatiesolo's.

De jongste telg van het gezelschap, drummer Jamie Peet, sluit prima aan bij de intenties van de componist, met snelle reacties en onverwachte wendingen. Heerlijk ook om saxofonist Dick de Graaf hier aan het werk te zien. Hij speelt al vele jaren met Van 't Hof samen en de twee begrijpen elkaar dan ook volkomen. Of het nou hartstochtelijke melodieën zijn of boeiende improsolo's, zijn warme toon blijft weldadig om naar te luisteren. Complimenten ook voor Frans van der Hoeven, die hier nog maar eens bewijst dat de (contra)bas echt niet alleen bedoeld is om een boplijn te spelen, maar heel goed kan fluisteren en een mooi lied kan zingen.

'No hard shoulder' is een aanduiding die in Engeland wordt gebruikt als er geen berm of vluchtstrook aanwezig is. Mij dunkt dat uitwijken voor dit kwartet geen optie is. Gewoon de weg volgen en gas erop.

Klik hier voor foto's van dit concert door Donata van de Ven.

Labels:

(Donata van de Ven, 18.10.17) - [print] - [naar boven]



Jazzradio
Jazz Rules #135


Toetsenist Fulco Ottervanger is te gast bij Dirk Roels. Met De Beren Gieren heeft hij een nieuw album uit, 'Dug Out Skyscrapers', waarmee ze heel wat media aandacht halen. Ze toerden er onlangs mee door Groot-Brittannië en in november ook door Vlaanderen. Ottervanger is actief bij Stadt en Beraadslagen. Daarnaast is hij ook stadscomponist in Gent en speelde hij onlangs mee met 1 2 3 Piano, een project met onder anderen Frederik Sioen. Momenteel werkt Fulco aan 'een antwoord op Rachmaninov', een stuk dat ze binnenkort brengen met een symfonisch orkest. En uiteraard brengt hij ook een paar favoriete jazzplaten mee naar de studio.

Verder is er nieuwe muziek van Mazzle, het trio van saxofonist Koen Nys, toetsenist Bram Weijters en drummer Lionel Beuvens en van saxofonist Rudresh Mahanthappa's Indo PAK Coalition.

Klik hier om Jazz Rules #135 te beluisteren.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 17.10.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Even Art Tatum aanraken

Reeds & Beats, zondag 8 oktober 2017, De Hertenkamp, Assen

Is er in Nederland een betere ritmesectie in het pure swinggenre te vinden dan de Beats van Reeds & Beats? Ik waag het te betwijfelen. Harry Kanters, broer Peter Kanters, Eric Heijnsdijk en Dolf Heige, op piano, gitaar, contrabas en drums, werken als een Packard 180. De zes cilinders staan onder toezicht van de gitarist. Hij is een inventieve muzikant, die de versterking op het absolute minimum houdt. Kanters heeft aan loopjes en harmonische invallen geen gebrek, maar zijn belangrijkste functie is toch het steady vasthouden van het ritme.

Is er in Nederland een betere pianist in het pure swinggenre te vinden dan Harry Kanters? Ik zou hem graag horen. Gelijk Eddie Heywood jr. danst hij zorgeloos en soepeltjes door de akkoorden, her en der het tempo à la Erroll Garner even vertragend en elders een Tatumaanloopje nemend. Zijn solofeature 'Tea For Two' begon hij met een bedachtzaam gespeeld verse, dat bedaard overging in het thema, als een slaperig meisje dat zich uitrekte, en geleidelijk versnelde en versnelde en versnelde tot hij bijna Art Tatum anno 1933 aanraakte. Ja, hij kon nog iets sneller, vertelde Kanters, op een echt goeie vleugel met een optimale respons.

De inspiratiebron voor Reeds & Beats was het jaren zeventig-duo Kenny Davern-Bob Wilber, liet leider en rietblazer Michael Funke weten. Doch de groep heeft de geschiedenis verder afgegraasd en is terechtgekomen bij de iconische small combo swing van John Kirby en Eddie Heywood. Roestvrij stalen swing in een fluwelen jasje. Een dergelijk concept stelt hoge eisen aan met name de harmonische intuïtie van de twee (of drie) blazers. Welnu, Eugène de Bruin, die de zieke Marco Kuipers verving en klarinet en alle saxen speelt, bezit (met name op alt) een wonderbaarlijk laag register, rijk en romig, waarmee hij het wat meer agressieve geluid van Funke voorbeeldig aanvult. Alleen in 'The Mooche' wisten de blazers elkaar niet te vinden. Het luistert erg nauw, allemaal.

Voor de swingliefhebbers was het dus een feest der herkenning. Zoals het typische dalende loopje in 'Avalon', dat we van het Benny Goodman Quartet kennen. Of 'Caravan' inzetten en op het moment dat het thema tevoorschijn piept met een "die doen we niet" gelijk doorschakelen naar 'Shine'.

Het was een tikje vreemd, om niet te zeggen vervreemdend om te constateren dat buiten de Packards echt vervangen waren door de Honda's.

