|
Draai om je oren Jazz en meer - Weblog |
|
||
|
| |||
ConcertHoe meer zielen... Undercurrent Trio & Veneman & Niescier, zaterdag 19 september 2026, PlusEtage, Baarle-Nassau Het Undercurrent Trio, bestaande uit rietblazer Iman Spaargaren, gitarist Guillermo Celano en drummer Marcos Baggiani, begint steeds verder uit te dijen. Op het in 2024 bij Zennez Records verschenen 'Cloud Song' kregen ze versterking van trompettiste Susan Veneman en afgelopen maart voegde saxofoniste Angelica Niescier, die recent nog te horen was op Summer Bummer, zich bij het kwartet voor opnames van een later dit jaar te verschijnen nieuw album. Deze zaterdagavond stond het kwintet op het podium van de PlusEtage in Baarle-Nassau, waarbij Baggiani zich liet vervangen door drummer Nitin Parree. Hoe meer zielen, hoe meer vreugd, lijkt Spaargaren te denken ...en gelijk heeft hij! Een belangrijke inspiratiebron voor juist deze blazers ligt in het fameuze sextet – juist, nog eentje erbij dus - van Charles Mingus waarmee hij in mijn geboortejaar, 1964, door Europa toerde. Eric Dolphy op basklarinet, fluit en altsax, Clifford Jordan op tenorsax en Johnny Coles op trompet. Hier dus Spaargaren op klarinet en tenorsax, Niescier op altsax en Veneman op trompet. Alledrie hebben ze hun eigen kenmerkende stijl; wat de een goed ligt, is voor de ander onontgonnen terrein en samen kunnen ze alles. Laat Veneman vooral indrukwekkend harmonieuze partijen blazen, het liefst ook nog vrij ingetogen en laat Niescier knetteren en de chaos opzoeken. Dat terwijl Spaargaren van beide uitersten de eindjes aan elkaar knoopt en zorgt dat we met ons allen de eindstreep halen. Spaargaren, Celano en Baggiani kennen elkaar inmiddels door en door en vormen normaal gesproken dan ook het stevige ankerpunt. Van Parree mag wat normaal gesproken Baggiani doet natuurlijk niet worden verwacht, hij doet meer dan zijn best, is een geweldige drummer, maar gaat soms wel iets teveel zijn eigen weg. We vergeven het hem, het is al mooi dat hij erbij kan zijn.
Twee keer is Spaargaren te horen op klarinet. 'La Tenis De Imanolo' is een cumbia, 'Madrugado En Rio Amizacate' een milonga, beiden Zuid-Amerikaanse dansen. Muziek die zich uitstekend leent voor dit instrument. De soepele lijnen die Spaargaren hier blaast, genesteld in de ritmiek van Celano en Parree, zijn een lust voor het oor. Bijzonder aan die stukken is daarnaast dat ze een geheel andere muzikale sfeer in het concert brengen, waarmee de veelzijdigheid van dit trio plus nog eens wordt benadrukt. Dat bereikt deze bijzondere band eveneens met 'Turning Point' van Jimi Hendrix. Celano mag voor deze ene keer zijn versterker helemaal opendraaien en geniet daar duidelijk van. Parree doet niet voor hem onder en de drie blazers slaan de brug naar de jazz, een mooie manier om een sterk concert krachtig af te sluiten. Tekst: Ben Taffijn | Foto's: Jef Vandebroek Labels: Angelika Niescier, concert, Guillermo Celano, Iman Spaargaren, Marcos Baggiani, Nitin Parree, PlusEtage, Susan Veneman, Undercurrent Trio (Ben Taffijn, 8.10.26) - [print]
- [naar boven] Na het tienjarig jubileum, waarvan ik hier uitgebreid verslag deed, begon deze de elfde editie van het door Sound in Motion georganiseerde Summer Bummer Festival, voor mij inmiddels traditiegetrouw de aftrap van een nieuw concertseizoen. En net als voorgaande jaren slaagden Koen Vandenhoudt en Christel Kumpen er ook dit jaar weer in om ons een aantal bijzondere muzikale gerechten op te dienen, waarbij op die eerste dag de nadruk lag op wat we gemakshalve 'klankkunst' noemen. Vergelijk wat hier gebeurt gerust met abstracte schilderkunst; de gelijkenissen zijn treffend. Dat begon al met het concert van Kabas Sun Dog. Zeker het eerste deel betrof een ingetogen exploratie van het begrip klank. Middels drie gitaren (Louis Evrard, Thijs