Draai om je oren
Jazz en meer - Weblog





 


Concert
'Hier rijpt den jazz'

Umami Quartet, woensdag 30 maart 2023, Hot Club Gent, Gent

Op de avond dat de Bijloke in Gent volliep voor een concert van de bekende jazzdiva Dianne Reeves, was er in de Hot Club Gent een concert van het Umami Quartet. Ook hier was het 'volle bak', zoals men zegt. Verrassend, opmerkelijk en hoopgevend bestond het publiek overwegend uit jongeren. Sporadisch dat dit elders ook het geval is. Moet je daarvoor misschien toch in Gent zijn, waar jong en oud open staat voor jazz in al zijn verschijningsvormen?

Umami Quartet is de nog weinig bekende formatie van gitarist en componist Bert Coppens, met Seppe De Bleser (altsax), Anton Lambert (bas) en Louis Kubben (drums). Het idioom van het kwartet is postbop-gerelateerd, maar geactualiseerd door dit talentvolle kwartet.

Ze speelden deels standards, zoals 'Tenor Madness' van Sonny Rollins, maar ook 'Zoetzuur' en 'Evenong', origineel werk van Bert Coppens. Pakkende composities, waarmee de kwartetleden door improvisaties de muzikale vormgeving verder gestalte gaven.

Seppe De Bleser is een excellente altsaxofonist met een aangenaam geluid en goedgevulde technische bagage, waarmee hij het publiek verraste. Bert Coppens was letterlijk en figuurlijk enigszins onzichtbaar en bescheiden. Ten onrechte, want het is overduidelijk dat hij als gitarist, maar ook als componist, nog gaat verrassen in de toekomst! Invaller Toon Rumen op bas heeft zich uitstekend van zijn taak gekweten. Hetzelfde geldt voor Louis Kubben, hoewel wat meer aandacht voor de klankkleur en verscheidenheid van zijn drumkit zijn zeggingskracht zeker ten goede zou komen.

Tot slot een compliment aan het betrokken, aandachtige en overwegend jonge publiek dat wist waarvoor het was gekomen naar Hot Club Gent. Immers 'hier rijpt den jazz'.

Klik hier voor foto's van dit concert door Cees van de Ven.

Labels: , , ,

(Cees van de Ven, 18.4.23) - [print] - [naar boven]



Concert
Schrijnend mooie klanken

De Groote/Govaert/Serries/Verhoeven, vrijdag 25 maart 2023, PlusEtage, Baarle-Nassau

Mei vorig jaar hoopte ik trompettist Patrick De Groote weer eens te horen, tijdens het concert dat Dirk Serries organiseerde in Oud Klooster, Brecht, een concert dat inmiddels ook op cd is uitgebracht door Raw Tonk. De Groote was echter ziek. Gelukkig bleek dat deze vrijdag in de PlusEtage niet het geval. Samen met Serries, Martina Verhoeven, in de eerste set op contrabas en in de tweede op piano, en Onno Govaert op drums liet hij horen nog steeds mee te tellen. 

Het is De Groote die mag beginnen, ploppend en sputterend op de bugel brengt hij ons in de stemming. Als de drie andere musici zich erbij voegen krijgt zijn spel massa en gaandeweg groeien de volle klanken uit tot een melodie. Gerichte slagen van Govaert ondersteunen zijn spel en ook Verhoeven en Serries laten zich hier horen. Het is Serries die op enig moment het tempo opschroeft en verderop overschakelt op een krachtige solo. Samen met Verhoeven en Govaert - De Groote neemt even een welverdiende pauze - zetten ze de boel verder op scherp. Prachtig allemaal, maar de ster van vanavond is toch De Groote, met zijn creatieve spel. Wat daarbij helpt is die mooie, warme klank van de bugel, zeker in combinatie met Verhoevens contrabas. En mooi zoals de stomende ritmiek van het trio op menig moment dient als basis voor onverwachts prachtige melodische frases van hem. Mooi klinkt hij op de bugel, mooi ook op de trompet, voorzien van een demper produceert hij een fijnzinnig, wat hoog afgeknepen geluid. En soms een moment van rust, waarbij dit geluid maximaal tot zijn recht komt, schrijnend mooi.