Foto: Hans Mijsbergh

Labels:

(Eddy Determeyer, 17.10.17) - [print] - [naar boven]



Cd's
Steve Lehman & Sélébéyone - 'Sélébéyone' (Pi Recordings, 2016)

Opname: 11-12 januari 2016
Steve Coleman's Natal Eclipse - 'Morphogenesis' (Pi Recordings, 2017)
Opname: 23-25 september 2016
Miles Okazaki - 'Trickster' (Pi Recordings, 2017)
Opname: 14-15 januari 2016

Een hoogtepunt van de laatste editie van het North Sea Jazz Festival was zonder meer de carte blanche voor het in New York gevestigde Pi Recordings en de twee breinen hierachter: Seth Rosner en Yulun Wang. Op zondag mochten zij het programma in de Madeirazaal samenstellen. Een reden om in de nasleep van deze dag eens een drietal albums van dit label onder de loep te nemen.

Een van de meest opvallende optredens op die zondag was dat van saxofonist Steve Lehman met zijn Sélébéyone-project. Een live-uitvoering van het nog in 2016 verschenen gelijknamige album. Als geen ander slaagt Lehman erin om daadwerkelijk vernieuwende jazz te brengen. De titel komt uit het Wolof - de taal die in Senegal wordt gesproken - en betekent zoveel als 'kruispunt'. Een woord dat zowel betrekking heeft op het land waarin een veelvoud van culturen samenkomen als op dit album. Lehman ruimt evenveel ruimte in voor avant-garde jazz als voor elektronica en evenveel voor de Afrikaanse muziek als voor hiphop. Reeds in de eerste maten van 'Laamb' komen die werelden op intrigerende wijze samen. We horen spannende elektronica, Gaston Bandimic rappen in het Wolof, HPrizm in het Engels en dan Lehman met een bezwerende melodie op altsax. 'Are You in Peace?' bevat al even aantrekkelijke, relaxte solo's van Lehman en sopraansaxofonist Maciek Lasserre en biedt de ritmesectie, bestaande uit bassist Drew Gress en drummer Damion Reid, alle ruimte voor een moddervet ritme. 'Cognition' laat eveneens prachtig saxspel horen, duo's in het hoog, gevolgd door broeierige rap op een slepend ritme.

Steve Coleman gaf eveneens acte de présence op North Sea Jazz. Van hem verscheen recentelijk 'Morphogenesis'. Waarbij de titel verwijst naar het biologische proces van morfogenese, oftewel het proces dat ervoor zorgt dat een organisme zijn vorm krijgt. Het verwijst naar de wijze van werken die Coleman de laatste jaren volgt en dus ook op dit nieuwe album van het nonet Natal Eclipse: "Where the initial compositional forms are derived from musical figures created spontaneously while visualizing the themes, motions or concepts that I would like to communicate." En ja, het leidt ook hier weer tot composities die te herkennen zijn als die van Steve Coleman. De spannende blazerspartijen, direct al in het tamelijk lange 'Inside Game', het klaterende pianospel van Matt Mitchell, maar ook de abstracte solo van Coleman zelf in 'Pull Counter' en de trompetsolo van Jonathan Finlayson: het duidt allemaal op de hand van de meester. Bijzonder is de rol van zangeres Jen Shyu, wier klanken we heel subtiel op de achtergrond horen, bijvoorbeeld in 'Roll Under And Angles' en 'Shoulder Roll'. Ook in 'Morphing' horen we Shyu uitgebreid, hier in harmonisch samenspel met de blazers. Het eerdergenoemde 'Shoulder Roll' is tevens de moeite waard vanwege de zangerige bassolo van Greg Chudzik.

Recent verscheen er bij Pi Recordings eveneens een album van de bij ons wat minder bekende gitarist Miles Okazaki en zijn kwartet, waarvan pianist Craig Taborn voor ons de meest bekende is. Het album, 'Trickster' genaamd, begint met 'Kudzu' direct ritmisch aanstekelijk en krijgt met 'Mischief' een prima vervolg. Hier valt vooral het verslavend dwingende spel op van drummer Sean Rickman en de wijze waarop Taborn er met zijn lichtvoetige spel omheen danst. In 'Box In A Box' is het Okazaki die excelleert in een pakkende en meeslepende solo, waarin we zowel de jazz als de blues terughoren. Die blues zit ook in 'Eating Earth'. Allereerst in het heerlijke, relaxed vette elektrische basspel van Anthony Tidd, geflankeerd door Rickmans slagwerk en ten tweede in het puntige, weloverwogen pianospel van Taborn. Bijzonder is ook zeker 'The West', waarin de drummer en de gitarist samen de ritmische spanning opzoeken. Miles Okazaki, een naam om te onthouden. En nu maar hopen dat hij eerdaags onze lage landen met een bezoek wil vereren.

Labels:

(Ben Taffijn, 17.10.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Ingetogen vergezichten en hectische gekte

De Beren Gieren, donderdag 28 september 2017, Handelsbeurs, Gent

Het was een week vol Belgische releases, en voor (vermoedelijk) de eerste keer ooit belandde ook het verse Beljazz-aanbod in zowat alle media. Voor ons was het vooral ook uitkijken naar De Beren Gieren, die voor de derde keer in de Handelsbeurs stonden om een album voor te stellen, hun sterkste tot nog toe.