Troch en Jonathan Horne), elektronica, contrabas (Nils Vermeulen), fluit (Jan Daelman) en altsax (Karen Ng) werd hier een intiem klanklandschap gecreëerd, waarin het goed ronddwalen was. Een groot contrast overigens met het stuwend ritmische tweede deel. Een maalstroom aan klanken trok ons hier mee, klinkend als een bezwerend ritueel. In het solo-optreden van John McCowen, gezeten achter zijn contrabasklarinet lag het accent nog sterker op klankkunst. Hij liet hier uitstekend horen met wat een veelzijdig instrument we hier van doen hebben. Opvallend hoge klanken werden afgewisseld met dusdanig lage dat je ze eerder in je buik voelt dan dat je ze hoort, maar het mooiste waren die knetterharde passages, of er een helikopter overvloog, waarbij ook alles om je heen staat te trillen. DaughterDaughter speelt gecomponeerde muziek, althans aan de standaarden met partituren te zien, al klinkt het vaak eerder als opvallend vrije improvisatie. De muziek raakt dan ook vaak eerder aan hedendaags gecomponeerd dan aan jazz. Met twee saxofonisten, Camila Nebbia en Amalie Dahl, een celliste, Elisabeth Coudoux en Sun-Mi Hong op drums valt verder de originele bezetting op. Een wonderlijke klankwereld creëerden deze dames hier, waarbij met name de duetten cello-drums opvielen. Met name Coudoux is een zeer onorthodox spelende celliste die de meest bijzondere klanken aan haar instrument onttrekt, prachtig en zeer subtiel ondersteund door Hong. Een tweede bijzonderheid was de aanwezigheid op gezette tijden van wonderlijk liefelijke melodieën, op boeiende wijze contrasterend met het verder vrij abstracte klankbeeld. Cath Roberts en Tullis Rennie borduurden op mooie wijze voort op de eerder die middag ingezette lijn. Met een overvloed aan voorwerpen, speeltjes, een paar muziekinstrumenten - waaronder natuurlijk Rennie's trombone - en elektronica klonken ook hier de meest onverwachte klanken.
Het door de Portugese drumster Mariá Portugal opgerichte Erosão Septet is helemaal aan het eind van de eerste dag een construct dat breekt met het voorgaande. Hier is het niet de klankkunst die overheerst, maar de structuur. Portugal presenteert ons een aantal zelfgeschreven stukken die getuigen van groot vernuft, ze studeerde compositie aan het conservatorium, optimaal gebruikmakend van een wel zeer originele line-up. Twee altsaxofonistes, Angelika Niescier en Lotte Anker, waarbij we die laatste ook op sopraansax horen, twee trombonisten, Moritz Wesp en Matthias Müller, een contrabas en een tuba, Reza Askari en Carl Ludwig Hübsch, en tenslotte Portugal zelf achter het drumstel en zingend. Wat hier opvalt is hoe strak er gemusiceerd wordt, hoe groots Portugal gebruik maakt van de diverse klankkleuren, hoe perfect zei de stiltes toepast en hoe zij contrasten in haar muziek aanbrengt, zowel in volume als in dynamiek. Zonder meer het hoogtepunt van een in zijn geheel opvallend sterke dag. Tekst: Ben Taffijn | Foto's: Laurent Orseau Labels: Angelika Niescier, DaughterDaughter, Erosão Septet, festival, Integral, Julien Desprez, Kabas Sun Dog, Lotte Anker, Mariá Portugal, Mike Tony Buck, Sound in Motion, summer bummer (Ben Taffijn, 5.9.26) - [print]
- [naar boven] Festival North Sea Jazz, nog altijd het grootste en belangrijkste jazzfestival van ons land, vormt altijd weer een van de hoogtepunten van een jaar vol muziek. Ook deze editie biedt weer een bijzonder veelzijdige, maar ook overvolle programmering. North Sea Jazz bezoeken is altijd meer niet horen dan wel. Een festival waar tegenwoordig niet alleen de jazzliefhebber zijn hart kan ophalen, maar ook de serieuze popliefhebber genoeg van zijn gading vindt. Ik neem echter graag het laatste woord uiterst serieus en richt mij dus op de 'jazz' en dan met name het wat uitgesprokener soort, al ondersteunen ook hier de uitzonderingen de regel.