Bijzonder is ook het snarenduet tussen Verhoeven en Serries. Knarsend, knisperend, wringend, aangelengd met Govaerts gong en belletjes. En verderop valt het tumultueuze duet tussen Govaerrt en Serries op. De eerste set eindigt met repetitieve klanken, Verhoeven voorop, geduldig haar patronen strijkend - ze mag hier ook mee eindigen.

De Groote vangt ook de tweede set aan, nu op trompet. Een bijzonder experimentele monoloog volgt. Serries en Govaert brengen er aansluitend vaart in, terwijl Verhoeven hier nu dwingende akkoorden op piano speelt. Al snel raakt het geheel in een stroomversnelling. Dit wordt een stevigere set dan de eerste, zoveel is wel duidelijk, slechts het spel van De Groote geeft houvast. Al kent ook deze set een paar mooie ingetogen passages, creatieve geluidscollages waarbij het louter om klank gaat. Maar de wildkolkende stroom overheerst, met name naar het einde toe. Het maakt het slot des te meer bijzonder: alleen De Groote en Serries blijven over, de trompettist met prachtige slotmaten, terwijl de gitarist mooie accenten plaatst.

Foto's: PlusEtage & Cees van de Ven

Labels: , , , , ,

(Ben Taffijn, 17.4.23) - [print] - [naar boven]



Concert
Wereldmuziek, letterlijk

Trio Ramón Valle-Gerardo Rosales-Mola Sylla, woensdag 29 maart 2023, Brouwerij Martinus, Groningen

'Alle rassen moeten elkaar bespringen!' Dat was het adagium van een oude kameraad, alweer zestig jaar geleden. (Alles is lang geleden.) Het geldt onverminderd. Ongeacht het stupide vluchtelingenbeleid van de laatste vijfentwintig jaar.

Neem uw en mijn eigen jazzmuziek. Die ontstond immers doordat er in het negentiende-eeuwse New Orleans zoveel verschillende culturen aanwezig waren. Afstammelingen van uit West-Afrika geïmporteerde slaven, creolen, Sicilianen, Fransen en Yankees, allemaal droegen ze bij aan de schepping van een nieuwe, revolutionaire dansmuziek die de wereld weldra zou veroveren.

Zo speelden een pianist uit Cuba, een percussionist uit Venezuela en een zanger uit Senegal in de Martinus een aantrekkelijke hybride vorm van Afro-Amerikaanse muziek. Op een heel natuurlijke, ongedwongen en aantrekkelijke wijze.

De primus inter pares is de Cubaanse pianist Ramón Valle. Dat de klassieke muziek de degelijke basis is op de Escuela Nacional de Arte in Havanna hoorde je aan de lange meanderende rapsodische intro's en solo's van Valle. Soms droomde de pianist weg naar tropische sferen en wij met hem. Vervolgens schrokken we collectief wakker van zijn grote dynamiek.

Valle, Gerardo Rosales (percussie) en Mola Sylla (vocals) brachten wereldmuziek in de meest letterlijke zin van dat begrip. Weg met het puriteinse purisme! Ze daagden elkaar daar ritmisch bij uit, doch nimmer ontaardde het in een macho-machtsvertoon.

De grote kalimba (duimpiano) werd door Sylla voornamelijk ingezet voor de ritmische accenten, maar had ook een soort primitieve basfunctie. Opmerkelijk was de afwezigheid van de kenmerkende cyclische vormen. De gospelklassieker 'Nobody Knows The Trouble I've Seen' transformeerde zich tot een Afrikaans zangnummer, 'Goudi', van de hand van de zanger.

Uit de euforische reactie van het publiek kon je afleiden dat de rassen deze avond zeker op de goede weg waren.

Klik hier voor foto's van dit concert door Willem Schwertmann.

Labels: , , , ,

(Eddy Determeyer, 6.4.23) - [print] - [naar boven]



Concert
De cello centraal

Hank Roberts Trio, zondag 26 maart 2023, De Singer, Rijkevorsel

De cello is in de jazz nog altijd een uitzondering, alleen al een reden om dit concert van het trio van Hank Roberts, dat hij vormt met pianist Aruán Ortiz en drummer Matt Wilson, bij te wonen. En zou normaal gesproken Ortiz de leiding nemen van dit alternatieve pianotrio, nu is het Roberts die de melodieën speelt, terwijl we Ortiz en Wilson horen begeleiden in een meer dan bijzonder concert hier in de De Singer.