Dat onvermoeibare trio uit het Gentse, waarvan de leden ook nog eens opduiken in uiteenlopende bands als Stadt, Black Flower, Beraadgeslagen, Moker en meer. Pianist Fulco Ottervanger werd intussen ook aangesteld als stadscomponist, maar voorlopig blijft het pantser intact. De Beren Gieren leverde met 'Dug Out Skyscrapers' een bijzonder geslaagd album af, eentje dat uitblinkt in vroegere sterktes, maar nu iets meer de donkerte en elektronica opzoekt. Het concert werd aangegrepen om zowat het hele album binnenstebuiten te keren, al was het duidelijk nog een beetje zoeken voor de muzikanten.

Heel wat nieuwe composities zetten in op (schijnbare) eenvoud en repetitieve ideeën, en baden bovendien in allerhande effecten. Om die allemaal in goede banen te leiden, moest de concentratie bewaard worden, maar het leek wel alsof dat een beetje beslag legde op de flow en spontaniteit van het concert. Hier en daar ontglipte de spanning of intensiteit, waardoor het soms aanvoelde als zoeken. Niets mis mee, ook dat is jazz. En het begon ook allemaal fijn, met een volgorde die een omkering van de albumchronologie suggereerde. 'We Dug Out Skyscrapers' was een onverstoorbare, potige processiegang, met Ottervanger die meteen in de weer was met talloze effecten om de iele, wat afstandelijke sfeer van het album binnen te laten.

Die werd regelmatig onderbroken door meer energieke stukken, waardoor je voortdurend heen en weer gesleurd werd tussen ingetogen muzikale vergezichten vol galm en herhaling ('Distrusters', 'Zeeland') en composities die de deur weer op een kier zetten voor de bekende, hectische gekte, zoals het krachtig botsende 'Weight Of An Image', het mechanisch rollende 'Oude Beren' (dat vergezeld werd door geinige visuals op de centraal opgestelde kubus), waarin Ottervanger ineens enorm herinnerde aan Misha Mengelberg, of 'De Belofte Treurwals', dat eigenlijk een tweeluik werd met een langere aanloop als een klassiek recital en een intens crescendo in de tweede helft.

Met 'Rebel Jazz To Rebel Against' werd even teruggegrepen naar 'One Mirrors Many' (het voelde dan ook anders aan dan al het voorgaande), maar afsluiten gebeurde uiteindelijk met 'Voorlopige Dagen'. Op het album een bezwerende compositie die de poort naar nieuwe oorden helemaal opengooit, maar hier een wat vreemde keuze, omdat het de kloeke set (bijna goed voor anderhalf uur) afrondde met een stuk dat vooral sfeer zette en geen uitroepteken was. Dit was vermoedelijk niet het beste of meest consistente concert dat we van de band zagen, maar ook geen teleurstelling. Het was bovendien nog maar het tweede van een forse reeks, en het zit er dik in dat wat meer concerten voor de nodige extra scherpte zullen zorgen.

Klik hier voor foto's van dit concert door Cees van de Ven.

Verdere concerten van De Beren Gieren in 2017: Bimhuis, Amsterdam (3-11), So What's Next? Festival, Eindhoven (5-11), Rataplan, Borgerhout (16-11), C-mine Cultuurcentrum, Genk (25-11), 30CC, Leuven (29-11), Paradox, Tilburg (15-12), Ancienne Belgique, Brussel (16-12) en De Casino, Sint-Niklaas (21-12).

Deze recensie verscheen ook op Enola.be

Labels:

(Guy Peters, 16.10.17) - [print] - [naar boven]



Cd
Paul Jones - 'Clean' (Outside In Music, 2017)

Opname: 3 juli / 26 september 2017

Dit is muziek die de neiging heeft buiten je hoofd te blijven cirkelen. Of omgekeerd, natuurlijk. Want wat is het? (Je bent toch altijd geneigd, naar handvatten te zoeken, naar ijkpunten, niet?) Een soort van impro-kamermuziek. Om te beginnen.

Toen dit album vaste contouren kreeg in het hoofd van tenorist Paul Jones verbleef hij in het Banff Creative Arts Centre in Alberta, Canada. Hij was daar de enige jazzman, de overigen hadden klassieke achtergronden en oriëntaties. Dus hoe ga je dan je muziek vormgeven? Je wilt toch niet dat die klassieke harken (sorry, klassieke toonkunstenaars) met z'n allen een potje fake-jazz ten beste gaan geven, met van dat stramme gestrompel? Nee, dan geef je die lieden velletjes met duidelijke noten die zo en niet ander gespeeld moeten worden. Zo vult het SNAP Saxophone Quartet en een aantal individuele klassieke interpreten op deze cd zijn vaste sextet aan. Het resultaat verbluft.

