Draai om je oren
Jazz en meer - Weblog





 




Concert
Lyrisch en melodisch

Olaf Zwetsloot Quartet, zaterdag 21 september 2013, Artishock, Soest

Saxofonist Olaf Zwetsloot is een relatieve nieuwkomer in het Nederlandse jazzwereldje. Hij leidt een internationaal kwartet bestaande uit drie generaties musici, van 25 tot en met 78 jaar oud.

De Amerikaanse drummer Clarence Becton is de nestor van de groep. Gedurende zijn langjarige loopbaan speelde hij met grootheden als Thelonious Monk, Joe Henderson, Woody Shaw en Slide Hampton. De benjamin van de band is pianist Timothy Segond von Banchet. Tussen die twee uitersten bevinden zich Zwetsloot en de Noorse bassist Thomas Winther Andersen. Onlangs heeft dit kwartet zijn debuutalbum 'Shadows' uitgebracht. Het spreekt voor zich dat de muziek en composities van het uitgebrachte album tot het repertoire van de avond behoorden.

In het bijzonder is het lyrische, melodieuze post-hardbop muziek. Muziek die uitstekend past bij de speelwijze van altsaxofonist Olaf Zwetsloot. Zijn klassieke toonvorming correspondeert naadloos met de harmonieuze, melodische composities. Zijn improvisaties sluiten daar passend op aan. Zijn instrumentbeheersing en introverte solo's zijn een afspiegeling van zijn bescheiden en beheerste persoonlijkheid.

Zo klonk dus de muziek en zo speelde ook het kwartet, met uitzondering van pianist Banchet. Hij zorgde voor de broodnodige opwindende momenten, voor de spirit en voor de krachtige, interessante en virtuoze pianopartijen. Jammer dat zijn enthousiaste begeleiding en solo's niet als inspiratie dienden voor zijn medemusici.

Hoewel de prettig in het gehoor liggende muziek van het kwartet bekwaam en beheerst werd uitgevoerd, ontbrak het aan vurige interactie en aan avontuurlijke en verrassende improvisaties.

Klik hier voor een fotoverslag van dit concert door Maarten Jan Rieder.

Labels:

(Jacques Los, 30.9.13) - [print] - [naar boven]



 

Cd / Jazztube
Paul van der Feen - 'Odyssee' (Tree Of Life, 2013)


Paul van der Feen is niet zomaar een rietblazer. Hij is van de jonge jazzgarde en speelt dan toch maar in het Metropole Orkest. Daarnaast speelt hij in het Vintage Jazz Sextet, in het kwartet van zijn bassende broer Clemens en won hij ook nog eens de White Foundation World Sax Competition in London.

Inmiddels is hij leider van het kwartet Odyssee – met gitarist Anton Goudsmit, bassist Clemens van der Feen en drummer Roy Dackus - waarover op zijn website vermeld staat: 'Odyssee is een band die de luisteraar meeneemt op een reis door het hart van een muzikaal universum, waarin ritmiek het schip voort drijft, melodie het ongeveinsde persoonlijke verhaal vertelt en harmonie een goddelijk perspectief verschaft. Bewegend op de groove van een nieuw tijdperk gaat een vastberaden gezelschap op weg in een wereld van klank en expressie op zoek naar een nieuwe betekenis van jazz.'

Dat zou dan hoorbaar moeten zijn op de onlangs uitgebracht cd met dezelfde titel als de naam van de band. Maar helaas, dat valt niet erg mee. Het is een in elkaar geknutseld brouwsel. Middels veel overdubbing, soundscapes en sampling is een product tot stand gebracht, dat gekenschetst kan worden als soft poppy, funky, jazzy easy-listening muziek. Perfect om in te slapen of uitermate geschikt als achtergrondmuziek bij een hippe en trendy receptie in een idem dito etablissement.

Als dit bewegend is 'op de groove van een nieuw tijdperk', dan hoop ik dat tijdperk niet mee te maken. Gelet op het kaliber van de musici van dit kwartet is het toch mogelijk muziek met stevige pit, meer inhoud en avontuur te maken. En Paul, schroom niet lekker te gieren op de sax. Dat kun je namelijk wel.

Bekijk de Jazztube!
Klik op de afbeelding linksboven om Paul van der Feen's Odyssee live aan het werk te zien bij het Radio 6-programma Mijke's Middag. Da's andere koek dan de cd.

Labels: ,

(Jacques Los, 30.9.13) - [print] - [naar boven]





Concert
Alto swingend badje

donderdag 26 september 2013, Jazzcafé Alto, Groningen

"Het voelt hier als in een warm bad," sprak Dick de Graaf waarderend, terwijl hij zijn Chouffe peinzend in het barlicht bezag en zich behaaglijk op zijn kruk schurkte. Boven onze hoofden beukte het Benny Goodman Orchestra zijn Carnegie Hall concert in onze herinnering.

Een half uurtje eerder had de saxofonist de bar bijna (bijna!) op de knieën gekregen met een even genuanceerde als nadrukkelijke uitvoering van 'Chelsea Bridge'. Zo speelt men een ballad, dames en heren.

En zo taai is de bar van Café Alto, het Groninger jazzparadijs dat zijn leven onlangs met een jaar verlengd zag. De opening van het seizoen 2013-14 verliep soepel en was zomaar niet afgelopen. Met ritmische bokkensprongen was De Graaf de avond begonnen, citerend uit Béla Bartóks 'Mikrokosmos'. De voorbeeldige samenwerking tussen bas (Bert van Erk) en drums (Sebastian Demydczuk) was een van de eerste dingen die opvielen en in de loop van de avond alleen maar scherper werd.

In 'Fee Fi Fo Fum' schudde de Rotterdamse saxofonist handen met collega Wayne Shorter, een andere Coltrane-zoon. Zijn toon vertoont, als hij eenmaal op stoom is, fraaie gepolitoerde slijtageplekken. Hij trekt lange lijnen in een compositie als 'Doubtful Sound', een pastoraal thema waarin 'And The Angels Sing' en 'Freedom Jazz Dance' niet voor niets opduiken. Dat het genoemd is naar een betoverend eiland in de buurt van Nieuw Zeeland, opgetrokken uit meren, heuvels en watervallen, verbaast dan ook niet. Vervolgens stampt het gelegenheidstrio een stevige 'It Ain’t Necessarily So' uit de vloer, waarin het combo erin slaagt originele variaties op dit trouw beestje te bedenken en een opwindend coda neer te zetten.

'Con Alma' was een feature voor Van Erk die - een gekneusde rib domweg negerend en een weigerachtig element resoluut tot de orde meppend - een toonbeeld van toon, timing en dynamiek bleef.

