|
Draai om je oren Jazz en meer - Weblog |
|
||
|
| |||
CdLynn Cassiers - 'YUN' (Clean Feed, 2020) Opname: 11-13 juni 2019 De spreidstand tussen eerbied voor de traditie en een hang naar vernieuwing is een centraal gegeven in de jazz. Je kan het zien als een gracieuze dans in het spanningsveld tussen de begeerte naar vrijheid en de behoefte aan discipline. Weinig artiesten geven aan die balans zo'n opvallende invulling als Lynn Cassiers. De Brusselse heeft met 'YUN' nog 'maar' een derde release op eigen naam, maar draait natuurlijk al langer mee in de Belgische jazz en improvisatie. Zo is ze geen onbekende voor wie vertrouwd is met haar band. De ritmesectie daarvan - pianist Erik Vermeulen, bassist Manolo Cabras en drummer Marek Patrman, samen ook een trio - hield ze over aan haar Imaginary Band en vult ze hier aan met oude bekenden Bo Van der Werf (baritonsaxofoon) en Jozef Dumoulin (keyboards), die we kennen van onder meer Octurn, Lidlboj en Lilly Joel. Zo ontstaat er een elektroakoestisch sextet, waarmee ze het American Songbook (het merendeel van de stukken vertrekt bij composities van Cole Porter en de Gershwins) kan benaderen vanuit markante perspectieven. Weinig dingen werken zo desoriënterend als het bekende dat plots onherkenbaar lijkt. Geen voorbeeld beter dan 'But', haar interpretatie van 'But Not For Me' (dat geen enkel van deze stukken de oorspronkelijke titel intact houdt suggereert al dat er geen sprake is van getrouwe uitvoeringen). Was het in de klassieke versie van Judy Garland voorzien van een stevige portie pathos, dan waren heel wat latere versies, zoals die van Ahmad Jamal, John Coltrane of het Modern Jazz Quartet, een stuk speelser of alleszins gejaagder. Of beluister eerst nog eens die bitterzoete, maar lichtvoetige versie van Chet Baker. Zo compact en aandoenlijk vind je ze zelden. Cassiers maakt er slepende, atmosferische versie van, die beweegt aan een tempo dat haast morbide is. Je belandt in een onwerkelijke, in duistere nevelen gehulde sfeer, meer Julee Cruise dan Ella Fitzgerald. De verwantschap met het origineel zit 'm vooral in de tekst.
Het zet de toon voor de rest van het album. Dat blijft uit de buurt van gratuit atonale of vormloze verwarring, maar is best radicaal in z'n eigenzinnigheid. Door haar voorliefde voor allerhande knopjesdraaierij (dat klinkt oneerbiediger dan het bedoeld is) speelt Cassiers het spelletje sowieso al niet rechttoe rechtaan, maar met deze kompanen draait het regelmatig uit op een schaduwspel van diffuse vormen, met momenten die vrije spacefunk suggereren ('All'), dan toch iets strakker in elkaar zitten ('Move Them Mountains') of de ontregeling opzoeken met stevig vervormde zang, ronkende toetsen en een verloren gelopen pianosolo ('Fair Deep Blue Skies'). Wat het ene moment met haken en ogen aan elkaar lijkt te hangen, maakt even later deel uit van een prikkelende totaalvertelling, met vier collectieve scharnierimprovisaties die de toevalsfactor nog eens aandikken en je voortdurend op het verkeerde been zetten.
Deze recensie verscheen ook op Enola.be | Foto's: Cees van de Ven Labels: cd (Guy Peters, 17.10.20) - - [naar boven] Lees verder in het archief...
|
Archief
Artikelen Cd-recensies Concertrecensies Colofon Festivalverslagen Interviews Jazz in memoriams Nieuws, tips, suggesties, adverteren, meewerken? |