Dat Jones in de voorafgaande maanden intensief met het werk van Steve Reich en Phillip Glass (en Kendrick Lamar) in de weer was geweest, hoor je af aan de cyclische structuren. Een soort kamermuziek-met-een-twist. Een hedendaagse reïncarnatie van het Raymond Scott Quintette. Maar nogmaals, de muziek daagt je uit, je vinger er precies op te leggen. Er straalt rijkdom van af, van de sterke melodieën (er is hard en lang op gezwoegd, dat hoor je), van het imposante kleurenpalet – ondanks de afwezigheid van koper en strijkers – met als resultaat iets elegants en intiems. In negen van de veertien tracks speelt de fagot van Nanci Belmont een sleutelrol. Ook zijn eigen sound mag er wezen. Ongetwijfeld mede gevormd tijdens zijn jaren met neo-retro-bluesman Eli 'Paperboy' Reed.

Een geslaagd huwelijk tussen jazz en hedendaagse kamermuziek, laten we het daar maar op houden.

Klik hier om het album te beluisteren.

Labels:

(Eddy Determeyer, 14.10.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Onvoorspelbaar tot de laatste minuut

Carte Blanche Mathias Van de Wiele, zaterdag 7 oktober 2017, Lokerse Jazzklub, Lokeren

De keuze is beperkt als je een vervangend programma in elkaar moet boksen op de dag dat een internationaal gezelschap het wegens overmacht laat afweten. Als je dan ook nog een alternatief wilt dat muzikaal enigszins aansluit bij wat je oorspronkelijk programmeerde - in dit geval het avontuurlijke Fusk met Rudi Mahall - dan wordt de pool om uit te vissen nog meer ingeperkt. Het resultaat van een telefoontje naar gitarist Mathias Van de Wiele, die de uitdaging aannam, was een gelegenheidstrio dat twee sets bij elkaar improviseerde.

Een bestaand project voorschotelen, zoals Wheels of het Yelemani Trio, zat er niet in voor de gitarist, die vooral bekend is van zijn groep Moker. Met trompettist Bart Maris en drummer Giovanni Barcella was het trio dat dan wel in Lokeren aantrad eigenlijk 3/5 van Moker, maar het materiaal van dat project lieten zij links liggen.

Na een eerste, spaarzaam aftastend improvisatierondje zette Giovanni Barcella elektronische extra's in om Afrikaanse percussieklanken bij het spel te betrekken - iets wat hij ook doet in het Yelemani Trio, waarin hij samen met Van de Wiele en Dembélé Burkinese tradities verweeft met uiteenlopende invloeden. Bart Maris begon er niet Afrikaanser door te spelen, maar een inspiratiebron leek aangeboord, want de trompettist en de drummer gingen er in een gedeelde drive vandoor. Geen idee of het was omdat ze Mathias kwijt waren geraakt, maar die versnelling werd niet breed uitgewerkt en de twee vertraagden weer.

Na een lang aangehouden noot die hij bijna had laten uitsterven, werkte Maris met hevige circular breathing naar een eerste hoogtepunt toe, meteen gevolgd door een drumsolo. Op die golven sprong dan ook de gitarist, die gesteund door stevig drumwerk een ruige rocktoer opging. Vanaf dat moment leken ze vertrokken voor een tocht zonder duidelijke route of bestemming, een die weg had van een vaart door woelige wateren. De muziek onderging verscheidene koerswendingen, terwijl nu eens de ene, dan weer de andere het roer in handen nam. Associaties met storm op zee, schuimende golven en het weerkeren van rust schenen volkomen op hun plaats toen ook wind werd nagebootst met bugel, elektronische effecten en althoorn. In een ijle sfeer kon als het ware een verlaten kust opdoemen, een strand dat transformeerde in een maanlandschap, de trip waaierde uit in de ruimte.

Hoewel allesbehalve hapklaar joeg die eerste set geen volk weg en het publiek mocht in de tweede nog een andere gedaante van het gelegenheidstrio meemaken, een die relaxter en vlotter ideeën aan elkaar reeg. Gestart werd met een thema, waaromheen en waarvandaan werd geïmproviseerd. De flow die volgde bleef toegankelijk, in het bijzonder met een korte verwijzing van Van de Wiele naar 'Smoke On The Water' en verderop met een heel vrije benadering van 'Lonely Woman' van Ornette Coleman. Dat mondde uit in een meeslepende jazzrocktrip met een hoog Jimi Hendrix-gehalte.

Het was misschien mooier geweest als de drie muzikanten hun meer gestructureerde aaneenschakeling daarna hadden afgerond en zo, onuitgesproken, tot een vraag om meer hadden uitgenodigd. Maar eentje ging door, Maris nam een draad die uitrafelde nog op en trok het drietal weer mee in vrije impro waar houvast te zoeken was. Het werd een rustige, laatste inspanning van samen vage vormen bij elkaar passen en opletten dat het nergens aanvoelde als een tang op een varken. Of hoe een concertavond van op het laatste moment genoodzaakte veranderingen tot in de laatste minuut onvoorspelbaar bleef.

Klik hier voor foto's van dit concert door Cees van de Ven.

Deze recensie verschijnt ook op Jazz'Halo.