Labels:

(Eddy Determeyer, 28.9.13) - [print] - [naar boven]





Jazzvers
Passie

Gepassioneerde tegendraadsheid
Elkaar zoekend en... weer loslatend
in passie overtreffend
kwetsbare gedrevenheid
aanvullend in klankkleur
daarna weer vrijheid zoekend
om toch een vorm
van samenheid te erkennen
toegepaste muzikale creativiteit
subtiele schoonheid in het 'Zijn'

Een gedicht van Anke Wind, geschreven tijdens het concert van Quat op donderdag 19 september 2013 in JazzCase, Dommelhof te Neerpelt.

Klik hier voor een fotoverslag van bovengenoemd concert door Cees van de Ven.

Labels:

(Maarten van de Ven, 26.9.13) - [print] - [naar boven]





Cd
Roy Haynes - 'The Quintessence' (Frémeaux & Associés, 2013)

Opname: 1949-1960

Deze dubbelaar biedt een uitzonderlijk sterke dwarsdoorsnede van het werk van de jonge Roy Haynes. We horen hem als begeleider van prominenten als Charlie Parker, Bud Powell, Sarah Vaughan, Martial Solal, Sonny Rollins, Thelonious Monk en Kenny Burrell, en met eigen formaties. Over een leerschool gesproken! En hij lijkt geen enkele probleem te hebben met de tempi van pianisten als Powell of Solal. Idem dito de calypsoritmes van Rollins – maar wat wil je ook, wanneer je ouders van Barbados komen.

De samenstellers hebben gekozen voor tracks waarop de drummer gefeatured wordt, zodat we horen hoe sterk Haynes in structuren denkt en hoe voorbeeldig hij zijn instrumentarium stemt. Bij Burrell zit hij met zijn bekkens boven en zijn tomtoms onder het gitaargeluid, zodat de solist alle ruimte krijgt. Ook zijn breaks (Parker!) zijn mooi opgebouwd en nimmer voorspelbaar. Hij speelt altijd gefocust en moet oren op steeltjes hebben. Wanneer de opnamekwaliteit dan ook nog eens perfect is, zoals bij de Vogue-sessies met Martial Solal en met zijn eigen sextet, is het feest compleet.

Zo rond 1958 blijkt dat Roy Haynes zijn eigen taal volledig ontwikkeld heeft. Ja, op dit ongelooflijke niveau speelt hij thans, ruim een halve eeuw later, nog steeds! Geen wonder dat hij jaar in jaar uit in Rotterdam op het North Sea Jazz Festival staat. Net als Kenny Burrell, dus.

Labels:

(Eddy Determeyer, 26.9.13) - [print] - [naar boven]





Vooruitblik
Oktober Jazzmaand nieuw leven ingeblazen


In de jaren zeventig en tachtig werden door de SJIN (Stichting Jazz en Geïmproviseerde Muziek in Nederland) Oktober Jazzmaanden georganiseerd. Het was een stichting die het Nederlandse jazzbeleid ontwikkelde en uitvoerde, en daarvoor een stevige pot subsidiegeld ter beschikking had. Hiermee werden zowel muzikanten als podia gesubsidieerd. Midden jaren tachtig waren er dan ook dankzij dat beleid zo'n 220 subsidiabele jazzpodia. Ook de Oktober Jazzmaand was een groot succes. Het aanbod van jazzconcerten in die maand was min of meer verdubbeld. Ook werd er in die maand extra en uitgebreid aandacht aan de jazz in de media besteed. In het eerste jaar van de Oktober Jazzmaand - in 1974 - waren er 140 concerten in Nederland en in het volgende jaar werd dat aantal zelfs verdubbeld.

In Brabant wordt dit jaar de traditie weer opgepakt. In Muziekcentrum De Toonzaal (Den Bosch), in Paradox (Tilburg) en Axesjazzpower (Eindhoven) wordt de maand oktober weer dé jazzmaand en wordt het bomvol met nationale en internationale topjazz op de drie podia. In één maand tijd vinden er 18 concerten plaats in de jazzminded provincie. Nederland telt twaalf provincies. Dan moet het mogelijk zijn volgend jaar landelijk een Oktober Jazzmaand te hebben met circa 200 concerten (12 x 18). Niet dan?

Maar goed, eerst dan maar Brabant. In Paradox vinden 11 concerten plaats met onder andere Lily's Déjà Vu (het nieuwe project van saxofoniste Ingrid Laubrock), Mete Erker, Nils Wogram, Paul van Kemenade in diverse formaties, het altijd verrassende I Compani van Bo van de Graaf, het jonge Amerikaanse kwintet Kneebody, de IJslandse groep Mógil en de Fonda Stevens Group uit de VS. In de Toonzaal spelen onder meer de Houdini's, de Ploctones en Eric Vloeimans met Oliver's Cinema. In café Wilhelmina voor Axesjazzpower zijn Lily's Déjà Vu, Uri Caine & Han Bennink en Mógil te beluisteren. Aldus, niet gering wat er in Brabant gaande is!

Meer weten?
Kijk op de websites van De Toonzaal, Paradox en Axesjazzpower voor de actuele jazzprogrammering van deze podia.

Labels:

(Jacques Los, 25.9.13) - [print] - [naar boven]





Concert
Tumult Extravaganza!

vrijdag 6 september 2013, Bimhuis, Amsterdam

"EKE is een band waarmee je volk uit diverse niches op het verkeerde been kan zetten en bekoren. De liefhebbers van de vrije improvisatie worden op hun wenken bediend met onvoorspelbaarheid, die van de elektro-akoestische experimenten met onalledaagse klanken en de lawaaijunks kregen naar het einde van de set dan weer een vriendelijke kopstoot in de vorm van een behoorlijk heftige noise-uitbarsting."

De vier bands op Tumult Extravaganza, de seizoensouverture van het Bimhuis, vertegenwoordigen de jongste generatie improviserende musici in Amsterdam. Ontstaan op undergroundpodia als Zaal 100 en OT301 bundelen zij hun krachten in Tumult.
Guy Peters bezocht deze avond en zag optredens van The Ambush Party, EKE, PumpOrgan en Knalpot.

Klik hier om zijn concertverslag te lezen.

Labels:

(Maarten van de Ven, 23.9.13) - [print] - [naar boven]





The Jazztube
'Giant Steps' noot voor noot


In een bijdrage over free jazz in de bundel '
Hier word je slimmer van' schrijft redacteur Andrian Kreye van de Süddeutsche Zeitung over de genialiteit van John Coltrane. 'Giant Steps' uit 1960 bevat volgens de auteur 'de meest ingenieuze jazzsolo allertijden (...) een tour de force door een snelle opeenvolging van akkoorden'.