Slechts vijf stukken speelt het trio tijdens één lange set van rond de anderhalf uur. Stukken die te beschouwen zijn als suites, met sterk van elkaar verschillende delen. Muziek die vaak sterk melodieus is, ritmisch ook, maar waarin de abstractie evenmin wordt geschuwd. Muziek waarin jazz, folk en hedendaags gecomponeerd een vruchtbare relatie met elkaar aangaan en waarin een brug wordt geslagen tussen traditie en vernieuwing. Eigen stukken en twee covers, waaronder 'Evidence' van Thelonious Monk, waar Ortiz' pianospel sowieso wel wat van weg heeft. Maar het is hier Roberts die begint met mooi pizzicato spel. Een wat aarzelend aandoend begin dat even verderop in ritmiek omslaat en nog iets later in regelrechte melancholische strijkbewegingen. Met Ortiz erbij en Wilson en de structuur wordt hoorbaar, waarna Ortiz laat horen wat hij van Monk heeft geleerd. Die prachtige combi van ritmiek en melodie, waar Monk zo beroemd door geworden is, komt hier volledig tot uiting.

Ortiz mag ook beginnen in Roberts' 'Trio 7'. Hoge noten, omgeven door stiltes. Gaandeweg worden het akkoorden, ontstaat er structuur. Een intense melodie volgt. Dit is wat pianospel vermag, tenminste als je dit niveau van spelen beheerst: emoties oproepen bij de luisteraar, beweging creëren. Roberts pakt het over en beschikt over dezelfde kwaliteiten: de meeslepende ritmiek en de onverwachte invloeden van folk fascineren. Terug naar de intensiteit in een mooi klanklandschap. Roberts' krassende bewegingen, Wilsons krachtige slagen en tot slot weer Ortiz' gerichte aanslagen. Folk ook overduidelijk in het al even ritmische 'Princess'. Ook hier kunnen we weer genieten van Roberts' zangerig ritmische pizzicato cellospel. En hier speelt ook de blues een rol, in de onderstroom. Na een daverend en verdiend applaus komen ze terug met Coltranes '26-2'. Bladmuziek is niet langer nodig. Het speelplezier dat de hele avond al opvalt, spat er nu helemaal vanaf, vooral de non-verbale communicatie tussen Ortiz en Wilson is een genot om te zien.

Foto: Ansgar Bolle

Labels: , , , ,

(Ben Taffijn, 3.4.23) - [print] - [naar boven]



Concert
Onderzoekend en kwetsbaar

Melissa Aldana Quartet, vrijdag 24 maart 2023, Paradox, Tilburg

De Chileense Melissa Aldana krijgt de saxofoon bijna met de paplepel ingegoten. Onder invloed van haar vader, saxofonist Marcos Aldana, start ze op haar zesde met saxofoonlessen. Haar ontwikkeling loopt via een uitgestippeld pad waardoor Melissa Aldana in 2009 afstudeert aan de Berklee College of Music in Boston. Vier jaar later wint zij, als eerste vrouw, de pretentieuze Thelonious Monk International Jazz Competition. Inmiddels heeft haar muzikale loopbaan een vlucht genomen. Een wilde greep uit haar carrière: lid van de vrouwenjazzgroep Artemis, een plaatopname met sterzangeres Cecile McClorin Salvant. Maar ook als bandleider brengt zij relatief veel albums uit, waarvan het laatste, '12 Stars', verscheen op het beroemde Blue Note-label.

Opvallend genoeg laat tenorist Melissa Aldana met haar protegé Lage Lund op elektrische gitaar, Pablo Menares op contrabas en Kush Abadey op drums een zeer uitgebalanceerd geluid horen. Nog frappanter is dat Aldana, na haar grote succes met haar 'therapeutische' plaat '12 Stars' veel nieuwe composities laat horen. Aldana maakt er geen geheim van dat Sonny Rollins haar grootste inspiratiebron is. De saxophone collossos heeft bijgedragen aan haar overstap van alt- naar tenorsaxofoon. Ook haar immense werklust toont parallellen met die van Rollins. Als toegift op deze mooie avond speelt ze naar hartenlust Rollins' kraker 'Tenor Madness'.