Labels:

(Danny De Bock, 13.10.17) - [print] - [naar boven]



Vooruitblik
Bo van de Graaf viert jubileum met 50 Tinten Jazz


Op zaterdag 14 oktober viert saxofonist Bo van de Graaf zijn veertigjarig jubileum. Dat wordt gevierd met de première van een nieuw minifestival, 50 Tinten Jazz. Het festival is een initiatief van de Nijmeegse saxofonist en zijn ensemble I Compani, in samenwerking met JINJAZZ en Brebl. Voor 50 Tinten Jazz stelde Van de Graaf een programma samen waarin vrijwel uitsluitend duo-optredens van maximaal 20 minuten te horen zijn. Doel is om er een jaarlijks terugkerend festival van te maken.

In Brebl spelen die dag bestaande- en gelegenheidsduo's de meest uiteenlopende avontuurlijke muziek, 50 stukken in het totaal. Alle veertien musici plus danseres hebben relaties met het ensemble I Compani. Naast de jubilaris treden onder meer op Michiel Braam, Frank Nielander, David Kweksilber, Friedmar Hitzer, Fred van Duijnhoven en Arjen Gorter. Muzikaal gezien gaat het alle kanten op: vrije improvisatie, wereldmuziek, gecomponeerde muziek, smartlappen en filmmuziek. De keuze voor deze kleinschaligheid heeft niet alleen een artistiek motief; de teruglopende werkgelegenheid voor grote ensembles (subsidieperikelen) dwong Van de Graaf cum suis tot het maken van nieuwe keuzes. 50 Tinten Jazz is tevens een mooie opmaat voor het festival Jazz International eind oktober.

Op de Nijmeegse website Ugenda vertelt Bo van de Graaf hoe dit nieuwe festival is ontstaan. "In eerste instantie was mijn idee om in Brebl vijftig platen te draaien die mij als muzikant en mens gevormd hebben. Een rijke selectie die gaat van Stravinsky tot Sting. Maar na een tijdje begon het toch weer te borrelen: ik wil zelf ook live mijn saxofoon inzetten! Dat is een grote passie voor mij als muzikant natuurlijk, muziek delen door te spelen. Toen kwamen er al gauw meer mensen bij. Omdat ik altijd samen veel met anderen heb gespeeld vanuit I Compani, was het niet moeilijk om een clubje goede muzikanten te verzamelen. Uiteindelijk ontstond het idee om met verschillende duo's stukken te spelen. We hebben nu een avondvullend programma met reeds bestaande duo's en ook nieuwe combinaties. Allerlei vormen van jazz worden gespeeld, en omdat er in totaal ongeveer 50 stukken gespeeld worden, is het zeker 50 Tinten Jazz!"

Aan het eind van de avond worden er nog twee stukken gespeeld door alle musici samen en daarna draait Bo zijn mooiste dansplaten tot in de kleine uurtjes.

Klik hier voor meer informatie over het programma.

En lees hier een interview met Bo van de Graaf in De Gelderlander van 11 oktober 2017.

Labels: ,

(Maarten van de Ven, 12.10.17) - [print] - [naar boven]



Concert / Jazztube
HOT geeft een nieuwe dimensie aan het kerkorgel

zondag 1 oktober 2017, Abdij van Berne, Heeswijk

Het is een wat ongewone locatie voor een jazzconcert, de kerk van de Abdij van Berne in het Brabantse Heeswijk. De dienstdoende geestelijke leidt deze vreemde eend in de bijt dan ook op gepaste wijze in, het educatieve aspect benadrukkend voor de bezoekers, die normaal gesproken op deze zondagmiddag andere muziek tot zich nemen dan die van HOT. Want daar gaat het hier om: HOT, oftewel Het Orgel Trio, dat enige maanden geleden het hier ook besproken album 'Bird And Beyond' uitbracht. Het begon allemaal met organist Berry van Berkum, die zowel actief is in de rol van jazzmuzikant als in die van kerkorganist. Hij nodigde enige tijd geleden bassist Dion Nijland uit voor een improvisatie en vroeg hem tevens of hij nog een saxofonist kende, waarna Nijland op de proppen kwam met Steven Kamperman. Die impro-sessie smaakte naar meer en HOT was geboren.

Die eerste cd, 'Bird And Beyond' bevatte stukken gebaseerd op het werk van Charlie Parker die, zoals u natuurlijk allemaal weet, als 'Bird' door het leven ging, naar verluid omdat hij verzot was op kip. Een aantal stukken deze middag is dan ook van dit album afkomstig. Zo speelt het trio het vroege 'Red Cross' met Van Berkum op het kleine orgel, gebouwd door de gebroeders Reil in 1981, dat zich op de balustrade achter in de kerk bevindt. Nijland en Kamperman hebben zich hier eveneens gepositioneerd. 'Billy’s Billie’s Bounce' speelt Van Berkum daarentegen op het hoofdorgel, dat van Adema-Schreurs uit 1931, dat met name in de solo een magistraal geluid produceert. Kamperman horen we hier op altklarinet. Hij en Nijland hebben zich nu weer op een andere plaats in de kerk opgesteld. Terwijl Kamperman in 'Yardbird Suite' zich weer door de kerk verplaatst, letterlijk een spoor van geluid achter zich latend. Zo spelen de drie nadrukkelijk met de akoestiek van de kerk. Dat doen ze bij ieder concert, zo vertellen ze me na afloop. Ze zijn dan ook altijd ruim op tijd om alles uit te proberen en het repertoire te kiezen, want het zal u niet verbazen dat lang niet alle composities zich lenen voor het kerkorgel en de gekozen kerken. Met name de galm is een bepalende factor. Ze noemen hun trio niet voor niets 'bijna een kwartet'.