Om dat visueel te maken verwijst hij naar bovenstaand animatiefilmpje van Daniel Cohen, waarin we de saxofoon van Coltrane noot voor noot kunnen volgen. Het kijken naar de noten ondersteunt bij het luisteren naar de klanken, waardoor de muziek een extra dimensie krijgt. Eenvoudig maar doeltreffend.

Overigens gaat de rest van het stuk vooral over Ornette Coleman en diens album 'Free Jazz: A Collective Improvisation by the Ornette Coleman Double Quartet' als de geboorte van het freejazz-genre.

Labels:

(Erno Mijland, 23.9.13) - [print] - [naar boven]





Artikel
Gaat de jazz de goot in?


"Natalio Sued ziet de toekomst van de improvisatiemuziek zonnig in. 'Aller ogen waren altijd op New York gericht, ook wat betreft de business, de productie van cd's. Tegenwoordig zie ik steeds meer muzikanten van hier [Europa] in het Bimhuis spelen, met een Europese benadering. Daardoor heb ik sterk de indruk, begrijp ik dat er een toekomst is. Want het is op de een of andere manier besmettelijk. Veel podia die altijd muzikanten trokken die jazz op een meer traditionele manier spelen, beginnen zich open te stellen voor de nieuwe opvattingen. Vanwege de jonge generatie komen er ook steeds meer nieuwe speelplekken bij. Toen er nog gesubsidieerd werd, zag je dat die nieuwe speelplekken niet veel prioriteit hadden. Nu dat gekapt is, zie je de noodzaak om te blijven spelen en dat schept de behoefte aan andere podia, andere manieren om te blijven werken."

In mei bezocht Eddy Determeyer in het kader van het Doek Festival een aantal concerten in Op De Valreep en de Vondelparkbunker en besprak hij de state of jazz to come met Frank Gratkowski en Natalio Sued.

Klik hier om het artikel te lezen.

Labels:

(Maarten van de Ven, 23.9.13) - [print] - [naar boven]





Cd
Maaike den Dunnen - 'Arrival' (ATS, 2013)

Opname: 20 & 21 december 2011

Maaike den Dunnens debuutalbum 'Arrival' is met recht een echte binnenkomer. Met haar uitmuntend begeleidingskwartet – de Oostenrijkers Thomas Kugi op de saxofoons en drummer Mario Gonzi, de Servische bassist Milan Nikolic en pianist Renato Chicco uit Italië – heeft ze een frisse, swingende cd uitgebracht.

Van de elf opgenomen nummers zijn er zeven door haar gecomponeerd en voorzien van teksten. De arrangementen van het totale repertoire zijn ook nog eens door haar geschreven.

Zij heeft een heldere stem en haar vocalen worden steevast aangevuld met scat-chorussen. In een groot aantal nummers zijn het unisono scat-vocalen met saxofonist Thomas Kugi. Luister maar naar funky 'Sunday’s Secrets'. In hetzelfde nummer blijken de solokwaliteiten van overige kwartetleden.

Niet voor niets heeft ze tot twee keer toe de titel 'Outstanding Performance' gewonnen in het gerenommeerd jazzmagazine DownBeat en studeerde ze met glans af aan het Rotterdams Conservatorium en de University of Music and Performing Arts in Graz. Ze is in het Nederlandse wereldje van jazzvocalisten een uniek en apart talent. Dat blijkt onder meer uit de bijzondere benadering en interpretatie van de aloude jazzstandard 'Alone Together'.

De cd is origineel, kent veel muzikale hoogtepunten en is verrassend vanwege Den Dunnens compositorische kwaliteiten.

Meer horen?
Klik
hier om te luisteren naar geluidsfragmenten van dit album.

Labels:

(Jacques Los, 19.9.13) - [print] - [naar boven]





Concert
Viool, maar dan anders

The Nordanians featuring Jörg Brinkmann, zaterdag 7 september 2013, Paradox, Tilburg

Met een nieuw jazzseizoen voor de deur mocht violist Oene van Geel in Paradox aftrappen met zijn Nordanians. Speciale gast van vanavond was cellist Jörg Brinkmann.

Laat ik voorop stellen dat ik viool het meest ontroerende instrument vind en ook met die insteek naar dit concert kwam luisteren. Daar kwam ik dus bedrogen uit. Niet omdat die stelling nu ineens niet meer opgaat, maar omdat Van Geel liet horen dat een viool veel meer is dan een hartbrekende tranentrekker. Over muzikaliteit en beheersing van instrumenten hoeven we het bij de hedendaagse jazzmuzikanten toch niet meer te hebben lijkt me, waar het nu nog om gaat is originaliteit: verrassen en bekoren. Tja, en dan zit je bij Van Geel gebakken, want die man barst van de fantasie en buitenissige ideeën. De melancholie moet je dan ook niet zoeken in het geijkte viooldeuntje, maar in de intentie van Van Geel zelf. Hij creëert als het ware zijn eigen emotionele kookpot.

The Nordanians is een kleurrijk gezelschap, waarin Van Geel de aanstichter is. Alhoewel je soms zou denken dat het eigenlijk draait om tablaspeler Niti Ranjan Biswas. Een kleine Indiase man, die de zaal alleen al vult met zijn enorme charisma. Gitarist Mark Tuinstra lijkt met zijn elektrische gitaar een vreemde eend in de op zijn minst opvallende bezetting, maar komt verdomd goed uit de verf in dit bijzondere clubje. Soms zoetgevooisd, dan weer stoer en gepassioneerd. De mannen houden elkaar goed in de gaten, ze dagen elkaar uit, provoceren, prikkelen, noem het maar op. Op zoek naar die ene noot, een moment van harmonie. Hun muziek is geïnspireerd op wereldse stromingen en varieert van Indiase raga's en Afrikaanse liedjes tot rock, funk en reggaeritmes. En dat allemaal dan in de setting van een kamerorkest.

Het concert begint al apart. Van Geel zingt synchroon mee met zijn eigen spel en zijn kompanen haken in. Ook zij zingen, scatten, of nou ja, zingen zelfverzonnen klanken en woorden mee. En beatboxen. Tuinstra soleert er vrolijk op los en Biswas beroert zijn tabla's subtiel met zijn vingers en handpalmen, alsof hij een melodie speelt. Hij is vingervlug en is ritmisch zeer sterk. Je kunt er niet omheen, ondanks zijn subtiliteit is hij een intense drijfveer. Gastspeler Brinkmann was een zeer goede keuze. Heb je ooit een wahwah op een cello gehoord? Of een cello als een doedelzak horen klinken? Brinkmann bast even makkelijk een vlotte blues als dat hij een psalm begeleidt. En hij soleert meedogenloos. Het maakt het allemaal nog avontuurlijker.