In de twee sets voorafgaand aan deze jazzklassieker schittert Aldana door haar muzikale variatie. De overkoepelende muzikale expressie kenmerkt zich door integer en uiterst delicaat saxofoonspel. Exemplarisch is de track 'The Bluest Eye', ontleent aan een roman van Toni Morrison. Het kwartet bereikt onder leiding van Aldana een bovenmatig niveau. Na een onstuimige opening op drums ontvouwt zich een vrije compositie met raadselachtige, ritmische veranderingen, natuurlijke muzikale interacties en bovenal energetische saxofoonexercities. Ook in andere, vaak fijngevoelige, stukken is het muzikale gehalte hoog. Hoge en kwetsbare tonen worden opgevolgd door warme en meer urgente lage tonen, introspectie wordt afgewisseld met expressieve passages. Spanning en ontlading zijn haar stijlkenmerken en in haar spel is Aldana onderzoekend, gewaagd en altijd kwetsbaar.

Klik hier voor foto's van dit concert door Louis Obbens.

Labels: , , , , ,

(Louis Obbens, 2.4.23) - [print] - [naar boven]



Concert
De windstreken van Fakrutu

Fakrutu, dinsdag 21 maart 2023, De Smederij, Groningen

Hm. Elektrische gitaar-basgitaar-drums. Dat riekt in eerste instantie naar popmuziek, nietwaar? Inderdaad hoorde je in de verrichtingen van het trio Fakrutu echo's van The Shadows en van Pink Floyd. Het palet van de groep is evenwel aanzienlijk breder. Naast eigen werk werden er stukken gespeeld van Thelonious Monk, Duke Ellington en John Coltrane. En van Maurice Ravel, Igor Strawinski, Bob Marley en Marvin Gaye.

De rol van bassist Sean Fasciani was in eerste instantie een dienende. Maar met zijn diepe tonen liet hij je buik met inhoud stevig resoneren. De samenwerking met de gitaar van Mark Tuinstra was op een paar plekken hallucinant effectief.

Die gitaar was met haar randapparatuur van alle gemakken voorzien. Op de grond lag een batterij machientjes in een halve cirkel te wachten om toe te slaan. Voldoende knopjes, lijkt mij, om een ruimteschip naar Mars te sturen. Het gebruik van loops en distortion gaf nuance aan het gespeelde werk. De associatie met schilderijen die met de voet vervaardigd zijn drong zich op. In dat opzicht is het goed te bedenken dat het fenomeen hondepoep op de stoep verdwenen is. Je moet er niet aan denken dat het eerste wat zo'n gitarist doet wanneer hij (vanuit het verre Groningen) weer thuis is, het met het aardappelschilmesje verwijderen van de aangekoekte restanten.

De rol van drummer Stefan Kruger was zeker zo essentieel. Hij is een baas van de polyritmiek en heeft de neiging ver achter de tel te spelen, waardoor de muziek als voorgespannen beton gaat klinken - maar dan een stuk minder bruut, uiteraard. Kruger dirigeert uiteindelijk de vorm en de ontwikkeling. Wat dat betreft bleek Fakrutu zo rap en onvoorspelbaar als een Transformer.

Op een drietal nummers speelde tamatrommelaar Moussé Paté M'Baye mee. Het was een bewogen eerbetoon aan de in 2020 overleden Malinese gitarist Zoumana 'Zou' Diarra, die jarenlang in en vanuit Groningen actief was en in de muzikantenscene op veel affectie kon rekenen.

Dat het trio uiteindelijk drie sets speelde, in plaats van de gangbare een of twee, zegt wel iets over de appreciatie van het publiek.