Op dit concert is ook Duke Ellington van de partij, het zou zo maar werk van hun nieuwe album kunnen worden. Ze beginnen hun set ermee, met het uit 1927 stammende 'Black And Tan Fantasy'. Nijlands ingetogen strijkbewegingen, Kampermans klarinet en dan het orgel. Wat een prachtige combinatie, met als hoogtepunt dat moment waarop Kampermans noten boven die van het orgel zweven. Ook 'Heaven' leent zich uitstekend voor deze combinatie. De fluweelzachte, ietwat weemoedige klanken passen perfect bij deze locatie. Maar deze drie musici weten tevens het gevoel en de emotie in dit stuk te vangen. Hetzelfde geldt voor Oscar Petersons 'Hymn Of Freedom'. alsof Peterson deze gospel voor HOT heeft geschreven.

In de Jazztube hierboven zie je een uitvoering van 'Billy’s Billie’s Bounce' door HOT, live opgenomen in het Orgelpark Amsterdam op 19 maart 2016.

Labels: ,

(Ben Taffijn, 11.10.17) - [print] - [naar boven]



Cd's
Heath Watts & Blue Armstrong - 'Bright Yellow With Bass' (Leo, 2017)

Opname: 15 juli 2015
Joëlle Leándre & Théo Ceccaldi - 'Elastic' (Cipsela, 2016)
Opname: 2 oktober 2015
Peter Jacquemyn & Stefan Prins - 'Cloud Chamber' (ChampdAction, 2016)
Opname: 6 juli 2016

De contrabas in de jazz. Vaak speelt hij een redelijk ondergeschikte rol. Draagt hij samen met de drummer bij aan het ritme en mag hij zo nu en dan klaar staan voor een solo. Maar wat als die bas ineens een volwaardiger rol krijgt toebedeeld? Wat als die bas ineens deel uitmaakt van een duobezetting. Drie recente cd's laten horen wat er dan gebeurt. Blue Armstrong speelt samen met sopraansaxofonist Heath Watts, Joëlle Leándre met violist Théo Ceccaldi en Peter Jacquemyn met een op elektronica improviserende Stefan Prins.

'Bright Yellow With Bass' heet het album van Armstrong en Watts. De hoge noten van Watts' sopraansax, het 'bright yellow' contrasteert wondermooi met de donkere structuren van Armstrong. Beiden zijn hier nu niet echt bekende musici en ook de bekende zoekmachines op internet leveren niet veel op. Dat tekent overigens wel Leo Records, dat vaker cd's uitbrengt van musici die niemand kent. Dat wil overigens geenszins zeggen dat dit album niet de moeite waard is. Met name Armstrong valt op met zijn fijne, raspende geluid, zoals in 'Assists'. Opvallend is de rust die dit album, opgenomen in de afgelegen Amerikaanse staat Montana, uitstraalt. De heren nemen heerlijk de tijd om hun weerbarstig poëtische stukken voor het voetlicht te brengen. Een ander hoogtepunt is 'Non-Standard Issue', waarin het geluid van de beide instrumenten op schitterende wijze samenvalt tot één weldadig schurende compositie.

Joëlle Léandre is een totaal ander type bassiste. Zo ongenaakbaar en ongepolijst als Armstrong klinkt, zo verfijnd en delicaat is de stijl van Léandre. De combinatie met violist Ceccaldi is een bijzondere en de vergelijking met hedendaags gecomponeerde muziek, al betreft het hier een volledig geïmproviseerde set, dringt zich continu op. Wat deze twee musici ons hier voorschotelen is rijk gevarieerde, verfijnde muzikale poëzie. Verstild en met een groot oog voor detail. Maar de twee zijn tevens in staat om een soort van dwingende spanning in hun muziek te leggen. Het sterkst komt dat naar voren in het derde en het vijfde stuk van de zes stuken die de genummerde titel 'Elastic' meekregen. Vooral Léandre is daarbij verantwoordelijk te stellen voor dit muzikale effect.