Humor is ook een belangrijke factor in deze band. Zoals Van Geel zegt: "We all started as a boyband...". Of het Wilhelmus, dat zomaar eventjes ergens tussendoor klinkt. Of gewoon het plezier op hun gezichten als er weer eens gegoocheld wordt met de timing of een maatsoort. Boy Edgar Prijs-winnaar Oene van Geel zette met zijn Nordanians een verrassend onderhoudend en vermakelijk concert neer, een prima begin van een nieuw jazzjaar!

Klik hier voor foto's van dit concert door Monique van der Lint.

Labels:

(Donata van de Ven, 18.9.13) - [print] - [naar boven]





Cd
Ineke Vandoorn & Marc van Vugt - 'White' (Baixim, 2013)

Opname: 2003-2009

De muziek van Vandoorn is soms zó stralend, zó opgeruimd, dat de witte stukjes pauze tussen twee nummers er grauw bij afsteken. Een aantal songs is mij wat te braaf, te meisjesachtig, maar Ineke van Doorn (stem en composities) en Marc van Vugt (gitaar en composities) houden, dat moet je hen nageven, van afwisseling. En zo kruipt die goeie ouwe samba uit de Baixim-tijd binnen in 'Black Belt' en ontpopt 'Huggin’ And A Kissin’' zich als goeie ouwe jazz & poetry. Je kunt aanvoeren dat het orkest en de individuele muzikanten zich hier wat al te illustratief opstellen, maar Van Doorn laat in dit nummer meer van zichzelf zien dan op de rest van het album. Haar diepste emoties moeten uit grote diepte worden opgediept.

Het Nederlands Kamerkoor, dat je om echt elke boodschap kunt sturen, geeft de compositie 'Tea' een onwerkelijk sfeertje. We horen op deze plaat, oneerbiedig gezegd, kliekjes uit de periode 2003-2009, maar het zou jammer zijn wanneer bijvoorbeeld het titelnummer 'White' op de plank was blijven liggen, met dat onnadrukkelijke arrangement en altsaxofonist Paul van Kemenade, die de pepers heeft meegebracht.

Meer horen?
Klik
hier om te luisteren naar de volgende tracks van dit album: 'Wallpaper', 'Holysloot', 'Black Belt', 'White', 'Tea' en 'Peace'.

Labels:

(Eddy Determeyer, 18.9.13) - [print] - [naar boven]





Concert
Compromisloze improvisaties bij Trolleybus

zaterdagnacht 7/8 september 2013, Cantina, Groningen

In de sport is het een bekend verschijnsel. Als een atleet erin slaagt, hoger dan anderhalve meter te springen (ik noem maar wat; misschien zijn ze inmiddels al hoger) zul je zien dat nog datzelfde seizoen zeven sporters in andere werelddelen erin slagen, hoger dan 1.50 m te komen.

In de muziek is het niet anders. Tien jaar lang hikten jazzmuzikanten tegen volledig vrije improvisatie aan, maar toen een handjevol drieste geesten eenmaal zover was, was het hek van de dam. Anno 2013 zul je dan ook geen bezoekers meer geschokt en schreiend weg zien lopen bij een concert van improvisatiemuziek. Integendeel: de overwegend jeugdige aanwezigen in het keldertje aan de Groninger X-straat keken geboeid en geamuseerd toe hoe sopraansaxofonist Yedo Gibson zijn 'People In The Toilet' uitvoerde, borrelend en gorgelend in een bakje water. Een soort kruising van 'Water Music' (Händel) en 'I’m Forever Blowing Bubbles' (Kenbrovin/Kellette), maar dan grondig door elkaar gevloeid. De aandacht verslapte zelfs niet toen de leider van Trolleybus het water met zeer zachte en zeer hoge boventonen toefluisterde.

De set was van A tot Z gevuld met compromisloze improvisaties. Dat begon met een expositie van abstracte soundscapes, opgebouwd uit gestreken contrabasfiguren (Renato Ferreira), luidkeels rechtstreeks op de snaren gehamerde pianoclusters (Nora Mulder) en het bescheiden geluid van de sopraankleppen van Gibson. Vervolgens nam Ferreira de tenorsax ter hand, sprak profetisch "all my reeds are broken" en produceerde geluidsbrokken die duidelijk maakten dat zijn instrument niet van een ordentelijk amalgaam van koper en tin was vervaardigd, doch van 100% graniet.

De band liet het geluid van een stuk een paar keer uitsterven, zodat slechts het gemurmureer van de aanwezigen in het aanpalende barretje doordrong tot de concertruimte. 'People In The Other Room' doopte Gibson de improvisatie dan ook – het was duidelijk dat de prietpraat ("volgende maand GVD al m'n eerste tentamen!") hem hinderde bij het vormgeven van zijn eigen spektakel.

Van slechts één stuk bestond een partituur, die Nora Mulder op haar mobieltje had staan. Daartoe gespte Mulder een accordeon op haar bovenbenen, aangezien ze als pianiste volgens eigen zeggen de trekzak niet beheerste en bewoog ze de balg volgens de aanwijzingen op het schermpje heen en weer. Dat leverde een alleszins overzichtelijk opus op, dat opgedragen was aan actrice Famke Janssen, beter bekend als Xenia Onatopp – wat dan weer Georgisch schijnt te zijn voor 'dodelijke dijen'. Het was in ieder geval een stuk veiliger dan haar pianospel, aangezien de toonkunstenaresse daarbij de neiging vertoonde, de noten op en neer springend te accentueren, het gegeven dat het plafond slechts 1.90 m hoog is negerend.

Labels:

(Eddy Determeyer, 16.9.13) - [print] - [naar boven]





Cd's
Teun Verbruggen & Arve Henriksen - 'Black Swan' (RAT, 2013)
The Bureau Of Atomic Tourism - 'Second Law Of Thermodynamics' (RAT, 2013)

Opname: 22 september 2010 / 16 november 2011

Verbindend element op deze twee recente releases van het Belgische label Rat Records is drummer Teun Verbruggen, vooral bekend als ritmische spil van de onvolprezen Belgische bigband Flat Earth Society. Verbruggen laat echter zien dat hij meer in zijn mars heeft dan een bigband op de rails houden.

