|
Draai om je oren Jazz en meer - Weblog |
|
||
|
| |||
ConcertKamermuziekachtige setting geeft Spinifex nieuwe impuls Spinifex Maxximus, zaterdag 6 december 2025, PlusEtage, Baarle-Nassau In 2005 begonnen Gijs Levelt, Ned McGowan en Tobias Klein het Spinifex Orchestra. Twintig jaar later is het gewoon Spinifex en is alleen Klein van het driemanschap nog aan project verbonden. De band wisselde van samenstelling en bestaat sinds 2010 vooral in een kleinere bezetting, eerst een kwintet en later een sextet. Projecten uit de laatste jaren betroffen 'Bollycore' (2014), 'Maximus' (2015), 'Amphibian Ardour' (2017), 'Soufifex' (2019), 'Beats the Plague' (2021), 'Spinifex Sings' (2022), met als gasten de solisten Björk Nielsdottir en Priya Purushothaman, en nu ligt er het alweer tiende album 'Spinifex Maxximus'. Deze zaterdag speelde de band in de PlusEtage, Baarle-Nassau als laatste stop van een korte jubileumtour.
Waarom Klein en consorten de stukken in een andere volgorde spelen dan ze op de cd staan weet ik niet, maar veel maakt dat natuurlijk niet uit. Hier dus de volgorde van het concert, dat begint met 'Annie Golden' van Maris. We horen Amend met een strijkstok langs de toetsen van haar vibrafoon strijken en de weldadig intieme klanken van het strijktrio. Dan klinken de bassax van Dikeman, zelden te horen in de jazz, en aansluitend de andere blazers. Heuse kamerjazz. Langzaam loopt het tempo op en kruipt de ritmiek naar binnen. In grote lijnen is de muziek natuurlijk hetzelfde op de cd, alleen maakt die overrompelende solo van Dikeman live toch echt meer indruk; daar voel je de spanning in je eigen lijf!
Na de pauze klinkt eerst 'Smitten' van Stadhouders. Een fragiele melodie van de blazers opent het stuk, gevolgd door een wat meer ritmische passage van drums en vibrafoon - het is tenslotte een stuk van Stadhouders - en hectiek van de blazers. Van Almeida klinkt 'The Privilege Of Playing The Wrong Notes', muziek die lange tijd klinkt als een traag stromende rivier met een al even verstilde, ietwat vreemd aandoende passage van het strijkerstrio, maar die tegen het einde opvallend versnelt. We sluiten het concert af met het vrij hectische 'Sack & Ash' van Klein. Een stuk vol contrasten. Zetten de musici het ene moment de zaak behoorlijk op scherp, op andere momenten kiest men voor opvallend fragiele schermutselingen en solo's. De foto's zijn gemaakt tijdens het concert van Spinifex Maxximus op 3 december bij Podium JIN in Nijmegen. Tekst: Ben Taffijn | Foto's: Maarten van de Ven Labels: Bart Maris, concert, Elisabeth Coudoux, Gonçalo Almeida, Jasper Stadhouders, Jessica Pavone, John Dikeman, Phillipp Moser, Salome Amend, Spinifex, Tobias Klein (Ben Taffijn, 15.12.25) - [print]
- [naar boven] Traag maar gestaag blijft trompettist Luís Vicente zich naar de frontlinie van de Europese improvisatie wurmen en het lijkt erop dat de man op een scharniermoment in zijn carrière staat. Niet lang na onder meer een indrukwekkende solorelease en een gelauwerd album met Amerikanen William Parker, Hamid Drake en John Dikeman, staat hij er opnieuw, dit keer met zijn eigen trio. Dat pakt uit met even eenvoudige als efficiënte composities, een knoert van een hart en bakken vrijheid. De voorbije zes à zeven jaar groeide Vicente uit tot een bevlogen en productief muzikant, die nog veel vaker dan de meeste van zijn landgenoten de grens overstak. Dat bracht hem regelmatig in onze contreien, maar ook in het gezelschap van kleppers uit Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en anderen. Zijn eigen werk laat hij nu horen met goed volk aan z'n zijde: de immens productieve en half-Nederlandse bassist Gonçalo Almeida en drummer Pedro Melo Alves, een van de centrale vertegenwoordigers van de generatie Portugese improvisatoren na Vicente en Almeida. Een trompettrio, dat zie je niet zo vaak, dus ergens maakt hij er wel een statement mee, alsof hij wil zeggen dat zijn instrument - net als een sax, piano of gitaar - meer dan voldoende is om een trio aan te voeren en de strijd met een ritmesectie aan te gaan. Vicente mag dan wel de leider zijn, van een scheefgetrokken balans is geen sprake. Ze nemen alle drie het voortouw, doen meer dan zomaar ten dienste staan, houden elk op hun manier de muziek in beweging en in voortdurende transformatie. Vicente zorgde voor het thematisch materiaal, maar dat is summier, een springplank. Dit is geen muziek van de complexe soort, met gedetailleerde arrangementen, maar een evenwicht van houvast en vrijheid. Nauwer verwant aan de (free) jazz dan de meeste van hun andere projecten, maar te grillig om zich te laten labelen.
De titeltrack vormt het hart van het album. Opnieuw mag Almeida de aanzet geven, deze keer met zingende strijkstok, terwijl Vicente zich er zacht murmelend bijvoegt en een vat vol melancholie opent. De manier waarop het stuk na een minuut of drie helemaal openbloeit is van een prachtige, ingetogen schoonheid; muziek die oprijst uit as en iets nieuws introduceert, met een warm gloeiende trompet die zweeft op die diep resonerende ritmesectie. Niet minder dan pakkend, al sluipt er ook hier een spanning in die connectie die de naden van het samenspel test en de sound net niet laat ontsporen. Vicente geeft opnieuw treffende voorbeelden van zijn instrumentbeheersing - virtuoos zonder goedkoop effectbejag, met aan het einde een herneming van het thema. Die twee stukken vormen misschien wel het hart van het album, maar ze worden gecombineerd met nog een paar sterke tracks. 'Keep Looking' gaat vrij van start met korte, grillige statements, maar belandt al snel in een simultaan motief van bas en trompet met een haast komisch effect, alsof de twee samen een trap afdalen. Er wordt een versnelling opgezet, de aanleiding voor Vicente om zijn bereik en technieken uit de doeken te doen, met geschetter, gesputter, geruis en geschraap, terwijl zijn kompanen al net zo ongedurig zoeken en variëren of de boel even overnemen en naar de intense finale sturen.
Anders gezegd: dit is vrijheid met focus en controle. Niet omdat er iets in bedwang gehouden moet worden, maar omdat ze zo goed voorbereid aan de meet komen. Het is net omdat ze zo goed weten wat ze kunnen, wie ze zijn en wat ze te zeggen hebben, dat ze alles zo vrij kunnen omspelen. 'Chanting In The Name Of' is een prachtig staaltje modern samenspel van kerels die voorbestemd zijn om nog veel bijzondere dingen te doen. Pik hier in op een willekeurig moment en je hoort het. Deze recensie verscheen ook op Enola.be | Foto's: Cees van de Ven Labels: cd, Gonçalo Almeida, Luís Vicente, Pedro Melo Alves (Guy Peters, 26.8.21) - [print]
- [naar boven] Lees verder in het archief...
|
Archief
Artikelen Cd-recensies Concertrecensies Colofon Festivalverslagen Interviews Jazz in memoriams
Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken? |