Foto: Diederik Idema

Labels: , , , , , ,

(Eddy Determeyer, 31.3.23) - [print] - [naar boven]



Concert
Hoogenergetische muziek voor diehards

KCL Trio: Wayne Krantz - Keith Carlock - Tim Lefebvre, zaterdag 18 maart 2023, Paradox, Tilburg

In een kolkend Paradox zijn de meningen over het optreden van het KCL Trio verdeeld. Over één aspect was men het wel eens: het geluidsniveau ontsteeg in hoge mate de grenzen van het maximaal toegestane 103 decibel. Vele bezoekers en fans waren, door het gebruik van gehoorbeschermers, hiervoor gelukkig gewapend.

In 2009 heeft het trio, in exact dezelfde samenstelling, een intrigerende opname uitgebracht op het label Abstract Logix. Min of meer parallel hieraan resideert het trio jarenlang op de vaste donderdagavond in de 55 Bar in New York. De liveopnames uit deze periode zijn regelmatig online geplaatst. Op grond hiervan verwierf het trio de status van een cultband en werd het een waar underground fenomeen. Omarmd door een trouwe schare, zeer toegewijde fans op zoek naar alternatieve, compromisloze muziek.

Vanwege hun vele muzikale verplichtingen als sidemen verdwijnt de groep in deze samenstelling langzaam naar de achtergrond. De waslijst van muzikanten waarmee Wayne Krantz heeft gespeeld is groot en strekt zich uit van saxofonist David Binney, Chris Potter, Leni Stern en Victor Bailey tot Steely Dan en Donald Fagen. Bassist Tim Lefebvre, co-leader van de formatie Rudder, heeft een prominente rol gespeeld bij de doorbraak van saxofonist Donny McCaslin, was sideman bij pianist Uri Caine en popmuzikanten zoals Elvis Costello en Jamie Cullum. Zeer in het oog springend was zijn rol als bassist bij Bowie's zwanenzang 'Blackstar'. Drummer Keith Carlock bespeelde de drumkit onder andere bij Steely Dan, James Taylor en Sting.

Veel spreekt in het voordeel van dit trio, waaronder de branie en de compromisloze muzikale attitude. Muzikaal balanceert het trio op geheel eigen wijze tussen tock en fusion. Gelardeerd met vleugjes psychedelica en blues en veel ruimte voor gitaarimprovisaties. De nietsontziende rauwheid, onstuimige kracht en opwinding zijn tijdens het optreden de vaste elementen waar gebruik van wordt gemaakt. Gitarist Wayne Krantz toont een breed arsenaal aan gitaarskills. De gebruikte riffs zijn meedogenloos en de overstuurde gitaarlijnen verschroeiend en keihard. Slechts sporadisch wordt de intensiteit een ietsiepietsie teruggeschroefd. Solistische intermezzo's van drummer Carlock en bassist Lefebvre zijn kortdurend en op een hand te tellen. De funk-groove is de dominante factor. Het ritme is slechts mondjesmaat aan verandering onderhevig, waardoor - ondanks het hoogenergetische improvisatiegehalte - het muzikale concept langzaam aan zeggingskracht verliest.

Klik hier voor foto's van dit concert door Louis Obbens.

Labels: , , , , ,

(Louis Obbens, 28.3.23) - [print] - [naar boven]



Concert
Eigen werk eerst

Martinez Brothers, dinsdag 14 maart 2023, De Smederij, Groningen

Wanneer jazzmuzikanten zich vroeger voor aanvang van een optreden even terugtrokken in de keuken van het etablissement (bij ontstentenis van een kleedkamer), wist je wel hoe laat het was. Dan was het tijd om zich een versnapering toe te dienen, zodat iedereen verkwikt aan het werk kon. Ook de Martinez Brothers (voorheen Los Hermanos) zonderden zich aan het begin van de avond even af in de keuken van De Smederij. Doch dat was niet om zich over te geven aan linke vloeistofjes of kwade dampen, maar simpelweg om het repertoire nog even door te nemen.

Dat repertoire bevatte relatief weinig standards en des te meer oorspronkelijke nummers, van eigen makelij of van muzikanten met wie de gebroeders in het verleden opgetreden of getourd hebben. Zo was 'Blues Call' van de hand van Miguel Martinez (alt- en sopraansax) een stuk waarin bassist Jeroen Vierdag dartel kon rondspringen. Vierdag zul je niet gauw betrappen op keurig vier-in-de-maat lopen: hij is eerder iemand die in de openingen van de muziek springt en er net zo makkelijk weer uitwipt.