Op 'Black Swan' construeert en improviseert hij met de Noorse trompettist en geluidsknutselaar Arve Henriksen haast psychedelische soundscapes, waarin een enorm palet aan stemmingen en associaties verklankt wordt. De luisteraar raakt ondergedompeld in een mysterieuze wereld, waarin veel geluiden op een of andere manier een elektronische behandeling ondergaan. Daarbij heeft Henriksen op zijn trompet een techniek ontwikkeld, die zijn instrument qua klank in de buurt brengt van de Arabische ney-fluit. De door aanblaastechniek gemanipuleerde trompet en de melancholieke Noorse
hardanger fiddle worden fraai geïntegreerd in de vervreemdende undergroundsound van deze productie.

Ook de drums van Verbruggen vormen een volwaardige muzikale stem in dit geheel en zijn dus allesbehalve louter ondersteuning. De muziek wordt dan ook niet zozeer bepaald door een groove, maar bouwt voort op melodische en ritmische miniaturen, die al improviserend vanuit het organische samengaan van elektronica en instrumenten lijken te ontstaan. Het resultaat beweegt zich op een schaal van dromerig-lyrisch tot kakofonisch, maar is door de gelaagde geluidsstructuur en het hypergeconcentreerde musiceren altijd intrigerend.

Vergeleken met 'Black Swan' is het geluidsbeeld van de sextet-cd 'Second Law Of Thermodynamics' een stuk cleaner, de muziek heeft echter doorgaans een heftiger energieniveau, waardoor deze de luisteraar als het ware direct bij de lurven grijpt. De groep die Verbruggen hierop presenteert, The Bureau Of Atomic Tourism is een internationaal ensemble, waarin met bassist Trevor Dunn (Electric Masada), rietblazer Andrew D'Angelo en trompettist Nate Wooley een aantal voorhoedespelers van de nieuwe Brooklyn-scene aan Verbruggens francofone impro-collega's (gitarist Marc Ducret en Fenderpianist Jozef Dumoulin) wordt gekoppeld.

De cd, die live is opgenomen tijdens een optreden in de Tilburgse jazzclub Paradox, bevat naast een reeks stukken van D'Angelo een drietal vrije improvisaties. De albumtitel verwijst naar de tak van de natuurkunde die de interactie tussen deeltjes onderzoekt. Dat het met de interactie binnen het sextet wel goed zit, blijkt vanaf het eerste stuk, waarin het ritme van elastiek lijkt door prachtig in elkaar grijpende lijntjes van Verbruggen zelf en bassist Dunn. Met zijn glazig echoënde Fender-piano zorgt Dumoulin vaak voor diepte en perspectief in de collectieve geluidsmuur, die van extra contouren wordt voorzien door snel wisselende solo-acties.

Een van de hoogtepunten is het relatief transparant gestructureerde stuk 'Meg Nem Sa', waarin een waanzinnig voortrollend ritme zowel D'Angelo als Ducret tot grootse daden opzweept. Prachtige doorleefde muziek, die alleen al door het geweldige engagement van de makers respect afdwingt.

Meer horen?
Klik hier om te luisteren naar 'Meg Nem Sa' van The Bureau Of Atomic Tourism.

Labels:

(Laurent Sprooten, 13.9.13) - [print] - [naar boven]





Vooruitblik
Flex Bent Braam op tournee met nieuw album


Een dezer dagen verschijnt het album 'Lucebert' van Michiel Braams nieuwste ensemble Flex Bent Braam. Eind oktober start een tournee waarin het album aan het publiek gepresenteerd wordt.

Met Flex Bent Braam bouwt de pianist voort op de traditie van Bik Bent Braam. De bezetting van deze formatie is - de naam zegt het al - flexibel: ieder programma zullen een paar leden het ensemble verlaten om vervangen te worden door nieuwe muzikanten. Voor het programma 'Lucebert' heeft Braam gekozen voor een bezetting met een aantal Bik Bent Braam-zwaargewichten (trompettist Angelo Verploegen, trombonist Wolter Wierbos, altsaxofonist Bart van der Putten), een jonge Duitse baritonsaxspeler (Oleg Hollmann) en een heerlijke ritmesectie (bassist Tony Overwater en drummer Joost Lijbaart).

CoBrA-schilder en -dichter Lucebert was een enorme jazzliefhebber. In 1965 stelde Simon Vinkenoog aan Lucebert de vraag wat de positie van de literaire beweging de Vijftigers was. Lucebert stuurde hierop als antwoord een telegram met enkel een opsomming van jazzstandards: 'Hot House', 'Dizzy Atmosphere (Misty)', 'When Your Lover Has Gone (Get Out Of Town)', 'Straight, No Chaser', 'I May Be Wrong (So What)', 'Let’s Cool One', 'Better Git It In Your Soul' en 'The Stratus Seekers'. Voor het programma 'Lucebert' heeft Michiel Braam deze jazzstandards opnieuw gearrangeerd. Ook heeft hij een aantal composities geschreven, met als inspiratiebron de Japanse epigrammen van Lucebert.

Bij uitgeverij Huis Clos verschijnt tegelijkertijd met het album het boek 'Ik ben een gemankeerde saxofonist: Lucebert & Jazz', waarin het album is opgenomen. Het boek bevat teksten van en over Lucebert en foto's van Pieter Boersma.

Speellijst
29/10 Musis Sacrum, Arnhem
01/11 Bimhuis, Amsterdam
02/11 Plusetage, Baarle-Nassau
07/11 Rasa, Utrecht
12/11 Loft, Keulen
16/11 Lindenberg, Nijmegen

Kijk op de website van Michiel Braam voor meer informatie over Flex Bent Braam.

Labels:

(Maarten van de Ven, 13.9.13) - [print] - [naar boven]





Festival
ZomerJazzFietsTour 2013 Part 2


"Mede door beheerste en relevante toepassing van elektronica en het uitermate gevarieerde, muzikale en swingende drumwerk werd het een zeer enerverend concert. Al met al smaakte het na één set naar meer. Ik besloot dan ook het fietsen te laten voor wat het was en ook de tweede set te beluisteren. Al die jaren dat ik de fietstour meemaakte, ben ik nooit voor een tweede set blijven zitten. Nu dus wel. Synaesthetic Trip had me in de greep."

Jacques Los fietste op zaterdag 31 augustus in het Groningse Reitdiepdal mee met de ZomerJazzFietsTour. Hij zag er optredens van het Barnicle Bill Trio & Wolter Wierbos, Trio Mark Sanders/Olie Brice/Tobias Delius en Synaesthetic Trip.

Klik hier om zijn festivalverslag te lezen.

