|
Draai om je oren Jazz en meer - Weblog |
|
||
|
| |||
Cd's | JazztubeJakob Bro, Lee Konitz, Bill Frisell, Jason Moran, Thomas Morgan & Andrew Cyrille - 'Taking Turns' ECM, 2025 | Opname: maart 2024 Bram De Looze, Joey Baron, Hank Roberts & Thomas Morgan - 'Live at Brussels Jazz Festival (Edition X Flagey 2025)' Challenge, 2025 | Opname: 10 januari 2025 De centrale figuur in dit verhaal is bassist Thomas Morgan. ECM Records bracht een paar maanden geleden onder de titel 'Taking Turns' tien jaar oude studio-opnamen van een niet erg alledaags allstar sextet uit, bestaande uit de in 2020 overleden saxofonist Lee Konitz, gitaristen Jakob Bro en Bill Frisell, pianist Jason Moran, drummer Andrew Cyrille en natuurlijk Morgan. Recenter, januari 2025, zijn opnamen gemaakt tijdens het Brussels Jazz Festival in de Flagey-studio en uitgebracht door Challenge Records. Hier horen we Morgan met pianist Bram De Looze, cellist Hank Roberts en drummer Joey Baron. 'Taking Turns' eerste stuk, 'Black Is All Colors At Once', een van de zeven stukken, alle gecomponeerd door Bro, begint met de beide gitaristen in een vrij abstracte samenhang. Dan wringt Konitz zich ertussen op altsax met een onverwachte melodie. Een opvallend ingetogen stuk, iets dat eveneens geldt voor het tweede stuk 'Haïti', waarin we Konitz op sopraansax horen, in boeiende samenwerking met Bro en Frisell. Overigens was Konitz een absolute meester in dat ingehouden spel, een saxofonist die als geen ander zijn toon tot in de kleinste details volledig onder controle had. Tevens valt hier de ritmiek op, al ligt het tempo vrij laag. Even voorbij de vijfde minuut horen we Morgan wat uitgebreider, overigens net als Cyrille met die stuwende ritmiek. 'Milford Sound' klinkt vanaf het eerste begin iets voller, al ligt ook hier het tempo vrij laag. Cyrille valt op met relatief stevig spel en Konitz en de gitaristen spelen zetten de melodie neer, de klanken volledig in elkaar verstrengeld. Verderop waaiert het uit elkaar en blijft Konitz over, te midden van stuwende kwintetklanken. En prachtig hoe Konitz de melodie in 'Aarhus' neerzet, opvallend fragiel en doorleefd. Het iets abstractere 'Pearl River' valt vooral op door de bijdrage van Bro en Frisell en verderop door die van de ritmesectie. 'Peninsula' is een hoogtepunt op dit mooi voortkabbelende album, met name omdat dit stuk wat meer spanning in zich bergt. Het afsluitende 'Mar Del Plata' is het meest ritmische stuk, met name door de bijdragen van Cyrille en Morgan, en valt verder op door het gitaarspel.
Labels: Andrew Cyrille, Bill Frisell, Bram De Looze, cd, Hank Roberts, Jakob Bro, Jason Moran, jazztube, Lee Konitz, Thomas Morgan (Ben Taffijn, 29.7.25) - [print]
- [naar boven] Voor mij is North Sea Jazz altijd dé gelegenheid om iconische jazzmusici aan het werk te horen en te zien. En ook deze editie biedt daarvoor weer volop mogelijkheden. Zo beleefde ik op de eerste dag concerten van Fred Hersch, Andrew Cyrille, Bill Frisell en Dave Holland. Maar het begon allemaal met Maria Schneider die met het Oslo Jazz Ensemble een aantal stukken speelde van het ook door mij zeer goed ontvangen 'Data Lords'. Het album kreeg onlangs twee Grammy Awards, wat het totaal voor Schneider al op zeven brengt. Geen wonder, want met name in de rol van componist is wat ze doet alleszins bijzonder te noemen. Jazz, zeker en dan ook nog eens op het snijvlak van traditie en vernieuwing. Maar haar composities kunnen zich met gemak meten met wat we 'klassieke muziek' noemen. Met name die bijzonder fijnzinnige delen, de muziek kan echter ook heerlijk knallen, doen me daar aan denken. En prachtig is die ruimte die Schneider biedt aan de solisten. Ieder stuk heeft een of meerdere lang uitgesponnen solobijdragen. Bijzonder is ook de maatschappelijke betrokkenheid die in haar werk doorklinkt, bijvoorbeeld door kritisch te zijn op de digitale revolutie, iets wat zich ook vertaalt in die titel 'Data Lords'.
