Draai om je oren
Jazz en meer - Weblog





 


Cd
All Ellington - 'All Ellington' (Platenbakkerij, 2018)


Het werk van de Groten van de Jazz blijft een onaflatende bron van inspiratie. Doen sommigen er alles aan om de genialiteit van de betrokken muziek zo getrouw mogelijk te reproduceren, dan zoeken anderen naar een manier om het nieuw leven in te blazen met een mix van respect en heruitvinding. Zo ook bij All Ellington, de prachtband rond kornettist Eric Boeren.

De wortels van All Ellington gaan terug naar de vroege jaren negentig. Terwijl het ICP Orchestra al een 'Ellington Mix' op z'n 'Bospaadje Konijnehol' (1992) zette, organiseerde Boeren een jamsessie in het Bimhuiscafé onder de naam 'All Ellington'. Dat gebeurde toen al met Joost Buis en Wilbert de Joode, die er nu nog steeds bij zijn. Zeven jaar geleden werd het idee nog eens bovengehaald en sinds januari 2013 waren er de maandelijkse concerten in de Amsterdamse Zaal 100. Een laatste cruciale stap was een residentie bij JazzCase in Neerpelt in 2017, waar de band een hele week kon doorbrengen met de muziek. Onlangs verscheen dan deze concertopname van vorig jaar in het Bimhuis.

Een paar kleppers die er onderweg nog bij waren, zoals Michael Vatcher en Michael Moore, zijn intussen niet meer van de partij. Boeren verzamelende niettemin een mooie bende rond zich, een combinatie van ervaren rotten en jonge talenten, met trompettist Jimmy Sernesky, trombonist Joost Buis, rietblazers Mo van der Does (altsax, klarinet), Natalio Sued (tenorsax, klarinet) en Giuseppe Doronzo (baritonsax en basklarinet) en een tot de verbeelding sprekende ritmesectie: Oscar Jan Hoogland (piano), Wilbert de Joode (bas) en Frank Rosaly (drums). Op drie stukken doet ook zangeres Jodi Gilbert mee. Het doel was duidelijk niet om de klassieke Ellington-opnames klakkeloos te reproduceren, en evenmin om ze tot op het bot te deconstrueren of verminken. Boeren & co. behielden de essentie, het onverwoestbare basismateriaal, maar werkten met eigen arrangementen, aangepaste bezettingen en een geïmproviseerd raamwerk voor de composities die enkele keren gebundeld worden in mini-suites.

Daarbij wordt geput uit zo'n slordige veertig jaar muziek, met 'Black And Tan Fantasy' (1927) als oudste compositie en 'Mount Harissa' (1967) uit de fabuleuze Far East Suite als meest recente. Mooi is tevens dat er niet enkel gewerkt wordt met legendarische klassiekers - al passeren nog '(In My) Solitude' en 'Sophisticated Lady' - maar ook met wat minder evident materiaal, zoals 'Zweet Zursday' uit Ellingtons ode aan schrijver John Steinbeck en 'Lament For Javanette', dat geschreven werd door klarinettist Barney Bigard. Met twee stukken uit de Shakespeare-hommage 'Such Sweet Thunder' (1957) is die plaat het sterkst vertegenwoordigd.

Het is een genoegen om te horen wat het tentet aanvangt met dat basismateriaal. In opener 'Night Song' (eentje van trombonist Juan Tizol, die ook meeschreef aan 'Caravan') al, met de blazers die samen de klokken luiden en duidelijk maken dat het nacht is. De ritmesectie swingt binnen met Sernesky in z'n kielzog die de melodie meebrengt en er meteen fraai op los soleert. De ritmesectie volhardt en de blazerssectie derailleert om vanuit vrije interactie een brugje te maken naar 'Strange Feeling', waarin ongebruikelijke technieken en woordeloze zang samen huishouden tot De Joode opnieuw structuur binnensmokkelt. Zijn simpele baslijn vormt het begin van een lome sensualiteit, die gaandeweg plaats ruimt voor een meer theatrale aanpak. In 'Sonnet For Sister Kate' ligt de basis opnieuw bij De Joode, die snel de weg vrijmaakt (en pas terugkeert om af te sluiten) voor de blazers en een glansrol voor Buis.

Het zet meteen de toon voor de rest van het album, dat '(In My) Solitude' uitdunt tot een intimistisch feest voor klarinetten en stem, en 'Zweet Zursday' opfleurt met dik aangezette kleuren. 'Black And Tan Fantasy' zoekt het na een intermezzo van een stommelende ritmesectie met inside piano-gedaver, dan weer bij old school blues. Mooi om te horen hoe ook Doronzo tijdens 'Sophisticated Lady', een stuk dat hij zelf arrangeerde, in de traditie duikt om een solo te spelen die een mooi eerbetoon is aan Harry Carney, zonder zich te beroepen op al te makkelijke ironie. Dit materiaal is zo sterk dat dergelijk gedoe overbodig gemaakt wordt. Tegelijkertijd zijn de arrangementen - 4 van Boeren en Buis, 1 van Michael Moore (een onweerstaanbare versie van 'Mount Harissa') - zo doordacht dat je ettelijke luisterbeurten kunt wijden aan het vernuft en begrip van de originelen waaruit ze samengesteld zijn.

All Ellington schuifelt en danst met hechte ensemblepassages, waaiert uit met fraaie solo's en permitteert zich vrije uitweidingen, die steevast compact gehouden worden. Vrijheid, maar met discipline en smaak. Het maakt van 'All Ellington' een album dat de sporen draagt van jarenlange voorbereiding: hier geen gratuit gedoe, en evenmin een droge reproductie, maar een hedendaagse belichting van een oeuvre dat met intelligentie, diepgang en respect wordt benaderd.

Foto: Cees van de Ven | Deze recensie verscheen ook op Enola.be

Labels:

(Guy Peters, 8.8.19) - - [naar boven]


Lees verder in het archief...






Menupagina's:

Redactieadres:

Hoekstraat 1 B17
3910 Neerpelt
België
(0032) 11747180
(0032) 498788554

Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken?
Mail de redactie.