Fotograaf Maarten Jan Rieder maakte een beeldverslag van de ZomerJazzFietsTour, dat je hier kunt bekijken.

Labels:

(Maarten van de Ven, 12.9.13) - [print] - [naar boven]





Cd
Ben van den Dungen – 'Ciao City' (JWA Jazz, 2013)


Op tientallen albums is tenor- en sopraansaxofonist Ben van den Dungen te beluisteren als co-leader en medemuzikant. Op opnamen van onder andere het Ben van den Dungen/Jarmo Hoogendijk Quintet, Nueva Manteca, Tango Extremo, Cubop City Bigband, Paul Hock Quartet en Fra Fra Sound.

Nu is er dan de plaat 'Ciao City' op de markt gebracht van zijn eigen kwartet. Het werd tijd, want hij behoort tot het beste wat Nederland aan saxofonisten te bieden heeft. Niet alleen is hij een grootmeester op de sax; hij is tevens een originele componist, getuige de acht eigen composities op deze cd. Ook bassist Marius Beets heeft de pen ter hand genomen en leverde twee smaakvolle composities ('Shuffle De Buffle' en 'The Captain') af voor dit album.

In de traditie van de moderne hardbop wordt door het viertal meer dan enthousiast en verfrissend gemusiceerd. Naast een enkele ballad als Monks 'Pannonica' – sfeervol door Van den Dungen vertolkt – bestaat het repertoire uit pittige, swingende stukken. Die zijn dan ook de basis voor het energieke en dynamische solospel van de saxofonist en pianist Miguel Rodriguez. Beiden zijn solisten van formaat: heftige, energieke virtuoze hardbopvertolkers. Geruggensteund door Beets en drummer Gijs Dijkhuizen heeft Van den Dungen met zijn kwartet een subliem en dynamisch mainstream modern jazz-album uitgebracht.

Meer horen?
Op de website van Ben van den Dungen kun je drie tracks van dit album beluisteren: 'Ciao City', 'Shuffle De Buffle' en 'The Pimp'. Klik
hier.

Labels:

(Jacques Los, 11.9.13) - [print] - [naar boven]





Festival
ZomerJazzFietsTour 2013 Part 1


"Ieder jaar groeit het aantal podia van de ZomerJazzFietsTour. Alsof ze de middeleeuwse kerkjes daar in Groningen uit de grond stampen. In een tijd waarin gerenommeerde jazzfestivals verdund en verdoemd raken met een overdaad aan wezenloze popacts of domweg het loodje leggen, triomfeert de Fietstour met avontuurlijke muziek van Europese bodem."

Op vrijdag 30 en zaterdag 31 augustus bezocht Eddy Determeyer in het Groningse Reitdiepdal de 27ste editie van de ZomerJazzFietsTour. Hij zag er optredens van Trio Amarco, Alfred Spirli/Alan Purves, Trio Monniot/Szandai/Quitzke, Enver Izmailov, Simon Nabatov/Nils Wogram, Trio Mark Sanders/Olie Brice/Tobias Delius, Evelyn Petrova en The Jig.

Klik hier om zijn festivalverslag te lezen.

Fotograaf Willem Schwertmann fietste de Proloog mee en maakte een beeldverslag, dat je hier kunt bekijken. Maarten Jan Rieder maakte een verslag van de Proloog (klik hier) en de ZomerJazzFietsTour (klik hier).

Labels:

(Maarten van de Ven, 8.9.13) - [print] - [naar boven]





Cd
Thomas Heberer & Achim Kaufmann - 'Knoten' (Red Toucan, 2013)

Opname: december 2011

Thomas Heberer on trumpet and quartertone trumpet, and Achim Kaufmann on piano, go back a long way. They studied together, played lots of music together, then moved in different geographical directions, now meeting again for a fantastic album. Most tracks start with some idea of what is going to happen, yet then both musicians turn the material into fabulous excursions of calm nervousness, or restrained tension, really going beyond the boundaries of genre or style. Is this jazz? Is this modern classical music? You can wonder.

What you know is that each piece has its own precise musical character, sometimes moody, sometimes joyful, often both at once, sometimes contemplative and sometimes jubilating. What you don't get is repetition, patterns or other solid foundations to stand on, what you get is permanent surprise about what's going to happen, wondering which ways the notes will go, and strangely enough both musicians know, because they move together as one, away from your expectations into new realms of wonder. You can wonder how the notation took place. Yet they explore, they take a journey in their own music, building on the ideas, and expanding them, keeping the original character all the time.

The result is one of refreshing drama, clever sensitivity, precision in rawness, disciplined invention, and this with a broad and open-minded vision on music.

The most amazing thing about the album are the incredible variety of ideas, the shifts and changes, and the overall coherence. It is adventurous, going at times sonically beyond the natural voicing of each instrument, yet without overdoing it.

For sure one of the most interesting albums of the year.

Deze recensie verscheen eerder op
Free Jazz

Meer horen?
Op de website van Thomas Heberer kun je twee tracks van dit album beluisteren: 'Am Hang' en 'Oscillator Dog'.
Klik hier.

Labels:

(Stef Gijssels, 8.9.13) - [print] - [naar boven]





Festival
Jazz Middelheim 2013 Part 4


Op papier moest, vanuit het jazzperspectief gezien, de laatste dag van het festival de meest interessante dag worden. En dat werd het ook. Na de wat wisselvallige voorgaande dagen was er wel wat goed te maken. Voor een groot deel is dat dan ook gelukt.

Drummer Stéphane Galland heeft in zijn formatie LOBI muzikanten uit verschillende culturen bij elkaar gebracht en een meer dan voortreffelijke synthese gevonden van moderne jazz en Oosters getinte volksmuziek. Fluitist/zanger Magic Malik uit Guadeloupe, de Bulgaarse accordeonist Peter Ralchev en de in Brazilië geboren pianist Malcolm Braff soleerden jazzy en virtuoos over de oriëntaalse complexe ritmische patronen. Aka Moon-drummer Galland, de Turkse percussionist Misirli Ahmet en bassist Charles Benavent stemden goed op elkaar af en hielden de dynamische ritmiek de hele set voortreffelijk in de hand. Opvallende elementen hierin waren de dialogische percussieduetten tussen Ahmet en Galland. Andere memorabele onderdelen van het energiek spelend ensemble waren de 'zingfluit'-solo's van Malik en de uiterst behendige reeksen-improvisaties van accordeonist Peter Ralchev. Jazz/wereldmuziek van hoog niveau.