'II Toro Y La Luna', van de pen van flamenco-jazzpianist Chano Dominguez, bleek een bijzonder fraaie ballad waarin alle bandleden schitterden. Het saxofoonduo met Juan Martinez op baritonsax, doorgaans als tweede stem, kwam mooi uit de verf in de contrapuntische intro van 'A Flower Is A Lovesome Thing'. De Billy Strayhorn-compositie ontvouwde zich als een lieflijke exotische bloem.

Ondertussen was de jeugdige drummer Tim Hennekes een feest om naar te kijken en te luisteren. Hij staat altijd aan, speelt alert en mag een meester van de rimshots genoemd worden. Laat dat gastje maar ratelen.

Foto: Imah Dijkstra

Labels: , , , , , ,

(Eddy Determeyer, 23.3.23) - [print] - [naar boven]



Concert
Yankee stay here!

John Scofield, maandag 6 maart 2023, TivoliVredenburg, Utrecht

Stijf uitverkocht was de Hertz-zaal van TivoliVredenburg deze maandagavond voor het kwartet van gitarist John Scofield.

John Scofield werd als musicus bekend door zijn werk met de Billy Cobham/George Duke-Band. Daarna speelde hij met vele grote namen uit de wereld van de jazz, zoals Charles Mingus, Herbie Hancock, Chick Corea, Joe Henderson, Pat Metheny, Gerry Mulligan, McCoy Tyner, Jim Hall en Chet Baker. Echt grote bekendheid verwierf hij in zijn jaren 1982-85 met Miles Davis. Zijn discografie bevat een flinke lijst, die start in 1977 met 'East Meets West' en gestaag blijft groeien. Ik bewaar nog steeds mooie herinneringen aan zijn concert in het Bimhuis in 2019, toen hij toerde met toetsenist Jon Cleary en een mooi repertoire van New Orleans-standards uitserveerde. Gelukkig is de schitterende ballad 'Talk To Me' die ze toen speelden bewaard gebleven op YouTube.

Nu toert Scofield met zijn kwartet met het programma 'Yankee Go Home'. De titel is bedoeld als verwijzing naar de nummers uit zijn verleden die hem de gitaar deden oppakken. En dus komen we nummers tegen van Gershwin, Bernstein, Grateful Dead en Neil Young, om er een paar te noemen.

Goede wijn behoeft geen krans en dat gold vanavond zeker. De gedrevenheid waarmee Scofield en zijn kompanen op het podium stonden was indrukwekkend. De gitarist is door heel veel stijlen beïnvloed en beheerst ze allemaal zodanig dat hij er met een bluesy rauwe randje altijd zijn eigen onmiskenbare geluid aan mee weet te geven. In een non-stop setlijst kwamen zijn roots op een gevarieerde manier voorbij. Bijna steeds was het thema herkenbaar, maar werd het vervolgens door Scofield en zijn maten met mooi uitgewerkte improvisaties al snel eigengemaakt. Subtiel, funky en vaak met een onmiskenbaar bluesgeluid.

De band stond strak te spelen en iedereen kreeg volop de gelegenheid te soleren. Dat leverde een mooi geschakeerd palet op met menig hoogtepunt. Ritmisch stond het als een huis door de stevige baspartijen van Vicente Archer en het vaak subtiele en soms uitbundige drumwerk van Josh Dion. Dion kreeg ook de kans vocaal te schitteren in het oude Grateful Dead-nummer 'Black Muddy River'. Het publiek reageerde meteen met een heftig applaus. Grateful Dead werd vaker geciteerd, net zoals Neil Youngs 'Only Love Can Break Your Heart'. Ook het legendarische 'Somewhere' van Leonard Bernstein kreeg een mooi uitgewerkte en gevoelige interpretatie, die kippenvel opriep.

Het was mooi om te zien hoe een oude rot als Scofield, met een glanzende carrière en na het voortdurend verkennen van nieuw horizonten, terugkeert naar de muziek waardoor hij lang geleden geïnspireerd raakte. Aan alles was de passie en concentratie van het kwartet af te lezen. De gezichtsuitdrukkingen, de lichaamstaal, de improvisaties en het samenspel. Gelukkig was de titel van het project goed uitgelegd. Ten tijde van de Vietnamoorlog had de kreet Yankee go home een heel andere betekenis. In dit geval zou je bijna zeggen: Yankee stay here or at least come back soon!