Bill Frisell mag in Madeira twee keer spelen. We horen hem eerst met het trio van Andrew Cyrille, dat verder bestaat uit David Virelles op piano en Ben Street op contrabas, en daarna met zijn eigen kwartet: Bill Frisell FOUR, met rietblazer Greg Tardy, pianist Gerald Clayton en drummer Jonathan Blake. En ja, zoals de host terecht opmerkt: "Bill is Bill", ofwel zijn stijl van spelen is altijd herkenbaar. En zeker de laatste jaren is die hoegenaamd niet veranderd. Al hoor je hier wel verschil tussen zijn eigen composities - helemaal typisch Frisell - en die van anderen. Het wordt het mooist duidelijk tijdens het concert met Cyrille. Ze spelen Frisells 'Mountain' en de klassieker 'Go Happy Lucky', die duidelijk maken dat Frisell door zowel jazz als door folk en country is beïnvloed, iets dat niet geldt voor de overige leden van dit kwartet. En Cyrille is en blijft natuurlijk een fantastische drummer, getuige de twee solo's in 'Coltrane Time', ook te vinden op het uit 2016 daterende album 'The Declaration Of Musical Independence'. Prachtig klinkt ook 'Ode To Von' van de in 2007 overleden Andrew Hill, een goede vriend van Cyrille. Zangerige bijdragen hier van zowel Virelles, een van de beste pianisten van dit moment, en Frisell.
Tot slot pik ik nog de tweede helft mee van het concert dat bassist Dave Holland geeft met een van mijn favoriete pianisten, Kris Davis, saxofonist Jaleel Shaw en Nasheet Waits. En ja, ook dit was weer bijzonder. Holland is nog steeds een van de allergrootste bassisten die er op deze aardkloot rondlopen en dat laat hij hier weer zonder enige twijfel horen. Lange, opvallend modieuze solo's bewijzen zijn kunnen. Davis, Shaw en Waits krijgen echter ook volop de ruimte met uitstekende solo's op de grens van melodie en abstractie. Foto's: Louis Obbens. Klik hier voor zijn fotoverslag van de eerste dag van North Sea Jazz 2023. Labels: Andrew Cyrille, Dave Holland, Esperanza Spalding, festival, Fred Hersch, Maria Schneider, North Sea Jazz 2023, Oslo Jazz Ensemble (Ben Taffijn, 14.7.23) - [print]
- [naar boven] De Amerikaan Steve Swell behoort al enige decennia tot de belangrijkste trombonisten in de free jazz. Wie de lijst met musici bekijkt waar hij in de loop der tijd mee samenwerkte, kan enig gevoel van ontzag niet onderdrukken. Ook voor twee recente albums, waarin Swell deel uitmaakt van een sextet onder zijn leiding is dat het geval. Echt veel trombonisten kennen we niet in de free jazz. De Duitsers Albert Mangelsdorf en Johannes en Konrad Bauer natuurlijk, de Engelsman Paul Rutherford en laten we onze eigen Wolter Wierbos niet vergeten. Maar veel zijn het er niet en zeker niet in de VS, maar Swell hoort erbij. En ook met deze twee albums weet hij wederom te verrassen. Allereerst met 'The Center Will Hold', met naast Swell de (alt)violist Jason Kao Hwang, cellist Fred Lonberg-Holm (beiden ook te horen op elektronica), pianist en organist Robert Boston, drummer Andrew Cyrille en Ariel Bart op mondharmonica. Het is Cyrille die de toon zet in 'Celestial Navigation' met lange solomomenten, doorsneden met langgetrokken lijnen, bigbandjazz combinerend met experimentele elektronica. Dan breekt Swell er doorheen met een onnavolgbare, bijzonder abstracte solo, de nevels even verjagend. Het blijkt een constante op dit boeiende album; aan de ene kant die strak gearrangeerde akkoorden - het mooiste voorbeeld is 'Robo Call' - en aan de andere kant heftige erupties van klank.
Voor 'Astonishments' breidde Swell zijn kwintet Soul Traveler - Jemeel Moondoc op altsax, Dave Burrell op piano, William Parker op bas en Gerald Cleaver op drums - uit met de vocaliste Leena Conquest voor twee nummers. En ook dit album bevat door Swell gecomponeerde stukken, al dan niet in opdracht. Conquest horen we, half zingend, half pratend al direct in het titelstuk 'Astonishments', een deel van het uit 2017 stammende 'If Trains Could Speak'. Opvallend melodieuze muziek, zeker in vergelijking met het hierboven besproken 'The Center Will Hold'. Burrell trekt op samen met Conquest, Parker en Cleaver begeleiden met schwung, Swell en Moondoc zorgen voor afwisseling. In 'Sketch#7' belanden we weer vol in de free jazz, met andermaal een heerlijk schurende bijdrage van Swell, op dat zo herkenbare ritme van Parker en Cleaver. Ook weer mooi terug te horen in die solo van Parker. En dan die dialoog tussen Swell en Burrell in het vrij stevige 'The Seldom Heard': niet te versmaden. 'For Mondays' biedt Moondoc een podium, prachtig zoals hij en Swell hier met elkaar een pittig gesprek aangaan, terwijl we op de achtergrond die ritmemachine gewaar worden. Conquest horen we weer in 'Being Here', een onderdeel van 'Being Here! America is Not an Abstract Concept', een compositie uit 2006. Andermaal een mooi voorbeeld van het switchen tussen strak gecomponeerd en bijzonder experimenteel. Tot slot klinkt 'Morphogenesis', krachtige blazerslijnen op een pittig ritme, met hoofdrollen voor Cleaver en Burrell. Foto: Geert Vandepoele Labels: Andrew Cyrille, cd, Leena Conquest, Soul Travellers, Steve Swell (Ben Taffijn, 22.5.21) - [print]
- [naar boven] Lees verder in het archief...
|
Archief
Artikelen Cd-recensies Concertrecensies Colofon Festivalverslagen Interviews Jazz in memoriams Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken? |