De dynamiek die zo prominent aanwezig was bij LOBI, ontbrak geheel bij het trio van pianist Bill Charlap. Ontegenzeggelijk is hij een zeer behendig en technisch pianist, maar het concept van het trio was zeer gedateerd, zelfs erg oubollig. Zonder enige eigen inbreng en composities werd het American Songbook op een zeer brave wijze en met zeer voorspelbare arrangementjes ten gehore gebracht. Veelal in een zeer laag en medium tempo. Bekwaam uitgevoerd dit alles, dat wel, maar niet wereldschokkend. CEO's van internationale concerns zullen deze 'nietsaandehandmuziek' vast erg kunnen waarderen.

Het hoogtepunt van de avond en van het festival was het concert van het Charles Lloyd Quartet. De 75-jarige Lloyd – hij behoort inmiddels tot de laatste tenorhelden – speelt zeer melodieuze lijnen in de context van het vrije improvisatie-idioom. Dat gaat gepaard met een prachtig en warm zangerig geluid op sax. Chorus voor chorus bouwde hij zijn solo's met grote intensiteit en prachtige melodieuze lijnen welhaast hemelbestormend uit. Uit de beker van zijn sax kwamen volle, warme, donkere lage tonen, culminerend naar het lieflijke hoge register. De song 'Caroline, No' – bekend van de Beach Boys – is nog nooit zo wonderschoon vertolkt. Met de jongere en hippe ritmesectie - bassist Reuben Rogers, drummer Eric Harland en pianist Jason Moran - heeft Lloyd zijn perfecte medekompanen gevonden. Pure klasse, dit kwartet en concert. Laat ze volgend jaar maar weer terugkomen.

Het sluitstuk was het rechttoe rechtaan optreden van het Randy Weston African Rhythmes Septet. Pianist Weston vermengt de Afrikaanse ritmes met (vooral) hardbop-jazztechnieken. Afro jazz dus. Alom bekende composities van zijn hand zijn onder andere 'Little Niles', 'Hi Fly' en 'Blue Moses'. Het dominante ritmische aspect in zijn muziek werd ook op Jazz Middelheim prominent geëtaleerd. Drummer Lewis Nash, percussionist Neil Clarke en bassist Alex Blake (al meppend op en trekkend aan de snaren) legden stevige patronen onder de collectieve blaaspartijen en individuele solo's. Opvallende solistische prestaties kwamen van altist T.K. Blue en tenorist Bill Saxton. Vooral T.K. soleerde gloedvol in 'African Sunrise'. De intro's en solo's van de leider zelf waren overduidelijk geïnspireerd op het spaarzame pianospel van Duke Ellington en Thelonious Monk. Het detoneerde geenszins met de heftige afro-ritmische erupties. Met het speelplezier van het complete ensemble, het ritmisch meeklappen en meezingen van het publiek werd het festival zeer vrolijk afgesloten.

Cees van de Ven maakte een fotoverslag van deze vierde en laatste dag van Jazz Middelheim, zondag 18 augustus. Klik hier om zijn foto's te bekijken.

Labels:

(Jacques Los, 3.9.13) - [print] - [naar boven]





Cd
Quat - 'Live At Hasselt' (NoBusiness, 2013)

Opname: 18 juni 2011

In juni 2011 speelde pianist Fred Van Hove twee concerten met een nagelnieuw kwartet. Uit het tweede, opgenomen in het Kunstencentrum BELGIE in Hasselt, puurde het NoBusiness-label deze cd. Met twee drummers (Paul Lovens en Martin Blume) en de jonge vibrafoniste Els Vandeweyer had het kwartet heel wat mogelijke onderlinge relaties: de vibrafoon als brug tussen de piano en de niet-melodische slagwerkers, de twee drummers tegenover de melodische instrumenten of een combinatie waarbij elk melodie-instrument een team vormde met een drummer. Het was deze combinatie die Van Hove op het podium bewust uitlokte door Blume en Lovens aan de zijkanten van het podium te zetten, een idee dat door de duidelijke stereofonische verdeling goed hoorbaar wordt op de cd.

Toch zijn in de muziek alle mogelijke onderlinge verbanden te horen. Van Hove en de zijnen kozen immers voor in your face improvisatie waarbij de luisteraar geen handvatten aangereikt krijgt, maar zich moet overgeven aan de muzikaliteit van de betrokken musici. De vier titelloze tracks op de cd ontwikkelen zich dan ook als een continue, spontane stroom, waarbij de verschillende muzikanten afwisselend op en van de trein springen.

Van Hove schrikt er niet voor terug om hier en daar even aan de kant te gaan staan, minutenlang als het volgens hem nodig is. Wanneer hij wel in het spel opduikt, doet hij dat met zijn bekende en gevarieerde repertorium, dat hem in staat stelt in alle situaties iets bij te dragen: accuraat, precies en met een indrukwekkend gevoel voor balans en dosering. Vandeweyer heeft door het gebruik van verschillende stokken, kikkerhandschoenen en materialen om op de staven van de vibrafoon te leggen al een even groot klankbereik. Dat komt bijzonder mooi uit dankzij het heldere geluid van Blume en Lovens. Het zou voor de twee geen probleem geweest zijn om het geluid samen dicht te timmeren, maar met cimbalen, nazinderende klankschalen en allerhande droge tromgeluiden kiezen ze voor een transparant geluid, dat als gaasdoek het geluid van de collega's laat doorkomen.

Met de ruim twintig minuten durende openingstrack geven de vier meteen hun visitekaartje af: spontaan vloeit de muziek van de ene situatie naar de andere, waarbij de onderlinge communicatie schijnbaar onderhuids verloopt. Hier en daar is het doorgeven van een ritmische formule te horen, maar al te duidelijk willen Van Hove en de zijnen het niet laten worden. Uit een volwaardige vierstemmige polyfonie duikt de eerste solo op. Die is voor rekening van Van Hove, die knap klaterend en elegant bewegend laat horen dat free pianospelen niet zomaar wat doen is. Goed gemikt en gecontroleerd stuurt hij de muziek naar waar hij die hebben wil. Dat er niet alleen goed gespeeld, maar minstens even goed geluisterd wordt, is te horen wanneer Blume en Lovens met ratelende ritmes een spanningsboog opbouwen, net op het moment dat Van Hove na een moment van afwezigheid opnieuw binnen dondert. Van dan af wordt er opgepompt naar een climax met razendsnelle onderlinge communicatie. Zonder alleen maar luid te worden, lijkt het geluid alle kanten op te schieten tot - alsof het op voorhand afgesproken was - de muziek weer opklaart.