Het meest experimenteel en het meest verrassend is het dubbelalbum van het duo Jacquemyn-Prins, 'Cloud Chamber'. De jazzliefhebbers die Peter Jacquemyn wel kennen - een veel geziene gast op de Belgische podia - maar Stefan Prins minder behoeven zich niet te generen. Laatstgenoemde is allereerst actief als componist, schreef een aantal spraakmakende stukken en behoort inmiddels tot de meest toonaangevende componisten van zijn generatie. Hij zit echter ook zelf nog graag achter de knoppen, getuige zijn aantreden hier. De bas en de elektronica lopen op prachtige wijze in elkaar over in wat toch nog het beste valt te omschrijven als een geluidscollage. De twee trekken daartoe alles uit de kast en vooral Prins blijkt een meester in het creëren van vreemde geluiden. Daarbij gaat het er soms overigens behoorlijk heftig aan toe, zoals in het bijna 20 minuten durende 'Altocumulus Lenticularis Duplicatus'. Jacquemyns voorkeur voor boventonen komt duidelijk tot uiting in 'Nimbostratus Virga', waarin een ingenieuze drone wordt doorsneden met spannende noise, en in het zeer lange 'Radon', dat een groot deel van de tweede cd vult en waarin het duo rond die boventonen een spannend muzikaal landschap creëert. 'Dry Ice' op diezelfde schijf is evenmin te versmaden. Vooral het verstilde begin en eind brengen Jacquemyns vakmanschap ruimschoots voor het voetlicht.

Beluister van Cloud Chamber de albumtrack 'Altostratus Translucidis Undulatus'.

Labels:

(Ben Taffijn, 11.10.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Paul van Kemenade viert een feestje

diverse artiesten, vrijdag 6 oktober 2017, Theaters Tilburg

Paul van Kemenade's 40-jarig jubileum was een ultieme reden om eens flink uit te pakken. In Theaters Tilburg deed hij dat met een muziekmarathon waaraan muzikanten uit verschillende werelden deelnamen. Muzikanten die hij tegenkwam op zijn pad en die hij een plek gunde op zijn podium. Omdat Van Kemenade heel veel leuk vindt en de gunfactor hoog was, nodigde hij veel muzikanten uit. Heel veel muziek dus uit verschillende disciplines, wat wel enige nervositeit teweegbracht bij het enthousiast toegestroomde publiek. Echter, door het strakke speelschema was het bijna onmogelijk om alles te zien en te horen. Want er moest natuurlijk ook ruimschoots bijgekletst worden in de foyer, waar muziekbroeders, vrienden en bekenden elkaar opzochten om het glas te heffen.

Als eerste deelde Van Kemenade het podium met Jasper van 't Hof en slagwerkster Mariá Portugal. Een samenwerking die bij toeval ontstond en uiteindelijk bekroond werd met een mooie, volledig geïmproviseerde cd. Na enige tijd schoven zijn kompanen Angelo Verploegen, Louk Boudesteijn en Wiro Mahieu (Three Horns And A Bass) aan. Prachtige muziek, met een lyrische finish. Hartverwarmend. Een goed begin van een turbulente avond. Dat werd gevolgd door de uitreiking van het eerste exemplaar van de luxe box 'Paul van Kemenade, Master Of Lyric' - uitgebracht met een herdenkingsboek en vier speciaal samengestelde cd's - aan zijn grote inspirator Niko Langenhuijsen. Een bijzonder moment!

Een ander hoogtepunt deze avond was in ieder geval het optreden van pianist Peter Beets met gitarist Stochelo Rosenberg. De spelvreugde spatte ervan af. Met de stevig swingende begeleiding van bassist Frans van Geest en slaggitarist Martin Linberger ontspon zich een virtuoze jazzsolo-competitie tussen Beets en Rosenberg. Op punten leek Beets de overwinning binnen te halen. Zonder overigens Rosenberg tekort te doen overtuigde hij iets meer met briljant technisch uitgevoerde swingende pianosolo's. Kenmerkend van dit optreden was het zichtbare speelplezier van zowel Rosenberg als Beets in een frisse mix van zigeunerswing en hedendaags swingende pianomuziek.

Wat volgde was een dynamisch optreden van saxofonist Soweto Kinch. Kinch wordt een van de meest spannende en veelzijdige jonge muzikanten in de Britse jazz- en hiphopscenes genoemd. Hij speelt energieke, rauwe hotswing, die je in beweging brengt. Ook als MC gooit hij hoge ogen en in zijn rap schuwde hij gevoelige en actuele onderwerpen dan ook niet. Het kostte hem wat kruim, maar hij kreeg er zelfs de verstokte jazzer in mee.

De Russische Maya Fadeeva zorgde voor een mooi intermezzo, samen met haar pianist Sebastian Gahler. Stralende vrouw, sensueel, met een vette stem; warm met een rauw randje. Ik zou graag eens meer van haar willen horen, en dan liefst eigen werk. Want bij haar versie van 'Somewhere Over The Rainbow' en een cover van Michael Jackson raakte ze me kwijt. Jammer, heeft ze helemaal niet nodig. Wordt graag vervolgd dus.

Al met al een enerverende avond. Veel van alles. En ja, er werd wat geklaagd, daar zijn we met zijn allen goed in. Onduidelijkheid over de aanvangstijd, die niet overal eenduidig was. Geen stoelen (staan dus), alleen betalen met pin (foei Theaters Tilburg!), veel gepraat door de muziek heen (het zal ook eens niet). Maar er viel veel moois te zien en te horen. Indrukwekkende verhalen werden verteld, maatschappelijke kwesties bediscussieerd. Wat mij betreft een topavond. Of zoals we in Tilburg zeggen: schon fisje!