Klik hier voor foto's van dit concert door Johan Pape.

Labels: , , , , ,

(Johan Pape, 14.3.23) - [print] - [naar boven]



Concert
Een snare als resonantiemateriaal

Martin Küchen solo / Ocean Eddie feat. Martin Küchen, zaterdag 4 maart 2023, De Singer, Rijkevorsel

Festivals zijn nogal eens de gelegenheid waarop nieuwe samenwerkingen tussen musici ontstaan. Zo ontmoetten de heren van Ocean Eddie, bestaande uit saxofonist Viktor Perdieus, pianist Andreas Bral en accordeonist Stan Maris, op het laatste Summer Bummer Festival de Zweedse rietblazer Martin Küchen. Deze zaterdag stonden ze in De Singer, samenspelend alsof ze het iedere week doen. Het werd voorafgegaan door een eclectisch solo-optreden van Küchen.

De solo-optredens van Küchen veranderen gaandeweg wat van karakter. Solo hoorde ik hem één keer eerder, inmiddels al weer bijna negen jaar geleden in het Antwerpse Zuiderpershuis. Het optreden leunde toen zwaar op elektronica, aangevuld met de tenorsax. De laatste tijd lijkt Küchen echter meer gebruik te maken van de sopraninosax, aangevuld met een keur aan percussie. Wat dat betreft vormt het uit 2021 stammende 'Sängövningar, dat Küchen maakte met gitarist Anders Lindsjö, een mooie aanvulling op dit optreden. Maar ook op het uit 2020 stammende 'One Of The Best Bears!' van The Croaks, waarop Küchen samenspeelt met Martin Klapper en Roger Turner, horen we hem op de sopranino en ook hier gebruikt hij de snaredrum als resonantiemateriaal, waar we hem ook tijdens dit concert uitgebreid mee zien werken. Het maakt het mogelijk om, evenals door het gebruik van diverse dempers, het geluid van dit wonderlijke instrument steeds net even iets anders te laten klinken. Wat daarbij gehandhaafd blijft is het enigszins pregnante, klagelijke geluid van deze saxofoon, goed passend bij de grote mate van emotionaliteit in Küchens spel. Percussie zet hij in als ondersteuning, gebruikmakend van een breed scala aan metalen schaaltjes en natuurlijke producten. En ja, iets verderop in de set komen ook de radiootjes aan bod, die Küchen altijd louter gebruikt voor het creëren van ruis, een drone die dient als onderlegger voor ook hier weer opvallend ingenieus ritmische patronen. Muziek die mede daardoor vaak iets krijgt van een ritueel.

Na de pauze neemt Küchen plaats naast de drie heren van Ocean Eddie. Het is Bral die deze set begint met abstracte noten op de piano, waarna Perdieus volgt op tenorsax. Klanken waar gaandeweg een melodie uitrolt, een frase waarin we Küchen wederom horen op wat percussie, veel is er niet nodig. Als hij later overstapt op de sopranino ontstaat er een ritmische klanksculptuur. Al luisterend naar deze set blijkt dat Bral nogal eens de leiding pakt met vaak onnavolgbare notenclusters, mooi ondersteund door Maris op accordeon, terwijl Perdieus en Küchen hierop variëren. Regelmatig redelijk abstract, maar soms ook uitgroeiend tot een pakkende blues, waarin Küchen excelleert met zijn weinige percussie. En verderop is het Perdieus die het ritme koestert. Blazend zonder veel geluid te maken heeft zijn klank wel wat weg van ouderwetse stoomtrein. Evenmin te versmaden is het duet van Bral met Maris bijna aan het einde van deze set, waarin eveneens het ritme een allesbepalende rol speelt.

Foto's: Jef Vandebroek

Labels: , , , , , ,

(Ben Taffijn, 12.3.23) - [print] - [naar boven]


Lees verder in het archief...








Menupagina's:




Album van de maand:
Dave Douglas
- Transcend
Klik hier voor meer informatie









Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken?
Mail de redactie.