Zo zwerven de vier van de ene atmosfeer naar de andere, de luisteraar achter zich aanslepend: Blume en Lovens leggen even een jungle-achtige sound neer, Van Hove laat de pianosnaren klinken als een sirene en Vandeweyer opent samen met haar drummende collega's een ontregelde speeldoos waaruit later, fris en helder, een Chinese opera en een ontspoorde beiaard tevoorschijn komen. Dat de jonge vibrafoniste nog niet de timing heeft van haar meer ervaren collega's is te horen in het derde stuk. Ze mag de track op gang mag trekken met omfloerst dartelende vibrafoonvirtuositeit en krijgt daar van Van Hove ruim zes minuten voor, alvorens hij zelf binnenvalt met korte, maar hevige notenslingers. Blume en Lovens worden aangezogen door de energie van de pianist en de drie lijken het onder elkaar te zullen uitvechten. De hard aangeslagen vibrafoon van Vandeweyer die bij het rondje armworstelen probeert aan te sluiten, klinkt helaas wat verloren, waardoor ze eerder onmachtig dan moedig overkomt.

Naar het slot van het stuk laat Vandeweyer echter weer zien waarom ze haar plaats in het geheel waard is. De feeërieke toonschildering van het rinkelende, haast zingende metaal van de vibrafoon en de ander percussie-instrumenten tilt de muziek op, waarbij ze zelfs loepzuivere harmonieën injecteert. Die worden later door Van Hove beantwoord op accordeon, alsof die een lang gerekte intro speelt voor een abstracte zeemansklassieker. Echt meezingen is echter niet aan de orde, want zijn collega's kleuren de muziek mysterieus bij tot weer een nieuwe episode in het verhaal, dat dan nog lang niet uitverteld is. Al zal dat voor luisteraars die vertrouwd zijn met het werk van Van Hove niet echt een verrassing zijn.

Deze recensie verscheen eerder op
Kwadratuur

Meer horen?
Op donderdag 19 september kun je dit bijzondere kwartet live aan het werk zien bij JazzCase in Dommelhof, Neerpelt. Klik hier voor meer informatie.

Labels:

(Koen Van Meel, 2.9.13) - [print] - [naar boven]





Festival
Jazz Middelheim 2013 Part 3


De derde dag, de zaterdag, uiteraard dé publieksdag, had niet nog gevarieerder kunnen zijn. Jong aanstormend jazztalent met als coach avant-garde drummer Andrew Cyrille, artist in residence Tigran voor de derde en laatste keer op het festival, de nieuwe vocale ontdekking Melanie de Biasio en popstar Randy Newman. Helaas voor de vele Newman-fans heeft hij wegens ziekte zijn optreden moeten afzeggen. In plaats daarvan is er een wel bekend Belgisch popbandje – Hooverphonic – opgetrommeld, aangevuld met een paar strijkers en enkele koperblazers. De programmering van Newman voor een jazzfestival is al niet een gelukkige, maar Hooverphonic slaat natuurlijk alles. Om een groot publieksbereik te generen is een populaire keuze wel te begrijpen, maar dan zijn er toch wel andere en meer jazzgerichte artiesten te contracteren?!

Drummer Andrew Cyrille, die gedurende een jaar of tien pianist Cecil Taylors drummer is geweest, was al een paar weken in Antwerpen om met jonge talentvolle muzikanten de fijne kneepjes van de improvisatiemuziek in te studeren. De bandleden – pianist Seppe Gebruers, saxofonist Viktor Perdieus en bassist Laurens Smet, maar ook hun coach Cyrille – hadden schetsmatige composities ingebracht die stuk voor stuk leidden naar vrije en collectieve improvisaties. Het kwartet, Bambi Pang Pang genaamd, musiceerde beheerst en ingetogen en met een luisterend oor naar alle mogelijke wendingen, muzikale lijnen, wisselingen en individuele uitingen. Interactie voerde de boventoon. Cyrille had dat ook gezegd: "Luisteren naar elkaar is de essentie." Het leverde free jazz op van een welhaast melodieuze intensiteit.

Daarna kwam er nog een blijde verrassing. De frêle zangeres Melanie de Biasio wist met haar gracieuze presentatie, haar warme stem en sensueel ritmisch hijgen het publiek in het hart te treffen. De mannen zeker in elk geval. Haar welhaast minimal music en haar soepele frasering riep een intieme en broeierige sfeer op. Ook het repertoire, dat voor het merendeel bestond uit langzame en medium-tempo nummers en twee intense duo's – 'Blue' met begeleiding van pianist Pascal Mohy en 'The Flow' met Pascal Paulus op gitaar – droeg ertoe bij dat eenieder volledig in de ban raakte van dit prachtige optreden. De Biasio produceert zeer intense, intieme en krachtige muziek, die schuurt aan de – laat ik zeggen – ballad jazz. Over jazz gesproken, bij jazz hoort soleren en improviseren. Bij dit optreden was daar geen sprake van. Wel werd er subliem door de band begeleid. Vooral drummer Dré Pallemaerts speelde alert, groovy, zeer gevarieerd, stuwend en hield de touwtjes stevig in de hand.

Driemaal is scheepsrecht, zal Tigran gedacht hebben en zorgde er voor dat zijn derde en laatste optreden op het festival tot zijn beste en meest jazzy behoorde. Met zijn eigen formatie Shadow Theater liet hij horen niet alleen tot een zeer getalenteerd jazz pianist te behoren, maar ook nog eens het freejazz idioom niet te schuwen. In een dynamische set met tenorist Ben Wendel, bassist Sam Minaie en drummer Nate Wood werd de freebop en modale jazz, met reminiscenties aan Coltrane, McCoy Tyner, met volle kracht de grote festival tent in geslingerd. Free en binnen de modale kaders en reeksen gingen Wendel en Tigran glorieus te keer. Helaas – halverwege de set ongeveer – kon Tigran het weer niet laten zich vocaal te uiten. We hadden dat de twee voorgaande dagen uitentreuren al gehoord. Zo werd het steeds vervelender. Gelukkig werd de set wederom met een stevig portie hardcore jazz afgesloten.

Ik heb de bus teruggenomen naar de stad voordat Hooverphonic begon. Driekwart van de avond was al geslaagd. En dat was ook wel goed en genoeg.

Cees van de Ven maakte een fotoverslag van deze derde dag van Jazz Middelheim, zaterdag 17 augustus. Klik hier om zijn foto's te bekijken.

Labels:

(Jacques Los, 1.9.13) - [print] - [naar boven]


Lees verder in het archief...






Menupagina's:

Redactieadres:

Hoekstraat 1 B17
3910 Neerpelt
België
(0032) 11747180
(0032) 498788554

Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken?
Mail de redactie.