Cd'sMark Turner - 'Reflections On: The Autobiography Of An Ex-Colored Man'
Giant Steps Arts, 2025
Benjamin Lackner - 'Spindrift'
ECM, 2025 | Opname: maart 2024
Billy Hart Quartet - 'Just'
ECM, 2025 | Opname: december 2021
De Amerikaanse tenorsaxofonist Mark Turner timmert aardig aan de weg. Hier allereerst aandacht voor het bij Giant Steps Arts verschenen 'Reflections On: The Autobiography Of An Ex-Colored Man', waarop we Turner horen met trompettist Jason Palmer, pianist David Virelles, bassist Matt Brewer en drummer Nasheet Waits. Verder aandacht voor twee recente albums waarop we hem als sideman horen. Pianist Benjamin Lackner vroeg hem voor zijn kwintet, dat verder bestaat uit trompettist Mathias Eick, bassist Linda May Han Oh en drummer Matthieu Chazarenc, en drummer Billy Hart nodigde hem uit voor zijn kwartet, met verder pianist Ethan Iverson en bassist Ben Street. Zowel 'Spindrift' als 'Just' verschenen bij ECM Records.
De albumtitel ontleent Turner aan het boek 'The Autobiography Of An Ex-Colored Man' van James Weldon Johnson, een voormalige Amerikaanse burgerrechtenactivist, diplomaat en professor. Het boek is een half fictief verhaal over een gekleurde man, die zo licht van teint is dat hij door kan gaan voor wit. In tien delen, 'Movements', waarin Turner ook stukken voorleest uit het boek, brengt hij middels pakkende jazzklanken een eerbetoon aan dit boek. Hij betoont zich daarmee niet alleen een uitstekend saxofonist - luister bijvoorbeeld naar de uitgebreide solo in 'Movement 3. Pulmonary Edema' - maar tevens ook een zeer onderhoudende componist. Daarbij valt allereerst op dat hij zijn medemusici opvallend veel ruimte geeft, zo bevat 'Movement 2. Juxtaposition' een uitgebreid duet van Virelles en Waits, bevat 'Movement 4. Europe' een prachtige trompetsolo van Palmer en kennen zowel 'Movement 4. Europe' als 'Movement 5: New York' bijzondere solo's op synthesizer van Virelles. En verder is opmerkenswaard dat de blazers opvallend vaak samen te horen zijn, wat regelmatig de indruk wekt dat we hier met een kleine bigband van doen hebben, in plaats van met een kwintet.
'Spindrift' vangt aan met het titelstuk, waarin we direct Turner horen met een uiterst lyrische solo. Slechts enkele saxofonisten hebben zo'n opvallend mooie toon als Turner, weten zo goed met dit instrument de juiste sfeer te creƫren. Een nog mooier voorbeeld is 'See You Again My Friend'. Indrukwekkend hoe hij hier, iets wat overigens ook voor Eick geldt, het juiste gevoel weet over te brengen. Turners bijdrage in 'Mosquito Flats' valt eveneens op en mooi hoe Eick en Turner elkaar hier afwisselen, samen de melodie vormgevend. Lackner horen we uitgebreid in 'More Mesa' met uiterst verstild pianospel, waarna Turner en Eick zich er unisono spelend bijvoegen, opvallend intieme muziek klinkt hier. Prachtig is ook de meeslepende ritmiek in 'Chambary', zonder meer een van de hoogtepunten van dit album, met name vanwege de bijdrage van de twee blazers. Opvallend aan dit album is ook dat de ritmesectie een redelijk bescheiden rol speelt. Oh en Chazarenc zijn zeker aanwezig, bijvoorbeeld in het mooie 'Fair Warning', met een bijzondere solo van Eick, maar geenszins op opdringerige wijze.
Het boeiende van drie albums van dezelfde saxofonist achter elkaar luisteren is dat je de stijl gaat herkennen. We horen Turner direct uitgebreid, hij is hier ook de enige blazer, in 'Showdown', de opener van 'Just'. Met diezelfde lyriek die we op de twee andere albums hoorden. 'Aviation' heeft een wat ander karakter, een vlot stuk, met mooi uptempo spel van zowel Turner als Iverson. 'South Hampton' ligt in het verlengde, met mooi puntig pianospel van Iverson en krachtige bijdragen van Hart. Het titelstuk 'Just' en 'Billy’s Waltz' klinken beide ook heerlijk fel, met name door de solo's van Turner, die overigens qua lyriek niet onderdoen voor zijn meer ingetogen spel. Het maakt dit album zonder meer afwisselender dan 'Spindrift'. Het laatste stuk valt overigens ook op door de boeiende solo van Iverson. Bijzonder intens klinkt 'Bo Brussels', met name door het slagwerk van Hart, dat het spel van de overige drie musici flink opstuwt. Dat Hart de leider van dit kwartet is, is ook goed te horen in het afsluitende stuk, 'Top Of The Middle', waarin hij overduidelijk de structuur neerzet.
Tekst: Ben Taffijn