Klik hier voor foto's van dit concert door Donata van de Ven.

Labels:

(Donata van de Ven, 10.10.17) - [print] - [naar boven]



Cd
Fred Hersch - 'Open Book' (Palmetto, 2017)

Opname: 1-3 april 2017 / 1 november 2016

In het septembernummer van het Amerikaanse tijdschrift DownBeat staat een interessant artikel over pianist Fred Hersch. Daarin verhaalt hij hoe hij in 2008 uit een coma ontwaakte. Als niet veel meer dan een plantje; alle faculteiten - niet in de laatste plaats zijn piano chops - moest hij moeizaam zien te bevechten. Met als resultaat dat zijn linkerhand veel onafhankelijker werd van zijn rechter, vergeleken met de periode vóór zijn ziekte.

'Open Book' is niet zijn eerste soloplaat: al in de jaren negentig nam hij voor Concord en Nonesuch een aantal albums op zonder vangnet. Trouwens, zijn trioplaten hebben soms ook het karakter van solostukken voor drie spelers. Het grote verschil is dat Hersch solo niet gecommitteerd is aan vaste ritmen. Zoals hij in de liner notes zegt: in de loop der jaren is het solo spelen, zonder van tevoren opgesteld plan of setlist, hem steeds beter gaan bevallen. Piano spelen als direct resultaat van associatief denken en peinzen.

Zo'n spontane instant compositie als 'The Orb', waarmee het album opent, loopt dan ook allerminst op een chaos uit. Er zit daarentegen wel degelijk een soort van vage structuur of zelfs melodie in, herhalingen en permutaties van noten of frasen. Maar dan wel zo verborgen dat je je vinger er niet echt op kunt leggen. Ook Benny Golsons 'Whisper Not' geeft zichzelf eerst na de nodige omtrekkende bewegingen bloot. Tenslotte piept de kiem van de melodie tevoorschijn – maar voor de echte onthulling ben je hier aan het verkeerde adres. Thelonious Monks 'Eronel' daarentegen is vanaf noot één helder en onmiskenbaar.

Zijn lange wandeling 'Through The Forest' - bijna twintig minuten - is de beste illustratie van zijn werkwijze. Ruwweg gezegd kun je stellen dat Hersch zijn materiaal in cellen verdeelt die elkaar opvolgen en afwisselen. Het wonderbaarlijke is dat de improvisatie nergens inzakt. Met dynamische contrasten en accenten weet hij spanning en aandacht vast te houden. Ondoordringbaar struikgewas komen we tegen op onze zwerftocht. En op een open plek in het woud dansen we met Fred een woeste heksendans rond de boleten.

Labels:

(Eddy Determeyer, 8.10.17) - [print] - [naar boven]



Concert
Netjes wachten op groen

Nunes Vaz, Van Ruller & Van der Feen, woensdag 27 september 2017, Brouwerij Martinus, Groningen

Op papier ziet het er wellicht wat onevenwichtig uit, de combinatie trompet-gitaar-contrabas. In de praktijk klonk het trio Nunes Vaz-Van Ruller-Van der Feen hecht en uitgebalanceerd. Op zich dus al een prestatie – helemaal wanneer je bedenkt dat dit een debuut was.

Het jonge trompetfenomeen Gidon Nunes Vaz (26) had qua volume en dynamiek geen problemen met deze snarenspelers. Hij blies trefzeker, ingetogen en warm en met name op bugel liet hij horen dat wijlen Kenny Dorham voor hem een inspiratiebron was en is. Er lagen dan ook een aantal composities van KD op de lessenaars. Maar Nunes Vaz wist ook een bugelgeluid uit zijn trompet te halen, getuige zijn fluwelen en genuanceerde vertolking van 'We’ll Be Together Again'. In dat nummer werden we tevens vergast op een wonderschoon gestreken bassolo van Van der Feen.

Qua structuren heeft de contrabas in dit trio een spilfunctie. Daar geeft hij dan de contouren van aan en zorgt tevens voor de rustpunten. Nestor Van Ruller voelde zich als een vis in dit door guppy's gedomineerde water. Zijn beweeglijke, avontuurlijke solo in Duke Pearsons 'Janine' was een hoogtepunt van de avond.

Ondertussen was het eerlijk gezegd toch wel een braaf stelletje dat nergens buiten de lijntjes kleurde – maar misschien had dat te maken met de prilheid van het concept. Ik zie deze heren nog niet zo gauw door rood rijden. En al helemaal niet zonder achterlichtje.

Klik hier voor foto's van dit concert door Willem Schwertmann.

Labels:

(Eddy Determeyer, 8.10.17) - [print] - [naar boven]


Lees verder in het archief...






Menupagina's:

Redactieadres:

Hoekstraat 1 B17
3910 Neerpelt
België
(0032) 11747180
(0032) 498788554

Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken?
Mail de redactie.