|
Draai om je oren Jazz en meer - Weblog |
|
||
|
| |||
FestivalGent Jazz 2024 Part 1 Bill Frisell & Diana Krall, vrijdag 5 juli 2024, Bijlokesite, Gent De kop is eraf: de eerste dag in De Bijloke was meteen uitverkocht, maar muzikaal was de opwinding soms ver te zoeken. Jaargang twee na de doorstart van Gent Jazz, en de ambitie is duidelijk groot. Liefst 13 concertdagen zijn er, en op de plek waar 22 jaar geleden een podium onder een biertent stond, staat nu een heuse concertzaal in de tuin van het middeleeuwse ziekenhuis. Een vol huis meteen op de eerste dag, maar muzikaal moet het festival nog wakker worden. Het Marco Mazquida Trio en het Wajdi Riahi Trio waren onderhoudend maar ook weinig meer. Gelukkig was er... Bill Frisell. Dat Frisell van ons land houdt, kon u al in Knack Focus lezen. Maar hij houdt zelfs zo veel van De Bijloke dat hij er vorig jaar een livealbum met symfonisch orkest opnam. De Amerikaanse gitarist werd dan ook warm ontvangen door het Gentse publiek. Ome Bill, 73 intussen, maakte het de bezoekers niet noodzakelijk gemakkelijk. Meer dan een verlegen begroeting sprak hij niet uit, en alle nummers werden aan elkaar gebreid tot één lange suite. (Frisell, in de coulissen: 'Did we only play five songs? What the fuck?') Maar wie meeging in zijn verhaal, werd beloond met verbluffend samenspeltussen hem, bassist Thomas Morgan en drummer Rudy Royston. George Gershwins 'My Man’s Gone Now' was een feest van gelaagde delaygitaar, als echo's die door een spiegelpaleis galmen. Meteen werd duidelijk dat Royston de man van de avond zou worden. Wie hem in de voorbije jaren aan het werk zag met Joe Lovano en Julian Lage weet hoe hij kan pendelen tussen aftasten en uithalen, tussen abstractie en vintage swing. Frisells eigen 'Blues From Before' zat vol verwijzingen naar Thelonious Monk. Ook uit het album 'Four' (2022): 'Claude Utley', waarin hij dankzij zijn loops achtervolgertje speelde met zichzelf. Het hendrixiaanse einde liep naadloos over in 'Dog On A Roof', waarin 's mans countrytwang en dromerige tremolo's de avond een westerntintje gaven. En omdat je van Frisell alles kunt verwachten, sloot hij af met John Barry's thema van 'You Only Live Twice'. Van Gershwin tot James Bond in één lange boog: Frisell is een meester.
Kralls concert had géén reliëf. Anderhalf uur haspelde de Canadese een reeks standards af - vreemd genoeg had ze daar een hoop partituren voor nodig. 'I’ve Got You Under My Skin', 'Do Nothing Till You Hear From Me', 'Comes Love', 'Just You Just Me', 'Let’s Fall In Love', 'Fly Me To The Moon': we beminnen het oude repertoire diep. Maar de slome slordigheid waarmee Krall zich door de set lispelde was ook diep vervelend. En dan te weten dat ze met bassist Sebastian Steinberg (u kent hem van Soul Coughing en Johnny Marr) en drummer Matt Chamberlain (o.a. Bob Dylan) zulke klasbakken in huis heeft. Een total snoozefest, dan? Ach, we gingen even rechtop zitten tijdens 'The Girl In The Other Room', waarin de geest van Tom Waits rondwaarde, en Neil Youngs 'Mr. Soul'. Maar daarbuiten was dit geen ode aan Nat King Cole, maar aan Louis Armstrongs 'When It’s Sleepy Time Down South'. Tekst: Bart Cornand | Deze recensie verscheen eerder op Knack Focus. Foto's: Cees van de Ven | Bekijk ook zijn fotoverslagen van Bill Frisell en Diana Krall. Labels: Bill Frisell, Diana Krall, festival, Gent Jazz 2024, Rudy Royston, Thomas Morgan (Maarten van de Ven, 21.7.24) - [print]
- [naar boven] Trompettist Dave Douglas is vaak op z'n best als zijn albums een thematische coherentie krijgen, of het nu gaat om persoonlijk verlies ('Be Still', 'Brazen Heart'), religieuze muziek ('Present Joys' rond de Sacred Harp-traditie) of zelfs Het Lam Gods ('Secular Psalms'). 'Songs Of Ascent', dat uit twee albums bestaat, legt de link met zijn Gentse project en werd geïnspireerd door psalmen 120 tot 134. Het resultaat klinkt niet bijzonder religieus, maar wel als het werk van een bevlogen band die speelt met vuur en souplesse. Het was al geleden van 2015 dat Douglas een album uitbracht met deze bezetting, die stevig in de jazztraditie verankerd zit, maar ook de ruwe kantjes en bruisende energie intact houdt. Ornette Coleman is een referentie die meermaals opduikt, en hier en daar suggereert de band zelfs een groter, robuust ensemble. Douglas vormt een ultrasolide tandem met rietblazer Jon Irabagon en wordt geruggensteund door een ritmesectie die hem in een zetel plaatst. Het samenspel is gefocust en vetvrij, wat het des te straffer maakt dat elke muzikant in zijn/haar eigen huiskamer opnam. 'Book 2 - Steps' kan je enkel aanschaffen als abonnee van het label. Klik hier om het album te beluisteren. Deze recensie verscheen ook in Jazz&Mo' Labels: cd, Dave Douglas, Jon Irabagon, Linda May Han Oh, Rudy Royston (Guy Peters, 7.6.23) - [print]
- [naar boven] Lees verder in het archief...
|
Archief
Artikelen Cd-recensies Concertrecensies Colofon Festivalverslagen Interviews Jazz in memoriams Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken? |