Het uit Glasgow afkomstige Corto.Alto bevalt mij dan weer iets minder. Niet dat deze vier Schotten niet weten wat ze doen. Hun muziek op de grens van jazz, funk en dance getuigt zeker van vergaand muzikaal inzicht en vernuft en wat ogenschijnlijk simpel klinkt, blijkt ook nu uiterst complex. En waar vind je een musicus als Liam Shortall, die even gemakkelijk de trombone hanteert als de basgitaar en normaal gesproken er ook de keyboards bij doet, die hij vandaag overlaat aan een al even virtuoos spelende Fergus McCreadle. Waarom ik het dan toch wat tegen vindt vallen is omdat dit kwartet dat ongestructureerde, wat chaotische mist van de vorige twee acts. De rafelrandjes zijn gladgestreken, dat is het. Dat geldt in zekere mate ook voor Al Di Meola en zijn Electric Band, die dit festival voor het laatst in 2002 bezocht. Mijn kennismaking met zijn muziek dateert uit 1980. Het album 'Splendido Hotel' koester ik nog steeds. Maar de geschiedenis gaat verder terug, hij begon zijn carrière als negentienjarige in Chick Corea's Return To Forever. Het eerste nummer dat hij daar leerde was 'Hymn Of The Seventh Galaxy', dat ook tijdens dit concert op het programma staat en verder bestaat uit stukken van zijn nieuwe album '24'. Di Meola is echter nog altijd die perfect spelende gitarist, groots in het neerzetten van sfeerbeelden, middels eindeloos ingewikkeld gitaarspel. Maar echt verrassen doet dit '24' niet meer, daarvoor wijkt Di Meola te weinig af van wat hij al jaren doet.
Foto's: Louis Obbens | Klik hier voor zijn fotoverslag van de eerste dag van North Sea Jazz 2024. Labels: Al Di Meola, Angelika Niescier, Camae Ayewa, festival, Henri Texier, Irreversible Entanglements, North Sea Jazz 2024 (Ben Taffijn, 25.7.24) - [print]
- [naar boven] Middeleeuwse cartografen gebruikten de wending hic svnt dracones (hier bevinden zich draken) om territorium aan te duiden dat nog onontgonnen en dus onbekend was. Het onbekende maakte angstig, maar dat geldt niet voor deze saxofoniste. Als Niescier dit als titel van haar eerste track (11:14!) gebruikt, dan hoor je ook hoe ze het muzikaal universum als een onontgonnen land beschouwt. Zij creëert, zoals Coltrane en Coleman indertijd revolutionair waren, een nieuwe klankruimte. Zij is trouwens met dit muzikaal idioom (als Pools-Duitse) opgegroeid. Wat je te horen krijgt, is een werveling van klanken, expressievlagen, afgewisseld met verstilling, ademend in de sax, soms elegisch ondersteund door cello. De drums van volgen al die ritme- en intensiteitswisselingen moeiteloos, zichzelf integrerend in het enorm complexe palet dat gecreëerd wordt. Dit is muziek die uiterst moeilijk te beschrijven valt. Misschien als een uiterst individuele expressie van een individuele emotie, met invloeden vanuit alle hoeken, idiosyncratisch verwerkt. Zij hebben daarbij geen remmingen, gebruiken alle registers en schakeringen, en drukken op die manier uit hoe getormenteerd en duivels hun innerlijke wereld er uitziet. Voer voor de liefhebbers en doorzetters! Angelika Niescier (altsax), Tomeka Reid (cello), Savannah Harris (drums). Deze recensie verscheen ook in Jazz&Mo' Labels: Angelika Niescier, cd, Savannah Harris, Tomeka Reid (Marc Van de Walle, 31.1.24) - [print]
- [naar boven] Lees verder in het archief...
|
Archief
Artikelen Cd-recensies Concertrecensies Colofon Festivalverslagen Interviews Jazz in memoriams
Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken? |